een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 106 van 301

24 juni: Nu nog?!? – 13. Een kink.

Deel 13 alweer: where stays the time…..;)

De afgelopen 2 weken, toen setje 21 op mijn gebit geklikt zat, merkte ik de verandering in mijn tanden en kiezen ook bij het kauwen.
En dat was beslist vervelend.
Als ik at, kwamen een voortand in de bovenkaak en een voortand in de onderkaak met elkaar in botsing.
Door de ‘wiebelruimte’ in de onderkaak verschoof die tand wel weer wat, zodat het eten/kauwen gelukkig wel gewoon door kon gaan
Het was het eerste dat ik vanmiddag vroeg bij de maandelijkse beugelafspraak.
Het kan toch niet de bedoeling zijn dat de tanden straks mooi recht staan maar dat ik dan niet meer kan kauwen…..
Ook nu waren de zorgen niet nodig geweest.
Hoort er allemaal bij,  gewoon doorkauwen.

Er was wel een ander probleem.
De hoektand aan de linkerkant in mijn ondergebit, die het allerscheefst stond, gaat niet mee met de anderen.
Die blijft ijzerenheinig scheef staan en trekt zich van de beugel en van de andere tanden niks aan.
Het ’traject’ moet nu gewijzigd worden: bitje nr. 23 en de rest moeten worden aangepast op die hoektand, die dus nu een speciale behandeling krijgt.
Daarvoor moest er een compleet nieuwe scan van mijn gebit gemaakt worden; reken je op 5 minuten, ben je drie kwartier later pas thuis.

“U krijgt bitje 22 er nu wel opgeklikt, maar de volgende, nr. 23,  zal aangepast zijn aan de trage hoektand.
We halen alle geplande afspraken uit de agenda en bellen u als nr. 23 en de vervolgbeugels er zijn.
Dan maken we een nieuwe afsprakenserie.”
Dat kan een week duren, maar ook drie, werd mij verteld.

Setje 22 zit er nu dus opgeklikt.
In de oude afsprakenserie heb ik nog 14 weken te gaan, maar dat is nu nog niet helemaal zeker.
Die hoektand met het Vrieswijk-karakter zorgt voor een lelijke kink in de kabel……

Benieuwd naar het hele orthodontietraject?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen.

Reageren

23 juni: Dungeon Mayhem.

Dat wij in ons gezin van spelletjes houden is algemeen bekend.
Eén dochter en twee schoonzonen zijn helemaal gek van het spel Dungeons and Dragons.
Ze spelen het met verschillende vriendengroepen en gaan er helemaal in op.

D&D is een spel dat zich afspeelt in een fantasie wereld waarin de spelers samen avonturen gaan beleven.
De spelleider (Dungeon Master) weet wat, waar en wanneer er iets kan gebeuren.
Als speler van het spel ben je één van de bijzondere helden in die fantasiewereld; er wordt er vaak een beroep op je gedaan om een probleem op te lossen, iets uit te vinden of bescherming bieden tegen duistere of demonische krachten.
D&D heeft regels, hele bijzondere dobbelstenen en het is een gezelschapsspel.
Maar anders dan in andere spellen speel je niet tégen elkaar, maar mét elkaar.
De spelleider is niet tegen de spelers; onderdeel van zijn rol is dat hij de tegenstanders van de helden (de andere deelnemers) vertolkt, maar bijvoorbeeld ook de rol speelt van de vriendelijke boer  die de helden een slaapplaats voor de nacht aanbied.
Er is bij D&D geen sprake van winnen of verliezen, maar het gaat er om samen een verhaal te maken dat past in de fantasiewereld die je hebt opgebouwd: als iedereen een leuke avond heeft gehad waarbij is gelachen en waaraan iedereen met plezier terugdenkt heeft iedereen immers gewonnen.
Frea heeft toegezegd dat ze een gastblog gaat schrijven over dit spel.

Andere dochters en schoonzoon doen er niet aan mee: ze vinden het minder leuk of vinden dat het te veel tijd kost.
Wij hebben het niet eens geleerd; niks voor mij.
Waarom vertel ik dit?
Tijdens de Gradagen leerde ik van Frea en Jon een kaartspel dat is afgeleid van Dungeons & Dragons, het heet Dungeon Mayhem.
Je kiest één van de vier personages die allemaal exclusieve krachten hebben.
Bij dat figuur hoort een stapeltje kaarten die je één voor één gaat uitspelen.
Doel: je tegenstanders zo snel mogelijk uitschakelen.
Iedereen heeft zwaarden waarmee je je medespelers schade kunt toebrengen, schilden om je te verdedigen, hartjes om te genezen en bliksemschichten om nóg een kaart te spelen.
Eerst was ik Paladin.
Het vechten ging me goed af en ik had heel veel hartjes om mezelf te genezen: ik won.
Toen werd ik Wizzard, toen kon ik ineens heel andere dingen.
Leuk was het!
In volgende ronde’s werd ik ook nog Rogue en zelfs Barbarian. Die kan drie dingen: kapot maken, veel kapot maken en heel veel kapot maken.
Ook dat kon ik goed.

Natuurlijk won ik niet alles, maar ik snapte wel hoe het werkte en ik genoot er van.
Weer nieuw spel toegevoegd aan mijn spellen-CV.

Reageren

22 juni: Geen tijd meer.

Gistermiddag volgde ik via Kerkomroep de dankdienst voor het leven van Jansje Bos.
Gemeentelid van onze kerk.
Jansje en ik kenden elkaar niet zo goed; onze gemeente is groot en we zaten niet bij elkaar in ‘kringetjes van de kerk’ zoals bijvoorbeeld koor en gespreksgroepen.
Vorig jaar in een kerkdienst stapte er als lector iemand naar voren die ik in eerste instantie niet kende.
Toen ze begon te praten hoorde ik dat het Jansje was; ze had een maagverkleining ondergaan en was drastisch afgevallen.
Ze had een longziekte en het was beter voor haar conditie als ze wat gewicht zou verliezen.
Na de viering sprak ik haar aan; “Mens, ik herkende je niet tot ik je stem hoorde!”
We maakten even een praatje. Toen vertelde ze dat ze iedere dag de blogs op mijn website las en daarvan genoot.
Ik smeedde het ijzer toen het heet was en vroeg haar om eens een blog te schrijven in de rubriek ‘Lezer van de maand’.
Ze zei direct toe. “Leuk!”
In december kreeg ze te horen dat de conditie van haar longen hard achteruit ging en ze ging een traject in om in aanmerking te komen voor een longtransplantatie.

Haar bijdrage voor ‘de Waarde van de dag’ is gepubliceerd in de maand maart van dit jaar.
Wil je het nog eens lezen? Hierbij een link naar haar verhaal.
Toen we heen en weer mailden over dat blog kwamen we tot de ontdekking dat er veel raakvlakken in onze levens waren.
“Ik kom een keer bij je op de koffie, dan gaan we wat beter kennismaken!”
In april zocht ik haar op.
Ze zat toen al aan de zuurstof en ik schrok van haar conditie, maar daar ging het maar twee minuten over.
Wat gezellig hebben we het gehad.
Geschiedenis, muziek, familie, onderwijs, kerk, onze jeugd, we raakten niet uitgepraat.
Toen ik wegging zei ze: “Wat een aangename kennismaking! Als ik straks weer ben opgeknapt kom ik bij jou koffiedrinken. En dan ga ik ook meedoen met Holy Stitch!”

Jansje is niet meer opgeknapt; ze is overleden voordat de longtransplantatie kon plaatsvinden.
Tijdens de viering heb ik haar beter leren kennen door de verhalen van haar zoons, haar zussen, haar neef en haar collega/vriendin.
Omdat ik Jansje niet goed heb gekend, zal het gemis in mijn persoonlijke leven waarschijnlijk niet groot zijn.
Maar na de dankdienst weet ik toch wat ik mis, nu er geen tijd meer is om elkaar beter te leren kennen.

In het licht van de longtransplantatie die te laat kwam vraag ik hierbij aandacht voor ‘Give & Live’, een recreatieve fietsclub voor orgaanontvangers, donoren en iedereen die met orgaandonatie te maken heeft. De club is ontstaan uit samenwerkingen tussen stichting Donerik & Friends en het UMC Groningen met als serieus einddoel de beklimming van de Mont Ventoux (de Transplantoux). In het weekend van 25 juni zal ook Hetty Veerman (in 2015 nieuwe longen gekregen) de Mont Ventoux op fietsen; daar heeft zij in juli van 2022 dit blog: Een TOP-ervaring over geschreven.

Reageren

21 juni: Een pannenkoek en de kippen van Henny.

In onze jaarkalender hebben we de weken/weekenden vastgelegd wanneer we verblijven in ons huis op het Timmerholt in Westerbork.
In de zomermaanden is het eigenlijk helemaal al verhuurd, wij staan pas begin oktober weer op de rol.
Maar soms is er even een weekend niemand.
Dan vertrekken er gasten op vrijdagmorgen en de volgende gasten komen dan pas op maandagmiddag.
En heel soms….. is het dan ook nog heel mooi weer.

Zaterdagmorgen 18 juni zette Gerard de fietsen op de auto en om 10.00 uur zaten wij aan  de koffie op ons terras aan het meer.
Vrije dag.
Heerlijk.
We hebben ’s middags 40 kilometer gefietst.
We kwamen door dorpen als Orvelte, Oud Aalden, Meppen, Balinge en Garminge.
Wat een schoonheid en dat allemaal in Drenthe.
Door Oud Aalden kwam ik bijna niet heen: we fietsten stapvoets, maar eigenlijk wou ik gewoon lopen.
Je komt gewoon ogen te kort!
We kwamen bordjes tegens voor een uitgezette wandeling: ‘Aalden Rondomme’. Die zetten we op het lijstje ‘Dingen die we nog willen doen’.
Er stond ook nog een bordje dat we voorzichtig moesten doen om Henny’s kippen.

Onderweg wilden we een pannenkoek eten.
’s Morgens hadden we al geïnformeerd bij ‘de Strohoed’ in Elp  en bij ‘het Hoes van Hol An’ in Aalden, maar daar konden we al niet meer terecht. Vol.
Gelukkig was er nog ruimte in Orvelte bij ‘de Drentse Heerlijkheid’.
Toen ik belde voor een reservering werd gezegd: “O, reserveren hoeft niet hoor, er gaan met die hitte niet veel mensen buiten zitten.’
Toen we aankwamen zat het terras wel al bijna vol. Daar hadden wij niet op gerekend en wij wisten: zij ook niet…
Een mevrouw van de bediening kwam ons al tegemoet lopen: “U heeft gebeld? Ik heb daar een tafeltje voor u tweeën gereserveerd!”
Fijn. In de schaduw onder bomen op een oud boerenerf.
Met een glas knisperkoude ‘zoete witte’ en een pannenkoek met spek en kaas.

We kochten ook nog een ijsje onderweg, in Meppen.
Als je hard fietst ben je er zo doorheen, een vlekje op de kaart is het, maar in een oude boerderij in Meppen is een heuse ijssalon gevestigd.
Nona’s  is de naam en men verkoopt er ‘home-made’ ijs. Huisgemaakt. Zelfgemaakt.
Een ijsje; hoe bijzonder kan het zijn?
Yoghurt-banaan had ik.
Met slagroom.
De naam van deze ijssalon komt standaard op bovengenoemd lijstje waar de wandeling in Aalden ook al op staat.

Zaterdagavond zaten we weer gewoon een boom te klaverjassen aan de Boskamp.
Wat een top- vrije dag!

Reageren

19 juni: Wat een geluk….

Gisteren schreef ik al over het oefenen met het ‘Af&Toe-kleinkoor’; vanmorgen werkten we met z’n achten mee aan de ‘Ik Zie Jou’-overstapviering.
Waar het anders wel eens spannend is of allemaal goed gaat qua meerstemmigheid, deze morgen hadden we het ons wat dat betreft gemakkelijk gemaakt.
Een kinderlied uit het liedboek, een Taizé-lied en de responsie ‘Houd mij in leven’ tijdens de gebeden; die laatste twee weliswaar wel vierstemmig, maar niet moeilijk.
Wat we nu spannend vonden was onze bijdrage aan het begin van de viering, waarbij wij als koor ruzie maakten met de dominee over welke liederen over geluk het beste bij de viering pasten.
‘Wat een geluk….’ van Rudi Carell was niet geschikt en ‘Ik ben gelukkig zonder jou’ van Conny van den Bosch ook niet.
Het moest stemmig, religieus.
“Gelukkig is het land” was veel te ouderwets, het moest moderner.
“Ik geloof in geluk’  van Guus Meeuwes was ‘wel aardig’…. maar we kwamen in gezamenlijkheid uit op “Voor mij is geluk’  een vrolijk kinderlied uit ons eigen liedboek.
Als je de viering terug kijkt op YouTube zie je hoe we genoten van dit ongebruikelijk begin van een kerkdienst.

Wat een geluk dat de kampleiding het weekend heeft overleefd!
Het zag er vrij dramatisch uit toen ze vanmorgen binnenkwamen: één had een verband om haar hoofd en een ander zat gewond in een rolstoel…..
Het viel mee, begrepen we later. Eigenlijk hadden ze gewoon geluk gehad!
Dat er verband en pleisters genoeg waren en dat er een reserveluchtbed voorhanden was bijvoorbeeld.

Wat een geluk dat we zoveel jonge mensen in Op de Helte hadden vanmorgen. We zagen aanstekelijke foto’s en video’s van het kampweekend dat vrijdag en zaterdag werd gehouden in de tuin van Toos en we zongen met het elkaar het lied ‘Kom laat ons zingen vandaag’ dat ook tijdens het kamperen was gezongen.
Er waren een tweetal bijzondere aandachtsmomenten vanmorgen.
Twee kinderen maken deze zomer de overstap van de basisschool naar de middelbare school en namen afscheid van de kindernevendienst.
De ouders kwamen daarbij ook op het podium. Na het toespraakje deden de kinderen een stap vooruit en de ouders deden een stapje terug.
Een symbolisch moment. Tijdens de koffie vertrouwde één van de moeders me toe dat het haar echt iets had gedaan; het is toch een speciaal moment dat wordt gemarkeerd in de tijd.

En wat een geluk dat we al die jaren als PKN-gemeente gebruik hebben mogen maken van de diensten van Sijcolien.
Zij nam vanmorgen, na minstens dertig jaar jeugdwerk en kindernevendienst, afscheid als leidster.
In de danktoespraakjes werd aangehaald dat ze er ‘gewoon altijd was’ en overal aan dacht.
Het welgemeende applaus zei genoeg: bedankt voor je jarenlange inzet, Sijcolien!

Wat kwamen we nou te weten over geluk?
Geluk is een reis, een richting, niet het punt waarop je eindigt.
Wat kunnen we onderweg doen, wat zegt Jezus daarover?
Wees zachtmoedig, barmhartig, durf nederig te zijn en zoek de vrede: laat je licht zo maar schijnen.
Geen moeilijke opdracht, voor iedereen te doen.
Dat is mazzel hebben!

Reageren

18 juni: Laat je niet wegzetten.

Woensdagavond zaten we met z’n zessen bij ons aan de keukentafel.
Oefenen met een ‘Af&Toe-kleinkoor’ voor de viering van zondag de 19e.
Twee bassen, twee sopranen, één tenor en één alt.
De andere alt had repetitieavond van haar eigen koor en de andere tenor, Jaap, kon niet zingen.
Die was namelijk aangevallen door een bijenvolk uit één van zijn kasten.
Jaap is imker. Hij is  in 2019 al eens ‘Lezer van de maand’ geweest op deze website; toen schreef hij een mooi verhaal over het houden van bijen.
Wil je zijn bijdrage nog een keer lezen? Hierbij een link: Jaap Ruitenbeek.
Het was goed afgelopen.
De eerste dag had hij nog behoorlijk last (daarom zong hij ook niet mee), maar vrijdagmorgen belde ik hem en vertelde hij mij monter dat hij zondag zeker van de partij zou zijn.

Het oefenen ging goed, dus er was nog tijd om even bij te kletsen.
Het verhaal kwam op vooroordelen en aannames op voorhand.
Joop* vertelde een mooi verhaal, dat wil ik mijn lezers niet onthouden.

Het speelt in de tijd dat Joop bij de Nationale Reserve (NatRes) was, hij was toen een jaar of dertig.
In die tijd moest je kiezen tussen de BB en de NatRes, daar had hij voor gekozen.
Hij zou samen met twee collega’s, die ook uit het noorden kwamen, een medaille opgespeld krijgen van Prins Bernhard ter gelegenheid van het 25 jarig bestaan van de NatRes.
Ze stonden, behoorlijk gespannen, met hun geweer in presentatie, te wachten op de prins.
Toen die aan kwam lopen liet één van de mannen van de stress z’n geweer vallen, waarop z’n buurman opmerkte “Zwaor, hè?”
Joop: “Hou dan je gezicht maar eens in de plooi….”
Prins Bernard was op de hoogte van het feit dat hij voor drie noordelingen stond en vroeg: “Dus jullie komen uit de agrarische sector?”
Hij stond voor een boekhouder, een tandarts en een ingenieur.

Die prins Bernard.
Maar hij was zeker niet de enige die er zo over dacht.
Bevolkingsgroepen wegzetten in stereotypen is van alle tijden en is verweven in ons dagelijkse leven.
Een paar voorbeelden:
Blondjes zijn dom, Groningers zijn te eerlijk om aardig te zijn, Drenten zijn te aardig om eerlijk te zijn, Randstedelingen zijn schreeuwers en dringen voor, Fransen drinken wijn, hebben allemaal een alpinopet op en een stokbrood onder de arm, echte mannen breien niet, vrouwen zijn alleen maar geïnteresseerd in chocola en shoppen en mannen alleen maar in voetbal en sex en….. alle noordelingen zijn agrariërs.
Bewijs het tegendeel: laat je niet wegzetten.

* Joop was overigens ook al eens lezer van de maand, hierbij een link naar zijn verhaal uit 2019.

Reageren

17 juni: Om je op te verheugen.

Momenten waarop we ons verheugen op de grote dag:

  • Als ‘de datum’ wordt geprikt.
  • Als de drie zussen samen een dag plannen om jurken te passen en je de hele dag foto’s krijgt van een dochter in prachtige jurken.
  • Als de locatie waar het spektakel gaat plaatsvinden ook na corona nog beschikbaar blijkt te zijn.
  • Als de uitnodigingen op de bus gaan.
  • Als de ringen klaar zijn.
  • Als je een met geheimzinnigheid omgeven gezins-groepsapp in het leven roept zonder het bruidspaar.
  • Als de dochter, die toch niet heeft gekozen voor zo’n deftige jurk, thuiskomt om te laten zien wat ze dan wel heeft gekocht.
    Kind.
    Prachtig!

Dat verheugen was al begonnen in 2019, toen Frea en Jon aankondigden dat ze gingen trouwen.
Dat was een officieel gebeuren, want Jon vroeg, geheel volgens Engelse traditie, Gerard en mij om de hand van Frea.
Echt waar. Zijn vader was trots op hem; toen ze in Engeland vertelden dat ze gingen trouwen had hij gevraagd:  “Did you ask her father?”
“And her mother” was het antwoord. Alleen de vader vragen vond Jon ouderwets.
Wij waren er toen zelfs wat beduusd van. Gerard heeft mijn vader nooit om mijn hand gevraagd; dat zat niet zo in ons systeem en het was overduidelijk dat mijn ouders ingenomen waren met hem als schoonzoon.

Het stel zou trouwen in augustus 2020, ware het niet dat er een wereldwijde pandemie uitbrak, waardoor het huwelijk met een jaar moest worden uitgesteld.
September 2021.
Kon wederom niet doorgaan.
Het had misschien met alleen Nederlanders nog wel gekund, maar op het trouwfeest van Frea en Jon komen ook Engelsen en een Amerikaanse.
Nu staat augustus 2022 in onze agenda’s.
Ik heb een week van te voren al vrij!
De week daarna trouwens ook…..

Reageren

15 juni: Uut de vrömde? Of in de vrömde…

Veur de Zinnig van juni mussen wij in april al teksten inleveren.
Het thema was ‘Drenten uut de vrömde’.

Maor ik las het niet goed.
Ik las ‘Drenten in de vrömde’ en mus geliek an oonze Drentse femilie in Canada denken, waor wij in 2017 te gast waren en die zich aal nog een beetie Drents vuulden.
Mien verhaal is niet publiceerd; de Zinnig van juni stiet vol met verhalen van Drenten uut aandere dielen van oons land en van de wereld.
Ik haar netuurlijk een verhaal schrieven moeten over oonze schoonzeun Jon, die as Engelsman met recht een ‘Drent uut de vrömde’ is.
Bi’j beneid naor de neie Zinnig? Ie kunt het blad bestellen op webstee van het Huus van de taol.

Mien verhaal hiette ‘Slordig Nederlands.

Drie week waren wij in 2017 in Canada. De eerste dagen weuden wij gastvrij onthaald deur familie van Gerard, mien man. In de jaoren ’50 emigreerden tante Roelie (de zus van Gerard zien va) en ome Rieks naor Canada.
Ze kregen vier kinder. De eerste jaoren leefde het gezin redelijk ofzunderd van de buutenwereld en de olders preuten Drents met mekaar en met heur kinder. Oldste dochter Margaret vertelde dat ze in het begun op de legere schoele hiel weinig begreep van wat de juf zee umdat ze nog haost gien Engels leerd haar.

Wij meuken dizze Canada-reize met Gerard zien breur Jan en zien vrouw Lammie.
Deur het Drents dat wij met ’n vieren onderling preuten kwam bij de Canadese femilie de taol uut heur jeugd ok weer naor boven.
Darde zeun Fred preut nog echt Drents, compleet met het inslikken van de e: He’j al eet’n?
Oldste nicht Margaret is trouwd met Luuk. Hij wet nog dat zien olders destieds verhuusden van Limburg naor Canada. Luuk prat dus Nederlands met een prachtige Limburgse tongval.

Het was een heerlijk koeterwaals dat wij met mekaar preuten.
Drents, Nederlands en Engels.
Maor wij begrepen mekaar hiel goed; nao een dag of twee maakten wij zölfs al grappies. Wij gebruukt nogal wat spreekwoorden en gezegden, maor a’j die letterlijk vertaolt kom ie veur verrassings te staon.
“Hij valt deur de maande’, letterlijk vertaold as ‘He falls through the basket’ bijveurbeeld. Het duurt tien minuten veurda’j uutlegt hebt wat dat betiekent…
“Ie lacht joe de buze uut” vunnen wij nao weer een misverstand over olle koeien. “We laugh ourselves the pocket out” reupen de Canadezen en lachten zöch vervolgens inderdaod de buze uut.
“Dat döt e met twee vingers in de neuze!” reup ien van oons tiedens een gesprek. Met ofgriezen weur het deur de Canadezen anheurd. “Two fingers in the nose!?!”
Schoonzus Lammie vertelde dat zij en ik bij de ‘kolle kaante’ van de femilie heuren. Neef Fred trök de wenkbrauwen op constateerde dat dat wel wat metveul: hij vun de onderlinge contacten allesbehalve kold, hij vernam hielemaol niks van die kolle.

Aansum leerden wij ok een Canadees spreekwoord: ‘The nice guy allways finishes last’. A’j te aordig bint bereik ie minder.
Bijna iedere Canadees hef roots in een aander land.
Heur nationaliteit is Canadees, maor daarnaost bint ze bijveurbeeld Schots, Engels, Italiaans, Frans of Nederlands, waor hun veurolders dan ok maor vot kwamen.
Daorum vin ie in elke grote stad ‘specialiteiten-winkels’, met allent producten uut een bepaald land.
In een winkel met allennig maor Nederlandse producten (wij keken oons de oogen uut) weuden Lammie en ik anspreuken op oons taalgebruuk; de mevrouw achter de teunbank vun dat wij ‘slordig Nederlands’ preuten.
Pardon?!? Drents slordig Nederlands?
Wij dachten: “Slordig Nederlands? Wat ’n verstaand!
He’j joezelf wel ies Nederlands heuren praoten mit joen big fat Canadian accent!”
Maar dat zeeden wij niet.
Wij bint per slot van rekening nette en beleefde Drenten.

Meer weten over oonze reis naor Canada?  Ie komt op het eerste blog deur dizze link Canada – 1, daorop vin ie de links naor de aandere 14 delen.

Reageren

13 juni: Ladies and gentlemen.

Door de coronabeperkingen hadden we het afgelopen jaar de verjaardagen van onze schoonzonen niet gevierd. Daarom hadden we ze ook nog geen cadeau gegeven: Gerard bedacht daarvoor iets leuks: hij organiseerde met de drie heren een mannenmiddag. Ze kregen een belevenis als cadeau: een middag sport en spel bij Joytime in Grolloo.
Zoals men vroeger al zei als men hoorde dat wij drie meisjes hadden: “De jongens komt vanzelf…” en zo is het ook gegaan.
Gerard is trots op en heeft het leuk met zijn dochters, maar het zijn geen actieve sportievelingen.
Natuurlijk: skeeleren, sportschool, individueel doen ze van alles, maar van nature zijn het geen sporters. Ze hebben per slot van rekening ook mijn genen.
Vissen, dat doen ze nog wel eens samen met papa. En fietsen en wandelen.
De mannen gingen de zaterdagmiddag tijdens de Gradagen dus met z’n vieren naar Joytime.  Dat  is een Outdoor Belevingspark, waar je allerlei sportieve activiteiten kunt doen.
Eerst genoten ze van een gezamenlijke lunch en daarna gingen ze o.a. boogschieten, klimmen en een vlot bouwen.

“Wat gaan wij dan doen?” vroegen de dochters. Eigenlijk hadden wij in januari al een Ladiesday gehad,  maar het zou toch wel leuk zijn als wij ook…..
Het werd een ‘High tea’ bij Diggels in Westerbork.
En daarna crafternoon. Dat is een door Frea en Jon bedachte term: één  woord voor creativity en afternoon: schilderen kleuren, knutselen, in dit geval in de middagzon.

Frea had de ‘kleurboeken voor volwassenen’ geërfd van mijn moeder.
Er zaten nog kaarten in die mijn moeder nog ingekleurd had; die moesten er in blijven.

…. het varen er mee…..

Ik haalde een kaart met bloemen uit het boek en heb ‘mindfull’ zitten kleuren.
De anderen deden hun eigen ding met waterverf.
Ondertussen kwamen er foto’s binnen van de heren: lekker aan de lunch met elkaar, actiefoto’s van boogschieten, het bouwen van een vlot, het varen er mee en een filmpje van een schoonzoon die als een aap tegen de klimwand omhoogklom, de bel luidde en vervolgens soepeltjes ‘abseilde’ naar de grond.
Er naar kijken vonden de ladies al spannend genoeg.

Gerard en ik hadden een heerlijk weekend met onze ladies en hun gentlemannen.
Eén middag gescheiden op pad was voldoende; met z’n achten zijn er namelijk ook genoeg leuke dingen te doen!

Meer weten over Joytime?
Hierbij een link naar hun website.

Reageren

12 juni: Balans.

Ambivalente gevoelens had ik zondagmorgen onder de preekstoel.
Aan de ene kant…..  aan de andere kant…

Aan de ene kant hoorden we het verhaal van Ruth, die zich op aandringen van Naomi aanbiedt aan Boaz; hij neemt daarop zijn rol als ‘losser’ voor de familie.
Ruth brengt daarmee een offer voor Naomi, voor de familie.
Aan de andere kant zijn we in Nederland nog niet zo heel lang af van het idee dat de vrouw ondergeschikt is aan de man, zich hoort te voegen naar zijn wensen.
Uit het verleden van van mijn familie klinken nog de verhalen van de zichzelf wegcijferende vrouwen.

Aan de ene kant zagen we een opgewekt en kleurrijk filmpje over een jongeman die vanuit zijn dorpje in Oeganda hoopvol vertrekt naar de grote stad, daar een bestaan probeert op te bouwen en uiteindelijk  met een kerkgemeenschap uitbundig een loflied staat te zingen.
Aan de andere kant was de collecte voor het project van Kerk in Actie voor de straatkinderen van Kampala die juist vanuit de stad, waar ze worden uitgebuit en een marginaal bestaan leiden, weer teruggebracht naar hun dorp waar er beter voor hen gezorgd wordt.
Dit staat er over het project op de website: In de Oegandese hoofdstad Kampala leven duizenden kinderen op straat. Ze worden hier door volwassenen neergezet om te bedelen. Ze gaan niet naar school, worden uitgebuit en mishandeld. Kerk in Actie werkt samen met drie Oegandese organisaties die dit probleem aanpakken. Zij vangen de kinderen tijdelijk op en herenigen hen met familie in hun geboorteregio. Ze zorgen dat de kinderen daar weer naar school gaan of een vak kunnen leren. Ook doen ze er alles aan om migratie van nieuwe kinderen naar de stad te voorkomen.* 
Van toegevoegde waarde waren voor mij de foto’s van Diede.
Zij is zelf in Oeganda geweest; ze heeft Kampala en ook de Dwelling  Places die horen bij het project bezocht.
Jammer dat we die foto’s pas zagen na de viering,  toen er al veel mensen weg waren.

Een kerkdienst als het leven zelf.
Het onderliggende thema was namelijk: een ander tot zijn recht laten komen.
De preek eindigde met de constatering dat ons geluk afhangt van het geluk van de mensen die aan ons zijn toevertrouwd.
Daarbij moet je de balans zien te vinden tussen ‘er zijn voor de ander’ en ‘jezelf wegcijferen’ voor de ander.

* Meer weten over dit project en hoe je kunt doneren?
Hierbij een link naar de website van Kerk in Actie. 

Reageren

Pagina 106 van 301

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén