een alternatief voor 'de waan van de dag'

Tag: Klaverjassen

6 september: Generatie-overstijgend klaverjassen.

Het valt niet mee voor mijn moeder in De Boshof in Assen.
Weggeplukt uit haar comfortabele appartement in Hoogersmilde zit ze verdwaasd op haar kamer. Alles is anders, alles is moeilijk.
Mijn broer en ik bieden ondersteuning waar mogelijk.
Zondagmiddag ging ik met Carlijn met haar buiten in het zonnetje wandelen, maar ze had pijn en kon er niet van genieten.
Maandagmorgen ontwaarde ik voor het eerst weer iets van plezier op haar gezicht.
Met Frea en Jon ging ik bij haar koffiedrinken en Frea stelde voor om een spel kaarten mee te nemen. “Misschien heeft oma wel zin in een potje klaverjassen.”
Dat moest ik nog zien, ze reageert nergens enthousiast op dezer dagen.

We gooiden de kaarten rond en na een eerste onwennige potje kwam mijn moeder in het spel.
Van de 16 potjes die een boom duurt deden we er 12.
Het ging prima. Mijn moeder had plezier in het spelletje en genoot er van.
Voor mij fijn om te constateren dat ze mentaal nog zo goed is dat een spelletje klaverjassen er dus nog best in zit.

Het lijkt iets simpels, een spelletje klaverjassen.
Maar voor Gerard en mij is het iets wat bij ons leven hoort.
Het geeft gezelligheid. Het geeft lol en plezier in het spel en het geeft een soort verbinding.
Bij mijn moeder heb ik nu gemerkt hoe belangrijk zo’n eenvoudig spelletje soms kan zijn.
En niet alleen bij de familie Vrieswijk.
Ook bij de Waninge’s zijn er heel veel die kunnen klaverjassen (zie mijn verslag van de familiedag >>>)
Gerard had op die familiedag geklaverjast tegen zijn broer Henri. Henri had als maat zijn kleinzoon Merwin, die zo af en toe een advies kreeg ingefluisterd van zijn vader Jacob, die achter hem stond.
Mijn schoonzus (oma van Merwin) vertelde dat klaverjassen een noodzakelijk deel van de opvoeding is.
Eten, lopen, praten, zindelijk worden en daarna ….klaverjassen!
Bij onze dochter Carlijn is de opvoeding nog niet helemaal af.

Andere blogs over klaverjassen:
2 december 2014 >>>
17 augustus 2015 >>>

Reageren

2 juli: Familiedag Waninge 2017

Gisteren was de 29e editie van de jaarlijkse Waninge familiedag. We kwamen bij elkaar in Bovensmilde, daar woont  jongste zoon Sander van Gerards oudste broer. Wat een feest was het weer.

In de ochtend deed het weer deed ontzettend z’n best om de dag te verpesten; maar dat lukte niet omdat de organiserende familie het prima voor elkaar had. Een grote overkapping, partytenten en een grote, open schuifpui naar een ruim huis dat helemaal was opengesteld voor de familie. Ruimte genoeg voor alle stoelen en tassen met koffie, brood en drinken.
Geen één steek heb ik gebreid gisteren. Dat zegt iets. Na de koffie en de broodjes werd het programma bekend gemaakt: er waren heel veel spellen gehuurd, het was de bedoeling dat we gezellig spelletjes gingen doen en verder vooral veel kleppen en teuten. Er waren ook kaarten en een klaverjas-scorebloc. Met schoonzusjes Hennie en Ali en dochter Harriet claimden wij een hoek van de grote picknicktafel, schonken zoete wijn in een koffiekopje (glazen doen we niet aan op zo’n dag, te veel gedoe) en gooiden de kaarten rond voor ons eerste potje klaverjassen. Naast ons formeerde zich nog zo’n groep; die gebruikten twee koelboxen als tafeltje.

Op de andere hoek van de picknicktafel deed men bingo. Deelnemers met een rose briefje met nummers zaten verspreid over het leefgebied. Dat ontaardde in een enorm geroep van nummers.
“Watte? Viemdattig of viemzestig? Hè? HONDERDENDRIE!”
Tussendoor liepen tientallen kinderen van alle leeftijden hun eigen ding te doen.

Na twee kopjes wijn gingen we een potje tafelvoetballen en daarna gingen we met een groepje Uno doen. Vervolgens vonden Ali en ik een derde en een vierde man voor nòg een boom klaverjassen. Vandaar: niet één steek.

Zomaar wat familiedag-waarnemingen:

In één pot had de tegenpartij 220 roem. Het hokje op het scorebloc was te klein voor zo’n groot getal.
Schoonzus Hennie: “Net als die mop over dat vragenformulier over wat je tegen elkaar zei in je eerste huwelijksnacht. Dat is bij het invullen dan zo’n klein hokje dat iedereen daar zegt: “Past d’r niet in!” Grote hilariteit. Waninge-humor.

“Je zoontje huilt in z’n bedje. O…..dat weet je wel.”.

Een hoogzwanger nichtje is nog net zo luidruchtig en doet nog net zo raar als voordat ze zwanger was. Een andere nicht draait aan het bingoballetjes apparaat en zucht quasi-zorgelijk: “’t Komt niet goed dat die een baby krijgt…..”

Achterneefje Jesse zit op drumles. Hij zit genoeglijk met Carlijn, Wim en Harriët op de trampoline. Hij legt uit hoe hij verschillende ritmes leert. Peer 1. Appel 2. Sinaasappel 4. Ondertussen vraagt hij of Wim en Carlijn getrouwd zijn, of ze kinderen hebben, waarom niet en of Carlijn en Harriët tweelingen zijn.

Tijdens het ook altijd aanwezige volleybalspel schreeuwt iemand: “Jacob! Onderhands!” waarop Jacob roept “Waar is Hans?!”
Even later. “LOS!” “……o nee, toch niet….” Punt voor de tegenpartij.
Wie viel had pech. Want modder en nat gras.

Tijdens onze laatste boom klaverjassen werd het ineens verdacht stil. Dat betekent bij de familie Waninge maar één ding.
Eten. Naast het woonhuis stond inmiddels een ‘snackwagen’, waarvoor een groot deel van de familie zich verzameld had. Onbeperkt patat, kroketten frikadellen, hamburgers, braadworsten en kaassoufflé s eten.
“Heb je de cateraar wel verteld dat de familie Waninge over het algemeen heeeeel veel eet? ” vroeg iemand aan Sander.
‘Nee, natuurlijk niet. Dan wordt het nog duurder.’

Maar uiteindelijk had iedereen genoeg gehad.
De jongste zoon van Sander begon alvast met opruimen…….

Vorige blogs over Familiedagen Waninge:
Varken aan het spit 2016 >>> 

Zwemmen in de vaart 2015 >>>

Buitenkunst met de familie 2014>>>

Familiedag Waninge: hoe is het eigenlijk ooit begonnen? >>>

Reageren

24 april: Oma won!

De verjaardagen van onze dochters vieren ze niet meer op de traditionele manier.  Lees: geen koffie met gebak in een kringetje.
Ze vieren het met hun vrienden, soms in hun studentenkamer en soms in de kroeg.

Mijn moeder wil de dames nog wel graag een cadeautje geven en geeft mij dan een envelop voor de jarige.
Vorige week schreef ik al dat ik over de Paasdagen de ene dag dochter en de andere dag moeder was, gisteren was ik allebei. We hadden de dochters met hun aanhang én mijn moeder uitgenodigd voor een gezellige dag en ‘vierden’  met terugwerkende kracht de verjaardag van Carlijn (maart) en alvast die van Harriët  (juni).
Vanuit Engeland stuurde schoonzoon Jon een app’je: “Waar is het feestje? Ver weg…”
Maar gelukkig is er skype, dus ook zij schoven nog even virtueel aan.
Verder speelden ‘de schermen’ gisteren amper een rol; na het middageten was het tijd voor spelletjes: klaverjassen en sjoelen.

Mijn moeder mag dan niet alles meer meekrijgen op het gebied van computers enzo, maar als het gaat om het spelen van spelletjes staat ze haar mannetje.
Ze genoot van het klaverjassen; dat deed ze vroeger heel veel met mijn vader, maar nu haar generatiegenoten  om haar heen wegvallen speelt ze dat bijna nooit meer. Ze was het beslist nog niet verleerd!

Bij het sjoelen verbaasde oma iedereen, inclusief zichzelf. Ze gooide 103 en 108 en was daarmee de winnaar van de middag.  Bij deze competitie staat iedereen te schreeuwen en worden er aanwijzingen gegeven in welk vakje nog iets moet; alsof de speler dat zelf niet weet. Eén schoonzoon bekogelde mij met een sjoelschijf , de andere raakte in zijn enthousiasme bijna mijn moeders bril.

Om 18.45 uur haalde de taxi haar weer op.  Ze had er van genoten. De spelletjes op zo’n dag brengen  verbinding tot stand tussen de generaties.
Maar om 19.00 uur moet het wel afgelopen zijn.
Studio Sport.
Tegenwoordig net zo spannend als sjoelen met drie generaties.

Reageren

24 januari: Aanpassen?

gezinsspelSpelletjes. In ons gezin zijn we d’r gek op. Een echt ‘Boskamp-ding’  is sjoelen. Bij ons huwelijk kregen we een sjoelbak cadeau en hij is veelvuldig gebruikt. In ons gezin was papa vroeger altijd de winnaar. Dit tot grote frustratie van de dochters, die heel lang maar ėėn gezamenlijk streven hadden: papa mag niet winnen!

In de loop der jaren kwam daar natuurlijk verandering in.
Oefening baart kunst, niet waar? Als we met ons gezin bij elkaar zijn komt de sjoelbak altijd op tafel en het is serieuze competitie!
De ‘heren’ die de dochters de afgelopen jaren mee naar huis brachten werden geacht  ook mee te sjoelen. Met wisselend succes. Maar de Nederlandse heren wisten in ieder geval al wat sjoelen is, de Engelsman die dit weekend bij ons logeert had geen idee. Donderdagavond, Gerard en ik waren naar een vergadering c.q. koor, bedacht Frea dat het wel goed zou zijn dat zij samen met hem alvast het sjoelen ging oefenen. Toen ik thuiskwam trof ik het stel sjoelend aan: hij in opperste concentratie, hij had al over de 100 punten en zij schreeuwend waar nog één in moest en dat dit “impossible” was…..: hij won!
Dat moest natuurlijk onmiddellijk met de andere dochters/schoonzonen worden gedeeld via de telefoon. Vriend van Carlijn was laaiend enthousiast.
Hij appte: “YEAH! Beat them in their own game!”

Maar het werd nog erger. Frea had haar vriend voorbereid op de spelletjes en had gezegd dat hij helemaal in de smaak zou vallen als hij kon klaverjassen. Dus ze had hem de beginselen bijgebracht, ze hadden op de computer een paar spelletjes geoefend  en klaverjassengisteravond was het ‘moment suprême’: zijn eerste potjes klaverjassen.
Hij zat met een ‘spiekbriefje’ naast zich (met de puntentelling voor TROEF en GEWOON) en we oefenden eerst twee potjes met de kaarten open op tafel. Om het te leren.

Daarna begonnen we aan de eerste boom: Gerard en ik tegen Frea en haar vriend.
Toen we een halve boom gekaart hadden hadden ‘zij’  al over de 1000 punten terwijl ‘wij’ nog maar 430 hadden…….. It’s amazing!

Natuurlijk. Buitenlanders moeten zich aanpassen aan onze cultuur.
Maar zo snel hoeft het nou ook weer niet!

Reageren

17 augustus: Klaverjassen (2)

Al eerder  schreef ik over ons favoriete familiespel klaverjassen. (2 december >>>) Onze oudste twee dochters kunnen het wel, onze jongste niet. Haar vriend (waar ze al op haar 15e verkering mee kreeg) kan het namelijk ook niet, dus vindt ze het niet nodig om het te leren. Mijn vader noemde dat altijd ‘gebrek aan opvoeding’ . Klaverjassen hoorde er voor hem net zo bij als zindelijk worden en met mes en vork eten.

In de familie Waninge is het een algemeen ingeburgerd spel. Bijna alle zwagers en schoonzussen kunnen het. Als we een keer niet op een verjaardag kunnen komen, dan spreken we een andere avond af en dan gooien we altijd de kaarten op tafel. Ondertussen worden nieuwtjes uitgewisseld en wordt de toestand in de wereld besproken. Familiedag, een verjaardag van oma, halverwege is er altijd wel iemand die vraagt: “Wie hef d’r een spel kaorten bij zich?”

Deze week logeert dochter Frea een paar dagen bij ons. Een nichtje dat in Roden woont constateerde blij dat er dan misschien nog wel ‘een boompje’ in zou zitten.
En ja hoor: woensdagavond zaten we met z’n vieren om de tafel.
“Wie zit d’r veur? Klaover is troef.”
Frea, die al bijna Engels denkt omdat ze al vier jaar in Nottingham woont, gooit er van pure opwinding soms een Drentse zin tussendoor.
Van zo’n simpel spelletje kan ik intens genieten.
Gelukkig spelen we het nog regelmatig. Dochter Harriet en haar vriend komen af en toe ook gezellig een kaartje leggen en hij voorziet ons klaverjas-jargon van geheel nieuwe termen: “Effen good kiekn”, “Ie bunt mèèkn” (jij bent, meisje) en “Wat kriegt wie noe?” Hij komt namelijk oet Twente.

Reageren

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén