een alternatief voor 'de waan van de dag'

Tag: Franse les Pagina 1 van 3

10 december: Ca va pas changer le monde…..

Toen ik dit jaar jaar in april afscheid nam van de Franse les (zie Partir c’est mourir un peu >>>) spraken we af dat ik nog eens terug zou komen.
Gisteravond zat het clubje bij elkaar voor de tiende, laatste les van dit seizoen en ik mocht aanschuiven.
Om bij te praten, herinneringen op te halen én om nog even te zingen. Of ik mijn gitaar mee wilde nemen.

Het was als vanouds, maar toch ook weer niet.
Toen ik rond half negen kwam was de koffie al op en zaten ze nog midden in een les over muziek.
Ruud was gevraagd om een chanson voor te bereiden dat zou worden besproken; hij had gekozen voor Francoise Hardy, ‘Tous les garcons et les filles’>>>.
Theo is zoveel jonger dan de rest dat hij het lied niet kende, ook niet toen hij het hoorde.
Ruud kwam nog aan het vertellen over Francoise Hardy, dat hij dat singeltje vroeger had gehad en dat het zo’n mooie vrouw was.
Toen kwamen ook de verhalen van anderen over eerste plaatjes en platenspelers die later nog weer waren aangeschaft om die oude elpees toch nog te kunnen draaien.
Nu waren Theo en ik het roerend eens: “Maar mensen, we hebben toch tegenwoordig Spotify”.
Mattie en Ruud begonnen een verhaal over de lagere school in Amsterdam waar ze in de vijfde klas al Franse les kregen.
‘Ja, van juffrouw Koster’ riep Mattie glunderend.
“Zo vroeg op de basisschool al?” vroeg Bea
“Ja, daarom zijn we er ook zo goed in!”
Er is dus nog niets veranderd op de Franse les: we dwalen nog steeds ontzettend snel af van een gespreksonderwerp en niet alle conversatie is zinvol.

Er kwamen lekkere hapjes op tafel en er werden glazen gevuld.
Even bijpraten.
We zongen met gitaarbegeleiding ‘Ca va pas changer le monde’ van Joe Dassin.
Daar heb ik goede ‘Franse-les-herinneringen’>>> aan: in 2014 zongen we dat met deze groep  bij kaarslicht op Waninge-Plaza op een zwoele zomeravond.
Sweet memories.

We sloten de avond af met het zingen van ‘Cést un beau roman, cést une belle histoire’, wat onze juf nog een mooi verhaal ontlokte over een romantische ontmoeting met een hele mooie man op een motor.
“ik had nog nooit zo’n mooie man gezien!”
Die juf…..

Er werd een nieuwe datum geprikt voor januari die niet in mijn agenda komt.
Het was heerlijk om weer even met de Franse-lesgroep om de tafel te zitten, maar ik heb vorig jaar wel de goede keuze gemaakt.
Er is nu ruimte in mijn agenda voor af en toe een handwerkavondje met vriendinnen, accordeonnen met Piety, of een activiteit voor of van de kerk.
We houden contact met elkaar en we koesteren de goede herinneringen.
Gestopt met Franse les.
‘Ca va pas changer le monde ……et la vie contunu.*

* Het zal de wereld niet veranderen ……en het leven gaat door.

Reageren

9 april: Partir, c’est mourir un peu

De tiende Franse les van het seizoen, de laatste les, kleden we altijd feestelijk aan.
Iedereen  neemt wat lekkers mee (Piet: ik neem iets vloeibaars mee) en na het nakijken van het huiswerk doen we nog een spel.
Gisteravond kwamen we heel laat aan het huiswerk toe.
Ruud, die het afgelopen half jaar niet aanwezig was geweest, was er weer er had mooie verhalen over Frankrijk en Spanje.
Ik mocht vertellen over Lanzarote en ik had nog iets anders op mijn hart: ik ga stoppen met Franse les.
Daar liep ik al een tijdje mee rond.
Mensen die mijn blog lezen vragen me wel eens: waar haal je toch de tijd vandaan om al die dingen die je beschrijft te doen?
Nou…… die tijd is wel eens op.
In weken waarin we ook druk zijn met het ‘Af&Toe-koor’ is er soms geen tijd voor mezelf over.

Eigenlijk was niemand echt verbaasd.
We kennen elkaar goed in het Franse klasje en mijn medeleerlingen weten hoe mijn leven er uit ziet en ze snappen het wel.
Dat helpt. Een beetje. Want ik vind het moeilijk.
Soms kun je opgelucht zijn als je ergens niet meer heen hoeft, maar dat is hierbij geenszins het geval. Het kost me moeite om het los te laten, we hebben zulke fijne jaren gehad met elkaar. Partir c’est mourir un peu.

We hebben afgesproken dat ik nog niet helemaal weg ben.
We gaan nog een keer met elkaar uit eten en ik kom nog een keer een muzikale gastles geven.
Ik heb de club uitgenodigd om bij mij een keer ‘de tiende les’ te organiseren, zodat ik er bij het gezellige deel nog een keer bij ben.
Goede voornemens.
Gaan we allemaal doen.

Veertien jaar Franse les heeft opgeleverd dat ik een aardig mondje Frans spreek; met de app Duo Lingo ga ik het Frans proberen bij te houden.
Daarover schreef ik in 2015 ook al een eens blog: Frans. En Engels.>>>.
Toen hadden we er als klasje 10 jaar opzitten. Nu dus veertien jaar.
Ik word alweer weemoedig nu ik dit zit te schrijven……
Een beetje sterven is misschien wat overdreven, maar een beetje beroerd ben ik er toch wel van.

Partir c’est mourir een peu. Waar komt dat eigenlijk vandaan?
Het komt uit het gedicht Rondel de I’adieu (1891) van de franse dichter Edmont Haraucourt (1857 – 1941).

Partir, c’est mourir un peu; c’est mourir à ce qu’on aime.
On laisse un peu de soi-même en toute heure et dans tout lieu.
(Afscheid nemen is een beetje sterven; sterven aan dat waarvan men houdt.
Men laat een beetje van zichzelf achter in ieder uur en elke plaats.)

Het gedicht eindigt met de regels:
C’est son âme que l’on sème,
Que l’on sème à chaque adieu
Partir, c’est mourir un peu…
(Het is zijn ziel die iemand zaait, elke keer als men afscheid neemt.)

Wat een mooie gedachte.                 
Ik laat wat van mezelf achter in de groep, maar ik draag ook stukjes van de leden van Franse lesgroep  met mij mee.
C’etait fantastique.

Reageren

6 februari: Très speciale.

Omdat ik graag weer naar de cantorij wilde, is de Franse les nu op de maandagavond.
Als je dertien jaar op dinsdagavond Franse les hebt gehad (en je bent 50+) dan valt zo’n wijziging niet mee. Aan het eind van 2018 hadden we afgesproken dat de eerste les van 2019 op maandag 21 januari zou zijn.
Drie leerlingen kwamen opdagen; zelfs de juf was het vergeten…..

In de herkansing lukte het wel op de 28e januari en afgelopen maandagavond hadden we de tweede les van deze ronde; iedereen was er!
Juf wilde van alles doen deze les en gaf van te voren aan dat we die avond geen ronde ‘petite histoire’ hadden. We mochten alleen iets over afgelopen week vertellen als we iets ‘très speciale’ met de groep wilde delen. Na deze opmerking dacht ik “ne personne n’ose” (niemand durft….) maar wij zijn een lichtelijk anarchistisch groepje, dus menigeen stak toch gewoon van wal.

Een van de dames vertelde dat ze naar het ziekenhuis was geweest voor een controle. Alles was  goed  en ze hoefde pas over een half jaar weer te komen.
Inderdaad, goed en speciaal nieuws.
Een andere dame had de kleinkinderen op bezoek gehad en was in het Groninger Museum geweest naar de glastentoonstelling van Chihuly. Een hele speciale tentoonstelling.
Moesten we allemaal heen! Ook heen? Hierbij een link>>> naar de site van de tentoonstelling.
Eén van de mannen was met een clubje op werkbezoek geweest bij twee fabrieken die zich erg nuttig maakten op het gebied van afvalscheiding.
Al deze verhalen worden in het Frans verteld en dit laatste verslag bevatte zoveel ‘speciale’ en ingewikkelde woorden, dat ik het niet helemaal kon volgen.
Maar het was wél speciaal, al was het alleen maar om het woordgebruik.

Toen vond één van de andere mannen dat zijn verhaal ook nog wel kon. Hij had een mooi beeld verkocht, had daar winst op gemaakt en hij was toen met zijn broer naar het casino geweest om een deel van die winst te vergokken.
Zeer speciaal; we hadden het niet willen missen.

De verdere les ging op aan het nakijken van het huiswerk en het ‘ingestudeerd’ discussiëren over de stelling “Onderwijzers hebben veel te veel vakantie!'”
Vorige week was al bepaald dat ik het met die stelling eens moest zijn, maar het discussieert een beetje raar als je iets zit te verdedigen waar je zelf niet achter staat.
Het mooist vind ik altijd het moment waarop iemand heel graag iets met de groep wil delen, maar het Frans op dat moment te moeilijk is. Dan schakelt men gewoon over op het Nederlands, al dan niet met een licht Fries,  Drents of Amsterdams accent.

Aan het eind van de les keek juf spijtig naar de kopieerde vellen met daarop iets wat ze maandagavond met ons had willen doen. “Dat doen we dan volgende keer!”
Er zit maar één ding op juf: snoer ons de mond.

Reageren

12 december: Vloeibaar Frans.

Het is de tijd van ‘de laatste van het jaar’.
Gisteren kwamen we bij onze juf bij elkaar voor de laatste Franse les van 2018.

Vanaf september was één van de heren niet aanwezig geweest bij onze bijeenkomsten. Ziekenhuis, revalideren, bijkomen, het nam allemaal nogal wat tijd in beslag. Tot onze grote vreugde was hij er gisteravond weer bij, wat iemand de opmerking ontlokte: “Ja, geen huiswerk deze keer, hé? Dan is ’t ie d’r weer!”

Geen huiswerk was ook niet helemaal waar.
Het was de bedoeling dat we vertelden welke bijzonderheden van onze grootouders we in onszelf herkenden. En ook al was het niet door iedereen voorbereid: iedereen wist wel iets te vertellen. De twee heren met roots in Amsterdam kennen elkaar al hun hele leven en vertellen zo’n verhaal met z’n tweeën. Dat wil zeggen: de één vertelt en de ander vult aan en verbetert.
Zo dacht de ene dat hij niet op z’n vader leek; hoofdschuddend werd hij terechtgezet door zijn maat: je lijkt juist wél op je vader!

Op zo’n laatste les neemt iedereen iets lekkers mee en we genoten van twee heerlijke, door één van de dames uit Peize zelfgemaakte taarten bij de koffie.
Diezelfde dame had voor gisteravond een spel meegenomen: 30 seconds. maar dan aangepast aan de Franse les. We speelden vrouwen tegen de mannen.
Op de zelfgemaakte vragenkaartjes stonden vier begrippen die je in het Frans moest omschrijven zodat je teamgenoten het Franse woord konden raden.

Wat een leuk spel! En wat moesten we nog ons best doen om al die moeilijke begrippen te omschrijven. Maar na 12 ½ jaar is onze woordenschat kennelijk groot genoeg: we spreken volgens één van de mannen allemaal ‘vloeibaar Frans’ en we vorderden heel snel op het spelbord.
De vrouwen waren al bij de finish toen de mannen nog maar halverwege waren, maar toen bedacht één van de mannen sneaky (eeeeh, excusez le mot: dat moet natuurlijk vilain zijn) dat je precies op het finishvakje moest uitkomen om winnaar van het spel te worden.
De spelregels veranderen tijdens het spel is niet heel netjes, maar anders was het al afgelopen en het was nog veel te leuk!

Ondertussen genoten we nog van ‘een glaasje & een kaasje’. Iemand had een harde, salami-achtige worst meegenomen die zich heel lastig in stukjes liet snijden: une saucisse  très difficile!
Het werd natuurlijk weer veel te laat.
Woensdagmorgen gaat mijn wekker namelijk weer om 06.00 uur…..
Trouwens: de vrouwen hebben uiteindelijk toch gewonnen.
Maar wij hadden natuurlijk wel het voordeel dat de juf in ons groepje zat!

Reageren

9 november: La langue

Het hoofdstuk waar we nu op de Franse les mee bezig zijn heet: ‘La langue’. (de taal)
De luisteroefening ging over een Fransman die in Nederland had gewerkt en moeite had met onze taal, met name de letter H.
Hij vertelde dat hij de H van HEMA niet kon zeggen.
Over taal en taalmoeilijkheden zijn mooie verhalen te vertellen.
Eén van de oefeningen bij deze les was: “Soms maak je een blunder als je een vreemde taal spreekt, heeft u voorbeelden?”
We hadden allemaal wat voorbeelden meegenomen en wat we hoorden was heel divers, maar het was vooral heel grappig.

Mijn verhaal (verteld in het Frans) was dat van de kleine Frea bij de Duitse grens. Lees hierbij het blog ‘Ze spreekt (g)een woordje over de grens >>> uit 2015. Maar ook de andere verhalen waren prachtig. Bea die in Frankrijk nietsvermoedend “Andouillette” bestelde in een restaurant, “iets van een worstje of zo stond op de kaart” vertelde ze.  Maar het is een typisch Frans gerecht, gemaakt van de ingewanden van varkens of runderen.
“Ik kreeg een bord met een grijs hoopje flubbertjes” vertelde ze.
Alleen die omschrijving al deed ons griezelen; ze heeft het destijds niet opgegeten.

Theo vertelde dat hij in Spanje boter bij het ontbijt wilde. Zijn vriendin sprak een mondje Italiaans en daar noemen ze het burro. In de veronderstelling dat Spaans en Italiaans bijna hetzelfde zijn, vroegen ze om burro, maar dat blijkt in het Spaans ‘ezel’ te zijn.
Dan voel je je wel een beetje een ezel….
Ook van Theo kwam het verhaal van Fransen die heel gek kijken als je in het Nederlands “Dank U” zegt. Een Fransman hoort dan “Dans cul”, wat betekent ‘in je kont’. Oeps.

In Spanje stond een kennis van Ruud, Jelle de Jong, bij hem op de camping.  Op een dag moest die meneer zich melden bij de balie, zijn familie had gebeld. De omroeper riep: “Mister Gelle de Gong, telephone for mister Gelle de Gong.” Jelle voelde zich niet aangesproken. Gek hé?
Namen geven in het buitenland ook nog wel eens aanleiding tot gegiechel.
Als je in Nederland Fokko of Fokje heet, dan weet men dat je uit het Noorden komt.
Maar Engelstaligen horen dan iets heel anders; het levert heel wat besmuikt gegniffel op met beleefde Engelsen aan tafel.
Een Bonnie stelde zich voor in Frankrijk, maar de Fransen dachten dat ze ‘bonne nuit’ heette.

Het laatste voorbeeld komt weer uit ons gezinsleven.
Er logeerde een Frans meisje bij ons in huis in het kader van een uitwisseling met het studentenorkest waar Frea destijds bij speelde.
Gerard vroeg aan haar: “Wanneer wil je douchen. Nu of morgen?”
Ze wist niet precies wat Gerard bedoelde, maar ze bloosde er van.
‘Nu’ is het Franse woord voor naakt……

Reageren

17 mei: TaPAS. Of TApas.

Afsluiting van het seizoen.
Met de Franse les-groep doen we dat altijd twee keer: de laatste les maken we gezellig met wijn en lekkers en in mei/juni gaan we altijd samen uit eten. (zie 24 mei Weerzien met de Franse les). Twaalf seizoenen hebben we er nu op zitten; ik realiseer me dat ik 45 jaar was toen ik met deze cursus begon. Waar blijft de tijd?

Jaren achtereen kwamen we bij elkaar in De Biechtstoel, het restaurant van de zoon van één van de leerlingen van ons Franse clubje. Deze keer spraken we af bij het zusje van dat restaurant dat er naast zit aan het Damsterdiep: Bodega y Tapas. (Klik hier voor een link naar hun website >>>). Vorige week riep ik tegen menigeen in mijn omgeving: “Volgende week ga ik taPAS eten!” Maar ik sprak het verkeerd uit. Je moet de klemtoon op het eerste gedeelte van het woord leggen: TApas.

Toen wij met Frea in Granada waren (tijdens haar afstudeervakantie) had zij ons al kennis laten maken met het fenomeen tapas.  Een tapa (meervoud: tapas) is de aanduiding voor een Spaans aperititief hapje. Traditioneel is een tapa een eetlustopwekkend hapje dat in Spaanse cafés bij een alcoholhoudend drankje (bier, wijn, sherry) wordt genuttigd. Soms worden in Spaanse cafés bij het bestelde drankje automatisch één of meerdere tapas gratis gegeven.

Bij Bodega y Tapas hebben ze een mooie kaart samengesteld met koude tapas (meestal met brood), vlees tapas, vis-schaal- en schelpdieren tapas, vegetarische tapas en desserts. Je maaltijd bestaat uit verschillende ‘rondes’ en per per ronde bestel je twee tapas. We zaten met z’n elven (de aanhang mag op deze avonden ook mee) aan een lange tafel en bestelden allerlei heerlijkheden: mini-kaasfondue, makreel met een frisse mayonaise, garnalen kroketjes, koude soep, kipspiesjes, zalm in witte wijnsaus, te veel om op te noemen.
We bestelden de gerechtjes allemaal per groep, dus als de plankjes met tapas werden geserveerd ontstond er een vrolijke chaos om de juiste pannetjes/schaaltjes bij de juiste personen te krijgen. “Wie heeft er kaaskroketjes besteld?” “We hebben hier nog geitenkaas met walnoot, wie had dat?”

Voor de laatste ronde bestelden we allemaal nog iets uit de categorie Postres (desserts).
Ik had Café España met Licor Cuorenta y tres met slagroom, geserveerd in zo’n groot glas.
Wat een heerlijke afsluiting van een ietwat gemankeerd seizoen; door ziekte en/of vakantie waren we niet allemaal iedere keer aanwezig geweest bij de lessen dit voorjaar, maar we beginnen in oktober vol goede moed aan ons dertiende seizoen met z’n achten!

Reageren

18 april: Pour un flirt avec toi…

Het is week van de jaren zeventig op Radio 5. En natuurlijk is het heel stom dat ik thuis zit om te herstellen van de hartoperatie, maar ondertussen hoef ik niets te missen van deze fantastische muziekweek. Gistermorgen stond ik onder de douche en mijn telefoon stond op de Radio 5-app te schetteren vanaf de wastafel. “En dan nu een heel bekend Frans chanson uit de jaren 70: Pour un flirt……”

Lalalalala……. onder de warme douche stond ik mee te zingen en  bedacht: dit is leuk om vanavond met de hele groep te zingen. We hadden namelijk gisteravond de laatste Franse les van dit seizoen; de vorige twee had ik gemist,  maar deze laatste kon ik gelukkig weer van de partij zijn.

Iedereen was er; een unicum dit seizoen! Vakanties, ziekte, er miste nog al eens een leerling.  Met z’n achten hadden we het als vanouds bere-gezellig; we hebben Frans gepraat,  maar niet veel…….wel zongen we met elkaar ‘Pour un flirt avec toi’. De tekst had ik voor iedereen  uitgeprint en ik had m’n gitaar mee: wat weer een sfeertje.
Iedereen had wat lekkers meegenomen voor de afsluiting van dit seizoen.
Du vin, du  fromage et des petites noix.
We prikten een datum in mei voor een gezamenlijk etentje en op 2 oktober is de eerste Franse les van het seizoen 2018/2019.
IJs en weder dienende; in goed Frans “si le temps le permet” (als het weer het toestaat).

Reageren

22 februari: Luisteren luistert nauw.

De 6e Franse les van 2018.
Dinsdagavond wandelde ik zo’n 25 minuten door de vrieskou naar onze lesruimte; deze keer had Piet (Pierre op dinsdagavond ) een spreekbeurt. Hij vertelde ons in het Frans van alles over ons drinkwater. We moesten wel goed opletten tijdens zijn verhaal. Veel specifieke termen had hij keurig vertaald, maar die sloten niet helemaal aan bij onze luistervaardigheid. Maar juf vindt het altijd belangrijk dat we de strekking van het verhaal kunnen volgen; dat is in Frankrijk namelijk ook zo.  Door de snelheid waarmee de Fransen spreken en door het bijna altijd aanwezige accent krijg je nooit alles letterlijk mee. Wat wij van Piet begrepen is dat ons drinkwater spotgoedkoop is en dat het in Nederland op het gebied van drinkwater prima geregeld is.

Hoe moeilijk luisteren naar Frans sprekende mensen is, bleek uit het verhaal dat onze juf vertelde. “Wat is Olympische Spelen in het Frans?” vroeg iemand.
“Les Jeux Olympique” was het antwoord. Ze begon wat giechelig te vertellen.
Bij één van haar examens Frans was destijds ook een luistertoets geweest, onderwerp Les Jeux Olympique. Maar in haar zenuwen had ze dat niet goed verstaan. Zij had gehoord “Les jeux, oh, lui pique!” (vertaling: Oh, wat prikken hem de ogen!”).
Daarna had ze de tekst niet goed begrepen. Ze had geprobeerd te ontdekken waarom die ogen zo prikten, maar ze kwam helemaal niet in het verhaal.
Ze haalde geen goed cijfer….. gelukkig kon ze er achteraf om lachen.

Wij hoeven geen examen meer te doen.
Wij zijn al blij als we het huiswerk redelijk foutloos gemaakt hebben; altijd fijn als je dan weer zo’n mooie krul mag zetten!
Dinsdagavond gingen we cijfers oefenen. Juf zei eerst een cijfer in het Nederlands, dat moesten wij in het Frans opschrijven. Daarna zei ze een cijfer in het  Frans en moesten wij het in het Nederlands vertalen. En weer maakte ik dezelfde fout als vroeger op school: ik haalde vingt quatre (24) en quatre vingt (80) door elkaar.
Een deja vu.
Bij één cijfer werd weer even goed duidelijk dat juf onderwijzer is. Die hebben namelijk altijd gelijk. Drie leerlingen hadden opgeschreven ‘cinq cent quarante sept’ (547). Fout. Juf vond dat ze had gezegd ‘cinq cent quarante cinq’ (545).
Had zij het nou niet goed gezegd?
Of hadden wij niet goed geluisterd…..

Reageren

12 december: Brainstormen in het Frans.

Vorige week, dinsdagavond 5 december, was de laatste Franse les  van dit seizoen.
“Dan willen we geen huiswerk meer!” riepen we aan het eind van de vorige les.
Maar onze juf vond dat we nog wel ‘iets’ aan Frans moesten doen.
We kwamen tot een compromis.
In een grijs verleden had ik eens een les voorbereid met als onderwerp het lied Dreyfus van Yves Duteil.
Even wat informatie over het lied: De Dreyfus-affaire was een gerechtelijk schandaal dat rond 1900 grote gevolgen had in de Franse politiek. Het draaide om de onterechte veroordeling van de Joods-Franse officier Alfred Dreyfus (1859-1935).
Dreyfus werd er valselijk van beschuldigd een spion voor Duitsland te zijn. De doorslaggevende rol in de openbaarmaking van het schandaal werd gespeeld door de schrijver Emile Zola. (meer info: zie Wikipedia >>>)
In de tekst van het lied had ik puntjes gezet; tijdens het beluisteren van het lied moesten de ontbrekende woorden worden ingevuld.
Het was een schrijnend voorbeeld van ‘goed idee, doen we niet’, ik had de les nooit ten uitvoer kunnen brengen. Het was in de vaagheid blijven hangen.

Dinsdagavond deden we de les alsnog. Iedereen was al in de vakantiestemming en we vonden het allemaal erg moeilijk. Maar we kwamen er toch wel uit. Drie keer hebben we met elkaar het lied beluisterd, toen was helemaal duidelijk wat Yves Duteil zong.
Ook benieuwd naar het lied met de tekst? Klik hier >>> voor een YouTube-filmpje met de tekst in beeld.

De laatste les van dit jaar al weer. We schonken een glaasje wijn/fris in, genoten van de verschillende meegebrachte hapjes en deden een spel. “Moet wel iets met Frans zijn” hadden we van te voren gezegd. In mijn tas zat een Frans kwartetspel, maar daar zijn we niet eens aan toegekomen. Greetje had een nieuw spel meegenomen: Brainstorm. Kaartjes met allerlei afbeeldingen die gecombineerd moesten worden, met redenen omkleed. En Français.
Tranen  en regen bijvoorbeeld: allebei druppels.
Varken en koe: boederijdieren.
Soms was een combinatie discutabel, maar daar trok niemand zich iets van aan. Wie heeft gewonnen weten we ook niet. Op een gegeven moment waren de kaartjes op. Maar de wijn nog niet! Het was al laat toen we de nieuwe datum voor januari in onze agenda’s zetten en elkaar “goede dagen” toewensten. Tot in het nieuwe jaar!

Reageren

16 november: Net echte leerlingen.

Dinsdagavond zaten we bij onze Franse juf om de keukentafel.
Iedereen had een verhaaltje voorbereid. Een leerling vertelde dat hij wel een week spierpijn had gehad na het snoeien van een boom. Genadeloos was het commentaar van een medeleerling: “Pas de condition!”

Toen deze studiebol  zelf aan het woord kwam wilde hij zijn verhaal kracht bij zetten met een foto. Hij opende zijn telefoon en moest even terug scrollen door wat foto’s heen. Kennelijk waren die foto’s ‘op het randje’ van wat betamelijk is.
“Die lui van de biljartclub  sturen ook maar van alles.” verontschuldigde hij zich. Zijn buurman, die meekeek op het schermpje zat plaatsvervangend te blozen; verder kreeg niemand die foto’s te zien. ….

Bij de vragen over de tekst bleek dat iemand de tekst wel heel vluchtig had gelezen. Iets met klok en klepel.
Juf constateerde dat wij geen  haar beter zijn dan de jonge leerlingen bij haar in de klas. “Comme une vrai eleve!” merkte ze fijntjes op. (als een echte leerling).
Ook ik viel door de mand.
We hadden de les moeten beluisteren en doorlezen.
Maar voor luisteren gunde ik me geen tijd, lezen vond ik wel voldoende.
Tijdens de les vroeg ik “Spreek je dat uit als Wiefie of Waaifaai?”
Gelijk werd ik afgestraft.

“Oh, dan heb je het niet beluisterd!”

Betrapt. Mea culpa.
Net als vroeger proberen we met zo min mogelijk moeite ons huiswerk te doen.
En vangen we elkaar de vlooien af.
We worden wel ouder maar het kind in ons zit er ook nog steeds.
En de puber kennelijk ook!

Reageren

Pagina 1 van 3

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén