een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Lezer van de maand Pagina 1 van 5

20 juni: Lezer van de maand – Ellen Stempher

Hoe kennen wij elkaar?
Wij kennen elkaar van uit Blog-land. Sinds een tijdje ben ik in het land der Bloggers beland. Van de ene Blog belande ik in de andere. De een sprak mij aan en een ander weer niet.
De titel “de waarde van de dag” sprak mij meteen aan en ik werd nieuwsgierig en begon te lezen en te volgen.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren op zaterdag 26 september 1953 in Maastricht.
Als oudste van het gezin. Negen jaar later werd mijn broer geboren.
Mijn moeder was degene die het huishouden bestierde. Mijn vader werkte bij de krant, de  Limburger. Dat zorgde er geregeld voor dat ik leuke uitjes mee mocht maken. Ik mocht zelfs een
keertje met het vliegtuig mee samen met mijn vader naar Amsterdam. Wat een feest was dat. Ik was toen ongeveer een jaar of 10 en ben het nooit vergeten. Mijn eerste vliegreis.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Verliefd en getrouwd met Frits.
Frits en ik zijn dit jaar 19 jaar getrouwd.
Dit is voor ons alle twee ons tweede huwelijk en misschien daarom is het zo speciaal.
Bij een tweede huwelijk ben je een stuk wijzer. 
Die fout van het eerste huwelijk wil je nooit meer maken.
Frits heeft een dochter en samen met haar partner zijn ze de trotse ouders van twee jongens. Mans van 8 jaar en Krijn van 6 jaar en zodoende mogen we ons opa en oma noemen. Ik moet toegeven dat deze titel ons zeer goed bevalt.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
In welke levensfase ik me nu bevindt??? Dat vind ik wel een beetje een moeilijke vraag.
Ik denk er vaak niet bij na hoe oud ik ben al is dat nu alweer 68 jaar. Wat is leeftijd? Eigenlijk maar een getal, denk ik dan maar weer.
Volgens “het boekje” bevind ik me nu in de herfst van mijn leven. Ik zou het nu rustiger aan mogen doen en al helemaal als pensionada maar Frits en ik hebben daar geen tijd voor.
In de tijd dat we alle twee nog werkten maakten we verre vliegreizen en ook trokken we er met onze caravan op uit.
Later nadat mijn vader overleden was in 2009, maakten we samen met mijn moeder, toen 80 plusser, ook weer prachtige reizen naar o.a. Curacao, Aruba, de Algarve, Malta, Rome . Mijn moeder
genoot er net zo van als wij. Van wie zou ik het toch hebben 🙂
In 2017 kochten wij onze camper. Een droom die wij al heel lang hadden.
Bovenaan ons lijstje stond, Overwinteren als we gepensioneerd zijn en dat beviel geweldig. Prachtige tijden hebben we gehad en toen brak de Corona uit en moesten we gedwongen thuis blijven. Daarna begon Frits met zijn gezondheid te sukkelen en bleven we weer thuis maar na regen komt
zonneschijn. We kunnen weer.
Het gaat gelukkig nu weer heel goed met Frits zijn gezondheid en het reizen doet hem goed. We reizen in ons eigen tempo en hebben tijd genoeg dus dat kan. Frits vermaakt zich met video’s maken en zet ze online op youtube. We hebben ons eigen kanaal en heel wat volgers. We hebben zelfs onze eigen website en komen geregeld volgers van ons tegen onderweg. Heel leuk. (hierbij een link naar hun laatste video ‘Pech met de camper: door een Viking gered.” )
We vloggen en bloggen er heerlijk op los en kunnen zo ook nog nagenieten van onze reizen.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Wat ik graag wil delen is; leef je leven! Wees er zuinig op en doe geen dingen waar je later spijt van kunt hebben.
Ik heb 14 jaar gewerkt in het kleuteronderwijs en o wat was dit een mooie tijd. Op een gegeven moment kreeg ik veel last van rugklachten en moest uiteindelijk van beroep veranderen iets wat ik echt erg vond omdat ik zoveel plezier had in mijn werk. De bedrijfsarts snapte er niets van dat ik maar
niet opknapte. “U heeft een burn-out.” zei ze me en vroeg of mijn huwelijk wel goed was. Dat was dus verre van goed maar tja, je hoopt er toch iets van te kunnen maken.
Ik ging cursussen doen want thuis zitten wilde ik niet en kreeg een baan als receptioniste in een bejaardenoord van kloosterzusters. Heel iets anders dan werken met kleuters.
Het eerste jaar heb ik dan ook erg moeten wennen. Werken met kerstmis en in de weekenden vond ik erg moeilijk.
Uiteindelijk vond ik er mijn plekje en of het zo moest zijn, alles viel op zijn plekje.
Ik nam het moeilijkste besluit van mijn leven. Ik koos ervoor om verder te gaan zonder mijn echtgenoot. De tijd die toen volgde zou ik nooit meer over willen doen, vreselijk.
Een collegaatje van me zei eens dat ze het ontzettend knap van me vond dat ik deze stap had gezet. Ikzelf was er echt niet trots op. Je trouwt niet met iemand om later weer van te scheiden al heb ik nooit spijt gehad dat ik deze stap heb gezet. Ook niet als ik van te voren had geweten wat een hoge prijs ik ervoor moest betalen.
Het is het allemaal waard geweest.
Na een tijdje zeiden familie en vrienden van mij dat ik weer mezelf was aan het worden. De “oude” Ellen kwam weer terug. Dit hoorde ik steeds vaker. Toen wist ik dat ik de juiste stap had gezet.
Ik voelde mezelf ook weer veel beter in mijn vel zitten, veel vrijer. Ik begon weer opnieuw te leven en leidde mijn eigen leven weer en niet meer dat van een ander.

In die tijd leerde ik Frits kennen. Hij herkende het allemaal wat ik had meegemaakt.
Het gevoel was meteen goed dat we beiden hadden.
Zelfs zo goed dat we besloten samen te trouwen.
Nu alweer 19 jaar geleden.

Ook meelezen met Frits en Ellen? Ze zitten op dit moment in Noorwegen.
Hierbij een link naar het blog ‘Verhalen van Ellen’

Reageren

20 mei: Lezer van de maand – Jan Meems

Hoe kennen wij elkaar?
Ada is een nicht van mij. We zijn leeftijdsgenoten en zien en spreken elkaar al jarenlang elk halfjaar. In het najaar gaan wij (Janny en Jan) naar Roden en in het voorjaar komen Ada en Gerard bij ons in Epe.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik zag het levenslicht op 9 juni 1961 in Weesp. Daar heb ik geen herinneringen meer aan. Mijn zus en ik werden namelijk al in mijn geboortejaar ‘onder de arm genomen’ om mee te gaan met het werk van mijn vader naar Emmeloord in de Noordoostpolder.

Verliefd, verloofd, getrouwd?
Alle drie 😉 In 1977 verliefd geworden op Janny, in 1980 verloofd op het uiterste puntje van de Scheveningse Pier en in 1983 (een paar maanden later dan Ada en Gerard) getrouwd.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Ik geniet nu elke dag van de wijsheid en ervaring die ik in de afgelopen 60 jaren heb mogen opdoen. Het geeft mij vervolgens veel energie (en dagelijks een glimlach op mijn gezicht) om deze nu te delen bij en met organisaties met een maatschappelijke opdracht.

Dat doe ik enerzijds als toezichthouder bij een organisatie in de ouderen(verpleeghuis)zorg, een organisatie voor mensen met verstandelijke beperking en bij een woningcorporatie. Daarnaast werk ik drie dagen in de week als adviseur van en voor de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht van Stichting Siza op het gebied van risicomanagement en naleving wet en regelgeving. Siza, gaat bij velen nog meer leven als ik vertel dat Het Dorp (geldinzamelings actie van Mies Bouwman in de jaren ‘60) een van haar 150 locaties is. Siza ondersteunt mensen met een beperking of een niet aangeboren hersenletsel een eigen leven te leiden.

Wat wil je graag met de lezers delen?

Graag maak ik jullie deelgenoot van mijn ‘geheime hobby’: zwerfafval opruimen.
Toen mijn nicht Ada mij een paar maanden geleden vroeg of ik een keer een bijdrage wilde leveren als gast-blogger hoefde ik daar niet lang over na te denken.
Natuurlijk wilde ik dat.
Ik wist ook gelijk waarover deze dan zou gaan, namelijk over mijn ‘geheime hobby’: zwerfafval opruimen.

Hoe het allemaal begon.
In het voorjaar 2020 zijn mijn vrouw en ik – als net nog geen zestigers – verhuisd van Apeldoorn naar het buurtschap Wissel midden op de Veluwe, net even buiten Epe.


Vanuit ons appartement lopen we zo de bossen in en even verder de hei op. (klik op de foto’s voor een vergroting). De dagen werden toen nog gedomineerd door corona en werken deden we vanuit huis.
Om de dag wat te breken liep ik 2, 3x per dag een rondje.
Tegelijker tijd een pracht gelegenheid om onze nieuwe woonomgeving te ontdekken, met de Natura 2000 gebieden het Wisselse Veen en de Tongerense Heide om de hoek.

Al snel werd mij duidelijk dat ik niet de enige bezoeker van deze omgeving was.
Ik stond namelijk versteld van de vele rommel die ik onderweg tegen kwam: een spoor van blikjes, chips zakken, plastic flesjes, peuken, papieren zakdoekjes en in de loop der tijd steeds meer en vaker … mondkapjes.
Alles wat een mens blijkbaar zo maar van zich af gooit als dat ongezien kan….
Een doodzonde voor dit prachtige natuurgebied. Kortom: een nieuwe hobby was geboren. Zwerfafval opruimen. Ik werd een ‘trashhunter’.

Het leven van een ‘trashhunter’
Natuurlijk staat de wandeling en het genieten van de natuur centraal.
De natuur die zich laat tekenen door de seizoenen en van zich laat horen door haar onmiskenbare geluiden.
Een ‘trashhunter’ heeft zichzelf voorzien van een paar stevige stappers en een jas, waarmee je niet zomaar vast komt te zitten aan de tentakels van een bramenstruik of de stekels van de jeneverbes. Daarnaast heeft hij/zij zichzelf gewapend met een afvalprikker (vuilgrijper) en een stevige grote shopper-tas (of een stevige plastic zak in een vuilniszakhouder).

Al spiedend van links naar rechts volg je je vooraf gekozen pad naar glinsteringen en onnatuurlijke kleuren, vormen en materialen. In de berm, onder struiken, langs oevers of wellicht zelfs in de sloot tref je aan waarnaar je op jacht bent: plastic, glas, papier en karton, etc., etc. Alles wat niet van nature thuis hoort in die groene omgeving waar je op dat moment loopt.

En weet je wat nog het leukst is, je geniet niet alleen zelf van je actie, ook anderen kunnen het waarderen. Goedkeurende knikjes en een brede glimlach van voorbij rijdende fietsers, een compliment van een buurtgenoot die zijn hond uitlaat tot zelfs aan tot stilstand komende auto’s toe, waarvan vervolgens het raam omlaag gaat en een mevrouw je hartelijk toeroept ‘meneer, wat goed dat u dat doet. Een pluim voor u’.

En als je dan aan het eind van je wandeling je volle shopper weer ‘gescheiden’ leeggooit in de groene, oranje en grijze kliko kan natuurlijk je dag niet meer stuk.
Met een glimlach op je gezicht ga je dan weer verder met je ‘thuiswerk’, zo nu en dan in gedachten afdwalend naar het ommetje wat je morgen gaat maken op jacht naar zwerfafval.

Enkele wetenswaardigheden over (het opruimen van) zwerfafval:

– Wist je dat veel gemeentes gratis een prikstok en een vuilniszakhouder ter beschikking stellen? Vaak hebben ze voor kinderen een kleinere versie beschikbaar. Vraag het maar eens na bij je eigen gemeente.
– Vind je het leuk dat ook je (klein)kinderen meegaan? Enthousiasmeer ze dan door een Priksafari te organiseren. De kids zijn dan gewoon ongekend lekker bezig met van alles en nog wat. Je speurt samen naar zwerfafval, deelt elkaars vondsten en ze zijn intussen op zoek naar hutten en vooral heel veel klimbomen.

De ingrediënten voor een te gekke priksafari:

  • Prikstok + houder + vuilniszak
  • Bolderkar (handig om een volle zak in te zetten of wat zwaardere spullen)
  • Handschoenen voor als ze echt iets smerigs of gevaarlijks (accu’s) tegenkomen
  • Genoeg water
  • Wc-papier (voor als er eentje echt nodig moet)
  • Laarzen (want we duiken ook alle bosjes in)
  • Kleren die lekker smerig mogen worden van het boompje klimmen
  • Camera voor het vastleggen van de mooie momenten en natuurvervuiling
  • Wat lekkers voor een heerlijke picknick tussendoor

De duur dat zwerfafval vergaat:

  • Klokhuis van een appel: twee weken
  • Bananenschil: zes maanden
  • Sinaasappelschil: 2 jaar
  • Kauwgom: 20 tot 25 jaar
  • Chips zak: 75 jaar
  • Bier/frisdrank blikje: 200 jaar
  • Plastic PET fles: 500 jaar
  • Batterijen: nooit

En … heb ik er een collega ‘trashhunter’ bij?
Welkom bij de (jacht)club!

Reageren

21 april: Oproep – wie wordt ‘Lezer van de maand’?

Al vier jaar lees je op deze website op de 20e van elke maand een blog dat niet door mij is geschreven, maar door een lezer.
Gisteren las je een blog van Johan, één van de vrienden van de vriendengroep vanuit onze jeugd in Hoogersmilde.
Deze ‘lezer van de maand’ stelt zich voor en schrijft vervolgens een blog over wat hij of zij graag met de lezers wil delen.

Tot nu toe zijn dat steeds mensen geweest die ik ken vanuit één van mijn netwerken; één van de vragen die beantwoord wordt is dan ook : hoe kennen wij elkaar?
Nu kan ik mij voorstellen dat je mij niet persoonlijk kent, maar wel regelmatig een blog van mijn hand leest.
En dat je denkt: ‘Ik zou ook wel eens een blog willen schrijven’.
Dan nodig ik je hierbij uit om contact met me op te nemen; dat kan via ‘een reactie geven’ onderaan dit blog.
Je reactie verschijnt pas in beeld als ik daarvoor toestemming geef, dus je kunt je vrijblijvend aanmelden.
Er is nog een klein voorraadje van lezers, vanaf oktober heb ik geen nieuwe ‘Lezer van de maand meer’.


Hierbij wat suggesties voor zo’n blog van jouw hand:

– Heb je een leuke hobby?
– Weet je een plekje in Nederland waar iedereen heen moet?
– Heb je een verhaal waarvan je vindt dat meer mensen het zouden moeten lezen?
– Is er een recept van iets heerlijks dat je graag met ons wilt delen?
– Spreek/schrijf je geen Drents maar wel een andere streektaal waarin je iets hebt geschreven? Twents, Gronings, Fries: laat ons eens weten hoe jij je eigen streektaal beleeft.
– Word je heel blij of ontroerd van een bijzonder lied?
– Heb je iets moois gehaakt, gebreid of geborduurd?
– Heb je een prachtig bloemschikidee dat misschien veel verder gaat dan de eenvoudige bloemsierkunst die ik op mijn website laat zien?
– Heeft jouw familie een rol gespeeld in een stukje geschiedenis van Nederland? Of van Europa misschien?

Ben je geïnspireerd?
Gebruik dan ‘het podium’ dat ik je bied: een blog van ongeveer 500 woorden. Wees niet bang voor spelfouten of zo: net als op mijn werk redigeer ik je tekst voor het gepubliceerd wordt en gaan we samen kijken of je het eens bent met de aangebrachte wijzigingen.
En ook al zou er een foutje in zitten: taal is communicatie.
‘As ze ’t maor begriept.’ zou mijn vader zeggen.

Ben benieuwd!

Ben je al eens ‘Lezer van de maand’ geweest en wil je nog eens iets publiceren?
Dan kan dat ook als gastblogger: even een mailtje naar mij (als lezer van de maand heb je mijn mailadres…)

Reageren

20 april: Lezer van de maand – Johan Boer

Hoe kennen wij elkaar?
We kennen elkaar uit de plaats Hoogersmilde.
We zaten bij elkaar op de lagere school en we behoren al meer dan 42 jaar tot de dezelfde vriendengroep.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben op 06-04-1962 geboren aan de Beilervaart in Beilen.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Ik ben 34 jaar geleden getrouwd met Nelly.
Wij hebben 4 kinderen Jurjen (29), Reinate(27), Martina(27) en Matthijs(22).
Jurjen, Reinate en Martina wonen samen.
Matthijs woont op kamers.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
33 jaar heb ik voor de klas gestaan op een basisschool in Hollandscheveld.
Vanaf 2017 doe ik veel vrijwilligerswerk in Beilen en Assen.

In Beilen ben ik voorzitter van voetbalvereniging CVV Fit Boys. Ik ben actief in twee sportfora: Sportief Beilen en Sportvereniging 2.0.
Verder ben ik initiatiefnemer en voorzitter van de Stichting Midden Drenthe Zomercup, een gemeente-breed voetbaltoernooi voor alle 11 voetbalclubs in de gemeente Midden Drenthe.
Ook zit ik in de Taakgroep Vorming en Toerusting bij PG Beilen-Hijken –Hooghalen.
In Assen ben ik gastheer buitendienst van Wilhelmina Ziekenhuis Assen.

Daarnaast heb ik een kleine baan bij Saar aan huis.
Dit is betaalde mantelzorg.

Wij hebben een B&B

Wat wil je graag met de lezers delen?
Mijn bezigheden als gastheer buitendienst bij het WZA op de golfkar.

De golfkar: meer dan een ‘golfbeweging’.

Sinds 1 mei 2017 is de golfkar -die op het ziekenhuisterrein zijn rondjes maakt – onderdeel van het dienstenpakket van het WZA. De vrijwilligers die hiervoor zorgdragen doen dit met veel enthousiasme. Van maandagochtend tot vrijdagmiddag zijn ze te vinden voor de ingang van het ziekenhuis.

Wat begon als een tijdelijke dienstverlening om bezoekers te halen en brengen van parkeerplaats naar hoofdingang,  is uitgegroeid naar nog steeds het vervoeren van bezoekers. Spontaan zijn hierbij andere diensten ontstaan: het verlenen van rolstoelservice van buiten naar de hal, vraagbaak zijn voor bezoekers, vaak het eerste aanspreekpunt zijn en bezoekers wegwijs maken.

Wat ik vooral ook belangrijk vind is het sociale aspect van onze aanwezigheid. Veel mensen komen met spanning en onzekerheden naar het ziekenhuis. Vaak nemen we in het eerste contact in de golfkar, in de rolstoel, in de loop naar de hal veel spanning weg. Mensen vertellen je soms in dat korte ritje veel over hun spanning over hun aandoening of ziekte. Ze kunnen het “kwijt”. De geruststelling of een simpel hart onder de riem wordt vaak in dank afgenomen. Hier krijg ik  veel voldoening van.

Door COVID kwam hier abrupt een eind in maart.
We konden niet meer rijden.
De golfkar stond stil.
De beweging stokte.
Het hele leven stond stil.
Helaas geen ritjes, geen korte gesprekken, geen ‘hart onder de riem’.
Dat heb ik gemist.

Half september konden we weer beginnen met onze werkzaamheden: we mochten weer!
Niet elke vrijwilliger durft het op dit moment aan om weer te beginnen. Begrijpelijk.
Het is anders: 1,5 meter beperkt de rolstoelservice, beperkt de capaciteit in de golfkar.
Er is minder ‘aanbod’. Tóch ér is weer ‘beweging’.

Bezoekers spreken ons weer aan, vragen weer om hulp, vertellen ons weer hun “ding’, zijn dankbaar.

Ze hebben het gemist.
Ik heb het gemist.
Opmerking van een bezoeker eind september “Bliede daj d’r weer bint”.

De ‘golfbeweging’ werkt weer…………

Reageren

20 maart: Lezer van de maand – Jansje Bos-Aslander.

Hoe kennen wij elkaar:
Ik ken Ada van de kerk en de handwerkclub Holy Stitch.
Door Corona liggen echte ontmoetingen jammer genoeg bijna stil, maar ik leer Ada vooral kennen door haar fantastische blog. Zo herkenbaar.

Waar en wanneer ben je geboren ?
Ik ben op 5 april 1958 geboren in Appingedam. Mijn ouders zijn Lammert Aslander en Annie Aslander-Roemeling. Ik ben geboren op Stille Zaterdag. Mijn ouders hadden een kruidenierswinkel, dus de timing was perfect.  Mijn moeder zat achter de kassa en mijn vader bezorgde de boodschappen in een auto met de tekst:  “Wees schrander, koop bij Aslander”.
Ik heb twee oudere zussen. Toen ik 6 jaar was verhuisden we naar Loppersum. Daar begonnen mijn ouders een drogisterij. Loppersum is de plaats waar ik ben opgegroeid.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Ik ben al 40 jaar getrouwd met Jaap Bos. We hebben elkaar in Loppersum ontmoet in jeugdhonk Rehoboth. Jaap was gereformeerd en ik hervormd. In die tijd was dat nog wel een ding, maar we zijn in een oecumenische dienst getrouwd in de prachtige Petrus en Pauluskerk. De eerste oecumenische dienst in Loppersum volgens mij. Er is nog wat discussie geweest over wie de trouwbijbel moest betalen, maar het is allemaal goed gekomen. We zijn nog steeds erg blij met elkaar.
We kregen samen drie jongens.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Onze jongens wonen niet meer thuis. Zijn getrouwd (of bijna). We hebben ook drie kleinkinderen waar we volop van genieten. Ik heb zo’n 30 jaar in het basisonderwijs gewerkt. De laatste jaren op De Parel (voorheen De Woldzoom) . Ik heb het met erg veel plezier gedaan. Meestal had ik groep 8. Dat vond ik de mooiste groep om les aan te geven. Kinderen begeleiden op weg naar het voortgezet onderwijs. Dit jaar ben ik helaas in de ziektewet beland en inmiddels afgekeurd vanwege toenemende longproblemen. Dat maakt ook dat ik mijn dagen niet kan vullen op de manier die ik wel zou willen. Ik moet erg zuinig zijn met de energie die ik heb. Jaap is inmiddels met pensioen en samen genieten we van alles wat nog wel kan. Misschien krijg ik de kans op een longtransplantatie, waardoor er weer meer mogelijk is. Een spannende tijd. Ik vul mijn dagen met lezen, puzzelen en handwerken. Vooral borduren vind ik fijn en dan vooral merklappen. Die ontwerp ik ook wel zelf. Een heel gepuzzel soms, maar als het af is kun je er zo blij mee zijn. In de bijlage de merklap die ik voor de bruiloft van onze oudste zoon maakte; de merklap is helemaal op hun levens gebaseerd. (Klik op de afbeelding voor een vergroting).
Onze jongste zoon trouwt volgende maand, dus drie maal raden waar ik nu volop mee bezig ben.

Wat wil je graag met de lezers delen ?
In deze 40-dagen tijd wil ik graag iets delen over muziek.
Mijn opa van vaders kant was heilsoldaat, met als gevolg dat mijn vader en zijn broers en neven allemaal in de brassband speelden. Mijn vader speelde trompet en hij heeft eens op paasochtend op de toren van de Nicolaikerk in Appingedam het ‘U zij de glorie’ en ‘Daar juicht een toon’ gespeeld. Mijn vader had echter erge hoogtevrees en hij is op zijn knieën de trap van de toren op en af gekomen. Zijn gloednieuwe paasbestpak onder de duivenpoep.
Toen we in 1989 in Roden  kwamen wonen gingen onze jongens zingen bij het Roder jongenskoor. Andere kinderen zaten op voetbal, maar onze jongens zaten op Bouwe, zoals ze zeiden. Nooit zal ik vergeten de eerste keer dat ik mee mocht naar het concertgebouw in Amsterdam waar de jongens het openings- en slotkoor en de koralen van de Mattheüspassion zongen in dat imposante gebouw. Ze vonden het wel jammer dat ze die lelijke artiesteningang in moesten in plaats van die mooie hoofdingang. Na afloop een doos vol chocolade paashazen mee. Wat hebben we genoten en genieten we nog steeds van alle concerten waar ze nog in meezingen. En wat hebben we het gemist de afgelopen twee jaar.  Zo wordt je muzieksmaak toch voor een groot deel bepaald door de roots waar je vandaan komt of de omgeving waarin je opgroeit.
Ik hoop van harte dat we dit jaar weer volop live kunnen genieten van prachtige live muziek in de passietijd.

Reageren

20 februari: Lezer van de maand – Tineke Vonk

Hoe kennen wij elkaar?
Een dochter van Ada en Gerard en een zoon van ons, zaten bij elkaar in de klas en zijn nog steeds vrienden. En onze dochter en hun dochters zongen jaren geleden bij jongerenkoor Enthousiasmos. Ook kennen wij Ada en Gerard van de kerk en Ada zingt net als wij bij de cantorij.

Waar en wanneer ben je geboren?
Geboren op 11 juni 1957 te Paasloo, een klein dorpje in de kop van Overijsel nabij de prachtige Weerribben.  Vijf jaar was ik toen we verhuisden naar Emmeloord in de Noordoostpolder, waar mijn 6 jaar jongere broer is geboren.

Verliefd, verloofd, getrouwd.
In Emmeloord kwam ik naast Wieger Vonk te wonen die ook bij mij op de middelbare school in de klas zat. De vonk sloeg over, we werden verliefd, gingen verloven en zijn getrouwd toen we 22 jaar waren. We gingen in Enschede wonen. Ik had een baan als verpleegkundige op de poli van het ziekenhuis in Enschede. Wieger kreeg na de studie een baan in Almelo en we gingen in Wierden wonen waar onze dochter en 2 zonen geboren zijn. Na 16 jaar Twente zijn we in Roden komen wonen, nu alweer 27 jaar geleden. We hebben inmiddels 6 kleinkinderen en zijn al 42 jaar gelukkig getrouwd! (Wieger was lezer van de maand in april vorig jaar. Benieuwd naar zijn verhaal? Hierbij een link.)

In welke levensfase zit je nu en hoe vul je de dagen?
Omdat ik mijn baan als zelfstandige in de kraamzorg helaas  moest opgeven wegens gezondheidsproblemen,  ben ik alweer 11 jaar thuis. Eerst was dat erg moeilijk, maar de dagen vullen zich met andere bezigheden die ook veel voldoening geven.  Ik kan mijn tijd meestal  indelen zoals ik het wil, en dat doet mij goed. Ik heb mijn oppasdagen op de kleinkinderen, heel gezellig en het schept een fijne band met hen. Één keer per week ga ik naar schilderles en thuis schilder ik wanneer ik tijd heb. Ook doe ik al heel lang wijkteamwerk bij de kerk en breng kerknieuws rond. Samen met Wieger zing ik bij de cantorij. Helaas kwam door corona de klad erin maar binnenkort beginnen we weer met ons allen. Heel fijn!  Ik voel me een gezegend mens.

Wat wil je delen met de lezers?
Liefde voor muziek is iets wat ik van mijn vader heb meegekregen en wat als een rode draad in mijn leven met mij meegaat. Mijn vader was zeer muzikaal en bespeelde vele instrumenten. Ik zie nog voor me hoe hij voor een optreden zijn trombone zorgvuldig poetste met spiritus en krijt tot hij glom! Ik kan de geur nog oproepen. Op oudere leeftijd ging hij panfluiten maken en bespelen. Er was vaak muziek in huis en op zondag stond er klassieke muziek aan. Als kind kon ik aardig zingen en op de lagere school bij de kerstvieringen mochten mijn vriendinnetje en ik kerstliederen zingen. Zij de melodie en ik zong er vlot een tweede stem bij. Heel spannend! We stonden dan op de trap in de grote hal van de school.

Op de middelbare school kregen we muziekles van de bekende dirigent Frits Bode uit Urk en klassieke muziek begon me toch langzamerhand wat te boeien. Bij een wedstrijd klassieke muziekstukken herkennen, won ik, maar koos een mooie LP met country en western muziek uit. Lang bleef het bij  popmuziek beluisteren en ging ik op dansles met vriendinnen wat ik heerlijk vond! Ook bewegen op muziek is fijn en je kunt goed je energie kwijt.

Eenmaal getrouwd en wonend in Wierden, ging ik voor het eerst bij een koor zingen, een gospelkoor. Samen meerstemmig zingen was een geweldige ontdekking, en dat je bij gospels vaak niet stil kunt blijven staan! Zingen werd echt mijn ding en eenmaal in  Roden zong ik eerst bij gemengd koor ‘Van Bach tot Beatles’ in Leek en nam ik zanglessen. Daar werd mij zangtechniek geleerd om mijn stem optimaal te gebruiken. Dat gaf resultaat en ik wilde klassieke muziek gaan zingen bij het Roden Handelchorus van dirigent Bouwe Dijkstra. Ik kwam binnen bij de repetitie voor het Requiem van Andrew Loyd Webber. Zo moeilijk, het was heel zwaar! Het ligt ook niet gemakkelijk in het gehoor. Toen de uitvoering in de Oosterpoort Groningen daar was, had ik het onder de knie. Wat een ervaring was dat, voor zo’n groot publiek te zingen met orkest. Groots! Maar ook zingen in kleine kerkjes had mijn bekoring, zoals met kerst de jaarlijkse Lessons and Carols in Garmerwolde. Dirigent Rintje te Wies (hij volgde Dijkstra op) zei eens: “Denk eraan, we zingen ter meerdere glorie van onze God”. Dat is me altijd bijgebleven! Het laatste wat ik heb meegezongen was de jaarlijkse Crucifixion van Stainer op Goede Vrijdag in de Martinikerk in Groningen.

De kast op zolder staat vol met de mooiste muziekstukken, van Händel en vele andere componisten.  Ik zal ze  waarschijnlijk niet meer zingen. Maar ik heb het meegemaakt en het is onvergetelijk! Bij de cantorij zingen is weer een heel andere beleving, minder groots, maar heel fijn en het geeft een boost aan mijn geloofsleven.  Ik kan iedereen aanraden om te gaan zingen! Het geeft ontspanning door inspanning, emotie, ontroering, verbinding. Kortom, zingen is een verrijking in mijn leven!

Bij de afbeelding:
Dit schilderij met de titel ‘Verbonden’ heb ik geschilderd na het overlijden van onze vader, voor mijn broer, schoonzus en drie kinderen.
Het is een herinnering aan het vele musiceren samen. Broer op zijn vleugel en vader op de panfluit, en ook werd er wel bij gezongen. De rozen verbeelden het gezin met drie kinderen, de rozenknoppen de toekomst, in liefde verbonden met opa en oma. Dit alles op een blauw grijze achtergrond met vegen, wat de altijd waaiende polderwind in de Noordoostpolder symboliseert.

En de muziek gaat door.
Anders, maar het blijft doorgaan!

Reageren

20 januari: Lezer van de maand – Lianne Polling-Waninge

Hoe kennen wij elkaar?
Wij zijn familie, Gerard is het jongere broertje van mijn vader en als kind kwam ik in Roden om bij mijn nichtjes te logeren.
Wat ik daar nog van weet? Ada maakte Disney kleurboekjes voor ons en we gingen in de zomer graag naar het Ronostrand.
Tegenwoordig wonen we in hetzelfde dorp en spreken we graag af om te klaverjassen.
Daarnaast lopen we ook wel eens gezellig langs, wanneer iemand jarig is of gewoon om bij te kletsen.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren op 1 oktober 1983 in Rolde. Daar heb ik ongeveer twee jaren gewoond. Mijn ouders verhuisden daarna naar Hoogersmilde, daar ben ik opgegroeid.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Verliefd op Han en inmiddels al bijna tien jaren getrouwd.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Wij hebben een actief en sociaal leven, onze kinderen zijn vijf en zeven jaar. Mijn man heeft zijn eigen bedrijf en is gespecialiseerd in voegapplicaties, oftewel hij is kitspecialist. Ik werk parttime en inmiddels al vijftien jaren in het basisonderwijs. Na twaalf jaren op een basisschool in Assen gewerkt te hebben, kreeg ik drie jaar geleden de mogelijkheid om in Roden te komen werken. Ik werk op CBS De Hoeksteen en dat doe ik met veel plezier. Mijn vrije dagen vul ik mijn tijd met sporten, creatief schrijven en natuurlijk het huishouden.

 

 

Wat wil je graag met de lezers delen?
Ik neem jullie graag mee het klaslokaal in. Wanneer ik naar mijn werk fiets, staat mijn hoofd al aan en weet ik al goed hoe mijn dagplanning eruit ziet. De slogan; ‘leerkracht, elke dag anders!’ heb je vast wel eens voorbij zien komen. Hoe goed we de dag ook voorbereiden, er gebeuren altijd onverwachte situaties. Daarom zit mijn tas vol met leuke spelletjes voor de tussen de lessen door, kleine plakkers om complimenten op te schrijven en uit te delen, dropjes en hoestsnoepjes voor kinderen met een zere keel en een goed voorleesboek. De verhalen van kinderen lopen uitéén van paardrijlessen en voetbalwedstrijden tot ‘mijn moeder was chagrijnig en gooide met de bibliotheekboeken’. Het is allemaal goed, de verhalen zijn realistisch en kinderen spreken hun waarheid. Het is de kunst om goed te luisteren en het kind te laten weten dat je hen begrijpt. Ondertussen moet er ook les worden gegeven en dat lukt het beste als je zelf plezier hebt en de lesopbouw goed weet in te delen. Het onderwijs is veranderd en verandert aldoor. We leren dan ook van elkaar en proberen hier en daar spelenderwijs, kinderen lessen aan te bieden.

Aan de slag met de ‘dagstarter’.

Elke ochtend wanneer de kinderen de klas binnenlopen, staat er een dagstarter op het bord waar de kinderen een raadsel, rebus of puzzel mogen oplossen. Voor half negen wordt er al actief gepuzzeld.

En ken je bijvoorbeeld het propjesdictee? Of de verliefde harten? Verliefde harten zijn getallen die samen opgeteld 10 zijn. Zoals 8 + 2 en 3+ 7. Tijdens het propjesdictee staan de belangrijkste spellingwoorden van die week op kleine papiertjes, deze mogen we verfrommelen en door de klas gooien. Nou ja, de juf geeft aan wie dat mag doen en wie een propje mag oppakken. Het woord wordt voorgelezen en opgeschreven en zo doorlopen we een dictee.

Spullen uit mij tas.

Maar één van de belangrijkste normen om goed te kunnen werken en leren is: zit je lekker in je vel, ga je met plezier naar school, heb je een leuke klas en durf je op de juiste manier voor jezelf op te komen. Allemaal onderwerpen die belangrijk zijn voor de groepsdynamiek. We zetten dan ook na elke vakantie in op sociale en emotionele gesprekken en spelletjes.

Wat mijn werk zo leuk maakt?

Het zit in de kleine dingen. Zoals een rekenstrategie die eindelijk op zijn plek valt of een spellingregel die steeds vaker goed wordt toegepast. Maar ook wanneer kinderen moeten wachten op de PCR-test en dat ik dan één van deze leerlingen om half 2 buiten rondjes om school zie fietsen. Wetende dat zijn uitslag negatief moet zijn, omdat hij buiten is. Wanneer hij rond 13.50 uur op het plein staat om zijn klasgenoten op te wachten (de school is om 14 uur uit) doe ik het raam open en roep hem bij me. Inderdaad zijn test was negatief en eigenlijk vertelt alles wat hij uitstraalt, hoe graag hij op school wilde zijn. Natuurlijk nodig ik hem dan uit om de laatste tien minuten nog mee te doen in de klas. En…hij had geluk, na een dag geen school voor hem, komen we er om 14 uur achter dat hij klassendienst heeft. Hij heeft met veel plezier de klas opgeruimd.

Kinderen zien en laten voelen dat ze gezien worden. Dat telt. En dat begint al voor half negen wanneer iedereen het lokaal binnendruppelt.

Hieronder een voorbeeld van een dagstarter. Zoek de zevende dwerg. Weet jij het antwoord?

Reageren

20 december: Lezer van de maand – Renny Alkema

Hoe kennen wij elkaar?
Wij kennen elkaar via mijn moeder die bij Ada in de Cantorij zong. Ada en ik zijn sinds 1 jaar collega’s.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren op 20 januari 1961 te Nieuw-Roden (Bisschopswijk), als 3e kind in een gezin met 8 kinderen (6 dochters en 2 zoons).

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
40 jaar verkering, waarvan  30 jaar getrouwd met Martin Smit, hebben samen een dochter (28) en een zoon (22).

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Ik werk 3 dagen in de week. De rest van de dagen breng ik graag met mijn man en kinderen door, de kinderen zijn de deur uit. Hobbies: wandelen, tuinieren, lezen, muziek luisteren, thuis zijn en het daar gezellig maken. Af en toe verheug ik mij weleens op ons pensioen.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Mijn levensmotto: wat gij niet wilt dat u geschiedt doe dat ook een ander niet en ‘Aordig doen tegen mensen die niet aordig doen’.

Dit jaar geen rollade van mamme

Wat hadden we het altijd gezellig met kerst, we vierden dit met alle kinderen en aanhang en kleinkinderen bij één van de zussen, bij mamme was het te klein.
Een ieder nam een warm en een koud gerecht mee, zo hadden we een uitgebreid warm en koud buffet.
Mamme nam steevast de rollade en de stoofpeertjes voor haar rekening. Wat zal ik dat dit jaar missen, niemand kon zulke lekkere rollade en stoofpeertjes maken als ons mamme.

Vorig jaar op 30 december is mijn moeder vrij plotseling overleden, dit jaar is dus de 1e kerst zonder mamme; pappe moeten we al sinds 1979 missen.
Deze dagen met de kerstboom weer in huis komt alles weer boven. Kon ik nog maar even naar mamme toe… het maakt mij aan het huilen, ik die nooit een huilebalk was.
Dat heb ik blijkbaar van mijn moeder overgenomen.

Toch overheersen nu de talloze mooie herinneringen uit mijn fijne jeugd. We hadden het niet breed in ons grote gezin. Op vakantie gingen we niet maar wat waren de zomers THUIS heerlijk. Aan het begin van de vakantie knipte ik een oude spijkerbroek af en droeg deze de hele zomervakantie.

Zo beleefden wij ’s zomers van alles: achter het huis hadden we een tennisbaan uitgezet, op het grind met witte zandstrepen, een touw fungeerde als net. Zo speelden wij tennis op ons eigen Wimbledon. Kwam pappe thuis, en stond het net deuce (gelijk) dan reed hij zo de tennisbaan op en moest het net verwijderd worden. Pappe, die lieve zachte man. Voor hij ’s avonds naar bed ging liep hij altijd nog even naar buiten om een sigaret te roken, soms keek ik dan toevallig nog even naar buiten en zag het rode puntje van de sigaret oplichten, wat gaf dat een veilig gevoel. Vlak daarna kwam hij nog even bij ons allen langs om later aan mamme te vertellen dat de kindertjes allemaal zo lekker lagen te slapen.

Ook hadden we de Olympische Zomerspelen bij ons in de tuin. De onderdelen bestonden voornamelijk uit atletiek. Na afloop was er een heuse huldiging.

Op de zaterdagen hielp ik pappe altijd in de groententuin; aardappels en boontjes poten, verschillende groenten kweken, wieden, schoffelen, wat vond ik dat altijd fijn. Nu heb ik een eigen groententuintje. Als we dan ’s avonds binnen zaten, pappe in zijn rookstoel, zat ik steevast tegen de rookstoel aan, hij aaide mij dan vaak even door mijn haar.
Op zaterdagavond aten we krentenbrood met yoghidrink; heerlijk. Ook kregen we een halve frikandel, en die smaakte lekkerder dan nu een hele.
Onbetaalbare herinneringen.

Geld voor grote cadeaus was er niet. Pappe maakte ooit een mooie houten boerderij voor mij, ik was geen poppenkind maar speelde met boerderijdieren. Het dak kon je zelfs aan één kant openen. Later toen we allen de deur uit waren hadden we in juli, rondom pappes verjaardag, familieweekend. Eerst gingen we een weekend weg, later hadden we familieweekend bij mamme in de tuin.

Vaste onderdelen waren de bonte avond op zaterdagavond, een keur van artiesten kwam voorbij. Wat hebben we lol gehad om Tina Turner (mamme) en David Bowie (zus Esther), Amy Winehouse (zus Henny), BZN (mijn gezin en ik) en vele andere artiesten. Een ieder bleef in de tuin (in tenten, caravans) of bij mamme in huis slapen. De zondagmorgen begonnen we met een ontbijt buiten en daarna met z’n allen naar het kerkhof in Nieuw-Roden naar het graf van pappe. Een ieder had bloemen uit eigen tuin meegenomen waar zus Henny dan een prachtig grafstuk van maakte.

En nu is ook mamme overleden en is ons ouderlijk huis verkocht en dat doet pijn; gelukkig blijven de talloze mooie herinneringen aan ons thuis.
(op de afbeelding rechts een tekening van het ouderlijk huis, gemaakt door Henny).

Bedankt lieve pappe en mamme voor mijn leven en voor de talloze onbetaalbare herinneringen en levenslessen die jullie mij hebben gegeven.
En voor al mijn lieve broers en zussen en iedereen die daar later bij is aangehaakt in ons gezin!!
Spezie ammen.  (dat zeiden we vroeger in koor voor we gingen eten, veel later kwam ik erachter wat het betekent: Here zegen deze spijze Amen!)

Renny Alkema,
December 2021, de 1e Kerst zonder ouders

Reageren

20 november: Lezer van de maand – Annelies van Buuren-Vonk

Hoe kennen wij elkaar?
Al in mijn kindertijd waren Ada en Gerard een begrip in Roden, vanwege het kinderkoor waar zij de leiding aan gaven. Later leerde ik hun dochters kennen bij het jongerenkoor Enthousiasmos. Ik leerde Ada beter kennen toen ik terug verhuisde naar Roden, na mijn studietijd en weer in Roden naar de kerk ging. Ik neem met regelmaat deel aan ‘ad hoc koorprojecten’ die Ada binnen onze kerk organiseert.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren in Almelo op 22 december 1984. In 1994 ben ik met mijn ouders en twee jongere broers naar Roden verhuist.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Verliefd en getrouwd! In 2011 zijn Rick en ik, na een aantal jaren verkering, in het huwelijkse bootje gestapt. We hebben drie prachtige kinderen gekregen: Stijn (9 jaar), Sofie (7 jaar) en Jurre (4 jaar).

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Men zegt dat de fase met jonge kinderen de ‘tropenjaren’ zijn. Het is een drukke tijd met opgroeiende kinderen, school, werk en hobby’s. Mijn dagen vullen zich als vanzelf. In mijn vrije tijd zit ik graag achter de naaimachine en maak ik kinderkleding. Ook ben ik actief binnen het jeugdwerk van de PKN Roden-Roderwolde. Nu onze jongste net gestart is op school, komt er wat meer tijd vrij om te besteden aan mijzelf.

Wat wil je graag met de lezers delen?

Ik zou graag iets willen delen over het beroep dat ik uitoefen en het plezier dat ik daaraan beleef.
Van 2003 tot 2010 heb ik in Groningen geneeskunde gestudeerd. Het beroep waar je voor leert lijkt voor de hand liggend, namelijk: arts. Maar zo simpel ligt dat niet.
Er zijn ontzettend veel soorten ‘dokters’, die allemaal hun eigen (intensieve) vervolgopleiding hebben. Al snel wist ik dat ik een beroep buiten de ziekenhuismuren wilde uitoefenen. Na mijn studie ben ik gaan werken bij Accare, een grote instelling voor kinder- en jeugdpsychiatrie. Hier heb ik acht jaar met heel veel plezier gewerkt, binnen en buiten kantooruren. In combinatie met jonge kinderen was een vervolgopleiding tot psychiater op dat moment niet haalbaar. Ik besloot op zoek te gaan naar een baan die beter te combineren was met mijn gezin.

Ik kwam terecht bij de GGD Drenthe en werk daar nu drie jaar als jeugdarts.
Dag in dag uit komen er ouders naar het consultatiebureau voor het bespreken van de groei en ontwikkeling van hun kroost, de medische check en de vaccinaties.
Het leuke aan dit werk is dat je kinderen (en hun ouders) ziet (op)groeien, er nieuwe kinderen geboren worden binnen een gezin en dat je de tijd krijgt een relatie met gezinnen op te bouwen. Met veel kinderen gaat het (gelukkig) goed, maar met regelmaat komen ook problemen naar voren. De jeugdarts heeft een belangrijke taak in het vroeg signaleren van problemen in de groei, ontwikkeling en gezondheid van kinderen. Maar zoals nu, is het consultatiebureau niet altijd geweest…

Een eeuw geleden begon de overheid zich te bemoeien met de zorg voor baby’s om kindersterfte tegen te gaan. In 1901 begon dokter B. Plantenga in Den Haag het eerste consultatiebureau. Zijn praktijk was bedoeld voor de minder bedeelden en met name voor de moeders die geen borstvoeding konden geven. Zij kwamen dagelijks om hun kind te laten wegen en de dosis melk voor de volgende dag op te halen. Ruim honderd jaar later krijgt ongeveer elk kind al in de eerste levensweken te maken met de jeugdgezondheidszorg. De adviezen zouden ouders houvast moeten bieden, maar door veel ouders wordt ook wel gesproken over het ‘consternatiebureau’. Ouders van nu zijn mondiger, veeleisender en doen niet ‘zomaar’ wat de dokter hen adviseert. Onder invloed van sociale media, internet en (goedbedoeld) advies van familie en vrienden proberen jonge ouders hun eigen weg te vinden in de opvoeding. Adviezen veranderen voortdurend. Vroeger sliepen baby’s op de buik, nu op de rug. Vroeger was huilen nog ‘goed voor de longetjes’, momenteel biedt je je baby vooral nabijheid. Borstvoeding of flesvoeding? Inbakeren of niet? Elk advies is al eens het ‘juiste’ geweest.

Tot de jaren 60 werden baby’s onder een strikte regelmaat groot. Daarna volgde een periode waarin alles moest kunnen en opvoeding zo ‘vrij’ mogelijk was. Inmiddels keren we weer wat terug naar de ouderwetse drie R’en (rust, reinheid en regelmaat) van vroeger. Zo veranderen de adviezen mee met de tijdsgeest. Het geeft voldoening om met ouders mee te denken en ze in hun eigen kracht te zetten. Ook kan ik regelmatig vanuit eigen ervaring zeggen: ‘het is een fase, wees mild voor je kind en jezelf’.

Reageren

20 oktober: Lezer van de maand – Marianne Weisenbach

Hoe kennen wij elkaar?
Wij kennen elkaar via mijn zus Jacquelien. Zij en Ada zijn collega’s bij Lentis. Zo nu en dan hebben Ada en ik contact via de mail over onze hobby haken.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren op 18 juli 1964 in Veendam.  Daar heb ik de Havo afgerond. Na een korte opleiding tot medisch secretaresse ben ik in 1985 gaan werken en wonen in Amsterdam. Na ook in Haarlem, Almere en Wildervank gewoond te hebben ben ik nu weer terug in mijn geboortedorp. Sinds 2008 heb ik een heel fijn huis met een heerlijke tuin in het centrum van Veendam.

Verliefd, verloofd, getrouwd?
Alleenstaand maar mijn huis delend met 3 leuke, lieve katers.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Ik werk als medisch secretaresse op de afdeling radiologie van het Martini Ziekenhuis.  Dat doe ik 4 dagen in de week. De andere 3 dagen vul ik met tuinieren,  klussen, creatief bezig zijn, knuffelen met mijn 3 katers, familie en zo af toe moet er ook nog wel eens wat huishoudelijks gedaan worden.  Ook ga ik graag op vakantie.  Paar weekjes naar Griekenland of lang weekend naar Texel.  Dat doe ik samen met mijn lieve zus Jacquelien. We hebben altijd erg veel plezier samen. Afgelopen jaar zijn we in Nederland op vakantie geweest. In september hebben we genoten van Zeeland. Verrassend mooi.

Wat wil je graag met de lezers delen.
Ik wil graag delen hoe leuk het is om creatief bezig te zijn.  Zolang ik mij kan herinneren ben ik wel  iets aan het maken. Via kaartjes maken, bloemschikken, mozaïeken, servies stippen en nog vele andere leuke bezigheden heb ik mij sinds een aantal jaren op het haken gestort: helemaal hooked.

Waarom is haken nu zo leuk? Het is ontspannend, even je hoofd leeg maken na een dag werken.
Het geeft voldoening; onder je eigen handen ontstaan de mooiste dingen.
Je kunt er iemand blij mee maken.  Het is toch heel erg fijn en origineel om iemand een handgemaakt cadeau te geven? Een knuffel, sjaal, mand  je hebt altijd een uniek cadeau.
Haken kun je overal doen.  In de tuin, op de bank voor de tv, in de auto, op vakantie; al wat je nodig hebt is een bolletje wol en een haaknaald. Nou ja, misschien een leuk haakpatroon.
Het schijnt ook goed te zijn voor de hersenen.  En het is tegenwoordig helemaal hip.
Vorig jaar heb ik van mijn zus een abonnement op een haaktijdschrift voor mijn verjaardag gekregen, daar staan de leukste dingen in.
De enige stress die ik er van heb is keuzestress. Wat zal ik gaan maken?  Het gevolg is dat ik altijd met meerdere projecten tegelijk bezig ben.

Gehaakte knuffel

Haken is ook heel  divers. Zelf mag ik graag knuffels en woonaccessoires  haken.
Aan kleding haken (behalve sjaals) heb ik mij nog niet gewaagd. Dat komt nog een keer.
Dekens, kussens, manden, mandala’s, tassen er zijn oneindig veel mogelijkheden.

Mochilla-tas met koord en schouderband.

Ik mag ook graag nieuwe technieken uitproberen. Boekje gekocht over mochilla haken en een paar YouTube filmpjes  gekeken en daarna ben ik gewoon begonnen. Proeflapjes sla ik over. Je werkt  hiermee met meerdere kleuren tegelijk. Je haakt met een kleur en neemt de andere kleuren mee onder je steken en volgens patroon wissel je van kleur. Op deze manier kun je heel goed patronen haken. Heel leuk om te doen.  Het kost wel wat tijd en het is niet zo geschikt om voor de tv te doen. Als je tenminste het tv programma ook wilt volgen. Zo heb ik een hele leuke tas gemaakt.  Bij deze tas hoort ook een koord en een schouderband. Het koord heb ik gemaakt met een kumihimoschijf.

Inkle loom: bezig met de schouderband.

‘Kumi’ betekent vlechten in het Japans en ‘himo’ koord.  Japans vlechten dus. En de schouderband heb ik gemaakt met de  Inkle loom, een klein bandweefgetouw; hiermee kun je hele mooie banden weven.

Mandala

Zo zijn er veel  verschillende soorten haaktechnieken. Bijvoorbeeld Tunisch haken, corner to corner, filethaken,  granny squares,  mandala’s,  plannend pooling (hiermee creëer je met een meerkleurig garen een ruitpatroon, zelf nog niet geprobeerd). En nog veel meer.

Nog een  techniek die ik als laatste wil benoemen is mozaïek haken.  Je haakt met twee of meer kleuren zonder dat je in 1 toer steeds van kleur hoeft te wisselend. Om de 2 toeren wissel je van kleur. Je haakt volgens een telpatroon en het is heel geschikt voor grafische patronen.  Het lijkt ingewikkeld maar dat valt reuze mee.  Je gebruikt eigenlijk alleen de drie basissteken lossen, vasten en stokjes.  Ik ben nu bezig met een kerstdeken in deze techniek.

Mozaïek haken: kerstdeken.

En dan ga ik  nu weer snel aan de haak.  Waar zal ik eens mee verder gaan?
De granny square deken, het lantaarntje of toch de omslagdoek?
Nee laat ik eerst de kerstdeken maar gaan afmaken: Kerst komt er aan.

Ook zin gekregen om te gaan haken, gewoon doen!

Reageren

Pagina 1 van 5

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén