een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Sweet memories Pagina 1 van 5

Muziek en herinneringen

5 november: Hé! Een heksenhand….!

Woensdagmiddag raapte ik een heel groot blad op dat van een boom was gevallen.
Heel mooi geel en bruin, van minstens 25 cm doorsnee.
Geen bijzonderheid in deze tijd, het is immers herfst.
Ik legde het blad plat op ons aanrecht: misschien kon er nog iets mee doen in een bloemstuk of zo.

De volgende dag toen ik uit het werk kwam was het blad helemaal verschrompeld.
“Kijk” zei ik tegen Gerard, “een heksenhand…..”
Hij keek me aan of hij het in Keulen hoorde donderen.
“Heksenhand? Hoezo?”
“Weet je niet meer van dat spannende prentenboek uit de bibliotheek dat we vroeger voorlazen voor de kinderen?”
Nee dus.

Ik vroeg het via de gezinsapp aan de dochters; ik  stuurde een foto van het blad en vroeg: “Wat is dit? Waar doet je dit aan denken?”
4 minuten later kreeg ik al antwoord: HEKSENHAND!

Er zijn van die boeken die je niet vergeet. Dit was er zo een.
Het begon zo:
Jakkes! Wat is dat afschuwelijke, bruine, gekreukte ding dat George daar aan de muur ziet hangen? 
Papa weet het – maar het is zo afschuwelijk, in het begin wil hij het zelfs niet zeggen,
Maar George smeekt. En dus, na te hebben gewaarschuwd dat het heel eng is begint vader een verhaal over een gruwelijke, lelijke heks, die hij op een nacht heeft betrapt in de kamer van George. Vader probeert de indringster weg te jagen en wordt bijna door de heks overmeesterd…….. als moeder binnenkomt met een zwaard dat in de bezemkast stond en de hand van heks afhakt. 
De hand verschrompelt en papa en mama prikken de hand met een punaise aan het prikbord als herinnering om ’s nachts de deur op slot te doen. 
Natuurlijk vertellen ze George later het ware verhaal van het verschrompelde, bruine ding.

Het was een feest om dit boek voor te lezen.
Het verhaal dat de vader vertelt werd eng door de geluiden die hij hoorde; zacht, kakelend lachen, smakkende geluiden, glibberige geluiden, ritselen, tikken…..
dan kun je je als voorlezer helemaal uitleven in stemmetjes en geluidjes.
Ik kan het gevoel van een warm kinderlijf tegen me aan nóg voelen.
Ze gingen steeds dichter bij me zitten……

Sweet memories.

Reageren

21 oktober: Schlagers & glamrock.

Eerlijk gezegd vind ik het zelf ook een beetje genant, maar ik heb een zwak voor Duitse schlagers uit de jaren ’70.
De basis daarvoor is gelegd bij mijn ouders thuis, die graag naar de Duitse televisie keken.

Dinsdagmorgen.
Mijn vrije dag en Gerard werkt thuis.
We drinken samen koffie, op de radio de Arbeidsvitaminen.
“Ja, ja, so blau, blau, blau blüht der Enzian
Wenn beim Alpenglühn, wir uns wiedersehn
Mit ihren ro-ro-ro-roten Lippen fing es an
Die ich nie vergessen kann…”
Heino op de radio.
Word ik blij van van binnen.
Heino’s naam lijkt op heimwee en daar heeft het vooral mee te maken.

Rond 11.00 uur ga ik achter m’n toetsenbord zitten om een blog te schrijven over de ambivalente gevoelens bij de witblonde zanger met zijn zonnebril.
Na het nieuws hoor ik:
“And there she walked in looking like dynamite
She said now come along boogaloo through the night
And by the way she’s moving well…”
MUD! Daar word ik nog blijer van.
Mijn popidolen uit de jaren ’70: nog steeds voel ik een kriebeltje van binnen als ik onverwacht hun muziek hoor.

Muziek.
Maandagavond was op het journaal dat investeerders hebben ontdekt dat er met muziekrechten goud geld te verdienen valt.
Muziek als verdienmodel.
Voor mijn gevoel is dat niet de bedoeling van muziek, maar ik kan het ook niet uitleggen; er wordt tenslotte al eeuwen veel geld verdiend met muziek.
Muziek is in mijn leven ongelofelijk belangrijk.
Zingen, gitaar en accordeon spelen, maar vooral ook luisteren.
Ik kan volledig opgaan in muziek: dan valt alle ruis van de waan van de dag van me af en kan ik me helemaal ontspannen.
Het hoort bij alle levensfase’s die ik inmiddels heb doorlopen; mijn herinneringen vallen samen met muziek.
Muziek geeft plezier, je kunt er van genieten, maar het is ook troostrijk in moeilijke periode’s.

De Griekse filosoof Plato zei het 400 jaar voor Christus al:
Muziek en ritme vinden hun weg tot in de geheime plaatsen van de ziel.
Plaatsen voor Bach en Mozart, maar ook voor Mud en Heino.
Af en toe schrijf ik er eens over, hierbij twee links.

april 2015: Sweet memories: Mud.
maart 2019: Heino – Schwarze Barbara 

Reageren

24 juni: Internationale dag van de fee.

Iedere dag heeft tegenwoordig wel een bijzonderheid.
Vanmiddag hoorde ik in de auto op de radio dat het vandaag de internationale dag van de fee is.
Als ik dan alleen in de auto zit komt er bij zo’n onderwerp van alles naar boven in mijn hoofd.
Toverfeeën, goede feeën; in mijn kinderwereld waren veel sprookjes aanwezig en dus ook feeën.
Mijn eigen affectie met sprookjes heb ik behoorlijk kunnen uitleven op de kinderfeestjes die we organiseerden voor onze dochters.

Sprookjesfeestjes, heksenfeestjes en feeënfeestjes: in het kader van deze dag vandaag een blog over zo’n kinderfeestje met feeën.
We maakten op dit feestje eerst van goudkleurig karton een feeënhoed met zo’n gordijntje eraan.
In dit geval geknipt van de gele bloemengordijntjes van onze tent.
Die we nooit gebruikten omdat ik gordijntjes in een tent quatsch vond.
Op zulke feestjes kwam de zak met oude kleren altijd goed van pas: een oude jurk van mama was voor een kleutertje een lange feeënjurk!

Op de afbeelding hiernaast zie je de feetjes die het feestje bevolkten opgesteld voor de groepsfoto.
Iedereen had ook een eigen toverstokje met een ster er aan; die ster hadden ze zelf uitgeprikt en aan het stokje geplakt.
Met het maken van de hoed, het toverstokje en met het verkleden waren we al een flinke tijd zoet.
Natuurlijk las ik dan een verhaal voor waar een fee in voorkwam en we deden ook ‘ezeltje-prik’, maar dan met een fee.
Feetje-prik dus. In plaats van de staart aan de ezel moesten de kinderen dan geblinddoekt een sluiertje aan een getekende feeënmuts prikken.
Grote lol natuurlijk toen één van de gasten de sluier op de achterkant van de fee prikte….. “Haha! Je prikt hem op de kont!”
We deden een estafette met alle fee-attributen op en aan: we hebben er video-opnames van. Wapperende rokken die in de weg zitten, hoeden die bijna afvallen: de kinderen schreeuwen bij de aanmoedigingen hun longen uit hun lijf.

Onze dochters en wij bewaren goede herinneringen aan die kinderfeestjes.
Ik zeg met opzet ‘wij’, want Gerard hielp ook altijd mee met de voorbereiding en was er die middag bij.
Als de patat op was en alle gasten weer naar huis gebracht zaten we ’s avonds helemaal uitgeteld maar tevreden aan de koffie.

Vanmiddag in de auto popten die beelden even weer op: sweet memories.

Reageren

24 maart: Die Brabanders…..

In het begin van de jaren ’70 gingen wij in de zomer als gezin twee weken op vakantie naar het buitenland; we hadden een vouwwagen en we stonden altijd op een camping.
Ooit stonden wij op zo’n camping in de buurt van een stel Brabanders.
Ze kwamen uit Goirle en stonden in een groep, zodat er een soort binnenplaatsje werd gecreëerd.
Volgens mij waren het drie broers, allemaal met hun gezin op vakantie en mijn broertje (8) en ik (12) maakten al gauw kennis met de kinderen van de buurgroep.

De leefstijl van de Brabanders week nogal af van die van ons.
Wij waren een gezin uit het noorden en mijn moeder hield ook op de camping de structuur van het huishouden vast, dus er werd op tijd koffiegedronken, gekookt, gegeten en (af)gewassen.
Zelfs de tent werd om de andere dag helemaal schoongeveegd.
Mijn ouders keken vanonder hun luifel toe hoe het er bij de buren aan toe ging en dat veroorzaakte op z’n minst opgetrokken wenkbrauwen, met name bij mijn moeder.
Ze zaten amper aan tafel, af en toe werd er eten uitgedeeld en een ieder deed wat goed was in zijn of haar ogen. ‘Volgens mij doet ze maor wat’ constateerde mijn brave moeder en dacht er het hare van.
Af en toe werden ’s avonds na het eten gitaren en andere muziekinstrumenten uit de tenten gehaald en gingen ze met elkaar op hun binnenplaatsje zingen; iedereen die wilde mocht meedoen.
Hun enthousiasme werkte aanstekelijk en ik bewaar goede herinneringen aan die avonden.
Ze deden ook heel gek soms.
Dan deden de mannen de nachtponnen van hun vrouwen aan, stonden ze zich met elkaar te bescheuren van het lachen en zongen nog een raar lied.
Als kind keek ik er naar met ogen op stokjes.
Wat een lawaai de hele tijd en wat een plezier!

Veel is weggezakt in mijn herinnering, maar naast ‘Meisjes met rode haren’ is er één liedje dat ik me ben blijven herinneren van die muziekavonden op de camping.
Het was een smartlap in de ware zin des woords en de mannen zongen het lied met veel gevoel voor drama.
Het heette ‘Zij was mijn kleine Marianne’.
En die ging dood.
Ik wist toen niet zo goed of de mannen het lied nou serieus zongen of er de draak mee staken.
Nu denk ik dat er al enige pilsjes genuttigd waren en dat ze het ‘over the top’ zongen ter leringhe ende vermaeck.

Toen ik deze week zocht naar een lied over Marian kwam ik op YouTube een video tegen van Ben Steneker met de titel ‘Zij was mijn kleine Marianne’.
Zou het…..!?!?
Ja. Toen ik het hoorde kon ik grote delen zo weer meezingen en zat ik weer in kleermakerszit bij de vrolijke muzikanten uit Goirle.
Hierbij een link naar de video van Ben Steneker op YouTube. 
Nu weet ik ook wat de term ‘werkt ’s nachts voor haar geld bij het raam’ betekent en begrijp ik de overspannen reactie van de zanger beter.
Voortschrijdend inzicht.
Sweet memories.

Reageren

6 maart: Zacht als fluweel….

Tegenwoordig zien we de dochters weer af en toe: één op één en buiten. Dinsdag ging ik een wandeling maken met Carlijn; deze keer zou ik naar Groningen komen.
Ze woont aan de West Indische kade en kijkt uit op de Gerrit Krol-brug.
Aan de andere kant van het water is een industrieterrein, dus toen ze vertelde dat we de brug gingen oversteken vroeg ik me af of dat nou wel zo leuk wandelen was….?
Na de brug liepen we rechtdoor en kwamen eigenlijk gelijk in een bos met brede fiets/wandelpaden en had je helemaal niet meer door dat je in een stad liep.
Al wandelend kwamen we van alles tegen: een weiland met paarden, een veld met veel bulten, kuilen en hellingen voor skateboarders, een pluktuin waar iedereen ’s zomers vruchten en planten mag plukken en een ‘oerspeeltuin’.
Dit bevindt zich allemaal naast de Groningse wijk Beijum en aan de andere kant ligt het grote sportcomplex Kardinge.
Tijdens de wandeling voelde ik me soms een provinciaaltje in de grote stad.
Ten eerste was het ontzettend druk met hardlopers, fietsers en wandelaars; je moest uitkijken waar je liep.

…. in de open lucht bewegen…

Ten tweede: als je normaal gesproken je dagelijkse ommetje maakt langs sportcomplex ‘de Hullen’ (in Roden) dan kijk je je ogen uit bij Kardinge.
Er staat een grote klimwand van tientallen meters hoog waarlangs waaghalzen langs naar boven klimmen, er is een enorme hal voor zwemmen/schaatsen en er zijn plaatsen om in de openlucht te bewegen.
We liepen langs de oevers van de Kardingerplas waar we een bijzondere vorm van watersport konden bekijken: wakeskaten.
Dat is een combinatie van snowboarden, wakeboarden en skateboarden; een wakeskate is een soort skateboard, maar dan voor op het water.

De wandeling voerde ons dus door ‘Kardinge’, een natuurgebied van Natuurmonumenten.
Bij het woord Kardinge dacht ik alleen maar aan ‘overdekt zwemmen, kun je nagaan.
Hierbij een link naar de website van Natuurmonumenten met meer informatie.
We genoten van het mooie weer, van de verrassend mooie omgeving en van het gesprek dat we even weer samen konden voeren.
Toen we bijna weer thuis waren gingen we op mijn verzoek nog even bij het water van het Van Starkenborghkanaal staan.
Zo’n kanaal met grote boten doet me altijd mijn vader denken, die op een schip is geboren en altijd ‘hang’ naar water en schepen had.
De foto links is gemaakt door Wim vanuit het raam van hun appartement. (klik op de afbeeldingen voor een vergroting).

Op de terugweg kwamen we langs een wilg waar overvloedig ‘katjes’ aan groeiden.
Het deed me ineens aan mijn moeder denken, die zo’n katjestak prachtig vond.
Mijn vader nam die in het voorjaar altijd voor haar mee, want achter de steenfabriek stond zo’n boom.
Zondag waren we nog bij hun graf, maar daar zijn ze voor mij niet.
Ze zitten verankerd in mijn herinnering en er gaat bijna geen dag voorbij dat ze niet even in mijn gedachten voorbij komen.

Carlijn en ik plukten er allebei één katjestakje af.
Voor thuis.
Nu staat die tak bij ons op tafel.
Af en toe aai ik heel voorzichtig over de katjes.
Zo zacht als fluweel…….sweet memories.

Reageren

16 januari: TBONTB 15 – Van ergernis naar ontroering.

Voor ieder hoofdstuk in het boek had ik een nieuw blog geschreven; in de rubriek ‘Sweet memories’ vond ik dit een toepasselijk verhaal.

In deze rubriek vind je verhalen over herinneringen aan fijne momenten die gekoppeld zijn aan muziek, boeken, foto’s en soms zelfs geuren; ik ben mij er van bewust dat ik  tot nu toe zo’n fijn leven heb geleid dat er veel sweet memories zijn.
Wat ik bijzonder vind is dat zelfs de herinneringen aan ergernissen kunnen omslaan in ontroerende momenten.

Daarbij moet ik in de eerste plaats denken aan het lied Junge, komm bald wieder van Freddy Quinn.
Mijn vader en moeder vonden dat prachtige muziek. Zij gingen vroeger naar alle films waar Quinn in speelde en hadden zoete herinneringen bij die muziek. (afbeelding: uit de film ‘Heimweh nach Sankt Pauli’.)
Ik niet.
Oubollig vond ik het in de jaren ’70.
Niet meer van deze tijd.
Zat mijn vader te genieten van die jaren ’50 muziek, dan liep ik daar mopperend bij weg.
Mijn vader overleed plotseling in 2008 en ik herinner me nog de eerste keer dat ik Junge, komm bald wieder weer hoorde. Tranen met tuiten.
Zelfde verhaal met “mijn Jezus, ik hou van U”, een lied dat mijn moeder graag zong.
Not my cup of tea.
Maar nadat het op haar begrafenis is gezongen kan ik er niet meer met droge ogen naar luisteren, laat staan het zelf zingen.

Heel veel dingen die mij als puber zo irriteerden ben ik later als waardevol gaan zien.
Dat alles in huis een vaste plaats heeft: de beruchte ‘organieke plaats’ waar mijn vader ons mee opvoedde. Als je iets kwijt was had je het niet op de organieke plaats gelegd.
De rust en de regelmaat van een schoon en opgeruimd huis die ons door mijn moeder werd voorgeleefd.

Vorige week deed ik een nieuw plastic afvalzakje in het prullenbakje in de douche.
Het was het laatste zakje van de enorme voorraad die ik vanuit mijn moeders erfenis meenam naar huis. Ze overleed half oktober 2017, vorige week was 13 augustus 2020.
“Waarom heb je toch overal zoveel van op voorraad!” mopperde ik vroeger.
Nu kan ik er om glimlachen……ma met haar acht flessen Glorix.
Sweet memories.

Meer lezen over het boek 1960 -2020?
Hierbij een link naar de verzamelpagina van deze blogreeks ‘Te boek ….. of niet te boek’.

Reageren

15 januari: TBONTB 14 – Sweet memories.

Onder het tabblad ‘Geschiedenis’ vind je op deze website een submenu met de titel ‘Sweet memories’.
Als je daarop klikt kom je op een pagina waar ik beschrijf wat deze zoete herinneringen voor mij betekenen.
Op dit blog vandaag een paar voorbeelden van ‘Sweet memorie-blogs’ uit de afgelopen zes jaar.

Als puber in de jaren ’70 was ik helemaal idolaat van de glamrockgroep Mud.
Mijn hele kamer hing vol met posters van Les, Rob, Ray en Dave; er hing zelfs een poster van de mannen aan het plafond: dat was het eerste wat ik zag als ik ’s morgen wakker werd.
In april 2015 schreef ik een blog over ‘sweet memories & Mud: hierbij een link naar dat verhaal.  

Aan onze dochters hangen ontzettend veel zoete herinneringen.
Slaapliedjes bij het naar bed brengen, verhaaltjes voorlezen, te veel om op te noemen.
De baby-herinneringen aan hen vallen samen met onze jaren ’60-kinderwagen; een blauw-witte wagen met een ruime bak die mijn ouders in 1960 splinternieuw kochten.
Over die kinderwagen en wie daar allemaal in hebben gelegen schreef ik in 2018 een blog onder de titel ‘Onze oldtimer’.

Rond het overlijden van mijn moeder in 2017 schreef ik destijds blogs over het rouwproces.
Hoe er steeds stukjes werden afgerond en hoe ik dat destijds beleefde.
In januari 2018 schreef ik over een bezoek aan Hoogersmilde. Ik ging even langs bij de nieuwe bewoonster van haar oude appartement en ging naar het kerkhof om het graf te verzorgen, waar toen nog geen steen op stond. Het blog heet Weer een stukje.

Voor het boek schreef ik een blog over hoe ergernis over dingen na jaren overgaat in ontroering.
Morgen in dit theater.

Meer lezen over het boek 1960 -2020?
Hierbij een link naar de verzamelpagina van deze blogreeks ‘Te boek ….. of niet te boek’.

Reageren

17 december: Kerst-kitsch.

Toen Gerard en ik in maart 1983 trouwden namen we allebei onze eigen LP’s en cassettebandjes mee.
Eén van de eerste LP’s die we samen kochten was een kerst-LP van BZN, ‘We wish you a merry Christmas’.
Iedere kerst kwam de plaat op de draaitafel van de platenspeler te liggen en hoorden we Jan & Annie zingen over Mary’s boychild en de Jingle bells.
Jarenlang schalden de kerstklanken van BZN door ons huis; we tuigden de kerstboom er bij op, knipten er met de kinderen papieren sterren bij met een tafel vol lijm en zilverglitters en dronken er op 1e kerstdag met mijn ouders de toen heel hippe Irish Coffee bij.
“We zetten nog even een kerstmuziekje op.”
We zongen alle teksten blijmoedig mee.

Totdat de CD-speler zijn intrede deed.
De LP’s stonden eerst nog in de kamer maar kwamen ten langen leste in een koffer op zolder te staan en we vergaten de kerstmuziek van BZN.
We kochten andere kerstmuziek en de kinderen brachten hun eigen kerstliedjes mee.
Pentatonix  bijvoorbeeld gaf aan het begrip ‘kerstlied’ een geheel nieuwe invulling.
Ik ontdekte de klassieke muziek en we luisterden graag naar Christmascarols.

‘Sleep my little angel…’ hoorde ik jaren niet meer, totdat ik vorig jaar toegang kreeg tot Spotify.
Daar kun je alles op vinden, zelfs ‘We wish you a merry Christmas’ van BZN.
Mmmmmmm.
Deze LP zou ik nu niet meer kopen.
Maar hoe fout deze jaren ’80 muziek me nu ook in de oren klinkt: ik smelt er nog steeds helemaal bij weg.
Dus als er niemand in de buurt is zet ik de Volendammers even op.
Geen idee hoe het klinkt? Klik hier voor een video van ‘The sleighing song’.

Kerst-kitsch.
Sweet memories.

Reageren

3 december: Klus geklaard.

Gisteren stond er een foto van mijn overgrootvader op deze website.
Die kwam ik tegen toen ik het foto-archief van mijn ouders onder handen nam.
(Eerdere blogs over dit onderwerp: Foto’s en melancholie en Een baby uit 1932)
Zaterdagmiddag legde ik de laatste hand.
Toen had ik:
– alle foto’s uit alle oude albums gehaald
– alle foto’s op chronologische volgorde gezocht.
– twee albums gemaakt  met foto’s van het leven van mijn ouders: één tot 1980 en één tot 2017.
– alle oude albums uit elkaar gehaald: kaften/omslagen bij het restafval, fotobladen bij het oud papier
– de foto’s die ik niet in de albums hebt geplakt verdeeld over de mensen die er op stonden: het gezin van mijn broer en ons gezin.

Wat een klus mensen; maar wat waardevol om te doen.
Afgelopen weekend kwamen mijn broer en schoonzus op bezoek en samen hebben we de albums bekeken.
Twee levens en één huwelijk in foto’s gevangen.
Verliefd, verloofd, getrouwd, kinderen, schoonkinderen, kleinkinderen.
Gewone levens van gewone mensen, maar voor ons heel bijzonder.
De albums komen straks in het familiearchief, bewaard voor het nageslacht.

Op dit blog twee foto’s die ik zelf al vergeten was: een tweejarige Ada in de tuin van de woning bij de steenfabriek waar wij tot 1963 woonden.
Spelen in de ‘sambak’.
Sweet memories.

Reageren

20 juli: L’Orre Bietjé.

In Hoogersmilde, het Drentse dorpje waar ik opgroeide, heb je heel veel campings, omdat het grenst aan het Nationaal park ‘het Drents Friese Wold’;  één van die campings is de Horrebieter.
Vroeger gingen we daar wel eens patat halen of we liepen er overheen als we gingen wandelen, maar meestal sta je niet met een tent op een camping in je eigen dorp.
Toen we een jaar of 8 in Roden woonden hebben we er met ons gezin wel eens een jaar gestaan met de caravan van mijn ouders.
Wij waren ons huis toen grondig aan het verbouwen; Gerard was dan overdag met een paar vrijwilligers (o.a. mijn vader) aan het bouwen en kwam ’s avonds ook naar Hoogersmilde. Zo hadden de kinderen toch even twee weken vakantie ergens anders. Op de foto links staan Frea en ik bij een houten versie van de legendarische horrebieter, een Drents fantasiebeest ontsproten aan het brein van de gebroeders Bruggink, toenmalige eigenaren van de camping.
Als mensen vroegen waar we heen gingen op vakantie grapten we: ‘Naar : L’ Orre Bietjé!’
Klonk exotisch Frans, was Drents dichtbij.

Dit jaar staan Frea & Jon en Carlijn & Wim een week op die camping.
“Komen jullie dan ook een dag?”
Tuurlijk, leuk! Zondagmiddag togen we naar Hoogersmilde.
We namen het fotoboek mee waar de vakantie in 1997 op de Horrebieter in stond; de dames bekeken het samen en genoten van het ophalen van de gezamenlijk herinneringen.
Eén verhaal kreeg wat extra aandacht. Wij gingen in die vakantie één dag met mijn ouders fietsen; mijn vader wist in het bos een grote berg schelpen  te liggen die gebruikt werd voor de schelpenfietspaden. Bij de foto van Carlijn met opa bij de schelpenberg vertelde Frea: “O ja, ik weet nog dat jij toen zei mama: Hè pa, doe dat nou niet, straks denkt het kind dat schelpen uut ’t bos komt.”
Was ook zo. Twee weken later wilde Carlijn (3) weer schelpen zoeken. In het bos……
De kinderen namen weet ik hoeveel mooie schelpen mee naar de camping en maakten met hun kinderfantasie een heus schelpenmuseum: ze zochten grote takken uit het bos en etaleerden de schelpen op de takken naast onze tent.
Het was een gratis museum; ze mochten van ons alleen de mensen op het veldje uitnodigen die natuurlijk wel iets lekkers meenamen als dank voor het bekijken van het museum.
Sweet memories.

Wij waren dus weer eens een dagje op de camping: wat heerlijk!
Op een grasveldje in het bos theewater koken in een pan op een campinggasstelletje. Koffie zetten met datzelfde theewater gefilterd in een keukenrolpapiertje omdat er geen filterzakjes zijn.
Groente, krieltjes, hamburgers en vega-balletjes bakken op papa’s skottelbraai, vermengd met de geur van de barbecue van de buren.
Niet heel koud bier drinken uit blik en zoete witte wijn geserveerd krijgen in afzichtwekkelijke plastic wijnglazen.
Het mocht de pret allemaal niet drukken.
Het was weer oké op L’Orre Bietjé!

Reageren

Pagina 1 van 5

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén