De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

12 juni: Pensionada 13 – Het derde afscheid.

De titel van dit blog zou een titel kunnen zijn van een detective in de stijl van Henning Mankell, maar het wordt een verhaal over een weerzien met oud-collega’s.
Op mijn afscheidsfeestje bij Lentis op 22 oktober 2025* waren alleen mijn toenmalige collega’s aanwezig; de oud-collega’s had ik daarbij niet uitgenodigd, die wilde ik graag een keer apart zien.
Het oude secretaresseclubje van Team 290 zag ik op 18 mei** van dit jaar, maar voordat ik bij Team290 kwam te werken was ik managementassistent van de afdeling Ouderen Psychiatrie en een aantal van de collega’s uit die tijd had ik uitgenodigd voor woensdag 10 juni. Jacquelien, mijn duo-baan-collega die regelmatig op dit blog voorbij kwam, de toenmalige manager Ria en Jan, de collega waar ik een paar jaar tegenover zat in het Heymanscentrum. We misten Winny en Gineke in onze kring; zij moesten wegens familieomstandigheden/ziekte  afzeggen.

Wat heerlijk om ze even weer te zien!
En te spreken natuurlijk: we praatten zo weer verder en hadden gespreksstof genoeg.
Hoe bevalt het om met pensioen te zijn, heb je je werk ook gemist, hoe kijk je terug op je loopbaan en weet je ook hoe het met die en die collega is?
Er kwamen veel namen voorbij.
Van te voren had ik wat foto’s opgezocht uit ons gezamenlijk verleden en het duurde niet lang of zaten al weer ‘met kop en oren’ in onze gezamenlijke Lentis-jaren.
Wat mij betreft vormden de tien jaren die ik voor Ria heb gewerkt samen met Jacquelien als het leukste deel van mijn carrière.

En dit was dus het derde en laatste afscheid van mijn collega’s van Lentis.
Het is een goede keuze geweest om het afscheid in drie stukjes te knippen.
Nu hadden we een hele middag de tijd om bij te praten en herinneringen op te halen; op het afscheidsfeest in oktober was het daar vast niet van gekomen.
Bovendien was het toen allemaal al enerverend genoeg……..

Ook nu had ik voor mijn gasten een stapeltje Aaltjes als afscheidscadeautje. Zij hadden trouwens ook leuke dingen voor mij meegenomen: Jacquelien nam een gegrilde kip-rollade mee, Ria een fijn, dik boek en Jan kwam met een cadeautje waarvan hij zei: “Ik weet haast wel zeker dat je dit leuk vindt…” Het was een handwerktijdschrift.

We namen afscheid, maar we spraken af dat we elkaar weer opzoeken.
Jacquelien komt een keer bij ons eten, Ria komt met haar Regenboogkoor in november zingen in een viering bij ons in de kerk en Jan…. die ga ik nog eens opzoeken om hem een paar zelfgebreide sokken te brengen. Die had hij nog te goed naar aanleiding van dit gesprekje bij de mosterdsoep van Cor in het Heymanscentrum.

Benieuwd naar de andere delen in deze serie?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle tot nu toe gepubliceerde delen.

* 22 oktober 2025 – Afscheid 
** 19 mei 2026 – Een verlaat afscheidsfeestje

Reageren

11 juni: Groot samenspel.

Weet je nog dat ik schreef over de laatste repetitie van de cantorij? Cantor Karel nodigde iedereen die dat wilde uit om mee te zingen/spelen onder de noemer ‘Groot Samenspel’.
Dinsdagavond 9 juni liepen er om 19.15 uur al heel wat zangers in de kerkzaal en toen we gingen inzingen stond er toch een groot koor!
En ook een orkestje: twee dwarsfluiten, een cello, een saxofoon en een gitaar.
We begonnen met de vrolijke canon ‘Het is zomer’ en het klonk gelijk al  als een klok.
Ook het Taizélied ‘Benedictus qui venit’ dat we daarna zongen konden we al vrij snel meerstemmig zingen.
Tweestemmig zongen we het ‘Abide with me’; Karel stelde voor omdat elkaar toe te zingen.
De bassen+tenoren gingen op het podium staan mét de instrumenten die hun stem begeleidden, de sopranen+alten bleven in de zaal zitten.
Een bijzonder ervaring, het zorgde bij mij voor een kriebeltje van ontroering.

klik op deze afbeelding voor een vergroting.

Karel was dinsdag in topvorm én in een opperbest humeur.
In de pauze, toen we van de gastzangers complimenten hoorden over Karel, dat hij zo vrolijk was en snel tevreden, moesten we dat als cantorijleden toch wel wat nuanceren…..
“Hij is op de gewone repetities echt wel veel strenger, hoor. We mogen niet onderuitgezakt zitten ‘rechtop en niét met je benen over elkaar, dat is niet goed voor je longen, die moeten de ruimte hebben.” En dan hebben we het nog niet gehad over het oeverloos herhalen van de Engelse uitspraak en de keren dat er wordt afgeslagen omdat de inzet niet gelijk was…..

Het was een feestje; voor Karel, voor de gasten, het orkestje en ook voor ons cantorijleden.
Karel wilde de genodigden graag laten meebeleven hoe het is als je meerstemmig met elkaar zingt, hoe het is om in een koor te zingen. Dat je kunt genieten van het samen musiceren.
Het plezier in het samen muziek maken en zingen staat bij mij ook altijd hoog in het vaandel en ik heb er dinsdagavond van genoten!
Niet als alt in het koor maar in het orkestje als gitarist; ik zat naast Rieke die cello speelde.

Als ik deze woorden zit te typen is het dinsdagavond 9 juni 22.30 uur.
De vingertoppen van mijn linkerhand doen zeer; dat komt van het gitaarspelen.
Nu ik me al een aantal maanden vooral bezig houd met het bespelen van de altblokfluit, is het gitaarspelen wat op de achtergrond geraakt. Nu verleer je het spelen van akkoorden echt niet meer als je dat al vijftig jaar hebt gedaan, maar de eeltkussentjes die ik op mijn vingers had van het vele spelen zijn er niet meer.
Dat was dus wel eens weer goed; in oktober is de jaarlijkse Taizé-vesper, dan wil daar graag weer met m’n gitaar om m’n nek in het combo spelen.

Weet je wat leuk is?
Het hele feestelijke ‘Groot Samenspel’ is opgenomen op Kerkomroep (met dank aan Zwanny!): je kunt het dus terugkijken/luisteren.
Nog even nagenieten of meegenieten…. hierbij een link

Reageren

10 juni: Bliksem velt groen monument.

Dinsdagmorgen 9 juni kreeg ik een app van Zwanny.
‘Dat was schrikken gisteren met die blikseminslag in de boom vlak bij jullie huis. Onweer was ook heel dichtbij…..’
En inderdaad: ik was geschrokken van een flits met een enorme knal daarbij, maar ik wist niets van een boom vlak bij ons huis.
Had ik dat dan zo gemist?

Het was een stukje verderop in de Boskamp, vlakbij de Leeksterweg.
Dinsdagmiddag ging ik even poolshoogte nemen; de boom was inmiddels omgezaagd en lag in stukken langs de weg (zie afbeelding, er op klikken voor een vergroting).

Afbeelding: DitisRoden.nl – Theo Kompier

Er verschenen twee berichten op ‘DitisRoden.nl’.
Eerst een bericht op de avond van 8 juni over de blikseminslag: Blikseminslag richt grote schade aan bij monumentale eik in Roden
Het tweede bericht werd gepubliceerd op dinsdag 9 juni: de boom moest worden omgezaagd: Monumentale boom aan de Boskamp door blikseminslag gekapt. 
Op beide berichten vind je foto’s.
Daarop zie je hoe groot en oud de boom was.
Op de afbeelding rechts zie je hoe de boom wordt ontmanteld en wat voor groot, groen monument wij missen als we onze straat inrijden. 

Wat een triest gezicht: doorgezaagde takken en stervend blad.
Deed me denken aan het lied ‘Mein Freund der Baum’ van Alexandra.

Du fielst heut früh ich kam zu spätdu wirst dich nie im Wind mehr wiegendu musst gefällt am Wege liegenund mancher, der vorüber gehtder achtet nicht den Rest von Lebenund reisst an deinen grünen Zweigendie sterbend sich zur Erde neigen….

Ook even luisteren? Hierbij een  link  naar dit prachtige lied uit 1968.
Meer weten over dit lied? In 2015 schreef ik er al eens een blog over.
Op dat blog vind je ook een mooi gedicht over vriendschap met een boom van Fetze Pijlman; het heet ‘Onder de bomen’.

Reageren

9 juni: Een test.

Vorige week donderdag aten wij met smaak een broodje shoarma met sla, toen er tijdens het kauwen iets knapte in mijn onderkaak.
Dan weet ik gelijk al: niet goed.
Ik slikte niet door, maakte mijn mond leeg en voelde gelijk al een gat rechts onder in mijn gebit.
Daar zat (weet ik achteraf) al 12 jaar een kroon, die was vastgezet op een ‘opbouw’ vanuit het wortelkanaal.
De kroon vond ik gelukkig terug: die zat nog keurig op de opbouw, maar de opbouw was faliekant doormidden.
Gerard is altijd van de goede adviezen: “Volgens mij kun je voor zo’n spoedgeval nog wel terecht bij de tandarts, die hebben altijd een stukje agenda vrij voor dit soort dingen. Misschien bakt ie hem er zo weer op!”
Vrijdagmiddag overzag tandarts Tom de schade en hielp mij gelijk uit de droom: “Dit kan ik niet meer repareren. Nu niet en later ook niet. We moeten iets anders verzinnen.”
Tom sprak in de eerste persoon meervoudsvorm maar als het gaat om het verzinnen van een oplossing voor dit probleem wordt het derde persoon enkelvoud: hij.
Hij gaat een offerte maken.

Gistermorgen wandelde ik al weer naar de tandarts, maar nu voor een afspraak met de mondhygiëniste.
Dat is al een poosje Sigrid,  maar die verwachtte een kindje en moest onverhoopt eerder stoppen met werken.
De afspraak met haar werd verzet en zo maakte ik gistermorgen kennis met haar vervangster Barbara.
Op voorhand ben ik dan wat afwachtend. Aan Sigrid zijn mijn gebit en ik gewend; we weten wat er komt en hoe ze te werk gaat.
Daarvoor was ik twee keer behandeld door Hazmat. Die had prachtige bruine ogen, maar was een tikje hardhandiger in zijn behandeling dan Sigrid.
Hoe zou het met Barbara gaan?

Zij ging eerst een test doen: een tandplaktest. Dat is een manier om met een kleurstof te controleren of er na het poetsen van je gebit (dat had ik natuurlijk vóór het tandartsbezoek al gedaan) nog tandplak is achtergebleven.
“Kijkt u maar even in de spiegel”.
Jemig.
Het was een test met rode kleurstof…… het zag er dramatisch uit, maar dat was het eigenlijk niet.
Een paar randjes in de bovenkaak en één plekje in de onderkaak ‘verdienen wat extra aandacht’ en verder had ik goed mijn best gedaan.
De behandeling van Barbara was niet zo als die van Sigrid: die gebruikt meestal een apparaatje voor het weghalen van tandsteen, terwijl Barbara nog van het ouderwetse handwerk is. 

afbeelding: website Tepe

Maar het resultaat is hetzelfde: tandsteen weer weg en de ruimtes tussen de tanden helemaal schoon: het was maar zo weer tijd voor ’the finishing touch’, het polijsten .
Barbara had nog wel wat adviezen.
De blauwe ragers moeten worden vervangen door de groene en gele.
“En hoe lang heb je je elektrische tandenborstel al?”
Jaren.
“Je zou er eigenlijk eentje moeten hebben met een rond borsteltje, zodat je goed om de afzonderlijke tanden en kiezen heen kunt komen.”
Een nieuwe tandenborstel is niet echt een diepte-investering.
De bedragen op de offerte uit de eerste alinea misschien wel……

Reageren

8 juni: In de toren!

Half mei kreeg ik een app van Gerard Smit, hulpkoster bij de Catharinakerk.
“20 mei ga ik met een paar mensen naar de zolder van de kerk in het kader van de activiteitenmarkt. Wil je nog mee? Daarvoor in ruil vraag ik een bijdrage voor Father Pedru in Moldavië.”
Was ik direct voor; we moesten er om 19.00 uur zijn.
Mijn Gerard ging ook mee.
Het was op de donderdagavond voor Pinksteren, dus vlak voor onze Pinkstervakantie in Westerbork.

Loopbrug over het tongewelf

Al jaren vertel ik als gastvrouw/gids in de Catharinakerk wetenswaardigheden over het oude gebouw; de rondleiding van Gerard was een mooie aanvulling,  ik leerde er die avond weer van alles bij.
We begonnen bij het orgel, waar we de registers bekeken (die je allemaal kunt opentrekken) en we zagen ook de enorme blaasbalgen, de ‘longen’ van het orgel.
Tegenwoordig wordt daar lucht in geblazen door een elektrisch knopje in te drukken, maar vroeger moest men het orgel ’treden’: dan moest je op het uiteinde van die balg gaan staan om er lucht in te krijgen.

Kijkje op het koor door het luik….

Daarna klommen we door de andere opening in de toren naar boven.
Dat klinkt eenvoudiger dan het was.
De toren is oud, het zijn smalle doorgangen en de verschillende hoger gelegen gedeelten van de toren moet je beklimmen met een ladder.
Eerlijk gezegd: het viel me niet mee.
Maar ik liet me niet kennen.
We liepen eerst óver het tongewelf (over een soort houten hangbrug) boven het schip naar de zolder boven het koor.
In de vloer van de zolder zat een luik, waardoor je in het koor van de kerk kunt kijken: daar zitten wij ’s zondags!

Vanaf de zolder liepen we weer terug naar de toren om die verder te beklimmen.
Op weg naar de bovenste verdieping passeerden we steeds de schacht waar het tegengewicht van de klok naar beneden hangt.
Onderaan dit blog vind je twee afbeeldingen hiervan.
Omdat het uurwerk al zo oud is, loopt het niet meer helemaal op tijd: in de loop van één week loopt hij een kwartier achter.
Daarom moet de klok iedere week worden bijgezet door een ambtenaar van de gemeente; die klimt dus wekelijks die toren in voor dit klusje!
Een mooi artikel over dit onderwerp vond ik op de website van RTV Drenthe: daarin komt koster Gerard uitgebreid aan het woord over het uurwerk én de toren.

Bij het laatste deel van de rondleiding stonden we met z’n vijven rondom de eeuwenoude klok (J. Borchhardt, 1746) met een diameter van meer dan één meter.
De afbeelding hiernaast heb ik gemaakt vanuit uit bovenste raampje op het zuiden van de toren; er vliegt net een kraai voorbij.
De kuikens van deze vogel zagen wij aan de binnenkant van de toren in hun nestje zitten.
Gerard bedankt!

In de maand juni kun je op alle zaterdagen (6, 13, 20 en 27 juni) meedoen aan ‘Kerkenpad’; fietsen langs de kerken in Noordenveld.
Je leest er alles over op de PKN-website: klik hier voor de flyer met informatie over de gebouwen én de fietsknooppunten.

De schacht….

….. en het gewicht.

Reageren

7 juni: ‘Geef elkaar genoeg ruimte’.

Gisteren trouwde neef Bart, (zoon van Roelof en Ali) met zijn Lisanne.
Wij waren uitgenodigd voor de huwelijksceremonie, dus wij trokken onze mooiste kleren aan en stonden rond een uur of drie met de familie op het feestterrein (het ouderlijk huis van de bruid) te wachten op het koetsje dat het bruidspaar zou brengen. Ze hadden foto’s gemaakt op Landgoed Oldengaerde  en ze waren iets langer onderweg dan gepland.

Vorig jaar op deze zaterdag (toen was het 5 juni) trouwde* de broer van van de bruidegom, Rick; toen hadden wij de plechtigheid gemist vanwege een begrafenis** op diezelfde dag, maar nu konden we er gelukkig bij zijn.
En wat kan ik dan genieten van de feestelijkheden en alles wat er bij zo’n huwelijk komt kijken.
Toen we op het bruidspaar wachtten hing er een wat zenuwachtige spanning: ‘Houden we het wel droog..?’, want de plechtigheid was buiten.
Maar we hielden het droog en ook weer niet.
Toen de trotse vader met zijn prachtige dochter naar de wachtende bruidegom liep had menigeen al een zakdoekje nodig.
En toen het bruidspaar elkaar vertelde waarom ze voor elkaar gekozen hadden werden diezelfde zakdoekjes openlijk aan elkaar doorgegeven.
Luca, het zoontje van Rick & Anouk, 8 maanden inmiddels, had een belangrijke rol: hij mocht de ringen brengen.
Hij zat in een klein trekkertje dat door papa naar het bruidspaar werd gebracht; toen hij het doosje in zijn handjes kreeg ging het linea recta naar zijn mondje, want dat doen kindjes van die leeftijd. Maar gelukkig: hij deed afstand van het doosje en toen kon de ringwisseling plaatsvinden.

Eén van de leukste onderdelen van de plechtigheid vond ik de vraag die de ambtenaar van de burgelijke stand stelde aan de ouders van het bruidspaar. Beide echtparen hebben een langdurige en stabiele relatie en haar vraag was: wat is het geheim?
Ali zei maar 4 woorden: “Geef elkaar veel ruimte.”
De moeder van Lisanne had dat ook willen zeggen (dus dat is erg belangrijk voor een goede relatie) maar zij vulde nog aan dat de nadruk van hoe je met elkaar omgaat moet liggen op de sterke punten van je partner en niet op de tekortkomingen. “Benut elkaars goede eigenschappen!”

Er was een werkelijk voortreffelijke bruidstaart die officieel werd aangesneden en ik had het ondertussen supergezellig met mijn ‘schone zussen’ en de familie van Alie.
We hadden ook weer genoeg om te bespreken, zoals het bijzondere gilet van de bruidegom en de mooie bruidsjurk.
En de knoopjes aan de achterkant.
En het ingewikkelde ‘Maxima-kapsel’.

En dat het zo’n knap stel is en hoe anders het tegenwoordig gaat ‘dan bij ons vroeger’…
Maar ja, dat is ook al weer meer dan 40 jaar geleden.
Wij zijn nu de ooms en tantes die vinden dat de muziek zo hard staat.
En we kunnen niet meer zo goed tegen drank.
Wij sloten de feestelijkheden met het bruidspaar af met het heffen van het glas en spraken een gelukwens voor hen uit.
Het feest in de avonduren lieten wij aan ons voorbijgaan; dat is waarschijnlijk zonder ons ook wel een knalfeest geworden….

*6 juni 2025 – Dansen en drinken
**5 juni 2025 – Kom nou maar gewoon…

Reageren

6 juni: Buitenkunst 3 – Libera me

Toen we in Roden kwamen wonen werd ik lid van een koor* dat klassieke muziek zong.
Later ging ik bij de Catharinacantorij en weer later bij de Cantorij Roden; we zingen wel eens een klassiek stuk (van Bach of zo) maar meestal zingen we kerkmuziek.
Op Buitenkunst deed ik mee aan twee workshops klassieke muziek en toen wist ik weer hoe ontzettend leuk ik dat vind.

Op 1e Pinksterdag sloot ik mij aan bij de workshop Libera me van Christina.
Met 40 mensen stonden we midden in het bos in te zingen, te bewegen en rare geluiden te maken.
Libera Me is een deel uit het Requiem van Fauré en wij zongen eigenlijk maar één stukje daarvan.
’s Morgens gingen we het stuk instuderen, ’s middags gingen we in groepjes uit elkaar om uit te zoeken wat we er nog bij konden doen; een rap bijvoorbeeld, of een drum er onder, of iets met een vertaling van het Latijn naar het Nederlands?

Dit was helemaal nieuw voor mij. Een klassiek stuk wordt uitgevoerd zoals het op papier staat en er wordt niet van alles bij verzonnen. Punt.
Het was dan ook een grote verrassing voor mij wat er allemaal gebeurde.
Er was een groepje dat had uitgeprobeerd of je het stuk ook in canon kon zingen. Tot een bepaald punt kon dat!
Er werd een rap gemaakt van de vertaling van de 1e regel: Bevrijd mij Heer van de eeuwige dood, bang ben ik geworden en ik vrees! Dit werd uitgevoerd met twee trommels er bij.
Mijn groepje bedacht dat je een soort ‘ondertoon’ kon zingen met de ‘d’ en de ‘a’ dat als een soort basis onder het stuk werd gezet.
Drie jonge, geweldig zingende sopranen zongen voor het stuk aan één regel van het Requiem van Verdi en de vertaalde tekst werd in het Nederlands voorgedragen.
Luid, duidelijk en gedragen. Zoals een dominee zou doen.

Dit alles werd in een soort volgorde gezet en die avond gingen we het opvoeren voor publiek.
SUPERSPANNEND! Die ‘dominee-tekst’ mocht ik voordragen samen met Jan, maar dat moest uit het hoofd, net als de Latijnse tekst van het Requiem.
Op de fiets terug na het middagprogramma heb ik alles uit mijn hoofd geleerd.
Net als vroeger toen ik naar de HAVO fietste met een woordjes-briefje Frans: het ouderwetse stampwerk.

Het was geweldig. Wát een ervaring om zo klassieke muziek te beleven.
Met een koor van 40 mensen ’s avonds om 21.30 uur voor een volle tribune in de buitenlucht zo’n spectaculair optreden verzorgen.
Kippenvel.

En nu ken ik het ‘ Libera me’ uit mijn hoofd.
Het duikt steeds weer op.
Het zoemt als een mantra in mijn hersenen; zodra er even niets is zing ik het in mijn gedachten.
Tijdens het stofzuigen. Het wandelen. Het handwerken.
Libera me, Domine, de morte aeterna, de die ila tremenda, de die ila….
Bevrijd mij, Heer, van de eeuwige dood, op die verschrikkelijke dag….
Geen vrolijke tekst, maar wát een fijne herinnering!

Meer weten over mijn jaren het Roden Christelijk Gemengd Koor?
Lees dan nog eens het blog Theresiënmesse uit 2014.

Alle delen lezen van deze blogserie? Er zijn al twee gepubliceerd: een overzicht vind je onderaan deel 1

Reageren

5 juni: Niet accordeonnen.

Op de activiteitenmarkt van onze PKN-gemeente had ik de kavel ‘samen musiceren’ aangeboden; deze activiteit was door twee mensen ‘gekocht’: Geert en Piety.
Toen ik met Geert een afspraak maakte voor donderdag 4 juni wekte hij de indruk dat hij zijn accordeon mee zou nemen.
Prima idee, we zouden samen gaan accordeonnen; hij had het instrument al een tijdje niet meer bespeeld en ik wil graag met een ander samen spelen.
In mei belde Geert. “Mag ik wat mensen meenemen?”
Tuurlijk, altijd.
Didi en Saakje wilden ook graag mee komen. O, en trouwens, zijn partner Alie ook,

Toen ik ze gistermiddag binnenliet, bleek dat Geert geen accordeon had meegenomen.
“Ja… neee…. mijn goede accordeon heb ik aan mijn kleindochter gegeven….. en die ouwe, ach, ik heb al minstens een jaar niet gespeeld….. weet niet eens precies waar hij staat…”
Geert wilde liever gewoon genieten van muziek/zingen met de anderen.
Dan ziet zo’n middag er ineens anders uit dan ik me had voorgesteld, maar dat mocht de pret niet drukken: we gingen er een mooie middag van maken.

We begonnen even met een klein rondje: heb je vroeger aan muziek gedaan, zat je op koren enzo?
Mooie verhalen: over kinderkoor ‘Van knop tot bloem’ in Stadskanaal, 25 jaar zingen bij Marturion in Bovensmilde en tenor zingen bij de cantorij ‘bij Mini’, maar later als bas naar het Rodens Christelijk Gemengd Koor.
En wat gingen we zingen? Ik ben altijd overal voor in, dus het werd een soort ‘roept u maar’.
Ubi caritas bijvoorbeeld.
En ‘Ga met God en Hij zal met je zijn’.
Maar ook ‘Ik zou wel eens willen weten’ van Jules de Corte.
En ‘Zilverdraden tussen ’t goud’, tweestemmig.
Soms begeleidde ik met de accordeon, soms met de gitaar en soms zongen we á capella.
En canons ook! Bijvoorbeeld De wielewaal & De uil zat in de olmen.
‘Het dorp’ van Wim Sonneveld kon ik niet spelen, maar ‘Het kleine café aan de haven’ weer wel……
En verder was het eigenlijk net als bij Holy Stitch: je hangt zo’n bijeenkomst op aan een thema zoals handwerken of in dit geval muziek, maar het gaat ook om de onderlinge ontmoeting.
Er was thee/koffie, ik had cupcakes met appel en kaneel gebakken en voor bij het 2e kopje had Alie een doos chocolaadjes mee.
De hele tafel lag vol oude muziekmappen, teksten en liedboeken en tussen het zingen door was het erg gezellig.

Na afloop werd ik uitvoerig bedankt door Geert en consorten, maar eigenlijk moet ik hen bedanken, want ik geniet ontzettend van onbekommerd met elkaar zingen.
Natuurlijk: het was echt niet allemaal top-kwaliteit, maar we hebben wel met heel veel plezier samen gezongen, gepraat over liederen, wat muziek voor je kan betekenen en over zingen bij een koor.

Met Geert heb ik afgesproken dat hij nog een keer alleen komt, mét zijn accordeon.
En met Piety, die mijn aanbieding ook had gekocht, ga ik binnenkort ook weer eens samen spelen.
Dat deden we al eerder…. lees dit blog maar eens.

Reageren

4 juni: Breien & haken.

“Ook in de winter heb ik graag een jurk aan, meestal met een legging eronder of zo, maar op de fiets is dat altijd zo koud.”
Aan het woord was Carlijn in de handwerkwinkel ‘Art&Hobby’ in Assen.
Ze kocht een bol gemeleerd garen (Wooladdicts /oranje-olijf-bruin-blauw) en vroeg mij of ik voor haar van dat garen beenwarmers wilde breien.
Maar natuurlijk.
Graag zelfs.

Hoe moet dat dan?
Eerst breide ik maar eens een proeflapje en gebruikte verschillende steken en verschillende naalden; toen wist ik hoeveel steken ik moest opzetten voor het aantal centimeters dat ik nodig had.

kabel geflankeerd door 2 av en 2 r

De beenwarmers breide ik net als sokken: met vier pennen en ik koos breinaalden nr. 4.
68 steken zette ik op en ik begon met de boordsteek: 1 recht – 1 averecht.
Daarna breide ik een aantal centimeters met de verschoven boordsteek: daarover schreef ik in 2017 al eens een blog. (klik hier, dan vind je een uitgebreide beschrijving).
Vervolgens breide ik een stukje met de gerstekorrel: hierbij een link naar een video op Handwerkles waar je kunt zien hoe je de gerstekorrel breit.

Voor het middenstuk koos ik voor een eenvoudige kabelsteek, geflankeerd door 2 averecht en 2 recht: om de vier pennen haal je in het kabelgedeelte de eerste twee steken over de volgende twee heen.
Daarna breide ik de bovenbeschreven steken in omgekeerde volgorde.
Deze beenwarmers zijn 46 cm lang en ze bedekken op Carlijns onderbeen haar enkel en reiken tot net onder de knie.
Ik heb steeds gebreid met hetzelfde aantal steken: bij de enkel zitten ze vrij los, om het stuk onder de knie zitten ze wat strakker, daardoor zakken ze niet af.

Wil je deze beenwarmers ook breien?
Je kunt eindeloos variëren met steken, kleuren en soorten garen.
Van het restant van het garen breide ik er nog een mutsje bij in de verschoven boordsteek.

Op haakgebied heb ik een grote klus eindelijk klaar: een nieuwe kussenhoes op de buitenstoel van Gerard.
Dat was een hele uitdaging, want die kussenhoes maakte ik met de techniek tunisch entre-lac haken.
Daarbij maakte ik gebruik van deze website.
Na een paar rijen blauw heb je de techniek wel onder de knie, maar het haakt niet heel ontspannen. Je moet er steeds op letten dat je los haakt, omdat je in de volgende rij weer verder haakt op de halve vasten van de vorige toer.
Het kussen doet inmiddels al weer een paar weken dienst: we kunnen immers soms weer buiten in het zonnetje zitten te koffiedrinken!

 

Reageren

3 juni: Buitenkunst 2 – In de duisternis kijken.

Als je al 10 jaar lang iedere dag een blog schrijft en al sinds je 16e notulen maakt van vergaderingen, dan kun je wel schrijven .
Toen ik mij tijdens Buitenkunst opgaf voor de schrijf-workshop ‘In de duisternis kijken’ was ik dan ook benieuwd of het mij tot andere inzichten zou brengen.

De aankondiging van Lena’s workshop

Workshopdocent Lena nam ons mee in haar doos met boeken: over volksverhalen, heksen, duivels, tovenaars. We kregen de tijd om een aantal van die boeken in te zien, stukjes te lezen en plaatjes te kijken.
“Pak nu papier en pen en schrijf eerst eens alles op wat in je opkomt over dit onderwerp.”
O ja…. dat leerden we op de HAVO ook. Voor bijvoorbeeld een opstel moest je dat doen: thema kiezen, woorden/zinnen verzamelen, markeren wat je wilt gaan gebruiken en dat  samenbrengen en ordenen in een stramien voor een verhaal. Ik zag mezelf weer zitten in Assen aan de Selma Lagerlöflaan in het lokaal van Nederlands bij meneer Brouwer.
Na anderhalf uur had ik 2 A4-tjes helemaal volgeschreven.

Na de middagpauze gingen we met ons eigen verhaal aan de gang.
Na de hele morgen associëren en verzamelen had ik al een verhaallijn in mijn hoofd, dus ik ging aan de slag met de volgende vragen:
– wie vertelt het verhaal?
– laat ik het in het verleden afspelen of in het nu?
– uit hoeveel delen bestaat het verhaal?
– kan ik nog iets ‘lenen’ van een legende of een ander verhaal?
– Op welk punt stap je in het verhaal?

Het was die dag heel warm, maar dat ik een hoofd had als een boei kwam niet door de warmte, maar door het verhaal dat me helemaal in beslag nam.
Wat voor mij nieuw was, is dat je met ‘magisch realistisch’ schrijven niet vastzit aan de werkelijkheid.
Op mijn blog beschrijf ik dagelijks wat er is gebeurd in mijn leven, wat dat met mij heeft gedaan en hoe ik het heb beleefd, maar nu had ik zelf helemaal niets beleefd; ik kon op papier iets laten gebeuren wat in het dagelijks leven niet mogelijk is. Of niet heel logisch. Bovenmenselijk. Iets met geesten? Doden die misschien toch niet dood zijn? Heksen?
Nu snap je dat rode hoofd vast ook wel.
Koortsachtig zat ik alle woorden en zinnen die in mijn hoofd opkwamen op te pennen.
Soms moest er nog een zin tussen wat ik al had geschreven, die frommelde ik er maar wat boven of onder.

Het is een griezelig en spannend verhaal geworden en het is nog niet klaar, maar de basis ligt al wel vast in 4 volgemaggelde papieren.
Na deze workshop volgden er twee dagen met workshops klassieke muziek die me zo in beslag namen dat er geen ruimte overbleef om aan dit verhaal te werken.
De komende maanden ga ik het verhaal afschrijven en publiceren op dit blog als een feuilleton in meerdere delen.
Het begint met een reünie van een jaarclub van een universiteit; twee van de mannelijke leden zijn onder raadselachtige omstandigheden overleden en wat is er toch gebeurd met Barbara…….

Meer weten over deze blogserie? Er zijn al twee delen gepubliceerd: een overzicht vind je onderaan deel 1

Reageren

Pagina 1 van 412

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén