26 april: Zeuren in de woestijn.

Vanmorgen ging het in de digitale zondagse viering in de Catharinakerk over ‘het morrende volk in de woestijn’. Ds. Sijbrand van Dijk vertelde ons voor de schriftlezing dat hij de verhalen uit Exodus als kind niet leuk vond. Toen  de juf van zijn toenmalige zondagsschool zei dat ze met de verhalen uit Exodus begonnen, heeft hij als jongetje van 7 al gezegd: “Oh nee hè?! Niet weer die man in de woestijn met al dat gezeur!”
O, wat herkenbaar. Ook ik vond die verhalen als kind niet om door te komen.
Ellenlange verhalen, saai en zeer gedetailleerd beschreven. Voor mij als kind voelde het echt als veertig jaar.
Ik weet nog dat wij vroeger een flanelbord hadden waar  figuurtjes op geplakt konden

Flanelbord. Afbeelding: website PKN Ruinerwold

worden; álle soorten doek, voorhangsels en attributen van de tabernakel (draagbare tempel) werden ons getoond. Alle bovenkleden, onderkleden en hoofdbedekkingen van de priesters en hun gebruiksvoorwerpen: met naam en toenaam besproken.
En niet alleen op de zondagsschool, maar ook op de lagere school.
Waarom.
Maar dit terzijde.

We lazen dat het volk dorst had, daarover mopperde en dat Mozes hard op een rots sloeg, waardoor er water tevoorschijn kwam.  (lees hier het verhaal in de basisbijbel).
De voorganger begon zijn overdenking met zijn herinneringen aan de film ‘As it is in heaven’.
In zijn beleving was het een film met vooral vrolijke en opgewekte mensen, maar toen hij hem later nog eens terugzag was er toch vooral veel geworstel met problemen en lastige situaties.

Uit zijn verhaal vanmorgen bleef mij bij dat gezeur en gedoe bij het leven hoort.
Zit je gevangen in een relatie, stom werk of een uitzichtloze situatie, probeer er dan uit te komen door je te verzetten en er iets aan te doen. Geef aan dat je het er niet mee eens bent. Dat kost een hoop gedoe en gezeur, maar dat is beter dan dooddoeners als “Het is niet anders, ik ben hier nu eenmaal in verzeild geraakt.” of “Zo ben ik nu eenmaal.”
Je wordt er, net als Gabriëla uit die film, sterker van. En vrij.

Dat twee mensen naar een viering kijken en er iets heel anders uit halen, bleek toen ik Gerard vroeg naar zijn beleving; hij benoemde het laatste deel van de overdenking over de rots.
De kerkvaders vertellen, dat die rots daar in de woestijn een beeld was van Jezus zelf.
Hij is rots die in ons leven met ons meegaat.
De hardheid (steen) is deel van ons,  maar sterker dan de hardheid is de zachtheid (water) want in de zachtheid woont God.
Of zoals lied 286 zingt: “De vrede is sterker dan strijd.”

Tot zover de viering. Ook zien? Klik hier.
Het volk Israël in de woestijn heeft mijns inziens heel veel overeenkomsten met Nederland in Corona-tijd.
Hielden we ons in het begin allemaal aan de maatregelen, nu wordt er al weer volop gezeurd en aan stoelpoten gezaagd.
Wetenschappers twijfelen aan de juistheid van de beslissingen van de regering.
Er wordt gemopperd: “Waarom de basisscholen wel en de middelbare scholen niet?”
Mark (Rutte) lijkt een beetje op Mozes en wij op het murmurende volk.
De bijbel: verrassend actueel.

Dit bericht is geplaatst in Kerk & gemeente met de tags , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Type de getallen in cijfers in onderstaand vak * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.