23 februari: Marrakech 3 – Arganolie.

Bij de laatste accordeonsessie met Piety vertelde ik haar dat we naar Marokko gingen.
“O, dan kun je arganolie meenemen!”
Zij was erg enthousiast over die olie; zij is medisch voetzorgverlener/medisch pedicure en gebruikt arganolie voor haar werk.
De olie heeft een hydraterende en verzorgende werking voor huid en nagels.
Ik beloofde Piety dat ik er naar zou kijken als ik in Marokko was en dacht er vervolgens niet meer aan.

In Marrakech popte de arganolie ineens weer op in mijn brein; je ontkomt namelijk niet aan het product.
Wat kaas en tulpen zijn voor Nederland, is arganolie voor Marokko.

… 124 soorten…

Op het plein, in de Souk, in de supermarkt: overal verkoopt men het.
De eerste dag dat we de markt bezochten zag ik een kraampje waar men alleen maar van die olie verkocht.
Wat koop je dan? 124 soorten……iets met bomen en bos, maar dan met olie.
Ik kocht eerst niks. “We komen vast nog wel meer tegen.”
Nou en of.

Eerst in een supermarkt in de buurt van de shuttle-bushalte.
Daar wilde ik even kijken omdat ik nieuwsgierig was naar een Marokkaanse supermarkt; daar stonden de flesjes in een rijen in de schappen.
Daar kocht ik een flesje voor Piety.

Verder maakten we tijdens onze vakantie één dagtrip naar het Atlasgebergte, waar we een waterval zouden bezoeken: la Cascade de Ourika in Setti Fatma. Daarover in een volgend blog meer.
Op de heenweg bezochten we een Berber-dorpje, maar we werden wel voor de deur van een klein arganolie-bedrijfje afgezet, waar we zomaar een privé-gids hadden die ons gelijk een werkplaats binnen loodste.
Daar zaten vier vrouwen op een rijtje die de verschillende stadia van het maken van arganolie lieten zien.
Vervolgens nam de Arabisch Engels sprekende gids ons mee naar een winkeltje met arganolie producten.
Het was niet de bedoeling dat je dat winkeltje weer uitliep zonder iets gekocht te hebben.
Voor mezelf kocht ik een flesje met een dispenser en Gerard kocht een creme op basis van de beroemde olie.

Eigenlijk ben ik niet zo van de crèmes en zalfjes.
Ik ben gezegend met een gemakkelijk huid en het enige wat ik er op smeer is zonnebrandcrème.
Maar nu heb ik arganolie.
Iedere morgen spuit ik een drupje op mijn handen en waarachtig…….

Geplaatst in Alledag | Getagged , | Een reactie plaatsen

22 februari: Marrakech 2 – Niet te animeren.

De eerste avonden in het hotel in Marrakech hadden we als vrienden onderling gespreksstof genoeg, maar op de derde avond kwam één van ons met een spel.
Het ‘Billen-bloot- spel; dat leek haar wel wat voor onze groep.
Even voor het beeld: wij met z’n achten op bankjes en stoeltjes in de lounge van het hotel, voorzien van koffie, of later op de avond een drankje. Gezellig.
Tenminste, wij vonden het gezellig; de dame die actief was voor het animatieteam (door ons steevast animeermeisje genoemd) dacht daar heel anders over.
Ze kwam iedere avond stralend bij ons langs.
Of we meededen met dansen.
Nee.
Of we kwamen zingen bij karaoke.
Nee.
Sorry.
In gezelschap van oude vrienden hoeven we niet vermaakt te worden, we hadden ons eigen spel. Het billenbloot spel dus.
Het is een spel om elkaar beter te leren kennen met vraagkaarten die een aanzet geven voor een gesprek.

Je trekt om de beurt een vraagkaart, waar jij als eerste een antwoord op geeft.
Die spelregel was trouwens nog moeilijk….zodra iemand een vraag had voorgelezen had iemand anders daar al weer een antwoord op gegeven of er iets over geroepen.
Je kunt het spel uitbreiden met antwoordkaarten waardoor je punten kunt verdienen door te voorspellen wat de ander gaat zeggen, maar daar zijn wij niet eens aan toegekomen!
Deze meest eenvoudige manier was voor ons al ingewikkeld genoeg.

De vragen zijn opgesteld rond politieke meningen, persoonlijke keuzes en de banale dagelijkse praktijk; een paar voorbeelden

Ben je een zelfstandig denk(st)er?

Heb je veel belangstelling voor andere mensen?

Vind je dat je intensief leeft?

Is het mogelijk de welvaart in de wereld eerlijk te verdelen?

Heeft het zin om mensen te straffen?

Kunnen dieren denken?

Je vriend of vriendin is jaloers. Houd je daar rekening mee?

Als je dit doet met een groep mensen die je al 40 jaar kent weet je natuurlijk al wel ongeveer wat het antwoord zal zijn, maar toch ontstonden er gesprekken over onderwerpen die wij niet zo vaak op een doorsnee verjaardag bespreken.
Je wisselt van gedachten en je leert elkaar nog beter kennen.
Soms bleven we uitgebreid hangen bij een onderwerp, soms waren we ook maar zo klaar, bijvoorbeeld bij de vraag ‘Wat vind je van de vrije liefde?’
“Daor doe ‘k niet an.”
Duidelijk.

Na twee avonden serieuze  maar soms ook hilarische gesprekken deden we de laatste avond UNO.
Een kaartspel (een soort pesten), populair bij groepen pubers.
Ook heel geschikt voor ons.
Zoveel onbekommerde lol….. daar heb je echt geen animatieteam voor nodig.

Geplaatst in Alledag | Getagged , | Een reactie plaatsen

21 februari: ‘Moi’ in Hoogersmilde.

Met mijn broer had ik afgesproken dat we onze wekelijkse wandeling een keer in Hoogersmilde zouden doen, de plaats waar we opgroeiden.
“Dan gaan we nog een keer ‘de Bosweg’ rondlopen”.
Gistermorgen haalde ik hem om 10.00 uur op.
Op de heenweg bezochten we het graf van onze ouders; ik had een emmer en wat oude doeken mee, zodat we het gelijk even konden schoonmaken.

Toen we bij het graf stonden kwam het gesprek er op dat we er, nu mijn moeder is overleden, niet zo vaak meer komen. We komen bijna niet meer in Hoogersmilde, dus een bezoek aan het kerkhof moet echt gepland worden.
“Voor mij zijn ze hier ook niet” zei ik.
Mijn ouders zitten voor mij in foto’s, kleine dingen die ik nog van ze heb, zinnen en woorden die ze vaak zeiden en in hoe ze ons hebben opgevoed.
Ik vertelde dat ik die ochtend voor ik richting Assen reed het lied ‘Kom, Kees, het is maar tijdelijk’ op de radio hoorde.  Dat dat lied voor mij onlosmakelijk met mijn vader is verbonden: we zongen als kinderen zelfs een parodie op dit lied toen mijn ouders 25 jaar getrouwd waren. Henk had eergisteren nog het lied ’t Is de schuld van ’t kapitaal’ voorbij horen komen; dat had hem ook zo aan mijn vader doen denken, omdat die dat altijd zong om de familie op de kast te jagen.

….eem binnerdeur bij Jonkers langes….

Samen wandelden we door Hoogersmilde.
Langs de voormalige kleuterschool, ons oude huis aan de Servatiusstraat, het hertenkamp, de speeltuin, het appartementencomplex waar mijn moeder de laatste jaren woonde en we liepen ‘de Bosweg rond’. Langs het dorpszwembad, de campings, de weilanden en even binnendoor bij Jonkers langs.
Al met al was het nog geen uur, terwijl de wandeling vroeger toen wij kinderen waren altijd eindeloos duurde. Herinneringen buitelden over elkaar heen en we vertelden elkaar hoe we de dingen in onze jeugd beleefd hebben. Wat fijn was en wat vervelend was.

Servatiusstraat 13 in 1978

In ons oude huis zat een klein jongetje op de plek van mijn vader.
Vonden we allebei gek; daar zat namelijk vroeger nooit iemand anders.
En de ligusterheg, die mijn ouders altijd heel kort hielden, was metershoog geworden.
Er lagen zonnepanelen op het dak en achter het huis stond een lounge-set.
De tuin was helemaal kaal en de berkenbomen die mijn vader had geplant waren omgezaagd.

A trip down memory-lane.
Met wie kun je dat beter doen dan met je broer.
Halverweg de wandeling kwamen we iemand tegen op de fiets die we niet kenden.
“Moi.”
“Moi.”
We keken elkaar aan.
O ja. Hier groet je nog gewoon iedereen.
Moi.

Wat een waardevolle dag.

Ook nog even terug in de tijd met Kees & de schuld het kapitaal?
Hierbij twee linken naar YouTube-video’s.
Kom Kees het is maar tijdelijk >>>
Mensen noem elkaar geen mietje >>>

Geplaatst in Alledag | Een reactie plaatsen

20 februari: Lezer van de maand – Theo van Beijeren

Hoe kennen wij elkaar?
We kennen elkaar van de kerk in Roden. Ik leerde Ada kennen via het wijkteam waar zij deel van uitmaakte en later hebben we elkaar uitvoeriger leren kennen, zowel in de websitegroep als persoonlijk.

Waar en wanneer ben je geboren?
Ik kwam in 1951 als oudste in een gezin met zeven kinderen ter wereld in Leeuwarden, waar ik ook mijn jeugd en schooltijd heb doorgebracht. Daarna verhuisde ik naar Kampen voor de studie theologie. Ik ben vervolgens in Wijhe, Wieringerwerf en Roden predikant geweest; in die laatste plaats wonen we nog steeds met veel plezier.

Verliefd? Verloofd? Getrouwd?
Alle drie, en wel in precies die volgorde. Aly en ik zijn getrouwd in 1973 en hebben vier kinderen gekregen en intussen ook al zes kleindochters.

In welke levensfase zit je nu, en hoe vul je je dagen?
Inmiddels ben ik met pensioen en geniet ik van de vrijheid. De dagen vullen zich vanzelf met wat bestuurlijke activiteiten en wat vrijwilligerswerk voor de kerk in Roden (het kerkblad opmaken) en in de regio (visitatie, wat zo ongeveer neerkomt op gevraagd worden om in problematische situaties in gemeenten te bemiddelen of een oplossing te adviseren). Verder lees ik graag, luister naar muziek, tuinier, we bezoeken concerten, fietsen veel en hebben eindelijk wat meer tijd voor contacten met familie, vrienden en bekenden.

Wat wil je graag met de lezers delen?
Naast de al genoemde tijdsbestedingen houd ik me bezig met het maken en onderhouden van websites. Mijn eigen website bevat veel familiegegevens en stamboomoverzichten van mijn vier grootouders die ver teruggaan. Ook schrijf ik zo nu en dan een blog over uiteenlopende onderwerpen, waarbij regelmatig het thema ‘Genealogie’ terugkomt met alle aardige zaken uit de geschiedenis die ik bij het stamboomonderzoek tegenkom. Daarover wil ik hier iets vertellen.

GENEALOGIE
Een bijzondere achternaam als de onze (van Beijeren Bergen en Henegouwen) nodigt als vanzelf uit tot een duik in het verleden. Waar komt die naam vandaan? Zijn we ook nog familie van Jacoba van Beieren? Het stamboomonderzoek leidt terug tot de eerste helft van de 16e eeuw. Een directe link met het Beierse Huis heb ik niet kunnen leggen, alhoewel anderen de twee ontbrekende generaties op een speculatieve manier hebben weten in te vullen. Ik vermoed dat we afstammen van een bastaardtak; buitenechtelijke relaties van adellijke personen waren toen heel gewoon.

Opmerkelijk is, dat in de stamboomgegevens je ruim dertig verschillende manieren tegenkomt waarop de naam geschreven wordt. De meest bizarre variant heb ik hier als illustratie bijgevoegd; die heeft overigens niets te maken met de geschiedenis, maar meer met een gedachtenkronkel van de afzender…

Tegenwoordig is internet voor de stamboomonderzoeker een geweldige bron. Steeds meer materiaal uit archieven van burgerlijke gemeenten komt beschikbaar, waardoor je via de aktes leuke details op het spoor kunt komen. Zo kwam ik bij een van de voorouders terecht in de Kolonie van Veenhuizen, vond ik bij een andere voorouder een onverwachte woonplaats die me meteen een heel eind verder terugbracht in de familiegeschiedenis en kwam ik bij nog een ander ver familielid een veroordeling tegen wegens een vechtpartij. Een leuke vondst was ook dat een verre voorouder boer is geweest op de Keukenhof, die in die tijd de groenten en kruiden leverde aan het Beierse hof.

Wat ook leuk is wanneer je de stamboomgegevens op een website plaatst, zijn de reacties en vragen die je uit allerlei delen van de wereld krijgt. Zo ontving ik berichten uit Nieuw Zeeland, Amerika, Zweden, Duitsland en uit allerlei plaatsen in Nederland. Die leveren soms interessante uitwisseling van gegevens op.

Een bijzonder onderdeel van mijn speurtocht naar het verleden is het levensverhaal van mijn grootvader, ook een Theo. Een tijdje geleden kreeg ik drie verhuisdozen vol materiaal dat uit zijn archief kwam. Mappen vol foto’s (soms meer dan 100 jaar oud), helaas lang niet allemaal met een beschrijving van de personen. Klassenfoto’s van de scholen waar hij onderwijzer was. Gedichten en verhalen die hij schreef. Een doos met spullen van een jong overleden kind. En nog heel veel meer. Ik ben bezig het te ordenen, en probeer er een levensverhaal van mijn grootvader van te maken.

‘Zoutkeet’ Leiden

Maar dat schiet nog niet zo hard op. Als ik een adres tegenkom waar hij gewoond heeft, probeer ik te achterhalen of dat huis nog bestaat en hoe het er nu uitziet. Als ik een foto uit 1920 met een motorfiets tegenkom, dan zou ik willen weten welk merk dat was. En als iemand in “De Zoutkeet” in Leiden heeft gewoond, maakt me dat benieuwd: waar was die buurt? En waarom heette die ‘Zoutkeet’? Zo zit je zomaar uren op het internet naspeuringen te doen. Dat is trouwens een heel leuke bezigheid, die je veel leert over de geschiedenis en de tijd waarin je voorgeslacht heeft geleefd. Die historische belangstelling heb ik dus met Ada gemeenschappelijk…

En intussen probeer ik zoveel mogelijk vast te leggen op mijn website >>> en via mijn blog door te vertellen. Want ook die passie voor een blog deel ik met Ada. Al moet ik er eerlijk bij vertellen dat ik lang niet zo regelmatig iets schrijf…

Geplaatst in Lezer van de maand | Getagged , | Een reactie plaatsen

19 februari: Marrakech 1 – Een stad in een stad.

Voordat we naar Marokko op vakantie gingen had ik me eigenlijk nog niet zo verdiept in de stad die we gingen bezoeken: Marrakech.
De donderdag voor ons vertrek kocht ik in Roden een klein informatieboekje mét stadsplattegronden bij boekhandel Daan Nijman en in het vliegtuig las ik het door.

In 1917 kwam Marokko onder Frans protectoraat, dat duurde tot 1956; toen werd het land onafhankelijk en werd het een koninkrijk met Mohammed V als koning
Inmiddels zit zijn kleinzoon Mohammed VI op de troon.
De Franse overheerser liet de oude binnenstad volledig in tact en bouwde buiten de  stadsmuren een nieuw stadscentrum: Gueliz. Hierdoor is het oude centrum rond het Djemaal el Fna-plein en de Koutoubia-moskee goed bewaard gebleven.
Een vakantie in Marrakech betekent dat je onophoudelijk wordt geconfronteerd met die twee gezichten van de stad.
Afbeelding: de oude stadsmuur met een stadspoort, daarachter de Medina, het stadsdeel achter de oude muren. 

Vanuit ons hotel vertrok er regelmatig een pendelbus naar het centrum van Marrakech, waar we veelvuldig gebruik van hebben gemaakt; het was een half uur rijden.
De eerste dag  bezochten we het beroemde bovengenoemde plein  en een klein gedeelte van de daarnaast gelegen Souk. Dat is een soort overdekte markt waar van alles wordt verkocht: o.a. Marokkaans aardewerk, kruiden, lederwaren, vers fruit, schoenen tassen en sjaals. (Zie afbeeldingen)
We voelden ons als groep West-Europees uitziende toeristen op zijn minst onwennig.
De drukte, de merkwaardige geuren, de overduidelijk andere cultuur: we waren wat voorzichtig en bleven bij elkaar.

Als souvenir wilde ik graag een handgeweven sjaal kopen. Op het moment dat ik naar een sjaal toeliep waarvan de kleuren me wel aanstonden had ik de verkoper al achter me staan. “Madame! Beautifull!”
Hij bedoelde de sjaal.
Hij haalde hem voor mij uit het rek en voerde een mooi toneelstukje op.
“You look like Mona Lisa with this! I show you!”
De sjaal werd op een speciale manier om me heen gedrapeerd en er werden foto’s gemaakt; ook de andere dames kregen een sjaal omgehangen.
Daarna moest ook één van de mannen er aan geloven.
De langste man van de groep kreeg een bruine sjaal om zijn hoofd gedrapeerd zodat hij eruit zag als Ben Hur. Om de sjaal daar te krijgen moest de Marokkaanse verkoper op een krukje staan……

Natuurlijk probeerden we wat af te dingen op de Mona Lisa-sjaal en natuurlijk betaalden we toen toch nog teveel, maar dat hoort allemaal bij het toneelstukje.
Verder hebben we vooral genoten van alle bijzondere dingen we onderweg tegenkwamen.

Je kijkt werkelijk je ogen uit.
Slangenbezweerders, aapjes die kunstjes doen en  vrouwen die je hand willen vasthouden om er een henna-tattoo op te zetten; dat lukte één van hen bij Sinet (zie afbeelding rechts). Zij kreeg een sierlijke tekening op haar hand die volgens de maakster haar naam voorstelde.
Verder heel veel  volgepropte winkeltjes met allerlei soorten artikelen, geslachte dieren die aan een haak aan een hoek van de winkel hangen en niet te vergeten: een kakafonie aan geluiden.

Deze vakantie was een belevenis om nooit te vergeten. De komende weken zal ik af en toe  in een blog andere onderdelen van deze belevenis belichten .

Geplaatst in Alledag | Getagged , , | Een reactie plaatsen

18 februari: Patatje kern-oorlog?!?

Zondagmiddag verzamelde ons hele gezin zich bij Zwemkasteel Nienoord voor de eerste activiteit van ons jaarlijkse ‘Februari-is-stom-feest’, ooit bedacht door Harriët die de maand februari niet om door te komen vond.
Dit jaar vierden al weer de vierde editie van dit feest.
Benieuwd naar wat we de voorgaande jaren deden? Klik hier voor een blog over het feest in 2019 >>>> , daar vind je ook links naar voorgaande jaren.

Natuurlijk was er dit jaar even discussie over de vraag of februari dit jaar eigenlijk wel stom was gezien onze heerlijke vakantie naar Marrakech, maar dat had geen invloed op het feest: het ging gewoon door.
Gerard had bedacht om dit jaar te gaan zwemmen.
Dat vindt iedereen leuk en we hebben ons twee uur prima vermaakt in Leek.
Synchroon duiken, lopend op een mat proberen de overkant te halen, schoolslag, rugslag, dobberen in de stroomversnelling en niet te vergeten: de waterglijbaan!

Vervolgens genoten we van ‘patat met iets lekkers’ bij Alida’s Smulpaleis.
Jon verrastte het meisje dat de bestelling opnam door een ‘patatje Kern-oorlog’ te bestellen.
Het kind had geen idee.
Jon eigenlijk ook niet, hij had ooit eens gehoord dat dat bestond en was wel nieuwsgierig wat het was.
Wat kreeg Jon?
Een patatje met fritessaus, currysaus, pindasaus en gesnipperde uien.
Een hele vreemde combinatie; ben benieuwd of ze het bij Alida’s op het menu gaan zetten….
Mijn ‘iets lekkers’ was een eierbal en mijn toetje was een softijsje met advocaat.
Ik wist niet eens dat je dat kon bestellen, maar het is een versie van Sundea’s.

’s Avonds deden we nog een spelletje poker.
Gokken met kaarten, één van mijn lievelingsspelletjes.
Veel inzetten omdat je Two pair hebt met als hoogste twee vrouwen, heeft je tegenspeler twee heren. Pot weg.
Veel inzetten omdat je hoopt op een Straight die niet komt. Pot weg.
Niet veel inzetten, weggaan en er achter komen dat je achteraf Three of a kind had gehad.
Pot weg.
Bluffen met één pair en winnen. Pot binnen!
Eindeloos kan ik dit spel spelen.
Bijna net zo leuk als klaverjassen.
Bijna.

Februari wordt een stuk leuker met dit feest.
Op naar het eerste lustrum in 2021!

Geplaatst in Alledag | Getagged , | Een reactie plaatsen

15 februari: Geland.

Gisteravond, vrijdag 14 februari, zijn we om 19.30 u geland op vliegveld  Eindhoven.
Zes dagen waren we met onze vrienden voor de 40-jarige jubileumvakantie in Marrakech. De blogs tot gisteren had ik voor de vakantie al ‘klaargezet’, vandaag zou het eerste Marokko-blog verschijnen dat ik afgelopen week zou gaan schrijven.
Dat doe ik namelijk altijd tijdens onze vakanties.

Maar er is nog niet één blog klaar.
Dit was namelijk een ‘anders dan anders’-vakantie.

Na het ontbijt kon ik niet schrijven, want dan gingen we met z’n achten op het terras koffie drinken in de zon.
Gezellig.
Daarna gingen we met de shuttle bus naar Marrakech en dompelden we ons onder in Afrikaanse sferen.  Dan waren we om 19.00 u terug in het hotel en zaten minstens tot 21.00 u aan het diner-buffet.
Dan moesten we al weer nodig koffie in de bar,  waarna we naadloos overschakelden op ‘borrel & spelletje’.
Eigenlijk gingen we niet eens zo laat naar bed, maar aan het schrijven van een blog had ik op dat moment totaal geen zin meer.

Eén dag hadden we een rustdag. Toen zou ik mijn blog-achterstand wegwerken. Maar we zaten heerlijk onder de parasols bij het zwembad, ik had een fijn boek,  ging lekker zwemmen en toen was er nog een vierde man nodig voor een boom klaverjassen: geen blog.

Lang verhaal kort: heerlijke vakantie, veel gezien,  maar ook heel veel gepraat en geouwehoerd.
Stilgestaan bij 40 jaar vriendschap.
Veel gedeeld en erg genoten van Marrakesh, van de luxe van ons resort en vooral van elkaar.
In het vliegtuig zou ik gaan schrijven, maar het fijne boek had me helemaal in zijn greep…..

Gisteravond zijn we geland op Eindhoven, maar het mag duidelijk zijn: ik ben nog niet helemaal  geland; ik moet even bijkomen en omschakelen.
Er zullen de komende weken een aantal blogs verschijnen over onze avonturen in Marokko, maar ik neem eerst een kleine pauze: afkick-reces.
Als ik helemaal ben ‘geland’ meld ik me weer.

Geplaatst in Alledag | Getagged , , | Een reactie plaatsen

14 februari: “Kaïn slaat Abel doot”

Drie jaar geleden begon ik in januari aan het project ‘Een kastje per dag’.
Daarover schreef ik toen een blog onder de titel: ‘de diepere laag van je huishouden’>>>.
Het lukte vrij goed dat jaar. Op de benedenverdieping had ik alle kastjes gehad en ik was al boven begonnen toen mijn moeder begon te kwakkelen. Het kastjes-project kwam op een laag pitje en in plaats van minder rommel kreeg ik juist meer: nadat mijn moeder overleden was moest haar huis leeg en heel veel spul kreeg eerst een plaatsje bij ons in huis.

Dit jaar ben ik weer begonnen met het ‘één-kastje-per-dag’-concept.
In het eerste kastje vond ik onze oude kinderbijbel, door mij destijds al meegenomen vanuit de Servatiusstraat in Hoogersmilde.
‘Bijbelse vertellingen voor onze kleintjes’ door W.G. van der Hulst.
Inderdaad, die van Rozemarijntje.
Wij hadden bij ons thuis de 14e druk, de eerste was al in 1926 verschenen.
De schrijver heeft een voorwoord geschreven in het keurige Nederlands van voor de oorlog; lees even mee.

Dit boek wil een een heel bescheiden, heel eerbiedig pogen zijn om het kléine kind reeds binnen te leiden in de heilige sfeer der Goddelijke dingen, – die achteloosheid nooit ontwijde. Zij de belangstelling der kleuters de toets, in hoeverre dit pogen slaagde. En schenke God onze kleinen. Zijn wondere zegen in de stille uren van luisteren naar Zijn stem; ook reeds aan moeders schoot.

Wij lazen bij ons thuis vroeger ’s avonds bij het warm eten uit de bijbel, gevolgd door een stukje van de dagkalender, maar ’s middags, als mijn broer en ik thuis kwamen voor het brood eten, las mijn moeder voor uit deze kinderbijbel.
Daar bewaar ik goede herinneringen aan.
Zo goed, dat ik dat overnam en tussen de middag voor de  kinderen een stukje voorlas uit deze kinderbijbel. Soms moest ik de verhalen wel een beetje aanpassen, want de schrijfstijl was wel erg ouderwets. Tot een bepaalde leeftijd vonden onze meisjes het mooi, vooral de plaatjes werden  met grote belangstelling bekeken. Toen Carlijn de kleuterleeftiijd was ontgroeid kwam het boven in de boekenkast en weer later verhuisde het naar het bewuste kastje waar ik het dus deze week terugvond.

Ik bladerde het even door.
Herkende alle plaatjes, wist bij ieder plaatje het bijbehorende verhaal.
Voorin lag een mooie plaat van Daniël in de leeuwenkuil; die kreeg je vroeger op de zondagschool als je jarig was.
Er lag ook nog een tekening in van Frea.
(Klik op de foto voor een vergroting).
“Kain slaat ABEL doot” staat er onder de blauwe wolkjes.
Abel roept nog “Neee!” maar het heeft kennelijk niet geholpen.

Zucht.

En toen had ik nog maar één kastje gehad.

Geplaatst in Alledag | Getagged , , | Een reactie plaatsen

13 februari: Voeg leven toe aan de dagen (1)

Dit jaar hoop ik 60 te worden.
Toen ik nog in het Heijmanscentrum in Groningen werkte zag ik in een tijdschrift een heel lezenswaardig artikel met de titel: “Voeg leven toe aan de dagen in plaats van dagen aan het leven.” In die periode was de eerste serie over Hendrik Groen op de televisie en ik zag de feestende Omanido-club voor mij.

In het artikel werden allerlei aspecten van het dagelijkse leven benoemd en men gaf adviezen en tips over wat je zelf kunt doen om je leven te veraangenamen als je ouder wordt. Dat wil ik graag op deze website delen, maar dat past allemaal niet in één blog, vandaar dat ik vandaag begin met de nieuwe serie: “Voeg leven toe aan je dagen”. Vandaag deel 1 met als onderwerp leeftijd.

Wat zegt leeftijd? Dat wil ik graag illustreren aan de hand van een gebeurtenis in mijn eigen leven. In 2011 (na een aantal hartinfarcten) , kwam er een collega mijn kantoor binnenlopen. Nou ja, lopen…. hij hing tegen de deurpost.
“Morgen ben ik jarig. Ik word 60. ZESTIG! Verschrikkelijk. Dan ben ik oud en afgeschreven. Ik weet nog precies hoe ik vroeger over ouderen dacht en nu ben ik het zelf!”
Ik heb hem destijds vriendelijk doch dringend verzocht op te hoepelen met z’n gezeur.
Heb hem uitgelegd dat hij de vlag uit moest steken, want als je niet ouder wordt ben je dood. “Vanavond schenk ik een glas port in, dan denk ik even aan je. Zum Wohl.”

Hij droop somber af; het had kennelijk niet geholpen.
Hij zou over een half jaar pensioen, maar voor die datum werd hij getroffen door een ziekte; ik weet niet meer precies wat het was, maar ik hoorde dat het kantje boord was geweest. Men had hem een been moeten afzetten, maar hij had het overleefd.
Twee jaar later, in 2013, stond hij ineens voor mijn bureau en ik riep: “Hé, hoe is met jou? Ik hoorde hele nare berichten!”

Hij was speciaal gekomen om mij te bedanken voor mijn gemopper vlak voor zijn zestigste verjaardag. Hij had een hele nare periode gehad, had heel hard moeten werken aan zijn revalidatie, maar hij was nu zover dat hij zich goed kon redden met zijn prothese. Hij had zelfs een aangepaste auto en was die dag voor het eerst alleen op pad.
Hij had nog heel vaak aan ons gesprek moeten denken en zei: “Ik heb nu, ondanks mijn handicap, een beter leven dan toen, omdat ik me nu realiseer hoe kwetsbaar je bent als mens en dat je maar één leven hebt. Ik haal er nu uit wat er nog in zit.”

Levens-quote 1: Leeftijd is maar een getal en het is volledig irrelevant tenzij je een fles wijn bent. (Joan Collins).

Geplaatst in Alledag | Getagged , , | Een reactie plaatsen

12 februari: Een appelboom planten.

Geen kerkdienst voor ons afgelopen weekend; we waren zondag even niet in Roden.
Daarom vandaag een verhaal over geloven en vertrouwen uit mijn eigen leven.
Als je dit blog geregeld leest, weet je dat ik al een een aantal keren ben getroffen door een hartinfarct. Meestal kon het worden opgelost door het plaatsen van een stent, maar de laatste keer, maart 2018, moest er een hartoperatie met een omleiding aan te pas komen om de verstopping in de aderen te verhelpen.
De infarcten worden veroorzaakt door de vaatziekte Fybro Musculaire Dysplasie.
(Meer weten? Zoek dan met de zoekterm FMD op Google)

De ziekte is verraderlijk; het kan op ieder moment toeslaan en dat kan op verschillende plekken in het lichaam. De kans dat het weer gebeurt is vrij groot. Kan over drie weken, over drie maanden, over drie jaar: je weet het niet.
De eerste cardioloog die mij behandelde zei: ‘Mevrouw Waninge, wij zien elkaar terug, maar als wij elkaar terugzien, zorg dan dat u het in ieder geval een beetje leuk hebt gehad’.

De eerste keer dat ik met een infarct werd geconfronteerd was in februari 2004 en ik was furieus.
Zo boos, dat ik de medicijnen die me werden voorgezet in eerste instantie niet eens wilde slikken. Hoezo hartinfarct. Hoezo vaatziekte. Ik was 44 jaar en in alle staten.
Daarna was ik vooral heel bang; angst is een slechte raadgever.
Wat heb ik omgepakt met die angst; het is er namelijk altijd.
Hoe leef je dan nog een beetje ontspannen?

In de zomer van 2004 waren we met ons gezin op vakantie in Noord Duitsland en ik ging op zondagmorgen naar de kerk in het dorpje waar onze camping was, Aschendorf.
De dominee vertelde in zijn preek dat Luther had gezegd: “Als ik wist dat morgen de wereld zou vergaan, zou ik vandaag nog een appelboom planten”.
De voorganger legde uit dat de onderliggende gedachte bij deze quote was: “Leef gewoon je leven, doe je wat je moet doen en laat je daarbij niet verlammen door de angst voor wat morgen zou kunnen gebeuren.”

Daar in de kerkbank drong het besef tot me door dat deze preek voor mij bedoeld was.
Dat die preek precies was wat ik op dat moment nodig had.
Laat je niet verlammen door de angst voor wat morgen zou kunnen gebeuren.

Wat heb ik in de afgelopen jaren vaak aan die appelboom gedacht.
Want onze wereld verging dan wel niet, maar stond wel regelmatig danig op z’n kop.
Wat heb ik al veel ‘appelbomen’ geplant.
Wat heb ik dit verhaal de afgelopen jaren al vaak verteld aan mensen; het heeft mij zo geholpen en het helpt me nog steeds.
Door het nu op mijn blog te delen hoop ik met dit verhaal ook andere mensen een hart onder de riem te kunnen steken.

Leef je leven.
Plant die appelboom.

Geplaatst in Alledag | Getagged , , , | Een reactie plaatsen