7 juni: In goed gezelschap.

Als er geen coronavirus was geweest hadden wij vorige week met de Cantorij Roden gezongen in de feestelijke viering van eerste Pinksterdag.
Dan waren Gerard en ik op zondagmorgen vroeg vanuit Wezuperbrug naar Roden gereden en hadden we de viering live meegemaakt, om vervolgens na de koffie weer aan te schuiven aan het ontbijt-koffie/thee-lunchbuffet met ons gezin.
Nu ik niet hoefde te zingen namen we ons voor om die viering te bekijken op YouTube, maar de internetverbinding in Wezuperbrug was dermate slecht dat we niet eens op Buienradar konden kijken, laat staan een kerkdienst konden volgen.
Daarom dus vorige week sinds maanden geen ‘kerkelijk blog’.

Vanmorgen zaten we weer samen voor de televisie voor de viering van vandaag, zondag Tinitatis/Drievuldigheidszondag.
Dominee Walter Meijles begon zijn betoog met de vraag: “Wat is autoriteit?”
Het is niet hetzelfde als macht. En iemand die autoriteit uitstraalt hoeft niet autoritair te zijn. Wat een lastig begrip; volgens de voorganger was een goede Nederlande vertaling van dit woord ‘volgbaarheid’. In mijn hoofd gebeurt er dan van alles: ik zoek voorbeelden, vraag me af wie ik als autoriteit zou willen volgen en wie niet en vervolgens mis ik het volgende deel van de overdenking.

We lazen vanmorgen het laatste hoofdstuk van het evangelie van Mattheus, waarin Jezus zijn leerlingen ontmoet  en zegt: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen,
Wat vind ik dat een lastig gedeelte.
Het doet mij denken aan de ongebreidelde ‘evangelisatiedrift’ die gepaard ging met het koloniseren van hele werelddelen. Dat was natuurlijk gebaseerd op het verdienen van veel geld, maar werd ondersteund door deze bijbeltekst.
‘We’ waren goed bezig.
De predikant legde vanmorgen het accent anders.
Hij begon met het benoemen van die bovengenoemde misstappen: onder dwang mensen iets laten geloven is niet de weg.
De weg is niet schoolbanken en leerboeken, maar voorleven, laten zien wat het geloof voor jou betekent.

Ik kon mijn gedachten bij dit onderwerp niet goed bij de les houden.
Het ging alle kanten op: hoe doen wij dat dan in ons dagelijks leven?
Wat leerde ik van mijn ouders?
Wat hebben we onze kinderen geleerd?
Is het niet goed om dingen maar gewoon uit je hoofd te leren?
Of juist wel?
Meer vragen dan antwoorden.
Gelukkig stond er in het gelezen gedeelte uit Mattheus ook deze zin: ‘en toen zij hem zagen bewezen ze hem eer, al twijfelden enkelen nog. ‘
De discipelen wisten het dus soms ook niet, ik bevind mij met mijn twijfel in goed gezelschap.

Het zingen blijft een ding.
Geen ding eigenlijk.
Wij zingen met z’n tweeën mee met de teksten die in beeld komen, maar het ‘zindert’ nooit. Als er iets is wat ik het meest mis in deze tijd is dat het samen zingen.
Als pleister op die wonde was er vanmorgen na de overdenking een prachtige bijdrage van Erwin Wiersinga op de piano. Hij speelde ‘Adagio uit Sonate in Cis‘ van Ludwig van Beethhoven; rustgevende muziek om je gedachten even te laten gaan.

Viering ook bekijken/beluisteren? Hierbij een link naar YouTube.

Dit bericht is geplaatst in Kerk & gemeente met de tags . Bookmark de permalink.

1 Reactie naar 7 juni: In goed gezelschap.

  1. Dick de Jong schreef:

    …en we kregen die magistrale zin uit het slot van Mattheus mee, als zegen en belofte: En zie, ik ben met u, alle dagen, tot aan de voleinding der wereld.
    Onze trouwtekst, om nooit te vergeten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Type de getallen in cijfers in onderstaand vak * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.