“Hoi Ada! Wil jij zaadjes van stokroos?”
Dat wordt mij niet vaak gevraagd.
Sterker nog, nooit. Want ik ben helemaal niet van de tuin, zaadjes en plantjes.
Gerard wel.
En die stond vanmorgen met een groepje mensen van de werkgroep Groene Kerk op de Albertsbaan in Roden voor de jaarlijkse Plantjes-ruilmarkt: plantenstekjes, bloemen- en groentezaadjes,
potjes, kweekbakjes, tuingereedschap: je kon te kust en te keur en alles was gratis.
“In de loop van de morgen kom ik ook wel even kijken” had ik beloofd en toen ik er net was kreeg ik dus al zaadjes.
Van de stokroos en ook van de lathyrus.
Van Marjan; die had al heel wat zaadjes uitgedeeld en ik kreeg het zakje mee met wat er nog over was.
De plantjesruilmarkt was deze keer niet bij de kerk georganiseerd, maar de werkgroep sloot aan bij het project Bomenbal van de gemeente Noordenveld.
Dat is een project waarbij bomen ruimte bieden voor ontmoeting en activiteiten rondom natuur en cultuur.
Daarover vond ik een uitgebreid artikel op Dit is Roden.nl.: je leest hier alles over dit bomenbal en wat de bedoeling er van is.
Toen ik kwam waren Wim en Joke nog bezig om een spandoek op te hangen en was de ruilhandel in volle gang.
Je kunt zelf niks met tuin hebben en toch genieten van zo’n plantjesmarkt.
Er worden gesprekken gevoerd of over de verschillende stekjes, over bemesting, zaaitijd & zaaidiepte, zonnige of schaduwrijke plekken.
Daar doe ik verder niets mee; ik hoor het aan en beschouw van een afstandje het plezier dat mensen hebben als ze het alleen al hebben over hun tuin! Je kunt het op zo’n markt ook best over heel andere dingen hebben met mensen. 
Over het nieuwe adres van buurvrouw Dientje bijvoorbeeld die is verhuisd. Of over de kerkgang in Roden. Of je huidige woonsituatie en of die wel toekomstbestendig is…
Opeens zag ik een medicijn-verdeeldoosje staan. Tenminste: ik dacht dat het om medicijnen ging, maar het waren zaden!
De vakjes waren genummerd en er waren lijsten bij waarop stond welke groente/plant bij de nummers hoorde.
Toen Gerard later op de morgen thuis kwam vertelde hij dat het een succes was geweest.
Er waren veel mensen geweest en er werd volop ingebracht en geruild; dat is natuurlijk de bedoeling!
En nu….. heb ik dit.

Zaad.
“Wat is dat dan voor zaad?” vroeg Gerard.
Marjan had gezegd dat het losse zaad en die bollen van de stokroos was en die peultjesdingen was lathyrus.
Gerard zocht het op. “Lathyrus is een pronkerwt” vertelde hij “en de stokroos is twee-jarig”.
Verder weet hij nu dat deze planten allebei van zonlicht houden en dat ze het liefst wat beschut staan.
Nou, dat komt goed uit!
We gaan deze zaadjes uitzaaien tegen de schutting aan, want daar zouden we toch al iets anders doen.
Ik schrijf ‘we’ maar ik bedoel natuurlijk Gerard.

















