een alternatief voor 'de waan van de dag'

Tag: Roden Pagina 1 van 2

21 september: Roonermaark.

Al sinds 2014 schrief ik over de festiviteiten rondum de Rodermarkt in Roden, in goed Drents ‘de Roonermaark’. 
Dit keer een blog daorover in de streektaol.
De Roonermaark is veur het eerst holden in 1727; over een paar jaor kunt wij dus het 300-jaorig jubileum vieren.

Toen wij 1989 in Roden kwamen wonen hadden wij nog nooit van Roonermaark heurd.
In het lest van september 1989 waren wij slim drok met oons neie huus an de Boskamp. Op de zaoterdag veur de verhuuzing (het eerste weekend van oktober) haar ik de kinder bij mien moe parkeerd en was ik in de auto op weg naor Roden met koffie en brood veur de mannen die daor al vanof 7 uur an ’t wark waren. Ik zol d’r um tien uur wezen en ik was al wat an de late kant.  

Op de Nörgerweg weur ik tegenholden. Ik mus umrieden, want d’r was optocht.
“Optocht? Waor moet ik dan langes?”
“Eem ummerieden; eem een stukkie trugge en dan rechts de Hullenweg op. Hè, meinse, kiek nie zo kwaod, ’t is feest!”
Veur mij was ’t gien feest.
Belachelijk! Stom boerendorpsgedoe!
Al foeternd en mopperig kwam ik via een grote umweg met de koffie an de Boskamp an. Ik was niet bekend in Roden en TomToms waren d’r nog niet.
Optocht. En dan de openbare weg blokkeren. Wat ’n verstaand!

Die dinsdag daorop haar Gerard vrij nummen um parket te leggen in oons huus.
Hij was drok an ’t tummeren terwijl het volk langs de ramen leup op weg naor de markt.
Menigeen stun te gebaren dat het feest was of wees naor zien veurheufd.
Bi’j nou wiezer. Ie gaot toch niet an’t wark op de vierde dinsdag in september?
Het beroemde Roonermaark-lied giet daor ok over:
Het grootste feest is Ronermaark er is gien ein die denkt an’t wark.
De lol voert dan de boventoon op Ronermaark bij ons in Roon.

Een jaor later, in 1990, hadden wij wel al deur dat d’r Roonermaark was, maor de optocht haar oonze belangstelling nog niet. Die zaoterdag hadden wij afspreuken met mien va en moe in Hoogersmilde, dus wij stapten ’s mörgens in de auto.
“Gaot jullie vot!?!” schrowde overbuurvrouw Fokje van de overkaante “TIS OPTOCHT!”
Dat was toch onbegriepelijk!

Het linkermoessie is Frea.

In november 1990 kwam Frea in groep 1 van de Haven en in september 1991 zat ze as moessie op de Rodermarktwagen. Wij zaten met kop en oren in de bouwgroep van de schoele en hadden kleine oogies van vermoeidheid en slaopgebrek.
Wij wunnen de eerste en de erepries met oonze wagen. In de jaoren daornao waren wij slim drok met de wagens en de optocht; de aanvankelijke weerstand was as snei veur de zun verdwenen. Toen wus ik de weg ok al bij wegversperrings.

Vandaag is ’t weer optocht.
Foto’s en verslag binnenkort in dit theater.

Klik veur eerdere blogs over dit underwarp naor het blog ‘Optocht’ uut 2018 >>>. Daor vin ie ok de links naor blogs uut veurgaonde jaoren.

Reageren

12 juli: Jacquelien en Helmantel in de Mensinge

Eergisteren, woensdag 10 juli, had ik een teamuitje.
Ons team is maar heel klein: Jacquelien, mijn duobaan-collega, en ik.
(klik hier >>> voor blogs over onze vorige teamuitjes).
Deze keer was ik weer aan de beurt om het te organiseren.
We hadden om 12.30 in Roden afgesproken, lunchten samen bij Brink 15 en daarna nam ik haar mee naar de Havezathe Mensinge.
Daar is tot en met september een expositie van het werk van Henk Helmantel te zien.

Het was een beetje veranderd in de Mensinge.
De kassa was verplaatst van de borg naar het koetshuis.
Daar stonden al wat spullen uit de borg tentoongesteld, o.a. enkele jurken uit vroeger tijden. Ook kon je daar  voorafgaand aan je bezoek aan de de havezathe een video zien met een interview met Reina Kymmel, de laatste bewoonster van het oude huis.
Maar dat was leuk! Ze vertelde hoe verbaasd haar ouders waren dat ze het huis in 1949 erfden van de joffer; hoe het was om daar te wonen.
We zagen beelden van haar kinderen die schaatsten op de gracht en we zagen een foto van hoe het huis er in 1949 aan toe was: de wingerd was door het dak naar binnen gegroeid en de vogels vlogen in en uit……

Toen we daarna in de Mensinge liepen herkenden we dingen die Reina had verteld.
Het was weer heerlijk om daar rond te lopen. Als vaste klant geniet ik telkens weer van de sfeer en de mooie, authentieke inventaris van het gebouw.
Ga er eens kijken, zou ik zeggen.
Hierbij een link naar hun website >>>. 
Ga dan vooral kijken vóór zondag 15 september.
Tot die datum exposeert Henk Helmantel een aantal van zijn schilderijen in de Mensinge.
Jacquelien en ik hadden het er maar druk mee.
We liepen rond met twee A-viertjes: eentje met een beschrijving van de bezienswaardigheden in de afzonderlijke ruimtes van de Mensinge en één met een beschrijving van de schilderijen van Helmantel.

Wat mooi mensen.
En wat komen die schilderijen daar prachtig uit.
Als voorbeeld daarvan deze foto rechts: een schilderij van een dode ekster in een stemmig decor van zwart-wit tinten.
Daar is over nagedacht.
Meer weten over Henk Helmantel?
Hierbij een link naar zijn website >>>.

Tijdens de wandeling door Roden keek met de ogen van een toerist naar ons dorp. Best mooi eigenlijk…..
Vooral de bloemen in het centrum vielen me op.
Vorig jaar had ik gelezen dat er een bloemist is, die in het voorjaar al begint met het oppotten van hangers die nu heel mooi in bloei staan.
Die bloemist verdient een groot applaus: Roden krijgt een erg vriendelijke uitstraling van al die bloemen.
Mocht je weten wie die bloemist is?
Breng hem of haar dan vooral onze complimenten over.

Het teamuitje sloten we af met een eenvoudige doch voedzame maaltijd aan de Boskamp: bloemkool, aardappels en een gemarineerd worstje. Toen ik Jacquelien na het eten uitzwaaide waren we eigenlijk nog niet uitgepraat; wat een voorrecht dat we als collega’s het zo goed kunnen vinden!

Reageren

5 juni: Boskamp. Met veel minder ‘bos’….

Gisteren werd door het KNMI code Oranje afgegeven.
Het noorden van het land was laat aan de beurt; toen wij naar bed gingen was het al 23.30 uur. Het flitste in de verte en we hoorden de donderklappen onze kant op komen.
We deden uit voorzorg alle ramen dicht en gingen slapen.
Dachten we. Ineens begon het heel hard te regenen en er was heel veel lawaai.
“Dat giet wel hiel hard!” zeiden we tegen elkaar, wachtten nog even af of er niets ernstigs gebeurde, maar toen het onweer wegdreef vielen we al snel in slaap.

Vanmorgen om 06.00 uur ging mijn wekker en het eerste wat ik hoorde was een kettingzaag. “Wie is er nou ’s morgens zo vroeg al aan het zagen?” vroeg ik me wat mopperig af, maar dacht er verder ook niet over na.
Eenmaal beneden zag ik dat onze tuin en de straat voor ons huis bezaaid lag met takken.
De zaaggeluiden kwamen van voor in onze straat: de oude dikke boom op de hoek van de Boskamp en de Nieuwe Weg was omgewaaid en de hulptroepen versperden de weg.

Bij ons waren er drie pannen van het dak gewaaid die in stukken in de tuin lagen. Achter ons huis was ook een boom omgewaaid en in de plantsoenen bij ons in de buurt waren ware slagvelden ontstaan.
Wat een treurige aanblik. Ons dorp bleek getroffen door een valwind, ook wel een downburst genoemd. Lees meer hierover op Dit is Roden.nl >>>, daar vind je ook een filmpje van de ravage in het dorp.
Vanmiddag sprak ik even met de bewoners van het huis bij de dikke boom; hun huis was beschadigd door de val van de boom, maar er waren gelukkig geen persoonlijke ongelukken gebeurd.
Kijk nou hoe groot en dik die boom was!
  
Op de fiets maakte ik nog even een rondje door het dorp. Toen ik bij een gemeentelid op de

Helemaal uit elkaar gescheurd.

stoep stond foto’s te maken werd ik door haar aangesproken als  ‘ramptoerist’. Nou vind ik dat er voor een ramp wel iets meer moet gebeuren, maar het was inderdaad een gezellige boel in Roden; overal stonden groepjes mensen de toestand te bespreken en ze hadden er mooi weer bij. Er zijn ontzettend veel bomen gesneuveld in het boomrijke Roden. Wat een triest gezicht. Ondertussen waren de hulpdiensten nog steeds in touw om de wegen weer berijdbaar te maken. Wat is het dan goed geregeld in Nederland. Dat vinden we altijd maar heel gewoon, maar dat wil ik in dit blog

Twee oude bomen, gesneuveld aan de Boskamp

toch even benadrukken: hulde voor de harde werkers die de hele nacht en dag in touw zijn geweest om de wegen vrij te maken.

PS Ik stuurde onze kinderen vanmorgen wat foto’s en schreef dat er drie nokvorsten van het dak waren gewaaid.
Van een van onze schoonzonen kreeg ik later een appje terug: “Lief dagboek. Vandaag leerde ik het woord nokvorst.”

Reageren

6 juni: Met de schoonzussen in Roden.

In het begin van mijn revalidatieperiode nam ik de organisatie van de schoonzusjesdag op mij. (zie Een complexe afspraak >>>).

Toen leek 6 juni nog heel ver weg en nu is het al weer achter de rug.
Met z’n zevenen zaten we vanmorgen in onze tuin in de schaduw aan de koffie met tante-Lammie-kwarktaart. Schoonzus Lammie verkeerde in de aanloop naar deze dag even in de veronderstelling dat zij die taart moest maken, maar dat was een misverstand.
De taart was gemaakt door mij naar het recept uit de jaren ’70 van mijn tante Lammie.
(Klik hier >>> voor het recept).

Wat heerlijk om elkaar weer te spreken. Door ziekte en andere redenen was het al heel lang geleden dat we compleet waren, dus de eerste twee uren van deze dag waren al gevuld met bijpraten, de wifi-code van ons internet instellen op de mobiele telefoons en het laten zien van wat foto’s van de laatste tijd.
Na de koffie wandelden we naar de Brink voor een lunch in Brink 15, daar hadden ze op het terras, ook weer in de schaduw, een tafel voor ons gereserveerd.
Je zou zeggen dat ik in mijn woonplaats bekenden tegen het lijf zou lopen, maar Lammie spande wat dat betreft de kroon: zij ontmoette zelfs een mevrouw die ze in Polen had ontmoet…….
Met z’n zevenen hebben we behoorlijk wat lawaai en met z’n zevenen afrekenen veroorzaakte een kleine file bij de kassa. “Nee, ik hoor niet bij hen!” riep een mevrouw in die file die er van werd verdacht ook bij onze tafel te hebben gezeten.  Je kon ons horen denken: ‘Dat mocht ze willen!’ We maakten een mooie wandeling langs de kerk en ‘de Mensinge’, bewonderden kuikentjes van meerkoeten en eenden én de kuikens van de ooievaars.

Eigenlijk had ik daarna naar het Scheepstrakabinet gewild, maar daar hadden ze vanmiddag een groep van 24 mantelzorgers op bezoek, dus daar konden we niet terecht. Dus bedachten we iets anders: we gingen met elkaar een kijkje nemen in kringloopwinkel Het Goed. Net iets voor ons; de dames scharrelden langs de schappen op zoek naar eierdopjes en borden, rommelden in CD/DVD-bakken en probeerden enkele meubels uit. Niet omdat ze die wilden kopen, maar om uit te rusten….
In het kleine koffiebar gedeelte (waar 4 tafels en 8 stoelen staan) zetten wij alle stoelen rondom één tafel en vulden gelijk de hele ruimte; ons gesnater trok regelmatig de aandacht van derden.

We sloten de dag af met een ijsje op het terras van de Italiaanse ijssalon. 
Het duurde even voordat we daar met z’n zevenen zaten: eentje moest nog naar het postkantoor en twee waren onderweg blijven hangen in een leuke kledingwinkel en waren druk aan het zoeken en passen gegaan.
Toen ze zich bij ons op het terras voegden moest de aankoop natuurlijk wel uitgebreid geshowd worden!

Schoonzussendag.
Wat doe je nou eigenlijk helemaal?
Eigenlijk niks bijzonders.
Maar wat een bijzondere dag!

Reageren

16 juli: Mieren bij Coenraad Wolter en Gesina.

Gistermiddag stond ik voor het eerst als vrijwilliger (zie blog 29 april>>>) in de eeuwenoude Catharinakerk op de Brink. Twee boekjes had ik gelezen over de geschiedenis van de kerk: laat maar komen die toeristen.
Anneke  was er ook; zij zat achter de tafel met boekjes en CD’s en vroeg de bezoekers bij hun vertrek om iets in ons gastenboek te schrijven. Dirk speelde af en toe sfeerverhogend op het mooie Hinz-orgel en Hidde en ik liepen in de kerk, beantwoordden vragen en vertelden verhalen over de kerk en de families die op Mensinge woonden. Dat doen we vooral naar aanleiding van vragen over uitgestalde foto’s en oorkondes die in de kerk voor de rondleiding zijn opgesteld. Verder ligt er op de avondmaalstafel een prachtig album met foto’s van de Catharinakerk in verschillende stadia.

Er kwamen  heel verschillende gasten binnen. Mensen die in Roden wonen en nieuwsgierig waren hoe de kerk er uit zag na de verbouwing dit voorjaar. Iemand uit Peize die een vraag stelde waarop ik het antwoord niet wist: wat is het verschil tussen een kloostermop en een tichelwerk-steen? Maar gelukkig is daar dan Hidde; die wist te vertellen dat kloostermoppen werden gebakken door monniken op de bouwplaats (in ons geval dus in de 13e eeuw) en tichelwerk-steen werd gebakken op een ‘tichelwerk’-boerderij, zoals bijvoorbeeld de Kleibosch >>>. Weer wat geleerd.
Er was een echtpaar uit Zwolle dat al heel veel wist van oude kerken en orgels en er waren twee dames uit Brazilië met Nederlandse roots. Als je in gesprek komt met mensen hoor je de meest uiteenlopende verhalen. Eén mevrouw liep altijd graag even een kerk binnen omdat ze het gevoel had dat ze dan wat dichter bij haar overleden zoon was. “Die gewijde, soms serene sfeer roept van alles bij me op….”

Eén kind was er gistermiddag. Ze was met haar moeder aan het wandelen met de hond. “Mag ik wel even binnen kijken?” Tuurlijk. Mama bleef met de hond buiten. Ze liep naast me door het gangpad en wees naar de preekstoel. “Daar staat de meneer natuurlijk op die alles voorleest.”
Ze was gefascineerd door de glazen plaat voor de Kymelbank met de gemetselde cryptes van Coenraad Wolter en Gesina Ellents. “Liggen ze daar dan in?” Ik vertelde hoe lang al. En waar ze gewoond hadden. Dat ze heel deftig waren en een eigen bank hadden. Opeens ontdekte ze mieren onder het glas.
“Kijk! Mieren…….” het was even stil en de beestjes werden bestudeerd. “Mogen die daar wel onder komen?”

Het antwoord op die vraag wist ik ook niet, net als over die stenen. Ik heb het Hidde maar niet gevraagd.
Het meisje tekende het gastenboek in het prachtige, net geleerde handschrift van een zes-jarige.
Daarna liet ze mij haar schoenen zien: met wieltjes er onder! Dat moest ik natuurlijk even buiten gaan bekijken.

Ik had het inderdaad goed ingeschat toen ik solliciteerde naar dit vrijwilligersbaantje: net iets voor mij. Woensdagmiddag 26 juli mag ik weer.

Reageren

3 februari: Ondeugende leerlingen….

Op mijn werk heb ik een duo-baan. Drie dagen werk ik als managementassistent voor een afdeling (dinsdag, woensdag en vrijdag) en op maandag zit Jacquelien er.
Als je met z’n tweeën hetzelfde werk doet, moet je blindelings op elkaar kunnen vertrouwen. En veel overleggen en het werk goed aan elkaar overdragen.
Minstens twee keer in de week hebben we telefonisch overleg. Na bijna 7 jaar samenwerken kennen we elkaar al redelijk goed; we vonden het eigenlijk wel tijd voor een team-uitje.

Gistermiddag om 13.00 uur zaten we in aan een tafeltje bij Brink 15 >>> in het centrum van Roden.
Verse jus d’orange en een glaasje wit. Lekker broodje. Klepperdeklepperdeklep.
Daarna brachten we een bezoek aan het Scheepstra-kabinet >>>. Zat ik  met Jacquelien in de ouderwetse schoolbankjes. We schreven met een griffel op een leitje. We doopten een kroontjespen in een inktpot en schreven in ons mooiste school-handschrift. Dat resulteerde gelijk al in een zwarte vlek op de duim van Jacquelien; daar keek ze niet echt van op. “Ik krijg al verfvlekken op mijn handen als het blik nog dicht zit…..”.

We kwamen veel te weten over meester Scheepstra, zijn Aap Noot Mies leesmethode en zijn boekjes over Ot en Sien.
We vonden het jammer dat we ons niet konden verkleden in Ot en Sien-kleren. Pasten we net niet meer in.
Ondertussen deelden we onze herinneringen aan onze eigen schooltijd.
Als echte lagere school leerlingen waren we zelfs nog een beetje ondeugend.
Wie de volgorde van het leesplankje goed kent zal gelijk zien wat we hebben gedaan…..

We kochten bij de Hema een meisjes-baby-kraamkadootje voor een gezamenlijke collega waar we binnenkort op kraambezoek gaan. Eenmaal thuis bekeken we elkaars fotoboeken en aten we samen met Gerard stamppot boerenkool met worst.
Niet een groots en meeslepend team-uitje, maar wel erg gezellig.

We gaan dit vaker doen; volgende keer in Veendam…..

Reageren

27 oktober: Empty house.

Na het ‘full house’ van de afgelopen dagen was het huis gistermorgen ineens wel heel leeg.
Harriët vertrok als laatste na de koffie gistermorgen. Ik had een paar vrije dagen opgenomen, dus daarna strekte een lange, vrije dag zich voor mij uit.
Heerlijk.
Herinneringen aan hoe leuk het was zoemden om mijn hoofd bij het opruimen van de rotzooi die zo’n weekend veroorzaakt. Ergens in een hoek vond ik nog het Kat&Muis-spel van zaterdag, in de koelkast stonden de restjes taart van het feest van dinsdag en de kruimels van de chips  zoog ik op. Op één van de slaapkamers lag nog een vergeten T-shirt van één van de dochters. Het contact met de kinderen verloopt weer via de app. Grappig, dat wel. Maar niet meer life.

ot-en-sienNa de middag trok ik mijn jas aan en fietste naar de Brink.
Daar zette ik mijn fiets bij de kerk.
Ot en Sien stonden op hun voetstuk in de vergeelde bladeren, zich niet bewust van een nieuwigheid in Roden achter hun rug: een zebrapad!
Dat is beslist geen overbodige luxe. Het is erg lastig om daar over te steken.
Iedere donderdagavond als ik op koopavond naar de cantorij-repetitie wandel steek ik daar de weg over, dat zal vanaf nu dus gemakkelijker zijn.

Toen wandelde ik het bos rond de Mensinge in.

Herfst rondom de Mensinge

Herfst rondom de Mensinge

Het is altijd mooi in de omgeving van de Mensinge, maar in deze tijd is het ronduit prachtig.
Herfst in Roden.
Het ooievaarsnest is weer leeg.
Die zitten vast al in een warm, zuidelijk land.
Hoe verder je van de weg afloopt, hoe stiller het wordt.
In de verte balkte nog de ezel van de kinderboerderij en verder was het stil.
Rust in het hoofd, daar was ik even aan toe.
Het enige wat ik op een gegeven moment hoorde waren mijn eigen voetstappen (meer dan 5000 die middag…) en het ritselen van de bladeren door de wind.
Onophoudelijk dwarrelden de blaadjes naar beneden.

Toen ik weer thuis kwam zette ik een pot thee, schreef een blog en nestelde me daarna in de bank voor de documentaire over onze oud- koningin Juliana. Een ‘empty house’ heeft ook zo zijn voordelen.

Reageren

6 juni: Worden als de kinderen.

Gistermorgen was de afscheidsviering van dominee Theo van Beijeren.
Daar kan ik wel drie blogs over volschrijven, maar dat doe ik niet.
De dienst is namelijk terug te luisteren via kerkomroep>>>.
Wat nam ik mee uit de viering?
Het fenomenale orgelspel van Erwin Wiersinga.
Als alt zingen in het koor gevormd door twee cantorijen onder leiding van de immer glimlachende cantrix Thysia Betting.
Het gegeven dat uit de toespraken naar voren kwam hoe veelzijdig Van Beijeren is.
De ontroering op het moment dat hij zijn vrouw Alie bedankte voor haar niet aflatende steun tijdens zijn carrière.

Maar wat er voor mij uitsprong deze zondagmorgen was de indrukwekkende preek.
“Worden als de kinderen” was het thema deze ochtend. Jezus plaatst een kind in het midden van de kring en leert dat we moeten worden als de kinderen: onbevangen en vol vertrouwen.

kinderenDe  boodschap was wel duidelijk: “Onmiddellijk ophouden met die belangrijk-doenerij. Wie kan het beste preken? Wie heeft gelijk in een theologische discussie? Wie is het belangrijkst? Daar gaat het niet om. Jezus zag om naar het zwakke en het kleine.”
Het laatste stukje van de preek was een tekst uit een conference van Fons Jansen.
Het was het laatste couplet van het lied: “Als hij terug kwam” en het beschrijft wat Jezus zou aantreffen als hij nu terugkwam op aarde.

Als hij nou eens terugkwam in Jeruzalem en dit liedje zou horen: 
Wat zou Hij dan zeggen?  
Je hebt in mijn land het verkeerde bezichtigd,
je hebt met ijver het onkruid opgezocht, 
maar de gelijkenis was je zeker vergeten….
Het graf en de grot heten heilige plaatsen,
maar ik heb die plaatsen nooit heilig genoemd.
Ik bad op de berg, ik voer op het meer, 
ik keek naar de bloemen van Jericho
en ik wees naar de kinderen, want hunner is het rijk.

Ds. van Beijeren vertelde dat zijn opa tegen hem had gezegd toen hij dominee werd: “Vertel de mensen maar dat God liefde is jongen, dat is het belangrijkst.”
Dat heeft hij gedaan, waarvan de laatste 28 jaar in Roden.
Het was ons een aangenaam genoegen.

Benieuwd naar het hele lied van Fons Jansen? Klik hier Als hij terugkwam voor een PDF met de complete tekst.

Reageren

22 oktober: Van Smilde naor Roden, lokt met Mensinge……

Vrogger dacht ik altied dat wij nooit uut Smilde weg zollen gaon, dat kun volgens mij niet.
Maor in 1988 gung Gerard in Roden warken bij Werkvoorzieningsschap Noordenveld en de ofspraak was dat hij nao een jaor in de omgeving van Roden kwam wonen.
Daor was ik op zien zachts gezegd niet bliede met.
Familie, karke, koor, buurt: dat zul ik allemaole verschrikkelijk gaon missen.

Gerard haar d’r veul minder muite met. “Waor je wark is is je toekomst.”
En o, wat gung e omzichtig en met veurbedachte raode te wark um mij warm te maken veur de verhuuzing. De eerste keer dat wij hen Roden gungen om te kieken waor wij terechte zollen kommen, zette hij de auto op de Brink en wandelde met mij um de Winsinghof hen. En iederiene die uut Roden komt wet wa’j dan ziet: de verstilde havezathe  Mensinge met zien gracht, umzoomd deur prachtige olde bomen in een sfeer van ‘vrogger’. Wég was ik d’r van! Het leek wel of ik in een aander eeuw stapt was. Wij wandelden um Mensinge hen en daorna leupen wij nog um de eeuwenolde karke hen.
Het leek iniens niet meer zo arg um in Roden te wonen. Gerard kende mij toen al vrij goed…..

En ’t was natuurlijk ok niet arg. Het was wel eem wennen, maor dat duurde niet zo lang. Ik haar eigenlijk ok gien tied veur heimwee, want het was drok met twee kleine kinder. Waor ik de mieste muite met haar was buurvrouw Trijn (zie 26 meert >>>) die ik achterlaoten mus, daor heb ik wel last van had. En zij ok.
Toen ik de Mensinge veur het eerst zag was het 1989. Ettelijke maolen ben ik d’r al binnen west. Ik kan de rondleiding wel dreumen.  Van binnen is de Mensinge namelijk ok hiel biezunder: in de loop van de eeuwen hebt de bewoners meubels en serviesgoed verzameld en alles stiet d’r nog in. Iedere bewoner hef een stukkie van zichzölf achterlaoten. Van de leste bewoonster, ‘de joffer’, hangt de kleren nog in de kaste en ligt de fotoalbums op taofel.

Mensinge Roden

We bint nou 26 jaor wieder en ik vin ’t nog aal prachtig. Bijna iedere wandeling die ik maak voert mij langs de olle havezathe. Vandeweke  leupen wij veur het eten nog even een rondtie Mensinge. De zun scheen lege deur de bomen hen (zie foto). Nou bin ik bliede dat wij destieds ‘emigreerd’ bent hen Roden.
Hierbij een link naor de website van Havezathe Mensinge >>>. Hol ie joe ok graag bezig met geschiedenis, klik dan op dizze link noar de Canon van Noordenveld >>>. Bij ieder plaatie heurt een neie pagina met informatie.

Reageren

10 oktober: Where are you going, my little one?

Dochter Carlijn nam mij vanmiddag mee naar de tentoonstelling “Religie & mythen verbeeld” in het Kunstencentrum K 38 in Roden.
Het was een mooie, afwisselende tentoonstelling. We zagen moderne iconen, werken van hout, van keramiek, schilderijen en er hingen werken gemaakt van textiel. De kunstenares die deze doeken had gemaakt choepaheet Saskia Weishut en ik vond haar creaties werkelijk fantastisch. Hiernaast een afbeelding van een werk waar ik met bewondering naar heb gekeken. Het heet Choepa (het joodse woord voor baldakijn) en het verbeeld een joods huwelijk. De afbeelding geeft bij lange na niet weer hoe mooi het werk is. Ben je in de gelegenheid: ga vooral kijken! Voor de prijs hoef je het niet te laten: de tentoonstelling kost maar € 1,-.

Daarna bracht ik Carlijn naar de bus en wachtte mij nog een vervelende klus: stofzuigen en vloeren dweilen. Met de MP-3 speler om mijn nek en de oortjes in genoot ik van mijn favoriete muziek en was de huishoudklus zo maar klaar.
Vanmiddag hoorde ik het lied “Where are you going, my little one” van The Brothers Four.

Al eerder schreef ik over dit mannenkoortje op 12 juni onder de titel “Mijn kant van het bed”.  In het liedje van vanmiddag zingen ze over hun kleine dochtertje: Turn around and you’re two, turn around and you’re four, turn around and you’re a young girl going out of the door….. 
Bij dit lied moet ik altijd aan Carlijn denken. Ze is onze jongste en heel lang ‘the little one’. Ik noemde haar ook vaak Klijntje, een verbastering van haar naam. “Ik ben niet kleintje!” riep ze dan opstandig. Tuurlijk niet. Maar wel mijn kleintje.

Where are you going, my little one?
Vandaag ging ze naar Groningen.
Maar gelukkig komt mijn ’little one’ ook nog vaak naar Roden.
Luister via deze video >>> naar de uitvoering van The Brothers Four:

Reageren

Pagina 1 van 2

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén