De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

17 juni: Bingewatching

Op 24 mei kon je dit bericht lezen in de media:

Op 24 mei komt ‘de Schatkamer’ van het instituut Beeld & Geluid online. Dit is een archief van honderd jaar radio- en tv-geschiedenis van de publieke omroep – gratis en helemaal reclamevrij.
Meer dan 700.000 programma’s kun je opzoeken in dit digitale archief, waarin je een enorme verzameling radio- en televisieprogramma’s vindt, aangevuld met unieke opnames en bijzondere films.
Een eeuw aan mediahistorie: de collectie neemt je mee door honderd jaar Nederlandse mediageschiedenis, van de jaren 20 tot 2020.

Op die dag was er veel aandacht voor op de radio en je hoorde verhalen van wat mensen gelijk gingen opzoeken; klassiekers als Swiebertje, TopPop, het Journaal van memorabele dagen en Eén van de Acht.
En wat heb ik gelijk opgezocht?
‘De vloek van Woestewolf’ uit 1974.
Mijn ‘mini-jeugd-traumaatje’: de serie waarvan mijn broer en ik nooit de laatste aflevering hebben gezien.
In 2018 schreef ik al eens een blog over hoe dat kwam; nog eens een keer lezen? Klik hier.
In mijn herinnering was het een superspannende serie; griezelig en soms heel eng.
Was ook zo.
Voor een kind van 13.
Als je kijkt met de ogen van een volwassene in 2026 is het gedateerd en niet meer van deze tijd.
Maar o mensen, wat heb ik er van genoten.
Inmiddels heb ik alle afleveringen gezien; ik deed zowaar aan ‘bingewatching’*.
Dat had ik eigenlijk nog nooit gedaan, maar nu keek ik rustig 3 afleveringen achter elkaar.
Zo’n aflevering duurt hooguit 25 minuten, dus daar ben je nog wel een keer doorheen.

Sommige dingen herinnerde ik mij nog van dit spookverhaal van Paul Biegel.
Het geraamte dat volledig gekleed aan een tafel zat.
De kreupele hertog Van Woestewolf die roept: “TE LAAAAT, dokter Kroch, te LAAAAT!”
De ruïne van Woestewolf die één keer in de 13 jaar een paleis wordt en de middeleeuwse bewoners weer tot leven brengt.
Je ziet beroemde acteurs uit die tijd: Ton van Duinhoven, Henk Molenberg, Henk van Ulsen, John Lanting, Sylvia de Leur en een splinterjonge, arrogante en geweldig acterende Jeroen Krabbé als Hertog Maximiliaan.
Het was destijds experimentele televisie: er werd gefilmd in een lege studio, waarna er met de chromakey-techniek een door Carl Hollander getekend decor er achter werd geplakt.
Op internet vond ik een artikel over de rol die Sylvia de Leur speelde in deze serie en vind je meer wetenswaardigheden en achtergronden: klik hier.

Heb jij ook een programma van vroeger dat je nog graag eens zou willen zien? Hierbij een link naar de website van Beeld en Geluid.
De Schatkamer is gratis toegankelijk voor iedereen in Nederland. Dankzij een samenwerking met het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) kun je al dit materiaal kosteloos streamen. Het downloaden van programma’s is helaas niet mogelijk, omdat de auteursrechten meestal bij de makers en omroepen liggen.

* Bingewatchen is het langdurig en onafgebroken achter elkaar kijken van meerdere afleveringen van een televisieserie of meerdere films.
In plaats van wekelijks één aflevering te volgen, kijk je er meerdere achter elkaar, wat dankzij streamingdiensten de nieuwe norm is geworden.

Reageren

16 juni: Buitenkunst 4 – Een canon van Sweelinck

Na de intense ervaring van Libera me met Christina koos ik de volgende dag zonder twijfel weer voor een workshop met haar; nu gingen we de tweestemmige canon Miserere mei van Sweelinck instuderen.
Ook nu was er weer een groep van zo’n 40 mensen, maar er waren maar drie of vier die er die vorige dag ook bij waren.

Wat erg fijn was: het waren bijna allemaal ervaren zangers die van blad konden zingen dus binnen een uur zat die canon er al in en konden we hem vierstemmig zingen.
Wie mij een beetje kent, weet dat ik gek ben op canons, dus ik genoot met volle teugen van het eindeloos herhalen.
Christina is in het dagelijks leven professioneel sopraan* en was bezig met het voorbereiden van een voorstelling dit najaar, waarin ze deze canon wilde gebruiken. Ze wilde graag uitproberen of dit ook samen zou gaan met slagwerk en als de canon er goed in zat wilde ze met onze groep naar een drum-workshop om te kijken of het samengevoegd kon worden. “O ja, en dan wil ik ook nog graag naar de workshop ‘Dansen met de dood’ om te kijken wat we daar nog samen mee kunnen doen.”

We hadden al dik anderhalf uur gezongen toen Christina bedacht dat we helemaal nog geen pauze hadden gehad. En daar was eigenlijk ook geen tijd voor, want we moesten al op weg naar de andere workshops. Bijzonder: ik had die pauze helemaal niet gemist, zo ging ik op in de canon, de concentratie op de lastige loopjes en het tempo.
Even later groepten we met z’n veertigen voor de ingang van een tent waar ongeveer 15 slagwerkers bezig waren met een drum-jamsessie.
Christina wist nog niet precies hoe het zou worden. “Ik ga even naar binnen om te overleggen met Niels”. Het kwam er op uit dat wij buiten de tent de canon zouden inzetten op het ritme van de drums en dat wij dan al zingend naar binnen zouden lopen tot we allemaal in de kring van de slagwerkers zouden slaan.

Oeh….. wat was dat mooi!
Je blijft maar eindeloos je eigen partij zingen en je neemt deel met je hele lijf. Het geluid van de trommels was intens en daar sta je dan met 40 mensen tegenaan te zingen. “Kijk mij hier nou staan…! dacht ik terwijl ik geëmotioneerd raakte van de beleving op zich; dit had ik nog nooit meegemaakt.

Daarna gingen we naar de andere workshop en daar stond tot mijn grote genoegen schoonzoon Jon zich uit te leven met verschillende percussie-instrumenten.
Samen zingen, dansen en drummen.
Mijn comfortzone was heel ver weg, maar wat heb ik er van genoten.

Ik heb een opname van die tentsessie van Misere mei gemaakt en ook van een uitvoering van Libera me.
Af en toe (als ik alleen ben) pak ik de muziek er bij, zet ik het geluid op 10 en geef me even weer over aan deze andere vorm van klassieke muziek beleven.
Spelende vrouw, wat heb je nu geleerd?
Het hoeft niet altijd allemaal ‘volgens het boekje’.

* Hierbij een link naar Christina’s website.

Alle delen lezen van deze blogserie? Er zijn al drie gepubliceerd: een overzicht vind je onderaan deel 1

Reageren

15 juni: Je ZELF worden

Een tijdje geleden stopte ik met het luisteren naar podcasts; er is erg veel interessants om te beluisteren, maar ik ontdekte dat ik te weinig lege ruimte had.
Stofzuigen, kaarten maken, strijken, borduren: alle ‘denk- en verwerktijd’ werd gevuld met pratende mensen of muziek.
Er is één podcast die ik af en toe nog beluister en dat is de SAAR-podcast. Geen idee? Lees dan nog eens dit blog: Grachtengordel gedoe.
Nog steeds moet ik me over heel veel heen zetten: gemekker over ozempic & afvallen, een hoog Randstad-gehalte en heel veel onderwerpen die in mijn leven helemaal geen rol spelen, maar soms hebben ze een leuke gast en deze week is dat Harm Wesselink.
Hij is ‘gay life coach’, is al jaren de partner van Harm Edens en vertelde in de podcast over de worstelingen in het leven van een homoseksuele man.
Mooi gesprek, goed verhaal; je kunt het hier beluisteren op Spotify.
Het gesprek met Harm begint als de podcast al 36 minuten aan de gang is, dat eerste stukje kun je dan gewoon overslaan.

Wat er voor mij uitsprong was dat Harm zei dat wij in onze maatschappij alleen maar bezig zijn met ‘JEZELF’ worden en volgens hem was dat een groot misverstand.
Door het individualisme van deze tijd is iedereen alleen gericht op zichzelf en zijn eigen behoeftes. Je moet jezelf uitvinden, je moet van jezelf houden, jezelf ontplooien en het ego moet gekoesterd worden.
Maar volgens Harm is dat helemaal niet de bedoeling van de mens: de mens is voor ELKAAR gemaakt. Je wordt jezelf dóór de ander.
Het gaat niet om IK, maar om  WIJ en ONS. We kunnen het helemaal niet alleen als mens.
Femke, Barbara en Gijsje, de maakster van de SAAR-podcast waren er helemaal stil van.
“Wat goed dat je dat zegt.”
“Wat mooi geformuleerd…’

Wat wordt gepresenteerd als een geheel nieuwe zienswijze die respect en bewondering oproept bij de hippe dames van een zekere leeftijd horen wij wekelijks in de kerkdienst van onze PKN-gemeente.
Niets nieuws onder de zon.
Oude wijn in nieuwe zakken.
Deze spreekwoorden komen ook uit de bijbel, net als de vernieuwende boodschap van Harm.
En of het nu gaat om relaties, kerkenwerk, het huishouden of zakelijke projecten: de collectieve instelling van ‘wij’  levert meestal de beste resultaten.
Word jezelf: ga de verbinding aan met elk ander.

Reageren

14 juni: Van alles. En nog wat. En te veel.

De week die achter ons ligt stond bol van de bijeenkomsten die nou eenmaal bij het leven horen: een mini-reünie, een begrafenis van een buurtgenoot/gemeentelid, theatershow van Lohues, een trouwerij van een nichtje, een verjaardag van een neef die 65 werd, een kennismakingsbezoek bij nieuwe buren en een etentje met een bestuurslid dat na jaren afscheid nam.
Zitten.
Luisteren.
Soms praten.
Hele dagdelen ben je met zulke dingen op pad en nu ik met pensioen ben kan ik overal gewoon naar toe: ik hoef  niet meer te schuiven met mijn tijd.
Het voert te ver om over iedere bijeenkomst een blog te schrijven, maar een paar opvallende dingen wil ik even delen.

Donderdagmorgen, tijdens de begrafenis van Taeke van Lingen hielden de kinderen een toespraak over hun vader’; één zin die de dochter zei bleef me bij: ‘Hij hoefde niet financieel rijk te zijn om in weelde te kunnen leven.’
Wat een rijkdom als je dat over het leven van je vader kunt zeggen!

De nieuwe buren waar we vrijdagmorgen op de koffie zaten wonen al heel lang in Roden en zijn van de generatie van mijn ouders.
Dan hoor je verhalen over Roden in de jaren ’60. “Toen hield de nieuwbouw na de burgemeester Van Wageningenlaan op: daarna keek je uit op de weilanden richting Nieuw Roden. Dat kun je je toch helemaal niet meer voorstellen. Nieuw Roden en Roden zit immers helemaal aan elkaar vastgegroeid…..”
En dat allemaal in dat heerlijke Westerkwartiers dat in deze omgeving wordt gesproken.

Miranda was het nichtje dat ging trouwen met haar Ronald; om 14.00 uur zaten we in de raadszaal van het gemeentehuis van Noordenveld (hier in Roden). “Al 20 jaar verliefd en nu zeggen we eindelijk ‘JA’!” stond op de trouwkaart.
Wat Gerard en mij diep ontroerde was een een klein hangertje dat de bruid aan haar trouwboeket had hangen: twee kleine medaillons aan een kettinkje.
Daarin zaten twee kleine fotootjes: van haar vader Henk (Gerards oudste broer die in 2011 overleed) en van haar broertje Martin, die op jonge leeftijd verongelukte.
“In mijn hart zijn ze er bij…..”

Neef Jan werd 65 en om dat te vieren waren we uitgenodigd voor een ‘Lunchparty’ in Epe.
We zaten aan tafel met Jans zus en haar gezin; gezellig bijgepraat en ondertussen genoten van voorbijkomende bitterballen, gerookte zalm en heel veel ander lekkers!
Even weer een stukje ‘familie Boelen’ met elkaar gedeeld.

Met het scheidende bestuurslid zaten we om de tafel bij ‘Diggels’ in Westerbork.
Mosterdsoep & spareribs, best gezellig met mensen die ik (nog) niet zo goed ken.
Maar niet zo ontspannen als vrijdagavond, toen ik met mijn schoonzussen zat te geiten bij de foto-camera tijdens het poseren voor maffe foto’s voor in het gastenboek.

Het was te veel geweest.
Zondagmorgen in de kerk zat ik met een vol hoofd en te weinig concentratie.
Soms is dat zo.
We gingen naar huis met lied 1000 ‘Wij zagen hoe het spoor van God’.
Op de website van Petrus in het land vond ik deze versie van Elske de Wal.

Reageren

13 juni: Jager – Verzamelaar

Daniël Lohues brengt nieuwe songs, lievelingsnummers uit de succesvolle Allennig-serie en van de prachtige platen daarvoor en daarna. Hij begeleidt zichzelf op de vleugel of op de gitaar, banjo of mandoline en wordt bijgestaan door Bernard Gepken (gitaar, zang) en Reyer Zwart (bas, zang).’

Dit stun in de ankondiging van de Theatertour veurjaor 2026: wij zaten dunderdagaomnd op de 1e rij in de loge in de Stadsschouwburg in Grunn’n; dizze keer waren we der met mien breur en zien zeun.
Um mij wat veur te bereiden luusterde ik de ofgelopen weken een paar keer naor zien neie album, dat het ‘Jager’.
Hij zung een paar van die neie nummers, maor gelukkig ok olle bekende nummers.
Genieten met een grote G.

afbeelding: website Daniël Lohues

Hij vertelde dat hij nóg een album uutgeven haar dit jaor, ‘Verzamelaar’ hef e dat nuumt. Der staot 24 bekende nummers van hum op en hij hef der ok een songbook bij uutgeven: daor stiet de muziek en de tekst van die 24 liedties in. Toen wus ik geliek wat ik in oktober op mien verjaordagsverlangliesie zet.
Lohues vertelde der enthousiast over. “Alle liedties die ik schrief bint veur mij ‘kindjes’. Eigenlijk wel gek dat der maor 24 van die kindjes op dat album staot, dat vuult veur mij net asof ie allent maor foto’s van twee kinder in een album plakt, terwijl ie veul meer kinder hebt.” Zuks kan allent Lohues maor bedenken.

Wij hebt geneuten van zien ‘kindjes’, nei en old & vertrouwd; in de schouwburg krie’j der ok mooie verhaolen bij en die bint net zo mooi as de liedties.
Over zien eerste verkering en liefdesverdriet.
Een verhaal over het ansteken van de de paoskeerse in de karke in de nacht veur 1e Paosdag.
“En dan zung de priester ‘LUMEN CHRISTI’…..”en vervolgens wees e naor de zaol en zungen een paar luu: “DEO GRATIAS”: “Daor zit nog een paar verdwaalde katholieken….
Het verdriet um het verlies van zien mamme komp in iedere veurstelling eem veurbij.
Dizze keer zung e het lied ‘kallem an’ dat e schreef umdat zien moe ooit tegen hum zegd haar: “Doe toch kallem an, jongen, ie leeft drei levens in in ien leven…”
Hij benuumde in een vlammend betoog zien liefde veur het Nedersaksisch en hij nam oons in een aander verhaol met naor de préhistorie: hoe oonze veurolders toen leefden as nomaden (jagers/verzamelaars) en dat dat leven nog altied in oonze genen zit: angst veur wilde dieren bijveurbeeld of de angst um buuten de groep te vallen. “A’j in die tied verstoten weuden uut de groep, dan wa’j ten dode opschreven…”

Herkenbaor was het verhaal over het relativeren. Hij speulde dit veurjaor veur het eerst in Carré en haar daorover zegt: “Dat is ok maor gewoon een theater….’
“Die neiging um alles te relativeren is denk ik typisch wat veur Erica. Veur Zuud-Oost Drenthe. Eigenlijk veur hiel Drenthe. Veur hiel het noorden eigenlijk…. veur het platteland!”
Ik hung an zien lippen.
Tiedens de veurstelling is het moesstil in de zaol; neef Cor was nog nooit bij een concert west waoras het nou en dan zo stille was…..

Eerdere veurstellings die wij hebt bezöcht:
2025: Proosten op heur. (met Holland Baroque)
2025: Een Drentse liefdesverklaoring
2024: Advent: Lohues met Holland Baroque 
2024: Zingen en bidden
2023: Puntje van je stoel verhalen
2019: De Drent Lohues & Holland Baroque

2018: Ik kiek overal, maor ik heur hier
2017: Maak joe waor.
2016: Aosem. Awesome!

Reageren

12 juni: Pensionada 13 – Het derde afscheid.

De titel van dit blog zou een titel kunnen zijn van een detective in de stijl van Henning Mankell, maar het wordt een verhaal over een weerzien met oud-collega’s.
Op mijn afscheidsfeestje bij Lentis op 22 oktober 2025* waren alleen mijn toenmalige collega’s aanwezig; de oud-collega’s had ik daarbij niet uitgenodigd, die wilde ik graag een keer apart zien.
Het oude secretaresseclubje van Team 290 zag ik op 18 mei** van dit jaar, maar voordat ik bij Team290 kwam te werken was ik managementassistent van de afdeling Ouderen Psychiatrie en een aantal van de collega’s uit die tijd had ik uitgenodigd voor woensdag 10 juni. Jacquelien, mijn duo-baan-collega die regelmatig op dit blog voorbij kwam, de toenmalige manager Ria en Jan, de collega waar ik een paar jaar tegenover zat in het Heymanscentrum. We misten Winny en Gineke in onze kring; zij moesten wegens familieomstandigheden/ziekte  afzeggen.

Wat heerlijk om ze even weer te zien!
En te spreken natuurlijk: we praatten zo weer verder en hadden gespreksstof genoeg.
Hoe bevalt het om met pensioen te zijn, heb je je werk ook gemist, hoe kijk je terug op je loopbaan en weet je ook hoe het met die en die collega is?
Er kwamen veel namen voorbij.
Van te voren had ik wat foto’s opgezocht uit ons gezamenlijk verleden en het duurde niet lang of zaten al weer ‘met kop en oren’ in onze gezamenlijke Lentis-jaren.
Wat mij betreft vormden de tien jaren die ik voor Ria heb gewerkt samen met Jacquelien als het leukste deel van mijn carrière.

En dit was dus het derde en laatste afscheid van mijn collega’s van Lentis.
Het is een goede keuze geweest om het afscheid in drie stukjes te knippen.
Nu hadden we een hele middag de tijd om bij te praten en herinneringen op te halen; op het afscheidsfeest in oktober was het daar vast niet van gekomen.
Bovendien was het toen allemaal al enerverend genoeg……..

Ook nu had ik voor mijn gasten een stapeltje Aaltjes als afscheidscadeautje. Zij hadden trouwens ook leuke dingen voor mij meegenomen: Jacquelien nam een gegrilde kip-rollade mee, Ria een fijn, dik boek en Jan kwam met een cadeautje waarvan hij zei: “Ik weet haast wel zeker dat je dit leuk vindt…” Het was een handwerktijdschrift.

We namen afscheid, maar we spraken af dat we elkaar weer opzoeken.
Jacquelien komt een keer bij ons eten, Ria komt met haar Regenboogkoor in november zingen in een viering bij ons in de kerk en Jan…. die ga ik nog eens opzoeken om hem een paar zelfgebreide sokken te brengen. Die had hij nog te goed naar aanleiding van dit gesprekje bij de mosterdsoep van Cor in het Heymanscentrum.

Benieuwd naar de andere delen in deze serie?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle tot nu toe gepubliceerde delen.

* 22 oktober 2025 – Afscheid 
** 19 mei 2026 – Een verlaat afscheidsfeestje

Reageren

11 juni: Groot samenspel.

Weet je nog dat ik schreef over de laatste repetitie van de cantorij? Cantor Karel nodigde iedereen die dat wilde uit om mee te zingen/spelen onder de noemer ‘Groot Samenspel’.
Dinsdagavond 9 juni liepen er om 19.15 uur al heel wat zangers in de kerkzaal en toen we gingen inzingen stond er toch een groot koor!
En ook een orkestje: twee dwarsfluiten, een cello, een saxofoon en een gitaar.
We begonnen met de vrolijke canon ‘Het is zomer’ en het klonk gelijk al  als een klok.
Ook het Taizélied ‘Benedictus qui venit’ dat we daarna zongen konden we al vrij snel meerstemmig zingen.
Tweestemmig zongen we het ‘Abide with me’; Karel stelde voor omdat elkaar toe te zingen.
De bassen+tenoren gingen op het podium staan mét de instrumenten die hun stem begeleidden, de sopranen+alten bleven in de zaal zitten.
Een bijzonder ervaring, het zorgde bij mij voor een kriebeltje van ontroering.

klik op deze afbeelding voor een vergroting.

Karel was dinsdag in topvorm én in een opperbest humeur.
In de pauze, toen we van de gastzangers complimenten hoorden over Karel, dat hij zo vrolijk was en snel tevreden, moesten we dat als cantorijleden toch wel wat nuanceren…..
“Hij is op de gewone repetities echt wel veel strenger, hoor. We mogen niet onderuitgezakt zitten ‘rechtop en niét met je benen over elkaar, dat is niet goed voor je longen, die moeten de ruimte hebben.” En dan hebben we het nog niet gehad over het oeverloos herhalen van de Engelse uitspraak en de keren dat er wordt afgeslagen omdat de inzet niet gelijk was…..

Het was een feestje; voor Karel, voor de gasten, het orkestje en ook voor ons cantorijleden.
Karel wilde de genodigden graag laten meebeleven hoe het is als je meerstemmig met elkaar zingt, hoe het is om in een koor te zingen. Dat je kunt genieten van het samen musiceren.
Het plezier in het samen muziek maken en zingen staat bij mij ook altijd hoog in het vaandel en ik heb er dinsdagavond van genoten!
Niet als alt in het koor maar in het orkestje als gitarist; ik zat naast Rieke die cello speelde.

Als ik deze woorden zit te typen is het dinsdagavond 9 juni 22.30 uur.
De vingertoppen van mijn linkerhand doen zeer; dat komt van het gitaarspelen.
Nu ik me al een aantal maanden vooral bezig houd met het bespelen van de altblokfluit, is het gitaarspelen wat op de achtergrond geraakt. Nu verleer je het spelen van akkoorden echt niet meer als je dat al vijftig jaar hebt gedaan, maar de eeltkussentjes die ik op mijn vingers had van het vele spelen zijn er niet meer.
Dat was dus wel eens weer goed; in oktober is de jaarlijkse Taizé-vesper, dan wil daar graag weer met m’n gitaar om m’n nek in het combo spelen.

Weet je wat leuk is?
Het hele feestelijke ‘Groot Samenspel’ is opgenomen op Kerkomroep (met dank aan Zwanny!): je kunt het dus terugkijken/luisteren.
Nog even nagenieten of meegenieten…. hierbij een link

Reageren

10 juni: Bliksem velt groen monument.

Dinsdagmorgen 9 juni kreeg ik een app van Zwanny.
‘Dat was schrikken gisteren met die blikseminslag in de boom vlak bij jullie huis. Onweer was ook heel dichtbij…..’
En inderdaad: ik was geschrokken van een flits met een enorme knal daarbij, maar ik wist niets van een boom vlak bij ons huis.
Had ik dat dan zo gemist?

Het was een stukje verderop in de Boskamp, vlakbij de Leeksterweg.
Dinsdagmiddag ging ik even poolshoogte nemen; de boom was inmiddels omgezaagd en lag in stukken langs de weg (zie afbeelding, er op klikken voor een vergroting).

Afbeelding: DitisRoden.nl – Theo Kompier

Er verschenen twee berichten op ‘DitisRoden.nl’.
Eerst een bericht op de avond van 8 juni over de blikseminslag: Blikseminslag richt grote schade aan bij monumentale eik in Roden
Het tweede bericht werd gepubliceerd op dinsdag 9 juni: de boom moest worden omgezaagd: Monumentale boom aan de Boskamp door blikseminslag gekapt. 
Op beide berichten vind je foto’s.
Daarop zie je hoe groot en oud de boom was.
Op de afbeelding rechts zie je hoe de boom wordt ontmanteld en wat voor groot, groen monument wij missen als we onze straat inrijden. 

Wat een triest gezicht: doorgezaagde takken en stervend blad.
Deed me denken aan het lied ‘Mein Freund der Baum’ van Alexandra.

Du fielst heut früh ich kam zu spätdu wirst dich nie im Wind mehr wiegendu musst gefällt am Wege liegenund mancher, der vorüber gehtder achtet nicht den Rest von Lebenund reisst an deinen grünen Zweigendie sterbend sich zur Erde neigen….

Ook even luisteren? Hierbij een  link  naar dit prachtige lied uit 1968.
Meer weten over dit lied? In 2015 schreef ik er al eens een blog over.
Op dat blog vind je ook een mooi gedicht over vriendschap met een boom van Fetze Pijlman; het heet ‘Onder de bomen’.

Reageren

9 juni: Een test.

Vorige week donderdag aten wij met smaak een broodje shoarma met sla, toen er tijdens het kauwen iets knapte in mijn onderkaak.
Dan weet ik gelijk al: niet goed.
Ik slikte niet door, maakte mijn mond leeg en voelde gelijk al een gat rechts onder in mijn gebit.
Daar zat (weet ik achteraf) al 12 jaar een kroon, die was vastgezet op een ‘opbouw’ vanuit het wortelkanaal.
De kroon vond ik gelukkig terug: die zat nog keurig op de opbouw, maar de opbouw was faliekant doormidden.
Gerard is altijd van de goede adviezen: “Volgens mij kun je voor zo’n spoedgeval nog wel terecht bij de tandarts, die hebben altijd een stukje agenda vrij voor dit soort dingen. Misschien bakt ie hem er zo weer op!”
Vrijdagmiddag overzag tandarts Tom de schade en hielp mij gelijk uit de droom: “Dit kan ik niet meer repareren. Nu niet en later ook niet. We moeten iets anders verzinnen.”
Tom sprak in de eerste persoon meervoudsvorm maar als het gaat om het verzinnen van een oplossing voor dit probleem wordt het derde persoon enkelvoud: hij.
Hij gaat een offerte maken.

Gistermorgen wandelde ik al weer naar de tandarts, maar nu voor een afspraak met de mondhygiëniste.
Dat is al een poosje Sigrid,  maar die verwachtte een kindje en moest onverhoopt eerder stoppen met werken.
De afspraak met haar werd verzet en zo maakte ik gistermorgen kennis met haar vervangster Barbara.
Op voorhand ben ik dan wat afwachtend. Aan Sigrid zijn mijn gebit en ik gewend; we weten wat er komt en hoe ze te werk gaat.
Daarvoor was ik twee keer behandeld door Hazmat. Die had prachtige bruine ogen, maar was een tikje hardhandiger in zijn behandeling dan Sigrid.
Hoe zou het met Barbara gaan?

Zij ging eerst een test doen: een tandplaktest. Dat is een manier om met een kleurstof te controleren of er na het poetsen van je gebit (dat had ik natuurlijk vóór het tandartsbezoek al gedaan) nog tandplak is achtergebleven.
“Kijkt u maar even in de spiegel”.
Jemig.
Het was een test met rode kleurstof…… het zag er dramatisch uit, maar dat was het eigenlijk niet.
Een paar randjes in de bovenkaak en één plekje in de onderkaak ‘verdienen wat extra aandacht’ en verder had ik goed mijn best gedaan.
De behandeling van Barbara was niet zo als die van Sigrid: die gebruikt meestal een apparaatje voor het weghalen van tandsteen, terwijl Barbara nog van het ouderwetse handwerk is. 

afbeelding: website Tepe

Maar het resultaat is hetzelfde: tandsteen weer weg en de ruimtes tussen de tanden helemaal schoon: het was maar zo weer tijd voor ’the finishing touch’, het polijsten .
Barbara had nog wel wat adviezen.
De blauwe ragers moeten worden vervangen door de groene en gele.
“En hoe lang heb je je elektrische tandenborstel al?”
Jaren.
“Je zou er eigenlijk eentje moeten hebben met een rond borsteltje, zodat je goed om de afzonderlijke tanden en kiezen heen kunt komen.”
Een nieuwe tandenborstel is niet echt een diepte-investering.
De bedragen op de offerte uit de eerste alinea misschien wel……

Reageren

8 juni: In de toren!

Half mei kreeg ik een app van Gerard Smit, hulpkoster bij de Catharinakerk.
“20 mei ga ik met een paar mensen naar de zolder van de kerk in het kader van de activiteitenmarkt. Wil je nog mee? Daarvoor in ruil vraag ik een bijdrage voor Father Pedru in Moldavië.”
Was ik direct voor; we moesten er om 19.00 uur zijn.
Mijn Gerard ging ook mee.
Het was op de donderdagavond voor Pinksteren, dus vlak voor onze Pinkstervakantie in Westerbork.

Loopbrug over het tongewelf

Al jaren vertel ik als gastvrouw/gids in de Catharinakerk wetenswaardigheden over het oude gebouw; de rondleiding van Gerard was een mooie aanvulling,  ik leerde er die avond weer van alles bij.
We begonnen bij het orgel, waar we de registers bekeken (die je allemaal kunt opentrekken) en we zagen ook de enorme blaasbalgen, de ‘longen’ van het orgel.
Tegenwoordig wordt daar lucht in geblazen door een elektrisch knopje in te drukken, maar vroeger moest men het orgel ’treden’: dan moest je op het uiteinde van die balg gaan staan om er lucht in te krijgen.

Kijkje op het koor door het luik….

Daarna klommen we door de andere opening in de toren naar boven.
Dat klinkt eenvoudiger dan het was.
De toren is oud, het zijn smalle doorgangen en de verschillende hoger gelegen gedeelten van de toren moet je beklimmen met een ladder.
Eerlijk gezegd: het viel me niet mee.
Maar ik liet me niet kennen.
We liepen eerst óver het tongewelf (over een soort houten hangbrug) boven het schip naar de zolder boven het koor.
In de vloer van de zolder zat een luik, waardoor je in het koor van de kerk kunt kijken: daar zitten wij ’s zondags!

Vanaf de zolder liepen we weer terug naar de toren om die verder te beklimmen.
Op weg naar de bovenste verdieping passeerden we steeds de schacht waar het tegengewicht van de klok naar beneden hangt.
Onderaan dit blog vind je twee afbeeldingen hiervan.
Omdat het uurwerk al zo oud is, loopt het niet meer helemaal op tijd: in de loop van één week loopt hij een kwartier achter.
Daarom moet de klok iedere week worden bijgezet door een ambtenaar van de gemeente; die klimt dus wekelijks die toren in voor dit klusje!
Een mooi artikel over dit onderwerp vond ik op de website van RTV Drenthe: daarin komt koster Gerard uitgebreid aan het woord over het uurwerk én de toren.

Bij het laatste deel van de rondleiding stonden we met z’n vijven rondom de eeuwenoude klok (J. Borchhardt, 1746) met een diameter van meer dan één meter.
De afbeelding hiernaast heb ik gemaakt vanuit uit bovenste raampje op het zuiden van de toren; er vliegt net een kraai voorbij.
De kuikens van deze vogel zagen wij aan de binnenkant van de toren in hun nestje zitten.
Gerard bedankt!

In de maand juni kun je op alle zaterdagen (6, 13, 20 en 27 juni) meedoen aan ‘Kerkenpad’; fietsen langs de kerken in Noordenveld.
Je leest er alles over op de PKN-website: klik hier voor de flyer met informatie over de gebouwen én de fietsknooppunten.

De schacht….

….. en het gewicht.

Reageren

Pagina 1 van 413

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén