14 juli: Soldaten huilen niet.

Toen ik in april uit het ziekenhuis kwam kreeg bezoek van Renny Bron, die wij kennen van basisschool ‘de Haven’ en de kerk. Zij houdt zelf van lezen en had twee boeken voor mij meegenomen; heel verschillende boeken en heel interessante boeken. Vandaag een  blog in de categorie ‘Lezen’ over het eerste, het jeugdboek ‘Soldaten huilen niet’ van Rindert Kromhout. In onze vakantie las ik het uit.

De schrijver was in Zuid-Engeland geweest, in het buitenhuis van schilderes Vanessa Bell. Zij vormde, samen met een groep schrijvers (o.a. haar zus Virginia Woolf), wetenschappers en artiesten de Bloombury Group. Het interieur van het huis is helemaal ‘versierd’ door de artiesten en heeft de karakteristieke sfeer behouden. Kromhout had het huis, dat Charleston heet, bezocht en zei er het volgende over:

Zodra ik er over de drempel stapte, was ik betoverd. Wat een huis! Muren, deuren, open haarden en meubels waren versierd met kleurrijke afbeeldingen van mensen, dieren en abstracte figuren – alsof het huis één groot schildersdoek was.’

Hij verdiepte zich in de bewoners en schreef er een boek over met de titel ‘Soldaten huilen niet’.
Hij laat het verhaal beginnen in 1937 met een onheilspellend gesprek tussen verteller van het boek, Quentin (18) en zijn oudere broer Julian. Die wil naar Spanje om in de burgeroorlog mee te vechten. “‘Als jij eerder doodgaat’, zei ik, ‘zal ik een boek over je schrijven.’ ‘Als jij eerder doodgaat’, zei Julian, ‘heb ik geen broer meer.'”

Dan gaat Quentin twaalf jaar terug in de tijd, en beschrijft hij hoe de familie verhuist naar Charleston, het buitenhuis van de familie Bell en thuishaven van de zogenaamde Bloomsburygroep. Hij neemt je mee in het gezinsleven van 1925 tot 1937.

Het verhaal van Rindert Kromhout is gebaseerd op feiten, maar sommige dingen kloppen niet helemaal met de werkelijkheid; met name de jaartallen en leeftijden wijken wel eens wat af. Is ook niet erg: we lezen over het inspirerende leven op Charleston en hoe het voor de broers was om op te groeien te midden van de Bloomsbury-groep.  Quentin vertelt over de band met zijn broer, het beschilderen van het huis, de vrienden en vriendinnen die komen en gaan en de losse seksuele moraal die er heerste. Hilarisch vond ik de verhalen over de toneelavonden die werden georganiseerd.

Af en toe kon ik het niet laten om even op internet wat dingen op te zoeken over bepaalde mensen en situaties die in het boek voorkwamen. Toen ik het boek aan het lezen was herinnerde ik me dat Renny eerder al eens had verteld dat ze in Charleston was geweest en hoe ze daar van onder de indruk was. In het boek zat nog de folder die ze had meegenomen, zie foto rechts. Hierbij een link naar de website van Charleston >>>
Met dit boek kreeg ik even een kijkje in het Engeland van voor de Tweede Wereldoorlog. Als je van geschiedenis houdt is het smullen, er komt van alles voorbij: de beurskrach, het communisme en de Spaanse burgeroorlog bijvoorbeeld.

Eén quote uit het boek sprak me bijzonder aan: de vader van Quentin zegt op een gegeven moment  tegen hem: ‘Ga altijd je eigen weg, blijf altijd zelf nadenken. Loop nooit zomaar achter de massa aan.’
Wat een goed advies, dat had ik die week ook al eerder voorbij horen komen.
Morgen meer daarover.

Dit bericht is geplaatst in Lezen met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Type de getallen in cijfers in onderstaand vak * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.