een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 1 van 310

13 mei: De Efteling (2)

Natuurlijk: al die prachtige attracties die ik gisteren* beschreef zijn allemaal pareltjes aan de Efteling-kroon, maar voor mij is de Efteling vooral fijn vanwege het sprookjesbos.
Als kind genoot ik al van de fantasierijke tekeningen van Anton Pieck en keek ik verlekkerd naar reclames voor de Efteling, maar ik moest nog tot mijn 17e wachten tot we daar op Hemelvaartsdag 1978 heen gingen. Toen was het nog lang niet zo groot als nu. Op internet vond ik een artikel over de geschiedenis van de Efteling,

Maandag, na de droomvlucht, zochten we het sprookjesbos op.
We liepen door het kabouterdorp en bezochten enkele huisjes, zagen Doornroosje in haar kasteel slapend wachten op haar prins en zochten in de werkplaats van Gepetto naar Pinokkio.
“Nee, die is niet binnen, die zit daar in de vis!” riepen de twee dames die naast ons door Gepetto’s ramen stonden te koekeloeren.
“En heb je Japie Krekel al gezien? Daar! Op de vensterbank…”

… 2 snoodaards…

Op weg naar de vis hoorden we ineens gebonk en gegniffel uit twee grote vaten en ontwaarden de kat en de vos, de twee snoodaards die Pinokkio op het slechte pad brengen.
Natuurlijk is zo’n visueel spektakel voor ons mooi, maar ik genoot daarnaast intens van 2 kleine kereltjes die de hand van papa en mama heeeeel goed vasthielden en met open mond en grote ogen de gebeurtenissen in zich opnamen.
‘Vis….’ Je zag aan het manneke dat hij het monsterlijke beest dat Pinokkio heeft opgeslokt amper als vis herkende.

Beide vorige keren dat ik in de Efteling was keek en luisterde ik verrukt naar het sprookje van de Indische Waterlelies; ook nu was het weer prachtig.
Bij de grote slapende reus stond een luidsprekertje.
Als je wilt dat Klein Duimpje te voorschijn komt moet je hem roepen.
Een schuchter meisje zei ‘Klein Duimpje….’ maar er gebeurde niks.
“Je moet harder roepen” zei papa en toen tetterde ze in het luidsprekertje de naam nog een keer en daar verscheen Klein Duimpje bij de immense laars van de reus.
Zet mij in zo’n park en ik vind het net zo leuk als de kinderen, voor wie het eigenlijk bedoeld is.

Bij het huisje van het sprookje ‘Het meisje met de zwavelstokjes’ bleef ik staan om het hele sprookje even te bekijken/beluisteren.
Dat meisje gaat toch dood? Hoe zouden ze dat dan verbeelden?
Dat deden ze met geprojecteerde 3D-beelden; het meisje stak een zwavelstokje aan en dan verscheen er een filmpje: een kachel, een gebraden kip, een kerstboom…
Bij het laatste zwavelstokje komt er een wit, lichtgevend hologram van grootmoeder die het meisje (dat als een wit hologram is opgestegen uit haar lichaam) liefdevol met zich meeneemt.
Ontroerend.
Wat mooi in beeld gebracht.
En wat jammer dat lang niet iedereen de tijd neemt om het verhaal even te bekijken.

De dag was eigenlijk te kort.
We moesten namelijk ook tussendoor nog koffiedrinken, een kop soep eten en een patatje verorberen.
We sloten onze Efteling-dag af met een boottocht in de Gondoletta.
Wat heerlijk.
We legden onze vermoeide voeten (18.000 stappen…) op het bankje voor ons en lieten ons door het park varen.
Wát een fijn ‘schoolreisje’!
Nu ben ik toch zo benieuwd wat Carlijn gaat kiezen…..

* deel 1 van de Efteling

Reageren

12 mei: De Efteling (1)

Op mijn 65e verjaardag vertelde ik onze dochters dat ik van plan was om, nu ik meer vrije tijd heb, af en toe samen met één van hen iets leuks te doen.
‘Moeder-en-één-dochter-dag’.
“Dan mogen jullie bedenken wat je dan graag zou doen.”
De wensen van oudste dochter Frea waren niet zo groot: lees dit blog maar eens.
Middelste dochter Harriët koos iets geheel anders: ze wilde een dag met mij naar de Efteling.

Twee keer in mijn leven ben ik in de Efteling geweest: in 1978 met mijn ouders en met ons gezin in 2002.
Toen had ik door mijn deelname aan het televisieprogramma ‘Get the picture’
ƒ 170,= gewonnen; dat hebben we die dag verbrast.
Voor iemand die zo van sprookjes houdt als ik is 2x natuurlijk veel te weinig, maar het kwam er niet vaker van.
Harriët had Efteling-punten gespaard bij de AH en zo kregen we twee kaarten met flinke korting; zondagavond ging ik al naar Almelo en gistermorgen rond half 11 zetten we onze auto op de grote ‘oplaad-parkeerplaats’ met de stekker aan een laadpaal.
Toen had ik al twee dagen ‘schoolreisjesgevoel’; dat nam alleen maar toe al naar gelang we dichter bij de ingang kwamen.

We gingen op een dag die als ‘rustig’ stond aangemerkt op de website van de Efteling, maar wij vonden het desondanks best druk.
We namen ons voor om in ieder geval de grote dingen te doen: Dans Macabre, Droomvlucht, Fata Morgana en Symbolica.
Gemiddeld stonden we 20 tot 25 minuten in de rij voor een attractie.
We begonnen met Droomvlucht; we stapten in een gondel en kwamen door vijf feeërieke landschappen, bevolkt door elfjes, faunen en trollen en bewogen langs taferelen met zwevende en bewegende kastelen.
Erg benieuwd was ik naar Danse Macabre. In de wachtrij er naar toen kom je al van alles te weten over wat je te wachten staat. Je gaat naar de ruïne van een oude abdij, waar in 1876 een muziekconcours werd gehouden. Op vrijdag de 13e verdween het volledige orkest van dirigent Joseph Charlatan: het werd op meedogenloze wijze verzwolgen door  ‘Het Onnoembare’, het kwaad dat nog steeds rondwaart in de gedaante van een monsterlijk, katachtig wezen. Je staat in de rij te wachten op een kerkhof. Hier en daar ligt een schedel, je hoort die enge kat en O SCHRIK, ineens begon de grafzerk waar ik tegenaan leunde te praten en viel de deur een beetje open….
Eenmaal binnen stapten we in de abdij in koorbanken en waren getuige van de wederopstanding van het orkest en zijn dirigent; ondertussen onderga je een magistrale uitvoering van het stuk Danse Macabre.
Wat prachtig!

We lieten gisteren de illusie en de betovering hun werk doen: in de Fata Morgana voeren we in een bootje langs scènes uit de Sprookjes van 1001 nacht en in Symbolica gingen we op audiëntie in een betoverend paleis en kwamen door geheime gangen en magische kamers.
Na iedere belevenis kon je een foto kopen van jezelf, maar dat deden we niet; ik denk dat ik op iedere foto stond met wijd-open mond van verbazing en plezier.
En dan heb ik het nog niet over de sprookjes gehad….!
Wordt vervolgd.

Reageren

11 mei: Nederlands maar dan anders (51)

Wat hebben we toch een mooie taal en wat wordt die soms fraai gebruikt.
Even weer een aantal voorbeelden van ‘ander’ taalgebruik.

Eerst eentje uit de oude doos: een teamleider bij Lentis vond een relletje op het werk ‘een glas water in de storm‘.

Carlijn is mijn vaste leverancier. Zij luistert veel podcasts en stuurde o.a. deze:
Iemand wil aangeven dat iets duurder uitvalt dan begroot en zegt: “Dat is een rib uit mijn portemonnee.
In een verhaal over een dochter waar het niet zo goed mee gaat: “Mijn dochter zat op een berg weg te kwijlen….”
Er was een slechte recensie binnengekomen op de website van een B&B.
De eigenaar doet alsof het hem niks doet:  “Die mensen, daar lik ik echt mijn reet mee af!”

Op Radio 5 is een item besproken, maar een luisteraar wil daar iets meer over zeggen dat nóg erger is.
De sidekick van het programma zegt: “Deze luisteraar doet er nog een hoopje bovenop….

Tijdens de Olympische Spelen was Jorien ter Mors één van de commentatoren.
De tijd moest even worden volgepraat en Jorien kwam met het volgende statement: “De medaillekansen liggen op een zilveren draadje.”

De weer-besprekers van het Journaal moeten ook iedere dag maar weer iets verzinnen bij de weersvoorspelling; in maart hoorde ik zo’n man zeggen ‘We komen in helder vaarwater.

In februari hadden we een mini-reünie met een aantal collega’s van Team290.
Margreet vertelde dat haar kleindochter naar kapper ging en dat ze een ander kapsel wilde.
“Ik wil graag een paardje!” Ze bedoelde een pony; dat is immers klein paard.
Een collega die nog werkzaam is bij Lentis had een mail gekregen over de ijzel die er aan zat te komen in februari.
Die mail begon zo: “In verband met de enorme gladde weersvoorspelling….”

In het radioprogramma Bert op 5 ging het over de postbezorging op de eilanden: er konden daar geen kranten meer bezorgd worden.
Iemand vond dat van de gekke en zei dit er over: “Dan rijzen mij de de haren de lucht in!”

Katy meldde zich af voor Holy Stitch en gaf in dezelfde mail een aantal versprekingen door die ze allemaal in tv-programma’s voorbij had zien komen.
Ze hoorde bijvoorbeeld een geheel nieuwe uitdrukking: ‘Wat de toon slaat’.

Afbeelding: Sarahrichterart/Pixaby

Verder wilde iemand ‘haar steentje bij gaan staan’ en waren en planten waarvan werd gezegd: “Die plant weelt tierig.”

In de kerkdienst in Roderwolde met als onderwerp ‘de goede herder’ had de voorganger het over ‘een een schaap met wolfskleren aan‘; de omgekeerde wereld….

In de samenvatting van Koningsdag hoorde ik Maxima zeggen dat ze iets gedaan had ‘met veel hart en ziel!’

Gerard vertelde dat er nog klein aantal oude bewoners van Het Timmerholt lid was van een VVE die los staat van de grotere VVE die later in het leven is geroepen. “Mensen die een huis kopen op het landgoed worden automatisch lid van de nieuwe VVE, dus dat is een uitsterf-constructie“.

Dit blog sluit ik af met Carlijn die iets moet bekennen: “Ik zei vanmiddag dat er geen schip met iemand te bezeilen is.”

Hierbij een link naar Nederlands maar dan anders deel 50 
van daaruit kun je steeds teruglinken naar alle andere delen die in de loop van de jaren gepubliceerd zijn.

Hoor of zie je zelf een leuke NMDA?
Denk aan mij!

Reageren

10 mei: Pensionada 12 – Gedicht ‘Mei’ meegekregen.

Een week voor mijn afscheid bij Team290 (oktober 2025)  liep ik in de gang op mijn werk bijna tegen een psychater op; wij kenden elkaar al vanaf 2008, maar werkten nooit echt samen.
Wij namen als secretariaat van Team290 soms even de telefoon over van onze  collega’s van Ouderenpsychiatrie Ambulant en dan had ik soms met haar te maken.
“Dus je gaat met pensioen; leuk!”
We hadden even een gesprekje en aan het einde wenste ze mij nog veel goede mei-maanden.
“Bij deze geef ik je een gedicht mee als afscheid” zei ze “zoek maar eens op Annie M.G. Schmidt en dan het gedicht Mei”.

Thuis zocht ik het op.
Wat een mooi gedicht en wat een goed idee om een gedicht mee te geven aan iemand die afscheid neemt: bedankt Annemarie!
In deze tweede week van de meimaand van 2026 vormen de woorden geschreven door Annie mijn waarde van de dag.

Mei

Wanneer ik u een goede raad mag geven:
De vlier bloeit, het is Mei. Vooruit, pluk vlier!
Het is niet zo vaak Mei meer in uw leven,
misschien nog dertig keer, misschien nog vier.

U kunt die tijd natuurlijk ook benutten
door de courant te lezen hier op aard.
Er zijn zeer veel couranten hier beneden,
maar zijn ze, achteraf, de moeite waard…

Want als u strakjes binnen wordt gelaten,
daarginder op die ster, in het portiek,
dan zult ergens over moeten praten
en niet zo heel veel over politiek.

Als u de E.E.G. daar gaat bespreken,
dan luisteren ze weliswaar beleefd,
maar ’t zijn daar op die ster volslagen leken,
ze weten echt niet waar u ’t over heeft.

Vertel hun dus maar niets van filmjournalen,
zeg überhaupt maar niets van Polygoon.
Begin maar liever over nachtegalen,
die kennen ze. Vertel hun maar gewoon

hoe lief de merels zijn op deze aarde
in Mei. En hoe ’t met de seringen staat.
Dan strijken ze daar zachtjes langs hun baarden
en zeggen: Ja, zo was het. Inderdaad.

En daarom moet u voor die tijd wel weten
hoe pruimenbloesem ritselt als het waait,
en hoe de vlier bloeit. U moet niet vergeten:
de Meien zijn betrekk’lijk dun gezaaid

Benieuwd naar de andere delen in deze serie?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle tot nu toe gepubliceerde delen.

Reageren

9 mei: Huisdieren.

Huisdieren: wij hebben ze niet. Heeft ook een reden: ik houd er niet van, komt van mijn opvoeding.

Sam was even vergeten dat ik niks met katten heb…

Maar we komen natuurlijk wel met huisdieren in aanraking: afgelopen woensdag nog, toen oud-collega Rudi kwam eten en zijn hondje Luna meenam. En als we bij onze dochters Frea of Carlijn zijn, dan zijn daar altijd hun katten.
Ze schreven met z’n tweeën al eens een gastblog over hun katten in 2021, je vindt een link naar dat verhaal onder aan dit blog.
Maar in 2022 overleed Frits (zie Bij ons in de tuin), in 2025 ging Tobi en begin dit jaar moesten Frea en Jon afscheid nemen van Sam.

Na Frits wilden Carlijn en Wim eerst niet gelijk weer een kat, maar het liep anders.
De zus van Wim had twee katten, maar die zus had inmiddels ook een kindje gekregen en één van de katten, Siepie, kon niet zo goed tegen de aanwezigheid van de baby.
In het begin gaf dat nog niet zoveel problemen; als het kleintje beneden was en niet sliep ging Siep naar boven, om weer naar beneden te komen als het rustig was.
Maar na een jaar zat Siepie bijna de hele dag boven……
“Kunnen jullie haar niet van ons overnemen?” was de logische vraag toen kat Frits er niet meer was.
In eerste instantie niet, te vroeg, maar toen ze even gingen proberen ‘hoe het zou gaan’ ging ze niet meer terug naar huis.

Siep leefde weer helemaal op en had een heerlijk leven met veel aandacht bij Carlijn en Wim.
De eerste keer dat Wims zus met haar kinderen op bezoek kwam was er even blinde paniek bij Siep, maar dat werd in de loop van de jaren ook wel beter.
Het kindje daarentegen vond Siepie heeeeeel lief. Zo lief dat ze een cadeautje had gekocht waar ze samen met mama al weken van te voren geheimzinnig over deed: een beeldje van een poes die sprekend op Siepie leek.

Dit weekend appte Carlijn dat Siepie niet goed at. Ze moesten naar de dierenarts voor een röntgenfoto van de darmen. Twee dagen later werd het spannend: ze moest geopereerd.
Het volgende appje was erg naar: ‘Onze lieve Siep is tijdens de operatie overleden’.
Je kunt zelf niks met dieren hebben en toch verdrietig zijn om het verlies van een huisdier.
Diezelfde avond kwamen Carlijn en Wim langs om hun liefste Siep bij ons in de tuin begraven.
Wat een verdriet. En omdat het zo onverwacht is, is het gemis erg groot.
Het zal slijten.
En er komt vast weer een andere kat, maar nu even niet.

Er komt trouwens binnenkort wel een andere kat bij Frea en Jon: Poewie!
Ze zijn al wezen kennismaken bij de huidige eigenaren, die niet meer voor het beest kunnen zorgen, maar die wel zeker wilden weten dat hun Poewie een goed nieuw thuis kreeg.
Nu zijn we met z’n allen heel benieuwd naar dit nieuwe lid van de familie.
Ja, ik ook.
Er is ook nog zoiets als voortschrijdend inzicht.
En…..ik hengel natuurlijk naar een gastblog 😉

21 februari 2021: Duo-gastblog – Frits, Tobi en Sam

Reageren

8 mei: Bewegen. En waardeloos materiaal.

Op de activiteitenmarkt van onze PKN-gemeente had ik twee kavels aangeboden: ‘bewegen op muziek’ en ‘samen musiceren’.
Er waren kennelijk niet veel mensen die zin hadden in bewegen op muziek.
Eigenlijk helemaal niet in bewegen, want Aukje, die ‘bewegen voor ouderen’ had aangeboden had ook maar een handjevol aanmeldingen.
We voegden de twee kavels samen en ik sloot met mijn ene aanmelding (lees Alie) aan bij Aukje.
Om 14.00 uur werden we in Op de Helte verwacht.
De activiteit van Aukje heette voluit: ‘Bewegen voor ouderen met waardeloos materiaal’.

We begonnen met z’n tienen het lopen van een rondje en deden ondertussen oefeningen met armen, benen en wat er nog meer kan bewegen aan je lichaam.
Daar hadden we nog geen waardeloos materiaal bij nodig, maar ik ging me wel afvragen waar dan wel bij?
Het antwoord op die vraag kwam snel genoeg.
In de hal stond een tas met stukjes afvoerbuis en oude tennisballen: we moesten in colonne, zigzaggend om afzetpunten heen, met de tennisbal óp een stukje buis naar de andere kant van de hal brengen.
Daarna kregen we allemaal een klein bloempotje, dat moesten we met onze voeten voor ons uit over de vloer bewegen.
Later moesten ze diezelfde oefening doen, maar dan met een emmertje; eerst afwisselend met je linker- en rechtervoet, later een stuk met alleen je rechter- en daarna je linkervoet.
Dat voel je op den duur wel in je liezen!

Gelukkig had het programma (dat maar liefst twee uur duurde) een pauze: we genoten lekker zittend op een stoel (hè hè..) van een kop hete thee.
Het tweede deel van het programma stond in het teken van ballen.
We kregen allemaal de helft van een doorgezaagde jerry-can. Daarmee gingen we die tennisballen uit de vorige oefening overgooien en die bal moest je dan ook weer in die jerry-can opvangen.
We gooiden met grote ballen, hoepels van tuinslang, zachte ballen (plastic pannensponsjes in een gehaakt netje) en hadden de grootste lol.
En we kregen het er trouwens ook hartstikke warm van…….

Het was een mooie combinatie van Nederland in beweging, Fit & Vitaal (van Dorien) en de inzingoefeningen van Karel bij de cantorij.
Spelende vrouw, wat heb je nu geleerd?
DENK OM JE HOUDING!
Zit niet onderuitgezakt maar rechtop, loop met je schouders naar achteren en je hoofd rechtop en kijk niet steeds naar de grond maar recht voor je uit.
Je rug, benen en armen krijgen dagelijks de meeste beweging, maar denk er vooral om dat je regelmatig oefeningen doet met je nek en je schouders.
Aukje liet ons met de hakken tegen de plint staan “En nu de achterhoofd tegen de muur, je schouders tegen de muur en je kuiten ook.”
Eén van ons piepte ‘dat kan helemaal niet…’ maar volgens Aukje moesten we vooral blijven oefenen.
Gaan we doen.

Aan het eind van de dag zei mijn horloge dat ik meer dan 15.000 stappen gezet, 151 actieve minuten had gehad en meer dan 500 ‘activiteitscalorieën’ had verbrand .
Aukje: dank je wel.
Oeps….bijna vergeten: het geld voor het goede doel is inmiddels overgemaakt.

Reageren

7 mei: Meedoen!?

In deze weken zijn we met de cantorij aan het oefenen voor Pinksteren: op 1e Pinksterdag werken we mee aan de viering in Op de Helte.
We zingen o.a. het lied ‘Kom Schepper, Geest’ (lied 697).
Het duurt altijd even voor iedereen het goede lied voor zich heeft, want we zingen die zondag ook 679….. “Nee, die niet…. die andere!”
697 heeft 5 coupletten en een refrein, die afwisselend één- of meerstemmig worden gezongen.
Karel probeert ons uit te leggen wie wanneer wat moet zingen en heeft het over strofes, systemen, noten en coupletten en wijst daarbij links ‘ Kijk HIER’ en rechts ‘Zie je? DAAR’ over de pagina’s van zijn eigen boek.
Op de achterste rij (waar de bassen en tenoren tegenwoordig zitten) zijn de mannen het overzicht even kwijt.
“Snap jij der wat van…..?” horen we één van hen aan zijn buurman vragen.
Maar uiteindelijk komt het goed. Karel drukt ons op het hart dat we zélf mee moeten tellen en dat het couplet begint ‘een kwartnoot ná de 1e tel’.
“Ik sta in die dienst met een grote trommel de maat te slaan, dus ik kan jullie niet dirigeren.”
Hij raadt ons aan om een hologram van hem als hij staat te tellen in ons hoofd te hebben.
Ja, hij kan het mooi zeggen…..
Bij het Sanctus moeten we volgens hem ‘vermoedend zingen’; niet tetteren alsof je het zeker weet, maar vermoedend.
Bij het inzingen vraagt hij of we maximaal mysterieus willen zingen.
Of blij.
En ‘Geest van hierboven’ moet gezongen worden ‘alsof het een Italiaanse dans is.’
Wij doen het allemaal braaf en zingen vermoedend, mysterieus, blij en alsof het een Italiaanse dans is.
En het klinkt daardoor mooier.
De cantorijleden kunnen de dingen soms ook mooi zeggen. We zongen een bewerking van psalm 66 van Karel, die het schrijven van muziek kennelijk gemakkelijk af gaat.
“Hij schudt het uit zijn losse mouw” zei een cantorijlid daarover.

Al jaren steek ik de loftrompet als het gaat om onze cantor Karel en weet je wat leuk is? Begin juni is de laatste repetitieavond van dit seizoen en dan mag iedereen meedoen!
Zing je graag? Bespeel je een instrument? Geef je dan op voor ‘Groot Samenspel’ op 9 juni.
Dit staat erover in Kerknieuws:

UITNODIGING
Zangers en instrumentalistengezocht voor ‘Groot samenspel’
met de Cantorij Roden.

Op dinsdagavond 9 juni organiseert de Cantorij Roden een ‘Groot Samenspel’.
We nodigen iedereen uit om samen met ons te komen zingen of te spelen op een muziekinstrument: bugel, dwarsfluit, blokfluit, (bas)gitaar, cello, klarinet of elk ander instrument.
Hoe meer, hoe beter.
Wij zorgen voor geschikt repertoire – een Taizé lied, Bachkoraal of een bekend lied uit het Liedboek.
We zorgen ook voor de bladmuziek – voor ieder niveau.

Datum: 9 juni
Tijd: 19:30 – 21:30 uur
Locatie: Op de Helte.

Om ons te kunnen voorbereiden horen we graag vooraf of je komt en welk instrument je bespeelt of komt meezingen door het sturen van een mail naar: karel.stegeman@gmail.com.
Wij hopen op een grote en diverse opkomst!

Woon je in de buurt? Pak je kans: twee uur met elkaar zingen en musiceren onder de bezielende leiding van Karel Stegeman.
Ook als je niet bij onze gemeente hoort ben je van harte welkom.
Zegt het voort of, om in kerkelijke termen te blijven: roept uit aan alle stranden!

Reageren

4 mei: Hoe meer je schreeuwt, hoe meer je verliest.

‘Gelukkig is het land dat God de Heer beschermt’.
Een lied dat wij als kinderen vroeger veel zongen: op de zondagsschool, op de basisschool en in de kerk. Het werd altijd gezongen in de meidagen als het einde van de 2e wereldoorlog werd herdacht. Het lied heeft een mooie melodie die gemakkelijk mee wordt gezongen.
Het komt uit de bundel ‘Nederlantsche Gedenck Clanck’* van Adriaan Valerius. Het kwam uit in 1626 en je zingt zinnen waar woorden als ’t Spaanse boos gebroed en gekwels in voorkomen.
Dan gaat het natuurlijk over de 80-jarige oorlog tegen de Spanjaarden.
In de kerkdienst gistermorgen zongen we het lied weer eens; de komende week herdenken we de gebeurtenissen van 1940-1945.

Voorganger Sybrand van Dijk vertelde ons in zijn overdenking gistermorgen twee verhalen uit die oorlog.
Verhalen van gewone burgers uit Noordenveld die oorlogsslachtoffer werden: Tiem van Bergen en Evert Reinder Aukema.
Over Tiem van Bergen vond ik een artikel op de website ‘Oorlogsgravenstichting‘, het verhaal van Aukema is vastgelegd in een YouTube-filmpje, hierbij een link.
Daarin vertelt de zoon van Aukema wat er is gebeurd met zijn vader, wat dat voor hen als gezin heeft betekend en over het briefje dat zijn vader had geschreven toen hij al in het Huis van Bewaring in Assen zat. Daarin schrijft hij o.a. “God heeft het leven van ons allen in zijn hand en dus kan ons zonder zijn wil niets overkomen”
‘Als je dat op zo’n moment kunt schrijven, dan ben je echt vrij’ zei de dominee daar vanmorgen over.
Want vrijheid betekent niet dat alles van jou is, dat je alles kan en mag doen wat je wilt.

Hij gaf daarbij als voorbeeld een baby, die in eerste instantie denkt dat de wereld om hem draait, maar die na een aantal maanden ontdekt dat er anderen zijn waar je rekening mee moet houden.
“Hoeveel oudste kinderen zijn er niet, die na een paar dagen na de geboorte van het 2e kind in het gezin vragen wanneer dat nieuwe kind weer weg gaat?”
Gegniffel in de kerkzaal.
Herkenbaar voor velen.

Hoe meer je schreeuwt….
afb: Alexa/Pixaby

De voorganger ging verder: “En veel moeders zullen tegen hun oudste gezegd hebben: je moet je leven delen, dan is er plek voor jullie allebei. Als je deelt dan krijg je veel meer terug. En dat is gelijk het geheim van het leven, want als je alles voor jezelf wilt houden, dan wordt het leven steeds kleiner, angstiger en bozer. ‘Ik harnas mijzelf en ik draag wapens en ik schreeuw alles van mij af.’
Maar hoe meer je schreeuwt, hoe meer je verliest, terwijl als je durft te geven en te delen dan is er ruimte genoeg.
Niet: alles is voor mij, maar: ik kan mij geven voor alles.”

Wat ontroerde mij?
Sonate nr. 3 Andante tranquillo** van Mendelssohn, voor de overdenking gespeeld door Arjan Schippers.
Terugkijken/terugluisteren?
Ka via Kerkomroep en via het You Tube-kanaal van onze kerk.

* Meer weten over dit stukje literatuurgeschiedenis? Hierbij een link naar artikel daarover. 
** Hierbij een link naar het stuk op Spotify

Reageren

3 mei: Ik kon het niet….

Weet je nog?
Carlijn had een tablethoes gemaakt van een merklap van Jansje*; onderaan het blog dat ik daarover schreef vertelde ik dat er nog twee prachtig geborduurde schilderijen met een historisch onderwerp (nog niet ingelijst) over waren van de erfenis van Jansje. Ik vroeg wie er belang bij had: “Komt er geen reactie, dan breng ik ze na de Holy Stitch van de maand maart naar de kringloop.”
Maar eind maart kon ik het niet, die dingen wegbrengen naar Het Goed.
Met Carlijn kwam ik aan het fantaseren.
“Als we er nou een strandtas van kunnen maken……bij NAIS maken we immers ook van die tassen van die waszakken. Kun je van die twee borduurwerken één tas maken? Of zelf een tas bedenken?”
Ik liet het maar even los en liet Carlijn broeden.

Twee weken geleden kreeg ik de vraag: “Wat voor voering zal ik er in doen? Zeegroen of zandgeel?”
Zeegroen vond ik de beste optie.
Vorige week kwamen er nog wat vragen.
Eén hengsel of twee?
Zijvakje? Binnenvak?
Moet de tas dicht kunnen? Gewone knoop, drukknoop, magneetknoop?

Zaterdagmorgen hoorde ik Gerard bellen met iemand terwijl ik nog boven was.
“Carlijn komt vanmiddag theedrinken!”
Oe, gezellig ja.
Kon ze gelijk het mutsje meenemen dat ik voor haar had gebreid.
Maar zij had een verrassing voor mij: de strandtas was klaar!
En kijk nou hoe mooi!!!!!

De tas is helemaal gevoerd en de borduurwerken ‘versieren’ als het ware de buitenkant.
De onderkant van de tas is breder dan de bovenkant; aan de zijkant loopt het taps toe.
Op afbeelding rechts ligt de tas op het aanrecht, daar kun je dat goed zien.
De bodem is verstevigd zodat de tas goed blijft staan.
En er kan heel veel in!
Om de tas uit te proberen deed ik er 3 badhanddoeken, een zwempak, een zwembroek, een tijdschrift, een laptop en een portemonnee in; meer heb je immers niet nodig op het strand.
Op de afbeelding hiernaast zie je hoe dat er uit ziet.
In de twee zijvakken zie je het tijdschrift en de laptop en in het kleine zijvakje (met ritsje) zit de portemonnee en daar kan de telefoon ook nog bij in. De bovenkant van de tas gaat dicht met een magneetknoop.

De ‘Romeinse’ kant is de voorkant; dat was een ‘horizontaal’ borduurwerk.
Het groen van rondom het hoofd komt mooi terug in het zeegroen van de tas.
Het ‘Griekse’ borduurwerk was verticaal; dat vormt de achterkant van de tas, maar als je dat goed wilt bekijken moet je de tas op zijn kant zetten.
Nu ben ik natuurlijk apetrots op zo’n unieke strandtas die niemand heeft!
En ja: het is borduurwerk, gemaakt om in te lijsten en aan de muur te hangen en niet om te ‘dragen’. We zullen moeten afwachten hoe het werk zich houdt als ik de tas ga gebruiken.
Dit blog sluit ik af met een detail-foto van de rand; zo mooi.
Als je klikt op de foto’s, dan komen ze groter in beeld.

* 3 maart 2026: Merklap wordt tablethoes Daar vind je ook de foto’s van de Romeinse en Griekse borduurwerken.

Reageren

2 mei: Gewoon naar Groningen.

“Ik wil wel eens gewoon naar Groningen” zei mijn broer toen we het hadden over onze jaarlijkse Brus-dag.
Gisteren ontmoetten we elkaar om 10.00 uur bij het hoofdstation.
Zou eigenlijk in november vorig jaar, maar toen was het pokkenweer.
Toen zou het in januari dit jaar, maar toen was Gerard ziek en moesten we het wederom afblazen.
En nu…….. hadden we een fantastische dag met prachtig weer!

We gingen de Hanze Stadswandeling doen; in mijn kaarten- en folderstas had ik nog een beschrijving van die wandeling met een plattegrondje erbij, daar zouden wij ons prima mee redden.
Eerst koffie.
“Ben je al eens in het Forum geweest?” vroeg ik Henk toen we richting de binnenstad liepen.
Niet.
Hoe is het mogelijk.
Wat is het dan leuk om iemand dat Forum te laten zien!
We eindigden helemaal bovenop het gebouw, van waaruit je de hele stad kunt overzien en met het mooie weer kun je ook nog eens heel ver kijken.
(klik op de afbeelding voor een vergroting)

Na ons bezoek aan dit supermoderne gebouw begonnen we aan onze wandeling die ons terugbracht naar de tijden van het Hanzeverbond.
In de 15e eeuw was Groningen een welvarende stad en zelfs tegenwoordig zijn daar nog sporen van te vinden.
De wandeling begon bij de Martinikerk, waar we even om heen liepen; op een informatiebordje aan de buitenkant lazen we dat deze kerk in de Hanzetijd een bedevaartsoord was.
Men bewaarde in de kerk namelijk de arm van Johannes de Doper.
Daarover vond ik een mooi verhaal op de website ‘Met Sanne Meijer onderweg‘, die haarfijn uit de doeken doet hoe het zit met die arm.
Op onze stadswandeling kwamen we er achter dat de Grote Markt vroeger ‘De Breede Markt’ werd genoemd, dat de Vismarkt in het jaar 1000 al bestond en dat het Hanzehuis, dat volgens de

…..oud foldertje…..

folder aan de Aa-kerk vastzat, er helemaal niet meer was. Achteraf sinds 2017 al niet meer……. echt een oud foldertje dus.
En het het Scheepvaartmuseum was er ook niet meer: dat was gesloten onder de titel “Werk in uitvoering”.
Het wordt een geheel nieuw museum: Museum aan de A, van, door en over alle Groningers.
Op de website ‘De verhalen van Groningen’ vond ik een interessant artikel over Groningen als Hanzestad, daarin lees je alles over het Hanzeverbond.

Het fijne van zo’n ‘papieren wandeling’ dat je niet op tijd staat. We genoten tussendoor van een terrasje en toen we langs het universiteitsmuseum kwamen gingen we daar even naar binnen. Er was een mooie tentoonstelling, ‘Masterminds’, daarin maakten we maakten kennis met acht boegbeelden uit de geschiedenis van de universiteit, zoals o.a. Aletta Jacobs, Frits Zernike en Ben Feringa.

We sloten onze Brusdag af met een etentje in ‘Ugly Duck’.
Want we houden allebei van geschiedenis, maar ook van lekker eten.
Een hele dag herinneringen opgehaald, ervaringen gedeeld en geconstateerd dat we ondanks de vele verschillen ook veel overeenkomsten hebben.
Kortom: lekker gebrusd!   

Vorige ‘brus-dagen’:
2019: Catharijneconvent Utrecht
2020: niet ivm corona
2021: Gorssel en Zutphen
2022: Kampen
2023: Deventer
2024: Ter Apel & Helmantel
2025: niet ivm slecht weer

Reageren

Pagina 1 van 310

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén