De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

22 september: Een dagje geschiedenis (3) – De state.

Op 14 augustus las je dat neef Cor en ik de terp van Hegebeintum bezochten en op 7  september vertelde ik over ons bezoek aan het kerkje op de terp.
De laatste regels van dat blog waren:

Toen we terugliepen zagen we nergens die borg; bordjes wezen naar een bos even verderop.
Met de megalomane rouwborden nog op ons netvlies verwachtten we zoiets als Verhildersum of  de Menkemaborg.
Wordt vervolgd.

Harsta State 1722 – Afbeelding: Wikipedia

Die grandeur heeft het vroeger wel gehad. Het gebouw wordt voor het eerst genoemd in 1511, toen ene Rummert oppe Harst up Hersma State genoemd werd in het register van aanbreng van Hogebeintum.
Rechts zie je een afbeelding van hoe het er in de 18e eeuw uit zag: toen was de Harsta State aanzienlijk groter dan nu en bezat een zijvleugel en een verdieping.
In 1843 werd in opdracht van de toenmalige eigenaar het gebouw verlaagd en gepleisterd; ook werd de zijvleugel vervangen en kreeg de state zijn huidige vorm.
Tegenwoordig is het een mooi, groot huis met een gracht er omheen, maar het past qua volume en uitstraling niet meer bij de rouwborden die we in de kerk hadden gezien.

De gids nam ons mee naar binnen.
Het huis wordt tegenwoordig verhuurd als vakantiehuis; als museumbezoeker mag je alleen in de hal en in de salon kijken.
Die ‘grote zaal’ bevindt zich midden in het huis; in die salon werden vroeger de gasten ontvangen.
We mochten zelfs gewoon aan de tafel plaatsnemen; je waant je er in de 19e eeuw.
Eén van de kasten in de kamer geeft een mooi historisch overzicht: iedere plank heeft een jaartal en er worden kaartjes, portretten en attributen tentoongesteld. Meer informatie over deze Friese state vindt je hier.

Leuk weetje: in de avonduren wordt de zaal gebruikt als grote woonkamer van het vakantiehuis.
Wil je het ook een keer huren en een paar dagen  op stand in de 19e eeuw wonen?
Kijk dan op deze website.

Naast de state ligt de Harsta Hoeve: een stelpboerderij die tegenwoordig dienst doet als groepsaccomodatie.
Achter de boerderij ligt een unieke, monumentale hoogstamboomgaard uit 1860 en een mooie siertuin met bijzondere stinzenplanten; Cor en ik maakten nog een wandeling over de kronkelige tuinpaden.

Als je echt alles wilt weten over de state en haar geschiedenis, dan verwijs ik je naar de website ‘Stinsen in Friesland’.
Op deze pagina op die site lees je alles over de families die er gewoond hebben en wat er in de loop van de eeuwen met het gebouw is gebeurd.

Over ons dagje geschiedenis heb ik 4 blogs geschreven.
Onderaan deel 1 – De terp vind je een overzicht.

Reageren

21 september: Ontspannen zingen.

Gistermorgen werden we om 08.45 uur in Op de Helte verwacht: de Cantorij Roden werkte mee aan de viering.
Het was een feestelijke kerkdienst, want er werden twee nieuwe ambtsdragers bevestigd: Didi Weistra wordt diaken en Mathilde te Velde ouderling.
En waar we anders nog wel eens onzeker zijn over een moeilijk lied en flink moeten bijschaven en repeteren in het uur voor de dienst aan, deze morgen zaten de muziek en de teksten er op voorhand goed in. Niet dat het allemaal simpel was wat we zongen, maar drie weken waren voldoende geweest voor het repertoire van gistermorgen.

Werken we met de cantorij mee aan de viering, dan ligt mijn focus heel erg op de muziek.
Wanneer moeten we zingen? Wat is onze begin-noot? Waar moesten we bij dit lied ook maar weer om denken? Bij welke coupletten zingt de gemeente mee? Karel houdt ons bij de les en dirigeert ons én de gemeente. Door de extra aandacht voor de muziek krijg ik automatisch minder mee van de inhoud van de viering; ik ben simpelweg te veel afgeleid.
Aan de andere kant: samen zingen in een koor is op zich al een religieuze beleving.
Je zingt veelzeggende teksten die zijn uitgezocht bij het thema van de dienst en de vierstemmigheid maakt die liederen nog mooier.

De waarde van mijn dag was dat het zingen weer fijn was.
Sinds 2022 kampte ik met stemproblemen na corona en dat vond ik heel vervelend.
Als zingen iets vanzelfsprekends voor je is, denk je er nooit bij na dat dat ook anders kan worden.
Na twee jaar aanmodderen, af en toe met de tenoren meezingen en een vermoeide strottenhals na een cantorijrepetitie ging ik begin 2024 naar Betty, logopedist en stemtherapeut.
Van haar heb ik veel geleerd over ademsteun bij het zingen en over het gebruiken van je hele ‘klankkast’ en niet alleen de keel.
Het is niet meer zo geworden als voor 2022; de stem wordt nu eenmaal ouder.
Maar inmiddels kan ik bijna alles weer gewoon met de alten meezingen; een lage alt weliswaar, maar de C zit er er weer gewoon op.
Nu ik probeer op te schrijven wat dat zingen voor mij betekent kom ik er achter dat ik dat eigenlijk niet kan uitleggen.
Tijdens het zingen van drie- of vierstemmige liederen kan ik intens genieten van de samenklank.
Gistermorgen bijvoorbeeld stond ik naast een sopraan met de bassen in de rij achter ons en de tenoren rechts achter me.
Dan hoor je alle vier de stemmen en op het moment dat ik me gistermorgen realiseerde dat ik na jaren weer ontspannen stond te zingen en me geen zorgen maakte om mijn stem ontroerde me dat.

De laatste zin van de overdenking was: En die ervaring is voor geen geld te koop!
Dat ging niet over zingen.
Ben je benieuwd naar die ervaring?
Of naar het zingen van de cantorij?
Of baal je er van dat ik nu niets heb geschreven over de viering?
Je kunt de hele dienst terugluisteren op ons YouTube-kanaal of via Kerkomroep.

Reageren

20 september: Een raar, Nederlands woord.

Vanaf afgelopen vrijdag zijn Roden en haar inwoners collectief gegrepen door het Rodermarktvirus: rondom de Rodermarkt op de 4e dinsdag van september is het bijna een week feest in Roden. Het openbare leven ligt even helemaal stil; de Jaarbeurs van het Noorden wordt gehouden, er is een Miss verkiezing, er is iedere avond life – muziek in het centrum van Roden en op woensdag zijn de kortebaandraverijen. (dat heet hier ‘pirdjerenn’n’). Dit alles natuurlijk overgoten met een sausje van ‘hapje en meerdere drankjes’..

Gisteren, zaterdag de 19e was de optocht: de Rodermarktparade.
Het is een begrip in de omgeving. Van heinde en verre komen de toeschouwers op het spektakel af en duizenden mensen staan rijendik langs de route.
De vlag gaat letterlijk uit aan de Boskamp.
De wagens worden gebouwd door buurtgroepen en basisscholen.
Met onze drie dochters hebben we het spektakel zes keer als ‘ouders  van een kind op de wagen’* meegemaakt.

De optocht-zaterdag is in ons gezin een vaste feestdag: ’s morgens rond de koffie verzamelen de gezinsleden zich en we bekijken een aantal keren de parade.
Gistermiddag vertelde ik dat ik natuurlijk voor de wagens naar de optocht ga kijken, maar dat ik de korpsen ook altijd prachtig vind.
Ik hoop altijd dat ze een extra show geven als ze langskomen.
“Korpsen. Dat vind ik altijd een raar Nederlands woord” zei Jon.
Dat begreep ik niet helemaal. “Hoezo?”
“Een ‘corps’ is in het Engels een lijk” legde hij uit.
O ja, dan snap ik het wel.

Na de middagoptocht en de thee was het tijd voor het weggooien van € 20,-, ook een vaste traditie inmiddels.
Maar daarvoor heb je wel meer dan een half uur plezier.
Volgens één van de dochters is dat relatief gezien veel meer dan bij de meeste andere attracties op de kermis.
Ik sta allang niet meer alleen achter het muntjes-schuif-apparaat; gistermiddag stonden we maar liefst met z’n zessen te schuiven!

Toen we gisteravond vlak voor de avondoptocht met de hele club rond de broodtafel zaten realiseerde ik me zo ineens dat ik nog geen blog had.
Te gezellig!
Nu heb ik altijd wel wat op voorraad, dus het vlot van de Médusa bracht uitkomst.
Toen iedereen weg was wat het al bijna 10 uur.
Een gezinsdag van grote waarde!
“Wanneer zien we elkaar weer? Een verjaardag?”
Nee…. de volgende bijeenkomst met ons hele gezin zal in oktober zijn: het huwelijk van Carlijn en Wim.

Wil je weten wie de Parade heeft gewonnen?
Hierbij een link naar een artikel daarover op de website van De Krant.
Onder de tekst staan heel veel mooie foto’s!

* Zie eerdere blogs die ik over dit onderwerp schreef 20 september 2014 en 19 september 2015

Reageren

19 september: Het vlot van de Médusa

Door Remmelt Booy, die iedere maand een gastblog verzorgt op deze website krijg ik (meer dan vroeger) iets mee van schilderijen en van schilderkunst op zich.
Hij stuurt mij een foto van een schilderij en zijn verhaal daarbij, ik zoek of ik nog meer informatie over schilder of het werk kan vinden en samen maken we er zo een leuk blog van.
Vandaag een blog over een wereldberoemd schilderij dat Remmelt nooit in handen heeft gehad.

Het vlot van de Médusa. Afbeelding: website Kunstvensters.

Begin juli las ik op een scheurkalenderblaadje een verhaal over het schilderij ‘Het vlot van de Médusa’ van Theordore Géricault.
Dat is gebaseerd op een stukje Franse geschiedenis dat op de achterkant werd verteld.

In 1819 maakte de Franse schilder Theodore Géricault het schilderij het vlot van Medusa dat tegenwoordig in het Louvre hangt. Het is een van de bekendste schilderijen uit de Franse romantiek en vertelt over de schipbreuk van het Franse schip Medusa. Dit fregat was in juni 1816 naar Senegal vertrokken om daar de Franse koloniale macht te herstellen.
Op 2 juli liep het schip vast op een zandbank voor de kust van Mauretanië. De opvarenden besloten om de ongeveer 100 km tot de Afrikaanse kust af te leggen in reddingsboten. Er was alleen niet genoeg plek voor de gehele bemanning daarom werd er in allerijl een vlot gebouwd voor de ongeveer 150 bemanningsleden die niet op de boot pasten.

Het vlot dreef al snel weg van de rest van de groep en bleef eenzaam over de oceaan dobberen. In de tijd dat het stuurloos ronddreef overleden velen aan honger en uitputting of sprongen uit wanhoop overboord; uiteindelijk werd zelfs overgegaan op kannibalisme.
Van de ongeveer 150 opvarenden waren er aan het eind nog maar 15 over.
Na 2 weken werden ze bij toeval gered door een ander Frans schip. Géricault beeldt het moment af dat de opvarenden het schip aan de horizon zien.
De schipbreuk en de daarop volgende malaise werden een internationaal schandaal. Er kwam vooral veel kritiek op de incompetentie van kapitein Hugues Duroy de Chaumareys. Deze was door koning Lodewijk de 18e op grond van zijn adellijke afkomst aangesteld als kapitein van het schip, hoewel hij weinig zeil ervaring had.

Nou. Wat weer een verhaal!
Ben je net als ik nu ook nieuwsgierig naar meer achtergronden?
Een interessant maar ook wel macaber artikel vond ik op de website ‘Kunstvensters’.
Daarin wordt verteld hoe de schilder te werk ging bij het schilderen van dit beroemde werk onder de veelzeggende titel ‘Géricault ging over lijken voor het vlot van de Medusa 
Het werk baarde destijds veel opzien, maar het kreeg ook veel kritiek.

In dit artikel op de website Historiek lees je alles over de historische achtergronden van dit verhaal.
Daar vind je zelfs een trailer van de film ‘De schipbreuk van de Méduse’ uit 2015, waarin het schilderij een hoofdrol speelt.

Tegenwoordig is dit werk van Géricault één van de topstukken in het Louvre in Parijs: het is 5 meter hoog en 7½ meter breed.

Reageren

18 september: En langs……

Wat vul jij aan bij de woorden in de titel van dit blog?
‘En langs…..’
Bij mij gaat het automatisch over in ‘…. het tuinpad van mijn vader’.
Bij Gerard ook en die heeft dit jaar ons onderwerp van de straatversiering tijdens de Rodermarktfeestweek bedacht: Het dorp van Wim Sonneveld.
Het algemene thema deze week is ‘Cultuur door de jaren heen’; wat de wagenbouwers daar dit jaar van gemaakt hebben gaan we zaterdag zien tijdens de Rodermarktparade.
In de Boskamp kregen we dit jaar het thema ‘Muziek’ door van de organisatie.

Wij zochten bij al die zinnen die Wim Sonneveld zingt in het overbekende lied foto’s van Roden van vroeger. Een kroeg, een juffrouw op de fiets. Ik zag hun moeders touwtje springen. Boerenbloemen en een heg. De boerenkinderen in de klas. Een kar met paard…
Fokke printte voor ons de foto’s uit en heeft ze voor ons gelamineerd.

Gerard maakte een een kartonnen boog en markeerde ons tuinpad met lampjes; de boog hingen we vol met de oude beelden en op de open plekken prikten we hortensia-bollen. Boerenbloemen.
De heg staat een stukje verderop achter ons huis.

Woensdagavond waren de buren om ons heen al druk met het inrichten van hun tuin, maar toen waren wij nog niet zo ver. Donderdagavond wel, maar toen was het pokkenweer. ’s Middags hadden we zo goed en kwaad als dat ging de boog neergezet en de afbeeldingen er op geplakt, tussen 19.00 en 20.00 uur prikten we er de hortensiabollen op, brachten de lampjes aan en probeerden de muziek uit. Een half uur later stonden we mistroostig voor het raam te kijken naar de regen die met bakken uit de lucht kwam.
Gerard had weliswaar de parasol boven de boog gezet, maar die maatregel was niet helemaal afdoende……
We lieten het los en gingen ook niet meer kijken.

Toen we vanmorgen buiten gingen kijken viel de schade nog alleszins mee!
We plakten hier en daar nog een hortensiabol vast en zetten op de andere hoek van onze tuin een bordje met een foto van de boerderij die hier stond voordat ons huis werd gebouwd.
Die foto hoort bij de zin ‘dat dorp van toen, het is voorbij…’

De straat ziet er weer fantastisch uit, vooral ’s avonds als het donker wordt.
Het thema ‘muziek’ komt in vele verschijningsvormen voorbij.
Hazes is de basis, Discofever, Jazz, Bob Marley, een draaiorgel, een jukebox, Elvis Presley, Woodstock, Rock & Roll en dan heb ik nog lang alles niet genoemd.

De buren van drie huizen verderop stuurden een filmpje, gemaakt door Nils.
Ook even kijken? Dan weet je gelijk wat hun onderwerp is.

Eerlijk gezegd vrees ik voor een kakofonie aan geluid als iedereen de muziek die bij zijn/haar tuin hoort aan zet…..
Woon je in de buurt? Kom dan even kijken en wandel/fiets/rijd ook even door de andere versierde straten: ’t is feest in ’t dörp.
Gerard maakte vanavond een kleine sfeerimpressie van ons tuinpad:

Reageren

17 september: ’t Leuken 4 – ‘Hoe-plaag-ik-Gerard-dag’.

“Het is vandaag zeker ‘hoe-plaag-ik-Iejoor’-dag”
Dat is een gezins-uitspraak van Iejoor, de zielige ezel uit de verhalen van Winnie de Poeh.

Zondag 9 september wilde Gerard de auto opladen aan een laadpaal op het park.
Vervelend: de slagboom ging niet open op kentekenherkenning, hij moest tot drie keer toe naar de receptie om te vragen of ze die open wilden doen.
De laadpalen op het park konden niet gekoppeld worden, er was een storing.
Bij de receptie hadden ze ook geen idee hoe dat kon.
“Misschien bij het park hiernaast?”
Eerst weer slagboom-gedoe.
Vervolgens kon hij die laadpaal niet vinden (stond achter bosjes), maar eenmaal gekoppeld gaf die laadpaal gaf ook storing.
Na anderhalf uur kwam hij gefrustreerd weer bij het chalet.
Het is vandaag zeker ‘Hoe plaag ik Gerard-dag…’
We dronken koffie, maar het zat allemaal niet mee.
Gerard wilde één zoetje in mijn koffie doen, maar gooide het hele busje erin…

Dan maar proberen een openbare laadpaal te zoeken in de buurt, niet op een park.
Die vonden we in Well en tot ons grote geluk werd het lampje blauw: hij begon te laden.
We haalden onze fietsten van de auto af en begonnen onze fietstocht langs de Maas richting Arcen.
Eenmaal in Arcen wilden we thee met een punt echte Limburgse kersenvlaai.
Het terras waar we op zaten, voor een bakkerij, zat al bijna helemaal vol, we konden nog net een tafeltje met twee stoelen bemachtigen.
Maar er kwam maar geen ober.
Toen we gingen informeren of we het misschien zelf moesten halen bleek dat er niets meer werd geserveerd: alle vlaaien waren op en de bakkerij ging over 5 minuten sluiten.
We vonden een ander terras, waar we 2 rooibosthee bestelden. “Mogen we er een punt Limburgse kersenvlaai bij?”

….toch nog slagroom….

“Er is nog maar één soort, alleen abrikoos.”
“Prima. Mogen we daar ook slagroom op?”
Natuurlijk. De thee kwam met de vlaaien, maar er zat geen slagroom op.
“Het is vandaag zeker….”

Na Arcen wilden we met het fiets-voetveer de Maas oversteken, maar we konden het nergens vinden.
We kwamen er achter dat de hele promenade langs de Maas was afgesloten en dat het fiets-voetveer tijdelijk uit de vaart genomen was.
We wilden al bijna dezelfde weg weer terugfietsen, toen we op het kaartje zagen dat een paar kilometer verder nóg een veerverbinding naar de andere kant van de Maas was.
Toen we richting knooppunt 9 fietsten zagen we in de verte dat weg geblokkeerd was: wegwerkzaamheden.
Nee hè.  “Het is vandaag zeker…..”
Maar vlak voor de schrikhekken stond het knooppuntbordje: we moesten naar rechts en konden dus gelukkig doorfietsen.
Daar ben je op zo’n dag al blij mee!
In Well wilden we nog een terrasje met iets van bitterballen of zo, maar op het terras dat wij vonden verkochten ze alleen maar ijs enzo.
Geen borrels en bitterballen.
Zo’n dag.

‘Hoe-plaag-ik-Gerard’-plank…..

De auto moest nog 30% laden, dus we besloten die in Well te laten, die haalden we maandag wel op.
We fietsten naar ons chaletje, schonken een borrel in en maakten zelf een plank.
We proostten op de ‘Hoe-plaag-ik-Gerard-dag’ dag en vonden dat we er ondanks het gedoe toch een leuke dag van hadden gemaakt.

Andere delen van deze serie lezen?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle delen.

Reageren

16 september: ’t Leuken 3 – ’t Zusje in Venray en vlaai in Arcen.

Na de eerste fietstocht langs de Maas door o.a. Geijsteren en Well gingen we die zaterdagavond naar Venray voor een etentje.
In maart was ik al eens door onze dochters meegenomen naar ’t Zusje in Veenendaal.
Dat is een populaire restaurantketen met tientallen vestigingen In Nederland.
Je bestelt de hele avond door kleine, versbereide koude en warme gerechtjes voor een vaste prijs en er is geen tijdslimiet.
Vlees, vegetarisch, vis en heel veel andere tapasgerechtjes kun je bestellen.
De formule is opgericht door een ondernemer uit Uden. De naam ontstond doordat de tweede vestiging van zijn bedrijf, restaurant De Baron, ‘het zusje’ werd genoemd.

Deze keten kiest er bewust voor om al haar restaurants te vestigen in unieke, karakteristieke en vaak monumentale panden.
Elk Zusje-restaurant heeft een eigen geschiedenis, variërend van oude herenhuizen en voormalige postkantoren tot historische rentenierswoningen of zelfs panden met een eeuwenoude achtergrond. In Venray is het gevestigd in het oude raadhuis uit 1884.
Drie uren hebben we met z’n tweeën heerlijk zitten tafelen. Een cadeautje voor onszelf.
Aanrader. Er is ook vast een Zusje bij jou in de buurt, kijk maar eens op deze website.

De volgende dag maakten we weer een fietstocht langs de Maas: nu fietsten we vanaf de brug in Well naar het zuiden.
De bedoeling was: helemaal doorfietsen naar Arcen, daar met een voet&fietsveer over de Maas naar Lottum en dan weer naar boven. En ergens een punt Limburgse vlaai scoren.
Dat is ook grotendeels gelukt.
Oorspronkelijk zouden we maar tot 93 gaan, in een volgend blog lees je waarom we door moesten naar 92.

Onderweg vonden we een bankje vlak bij de Maas.
Pauze aan de rivier; na de jus d’orange uit een plastic ‘onderweg-bekertje’ fietsten we langs de Maas naar het zuiden.
Arcen is een mooi, oud stadje, natuurlijk vooral bekend van het kasteel en de tuinen, maar ook van de Hertog Jan Bierbrouwerij, waar we langs fietsten.
Op het plein was een fototentoonstelling over de overstromingen van 1993 en 1995.
Dat hoor en zie je in Drenthe natuurlijk op het nieuws en je denkt: “Nou, nou, wat een gedoe, het zal je maar gebeuren…” maar nu zagen wat die overstromingen destijds hebben aangericht en welke maatregelen er daarna zijn getroffen om te voorkomen dat het water weer zo hoog komt.
We verorberden op datzelfde plein een heerlijke punt Limburgse abrikozen vlaai en zochten het kasteel op.
Ook hier weer een geschiedenis van belegering en verwoesting; het huidige kasteel is gebouwd in 1653, daarvoor hadden er al twee of drie anderen gestaan.
We kwamen weer uit in Well waar we nu wel even konden kijken bij de Sint Vitus kapel.
Tijdens de zaterdagse fietstocht waren we daar ook langs gekomen, maar toen stonden er drommen mensen: er werden filmopnames gemaakt van de geschiedenis van Well.

Als je dit verslag van deze zondag de 6e september zo leest is die vrij probleemloos verlopen, maar Gerard verzuchtte al “Het is vandaag zeker ‘hoe-plaag-ik-Gerard’-dag toen de dag nog niet half om was. Waarom hij dat dacht lees je in deel 4 van deze serie!

Andere delen van deze serie lezen?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle delen.

Reageren

15 september: Liebeskummer.

Siw Malmkvist.
Nooit van gehoord dacht ik.
Maandagmorgen legde ik de laatste hand aan het blog over de Halleluja-Zumba van zondag met de Arbeidsvitaminen als geluidsbehang.
Er werden plaatjes gedraaid van een meneer uit Twente die een lijstje had samengesteld met ‘muziek die je bijna niet meer hoort op de radio’.
Nou, daar ben ik altijd wel van, dus ik was benieuwd wat meneer had uitgezocht.
‘To make my life beautifull’ van Alex Harvey had ik al voorbij horen komen tijdens het strijken.
En ‘Our world’ van Blue Mink, met Madeline Bell toen ik de was ging ophangen.
Waar ik nog even mee wachtte, want ik wilde het liedje helemaal horen.
En tijdens het schrijven van het blog kwam Siw voorbij.

“Liebeskummer lohnt sich nicht, my darling,
Schade um die Tränen in der Nacht
Liebeskummer lohnt sich nicht, my darling,
weil schon Morgen dein Herz darüber lacht.”

Op slag was ik weer puber en wist weer precies hoe ik mij voelde toen mijn vader dit lied zong toen een verkering uit was.
Ouders zeggen dan altijd van die stomme dingen.
“Geen handvol, maar een land vol!”
‘Nao dizze weer een frizze!”
En mijn vader zong dus dit STOMME LIED!
Als je 14 of 15 bent wil je dat helemaal niet horen, dus ik verdween regelmatig naar mijn kamer.
Daar was mijn gitaar, daar stond de bandrecorder en kon ik qua muziek mijn eigen ding doen.

Toen ik het vanmorgen weer hoorde schoot ik vol omdat het me zo aan thuis deed denken; en natuurlijk kan ik het refrein woordelijk meezingen…..
Bij het schrijven van dit blog zocht ik het nummer op en vond het op You Tube.
Het is een video uit 1964 en het is beslist vermakelijk om het filmpje even te bekijken.
Superhip in die tijd, hopeloos gedateerd in 2026.
Het lied is ook nog eens een oorwurm van jewelste, want het bleef de hele dag in mijn hoofd hangen.

‘Hiele kop vol allemaol herinnerings’ zou Daniël Lohues zeggen.
Die heeft over dit fenomeen in 2017 al eens een column geschreven onder de titel ‘Magisch’.
Hierbij link een link naar een PDF met dat verhaal.
Over herkenbaarheid gesproken.
Muziek is magisch.

Reageren

14 september: Halleluja-Zumba.

Het is al jaren traditie: het begin van het nieuwe kerkenwerkseizoen vieren we met een startzondag.
Gistermorgen stond Gerard bruine kadetjes te smeren voor de gezamenlijke lunch en zei: “Wij nemen vijf broden mee, ik hoop dat anderen voor de twee vissen zorgen.”
Vissen hebben we niet gezien tijdens die ‘gedeelde lunch’, maar de koster had wel lekkere frituurhapjes; vonden we ook goed. Er was ruim voldoende voor iedereen; geen 12 manden over, maar deze en gene nam nog wat mee naar huis.

Het landelijke thema voor dit jaar is ‘Beweeg mee! Kerk-zijn in het krachtenveld van Christus’.
We bewogen eerst mee met ‘Geer & Co’*  die in hun gymnastiekpakjes binnen kwamen rennen en ons (zelf al buiten adem) aanwijzingen gaven.
Stoelgymnastiek.
Na een korte maar krachtige dienst mochten we na de koffie aansluiten bij een activiteit die ons aansprak.
Op voorhand had ik gedacht dat naar de Kledingbank zou fietsen waar Ellen iets zou vertellen over het werk wat ze doen, maar er gebeurde iets waardoor ik onverwacht zelf een activiteit aanbood.
Dinsdagavond hoorde ik dat er ook gezongen kon worden onder leiding van Karel Stegeman, maar de communicatie daarover was niet goed gegaan. Die activiteit zou uitvallen.
Vind ik dan jammer.
Toen ik zaterdagmorgen mijn wekelijkse Zumba stond te doen op het klassieke stuk ‘Alleluja’ van Buxtehude  bedacht ik opeens: dit ‘bewegen op muziek’ kan ik natuurlijk ook aanbieden.
Dan noem ik het Halleluja-Zumba.
Mijn aanbod werd op prijs gesteld en zo stond ik om 11.30 uur aan meer dan 10 gemeenteleden (bijna allemaal boomers) uit te leggen wat Zumba is, want sommige mensen dachten dat het iets met ‘zoemen’ te maken had.
Nee.
Niets.
Zumba is bewegen op muziek.
Dat doe ik al best wel lang en op Spotify heb ik afspeellijst Zumba 50+ waar allemaal liedjes op staan waar ik graag op beweeg.
Eén van die nummers is het slotkoor ‘Alleluja’ uit ‘Der Herr ist mit mir’ BuxWV 15, een cantate van Buxtehude.
Dat is een redelijk up-tempo stuk waar je heerlijk op kunt bewegen.
Wil je het eens horen? Hierbij een link naar een uitvoering op You Tube.

…. deden squads….

Het was erg leuk. We leerden de mamba, deden squads, zwaaiden met armen en benen en trokken de knieën op.
Na 20 min lasten we even een pauze in. Wij waren net zo buiten adem als Geer&Co twee uur eerder.
Gezeten in het kerkvak naast de piano bespraken we het belang van bewegen als je ouder wordt.
Op zulke momenten voel ik me een ‘beweeg-jehova’, maar ik kreeg gelukkig veel bijval!

We zijn dus weer begonnen!
Volgende week werken we als cantorij mee aan de viering en we kunnen als gemeenteleden het komende seizoen, naast het bezoeken van de vieringen, ook weer meedoen aan tal van activiteiten die worden aangeboden in het gidsje  ‘Beweeg mee’,  waarin je een overzicht vindt van het komende seizoen: je kunt het hier online inzien.

* pastor Geertje van der Meer en dominee Sybrand van Dijk

Eerdere blogs over mijn Zumba-strapatzen:
12 december 2019 – Zumba 50+ 
25 april 2020- Zumba 50+, maar niet op internet
29 april 2025 – Gastles

Reageren

13 september: Van Teunie!

“Komen jullie nog eens bij mij eten?”
Die vraag stelde Renny een paar weken geleden.
Gerard en Renny zaten een paar jaar samen in de kerkenraad en wij kennen elkaar al heel lang, omdat zij de kleuterjuf was van onze dochters.
Zij eet al jaren vegetarisch en ook vrijdagavond verraste ze ons weer met een lekker etentje.
We begonnen met een champignonsoepje en daarna zette ze een ovenschaal op tafel met gevulde punt-paprika’s.
Daar werden allerlei kleine gerechtjes bij geserveerd: rijst, een salade, een rode saus, guacamole en dorito-chips.
“Hoe kom je aan dit recept?”
“Van Teunie! Die van de website ‘Eenvoudig leven’.”

Die volg ik ook al jaren.
In 2015 schreef ik daar al eens een blog over onder de titel ‘Eenvoudig leven van Teunie’.
Teunie blijft volledig zichzelf in een razendsnel veranderende wereld en schrijft over haar leven als moeder van 10 kinderen op de bible-belt in de Alblasserwaard.
Ze staat ’s morgens om 5 uur op, heeft een ijzeren discipline en trakteert zichzelf soms op een bijeenkomst in een kerk waar psalmen op hele noten worden gezongen.
Ze is huisvrouw en webwinkelier. Dit zegt ze zelf over haar eenvoudige leven: Jarenlang was consuminderen noodzaak, later werd het meer een vrije keuze. Inmiddels is “eenvoudig leven” mijn lifestyle geworden. Ik zou niet anders meer kunnen en ook niet anders meer willen.
Wil je ook meelezen met Teunie? Hierbij een link naar Eenvoudig leven.
Maar deze Teunie heeft dus ook een kookboek uitgegeven, dat heet ‘Eenvoudig lekker’.
Ik mocht het even inzien en maakte een foto van bladzijde 99, daar stond beschreven hoe die heerlijke puntpaprika’s maakt.

We zitten op zo’n avond nooit zonder gespreksonderwerpen en natuurlijk gaat het dan ook altijd even over de kerk.
Renny is als vrijwilliger actief voor de groep vluchtelingen die in 2022 in de oude pastorie van de voormalig Gereformeerde kerk van Roden gehuisvest werden.
Bijna alle gasten hebben inmiddels een plekje kunnen vinden, maar er zijn nog twee Somalische vrouwen die nog wachten op plaatsing.
Eén van hen had niet mee kunnen komen met de taallessen Nederlands die door de vrijwilligers werden aangeboden, maar dat had een reden: ze was analfabeet. In het land van herkomst had ze niet leren lezen en schrijven en dan lukt het aanleren van een andere taal helemaal niet. Maar nu is er veel meer één op één aandacht en lukt het wel.
Renny was daar opgetogen over. “Ze kan nu boekjes lezen die aan kinderen van groep 3 en 4 worden aangeboden!”
Deze vrijwilligersgroep verdient een enorm compliment voor alle energie die is gestopt in het begeleiden van de groep vluchtelingen.
Daarvoor is naast voornoemde energie ook tact, uithoudingsvermogen en geduld nodig.
En dan mag je tijdens het verorberen van puntpaprika’s natuurlijk enthousiast zijn over het verbeterde leesniveau van één van je leerlingen na vier jaar…..
Hier past maar een woord: HULDE!

Reageren

Pagina 1 van 422

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén