De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

7 oktober: Bounciër?

“Wat veel mensen, ja!” riep een tenor dinsdagavond tijdens de cantorijrepetitie.
Dat kon je inderdaad wel zeggen: bijna iedereen was er, meer dan 20 koorleden.
De altengroep was weer op sterkte, tot mijn grote vreugde was collega-alt van de achterste rij er ook weer.

Taizé-viering 17 oktober

We zijn deze weken aan het repeteren voor de Taize-vesper op 17 oktober. Die liederen zijn veelal bekend; de zettingen van Taize liederen zijn mooi en melodieus.
Dat betekent: heerlijk vierstemmig met elkaar zingen. Af en toe dringt het nog door: het kan weer! We mogen weer!
De sensatie van meerstemmig zingen met zoveel mensen is voelbaar na zoveel maanden zonder voltallig koor. Ik probeer er nog meer van te genieten dan voorheen.

Cantor Karel staat met hernieuwd elan voor het koor.
Bij het lied Veni Creator Spiritus vraagt hij ons om het een beetje spannender en mysterieus te zingen.
Bas op de achterste rij wilde nog wel een piepende deur toevoegen…
Verder gebruikte Karel een woord dat wij niet kenden.
“Die twee strofen daar mogen wel wat bouncier gezongen worden.”
Huh?
Bounciër?
Onze cantor is vergeleken met ons een jonge man die soms net zo praat als onze dochters: met vernederlandste Engelse woorden.
Karel bedoelde opverend, een beetje stuiterend.
Bouncing is wat Teigetje uit de tekenfilm Winnie de Poeh doet.
Poing,  poing! En zo moeten wij dan zingen.
Die twee strofen dan, hè? Buurvrouw en ik hoeven elkaar alleen maar even aan te kijken.  Bouncier. Ja hoor, ja.

Corona lijkt al weer even geleden,  maar ik ben het nog niet vergeten.
Dinsdagmiddag Holy Stitch,  dinsdagavond cantorij.
Sinds corona weten we dat niets vanzelfsprekend is.
We schudden nog geen handen,  we zoenen niet, zelfs niet drie keer in het luchtledige en de anderhalve meter is inmiddels een soort natuurlijke afstand geworden.
We kijken de spreekwoordelijke kat nog even uit de boom en hopen binnenkort in ieder geval voor Gerard op een derde prik.

Maar ooooo….. wat geniet ik weer van wat met die voorzichtigheid toch al weer kan!

Reageren

6 oktober: Holy Stitch in de herkansing.

Vorig jaar op maandag 5 oktober hadden we de eerste bijeenkomst van ‘Holy Stitch’: een maandelijkse bijeenkomst voor creatievelingen op handwerkgebied.
Wat voor  steken je ook maakt: iedereen is welkom.
Die eerste bijeenkomst was ook gelijk de laatste, want corona maakte meer bijeenkomsten in het seizoen 2020/2021 niet meer mogelijk.
Meer weten over die bijeenkomst? Lees dan hier het blog  dat ik toen schreef.

Dit jaar is ‘Holy Stitch’ niet op maandag- maar op dinsdagmiddag; gistermiddag zagen we elkaar weer in de hal in Op de Helte.
We begonnen maar weer gewoon met een rondje voorstellen, want hoe we allemaal heten, dat waren natuurlijk al weer vergeten.
Iedereen beantwoordde de vragen ‘Hoe heet je, hoe lang woon je in Roden (en waar kom je vandaan) en waar ben je nu op handwerkgebied mee bezig’.

Het doel van dit clubje is natuurlijk ontmoeting.
Een praatje maken, laten zien wat je aan het doen bent, elkaar helpen, motiveren en op leuke ideeën brengen.
Gistermiddag had één van de dames een achter- en voorpand van een trui mee en vroeg zich af hoe het nou moest met het breien van een boord.
Dan is het handig als iemand anders dat weet en haar op weg kan helpen.

Na het voorstelrondje was er al drie kwartier om; daarna was het tijd voor waar we eigenlijk voor kwamen, namelijk handwerken en bijpraten.
Het was gezellig en er was koffie en thee. Er werd over en weer kennis gemaakt, er werden stoelen bij geschoven, handwerkjes en bijzondere tassen werden bekeken.
Een paar dames waren aan het borduren; één van hen deed dat in opdracht voor iemand in Friesland.
Het waren geborduurde randjes die je op een gastendoekje kon naaien. Toeristen schijnen er gek op te zijn.

Eén handwerkje dat iemand had laten zien was erg populair; het was een gehaakte windspinner.
Aan een tafeltje met vier dames zat al iemand driftig het patroon over te schrijven.
Overschrijven ja.
In onze digitale wereld kun je je dat haast niet meer voorstellen, maar als je snel even een patroontje op papier wilt hebben kun je het ook nog gewoon overschrijven.
Ik kreeg het patroontje mee om het digitaal met iedereen in de groepsmail te delen, dat zal ik vanavond doen.
Voor mijn lezers vandaag alvast een link naar  de website waar deze windspinner op beschreven staat: gehaakte windspinner.
Overschrijven hoeft dus niet; uitprinten kan ook.

Reageren

5 oktober: De Librije.

“En Zutphen dan?” schreef ik zaterdag in het blog over het Museum More.
Je kunt in één middag natuurlijk nooit een hele stad bekijken, dus Henk en ik richtten ons op de Walburgiskerk.
Op hun website hadden we gezien dat daar ook een rondleiding was; wij houden allebei erg van oude kerken, dus dat gingen we doen.
Tijdens de wandeling naar de kerk toe zagen we aan onze linkerhand de oude Berkelpoort.
In 2016 was ik met Gerard op vakantie ook al in Zutphen geweest (daarover schreef ik destijds het blog ‘Hanzestad Zutphen‘) en dat stuk oude stadsmuur was me bijgebleven.
Daar moesten we natuurlijk wel even heen te kijken.

Eenmaal in de kerk schreven we ons in voor de rondleiding.
Tot onze verbazing was dat geen rondje door de kerk, maar een bezoek aan de Librije.
Met een klein groepje gingen we door een kleine deur en stapten 6 eeuwen terug in de tijd.
De Librije is een openbare leeszaal uit de zestiende eeuw, die destijds (tijdens de woelige tijden van de reformatie) vooral tot stand kwam om de mensen voor het “ware” geloof te behouden door hen “goede” boeken te laten lezen.
Onze gids vertelde ons dat de eeuwenoude boeken die daar aan kettingen op de houten banken liggen bijna allemaal eerste drukken zijn. De boekdrukkunst was nog niet zo lang daarvoor uitgevonden en alles wat er tot dan toe aan geschreven tekst was bewaard op perkament en papier kon toen gedrukt worden.
En net als toen wij al onze LP’s wegdeden toen de CD werd uitgevonden, zo werden toen de oude, handgeschreven teksten hergebruikt: men maakte er schriftkaftjes van, boekenleggers, kaften voor boeken en het werd zelfs gebruikt voor het restaureren van orgelpijpen.

Even wat informatie van de website van De Librije.
De Librije heeft dertig jaar als openbare leeszaal gefunctioneerd. In de zeventiende en achttiende eeuw was het een particuliere bibliotheek voor predikanten en raadsleden, daarna raakte de Librije in vergetelheid.
Aan het eind van de negentiende eeuw werd de leeszaal herontdekt als een monument van wetenschap en geschiedenis.
De Librije behoort tot de belangrijkste cultuurhistorische monumenten in Nederland en daarbuiten, want er bestaat maar één andere vergelijkbare bibliotheek: in Italië (Cesena).

Wat een belevenis om daar te staan.
En je te realiseren hoe oud die boeken zijn.
De gids vertelde gedetailleerd over de leeszaal en de boeken, maar dat kan ik op dit blog niet allemaal delen.
Eén verhaal vertel ik vandaag.
De boeken hebben allemaal een metalen beslag, een soort klem die het voor- en achterkaft tegen elkaar aan drukt.
Op die manier komt er geen licht, stof en ongedierte bij de bladzijden.
Om het boek te openen moest je hard op de voorkaft slaan, dan sprongen de klemmen open.
Daar komt onze uitdrukking ‘een boek openslaan’ vandaan.

Meer weten over deze eeuwenoude leeszaal?
Hierbij een link naar hun website: Website Librije.

En de Walburgiskerk dan?
Wordt vervolgd.

Andere blogs over deze dag:
2 oktober: Ogen vanuit de vorige eeuw (over museum More in Gorssel)
8 oktober: Sponsoring! Toen al… (over een audiotour in de Walburgiskerk) 

Reageren

4 oktober: Zo’n dag.

Wat is de waarde van de dag op zondag?
De zondag is voor ons een andere dag dan de andere dagen in de week.
Dan geen pilates, geen huishoudelijke klussen (wel hééél af en toe eens een was als het zo uitkomt…), geen uitgebreide maaltijd, kortom: rustdag.

We besloten om gistermorgen de viering in de Catharinakerk niet bij te wonen, maar via de tv mee te kijken.
Dat is een bewuste keuze, want ’s middags zouden we naar Almelo en dan ben je de hele dag ‘onderweg’.
Nadeel van die keuze is dat ik de kerkdienst minder intens beleef omdat ik niet fysiek aanwezig ben.
Gistermorgen zat ik op de bank  omgeven door oude borduurboeken, borduurvoorbeelden en -patronen op zoek naar een krans van kruissteken.
Ik vond wat ik zocht, maakte een beginnetje en luisterde ondertussen naar de dominee, we  dronken koffie en kregen het nog even over de preek.
Over de ingesleten patronen van het gedrag van mannen en vrouwen
Over de beeldvorming over mannen en vrouwen.
Over niet mogen scheiden (ook in deze tijd nog niet) omdat dat in de bijbel staat.
Bij de positie van de vrouw ten opzichte van de man moet ik dan ook altijd denken aan de rol die de kerk zelf heeft gespeeld bij het buiten spel zetten van de vrouw als het gaat om macht en invloed. Daar moeten we het nog maar eens over hebben, maar nu even niet.

Zondagseten is vaak een allegaartje.
Gisteren aten we een croissantje, een pannenkoek die nog over was van de vorige dag en een kom snert uit de pan die ik al had gekookt voor morgen. Want werken.
In Almelo hadden ze kennelijk ook ‘zo’n dag’: “We doen even makkelijk vandaag. Wat zullen we voor jullie bestellen?”
Voor het eerst in mijn leven at ik spare-ribs.
Lekker!

Na de koffie reden we weer naar huis, waar we nog keken naar de finale van Heel Holland Bakt.
Zo’n dag.
Heerlijk.

Wat was de waarde van de dag?
De hele dag.

Dus ook de foto die we kregen van vrienden vanuit een restaurant.
Vriendin werd 70 en vierde dat met kinderen en kleinkinderen.
“Gisteravond sinds twee jaar met de hele club samen. Heerlijk en volop genoten!”
Wat fijn dat er steeds weer meer kan.
Vandaag ga ik de mail voor lootjestrekken rondsturen in ons gezin.
Het is maar zo weer 5 december…….

Reageren

3 oktober: Gotland 11 – Trollenhals?

Op onze laatste dag op Gotland zochten we de oostelijke punt van het eiland op. Voordat we naar de kust gingen wilden we nog een bezoek brengen aan een grafveld uit de 6e tm 8e eeuw; het heette Trullhalsar (Trollennek).  Carlijn stelde haar Google navigatie in, die ons een grindweg op stuurde. De grindweg werd een zandpad en het zandpad werd een karrenspoor met hoge, harde grassprieten die onder tegen de auto aan schuurden. De varens aan weerszijden van het pad kwamen tot aan de ramen; volgens Google zaten we nog op de goede weg,  maar ik had grote twijfels.
“Als je hier toch een auto tegenkomt…..” Ja,  dan heb je een probleem. “It better be good” vond Carlijn. Inderdaad. Zou het alle moeite wel waard zijn?

Toen we nog 200 meter van het grafveld af waren kwamen we op een soort open plek.  “Hier kunnen we in ieder geval keren. ” We zetten de auto aan de kant en besloten  het laatste stukje lopend af te leggen.
Na een korte wandeling stonden we ineens bij een enorme open plek in het bos.  We zagen grafheuvels, stenen zettingen/ringen en cairns (steenstapels).
Op een informatiebord aan de zijkant stond dat er ongeveer 300 graven waren. Op veel van de graven staan grafballen, ronde stenen die erop zijn gelegd.
De meeste graven zijn aan het begin van de 20e eeuw onderzocht en sindsdien gerestaureerd.
Zowel mannen als vrouwen liggen er begraven; vooral bij de vrouwengraven zijn dingen gevonden die er op wijzen dat de mensen behoorlijk rijk waren. (klik op de foto’s voor een vergroting, dan zie je de graven liggen).

Mij overviel hetzelfde gevoel als twee jaar geleden op Rügen toen we bij het hunebed ‘Herzogsgrab’ stonden ( zie Ein heilige statte 23 8 19).
Ik voelde het mysterie van deze bijzondere plaats. Het was heel stil op die plek; we liepen voorzichtig om de heuvels en cirkels heen.
De heide bloeide paars tussen de paden en het zonlicht viel diffuus op sommige stenen; het versterkte de gewijde sfeer van deze begraafplaats uit de oudheid.
Wat een ervaring.
Het staat niet in de toeristische folders van Gotland; hoeft ook niet.  Voor wie het zoekt is het te vinden.
Zonder informatiecentrum met koffie/thee en eterij blijft het zoals het al eeuwen is: een heilige plaats.

Benieuwd naar al onze belevenissen op Gotland?
Klik dan hier naar deel 1, daar vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen: Afstudeervakantie van onze jongste 

Reageren

2 oktober: Ogen vanuit de vorige eeuw.

Donderdag 30 september was het ‘broers & zussen’-dag,
Van meervoud is bij mij geen sprake: ik heb één broer en géén zussen.
Na het overlijden van ma, waarin Henk en ik samen optrokken op weg daar naar toe, spraken we af dat we één dag in het jaar met z’n tweeën een dagje uit zouden gaan.
De eerste keer deden we dat in 2019, toen gingen we naar het Catharijneconvent in Utrecht; in 2020 kon het niet doorgaan vanwege corona. Dit jaar werd het 1 oktober.

Als het gaat om de vraag ‘Wat zullen we doen die dag?’ kunnen we bijna niet kiezen.
Dit keer werden we op het spoor ‘Zutphen’ gezet door de Van Rossems.
We begonnen in Gorssel met het museum More. Die letters staan voor Modern Realisme: schilderkunst of sculpturen die de werkelijkheid herkenbaar weergeven,
Eerlijk gezegd: ik weet niet zo heel veel van schilderkunst en de verschillende stromingen daarin; voor mij is het al fijn als ik kan zien wat iets voorstelt.
De collectie in More vertegenwoordigt een belangrijk deel van ons nationaal cultureel erfgoed op dat gebied en wordt beheerd voor toekomstige generaties.
Zo wordt het voor een breed publiek toegankelijk gemaakt. Ook voor mij dus.
Je ziet met name werken uit de 20e eeuw en hedendaagse realistische kunst en er was een speciale tentoonstelling van de kunstenaar Jan van Herwijnen (1889/1965).
Een eeuw geleden  tekende hij in negen maanden tijd 32 levensgrote portretten van psychiatrische patiënten in het Willem Arntsz Huis in Utrecht. ‘Dat moest ik doen – dat was een dwang waar ik niet onderuit kon.’ In 1918-1919 reisde hij voortdurend op en neer van zijn woonplaats Amsterdam naar de bewoners van dit ‘gesticht’ om zijn missie te volbrengen.

Die tentoonstelling maakte indruk.
Mensen met een verstandelijke beperking kijken je vanuit het begin van de vorige eeuw aan.
Je ziet verschillende emoties  op de schilderijen, die allemaal zijn getekend in zwart/wit tinten.
Triestig.
Somber.
Weerloos.
Vriendelijk.
Achterdochtig.
Uitgeblust.
Blij.
Als je weet hoe er toen omgegaan werd met psychiatrische patiënten heb je het met terugwerkende kracht met ze te doen.

We stonden soms heel dichtbij zo’n doek om te kijken naar hoe bijvoorbeeld de ogen waren uitgewerkt.
Heel dik aangezet soms. Of juist met hele dunne lijntjes.
Wat ben je dan een kunstenaar als je als die verschillende gemoedstoestanden van mensen kunt vastleggen op een schilderij.
En toen hadden we nog maar één zaal gehad.

Benieuw naar wat we hebben gezien? Hierbij een link naar de pagina over deze tentoonstelling op de website van More:  tentoonstelling Jan van Herwijnen.
Meer weten over het de vaste tentoonstelling in het museum?
Hierbij een link naar hun website: museum More.

En Zutphen dan?
Wordt vervolgd.

Andere blogs over deze dag:

5 oktober: De Librije (over een leeszaal met boeken van vóór 1600)
8 oktober: Sponsoring! Toen al…… (over een audiotour in de Walburgiskerk.

Reageren

1 oktober: Ochtendritueel.

Bij de Arbeidsvitaminen vragen ze altijd een bekende Nederlander naar zijn of haar ochtendritueel.
Artiesten leiden meestal geen doorsnee leven, dus dat ochtendgebeuren wijkt nogal af van dat van mij.
Mijn dag begint altijd met Radio 5 en tien minuten pilates/yoga-oefeningen; daarna kijk ik op m’n telefoon en scan het laatste nieuws.
Eenmaal beneden neem ik eerst mijn medicijnen, pak ik de vaatwasser leeg en zet thee.

..

Ontbijten doe ik met een kop rooibosthee, twee stuks fruit en een sudoku.
Na de sudoku ziet iedere dag er anders uit.
Als ik naar mijn werk ga heb ik het puzzeltje meestal nog niet af, dat doe ik dan als ik thuis kom.

Het ochtendritueel is belangrijk voor mij.
Het is geen geheim dat ik geen ochtendmens ben en op deze manier kom ik rustig op gang en kan ik leunen op mijn interne automatische piloot.
Radio 5 zorgt voor muziek en nieuws en na een uur ben ik helemaal bijgepraat, bijgelezen en bijgekomen: de dag kan beginnen.

Dat sudoku-puzzelboekje is trouwens ook een klein dagboekje.
Iedere dag noteer ik de datum en plak het stickertje van de dagelijkse kiwi op de bladzijde; ook zet er er één zin op die de dag van gisteren typeert.
Soms blader ik nog even terug en roep de gebeurtenissen die bij de zinnen horen in herinnering.
De waarde van de dag in vogelvlucht……

Reageren

30 september: Gotland 10 – Rondje muur & tuin.

Tijdens de stadswandeling van Aidan was er niet veel aandacht voor de stadsmuur van Visby en vele poorten.
De middeleeuwse binnenstad is nog volledig ommuurd en dat vond ik fascinerend.
“Ik zou graag een wandeling maken langs de hele muur: beginnen en eindigen bij de Oosterpoort.”
Dat leek Gerard ook een goed idee en samen begonnen we aan deze zelfbedachte stadswandeling.
Bij iedere poort of doorgang in de muur stond een bordje met informatie over dat deel van de stadsmuur.
Die bordjes moet ik allemaal lezen (zie foto).
Zo ontdekten we een voormalige pek-kokerij (het rook er nóg naar), een plek voor lepralijders net buiten de muur waar aan de binnenkant het ziekenhuis stond,  de visserspoort waar de gevangen vis door naar binnen werd gebracht en een toren die vroeger als gevangenis had gediend.

Een deel van de muur was gerestaureerd en zag er uit zoals hij in de middeleeuwen gefungeerd had; met trappen,  vloeren en vlonders zodat je je achter de muur kon verschuilen.
Je kon helemaal bovenin die toren klimmen en ervaren hoe het uitzicht was als je daar op de uitkijk stond.
Verder ontdekte ik dat er aan de havenkant van Visby vroeger een verdedigingswerk/burcht had gestaan, Visborg genaamd.
De contouren en één toren waren nog te zien. Op de kademuren zag ik in mijn verbeelding de schepen al aankomen.
Tijdens zo’n wandeling geniet ik met volle teugen en zuig alle informatie die te vinden is in mij op.
Het klimmen en afdalen in de smalle straatjes viel me nog het meest tegen: mijn voeten en knieën voelde ik nog van de klauterpartijen over de rotsen aan de zuidkust….

Carlijn was ondertussen in haar eentje de stad in; halverwege de middag zouden we elkaar ontmoeten voor een bezoek aan de botanische tuin, die stond nog op haar verlanglijstje.
Na een stevige wandeling langs muren en poorten was de tuin een oase.
Deze DBW Botanische Tuin ligt midden in de binnenstad van Visby, is al aangelegd in 1855 en ligt gedeeltelijk langs de zeeboulevard. De naam is afgeleid van “De Badande Wännernas trädgård ”(De tuin van de badende vrienden). Je vindt er een gevarieerde mix van inheemse en exotische planten en bomen en een prachtige rozentuin.
We maakten een wandeling, zaten op bankjes verbaasden ons over de vele verschillende soorten bloemen en planten. Met recht een oase.

Benieuwd naar al onze belevenissen op Gotland?
Klik dan hier naar deel 1, daar vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen: Afstudeervakantie van onze jongste

 

 

Reageren

29 september: Schuifmoment gemist.

Vorig jaar was er geen kermis; daardoor miste ik mijn jaarlijkse ‘schuifmoment’.
Geen idee wat dat is?
Lees dan het blog Laot Aoltje maor schoe’m uit 2016.
Zondagmiddag liepen we het dorp in voor een ijsje en plastic bakje vol zilveren munten.
Het ijsje lukte prima, maar het bakje vol zilveren munten ging niet door.
Het was zo druk op de kermis, dat er geen plekje over was bij de schuifautomaten.

Maandagavond rond 19.30 uur deed ik een tweede poging: nu gingen we voor een warme oliebol en een bakje vol zilveren munten.
Nu was er plek zat; ik kreeg geen 100 maar 110 munten dankzij de uitgeknipte bon uit De Krant.

Even een klein stukje geschiedenis.
Ik ga altijd zonder Gerard schuiven, want die vind het niks; meestal gaan er wat dochters en schonezonen mee.
Die waren dit jaar niet in de buurt, dus Gerard ging mee.
Hij stond naast mij ontzettend zijn best te doen om zich afzijdig te houden, maar hij vroeg op een gegeven moment toch een paar munten om in het apparaat waar hij voor stond ook een paar munten te gooien. Even later stonden we samen geconcentreerd muntjes te schuiven en kletterde er regelmatig iets in het opvangbakje. Af en toe grijnsde hij even schuldbewust opzij.
“Toch wel leuk…” was zijn commentaar.
Hij begreep nu ook waarom ik altijd maar 10 euro meeneem.
Stoppen is altijd lastig: de muntjes liggen altijd zo dat ze elk moment kunnen vallen.
‘Nog één!….’
Als er geen geld meer is kun je ook geen nieuwe munten kopen.
Eenmaal bij het apparaat weg is de drang om door te gaan ook weg.

Een half uur lol hebben we van ons tientje gehad; 3800 waardepunten verzameld.
Kun je niks mee, of je moet 10.000.000 punten hebben.
Mijn stapeltje plastic punten gaf ik aan een groepje puberjongens die hun ogen en oren bijna niet geloofden.
Dit laatste stukje van ‘het schuifmoment’ is één van leukste onderdelen van mijn jaarlijkse kermis-feestje.
Maar volgend jaar graag weer een écht feestje met een complete Rodermarkt.

Naschrift.
Na 25 jaar meedoen aan de Straatverlichtingswedstrijd tijdens de Rodermarktfeestweek heeft de Boskamp dit jaar de eerste prijs in de wacht gesleept!
Benieuwd naar hoe dat zo is gekomen? Lees dan ‘Wij hebben Duitsland‘ en ‘Ik weet nog waar ik was!’

Reageren

28 september: Niet op de wagen!?

Vandaag is het de vierde dinsdag van september: Rodermarkt.
Ging niet door, zoals er zoveel niet doorging de afgelopen week.
Zaterdag deed de Vereniging van Volksvermaken een manhaftige poging om toch een klein  stukje Rodermarktparade te organiseren.
Naschrift: reactie van Nettie:
De scholen hebben zelf dit initiatief genomen gelukkig. De Vereniging voor Volksvermaken wilde geen verantwoordelijkheid hierin nemen.

De scholen hebben twee lichtingen kinderen die ‘niet op de wagen’ komen, vorig jaar niet en dit jaar niet. Geloof mij, in Roden is dat echt wel een ding.
Daarom was er dit jaar een mini-Rodermarktparade waaraan alleen de scholen deelnamen.
Het rondje in het dorp werd gehalveerd en wagens maakten twee rondjes: om 13.00 uur met een kinderen en figuranten en om 14.3o uur met een andere groep kinderen en figuranten.
Zo konden er heel veel kinderen toch op een versierde wagen zitten.
Er was één korps dat voor de parade uitliep, natuurlijk onze eigen ‘Muziekvereniging Noordenveld’.

Zaterdagmiddag gingen we kijken naar de optocht, maar we hoefden niet te dringen voor een plaatsje langs de kant van de weg.
Er was geen jurering en geen publieksprijs en eerlijk gezegd was dat aan sommige wagens ook wel een beetje te zien.
Maar er waren ook scholen die enorm uitpakten met leuke kostuums en show om de wagens heen.
Sommige wagens waren echt volgepakt met kinderen, want op scholen in kinderrijke buurten heb je grote klassen.
Veel minder publiek, minder wagens, minder korpsen: het maakte de kinderen geen bal uit. Ze zwaaiden enthousiast naar het publiek en stonden te ‘shinen’ in hun mooie kleren.

….wachten op de wagen….

Wat ik vooral fijn vond dat ‘het sfeertje’ er even weer was.
Wachten op het korps en de eerste wagens van de optocht, de opgewonden kinderen langs de straat, het gemoedelijke gebabbel van de omstanders: gezellig!
Toen de optocht voorbij was gingen we nog even naar het beginpunt van de karavaan.
Daar zagen we iets wat in andere jaren nooit zo is: grote groepen verklede kinderen en figuranten (en papa’s, mama’s, opa’s, oma’s,,,,) stonden te wachten tot hun wagen terugkwam, want dan moesten zij er op.
In andere jaren heb je een middagoptocht om 13.30 uur en een avondoptocht om 19.00 uur; dan worden de verkleedkleren op diezelfde dag twee keer gedragen.
Er is dan immers genoeg tijd om te schminken en om te kleden. Die tijd was er nu niet, dus er moesten per personage twee kostuums gemaakt (of gehuurd)  worden.
Na de eerste optocht ging ik nog even het dorp in voor een boodschap en toen ik terug kwam liep ik tegen het begin van de tweede optocht aan.
Ik heb een zwak voor marcherende korpsen, dus ik bleef nog even staan.
Ze maakten net een mooi figuur door door elkaar te lopen en ze hadden er zichtbaar plezier in dat het weer kon: meelopen met de optocht.
Het mag een wonder heten dat er ondanks het ontstellende gebrek aan muziekles in het Nederlandse onderwijssysteem steeds weer enthousiaste jonge mensen zijn die hier aan mee willen doen. Ze verdienen een groot applaus. Bij deze.

Reageren

Pagina 2 van 250

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén