De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

6 december: Het mooiste Sinterklaas-cadeau.

Het Sinterklaasfeest was dit jaar extra bijzonder omdat het vorig jaar niet door kon gaan. Afgelopen weekend hadden we Casa Grada gereserveerd; vrijdag gingen we er zelf al heen en in de loop van de zaterdag kregen we al positieve berichten over negatieve zelftesten. Zaterdagavond zat het grootste deel van ons gezin aan de grote eettafel aan de stamppot in Westerbork.
In zo’n gezamenlijk weekend volgen we niet echt een programma: er is genoeg te delen en te bepraten.
Als het feest van de goedheiligman aan de Boskamp gevierd wordt, moeten er tot op het laatste moment nog gedichten gemaakt en uitgeprint worden, maar op het Timmerholt staat geen printer in huis; als je bij ons kwam moesten je cadeautjes al ingepakt zijn en voorzien van een gedicht.
Dat was niet iedereen gelukt; Gerard kreeg allemaal handgeschreven gedichten van degene die niet meeging met het gezamenlijke ommetje langs het Oranjekanaal.

Het uitpakken en voorlezen nam de hele zondagmiddag in beslag.
Er waren weer volop plaaggedichten en verrassingen; een paar dingen licht ik eruit:
– Gerard had twee weken geleden ontdekt dat er een boommarter in onze schuur had gezeten, hij had er zelfs gepoept!
Hij kreeg een zelfgemaakte versie van het voorleesboek ‘Over  een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop heeft gepoept’ met een foto van zijn hoofd op de romp van de mol. De tekst was ook subtiel aangepast.
– Jon spreekt al vloeiend Nederlands, maar hij heeft soms nog wat moeite met de lidwoorden.
Het meisje dat, de bal die, het bord dat…..
Hij kreeg een button met een toepasselijke tekst in ‘Van Gaal-Engels’ én een Drentse dreuge worst.
– Harriët had een fantastische tekst geschreven bij een cadeau voor Cees die altijd problemen heeft met zijn muis op de melodie van ‘Ik zag een muis…!’ van Rudi Carell.
‘Hij zoekt zijn muis! Waar? Daar op dat tab. Waar op dat tab? Nou daar! Een kleine muis van piiiiiixels, nee, ’t is geen grap, ’t ging van klik klikkerdieklak op dat tab…’
Dat refrein moesten we allemaal meezingen. En dat liedje bleef vervolgens de hele middag in je hoofd zitten….
Er waren prachtig gemaakte surprises van zelfgemaakte dobbelstenen die als matroesjka-poppetjes in elkaar pasten, er waren afzichtelijke drakensloffen en er was natuurlijk veel gezeur over rijgedrag, geen bloemen water geven en niet meer nagelbijten; “dat is natuurlijk een spekkie voor jouw beugelbekkie!”
Eén van de laatste cadeautjes waren chocolade-letters: de I, de T en de S.
Op het verlanglijstje stond ‘iets van chocola’ maar de E was er niet meer.

We sloten de middag af met tomatensoep en smac-a-roni.
Macaroni met zo’n blikje Smac er door (zie 3 februari 2015).
Dat aten we vroeger altijd als we op vakantie waren.
Sweet memories.
Heerlijk om het Sinterklaasfeest weer met 8 negatievelingen te kunnen vieren.
Dat was natuurlijk het mooiste Sinterklaas-cadeau.

Reageren

5 december: Drakenvleugels.

Het dagelijkse ommetje doen we meestal in Roden, maar soms ben ik in de gelegenheid om ergens anders te wandelen.
Vorige week fietste ik naar het handwerkwinkeltje in Leek; mijn fiets liet ik daar voor de deur staan en ik liep een rondje Nienoord.
In het park voor de borg staat een rozenkoepel. Die hebben we vanaf dat hij er staat gevolgd: eerst stonden er alleen een paar rozenstruikjes aan de onderkant, maar inmiddels is de koepel helemaal volgegroeid met rozen. Als je er ’s zomers onderstaat als de rozen bloeien ruikt het echt heerlijk. Doe dat bij voorkeur eens op een zwoele zomeravond: je waant je in mediterrane sferen.

Maar in november geen zoete geuren en zwoele avonden: je zag het stalen frame van de koepel door de rozenstruiken heen en het geheel zag er voornamelijk bruin en dor uit.
Op het moment dat je wat dichterbij komt zie je toch nog weer iets moois: hele trossen kleine rozenbotteltjes (zie afbeelding rechts).

Langs de rozenkoepel loopt ook een wandelpad.
De route heet ‘de Ridders van Nienoord’ en er staat een prachtige draak op het plaatje.
De schelpengrot van Nienoord ken ik en het rijtuigmuseum, maar draken?
Thuis zocht ik het op: de route maakt deel uit van de kinderroutes van het project ‘Parels in het Westerkwartier’.
Je wordt uitgenodigd door Abeltje om mee te gaan op ontdekkingsreis in het Westerkwartier.
Abeltje is een jongen die spannende avonturen beleeft.
Het hele project bestaat uit een aantal fiets- en wandelroute’s, waarvan vier dus speciaal voor kinderen.
Meer weten? Hierbij een link naar de website Parels in het Westerkwartier.

Het routepaaltje werd in beslag genomen door een parasiet die wij paddenstoel noemen.
De zwam, die half om het het paaltje heen groeide, had wel wat van de vleugels van het draakje….de natuur kan je soms zo verrassen.

 

Reageren

4 december: Verdrietig. En waardevol.

Vorige week schreef ik al over het overlijden van mijn oom Albert. Natuurlijk had ik tante Lammie aan de telefoon gehad en ook neef René had ik al gesproken, maar dan zie je ze niet en blijft het verdriet meer op afstand.

Vrijdag gingen mijn broer en ik met z’n tweeën naar Bleiswijk voor de uitvaartplechtigheid.  Men had maar 75 mensen mogen uitnodigen vanwege de coronamaatregelen, maar niet alle genodigden waren gekomen, zodat er toch nog lege plekken waren. Teleurstellend, maar een probleem dat vaak voorkomt tijdens deze pandemie.

Het afscheid deed me in alles denken aan de uitvaart van mijn ouders.  Een traditionele kerkdienst vanuit de hervormde kerk,  een fotooverzicht van zijn leven, dezelfde schriftlezing (het huis van mijn vader heeft vele woningen), bekende liederen en toespraken van zijn zoon,  dochter en schoonzoon. Het verdriet was zichtbaar en hoorbaar bij hun verhalen.  We hoorden hoe het overlijden het gezin was overkomen en hoe het er had ingehakt, ze vertelden hoe belangrijk hij voor hen was en wat hij voor hen had betekend. Na de overdenking zongen we het lievelingslied van mijn moeder ‘Mijn Jezus ik hou van u.’ Meezingen gaat dan niet.

Na de dienst,  dus nog voor we naar het kerkhof gingen,  was er gelegenheid om de familie te condoleren.  Maar hoe moet dat als je elkaar niet mag vasthouden?  Ik hield de afstand vol tot halverwege het rijtje; daar stond mijn neef,  een grote man met zoveel verdriet. Geen zoen,  geen hand,  maar even de armen om elkaar heen. Bij nicht naast hem idem dito. Wat een armoede als je bij een overlijden niet voluit samen kunt rouwen zoals je dat gewend bent te doen. Van anderen die een dierbare hebben verloren in de afgelopen anderhalf jaar had ik dit soort verhalen al gehoord, nu heb ik aan den lijve ondervonden  hoe dat schrijnt: afgepast en afgemeten afscheid nemen.

Toen we terugkwamen van de begraafplaats zaten we met een klein deel van mijn moeders familie aan de koffie met broodjes en soep. We haalden samen wat herinneringen op en vroegen ons hardop af: ” Hoe is het toch mogelijk dat iemand die nog nooit in het ziekenhuis heeft gelegen,  altijd blaakte van gezondheid en twee keer gevaccineerd is toch in anderhalve week kan overlijden?”  Het bleek dat hij bijna geen antistoffen meer in zijn bloed had.  Zijn schoonzoon zei: “Als ze eerder met die boosterprikken waren begonnen…. ” Hij maakte zijn zin niet af, maar de tranen in zijn ogen zeiden genoeg.

Toen we begin 2019 afscheid namen van mijn moeders broer oom Henk zei ik tegen René: we zien elkaar alleen maar in zulke verdrietige omstandigheden; we moeten nodig íets voor de familie organiseren met bitterballen. Door Gerard’s stamceltraject en de coronapandemie was dat er nog niet van gekomen.  Vrijdag namen we afscheid van elkaar met de belofte dat we dat in 2022 gaan proberen.

We kregen een klein cadeautje mee: een pakketje met een theezakje,  een chocolaatje en een kaarsje.  Dat stak ik vrijdagavond aan. Een verdrietige maar ook waardevolle dag. Tenslotte nog wat toepasselijke links:

Venice met het troostrijke lied The familytree will allways grow

Ome Albert en tante Lammie 50 jaar getrouwd op 2 april 2017: Waardevolle familiecontacten.

Afscheid ome Henk in januari 2019: Hij kwam er altijd weer bovenop.

 

Reageren

3 december: Het verhaal van ‘Avond’.

Mijn hele leven ken ik de muziek van Boudewijn de Groot.
Op mijn elfde kreeg ik een gitaar. Dat was 1971. In het begin van de jaren ’70 ontdekte ik de liedjes van Boudewijn de Groot uit de jaren ’60. Verdronken vlinder, Testament, de Noordzee: allemaal liedjes die ik ook kon spelen en zingen. Natuurlijk was ik nog veel te jong om die teksten te begrijpen, maar ik zong ze vol overtuiging.
Ik ben hem altijd blijven volgen. In de jaren ’80 kocht ik het album ‘Van een afstand’ op cassette en een dubbel-cassette met zijn verzamelde werken, in 1996 kocht ik de CD ‘Een nieuwe herfst’,  in 2004 ‘Eiland in de verte’ en nog later ‘Achter glas’ uit 2015.

Twee weken geleden hoorde ik op de radio dat er een podcast serie was gemaakt over Boudewijn de Groot: een popbiografie, gemaakt door Bert Kranenbarg van Radio 5.
Vijf afleveringen heb ik inmiddels gehoord; steeds wordt er een ander aspect van De Groot belicht.
Eén verhaal haal ik er uit, het wordt verteld op podcast nummer 3 die als titel ‘Avond’ heeft.
We kennen allemaal dat lied: ‘en je kunt niets zeker weten en alles gaat voorbij, maar ik geloof, ik geloof in jou en mij.’

In de podcast wordt het verhaal van dat lied verteld door degene over wie het lied gaat: Anja Bak.
Zij kwam als 16-jarig meisje bij Lennaert Nijgh over de vloer en hij maakte werk van haar: stapelverliefd.
Toen hij de tekst van ‘Avond’ had geschreven had hij het papier over de keukentafel naar haar toegeschoven en zij had al lezend gedacht: “Hé, dit gaat over mij!”
Ze gingen samenwonen en later ook trouwen.
Het lied werd op muziek gezet door Boudewijn de Groot en het werd ingezongen door Rob de Nijs; hij bracht het uit in 1973 op zijn album ‘In de uren van de middag’.

Veel later kregen Anja Bak en Boudewijn de Groot een relatie.
Hij maakte toen voor haar een opname van het lied ‘Avond’; een tekst geschreven door haar ex-man, gezongen door haar toekomstige man.
Op het huwelijk was Lennaert Nijgh getuige. (!)

Het lied is nooit echt een hit geweest, maar heeft in de loop van de jaren wel de status van ‘Evergreen’ bereikt.
Het wordt gedraaid op bruiloften én op begrafenissen.
Een veelzeggend lied met een veelkleurige achtergrond.
O, wat hou ik van zulke verhalen.

Ook benieuwd naar de verhalen over Boudewijn de Groot?
Hierbij een link naar het podcast-overzicht van Radio 5.

 

Reageren

2 december: Kopjes, borden & kaarsen.

Vandaag een blog voor de creatievelingen onder ons.

Van collega-alt Essina (van de Catharinacantorij destijds) kreeg ik een leuke tip.
Ze had  bij een kringloopwinkel drie borden van verschillende grootte gekocht en 2 bijpassende kopjes.
De kopjes lijmde ze op de kop tussen de borden en zie daar:  een etagère.
Voor de gourmet , scheelt ruimte, of leuk voor kerstversiering.
Ze stuurde ook een foto mee, zodat we kunnen zien wat ze bedoelt.
Wat een leuk idee!

Verder had ik vorige week in een blog geschreven dat ik een zilverkleurige aardewerken schaal met sterren er op op de kop had getikt.
Daar heb ik zaterdag een adventsbloemstuk op gemaakt met hortensia’s als basis.
Deze keer heb ik kaarsen in verschillende diktes en lengte’s gebruikt.

Al vanaf 2014 blog ik jaarlijks over het adventsbloemstuk.
Benieuwd naar hoe je het maakt en naar de exemplaren van voorgaande jaren?
Hierbij een  link naar het blog over de adventskrans die ik vorig jaar maakte, van daaruit kun je steeds doorlinken naar voorgaande jaren.

Ook zelf iets gemaakt dat je graag wilt delen?
Stuur me een foto en een beschrijving, dan schrijf ik nog eens zo’n blog.
Essina: bedankt!

Reageren

1 december : Laatste dinsdag van de maand.

Er zijn van die dingen die ik uit mezelf niet doe.
Dat heeft ook een reden: het is vervelend en het kost tijd.
Tijd die ik beter kan besteden. Vind ik.

Maar als je dingen nooit doet, gaat het ook niet goed.
Neem nou bijvoorbeeld ons koffie-apparaat.
Hij geeft aan wanneer er water in moet, wanneer de bonen op zijn, wanneer er teveel koffiedik in het reservoir zit: overal zijn lampjes en symbolen voor en meneer wordt op zijn wenken bediend. Moet ook wel, anders krijg je geen koffie. De machine doet niks als er een symbool oplicht.

Af en toe moet het ding even een grondige schoonmaakbeurt: het binnenwerk er uit, aanslag verwijderen, alle onderdelen even in een sopje, dat soort dingen.
Bij een nieuw apparaat doet Gerard dat de eerste keren, want ik ben niet dol op nieuwe apparatuur en soms gaan dingen zomaar stuk als ik ze alleen maar vasthoud.
Na een paar keer vind ik dat ik dat ook moet kunnen en wordt ik ingewijd in de geheimen van het binnenwerk.
Klinkt spannend, is het niet.

Maar wanneer moet deze klus gebeuren?
Eigenlijk één keer in de maand.
Maar ik vergeet spontaan wanneer ik het ding heb schoongemaakt: zeer oninteressant, dus dat onthoud ik niet.
In mijn beleving heb ik ‘het net nog gedaan’, maar dat beleef ik na 8 weken ook nog zo, dus dat schiet niet op.
Wat bij mij het beste helpt: in het systeem zetten, dus op de kalender tijd reserveren.
Het hele jaar zet ik bij de laatste dinsdag van de maand: ‘koffie-apparaat schoonmaken’.
Dan gebeurt het ook.
Mijn vader zei het altijd al: “Ordnung muss sein.”

Gisteren was het de laatste dinsdag van de maand.
En wat is dan de waarde van de dag?
Dat het pas over vier weken weer hoeft.

Reageren

30 november: 5 december in voorbereiding.

Voor het schrijven van blogs voor deze website sta ik vaak even stil bij de waarde van mijn dag.
Waar beleefde ik plezier aan en waar geniet ik van?
Deze week staat voor mij in het teken van de voorbereidingen voor het Sinterklaasfeest.
In ons gezin één van de hoogtepunten van het jaar.
Vorig jaar hebben we het voor het eerst van mijn leven niet gevierd.
Het werd steeds maar uitgesteld, maar het kon eigenlijk nooit; de pepernoten en suikerbeesten die ik al die tijd bewaard had hebben we begin augustus nog opgegeten tijdens het eerste weekend in Casa Grada. Had ook wel weer wat trouwens.
Dit jaar lijkt het wel door te gaan, mits iedereen een negatieve test kan laten zien.

Eigenlijk hoef je alleen maar voor jouw PERSOON een paar cadeautjes te kopen, maar daar blijft het eigenlijk nooit bij.
Er is altijd wel een persoonlijk akkefietje tussen paren dat even met een ‘grimlach’ moet worden aangestipt of een blooper die breed uitgemeten moet worden.
Zelf maak ik er al jaren een sport van om voor iedereen een gedicht te schrijven over een slechte eigenschap of een blunder uit het afgelopen jaar.
Niet altijd onaardig hoor…..maar meestal wel.
Van de voorpret geniet ik al.
Onze keukentafel ligt op het moment dat ik dit schrijf vol met uitgeprinte gedichten met post-it briefjes erop.
Voor de een moet ik nog iets scoren bij het Goed, voor de ander moet ik nog iets knutselen of een bijpassende chocoladeletter kopen.
Vandaag ga ik die boodschapjes nog even doen en vanavond ga ik een begin maken met alles inpakken.
Voor het weekend wil ik het klaar hebben, want de meeste gezinsleden komen zaterdag al stamppot boerenkool eten, dan moeten mijn bijdragen al in de jute zakken zitten.

Wat is de waarde van deze dagen?
Het in mezelf grinniken bij het uittypen van vileine zinnen die ik heb bedacht.
Het borduren van een maffe button in kruissteek.
Het bij elkaar zoeken van spullen voor bij de plaaggedichten.
En vooral: het op voorhand genieten van wat er allemaal zal gebeuren en nu al bedenken hoe de ontvangers zullen reageren op zondag 5 december.
Voorpret dus.

In mijn optimisme ga ik er van uit dat tante Corona niet weet wat roet is; dan kan ze dat ook niet in het eten gooien.

Reageren

29 november: Een paasei in november.

Het dagelijkse ommetje zorgt er voor dat ik iedere dag naar buiten ga.  In Roden ken ik de omgeving op mijn duimpje, maar rondom  het Timmerholt  in Westerbork  is het nieuw voor mij.  Toen wij daar halverwege november een weekend waren ging ik op pad voor een rondje van een klein half uur,  maar het werd een uur. Eén verkeerde afslag nam ik,  waardoor de wandeling onbedoeld wat langer werd.  Niet erg hoor: het was goed weer en de omgeving is prachtig.

Het park ligt voor een deel tegen het Oranjekanaal aan, dus eenmaal van het park af voerde mijn wandeling me een stukje langs dat kanaal.
Op WikiPedia vond ik een pagina met informatie over dit kanaal, hierbij een link.
Het Oranjekanaal is nooit van heel grote betekenis geweest voor de scheepvaart; met de turf in dat gebied viel het nogal tegen en ook het vervoer van veldkeien kwam nooit tot grote bloei.
Deze zin vond ik ook in dat artikel: 
‘De betekenis van het kanaal voor de flora en fauna van het gebied is echter steeds groter geworden en daarmee heeft het kanaal zich onbedoeld ontwikkeld tot een landschappelijk waardevol gebied.’
Er zijn nog plannen geweest om het kanaal weer bevaarbaar te maken voor de pleziervaart, maar het restaureren van bruggen en sluizen is veel te duur.

Tijdens mijn wandelrondje die dag viel me dat waardevolle landschap al op.
Wat een rust straalt het gebied uit; ik kon me het kanaal gewoon niet voorstellen met bootjes en jachten.

Onderweg zag ik trouwens iets bijzonders: aan een boomstam groeide een ei.
Het leek wel wat op zo’n duur Fabergé-ei (met juwelen enzo) maar het was gewoon een paddenstoel.
De boom was dood; de kruin was al afgestorven.
Een paasei aan een boom aan het Oranjekanaal in november.
Verbaast u niet, verwondert u slechts.

Reageren

28 november: Troost, mijn volk.

Afgelopen week overleed ex-collega Klaas die ik nog kende uit de tijd dat ik bij Justitie in Assen werkte (van 1979-1986).
De uitvaartplechtigheid was voor genodigden, wij konden het gisteren volgen via live-stream.
Klaas was een aimabele man met een groot en warm hart.
De kist was bedolven onder bloemen en de lovende woorden die over hem werden gesproken pasten bij hem en zijn leven.
Klaas en Alie hadden geen kinderen;  dat was in hun leven een groot verdriet, maar ze vonden troost in de vele contacten met neefjes en nichtjes die kwamen logeren en omgang met andere kinderen van vrienden en buren. Gul deelden ze aandacht, tijd én cadeautjes uit.
Ze hadden een fijn huwelijk en waren erg gelukkig met elkaar.
Het laatste gedicht dat werd voorgelezen tijdens de uitvaart was: Breng jij mij weg tot aan de brug? van Toine Lacet.
Hierbij een link naar dat gedicht op de website ‘Respect’.
Dat gedicht kende ik, daar had ik al eens een blog over geschreven.

Gisteravond bereikte ons het bericht dat ome Albert is overleden.
Hij was getrouwd met de jongste zus van mijn moeder, tante Lammie.
Hij is na een kort ziekbed overleden aan corona; hij was begin 80 en had nog nooit in het ziekenhuis gelegen.
De verslagenheid bij de familie in Berkel en Rodenrijs is groot.
Hij was de rots in de branding voor zijn gezin en voor tante Lammie, die al een aantal jaren een zwakke gezondheid heeft.

Het sterven van Klaas en ome Albert hield me vanmorgen nog erg bezig toen ik naar de kerk ging.
Ik koos voor de viering in Roderwolde, want daar ging Theo van Beijeren voor; die is al een tijdje met emiritaat en ik wilde hem graag nog eens horen.
De tranen zaten los vanmorgen.
De eerste schriftlezing was uit Jesaja 40: Troost mijn volk.
De tweede ging over Zacharias en Elizabeth die zo worstelden met hun kinderloosheid.
Als de emoties zo aan de oppervlakte zitten kunnen teksten zo binnenkomen.

Het is vandaag de eerste zondag van Advent, het begin van het kerkelijke nieuwe jaar. Op de afbeelding zie je het adventsbloemstuk in Roderwolde.
In zijn overdenking schetste de voorganger de uitzichtloze situatie van Zacharias en Elizabeth.
De toekomst die op slot zit.
Het gevoel dat veel mensen nu ook ervaren met de coronapandemie, de klimaatcrisis en de polarisering in de maatschappij van voor- en tegenstanders van vaccinatie.
Het ene kaarsje dat we vanmorgen aanstaken zegt ons dat we de moed niet moeten opgeven.
Het licht zal de komende weken groter worden: de weg naar een nieuwe toekomst.

De viering in de kleine Jacobskerk in Roderwolde met de bekende orgelmuziek van Lykele gaf me de troost die ik zocht.
In mijn hoofd had ik op de terugweg het stuk ‘Comfort Ye’ uit de Messiah van Händel met de tekst uit Jesaja 40: ‘Troost….’
Ook even genieten van dat stuk? Hierbij een link naar een uitvoering op YouTube: Comfort Ye

Vanmorgen zocht ik nog even op wat ik destijds had geschreven over dat gedicht van Toine Lacet.
Dat was een verhaal uit 2015 met de titel ‘Orgel? Of preekstoel? over een viering waarin Theo van Beijeren voorging.
Voor mij was de cirkel weer rond.
En net als toen (zes jaar geleden al) zeg ik: Theo, bedankt voor de fijne viering vanmorgen.

Reageren

27 november: Een waardevolle dag.

In mijn agenda stond bij donderdag 25 november al bijna twee maanden: ‘Tante Trijn komt’.
Ze had de taxi om 08.00 uur besteld in Klazienaveen, maar die was er al vroeg geweest: om 07.40 uur was ze in het busje gestapt.
Rechtstreeks van Klazienaveen naar Roden lukt bijna nooit: meestal worden er ritten gecombineerd; zij had die ochtend de ingang van het Martiniziekenhuis ook al gezien.
Om half tien zaten we samen aan de koffie aan onze keukentafel.
Quality-time.

Ze had de dvd meegenomen van de uitvaart van haar man, mijn ome Wim*.
Ze wilde die graag nog een keer samen met mij bekijken,
We namen er ruimschoots de tijd voor. We haalden herinneringen op aan die dag en aan de rol die ome Wim in onze levens heeft gespeeld.
Goed om eens te doen en fijn om dit samen te delen.

’s Morgens kwam er een app van Carlijn: ze wilde even iets langsbrengen en ze ging naar het Goed.
Of we zin hadden om even mee te gaan?
Dat leek ons een prima idee!
Carlijn moest alleen wel rijden, want tante en ik zaten aan het eind van de morgen al gezellig aan ‘de bessen’.

Bij het Goed ging ik op zoek naar bakjes en schaaltjes om bloemstukjes op te maken.
Die vond ik, maar ik vond ook weer van alles wat ik niet zocht.
Twee metalen koffiebekers bijvoorbeeld.
Die kregen we ooit bij een thermoskan, een geschenk van Gerards toenmalige werk, maar één van die bekers was kwijtgeraakt.
Jammer, want ze zijn echt heel handig als je op reis gaat.
Twee van die bekers (door vriendin Jeannette altijd ‘gevangenisbekers’ genoemd) nam ik mee voor € 1,=
Verder vond ik een zilverkleurige aardewerken schaal met sterren er op.
Daar ga ik dit weekend een adventsbloemstuk op maken.
Misschien gebruik ik daar dan ook wel die vier zilveren mini-kerstballetjes voor die ik vond bij de kerstspullen.
Wordt één dezer dagen vervolgd.

Eenmaal thuis zaten we nog even genoeglijk met z’n drieën aan de thee met pepernoten.
Om 15.00 uur stond de taxi op onze oprit om tante Trijn weer naar Klazienaveen te brengen en om 15.05 uur zwaaide ik Carlijn uit en stond ik ineens wat allenig op de oprit.
Toen had ik onverwacht een klein stukje ‘vrije middag’; koken hoefde niet, want ik had al een pan bonensoep gekookt.
Had ik zomaar even tijd voor een lievelingsklusje: nieuwe kaarten maken van oude kaarten die we hebben gekregen bij feestelijke gelegenheden.
Eigenlijk hetzelfde principe als bij het Goed: hergebruik.

* Blog over die uitvaart nog eens lezen?
Die arm om mijn schouder mis ik nog het meest.

Reageren

Pagina 1 van 255

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén