22 januari: Wat zeg je?

Bij de titel van dit blog zou je kunnen denken aan slechthorendheid, maar dat is niet de achterliggende gedachte.
Wat zeg je tegen iemand wiens partner is overleden?
Wat zeg je als je weer voor het eerst met elkaar in een kring zit zonder die man of die vrouw die er tot voor kort nog zo vanzelfsprekend bij hoorde?

Dat vinden we moeilijk.
In mijn omgeving maakte ik dat de afgelopen maand een paar keer mee.
Het feit dat de achtergebleven partner aanwezig is, is voor diegene al een enorme overwinning, want alleen verder is hartstikke moeilijk.
“Hallo, fijn dat jij er ook bent! Ga zitten. Koffie?”
Iedereen is een beetje ongemakkelijk en het gesprek gaat over koetjes en kalfjes.
Wanneer begin je er over?
Wie begint er over?
Van een dame uit ons netwerk hoorde ik het verhaal dat ze voor het eerst weer op bezoek was in de kring van broers en zussen van haar man.
Het gesprek was voortgekabbeld over ditten en datten en zijn naam werd niet genoemd.
“Ik heb een poos op de wc gezeten. In een vertrouwde groep mensen zitten en je zo eenzaam voelen, hoe is het mogelijk!”
Toen ze thuis was had haar schoonzus haar een app gestuurd.
“Dapper dat je er was!”
Ze ervoer het medeleven als mosterd na de maaltijd en heeft toen die schoonzus opgebeld en gezegd hoe moeilijk het voor haar was dat er helemaal niet over haar man gepraat was.

Dat was in de generatie vóór ons ook heel gebruikelijk, hoor.
Van mijn nicht hoorde ik dat de naam van haar vader nooit meer genoemd was nadat hij was overleden. Het riep te veel verdriet op.
Niet meer over hebben, gewoon doorgaan met leven.
Heel veel van die verhalen uit het verleden heb ik gehoord.
Onverwerkt verdriet omdat er nooit meer over het enorme verlies gepraat is.

In de praktijk blijkt het helend om er wel over te praten.
Het hoeft niet gelijk het eerste onderwerp te zijn, maar een gemis wat zo duidelijk boven een groep hangt moet gewoon benoemd worden.
Want niet alleen de partner mist hem of haar, maar de andere mensen in de groep ook.
Een broer. Een vriendin.

In de gevallen waar ik bij was verliepen de gesprekken eigenlijk heel natuurlijk.
Er werd teruggekeken op de begrafenisplechtigheid en wat daarin gebeurd was.
De praktische problemen kwamen aan de orde.
Hoe moet het nu met die papierrommel?
Hoe zit het met de winterbanden voor de auto?
Wat een gedoe is dat huishouden! Hoe moet je eigenlijk strijken? En wat wel en wat niet?
En natuurlijk het grote gemis in zoveel kleine dingen.
In zulke gesprekken gaat het om luisteren, delen en het zoeken naar kleine, praktische oplossingen bij kleine, praktische problemen.

Zolang de naam van iemand wordt genoemd en over zijn/haar aanwezigheid in ons leven wordt gesproken is hij/zij nog bij ons.
Als dat niet gebeurt wordt hij/of zij letterlijk ‘doodgezwegen’.
En dat is veel erger dan die tranen die vloeien als de naam wel wordt genoemd.

Geplaatst in Alledag | Een reactie plaatsen

21 januari: Kana-zondag

Ieder jaar rond deze tijd vieren we in de kerk de Kana-zondag; op die zondag staat het verhaal van de bruiloft in Kana centraal, waarin Jezus water in wijn verandert.
Als je op mijn website ‘terugbladert’ vind je drie blogs die over die zondag gaan.
Voor de liefhebber:  onderaan dit blog staan linken naar voorgaande data.

Zondagmorgen liet de voorganger ons een steen zien.
“Een bijzondere steen” zei hij. “Dit is een soepsteen”.
Of wij dat verhaal al kenden?
Jaaaah….. het werd toch nog even kort gememoreerd.
Ken je het niet? Hierbij een link naar het verhaal van de soepsteen.
Bij de vrienden van dominee van Dijk had de soepsteen trouwens niet gewerkt.
De vrienden hadden allemaal gedacht: ‘Als ik er alleen een beetje water in doe, merkt niemand er wat van’. Er was nu alleen een pan water met één aardappel; die had dominee er zelf in gedaan….

Ook al heb ik op de Kana-zondag al heel vaak het verhaal gehoord van het water dat in de kruiken in wijn verandert, ook deze keer was er weer een nieuw aspect.
De predikant wees ons op de rol van Maria; ze ziet wat er gebeurt, vraagt er aandacht voor bij Jezus en zegt daarna de andere aanwezigen op het feest om toch vooral te doen wat Jezus zegt. “Maria vertegenwoordigt in dit verhaal de kerkelijke gemeente van God. Wat zij doet op dit feest moeten wij doen in de wereld: zien wat er gebeurt (Kyrië) aandacht voor vragen (bidden) en doen wat wij kunnen. Wij hoeven geen wonderen te verrichten, het menselijke doen is voldoende. Aandacht geven, luisteren en kleine hand- en spandiensten verrichten.
Samen. En niet doen alsof, zoals de vrienden van de dominee, want dan wordt de soep wel erg dun.

Goed verhaal.

Vlak voor de zegen kregen we nog een video te zien onder de titel ‘Wij zijn de kerk van Haarlem’.
De voorganger zei hierbij: dit filmpje zou net zo goed kunnen heten ‘Wij zijn de kerk van Amsterdam’ of ‘wij zijn de kerk van Roden’.
Hartverwarmend was het.
Ook benieuwd naar de video?
Hierbij een link >>>

Ook een goed verhaal.

Arjan Schippers was zondag onze organist. Hij verwende ons met prachtige muziekstukken waarvan ik de titel en de componist niet ken, maar ik heb weer met plezier naar hem geluisterd.
Toen we de kerk uit liepen speelde hij een stuk dat ik wel kende: de bruiloftsmars van Mendelssohn. Wat weer toepasselijk!

Zoals beloofd hieronder nog de links naar blogs over voorgaande Kana-zondagen.
Leuk om te lezen wat er toen werd verteld en wat het toen met me deed.

2018 >>>

2017>>

2015 >>

Geplaatst in Kerk & gemeente | Getagged , , | Een reactie plaatsen

20 januari: Lezer van de maand – Ilse van Huffelen

Hoe kennen wij elkaar?
Wij kennen elkaar via het zingen. Eerst bij het Rodens christelijk gemengd koor, daarna bij de Catharinacantorij en nu bij de cantorij Roden.
En af en toe bij het Af &Toe koor van Ada.
Eigenlijk al eerder, maar dat was zijdelings, want toen zat mijn dochter bij Ada op het kinderkoor.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik ben op 10 april 1954 geboren in Steenwijk. Daar woonden mijn ouders tijdelijk, omdat mijn vader daar in dienst zat.
Leuk detail: Twee jaar geleden woonde onze zoon in Steenwijk en hij is getrouwd in de kerk waarin ik gedoopt ben.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Ik ben 40 jaar getrouwd met Henk en we hebben samen 3 kinderen, 3 schoonkinderen en 3 kleinkinderen. Daar zijn we heel gelukkig mee en heel dankbaar voor.

In welke levensfase zit je nu, hoe vul je je dagen? 
Vanaf afgelopen september ben ik met pensioen na 40 jaar in het onderwijs te hebben gezeten.
Een hele tijd, waarin er veel veranderd is in het onderwijs, maar ook zo verrassend veel steeds weer terugkomt. Dat maakt dat het dan wel genoeg is. Bij mijn afscheid werd opgemerkt: 40 jaar! Wie haalt dat nog. We moeten nu wel van 4 of 5 mensen de diensttijd optellen om aan die van jou te komen.

Pensioen betekent trouwens niet stilzitten. Er is meer tijd voor alles. Het contact met de kinderen en kleinkinderen is intensiever en als Henk volgend jaar met pensioen gaat misschien nog wel meer.
Dan kunnen we voor het eerst buiten de schoolvakanties met vakantie gaan.

Het kerkenwerk is hetzelfde gebleven en als scriba is er genoeg te doen.

Foto van een kantkloswerkje van Ilse.

Nu heb ik veel meer tijd voor hobby: zingen natuurlijk zoals uit het begin van dit stukje wel blijkt en verder lezen, tuinieren  en handwerken. En bij dat laatste: hoe priegeliger hoe leuker, (maar wel met een patroon). Daarom vind ik kantklossen ook zo leuk.
(klik op de foto voor een vergroting)

Wat wil je graag met de lezers delen?
Ik ben graag in gezelschap van mensen waarmee je plezier kunt hebben, maar ook een goed gesprek.
Dan maakt het niet uit of dat nu in de kerkenraad is of op de cantorij of bij het koffiedrinken.
De zondagse eredienst is voor mij een ankerplaats en ik mis het als ik niet naar de kerk kan. De laatste tijd heb ik een aantal keer door ziekte verstek laten gaan.
Dan blijkt maar eens te meer dat ik blij ben met gezondheid.
Als een dag “gewoon goed” verloopt.
Als je kunt doen wat je wilt doen.
Ik hoop dat meer mensen zich dáár bewust van zijn en van kunnen genieten.

Geplaatst in Lezer van de maand | Getagged , | Een reactie plaatsen

19 januari: Een hele dag?!

We beleefden met de Cantorij Roden dit najaar een turbulente periode.
Thysia viel uit als cantrix en Karel volgde haar zo snel op, dat we geen repetitie zonder dirigent hebben gezeten. Deze wissel betekende wel dat we het ‘Muziekuur’ ter gelegenheid van ons 40-jarig jubileum in november moesten afblazen, maar wat in het vat zit verzuurt niet, we stelden het alleen maar even uit.
De nieuwe datum is 23 februari.
Zet maar vast in je agenda, van 17.00 – 18.00 uur; we vinden het leuk als je komt kijken.

Karel heeft bij de kerkenraad bedongen dat we in deze periode even niet meewerken aan vieringen, zodat we ons helemaal kunnen richten op de mooie muziek die is uitgezocht voor het jubileum. Hij heeft zelfs een ‘repetitiedag’ bedacht: een hele zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur zingen. Een ‘spekkie voor mijn bekkie’: we zingen namelijk hele mooie liederen en het is een feest om daarmee aan het werk te zijn.

Van te voren leek het lang, 6 uur oefenen en zingen, maar de tijd vloog voorbij.
We zongen steeds een uur, concentreerden ons op twee stukken en dan was er weer koffie.
Of brood. Of thee.
Waarbij ik met verschillende mensen bijpraatte en het erg gezellig was.

De nieuwe cantor Karel is nog jong, maar hij gebruikt prachtige zinnen om ons dingen duidelijk te maken.
Een voorbeeld: “Mag ik vragen om een iets hogere concentratie als het over de juiste noten gaat?” Karel bedoelt dat we vals zongen.
Natuurlijk worden we ook wel een beetje melig van zo’n dag.
Toen het zingen van het ‘Reislied’ werd aangekondigd begonnen bas naast mij en ik met ‘Ik trek mijn wandelschoenen aan….!”, maar dat past niet bij het repertoire van de Cantorij Roden.
Niemand zong ook mee, dus wij zongen vervolgens braaf mee met ‘Op een stem van ver gehoord.’

Rond 16.00 uur kwam Thysia en namen we met een mini-receptie afscheid van haar; dat was er in de hectiek van oktober nog niet van gekomen.
Toen ik rond 17.00 uur thuiskwam, vroeg Gerard hoe het was geweest.
Was het niet te lang?

Nee, het was goed om zo samen de tijd te nemen om de stukken goed in te studeren; zo’n dag komt de koorklank en het groepsgevoel beslist ten goede.
Een prima manier om een vrije zaterdag door te brengen; voor mij is er namelijk bijna niets fijner dan in een meerstemmig koor mijn ‘altpartijtje mee zingen’.

Geplaatst in Kerk & gemeente | Getagged | Een reactie plaatsen

18 januari: Gitarren die leise klingen.

In de kerstvakantie schreef ik bijna veertien dagen geen blog, maar ook in die periode gebeurde er natuurlijk van alles.
Op zaterdag 28 december ging ik ’s middags even naar de Roder Boekenmarkt, die dit keer in een pand zaten aan de Ceintuurbaan Noord.
Ik was daar na de lunch rond 14.00 uur en vond dat niet een gunstige tijd, want het was heel erg druk. Later hoorde ik dat het toen nog wel meeviel…..’s morgens had er een kassarij gestaan die tot ver in de ‘boekenwinkel’ reikte. De boekenmarkt heeft last van zijn eigen succes!

Als ik naar die boekenmarkt ga heb ik altijd drie zoekdingen: royalty, handwerkboeken en muziek. De royalty-afdeling kon ik in de drukte niet vinden en voor de dozen met handwerkboeken stonden al drie vrouwen met daarachter drie wachtenden, daar ging ik niet achter staan.

Ook bij de muziek-dozen moest ik even wachten, maar daar kon ik mij op den duur tussen wurmen. Achter het tabje ‘Accordeon’ zat deze keer best veel muziek en er zat zowaar ook iets voor mij tussen.
Het zijn drie muziekstukken uit de zestiger jaren die vroeger hebben toebehoord aan Stijntje Bos; haar naam staat prominent op alle drie stukken.
Stijntje heeft ze destijds gekcoht bij ‘Wevers muziekhandel’ in Veendam en heeft er destijds 0,75 cent voor betaald, ik mocht ze voor 0,50 cent meenemen.

De entree (€2,=) was dus duurder dan wat ik er gehaald heb, maar dat maakt natuurlijk geen bal uit, want de opbrengst gaat naar goede doelen, te weten Noord Ghana en Kinderen van Tsjernobyl.

Eén van de liederen heet ‘Gitarren klingen leise durch die Nacht’,  zo’n heerlijke Duitse smartlap waar ik zo van hou.
Nu zit ik iedere dag tijdens mijn accordeon-half uurtje  wel even te zweten op de Gitarren van Stijntje. Het valt me nog niet mee, maar ik heb geen haast: ik hoef het niet uit te voeren, ik studeer het op mijn dooie akkertje in.
Inmiddels heb ik steeds de naam van Stijntje Bos op mijn netvlies.
Zou die deze liederen ook allemaal op haar accordeon gespeeld hebben?
Zat ze bij een orkestje?
Had zij ook zo’n moeite met ‘Gitarren klingen leise durch die Nacht?’
Op internet vond ik de quote: ‘Music connects people’.
Muziek verbindt mensen.
Deze bladmuziek verbindt mij met de voor mij onbekende Stijntje.
Iemand heeft deze muziek niet bij het oud papier gegooid, maar naar de Roder Boekenmarkt gebracht. Zo krijgen de Gitarren die leise klingen een tweede leven.

Nooit zoiets weggooien dus.
Wat voor jou waardeloos is, kan voor een ander van grote waarde zijn.
Voor mij vandaag de waarde van de dag.

Geplaatst in Muziek | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

17 januari: Tea for one.

Donderdag had ik een vrije dag met helemaal niks in mijn agenda.
Dat gebeurt niet vaak; meestal plan ik op mijn vrije dagen wel een ‘koffie-date’, een mini-vergadering, een lunch-buiten-de-deur, iets met één van dochters of (minder leuk) een ziekenhuiscontrôle.
Naast de gebruikelijke donderdagklussen bleven er dus zomaar een aantal uren over, die ik gebruikte voor één van de dingen die ik het liefste doe, maar waar ik eigenlijk alleen in het weekend aan toe kom: borduren.

Als ik alleen thuis ben zet ik thee in een speciaal daarvoor bedoeld thee-potje; het is eigenlijk van Carlijn, maar het staat hier nog.
Het bestaat uit twee delen: een wijd uitlopend kopje en een potje dat daar precies op past.
Je kookt water en maakt thee, je vult het kopje en ook het potje, zodat je 3 ruime koppen thee hebt.

Diep tevreden nestelde ik me op de bank in de namiddagzon.
‘Grande messe des morts’ van Gossec op de oortjes, kruissteekjes op het stramien.

Geen meditatie-cursus nodig; helemaal zen aan de Boskamp op donderdagmiddag.

Geplaatst in Alledag, Borduren, Handwerken | Een reactie plaatsen

16 januari: Ben ik een luie naaister?

Over het Schoolmuseum in Ootmarsum schreef ik een blog op 30 oktober >>>: toen ging het vooral over lezen, schrijven en rekenen.
Vandaag gaat het over één van mijn hobby’s, namelijk handwerken.
Als het over handwerken gaat hoor je vrouwen vaak gruwelverhalen vertellen over de handwerklessen op de lagere school. Die verhalen hoor je dan vooral van vrouwen die er helemaal geen aardigheid aan hadden en het dus ook niet konden.

Een bloemlezing:
“Je had van die dunne, stalen breinaalden waar de steken door mijn zweethandjes niet overheen konden glijden omdat ik van de stress veel te strak breide!”
“Mijn haakwerkje werd alsmaar smaller,  omdat de steek aan de zijkant niet duidelijk zichtbaar was; die nam ik dus niet op.  Zo ging ik van 20 naar 19 naar 18 stokjes om er bij 9 stokjes achter te komen dat er er iets niet in orde was. De frustratie!”
“Bij het borduren trok ik de draad zo strak aan, dat de stof helemaal naar elkaar toetrok, wat rare ribbels veroorzaakte. Van juf moest ik het weer uithalen. Zelden zulk dom werk gedaan.”
Diep kinderleed klinkt door in die verhalen.
“Ik nam het mee naar huis en daar maakte mijn moeder het af.”

In het voornoemde museum was een kamertje ingericht met handwerkjes die op de lagere school waren gemaakt.
Hoe herkenbaar!
Geborduurde bladwijzers, gebreide hemdjes, gehaakte kruikenzakken,: mijn zelfgeborduurde merklapjes uit 1969 (zie foto’s) hadden er zo tussen kunnen hangen.
Ik raakte niet uitgekeken.
Aan de wand hing een hele grote plaat met een tekening van alle mogelijke borduursteken én een tegeltje met spreekwoorden die betrekking hebben op handwerken.

– Een vrouwenhand en een paardentand zijn altijd in beweging.
– Elke dag een draadje is een hemdsmouw in het jaar.
– Ook de beste breister laat wel eens een steekje vallen.
– Een zondagse steek houdt geen week, bij ons in Drenthe beter bekend als: ‘Zundagswark is niet stark’.

Eén spreekwoord staat er niet bij: Lange draden, luie naaisters.
Heeft vroeger ooit een handwerkjuf tegen mij gezegd in een borduurles.
Het idee daarachter is dat je met een korte draad vaker moet afhechten en dat af- en aanhechten is minder leuk dan het borduren zelf.
Bij lange draden moet je in het begin heel hoog ophalen met je arm en heb je meer kans op knoopjes en slijtage.
Gelukkig mag ik al lang zelf bepalen hoe lang mijn borduurdraden zijn.

Geplaatst in Borduren, Handwerken | Getagged , | Een reactie plaatsen

15 januari: Waarom (nog) niet in Roden?

Maandagmorgen belde ik met Melanie ‘oet Slien’.
Begin februari ga ik bij de PKN-gemeente in Sleen een avond verzorgen over Daniël Lohues en we hadden even overleg over hoe we dat het beste vorm kunnen geven.
In ons gesprek vertelde ze dat ze zondagmiddag 12 januari een hele bijzondere kerkdienst hadden gehad in het kader van ‘Preek van de leek.’ Dat is een concept waarbij iemand die bekend is uit de media (cabaretier, politicus, schrijver etc.) een kerkdienst voorbereid en daarin zijn visie geeft, gebaseerd op bijbelteksten.
Meer weten? Hierbij een link naar informatie >>> over dit concept op de landelijke PKN-site.

In Sleen hadden ze zondagmiddag Harm Dijkstra te gast, bekend van RTV Drenthe en van het duo ‘Roelof & Harm’ (o.a. ‘de mooiste meid van Slien’)
Melanie was erg enthousiast: “We hadden een stampvolle kerk en het was een geweldige middag!”

Toen was mijn nieuwsgierigheid gewekt.
Daar had ik ook wel bij willen zijn, maar wij zaten zondagmiddag in Almelo.
Maar tegenwoordig kun je alles terugkijken en luisteren, zelfs kerkdiensten, dus ik zocht op www.kerkomroep.nl de Ontmoetingskerk in Sleen op en luisterde met ‘oortjes’ in tijdens het soppen van de keuken naar de viering met Harm.

Melanie had niets te veel gezegd.
Harm vertelt en Harm zingt en dat doet hij in het Drents.
Hij boeit en ontroert.
En hij heeft gelijk.

Als het over kerkdiensten in Roden gaat, adviseer ik vaak op mijn blogs om terug te luisteren; naar een specifiek koor, of een preek, of een mooi muziekstuk.
Ook nu kan ik je adviseren om de ‘Preek van de Leek’-viering in Sleen terug te luisteren.
PKN Sleen, Ontmoetingskerk, 12 januari 14.00 uur.

Waarom hebben we in Roden zoiets nog nooit gedaan?

Geplaatst in Kerk & gemeente | Een reactie plaatsen

14 januari: Tuunhaezen en appelmaechies.

Met de mieste familie en vrienden praot wij gewoon in oonze eigen streektaol, maor sommigen bint daor niet met opgruit, dus dan praot wij gewoon Nederlands.
Zaoterdagaomnd gungen wij een kaortie leggen bij Hans en Bea in Peize die wij ok  al dattig jaor kent, maor waor wij gien Drents met praot. En uutgerekend daor heurden wij een Drents woord dat wij nog nooit heurd hadden.
Tuunhaeze.

Hoe kwamen wij daor nou bij?
Het begunde d’r met dat Gerard vertelde dat wij in mei dit jaor 40 jaor verkering hebt en dat wij daorum een weekendje weg  bespreuken hadden.
“Wij hebben deze week al 51 jaar verkering” vertelde Bea.
Ie hebt altied baos boven baos.
Bea vertelde dat ze nog slim jong was toen ze met Hans thuuskwam.
“Wat vonden je ouders daarvan?”  vreug ik.
“In eerste instantie waren ze niet blij met een ‘tuunhaeze’.
Hans was die tuunhaeze, want die zat op de tuunbouwschoele in Frederiksoord, waor Bea destieds woonde. Meer daorover weten? Lees heur bijdrage in rubriek Lezer van de maond.

Tuunhaeze. (Afb. David Mark via Pixabay)

De leerlingen die op die tuunbouwschoele zaten hadden niet zu’n beste naom in die umgeving umdat ze nogal ies de bloemegies buuten zetten. Eigenlijk wel logisch a’j op de tuunbouwschoele zit, maor dit terzijde.
Moar volgens Hans waren dat veural de luu die verder weg kwamen en die in de kost waren bij gastgezinnen in Frederiksoord. Hij kwam zölf uut Möppel en woonde nog bij zien olders thuus en kreeg van die bovengenuumde bloemegies nooit veul met.

Dat het goed kommen is met heur verkering is wal duudelijk, anders hol ie ’t gien vieftig joar met mekaar uut.
Het woord ‘tuunhaeze’ hebt wij nog wel eem ontleed met mekaar.
Wij preuten in Hoogersmilde ok met die ‘ae’, van de beroemde bokkewaegen die over de Smilde kwam jaegen en het waeter dat tegen de glaezen klaetert.
Het woord ‘haeze’ hadden wij in de jaoren ’80 an de Vaortweg in Smilde al ies deur buurman Vos in een uutdrukking heuren gebruuken. Hij zag iene lopen die ’t bien breuken haar en zee: “Die vangt gien haezen meer!”
De taol die in Frederiksoord praot wordt is, net as het Smildigers, verwant an het Stellingwarfs, een underdiel van het Nedersaksisch.
Goed om te ontdekken dat Hans & Bea en wij toch gewoon ‘Saksen under mekaar’ bint.

Ze praot het dan wel niet, maor ze kunt het wal verstaon.
Dat bleek ok uut het kovviekoppie dat ik veurzet kreeg.
Want och man, wat ku’j ’t d’r an toe hebben.
An kovvie.
Met een appelmeisje.
Appelwichie.
Appelmaechie in het Smildigers.

Geplaatst in Streektaol | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

13 januari: People who suck the happiness out of you.

life is
too short
to spend time
WITH
people who
suck the
happiness
OUT
of you.

Deze tekst stond gistermorgen levensgroot op de beamer in de PKN-viering in Op de Helte.
Het leven is te kort om tijd door te brengen met mensen die het geluk uit je zuigen.
Let op de woorden ‘with’ en ‘out’ die vet gedrukt staan, die samen het woord ‘without’ (zonder) vormen.
De dominee had het al een paar keer voorbij zien komen op Facebook.
Het hoort bij het credo van onze tijd: JIJ bent belangrijk.
Jij moeten shinen.
Andere mensen moeten je daarbij niet in de weg staan.
Andere mensen zijn er  alleen maar ter meerdere eer en glorie van jou: jij moet ontwikkelen, jouw geluk is prior1teit 1.
Je kunt het alleen!
Je kunt wel zonder al die stumpers die het geluk uit jou zuigen.
Dominee Van Dijk vroeg zich af wat er was gebeurd met het woord ‘Solidariteit’,  dat in de jaren ’80 breed werd gedragen.

In zijn overdenking liet hij ons inzien dat we het helemaal niet alleen kunnen.
De mens is hoe dan ook verbonden met zijn medemens: gezin, familie, collega’s, vrienden, buurt, maatschappij.
Vandaag kun je een zelfstandig mens zijn die denkt alles alleen te kunnen, morgen kun je kwetsbaar en afhankelijk zijn van zorg van anderen.
Vertel mij wat.

Vlak voor de zegen kwam er nog een klein stukje kerkdienst dat de hele preek samenvatte.
De voorganger vertelde dat hij ooit in een gesprekskring had gepraat over de vraag: “Wat is mens zijn?” Er kwamen vele beelden voorbij maar de essentie van het mens zijn zat

Liefde geven, liefde ontvangen….

volgens de kring niet in wat men bereikt had of wat men bezat maar: ‘Liefde geven, liefde ontvangen, dat maakt mij tot mens.’
In die groep had een mevrouw gezeten die daarna zei:
“Dat zinnetje heeft mij geraakt, want ik ben de moeder van een zoon met een  verstandelijke beperking die nooit carrière zal maken, die nooit iets zal bereiken, die alleen maar is wie hij is: die liefde geeft en die liefde ontvangt.”

(Afbeelding: Nineva Minova via Pixaby)

Geplaatst in Kerk & gemeente | Getagged | Een reactie plaatsen