een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 189 van 301

7 mei: S.E.H.

Tot zondagmiddag wist ik niet waar de afkorting S.E.H. voor staat; inmiddels is het mij duidelijk.
Zondagmorgen voelde Gerard zich niet lekker.
Benauwd. Pijn bij ademhalen.
Hij nam twee paracetamol, maar in plaats van dat het opknapte werd het erger.
Op een gegeven moment had hij zoveel pijn dat hij mij vroeg om te bellen met de huisartsenpost.
Op mijn verhaal werd ik gelijk doorverbonden met een arts, die mij vroeg; “Moet ik een ambulance bellen of kunt zelf deze kant opkomen?”
We moesten ons melden bij de S.E.H., Spoed Eisende Hulp in het UMCG.

Op weg in de auto vroegen we ons af “Waar is dat eigenlijk?”
We vonden het en we waren zo blij dat we er waren!
Eenmaal aangesloten op een infuus met pijnstillers ging het heel langzaam weer wat beter met Gerard.
Na veel onderzoeken en lang wachten kwam de diagnose: longembolie.
Een bloedpropje was vanuit zijn been omhoog geschoten en had de longslagader verstopt, waardoor de longen veel te weinig zuurstof kregen.
“We moeten u in ieder geval voor één nacht opnemen, meneer Waninge.”

Dan moet meneer Waninge nog wel wat spullen hebben, dus ik reed naar Roden voor o.a. pyama, tandenborstel, puzzelboekje en tablet.
Wat een zenuwachtig, raar gezoek is het dan naar spullen die niet van jezelf zijn.
Waar ligt dat scheerapparaat dan? En die aftershave? Wat voor oplader hoort er bij die tablet? Ik gooide alle opladers in een plastic tas; daar zat de goeie vast wel bij.
Eenmaal terug ik het ziekenhuis kwam ik Carlijn tegen op de gang en samen zochten we hem op op de afdeling waar ze hem vanuit S.E.H. naar toe hadden gebracht.
Gerard  had nog niet zoveel te melden; hij had pijn en was moe.
We waren blij dat hij veilig in het ziekenhuis was.

Zondagavond om 22.15 uur kwam ik alleen thuis.
De ui die ik aan het snijden was om 12.45 uur voor de groentesoep lag nog op het snijplankje op het aanrecht.
Wat kan zo’n dag er dan ineens anders uitzien dan je had gedacht.

Maandagmiddag grapte Gerard dat zijn ‘optocht’*  nog langer was dan die van mij in 2018.  Mannen blijven in alle omstandigheden competentief.
Hij kreeg van de zaalarts te horen dat hij tegen de avond weer naar huis mocht.
Toen ik in het ziekenhuis kwam zaten er twee dochters en twee schoonzonen aan zijn bed; leek me wat druk, maar Gerard had er kennelijk geen last van en hij zag er al weer een stuk florissanter uit.
Wat een opluchting.

De boodschap die we meekregen vanuit het ziekenhuis (naast een tas vol pijnstillers en bloedverdunners) is duidelijk: twee tot drie weken hersteltijd en kallem an.
Hij heeft op dit moment ook niet veel keuze: eten is al reuze vermoeiend.

“Life is what happens to you, while you’re busy making other plans.”
Deze quote van John Lennon heb ik al vaker gebruikt in mijn blogs; ik ben al erg blij dat het is gebleven bij een paar weken thuis. Ervaring leert dat het allemaal vele malen erger kan. Vooreerst heeft hij tijd genoeg voor lezen en puzzelen.
Misschien zit er nog wel een gastblog in!

*de groep mensen die de zaalarts vergezelt op zijn ronde langs de bedden, beschreven in het blog ‘Iets meer duidelijkheid’>>>  uit 2018.

Reageren

5 mei: Lanzarote 10 – Beeld voor de voorouders.

Tijdens mijn stadswandeling door Playa Blanca (zie 11 april – Tijd vergeten >>>) stond ik even stil bij een beeld dat me aansprak. Het stelde een menselijk figuur voor waarvan je het gezicht niet goed kon zien, omdat het met windselen omwonden was.
Op het informatiebordje las ik de bijzondere achtergrond van het beeld:

“Dit beeld is een eerbetoon aan de generaties van burgers die door hun inspanningen en hun harde werk hebben bewerkstelligd dat dit eiland de levensstandaard heeft bereikt waar wij nu van profiteren. 
Het is opdragen aan de generaties van onze voorouders, de Canarians, velen van hen ongeletterd, die door hun toewijding en motivatie hun kinderen hebben aangemoedigd om hun opleiding en middelen te verbeteren, wat heeft geleid tot de ontwikkeling van onze stad en in hoge mate heeft bijgedragen aan onze huidige welstand. 
Het gezicht van het beeld is anoniem, daarmee verbeeldt het een hele generatie mannen en vrouwen.”

Wat een mooi idee.
Dat je met een standbeeld de mensen voor je bedankt voor het leven dat je nu leidt.
Want wordt dat in onze maatschappij niet wat gauw vergeten?
Hoe lang is het nu helemaal geleden dat er oorlog was in ons land?
Denkt onze generatie nog wel eens aan de harde werkers vóór hen die Nederland na de Tweede Wereldoorlog weer hebben opgebouwd?

Gisteren was het 4 mei en herdachten we de oorlogsdoden.
Vandaag, op 5 mei, vieren wij onze vrijheid.
Daar kunnen we niet genoeg bij stil staan.

Reageren

4 mei: Meubelboulevard.

Ken je die mop van die twee Rodenaren die op Tweede Paasdag naar de Meubelboulevard gingen? Ze gingen niet.
Het was namelijk veel te mooi weer op Tweede Paasdag en de twee Rodenaren zaten die middag heerlijk met een glaasje en een zelf gewokte maaltijd  onder hun eigen pergola op Waninge-plaza.

Maar dat bezoek aan de Meubelboulevard moest nog wel eens gebeuren en zo kwam het dat Gerard en ik op donderdag 2 mei richting ‘woonboulevard Hoendiep’ reden.
Eigenlijk ben ik niet zo van het geslenter langs meubels en woonattributen.
Er staan dingen in ons huis en als die dingen goed functioneren dan blijven ze daar staan en worden ze gebruikt totdat ze lelijk worden of uit elkaar vallen. Onze vorige bankstel (1983-2008) hadden we zo lang gehad, dat ze het bij de kringloopwinkels al niet meer wilden hebben. Maar dit terzijde.

De bekleding van onze huidige bank is heel erg verschenen omdat hij in de erker vaak in de zon staat en bovendien krijg ik de stof niet meer schoon. Hij is vlekkerig en op sommige plekken zelfs vies: tijd voor een nieuwe.
Na drie winkels wisten we precies wat we wel en niet wilden hebben en na een paar uur zetten we diep tevreden een handtekening onder een order voor onze nieuwe bank.

Tussendoor wilden we ergens wat lunchen, want we hadden wat te vieren.
39 jaar verkering.  (zie het blog  2 mei uit 2017 >>>).
“Kan dat daar bij al die woonwinkels dan ook?” vroeg ik me af.
Ja man. Bij Kruit en Kramer in het pand zit “Grand Café Hoendiep’.
Daar werken mensen met een verstandelijke beperking, begeleid door Cosis.
Daar kan ik altijd zo van genieten.
Enthousiaste bediening die ontzettend z’n best doet om het je naar de zin te maken en daar zelf ook erg van geniet.

Gerard nam een broodje kip en ik tonijnsalade.
Daar zat ik met m’n verkering lekker te genieten van een luxe broodje: het kleurde mijn dag!

Reageren

1 mei: Een predikanten-blog en soep van Joke.

Op 20 maart hadden we in onze PKN-gemeente een voorstelavond van onze nieuwe voorganger Sijbrand van Dijk.
Hij staat nu nog op het Groningerland in de Protestantse gemeente Adorp Wetsinge Sauwerd,  maar begin juli mogen we hem in onze gemeente verwelkomen.
Die middag van de 20e maart wilde hij met zijn partner graag de pastorie in Roderwolde bekijken om een beeld te krijgen van dat huis.
Dat kon.
‘We kunnen ze wel voorstellen of ze hier willen eten” zei Gerard. “Dan hoeven ze niet extra op en neer naar Sauwerd.” Was ook zo.
Vanuit de taakgroep kerkrentmeesters was Wim die middag bij de bezichtiging in Roderwolde en na enig overleg werd besloten dat Wim en Joke ook mee zouden eten.

Wie Joke kent, weet dat ze niet ergens aan tafel schuift zonder zelf iets mee te nemen.
Joke bood aan om tomatensoep te maken.
Het was heerlijk en ik vroeg haar om het recept: onderaan dit blog vind je een beschrijving.

Het eten was lekker en heel gezellig en wij maakten op een ontspannen manier kennis met Sijbrand en Henk.
Gerard moest echt een beetje drammen om op tijd weg te komen, want het ene woord haalde het andere uit en er was heel veel te delen en te vertellen.
Dat belooft wat!
We zijn natuurlijk reuze benieuwd wat voor vlees we in de kerkelijke kuip hebben.
En wat is het dan handig dat er internet is; net als onze gemeente  heeft ook de PKN-gemeente in Adorp Wetsinge Sauwerd >>> een eigen website met veel informatie en als  als je wilt kun je via kerkomroep al eens eens viering met Sijbrand beluisteren.
Klik hier>>> voor een verslag van de gemeenteavond en informatie van de beroepingscommissie.

Wat ik ook ontdekte?
Sijbrand heeft een blog; het heet ‘God in fragmenten’.
Klik hier voor een link>>> naar de home-pagina.
Daar vertelt hij iets over het blog, in de rechterkolom kun je dan klikken op de verschillende berichten.

Die blogs lees ik met grote belangstelling, want ze zeggen veel over hoe Sijbrand in het leven staat.
We missen Bart in onze gemeente die vorig jaar naar Beetsterzwaag vertrok, maar ik vertrouw er op dat we aan Sijbrand een hele goede vervanger hebben!

Hierbij nog het beloofde recept van de tomatensoep van Joke:

De tomatensoep maak ik als volgt:

Een ui fruiten. Ik doe het zelf in een wok pan.
Wortels raspen: Een paar winterwortels of een stuk of 5 gewone, in stukjes snijden en bij de pan in doen, samen met vegetarisch tuinkruidenbouillon.
Tomaten afschrikken, ontvellen en in stukken in de pan doen.
De hoeveelheid hangt af van het aantal personen. Ik doe altijd veel tomaten: 10 a 15.
Een blikje tomaten puree toevoegen.
Na een half uur of drie kwartier met de staafmixer fijn maken.
Ik hou de soep vrij lobbig.
Peper toevoegen.
Als garnering peterselie.
Ik maak de soep ook wel eens met bloemkoolroosjes.

Pompoensoep maak ik ook op deze manier: met wortel en pompoen.

Joke: bedankt voor het delen!

Reageren

29 april: Lichtdrager in het kleine hoekje van ons eigen leven.

“Dit krijg ik allemaal nooit in één blog” dacht ik gistermorgen na de overdenking van dominee Harm Jan Meijer.
De viering van onze PKN-gemeente was deze zondag in de Catharinakerk. In het schip ontwaarden we vrienden van ons uit Bovensmilde. Die waren te gast bij ons in de kerk omdat hun schoonzus (die in Roden woonde) was overleden, haar overlijden werd vanmorgen afgekondigd.
Met de afscheidsviering van Jan deze week nog op ons netvlies beleefden we deze kerkdienst anders dan op een ‘gewone’ zondagmorgen.

We hoorden het verhaal van Jacob, die na het bedriegen van en de ruzie met zijn broer Ezau moet vluchten. “Hij staat voor een afgrond” vertelde de dominee “en wat betekent het geloof dan voor hem?”

Wat betekent het geloof voor ons? Als het goed gaat met ons is het niet moeilijk om ons geloof te belijden. Maar als het ineens heel slecht gaat? Als je plotseling voor een afgrond staat?  De voorganger nam ons mee naar wat hij deze week had gelezen. Over het interview met de dochter van Johannes Post. Een verzetsheld met een groot Godsvertrouwen, maar afwezig als vader. Wanneer doe je het goede als christen?

Zoals ik al schreef in de eerste regel: deze preek is niet samen te vatten in een blog van 500 woorden. Het was een indringend verhaal, waarin veel dingen werden aangestipt waar ik over na moet denken. Zoals de opmerking over de miljoenen die binnenstromen voor het herstel van de Notre Dame, terwijl er wereldwijd zoveel armoede en onrecht is.
Wat stralen wij als christenen daarmee uit?
En wat de voorganger zei over het individualisme en het materialisme in onze maatschappij. Hoe belangrijk is het om anderen te kunnen vertellen dat je kinderen goede banen hebben en grote huizen kunnen laten bouwen?
Het schuurde, het verhaal van gistermorgen.

Wat nam ik mee uit deze viering?
Dat ‘ieder voor zich’ niet een goede ontwikkeling is in onze maatschappij.
Dat God liefde is en dat wij die liefde belichamen.
Als mensen vormen wij voor elkaar een onzichtbaar vangnet dat onder de afgrond wordt gespannen, zodat we niet te pletter vallen.

In het dankgebed gebruikte de predikant de zin: “Dat wij lichtdrager mogen zijn in het kleine hoekje van ons leven.’
Voor mij de essentie van mijn geloof.
Ubi caritas, deus ibi est >>>
Waar goedheid en liefde heersen, daar is God.

Wil je deze viering ook graag beluisteren?
Dat kan via Kerkomroep >>>
Roden, Catharinakerk, 28 april, 10.00 uur.

Reageren

28 april: Koningsdag & wortelstamppot.

“Ga je nog wat doen op Koningsdag? ” vroeg mijn collega vrijdagmorgen toen ik haar een goed weekend wenste.

Ga je nog wat doen? Deze collega ken ik nog niet zo lang; die weet nog niet dat ik een koningshuis aanhanger ben. Ik vertel haar van de vlag, de oranje tompoezen, twee en een half uur televisie kijken met koffie, kinderen en een hoop commentaar, van de vrijmarkt in Roden en de oranje wortelstamppot. En dan heb ik de NOS-samenvatting en Blauw Bloed van zaterdagavond nog niet genoemd. Dat ga ik doen.

Mijn collega sprak zich niet uit,  maar lichaamstaal doet ook veel.
Zij moest met haar kind naar de vrijmarkt en daar keek ze niet echt naar uit.
Zo beleeft iedereen deze nationale feestdag op zijn eigen manier.

Frea en Jon waren dit jaar sinds 7 jaar weer in Nederland en genoten van de hierboven beschreven dag. Toen we na de vrijmarkt aan de thee zaten bekeken we de eerste familieband  die we ooit maakten met video-opnames uit 1994 en 1995. We hebben nu immers weer een videorecorder die het doet! Carlijn was toen een half jaar,  Harriët 5 en Frea net 8. Wat een feest om zo’n oude video met het hele gezin te bekijken.
Wat hebben we veel om met dankbaarheid op terug te kijken.
Maar soms was het ook confronterend.
Het 35-jarig huwelijksfeest van mijn ouders stond ook op die band.
Met de hele familie een middag kegelen met kinderen, broers/zwagers en (schoon)zussen. Een zaal vol ooms en tantes en wat hadden we een lol met elkaar.  Mijn broer en ik, allebei dertigers, zaten naast elkaar te ginnegappen; de Vrieswijken en de Boelens zaten gemengd aan lange tafels, troefden elkaar af als het ging om kegelprestaties en tetterden en schetterden vrolijk door elkaar heen.
“Daar heeft ook iedereen zo’n lol en zo’n lawaai, net als bij ons altijd!’ constateerden onze dochters.
“Ja, het is immers ook familie van ons.”
Zij dachten dat die luidruchtige herrie alleen van de Waninge-kant kwam….

Maar naast al die vrolijkheid zag ik tafels vol mensen die er niet meer zijn.
Van de hele groep die we zagen lachen en praten zijn er nog 5 over, waarvan één in een beschermde woonvorm woont. Met de begrafenis van broer Jan in mijn achterhoofd zag ik ineens onze dierbare huidige familiekring.
Wij waren dit jaar 36 jaar getrouwd.
Over 25 jaar……

Kwetsbaar zijn we.
Daar zijn we goed van doordrongen.
Daarom koesteren we onze familie- en vriendenbanden.
Daarom vieren we alle verjaardagen en jubilea en daarom zoeken we elkaar als gezin regelmatig op.
Gistermiddag zaten we met z’n achten aan de oranje wortelstamppot.
Leve de koning!

Reageren

27 april: Goed gevoel in 1872.

Als ik thuis de lunch gebruik  lees ik, al etend, de teksten op de verpakkingen van broodbeleg etc.  Daar moet je niet te veel bij nadenken en dat doe ik meestal ook niet,  want het is altijd baarlijke nonsens om de verkoop van het product te stimuleren.

Maar op het pak karnemelk staat een jaartal.
1872.
Mijn ‘ geschiedenis-genen’  worden getriggerd door jaartallen.
Wat was er dan in 1872?
Ik citeer: “Al sinds 1872 willen we elke dag bijdragen aan een goed gevoel.  Samen met onze koeien natuurlijk.

Dat geloof je toch niet? Wie gelooft dat nou!
In 1872 hadden ze toch nog nooit van ‘een goed gevoel’ gehoord….
En ‘onze koeien’ al helemaal niet.
Waarom zet je dit soort non-informatie op een pak karnemelk?

“Ja,  maar dat moet je niet zo lezen”  zei Carlijn.
Er staat eigenlijk: ‘Sinds 1872 bestaat onze melkfabriek en verdienen wij daar geld mee…’

Ja kind,  zo is het inderdaad.
Er zou eigenlijk moeten staan: “Sinds 1872 bestaat onze melkfabriek en verdienen wij geld met melk die gegeven wordt door koeien van boeren wiens melk wij afnemen voor een minimum prijs. Wij maken vette winsten met luxe zuivelproducten  waar onwetende consumenten te veel voor betalen omdat wij ze een rad voor de ogen draaien door in te spelen  op hun goede gevoel.”

Steeds als ik die tekst met het jaartal zie denk ik: stom.
Ben ik nou de enige die het zo ervaart?

Bij die melkfabriek zitten dure reclamejongens die dit soort teksten bedenken.  Wat mij betreft slaan ze de plank volledig mis.  Hou daar eens mee op.  Deze karnemelk kocht ik destijds niet vanwege de wervende teksten op het pak,  maar omdat mijn moeder het heerlijke karnemelk vond.

Zet gewoon op het pak: lekkere romige karnemelk.
IJskoud de lekkerste.
Aanbevolen door oma Vrieswijk.

De pakken vliegen de winkel uit; mark my  words.

Reageren

26 april: Een ‘Opa-Knuffel’.

Eind vorige week schreef ik onder de titel ‘Een krater‘ over het overlijden van Gerards broer Jan; gistermiddag was zijn begrafenis in de Protestantse Kerk in Hoogersmilde.
Een klein kerkje; daar konden die honderden mensen die verwacht werden niet allemaal in, dus er waren voorbereidingen getroffen. In de aangrenzende zalen waren grote schermen neergezet zodat mensen de viering konden volgen en buiten op het gras stonden  partytenten met statafels waar men ook naar de viering kon kijken.
Iemand vroeg: hadden ze dan niet beter uit kunnen wijken naar de Koepelkerk in Smilde?
Nee.
Wij namen afscheid van Jan als onze broer/zwager, zijn gezin nam afscheid van hun man/vader en opa. In de viering werd Jan gekenschetst als trouw, vasthoudend, een rots in de branding, een voorbeeld, een gezinsman, iemand met een groot verantwoordelijkheidsgevoel, maar ook als iemand die genoot van het leven in al zijn facetten. Er kwamen talloze foto’s voorbij waarop zijn leven in beelden voorbij kwam.

In de dankdienst zongen we liederen die Jan zelf had uitgezocht. Het was een wonderlijke mengeling van psalmen, opwekkingsliederen en evangelische liederen. We zongen zelfs een Drentse versie van het lied van Huub Oosterhuis, ‘De steppe zal bloeien’, vertaald door Renate Bolhuis als ‘Het onlaand zal bluien’.

De manier waarop het gezin afscheid nam van Jan was ontroerend en indrukwekkend.
Alle vier kinderen hadden een stukje tekst ingesproken over wat hun vader voor hen betekend had.
Samen droegen ze hem de kerk binnen, samen droegen ze hem de kerk uit, samen begeleidden ze hem naar zijn laatste rustplaats.
Hennie, Gerard’s zus, sprak namens de broers en zussen en haalde enkele herinneringen op. Na het overlijden van oudste broer Henk in 2011 veranderde de plaats van Jan in het het gezin.
“Maar eigenlijk is die plaats niet zo belangrijk ” zei ze. “We doen de dingen altijd samen.”

De twee kleinkinderen, vier en drie jaar oud, droegen ook hun steentje bij.
Ze hielpen mee de kist naar binnen en naar buiten duwen, er lagen mooie tekeningen naast Jan en op de kist hadden ze met verf een handafdruk gemaakt, zodat er voor op de kist twee knalrode en twee gifgroene handjes stonden.
Ds. Donker vertelde een speciaal kinderverhaal in de viering.
Er waren eens twee jongetjes, Peter en Matthijs, die verdrietig waren omdat hun opa was overleden.
Mama zei dat opa nu in de hemel was en toen het avond was gingen ze met z’n tweeën voor het raam staan om naar de hemel te kijken. De buurvrouw zag hen en vroeg de volgende dag wat ze zo laat nog voor dat raam deden? 

“Kijken of we opa ook zien in de hemel.” zeiden de jongetjes.
De buurvrouw constateerde dat ze opa wel heel erg zouden missen.
Zij wilde wel een knuffel voor hen maken. Een ‘Opa-knuffel’. 

“Dan moet hij wel grote oren hebben” vonden de jongens “want Opa kon altijd goed luisteren ” “Ja, en ook een lange slurf, want hij kon mooie verhaaltjes vertellen”.
“Hij moet ook een sjaal om, want als we naar buiten gingen naar de dieren was het altijd koud.”

Toen haalde de dominee twee olifantenknuffels van de preekstoel en gaf de jongens elk een eigen ‘Opa-knuffel’. Met grote oren, een slurf en een sjaal om.

Dag ‘grote broer’.
Net als Lammie, je kinderen en je kleinkinderen zullen we je ontzettend missen.

Reageren

24 april: Het sprookje van de versmaadde videobanden.

Er was eens een vrolijk gezin in Drenthe: papa, mama en drie dochtertjes. Toen de kindjes klein waren kregen ze op hun verjaardag vaak een Disneyvideo kado, want ze hielden erg van samen naar een mooie film kijken. Op zaterdagavond was het altijd feest; dan kregen de meisjes een glas yogidrink en een bakje chips en dan keken ze samen naar een film. Assepoester. Of Dombo. Of Alladin. Er waren zoveel films dat ze iedere week een andere konden kiezen.

De videorecorder en de videobanden kregen in het nieuwe millennium concurrentie van de dvd-speler en de bijbehorende dvd’s. Heel langzaam verdwenen de videobanden naar de achtergrond en op het laatst stonden ze te verstoffen in een televisiekastje op een slaapkamer. Heel af en toe werd er nog eens eentje naar beneden gehaald om aan de nostalgische gevoelens van de dochters te voldoen.

Op een kwade dag ging de videorecorder stuk en konden de banden niet meer afgespeeld worden. Maandenlang keek niemand er nog naar om, tot de papa van het gezin rücksichtlos aan het opruimen ging.
“Die banden kunnen wel weg; doen we niks meer mee!”
Dat ging de mama toch wel aan het hart.
Er waren zulke mooie herinneringen verbonden aan die banden.
En ze waren toen ook best wel duur……
“Eerst maar aan de meiden vragen of zij er iets mee kunnen”.
“Wat moeten we er mee als we geen videorecorder hebben?”
Dat was eigenlijk wel een goede vraag.
De banden werden in tassen gepakt en naar Het Goed gebracht.

Maar sprookjes lopen altijd goed af…..!
Bij Het Goed wilden ze de banden bij de innamebalie niet hebben.
“We kunnen ze aan de straatstenen niet kwijt, meneer.”
Meneer in kwestie liep nog even de winkel in en wat vond hij daar tot zijn grote genoegen?
Een videorecorder die het nog deed.
Toen hij thuiskwam sloot hij de video-recorder aan op de TV en enkele minuten later zagen de papa en de mama Simba uit ‘de Leeuwenkoning’ met z’n vader op het televisiescherm verschijnen.
De tas met videobanden staat nu weer op een slaapkamer.
Heel af en toe wordt er nog eens eentje naar beneden gehaald om aan de nostalgische gevoelens van de dochters te voldoen.
En ze leefden nog lang en gelukkig.

Reageren

23 april: Roodborstje. Everzwijn. Neushoorn.

Eerste Paasdag waren we te gast bij dochter Harriet in het kattenoppashuis in Enschede.
(Hoe dat zo komt? Lees ‘Bed & Breakfast’ maar dan anders’>>> uit 2016)
Frea , Jon en Wim waren er ook, Carlijn en Cees waren elders beschäftigd. We konden lekker buiten zitten en hebben genoten van het gezinssamenzijn. Iedereen nam wat mee en ervaring leert dat je dan altijd meer dan genoeg hebt.  Frea  maakte een frisse salade,  Harriët kookte een pan heerlijke soep en ik had een hartige taart mee.  Zonder spekjes,  met oude kaas.

Zoever op vogeltjesjacht.

Wijntje, toastje,  kaasje; we waanden ons weer in Italiaanse sferen.
Kat Zoever wentelde zich in de aandacht en scharrelde wat in en rond het huis.
’s Middags las ik de zaterdageditie van de krant en vonden we dat nog wel even moesten bewegen.
We haalden een Italiaans ijsje op de markt (yoghurt-passievrucht!) in Enschede, dat we opaten op de trappen van de Sint Jacobus kerk op het Marktplein. Bijna niets in Enschede is heel oud, omdat in 1862 bij een grote stadsbrand het hele centrum is verwoest. Maar oud of niet, ik wilde toch graag even naar binnen kijken. Wat me opviel was de lichtinval door kleine ronde ramen in een koepel op het dak. Het gaf een bijzonder effect: stralenbundels die naar binnen schijnen. Op Wikipedia>>> vind je een foto hiervan.

Met z’n allen om de grote keukentafel was het ouderwets gezellig.  We haalden herinneringen op aan vroeger en benoemden het spelletje “laatste letter wordt eerste letter” Dat deden we wel eens met dierennamen.
Jon had geen idee wat we bedoelden; voor we het wisten zaten we er middenin.
Aap.
Paard.
Dromedaris.
Jon spreekt al heel goed Nederlands, maar bij dromedaris keek hij vragend rond.  In het Engels kan een ‘camel’ één of twee bulten hebben.
Er passeerden heel wat dieren de revue waarbij Jon de wenkbrauwen optrok.
“This is a lesson for me.”

Bij de L probeerde ik hem een beetje te helpen: een blauw insect?
“Dragonfly? Dat is niet met een L.. ” Hij kent het woord libelle niet.

Op de terugweg in de auto werd het spel nog even voortgezet. Toen Jon voor de zoveelste keer een dier met een S moest bedenken kwam hij er niet meer uit.  Frea opperde: “Weet je wat?  Een fabeldier  mag ook.”
“Sfinx!” riep Jon.
Mmmm. Een dier met een X.
“Een Xenotaurier Rex!  Een dinosaurus die alleen maar vreemde dieren eet….”

Dat heb je dan op de achterbank zitten; toen we Frea,  Jon en Wim op het station in Groningen hadden afgezet reden we in stilte naar Roden.
We zijn niet meer zo gewend aan kinderen op de achterbank…..

Reageren

Pagina 189 van 301

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén