een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Lezer van de maand Pagina 1 van 4

20 maart: Lezer van de maand – Sybrand van Dijk.

Een week vóórdat Corona ons overspoelde waren Ada en Gerard bij ons te eten.
Het was een gezellige avond vol verhalen, muziek en nieuwe plannen.
We dronken er lachend een flesje Corona bij. We hadden geen idéé.
Inmiddels zijn we maar liefst een jaar later. Van al mijn 55 levensjaren één van de meest uitzonderlijke.
Dat zal voor iedereen gelden. Een jaar van grote stilstand. Van afstand en vervreemding. Wat tot vorig jaar zo vanzelfsprekend was: de kerkdiensten, de huisbezoeken, de cursusavonden en bijbelkringen ligt nu allemaal te versloffen. Maar ook ons privéleven is heel klein geworden. Niet meer even op een terrasje zitten, niet meer naar een museum, niet meer naar de concertzaal of naar de opera. En geen familiebezoek!

Vooral voor mijn man Henk is dit zwaar. Hij is ernstig gehandicapt en kan zelf weinig organiseren.
Hij zal in zijn activiteiten steeds moeten meeliften met wat anderen doen. En dat kan nu niet!
Dat zorgt ervoor dat hij, die een grote optimist en levensgenieter is, op sommige dagen opstaat met de vraag: “Waarom ben ik er eigenlijk nog?”
Heeft dit jaar dan niets gebracht? Ik stel mij die vraag geregeld, maar vind het nog niet zo gemakkelijk om er een antwoord op te vinden.
Ik geloof niet dat we iets van deze tijd “moeten leren”. Het is wat het is. Ik vind ook dat het verdriet bij anderen te groot is om een ál te opgewekte toon
aan te slaan: ik denk aan de eigenaren van een horecazaak, winkels, ZZPers en aan bewoners van verzorgingstehuizen.

En toch. Als we lichtpuntjes gaan tellen, komen we nog wel ergens. We wonen in Roderwolde op een prachtige plek.
’s Ochtends vroeg zien we uit ons kamerraam reeën grazen. De omgeving lijkt op die van Driebergen, de plek waar ik geboren ben: afwisselende bosschages, heideveldjes en weilanden.
Zowel Henk als ik hebben de gave om hier ons hart aan op te halen. Eergisteren stonden we in onze tuin en hoorden we een aantal buizerds hoog in de lucht miauwen. Met trage cirkels kwamen ze dichterbij. Echt een heilig moment.

Als ik een antwoord zou vinden op de vraag: wat bracht dit jaar?
Dan denk ik aan dit begin van een antwoord: in het kleine schuilt iets groots. Of: dichtbij is het. We hadden 1600 vierkante meter tuin om te ontginnen. En daar ben ik vorig jaar 15 maart maar mee begonnen. Spade voor spade spitte ik het ruige gras om. Week-in, week-uit pootte ik in totaal meer dan 1200 plantjes. Er kwamen hagen en rozen. Er was de zorg om alles te redden van de grote droogte in augustus en van de heftige vorst van afgelopen maand. Maar het geluk dat je iets kan scheppen is ongekend groot. Ik was helemaal geen tuinman, maar ben dat geworden. In de kas staan de dahliaknollen al in grote potten om voor te trekken. Omdat we hopen op een mooi, nieuw jaar waarin weer vrienden op bezoek kunnen komen, de tafel weer feestelijk gedekt kan worden en we muziek zullen maken.

Het leven is te mooi om je af te vragen: “Waarom ben ik er eigenlijk?

Opmerking Ada: Sybrand heeft er voor gekozen om de vaste vragen die bij deze rubriek horen te verwerken in zijn bijdragen; op deze manier zijn ook alle vragen beantwoord.
Man Henk was in 2020 ook al eens lezer van de maand: klik hier om zijn bijdrage nog eens te lezen.  

Reageren

20 februari: Lezer van de maand – Béa Sportel Bolt

Allereerst dank Ada, voor de uitnodiging om een keer een blog te verzorgen. Leuk om nu eens andere mensen te bereiken dan alleen mijn patiënten…

Op de vraag ‘hoe kennen wij elkaar?’ kan ik eigenlijk naar waarheid antwoorden dat ik Ada niet echt ken. Ik weet hoe ze heet, hoe ze eruit ziet en waar ze woont, maar echt kennen doe ik haar niet. Maar we  ‘kennen’ elkaar van de kerk denk ik….

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben in Zoutkamp geboren, op zondag 8 november 1959. Mijn broer was 2 jaar daarvoor geboren, ook op een zondag en mijn moeder zei altijd dat we op zondag waren geboren omdat mijn vader dan vrij was. Als kind dacht ik dan ook dat iedereen op zondag werd geboren. Maar ik ben wel echt een zondagskind, mijn naam betekent de Gezegende en zo voel ik me ook. Alhoewel ik aan familie alleen nog mijn kinderen en kleinkinderen heb en dat soms best eenzaam voelt omdat niemand m’n geschiedenis meer kent, ben ik toch vooral dankbaar voor wat er wel is!

Verliefd, verloofd, getrouwd.
Verliefd geworden op Peter Gerrits, hij was mijn docent anatomie op de opleiding mondhygiëne (tegenwoordig mondzorgkunde). Hij heeft me helpen zoeken naar wat er gebeurd was met mijn tweede zoontje, onze Mark, die in 1986 dood geboren is. Ik heb altijd gedacht dat hij ter beschikking aan de wetenschap was gesteld, dus toen ik voor de studie naar de snijzaal moest was ik bang mijn eigen kind tegen te komen. Het lukte Peter om via zijn medisch netwerk het dossier boven water te krijgen en Mark bleek na de sectie direct te zijn gecremeerd. Om daar na 13 jaar achter te komen was best wel… vul maar in welk woord er nu bij u op komt. Door dit emotionele gebeuren leerden Peter en ik elkaar natuurlijk heel goed kennen en dat was dus het begin. Met dank aan Mark zijn wij nu al jaren samen en getrouwd…

In welke levensfase zit je nu? Hoe vul je je dagen?
Wie even had gerekend wist al dat ik 61 ben, alhoewel ik me nog altijd zo’n 32 voel (en me daar soms ook wel naar gedraag, ja, dat weet ik heus). Ik ben de enige mondhygiënist in het dorp met een eigen praktijk, heb 2 behandelkamers en momenteel twee collega’s, de derde (Annemieke van der Leest) is net verhuisd naar Noord-Holland en in afwachting van hoe de toekomst er voor Sophie de Groot eruit ziet (zij studeert sociologie en is bijna klaar) moet er dan tzt weer een collega bij. Wie interesse heeft in mijn dagelijks werk verwijs ik even naar onze website: www.mondhygieneroden.nl

Wat wil je graag met de lezers delen?
Vervolgens komt dan de vraag van Ada wat of ik graag met de lezers wil delen.
Wie mij kent van de PKN-kerk weet dat ik bijna ieder jaar een gedicht maak voor de laatste zondag van het kerkelijk jaar.

Daarover hieronder meer:
Wie ben ik en wat bezielt mij? Laat dat maar de rode draad zijn van dit verhaal.

Ik was 26 toen mijn tweede zoontje levenloos ter wereld kwam. Maar het leven ging door en ik wilde hoe dan ook graag wel een broertje of zusje voor mijn oudste zoontje. Toen mijn dochtertje werd geboren was ik dan ook zielsgelukkig en dankbaar dat ze, na een spannende zwangerschap, kerngezond ter wereld kwam.
Hoe anders leer je dan in een paar jaar kijken naar zwangerschap en bevalling… Ze is van januari en toen we in de zomermaanden op vakantie waren en we muziek luisterden in de auto en er iemand zong: ‘als een twijgje in de wind, zo broos is ‘t wiegenkind, zo broos is ook het menselijk geluk’ toen pas gingen voor het eerst alle sluizen open en huilde ik tranen met tuiten…

Een aantal jaren later ging ik voor het eerst met een groep naar Taizé in Frankrijk, daar is een oecumenische broedergemeenschap gevestigd en iedereen sprak in lovende woorden en superlatieven over een verblijf daar. Het bleef voor mij ongrijpbaar en ondefinieerbaar en niet goed te duiden, dus besloot ik zelf een week mee te gaan. Dat is, zo bleek achteraf, een keerpunt in mijn leven geweest. Daar werd me gevraagd wie ik was en waar ik voor stond en waar ik voor leefde. Daar ging het niet over koetjes en kalfjes maar daar kreeg het woord ‘diepgang’ betekenis.

Toen op een gegeven moment het 11-jarige zoontje van vrienden overleed en ik ontredderd aan de keukentafel zat schreef ik m’n eerste gedicht.
Sindsdien schrijf ik.
Sindsdien schrijf ik emotie van me af en heel vaak wordt dan het proza stuk wat ik eerst schreef om mijn gevoelens onder woorden te brengen gevolgd door de poëzie.
Dan schrijf ik een gedicht wat staccato is, waar korte zinnen emotie oproepen, pijn doen, herkenning geven.
Om altijd af te ronden met een blik op de toekomst, altijd hoopvol, altijd dankbaarheid verwoordend.

Ik leef met de dood, ik leef naast de dood, ik ben niet bang de dood te ontmoeten.

En al jarenlang heb ik het plan een bundel uit te geven zodat meer mensen mijn woorden de hunne kunnen maken maar het kwam er niet van. Totdat onlangs, zomaar uit onverwachte hoek iemand zei dat ze op de uitvaart van haar man een gedicht van mij had gebruikt. Met het verzoek er alsjeblieft iets mee te doen.
En dat heb ik direct gedaan: ik heb een uitgever gebeld, ik heb een 40-tal gedichten geselecteerd en nu wacht ik gewoon af… maar die bundel gaat er komen! Daarom sluit ik hier af met een ode aan mijn kind.

voor Mark

onmiskenbaar

kloppend hart

onder mijn hart

zo is het geweest

zo had het moeten blijven

maar jouw leven eindigde

voordat het begon

nu klopt mijn hart

vol liefde voor jou

mijn leven lang…

Bij de afbeelding: één van de weinige werken in acryl gemaakt door mijn echtgenoot Peter Gerrits, Peter is naast zijn werkzame leven als neuro-anatoom altijd bezig geweest met kunst en muziek. Hij mocht van zijn vader niet naar de kunstacademie noch naar het conservatorium maar moest naar de universiteit. Nu hij alle tijd van de wereld heeft is hij dagelijks met kunst bezig en hij houdt zich voornamelijk bezig met de kunst van het zeefdrukken. Ook hij heeft een eigen site: www.petergerrits.nl

Op de afbeelding is de voorkant van een rouwannonce te zien; de bloem van de paradijsvogel staat symbool voor Mark, ons kind in het ‘paradijs’
(klik op de afbeelding voor een vergroting).

Reageren

20 januari: Lezer van de maand -Wim & Gre Croeze

Hoe kennen wij elkaar? 
Wij kennen elkaar van ‘kerk & koor’.
Onze eerste ontmoeting was op een ‘Zomerzangavond’ in Dwingeloo; wij stonden daar in de buurt op een camping.
Wij houden erg van samenzang, gingen naar die avond en ontdekten dat Gerard en Ada daaraan meewerkten.
Opmerking Ada: toen waren wij nog ‘Hervo’s’ en Gré & Wim ‘Grefo’s’….. maar in Roden wonen schiep toen al een band.

Waar en wanneer ben je geboren?
Wij zijn Wim en Gré Croeze, allebei geboren in Hoogkerk in resptectievelijk 1939 en 1942.
We wonen sinds 1967 in Roden, eerst aan de Zultheresweg en in 1973 zijn we verhuisd naar de Ceintuurbaan Noord 20, daar wonen we nog steeds.

Verliefd, verloofd en getrouwd.
Even een stukje geschiedenis, wij hebben beiden onze jeugd doorgebracht in Hoogkerk.
Beiden naar dezelfde lagere school gegaan , maar kenden elkaar niet.
Veel later toen we in het jeugdwerk actief waren, uitwisselingen van jeugdverenigingen organiseerden, en met de Arjos, een cabaretgroep vormden enz. sloeg de vonk over.
Hebben twee dochters en inmiddels kleinkinderen, waar we veel van genieten toen ze klein waren en nu nog heel veel van genieten. Elke leeftijd heeft z’n bekoring.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Inmiddels zijn we allebei gepensioneerd.

Wat wil je graag met de lezers delen?
We hebben veel gereisd, toen de kinderen klein waren gingen we jaarlijks naar Schiermonnikoog.
Later met de caravan vaak  naar Frankrijk.
Later samen met de camper. Dan  startte onze reis altijd in Diepenveen, een boerencamping, vanwaar we vertrokken naar Limburg en dan verder naar het buitenland.
Wim was lid van verschillende koren, hier in Roden: CMR mannenkoor.
Later maakte hij ook deel uit van een projectkoor en een landelijk Mannenkoor, die uitvoeringen organiseerde naar  bv. Rome,  gezongen in zowel de Friese Kerk (Palmzondag) en in de Sint Pieter. Heel indrukwekkend.
Tevens hebben we aan een Paulusreis (De zeven gemeenten) deelgenomen.

I.v.m. het achteruitgaan van de gezondheid zijn  we veel meer thuis.
Een weekendje met de dochters en afgelopen zomer een week naar  Texel, waar we hebben genoten van het mooie weer en waar we de zee hol en hoog hebben gezien.

Afgelopen zomer hebben we een tocht gemaakt per boot, in de Onlanden, prachtig natuurgebied, in het kader van de talentenverkoop voor het goede doel gemaakt met Harm Vos ( zie foto, klik op de foto’s voor een vergroting). Na afloop hebben we koffie gedronken in de prachtig mooi, aangelegde pastorietuin in Roderwolde.

Ook genieten we van onze eigen tuin, waar we o.a. werden opgeschrikt door een zwerm  spreeuwen, die zich tegoed deden aan onze kardinaalshoedstruik, even later hebben ze als toetje het restant van de druivenrank verorberd. Ook een ijsvogel gespot bij de vijver.

Door corona missen we het samenzijn in onze kerken. Het samen zingen en luisteren, na de dienst koffiedrinken en bij praten. We volgen  steeds de dienst, eerst op de computer, en nu via de televisie. Wij zijn heel blij met de uitzendingen, die wij wekelijks kunnen volgen. Het gesprokene en ook  de muzikale omlijsting van de vele koren en orgel of pianomuziek. Vaak houdt ons iets bezig en luisteren nog een keer in herhaling wat ons heeft geraakt. Respect en bewondering voor de organisatie en berichtgeving die telkens tot ons komt en op de hoogte brengt in Kerknieuws en de maandelijkse brief. Wat betreft de bijeenkomsten uit het boekje “ Het goede leven” hopen we dat die in de nabije toekomst dat het weer gerealiseerd kunnen worden.

We hopen dat deze pandemie spoedig voorbij gaat, die ons allen raakt, en de moed en de kracht krijgen verder te gaan en elkaar weer te kunnen ontmoeten.

Reageren

20 december: Lezer van de maand – Jacquelien Weisenbach

Hoe kennen wij elkaar?
Ada en ik kennen elkaar van Lentis. Het was in 2008 dat wij elkaar leerden kennen. Ik werkte er al een paar maanden als secretaresse toen Ada werd aangenomen als management assistent. In 2010 werd ik gevraagd ook een dag als management assistent te komen werken en werden Ada en ik echte collega’s. Deze fijne samenwerking heeft 10 jaar geduurd. Door veranderingen op de werkvloer is hieraan helaas een einde gekomen, maar zo nu en dan hebben we nog een “werkoverleg”.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren in Veendam, december 1967 en woon er al mijn hele leven. Ik heb er mijn scholen doorlopen, heb jarenlang en met ontzettend veel plezier gevolleybald bij Flash en sinds 2 jaar heb ik er een mooi eigen huisje met een fijn tuintje. Dit huisje staat overigens in dezelfde straat als waar ik ben opgegroeid, terug naar mijn roots.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Alleenstaand.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Zit nog volop in mijn werkzame leven. Mijn grootste hobby is lezen, heb dan ook een mooie boekenverzameling, een e-reader is nog niet in mijn bezit. Een boek hoor je te zien, te voelen en te ruiken. Maar ook met een leuke serie op tv vermaak ik mij prima. Sinds kort fitness ik een paar keer per week. Afgelopen zomer heb ik in mijn tuintje een border aangelegd, deze staat inmiddels vol met mooie planten. Ook stap ik af en toe, bij mooi weer, samen met mijn lieve zus Marianne op de fiets. Mijn zus is belangrijk voor mij, regelmatig brengen wij onze vrije tijd met elkaar door, zo ook onze vakanties.

Vuurtoren op Texel.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Ik wil graag mijn liefde voor Texel en Griekenland met de lezers delen.

In de zomer van 1969 zette ik voor het eerst voet op Texel. Vele jaren ben ik daar met mijn ouders en zus op vakantie geweest. In mijn herinneringen scheen altijd de zon, heb ik vele strandkastelen gebouwd en zoefde ik zittend op een stuk karton de duinen af. Broodjes gingen mee in de tas en flessen met drinken werden ingegraven in het zand om ze koel te houden.

Texelaar, het Texelse schapenras.

Mijn liefde voor Texel is gebleven. Het is een prachtig eiland. Bij helder weer is bijna overal de rode vuurtoren  te zien. Het heeft gezellige dorpjes, leuke winkeltjes, fijne strandtenten waar je heerlijk kunt eten en prachtige natuur. Zee, strand en duinen nog ongerept, de dijk langs de Waddenzee waar je heerlijk kunt fietsen, schapenboeten, tuunwallen en natuurlijk schapen.

Het wordt te druk op Texel wordt er gezegd, is misschien ook wel een beetje zo, echter drukte kun je opzoeken maar ook achter je laten. Als ik op Texel ben verblijf ik op een rustige plek. Kom er al mijn hele leven en het moment van de boot afrijden voelt als thuiskomen en dat is een reden om er steeds terug te keren. Ga je al weer naar Texel hoor ik regelmatig, wil je nou nooit eens ergens anders heen. Nou nee.

Mijn 2e grote reisliefde is Griekenland. In 1998 reisden mijn zus en ik naar Samos. Vanaf het moment dat we wegreden bij het vliegveld keken we onze ogen uit. Wat een pracht, de natuur, de schattige dorpjes, de blauwe zee. We waren op slag verliefd en zijn dat altijd gebleven. Drie keer zijn we vreemd gegaan, La Palma, Noorwegen en Londen, maar Griekenland zit voor altijd in ons hart. Bekende en onbekende eilanden, het schiereiland Pilion en het vaste land Peloponnesos hebben we bezocht.

Navarino-baai

Maar waarom Griekenland. Als je in de gelegenheid bent ga het zelf eens ervaren. Griekenland heeft alles voor een fijne vakantie. Wij gaan altijd in juni of september, wanneer de temperaturen zomers aangenaam zijn. Als je van een strandvakantie houdt ben je er op de juiste plaats. Wij zijn daar zelden te vinden, houden van struinen door dorpjes, wandelen door de prachtige natuur, zo nu en dan bezoeken we een historische plek en altijd strijken we neer bij een Taverne voor een heerlijke lunch of diner waar we genieten van bijna alles wat de Griekse keuken ons te bieden heeft. Ga je in een rustig dorpje ergens eten, kun je worden uitgenodigd in de keuken te komen kijken om te zien wat er die dag op het menu staat.

Voidokilia-strand

En dan zijn bewoners, wat een gastvrije mensen, altijd vriendelijk en belangstellend. Er is een plek waar we graag terug komen, waar we de mensen inmiddels een beetje kennen en zij ons. Maar ook is het ons overkomen dat we na jaren ergens terug kwamen en werden herkend, terwijl we ons toch altijd keurig gedragen. Maar dit typeert de oprechte belangstelling die de Griek voor zijn gasten heeft.

Ik besef dat ik bevoorrecht ben al zo vaak naar Griekenland te hebben kunnen afreizen. Maar net als de meeste Nederlanders ben ik dit jaar in eigen land gebleven. In juni naar Texel en in september naar de Achterhoek. Samen met mijn zus heb ik een stukje van dit prachtige gebied fietsend ontdekt. Volgend jaar weer in Nederland op vakantie? Eerst maar even afwachten hoe de wereld er dan uit ziet.

 

 

Reageren

20 november: Lezer van de maand – Wim Bouter

Hoe kennen wij elkaar?
Ik heb daar geen specifieke herinnering aan. Vermoedelijk is dat zo gegroeid als redelijk trouwe Catharinagangers.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben in het Alblasserwaardse dorp Streefkerk in 1944 geboren.
Psalm 116 vers 2 in de oude vertaling luidde “Ik lag gekneld in banden van den dood, daar d’angst der hel mij alle troost deed missen”
Deze overtuiging werd bij mijn opvoeding letterlijk en nogal strak uitgedragen.
Het heeft lang geduurd voor ik Carpe Diem en Memento Mori niet meer als tegenstelling zie.
De herinnering aan een overdenking van Ds.  Hotske Postma doet mij nog steeds glimlachen.
Zij sprak zelden over de Heidelbergse Catechismus, maar haar ietwat ironische uitspraak “Wat een mooi geloof hebben we, we hebben niet alleen alle antwoorden maar bedenken zelfs ook alle vragen voor je” vind ik nog steeds prachtig.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
In deze volgorde hebben we netjes het hele rijtje afgewerkt.
Sijnie is in het buurdorp Groot-Ammers in 1950 geboren.
Wij zijn in 1974 getrouwd, hebben 4 kinderen gekregen en die gezamenlijk 10 kleinkinderen.
We zijn daar heel erg blij en gelukkig mee.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen.
In 2002 hebben we onze knopen geteld en ben ik met pensioen gegaan na 40 jaar werken. Sijnie doet nog steeds vrijwilligerswerk bij de wereldwinkel. Ik vul mijn dagen met wandelen, fietsen, lezen en het nieuws volgen. Vooral de politiek en de financiële markten volg ik. Als ik weer eens een linkse politicus hoor beweren dat de verdeling “eerlijker en rechtvaardiger” moet, denk ik aan de ineenstorting van het systeem in Oost-Europa in 1989 en de huidige crises in Venezuela. De uitspraak van Thatcher, de Iron Lady, “Ook andermans geld raakt eens op” is nog altijd actueel.

Wat wil je graag met de lezers delen.
Mijn liefde voor kaas wil ik delen. Je kunt kaas maken, inkopen, veredelen of laten rijpen, versnijden, vermalen, raspen, smelten, verpakken, verkopen en distribueren. Dat was in een notendop samengevat mijn werk. Maar kaas kan je natuurlijk ook eten, daar is het uiteindelijk voor. Je kunt het eten op dungesneden tomaten, basilicumblaadjes, geroosterde pijnboompitten, olie en natuurlijk wat geschaafde parmezaan. Of geitenkaas in warme verse vijgen, een stukje brie in de uiensoep, blauw schimmelkaas in de pittige pompoensoep, spiesjes zeer oude Hollandse brokkelkaas in een varkenshaasje.
Ik wil besluiten met een recept voor een heerlijke kaasfondue. Je doet per persoon 100 ml droge witte wijn, 200 gram geraspte kaas, 3% van het kaasgewicht aan maïzena of een ander bindmiddel, samen met een paar tenen fijngesneden knoflook en een flinke hoeveelheid nootmuskaat in een pan op matig vuur en roeren totdat het bruist. Deze fondue afmaken met een flinke scheut kirschwasser en smullen maar. De traditionele Zwitserse kaas soorten, gruyère en emmentaler, zijn de meest gebruikte soorten voor de fondue, maar vervang of vul deze eens aan met een deel appenzeller of parmezaan. Je kan hier van alles bij serveren, wat je maar lekker vindt. Aardappeltjes, brood, spruitjes, bloemkool, broccoli, ananas enz. Als de kaas er maar aan blijft kleven.

Tips en trucs.
Voor degenen die voor het eerst deze fondue maken, nog een opmerking. Zorg ook op tafel voor een vuurbronnetje onder de pan, zodat de kaas goed warm blijft. Als deze teveel afkoelt is hij niet meer goed eetbaar te maken. Dit in tegenstelling tot andere kaassausen die de volgende dag nog goed kunnen worden opgewarmd.

Voor de kleinkinderen maken we een aparte fondue. Deze bereiden we zonder alcohol. We vervangen de witte wijn dan door mascarpone, en doen er geen kirschwasser in. De roomkaas eerst smelten en dan daar de andere kaas door roeren. Deze ook wat warmhouden op tafel. Restanten hiervan kan je de volgende dag prima opwarmen.

Een andere Zwitserse manier om kaas te eten is raclette kaas verwarmen totdat hij bijna begint te lopen. Dat deed men vroeger in een speciale houder aan de schouw waar een half kaasje in paste. Het gaat ook uitstekend met een koekenpannetje boven wat waxine lichtjes. Ook hier kan je van alles bij serveren. In de supermarkten zijn verpakkingen van 200 gram te koop waar 2 * 5 plakjes in zitten, dezelfde kaas is in Zwitserland en Oostenrijk te verkrijgen in verpakkingen van 400 gram met een gelijk aantal plakjes. Zuinige Nederlanders.
Bij de afbeelding: Regenachtige zondag in de herfst. Raclette en luisteren naar podium Witteman.

Wij hebben altijd gemalen parmezaanse kaas in de diepvries. Met de keukenmachine raspen we stuk parmezaan en een stuk pecorino, dat doen we in een zak, en dan in de vriezer. Net voor gebruik schrapen we met een vork wat we nodig hebben uit de zak. Dit lukt met Hollandse kaas niet omdat die een grote bevroren klomp worden. Maar met deze droge Italiaanse kazen gaat het uitstekend

Vier het leven, vier het uitbundig.

Reageren

20 oktober: Lezer van de maand – Ans van der Laan

Hoe kennen wij elkaar?
We hebben Ada en Gerard leren kennen toen zij onze overburen werden aan de Boskamp in Roden. We hadden meteen een goed contact. Ada en ik zijn toen begonnen met ons wekelijks zwemuurtje op maandagavond in sporthal de Hullen in Roden.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben geboren op 15 juli 1962 in Drachten en toen ik acht jaar was zijn we verhuisd naar Groningen voor het werk van mijn vader.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Op 14 april 1983 ben ik getrouwd met Bert van der Laan en op 8 november 1990 werd onze eerste zoon Jeff geboren. Op 14 september 1993 kwam onze tweede zoon Rutger.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Inmiddels zijn onze zoons volwassen en Bert is sinds vier jaar met pensioen. Zelf werk ik nog drie dagen in de week bij de Hanzehogeschool Groningen als ambtelijk secretaris bij Bureau Klachten en Geschillen. Dit werk is zeer afwisselend en ik blijf voorlopig nog wel even werken. Er blijft nog genoeg vrije tijd voor ons over om samen leuke dingen te doen. Bert en ik houden van reizen naar het buitenland maar dat is in deze periode helaas niet mogelijk. We blijven optimistisch: wat in het vat zit verzuurt niet.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Ik wil graag iets delen over het bedrijf BUKU wat Jeff en Rutger hebben opgericht.

BUKU is een streamingdienst voor studieboeken waarmee je altijd en overal op elk apparaat beschikt over de leerstof van je studie. Alle via BUKU beschikbare boeken zijn digitaal toegankelijk voor een vast bedrag per maand (maximaal 25 euro) met onbeperkt toegang.

Jeff zag tijdens zijn studietijd in Groningen enerzijds dat veel studenten de dure studieboeken niet kochten of oudere versies gebruikten en anderzijds dat de “gekochte” studieboeken vaak niet of maar gedeeltelijk werden gebruikt. Hij kwam dan ook met het idee om een bedrijf op te richten waar studenten geen boeken meer hoefden te kopen maar een abonnement konden nemen. In deze tijd met het leenstelsel is het voor studenten belangrijk om hun schulden niet te hoog op te laten lopen.

“Buku” is het Indonesische woord voor boek. Je spreekt het uit als ‘boekoe’. Lekker kort en, belangrijker, in iedere taal uit te spreken. Dat past bij de ambitie om een wereldwijd educatief platform te worden.

Met BUKU kunnen studenten met een betaalbaar abonnement onbeperkt alle studieboeken gebruiken van het platform; Universiteiten en Hogescholen kunnen daardoor de meest actuele en kwalitatief hoogwaardige studieboeken voorschrijven en uitgevers genereren hiermee stabiele inkomsten. Verder wordt er door de digitalisering van studieboeken een significante besparing op grondstoffen en logistieke kosten gerealiseerd.

Door uitrol in landen waar studieboeken nog meer onbetaalbaar zijn dan in de ontwikkelde Westerse landen, wordt bijgedragen aan het verbeteren van het studieklimaat aldaar. Midden- en Zuid Amerikaanse landen als ook Afrikaanse landen zullen daar het eerst van kunnen profiteren. Op dit moment wordt BUKU naast Nederland gebruikt in Suriname en de Nederlandse Antillen. Verder is BUKU bezig om in een aantal Afrikaanse landen, waaronder Namibië, Malawi, Kenia en Sierra Leone, te starten met de streamingdienst.
Op de foto hiernaast de uitreiking van de Publieksprijs van 2019 van de KVK Innovatie top 100. Meer weten? Hierbij een artikel daarover op Noord Z.

Reageren

20 september: Lezer van de maand – Wimmy Barf

Hoe kennen wij elkaar?
Ada en Gerard heb ik ontmoet via de kerk.
De ZWO. vroeg mensen om mee te werken aan de uitvoering van de jaarlijkse kalender met een schilderij. Dat jaar was het thema ‘vieren’ en dit thema sprak me erg aan want wij zijn behoorlijk van het ‘vieren’!
Elk jaar een weekend met ons gezin, met broers en zussen, met de hele familie, etc.
Op de afbeeldingen: Vieren met het gezin in ‘Corona-tijd’. (klik op de afbeeldingen voor een vergroting.)

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben in 1940 geboren in Drachten en opgegroeid in een warm gezin met 5 kinderen.
Na de middelbare school volgde ik een opleiding voor kleuterleidster in Leeuwarden, later aangevuld met tekenen/schilderen, handvaardigheid en textiele werkvormen, zoals dat toen heette. Na jaren werken met kleuters ben ik overgestapt naar cursussen geven aan  volwassenen op mijn vakgebied, vooral schilderen op zijde, vilten en aquarelleren .

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
In 1963 ben ik getrouwd met mijn vakantieliefde Arend (Ameland) en nog steeds gaan we regelmatig naar ‘ons’ eiland . We hebben 3 zonen, 3 schoondochters en 5 kleinkinderen en vormen samen een hecht gezin. Na Groningen (waar onze kinderen zijn geboren) en Leek zijn we, toen de kinderen de deur uit waren, in 1990 in Roden komen wonen.
Hier wonen we dus al 30 jaar, met heel veel plezier, in een klein boerderijtje aan de Roderweg.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Wat de kerk betreft ben ik nog actief in een wijkteam.
De laatste jaren geef ik geen cursussen meer en heb ik me gericht op het werken voor exposities en kunstmarkten.
De kunstmarkten, overal in Nederland, combineerden we met een vakantie met de caravan. Fietsen mee en de omgeving verkennen.
Samen met Arend heb ik daar veel plezier aan beleefd maar nu willen we het toch rustiger aan gaan doen. We stoppen met de kunstmarkten. Volgend voorjaar verhuizen we naar een appartement in Leek. (Op dit moment wordt dat gebouwd en het schiet al aardig op) We hebben net ons huis verkocht.
‘We fietsen graag en houden van musea, theater en zijn een ‘spelletjes gezin’.  Ook knutselen en lezen zijn  favoriet.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Van de keuze voor mijn opleiding heb ik ontzettend veel plezier gehad. In ons gezin maar ook met de kleinkinderen.
Met enige verbazing kijk ik nu terug op hoe ik vroeger op school de bijbelverhalen heb verteld. Dat zou ik nu niet meer op die manier doen. Daarin ben ik erg veranderd.
De verandering in denken heeft ook te maken met een ernstige ziekte (borstkanker) die ik meemaakte. Mijn geloven verschoof van de hemel (in mijn jeugd) naar de aarde.
Hier moet het gebeuren. Ik denk na over wat het betekent ‘Een mens te zijn op aarde.
De prachtige film ‘As it is in Heaven’ heeft me veel gedaan en probeer ik in praktijk te brengen. Mijn motto is ‘Vier het leven …vandaag’ en ‘Niet morgen maar nu’, dit naar aanleiding van het boek met de gelijknamige titel van van Wayne W. Dyer.

We genieten (voor het laatste jaar) van onze grote tuin en hopen nog lang samen plezier te hebben van ons nieuwe appartement in Leek.
Onze hobby’s nemen we mee!
Wimmy Barf

Opmerking Ada: Het schilderij ‘Op het leven’ dat Wimmy benoemt in de eerste alinea hangt in onze woonkamer. Een afbeelding daarvan en het verhaal daarbij lees je hier.
Ook dit jaar staat er een werk van haar op de ZWO-kalender en wel bij de maand september. Hierbij een link naar de PKN-website waar in september een afbeelding van die zijdeschildering te zien is.

Reageren

20 augustus: Lezers van de maand – Margreet en Harm Jan Meijer

Hoe kennen wij elkaar?
Ada, gitaarspelende gangmaker op de hoek naast haar kinderkoor. Haar stem en muziek verleiden de kinderen tot enthousiast zingen in Op de Helte. Onze eerste kennismaking.

Waar en wanneer ben je geboren?
Wij zijn beiden geboren in het Groningerland, Margreet (1951) in de stad Groningen, ik op een boerderij in de Woldstreek (1950).

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
In 1968 leerden we elkaar kennen binnen het clubwerk van de kerk. Margreet gaf leiding, ik wilde wel helpen en zo is het gekomen. Later werkte ze in de jeugdhaven van Eenrum. Eind 1972 trouwden we daar in de Dorpskerk in het bijzijn van meer dan 200 clubkinderen en mijn eerste 30 leerlingen uit Oude Pekela.
Na 12 jaar werken in het basisonderwijs volgden 6 studiejaren theologie te Kampen.
Onze eerste pastorie stond in hartje Friesland. Begin1994 kwamen we naar Roden.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
En nu zijn onze kinderen al weer lang geleden uitgevlogen en na het emeritaat genieten wij van tijd met vrienden, familie, kleindochters die komen logeren en monopoly met onze pleegkinderen.
Misschien is er in de nazomer nog ruimte op het caravanveld van de Ruigenhoek bij Noordwijkerhout.

Wat eigenlijk niet veranderde zijn de contacten met mensen.
Margreet helpt gezinnen uit Syrië, Soedan bij ‘t inburgeren. In Assen verzorg ik de TVG-lessen pastoraat. Verder ben ik consulent van de Edenhof te Een. Verder ga ik regelmatig voor in de omgeving en was ik tijdelijk verbonden aan de Dorpskerk te Eelde en aan de Gorechtkerk te Haren.  Het mooie van het predikantschap is o.a. dat alles niet abrupt hoeft te eindigen.

Sinds zomer 2018 biedt ons huis tijdelijk onderdak aan de activiteiten van Titus, onze zoon, die heel verdienstelijk de lekkerste likeuren maakt. Wie had kunnen dromen dat er ooit nog eens honderden liters alcohol via onze keuken verwerkt tot limoncello hun weg zou vinden naar slijterijen door het hele land. Aan het einde van dit jaar verhuist het circus naar Peize.

Wat wil je graag met de lezers delen?                                                                                   Door corona aan huis gebonden zijn ook wij aan het opruimen geslagen.
Bij wat er momenteel in de wereld gaande is valt het afstand doen van spullen die je niet meer nodig hebt, in het niet. Opeens staan er tien meter minder boeken op m’n werkkamer. En het voelt nog goed ook!

Eigenlijk vermoed ik dat dit opruimen nog slechts het begin is van wat er in de hele wereld, in ieder geval in ons leven, zal gaan veranderen. De leefwijze van ons, bevoorrechte mensen drukt zwaar op de schouders van miljoenen armen. Corona leert ons: alles heeft met alles te maken. Wat wereldwijd beschikbaar is dient eerlijker verdeeld te worden. Wij zullen grote stappen terug moeten doen. Dan gaat het om wezenlijk meer dan die anderhalve meter of wel of geen mondkapje. Het gaat om helend aanwezig zijn in de wereld, zoals Jezus dat praktiseerde. Die uitdaging zal mensen van verschillende culturen en tradities op een nieuwe manier met elkaar verbinden. Wat ons bij al deze ontwikkelingen hoop geeft is dat jonge mensen in het zoeken naar oplossingen voorop lopen. Daarbij verdienen zij onze steun. Zo kan deze crisis een nieuw vertrekpunt worden naar een rechtvaardige wereld voor al haar bewoners.

Met een hartelijke groet,                                                  Margreet en Harm Jan Meijer

 

Reageren

21 juli: Lezer van de maond – Freerk Wiechers.

Moi lezers,

Op verzuuk van Ada stört ik mij in de wondere wereld van de blog. Veur mij as beliedend digibeet weer wat neis.
As streektaolvrijwilliger bij het Huus van de Taol kan’k muilijk aans as in het Dreints.

Hoe kent wij mekaar?
Ada en ik kent mekaer al lange, umdat ze een schoonzussie is van mien dochter Ali die mit Roelof Waninge trouwt is.

Waor en wanneer bi’j geboren?
Ik bin Freek Wiechers, bouwjaor 1944 en wone in een butenwieke van  Eemster en daor he’k mien hiele leven al woond. 

Verliefd, verloofd, getrouwd?
Daor woon ik saemen mit mien vrouw Ilonka en ankomen november bi’w 54 jaor trouwd.

In welke levensfase zit ie nou, hoe breng ie joen dagen deur?
In mien warkzaome leven bin ik  boer west. Een keuze die a’k nou niet meer zul maeken. Ik bin achterof bliede da’k de ofslag richting de uutgang neumen heb.
Ie moet wel slim gemotiveerd wezen um nou nog boer te willen wezen.
Ik vul mien daegen mit het onderhold van huus en hof en tot oens beiders tevredenheid wat mit mien vrouw “umme klokkern” (muilijk te vertaolen). Ik leze, zinge en jaege graeg. Zoas gezegd keurnoot, zo hedde dat vrogger, bij het Huus van de Taol. Al jaoren schrief ik stukkies in het Dreints in oenze buurtkraante en het Drents Jagersblad. Onze 3 kiender en 8 kleinkiender kriegt ook de volle aandacht. Gelokkig woont ze allemaole nog zo’n beettie “um de hoek”.

En um de zoveule tied brenge wij de karkbloemen naor meinsen toe, want hen de karke gaon doe wij mit zien beiden ook graeg.

Mien motto: blief geleuven, hopen en liefhebben, al wi’k die anti-jacht meinsen soms wel achter het behang plakken…

Buren

“Ik moest huilen”, zee mien buurvrouw. Zij en heur (vrouwelijke) partner* deden een verhael over een ontmoeting mit jaegers in de Ardennen. Ze waren an de kuier in de bossen daor, toen ze bredties zagen waorop angeven was dat er die dag van 13.00 tot 15.00 ure ejeugen zul worden.

Het was nog maor twelf ure, maor daor verscheen het jachtgezelschap al. Op hoge toon weur vraogd wat ze hier deden. Haren ze niet zien dat er die dag ejeugen zul worden? Toen de dames bedeesd zeden dat het nog gien ien ure was, kregen ze de wiend van veuren: “Altied het zölfde gemieter mit die stomme wieven, die de boel saboteren wolden. Wegwezen en rap, aans stunden ze veur heur zölf niet in!”

Toen de vrouwlu, finaal overdonderd, vreugen waor ze dan hen mussen, beulde zo’n Walalloniër dat ze hier ook komen waren en maor mussen zien waor ze hen gungen. Iene, net wat meer meinse as de rest, duudde heur an waor ze langes kunden gaon, maor de rest tastte al naor het geweer, net as plietsie Jalving dat döt naor zien pestol, as hij iene “uut de leerzen wil schieten”. Mit trillende bienen meuken de dames dat ze wegkwamen, weg van de “jaegers”.

Mit plaetsvervangende schaemte he’k het verhael anheurd. Net zo’n domme streek as die gaorenklöpper in Limburg die veur het oge van hiel Nederlaand die half verzeupen varkens dood scheut. (Alhoewel die varkens het toch niet redt haren). In oenze buurtkraante he’k maor ies weer wat PR bedreven.

Ik mus deinken an een uutzending van Ina’s Nacht op de Duutse NDR, waorin Ina (Müller) en een vrouwelijke gast, snukkend van ’t lachen zeden: “Gott hat zuerst der Mann geschaffen (geschapen), aber dann hat er Sein Fehler (fout) corrigiert und hat die Frau geschaffen”. Dudelijk, al ken ie ook gien Duuts. In de Ardennen klopte dat wel aordig.

Wij zaten genugelijk bij mekaer, naodaw mit een köppeltie buren bloemenzaod zeid haren veur een “bloemenrijke berm”. Der was veurig jaor niet veule van terechte komen, umdat het zeibedde kloeterig was en de veugels het zaod ook ontdekten, maor het is goed veur de biending in de buurte. Een mooi allegaartie van volk. Het is goed daj daor mit in de kunde koomt, dus wij brunchten nao het zeien dat ’t een aord haar. Alleman kwaamp an zien of heur trekken: woorden as biologisch, vegetarisch en flexitariër kwamen veurbij. Allent de aspergesoep völ mij niet toe: laf!

Men wet da’k jaege, maor wij gunt mekaer oenze ofwiekings, starker nog: Mien buurman, drei huzen wieder en boswachter bij Staatsbosbeheer, giet al een paer jaor mit mij reeën tellen. En ik moet zeggen, die man hef er slag van. Hij hef een beste kieker (zij sukkelt niet bij SBB) en sprek ze feilloos an. Ik huve allent maor te schrieven en hij zet nao ofloop zien haandtiekening. Wij telt dus eerlijk en onofhankelijk!

De aandere buren zeden dat ze drok op wild waren, dus die he’k  een ente en gaanze börst geven en die pochten der geweldig over. Zo doej dat…

Freerk

* In oens kleine dörpie woont twei stellen van het zölfde geslacht m/v en ik bin der wies mit dat ze veur honderd percent accepteerd bint. Nooit ien onverteugen woord!

Noot van Ada:
Trouwe lezers wit dat d’r al ies eerder een verhaol van Freerk’s haand op mien website hef staon, toen under de titel ‘Filistijnen’. Daorin schref e over zien kleinzeunen die een nichie (onze Carlijn) op bezuuk kregen. Veur de liefhebbers: hierbij een link naor dat blog met het verhaal van Freerk Wiechers  >>>

Reageren

20 juni: Lezer van de maand – Henk Kouwenberg

Hoe kennen wij elkaar?
Ik heb meer dan dertig jaar op basisschool ‘de Haven’ gewerkt.  Ada en Gerard leerde ik al gauw kennen als actieve ouders. Ook heb ik nog met Gerard in de kerkenraad gezeten, hij als diaken en ik als ouderling. Eens, net voor de morgendienst begon, liep Gerard ijlings naar de microfoon en haalde Mattheüs 5:16 aan. “U hoeft uw ontstoken lamp niet onder de korenmaat te stellen, maar het is ook niet nodig om uw autolichten te laten branden tijdens deze dienst. Van wie is de auto met nummerbord ** ** **?”  “Je mag ook wel de preek dadelijk doen”, stelde ds. Vellekoop direct voor.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben op 29 september 1948 in Den Haag geboren.

Verliefd, verloofd, getrouwd?
Ik ben op 19 december 1973 getrouwd met Ella.
We kregen een zoon, Machiel, toen we in Gouda woonden. Onze dochter Muriël is in Groningen geboren. Zij had een ernstige hartafwijking (Fontan) en weinig kans om volwassen te worden, aldus de arts. We hebben ook twee leuke kleindochters.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen?
Vanaf december 2008 ben ik vrijwilliger bij de boekenmarkt.
In de loop; der jaren heb ik tal van aangeleverde boeken zelf kunnen kopen, ook voor Ella en mijn eigen kast puilt al aardig uit.
Doordat Muriël door een mislukte operatie aan haar hart een hersenbeschadiging opliep door zuurstofgebrek was zij ook verstandelijk gehandicapt geworden. Toen zij opgroeide kregen we te maken met instanties voor mensen met een beperking. Muriël is op haar zesde jaar nogmaals geopereerd. Haar hart is a.h.w. omgebouwd. Het is een wonder dat ze nog leeft, want al haar lotgenoten uit haar leeftijdsgroep zijn allang overleden. Zij schijnt de enige in NL. en daarbuiten te zijn die nog functioneert met een zgn. Hancock-klep. Ze is nu 43 jaar. Dankzij goede medicijnen en zorg door UMCG en huisarts is ze nog steeds een vrolijke en geestige dochter. Gaandeweg werd ik vrijwilliger bij Flotar Roden , De brug provincie Groningen, medezeggenschap bij de Zijlen/dagbesteding en tenslotte secretaris bij Toegankelijk Noordenveld voor iedereen. Ik heb altijd veel belangstelling gehad voor geschiedenis en godsdienst. Verder help ik mee aan het onderhoud van Natuurschoon Nietap. Daar is ook een labyrint op de voormalige hertenweide. Het heeft een lengte van 570 m. Met enige moeite kan een scootmobiel er ook overheen.
Meer weten over zulke labyrinten? Hierbij een link naar een website met meer informatie.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Als onderwijzer heb ik de gangbare bijbelverhalen vaak aan de schoolkinderen verteld.
In die tijd waren er zes keer per jaar zgn. kerk-school-gezinsdiensten. En dan in twee kerken tegelijk. Ik kan me nog een voorval uit Gouda herinneren. Toen wilde een meisje bidden voor de dode mensen die naar de hel gingen. Haar ouders waren bondsleden, bleek later. Toen ik haar zei dat ze zich geen zorgen hoefde te maken over de hel en de duivel was haar vader heel kwaad op me. Toen is er bij mij wel een knop omgegaan.

In de loop der jaren heb ik me verdiept in de ontstaansgeschiedenis van de Bijbel en van het Christelijk geloof. Via o.a. de boekenmarkt heb ik inmiddels meer dan een meter boeken over dit onderwerp verzameld. Het is verbazingwekkend hoeveel  godsdienstwetenschappers zo divers hun licht hebben laten schijnen over Bijbel en christendom. Zo wist ik nooit dat er maar zeven brieven van Paulus echt door hem geschreven zijn. Geen dominee die dat ooit vertelde. Ook lees je dan dat er nog vele andere, gnostische geschriften niet in de bijbel werden opgenomen, omdat de machthebbers dat niet wilden. Onwelgevallige geschriften werden vernietigd. Gelukkig werden in 1947 de Dode zeerollen gevonden, in kruiken verstopt in een spelonk. Heel leerzaam is bijv. het Thomas-evangelie. In de Bijbel kom je tal van merkwaardigheden tegen. Ik heb ook de brieven van Bram Moerland gelezen. Hij schrijft: “Het doet er ook niet toe welk geloof je aanhangt, dat wil zeggen: onder welke spirituele boom je schuilt. Wat telt zijn je daden, als de vruchten van de liefde die in jou woont.”
Hierbij een link naar de website van Bram Moerland.

Wijlen Klaas Hendrikse schreef: “Geloven in een god die niet bestaat”. Hij legt dan uit dat het koninkrijk van God “ontstaat”, tot leven komt, als mensen met elkaar invulling geven aan hun leven. Ik ervaar dat bijvoorbeeld als ik  samen met de vrijwilligers en de leden van Flotar met gehandicapte kinderen zwem of met een groepje samen ga koken.
Toewijding = geloven.

Reageren

Pagina 1 van 4

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén