een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 2 van 308

9 april: Stilte, bezinning & verbinding.

Bij 8 april stond al vanaf vorig jaar september met potlood ‘Jorwert’ in mijn agenda.
In het Activiteitenboekje seizoen 25/26 van onze PKN-gemeente werd de Nijkleasterkuier aangeboden en ik liet mijn deelname afhangen van een paar factoren, maar alle lichten stonden op groen dus ik ging mee naar de Radboudkerk in Jorwert.
De kleasterkuier is een bezinningswandeling die elke woensdagmorgen wordt georganiseerd door Nijkleaster in Jorwert; dat ligt in Friesland.

In 2015* was ik daar ook al eens geweest; toen was ik onder de indruk van het enthousiasme van pionier Hinne Wagenaar.
Elf jaar later is er veel veranderd, maar veel ook niet.
Het is inmiddels geen tijdelijke pioniersplek meer, maar het is een heus bedrijf geworden: de kloostergemeente Nijkleaster-Westerwert.

We werden ontvangen in het voorportaal van de oude Radboudkerk. Eigenlijk wil ik dan van alles weten over het oude gebouw en over Jorwert, maar daarvoor was ik daar niet.
Maar ik nam wel een folder mee: minstens één blog over de kerk, de terp en het dorpje zit er vast wel in, dit blog krijgt daarmee binnenkort nog een deel 2.

Even later zaten we in het koor van de kerk voor een ochtendgebed van een half uur: zingen, lezingen en gebeden.
Jammer dat de organisatie in de orde van dienst had gekozen voor twee expliciet Friese liederen; bij het zingen van teksten die ik maar half begreep ging mijn beleving van de liederen (o.a. een bewerking van het Onze Vader) verloren.

Na het ochtendgebed was er koffie en koek. We gingen in een grote kring staan en deden een klein kennismakingsrondje: we noemden onze naam en vertelden over onze ochtendgewoonten door de vraag te beantwoorden ‘Hoe sta je ’s morgens op?’
Daarna was het tijd voor de kuier, een wandeling van een uur. Het eerste deel loop je zwijgend (stilte), in het tweede deel werd ons gevraagd om na te denken wat ‘opstanding’ voor ons betekent (bezinning) en op de terugweg liepen we in tweetallen om met elkaar in gesprek te gaan (verbinding).

Het laatste onderdeel was het samen opeten van onze zelf meegebrachte lunch; daarbij was er gelegenheid om onze ervaringen te delen.
Het onderwerp ‘opstanding’ kwam daarin natuurlijk veelvuldig voorbij.
Is Jezus wel echt opgestaan? Hoe beleefde je het verhaal vroeger en hoe kijk je er nu naar?
Iemand zei daarbij dat twijfel de brug is tussen geloven en niet-geloven.
Maar het ging ook over ons eigen opstaan na een overlijden van een naaste of een ander groot verlies. En dat het belangrijk is om, voordat je weer in de benen komt, de tijd te nemen om te verwerken wat er is gebeurd: die Stille Zaterdag is er niet voor niets.

Wat ik me nog van de vorige kuier in 2015 herinner was de verrassing van het programma en de intense beleving daar van; nu wist ik wat er kwam en was ik voorbereid, maar ook nu was het weer een verrijkende ervaring!

* Hoe ik de Nijkleasterkuier destijds heb ervaren lees je in het blog dat ik daarover schreef op 4 oktober 2015.

Reageren

7 april: Dag? Dagen.

Op dit blog lees je iedere dag wat de waarde van mijn dag is geweest.
Niet altijd precies op de dag zelf, meestal een dag of twee later; het moet immers ook geschreven worden.
Vandaag een blog over de waarde van meerdere dagen: het hele paasweekend in dit geval.
Vrijdagmiddag vertrokken we naar Westerbork. We pakten de boodschappen uit, maakten de bedden op en toen ging ik zitten.
Bijna 3 uur heb ik gekeken naar de Matthäus Passion die op  NPO 2 werd uitgezonden.

Op zaterdag gingen we een borrel drinken bij vrienden in Peize waar een verjaardag gevierd werd en zondag, 1e Paasdag gingen we naar de kerk in de Voorhof in Westerbork.
Dat is wel bijzonder hoor, een viering op zo’n feestdag, maar niet in je ‘eigen’ kerk.
Het zingen was fijn, de overdenking was hartverwarmend, maar we bleven niet koffiedrinken.
“Wat zouden ze in Roden hebben gedaan?” dacht ik na het eten.
In de mailbox van het beamteam had ik een mooie foto van Bas, de teckel van Sybrand voorbij zien komen; die moest getoond worden bij  het item ‘Om er in te komen’.
“Wat zou hij dan over Bas gaan zeggen?” vroeg ik me af.
Toen de dienst toch maar even teruggekeken; ik ontdekte dat er een wezenlijk verschil is tussen een kerkdienst ‘elders’ en een dienst ’thuis’.

Zondag was het koud en winderig, maar op maandag 2e Paasdag konden we met ons voltallig gezin, dat die dag in Casa Grada kwam, buiten zitten.
Frea had zelfgebakken babka’s mee; die waren haast nog lekkerder dan de vorige keer.
Ook Wim maakte zijn plekje in het bakkersgilde waar door chocolade-sinaasappelkoekjes mee te nemen.
Grote jum allemaal.
Toen ik vroeg om het recept van die koekjes riep hij “Heb je al; staat in je eigen tijdschrift!”
Oh? Daar stonden toch geen sinaasappelkoekjes in…?
“Nee, maar wel chocoladekoekjes en daar hoeven alleen maar de geraspte schillen van 2 sinaasappels bij in”
Als service van de zaak hierbij een afbeelding van dat recept: als je er op klikt komt het groter in beeld.

Schoonzoon Jon had een bol wol zelfgesponnen alpaca-wol mee en vroeg advies over het breien van een trui van dat garen.
Je kunt het je amper voorstellen, maar dan zit ik tijdens de koffie met hem te sparren over het breien van een proeflapje, verschillende diktes van pennen uitproberen, verschillende opties voor steken (boordsteek, verschoven boordsteek, kabels), kabelnaaldjes en rondbreien of op 3 pennen.
Iemand vond trouwens dat ik ‘onbewust bekwaam’ aan het breien was. “Ja, dat is één van de vier leerfasen: je begint met onbewust onbekwaam en…”
Ik kijk inmiddels nergens meer van op.
Toen Jon met z’n proeflapje bezig was viel één van zijn pennen op de grond.
Dat typerende geluid; en dat het dan NIET MIJN breipen is die op de grond valt!

En verder? Soep met broodjes en knakworst, gewandeld, hand gewerkt en klaver gejast.
We sloten de dag af in Assen, waar we ter gelegenheid van onze 43e trouwdag (in maart) trakteerden op een etentje bij Villa Tapas.
Vier dagen.
Veel waarde.

Reageren

6 april: Brood.

Eind januari, toen Gerard nog niet zo lang terug was uit het UMCG, werden we op een morgen verrast door onze buren Bonny en Harry.
Op het moment dat zij langskwamen was ik even naar de winkel en Gerard was boven: zij troffen niemand thuis en legden wat ze hadden meegenomen bij ons op het aanrecht met een briefje er bij.
‘Eet smakelijk!’

Het was een heerlijk geurend, nog warm bruin brood.
We sneden ons allebei een kapje af en aten het op tijdens de koffie.
Het was erg lekker!
Vers, met een knapperig korstje.
“Hoe doen jullie dat?” is dan natuurlijk een logisch vraag.
Ze hadden een broodbakmachine.

Het brood was in een mum van tijd op.
Zo zelf brood bakken zou ik eigenlijk ook wel eens willen, maar ik hoor te veel verhalen van mensen die zo’n broodbakmachine hebben.
Dat verhaal begint dan met ‘de geur van versgebakken brood in huis’, dat het zo lekker is, maar ook wel een gedoe, vervolgens staat het ding ontzettend in de weg op het aanrecht in de keuken en tenslotte verdwijnt het in een kast waar het nooit weer wordt uitgehaald.
Carlijn kwam met een leuke tussenoplossing: “Wij hebben zo’n broodbakmachine, maar gebruiken hem bijna nooit, je mag hem wel een poosje lenen.”
Vorige week namen ze hem mee en stond het ding drie dagen ontzettend in de weg op ons aanrecht.
Maandagmorgen ging ik even langs bij Bonny & Harrie voor aanschouwelijk onderwijs; ze hadden speciaal voor mij even gewacht met het bakken van een brood, zodat ze het aan mij konden laten zien.

Het bleek verrassend eenvoudig.
“Wij gebruiken altijd dit” en ze liet mij een pak Koopmans Waldkorn-broodmix zien.
“Hier hoeft alleen maar water bij en mijn geheim is dat ik vooraf altijd een scheutje vloeibare halvarine/Bertoli in de bakvorm doe.”
Geen apart afgeweeg met gist, zout, suiker, melkpoeder en meel!
Dinsdag kocht ik een pak van die broodmix en woensdagmorgen boog ik mij over de handleiding van de broodbakmachine die Carlijn voor mij had uitgeprint.
Alle ingrediënten (water en de inhoud van het pak) moesten in het bakblik, waar het scheutje Bertoli al in zat.

Vervolgens moest ik de stekker in het stopcontact steken; dan hoorde ik een piepje en stond hij automatisch op menu 1, dat was het goede menu voor een gewoon, goudbruin brood.
Daarna hoefde ik alleen nog op het ‘aan’-knopje te drukken.
Meer dan drie uur zou het hele proces gaan duren.
Het apparaat ging aan het werk, er kwamen verschillende geluiden uit het binnenste van de machine.
Ik stond er (argwanend) bij en ik keek er naar, maar na een half uur moest ik weg. Koffievisite.

Toen ik aan het eind van de morgen thuis kwam rook het hele huis naar vers gebakken brood.
Het brood was net zo lekker gaar en knapperig als het exemplaar dat wij in januari kregen.
Voor herhaling vatbaar!

Reageren

5 april: Mevrouw Meijering-Hoeks

Vandaag neem ik je mee naar mijn kindertijd.
Locatie: Servatiusstraat 13, Hoogersmilde.
Situatie: mijn ouders hebben een verjaardag en er komt een oppas om op mijn broer en mij te passen; die oppas is mevrouw Meijering.
Het is een oudere mevrouw en ze woont in de rij bejaardenhuisjes achter ons; ze was de zus van Roelof Hoeks, van de onvergetelijke kerstverhalen tijdens het zondagschoolkerstfeest.
Er was geen meneer Meijering meer. Mijn vader vertelde destijds dat mevrouw Meijering getrouwd was, maar dat haar man al jong was overleden.
Toen ik ouder werd begreep ik dat haar man was gesneuveld begin mei 1940 bij de gevechten tegen de Duitsers.
Zij waren toen nog niet zo lang getrouwd en zij was zwanger van haar eerste kind.

Woensdag 1 april keken Gerard en ik naar ‘Het verhaal van Nederland – de Tweede Wereldoorlog’. Verteller Daan Schuurmans bezoekt historische locaties en hij belicht via dramatisering de morele dilemma’s van gewone Nederlanders. In die aflevering werd het verhaal van het begin van de oorlog verteld: hoe generaal Winkelman bevelhebber van de strijdkrachten werd, welke afwegingen werden gemaakt en er waren beelden van de soldaten in de loopgraven op de Grebbeberg.
Jonge jongens.
Bang en niet voorbereid op wat er zou komen.

Toen dacht ik weer aan mevrouw Meijering.
Zij had één dochter en volgens mijn vader was ze daar wel heel erg op gericht.
“Maor ja, ze hef ok maor ien kiend, daor is ze altied slim zunig op west.”
Die dochter woonde destijds in Westerbork en daar ging ze regelmatig heen.

Zou meneer Meijering ook hebben gevochten op de Grebbeberg?
Zou daar nog iets van te vinden zijn?
Op de website ‘Oorlogsbronnen.nl’ vond ik zijn naam.
Hij heette Willem Meijering en was geboren op 1 november 1911.
Hij was tijdens de meidagen van 1940 dienstplichtig soldaat bij de Mitrailleurcompagnie van het Ie Bataljon van het 1e Regiment Infanterie Koninklijke Landmacht en hij is op 11 mei 1940 omgekomen in de Wassenaarse slag.
Op die pagina stond ook een foto van zijn graf met daarop de naam van zijn vrouw D. Meijering-Hoeks. Dina was haar voornaam en haar dochter heette dus Jantje.

Onderaan op de grafsteen staat de bijbeltekst Spreuken 22: 11
“Wie een zuiver hart heeft en beminnelijk spreekt, heeft de koning als vriend.”

Wat een verdriet.
En dit is nog maar één van die jongens van de bijna 2300 die in de meidagen van 1940 zijn overleden.
Het beeld van die jonge jongens in de loopgraven op de Grebbeberg hield mij ’s nachts uit de slaap.
Oorlog ontstaat door complexe conflicten over territorium, grondstoffen, ideologieën, religie of macht, gedreven door angst en vijandbeelden.
En het houdt nooit op.

Wat zou ik nu nog graag eens een gesprek voeren met mevrouw Meijering.
Want zoals het vroeger ging werd er waarschijnlijk nergens over gepraat.
Stel je eens voor…..

Reageren

4 april: Gastblog Freerk Wiechers – The Passion

Veurige weke schreef ik al dat de femilie van schoonzus Ali het drok had met The Passion in Dwingel. Guster kreeg ik tot mien grote genoegen een gastblog toestuurd van Freerk Wiechers, de vader van Ali. Freerk kwam al ies eerder op dizze website veurbij, under an dit blog heb ik een linkvzet.
Het woord is an Freerk:

The Passion

Ie kunt de paostied op hiel verschillende menieren ‘anvliegen’. Veur een kennis van mien tante was de veertigdaegen tied (zoas dizze periode in het karkelijk jaor het), niet compleet zunder de Matthäus Passion van Bach. Hij haar een ruzige huusholding en darum ‘vluchtte’ hij altied naor mien tante, um daor in heur ‘mooie kaemer’ ongesteurd te kunnen lustern as er een uutvoering op de (toen nog) radio was.

Veur oens jongen begunde die tied al wied van te veuren. An ’t ende van de winter begunden wij al dood holt uut de bos te slepen naor de stee waoras de paosbulte zul komen. Wij kunden haoste niet wachten totdat het tweide paosdag  weur, um dan te kunnen paosvuurslepen. Mit as hoogtepunt, ’s aovends, het anstikken van  de paosbulte. Een old gebruuk um overbodige rommel op te braanden, maor mit, meugelijk, as onderliggende gedachte um schoon schip te maeken mit het verleden, juust in dizze tied.

 Dat kan haoste gien toeval wezen aj de diepere betiekenis van Paosen op oe laot inwarken. Het kruus is daorvan het symbool, want eerst hej Goede Vrijdag. Mit eerder, ’s mörgens, een karkdienst op, zoas ze dat nuumden, een zundag mit het voele hemd (ie verschoonden oe allent maor op zaoterdagaovend en niet veur een dag deur de weke).

Het was algemien gebruuk daj op die dag niet waarkten. Iene die dat wel dee en bijveurbield gung vreden (afrasteren) kreeg een briefie op de baander: ‘O, boer, wordt mens, wat doet gij ons verdriet. Het vreden doet men op Goede Vrijdag niet.’
Import, laeter, die niks vermoedend ’s zundags an ‘t gazon meeien was, weur ook subtiel dudelijk meuken dat dit niet de bedoeling was. En niet allent deur de “fienen”.

Wij kunt natuurlijk niet um Palmpaosen (de intocht in Jeruzalem) hen, mit het haentie op een stokkie en een paosbuul mit neuten en sukereier. Het zal vermoedelijk wiezen op het verraod van Petrus, die ontkende dat hij een volgeling van Jezus was en zuch daorvan bewust weur toen ’s mörgens vro de haene kreeide. Deur Bach hartverscheurend mooi weergeven in de aria Erbarme Dich

Paosvuur. Foto: RTV Drenthe – Noordelijk Persbureau

Maor op Paosmaendagmörgen was het veur de jeugd anpakken. Mit een boerenwaegen, deur de jongen zölf trökken, weur braandbaor materiaal bij de meinsen opheulen, onder het zingen van: ‘Hej nog olde maanden , die mit Paosen braanden. Hej nog een bossie stro of riet, aanders braand oens paosvuur niet.’ As de buit binnen was bracht een boer mit een peerd de waegen naor de paosbulte en weur daor ofleuden. Der was in de daegen daorveur al hiel wat materiaol henbracht, dus dat weur naotied een beste bulte.

Wij, as jonge bulen*, gungen naotied, altied in de buurte van de paosbulte, eier zuken, of roegte afbraanden: jongies wilt altied graeg fikkie stoken. Op een gegeven moment waaw zo enthousiast an ’t braanden dat het vuur aekelijk dichte bij de bulte kwaamp. Wij kregen het maor net uut…

En nou stiet er een verlocht kruus op de Brink en biw weer trogge in 2026, mit alle meugelijkheden en technieken die aw nou hebt. Maor de bosschop is hetzölfde en as die maor overkomp: in de Matthäus Passion of in The Passion. Het schient dat jongeren steeds meer open staot veur religie en mystiek…

Hopelijk deinkt meinsen nog ies trogge an het kruus op de Brink van Dwingel.

Freerk

Alsof het zo mus wezen: Daniël Lohues schreef vandage een column in het DvhN over het paosvuur en dat die traditie al eeuwen old is. Ok eem lezen? Hierbij een link naor zien verhoal.

* jongens

De beloofde link naor een  veurig blog over/van Freek 22 oktober 2024 – Dreints tableau; van daoruut ku’j linken naor twee aandere blogs van zien haand.

Reageren

3 april: Bijna Pasen.

Aan het begin van de 40-dagen-tijd schreef ik over de Kruiswegstaties in de Catharinakerk, verzorgd door Bea Sportel; gistermiddag heb ik Bea die twee uur gezelschap gehouden.
Iedere dag was ze in de kerk en ze heeft de hele periode ondergaan als haar eigen ‘vastentijd’: inkeer, bezinning, maar ook ontmoeting en soms heel druk. “Ik had geen idee wat ik kon verwachten en ik kan ook pas volgend jaar zeggen wat het voor me heeft betekend; ik moet het eerst laten bezinken..”
Ze had een klein dagboekje waarin ze iedere dag notities heeft gemaakt, o.a. hoeveel mensen er die dag kwamen en bijzondere dingen die dag gebeurden.

Gisteravond werkten we met de cantorij mee aan de Witte Donderdag-viering in de Catharinakerk. Zat ik in dezelfde kerk als ’s middags, maar in een compleet andere setting.
In de viering lag de nadruk op het verhaal van voetwassing: voorafgaand aan het laatste avondmaal dat Jezus met zijn leerlingen at waste Hij zijn leerlingen de voeten. Een taak die anders door een huisknecht werd gedaan, maar die was er die avond niet. Niemand van de leerlingen voelde zich geroepen om die taak op zich te nemen. Jezus liet met zijn optreden zien dat je je nooit te goed moet voelen om een ander de voeten te wassen.
De voorganger zei het gisteravond heel treffend: we moeten elkaar niet de oren wassen, maar de voeten.

Gisteravond keken we (uitgesteld) naar ‘The Passion’ vanuit Dwingeloo. Dat was voor het eerst, want die uitvoering van het paasverhaal past niet zo bij mijn beleving in deze tijd. Maar we hadden er zoveel over gehoord en was in Drenthe, dat moesten we toch zien.
We zagen bekende Nederlanders en we zagen bekende plekken (o.a. het Shakespearetheater) en het verhaal werd mooi verteld.
‘Kom dichterbij’ was het thema; een duidelijke boodschap in een wereld waarin mensen steeds meer op hun telefoon staren, achter schermen zitten en in hun eigen wereld zitten met koptelefoons op. Kijk om naar de ander.

Begin deze week kreeg ik een mail van Marina van het online tijdschrift OMG-Magazine; in februari schreef ik daar al eens een blog over.
“Met heel veel plezier stuur ik je hierbij het tweede online nummer van OMG-Magazine.
Ik heb ervoor gezorgd dat je dit nummer tijdig voor Pasen ontvangt. Niet toevallig, omdat een deel van deze editie in het teken van Pasen staat.”

Het is weer een mooie editie; het thema is ‘Transformatie’.
Mooie beelden van het kleurige ijsvogeltje, bloemen en andere dieren, een beschouwend artikel over Rutger Bregman en een artikel over het boek ‘Manifesteren kun je leren’ van Willemijn Welten. En, specifiek voor deze dagen, de bijdrage ‘Bijbelteksten over Goede Vrijdag en Pasen’.
Hierbij een link naar OMG nummer 2 van 2026.
Je kunt het op je scherm lezen, maar je kunt het ook uitprinten.

Dit blog sluit ik af met een afbeelding.
Het is de laatste pagina van de orde van dienst van gisteravond: het laatste couplet dat werd gezongen en de veelzeggende afbeelding.

Reageren

2 april: Gastblog Remmelt – Geploegd land op Het Hogeland

Wat kan een schilderij adembenemend mooi zijn.
Dit schilderij kwam ik tegen in een antiekzaak en was onduidelijk gesigneerd.
De omschrijving achter op het schilderij was wel duidelijk en bracht mij naar de bekende kunstenaar Sjoerdtje Hak.
Zij heeft Het Hogeland op een weergaloze wijze weergegeven; zo kan dit landschap er in bepaalde seizoenen uitzien.
Het is een eindeloos gebied met grijze en grauwe kleuren, maar als je goed kijkt zie je prachtige groene en blauwe kleuren opkomen uit de mist.
Zo geeft de kunstenaar de feestelijke werkelijkheid weer:  dat is deze kunstenaar goed gelukt.

De mevrouw die het later zou kopen belde direct nadat ik het schilderij op Marktplaats had geplaatst.
Ze zei: “Je moet het schilderij voor mij vasthouden, ik woon ook in Roden en ik kom eraan!”
De koop was snel gesloten en het schilderij bleef in Roden.
Haar man werkt op het Hogeland in de landbouwsector. Niet veel later kwam er een foto van deze blije kopers met het schilderij boven de bank.

Geploegd land in Noord Groningen.
Sjoerdtje Hak 1945 – Olieverf

Sjoerdtje Hak is geboren in Lemmer in 1945.
Haar schilderijen ontstaan buiten. Daar maakt ze potloodschetsen met kleur- en sfeernotities.
In haar atelier werkt ze deze schetsen uit tot landschapsschilderijen in olieverf of aquarel.

Sjoerdtje Hak – afbeelding van haar eigen website

De eigenschappen van deze materialen kent ze door en door. Daardoor is ze in staat met olieverf en aquarel te laten zien waar voor haar de essentie van een landschap in schuilt. Het vlakke waterrijke landschap van haar geboortegrond heeft haar gevormd, ook als kunstenaar. Haar voorkeur gaat uit naar het noordelijke landschap, de Nederlandse polders, rivieren en wadden.  Landschappen die gevormd zijn door de wind en regen en waarvan de sfeer bepaald wordt door de afwisseling van zon en wolken.

Hierbij een link naar de website van Sjoerdtje Hak.
Kijk dan vooral even op pagina’s die onder het kopje Aquarel/Olieverf staan: daar vind je meer van haar schilderijen.

Tenslotte: in 2010 heeft Sjoerdtje geëxposeerd in Amstelveen.
Die tentoonstelling werd op 6 mei van dat jaar geopend door de actrice Ellen Vogel.
Op de website ‘Amstelveenweb’ vond ik een een mooi artikel over die opening.
Je ziet foto’s van de feestelijke bijeenkomst en van een stralende Sjoerdtje;  de toespraak die Ellen Vogel die middag hield is helemaal te lezen.
Hierbij een link naar dat artikel.

Sjoerdtje is lid van twee kunstenaarsverenigingen:
Palet Zwolle 
Sint Lucas Amsterdam 

Remmelt heeft een eigen pagina op deze website onder de titel ‘Remmelts liefde voor de schilderkunst.
Op die pagina vind je een overzicht van alle blogs van zijn hand tot nu toe.

Reageren

30 maart: Pikachu.

Gistermiddag vierden we de verjaardag van dochter Carlijn met ‘de familie’: die van haar en van Wim.
Altijd gezellig!
De zus van Wim heeft twee jonge kinderen en het oudste meisje had een paar weken geleden schuchter aan tante Carlijn gevraagd of ze voor haar een Pikachu-knuffel kon maken.
Tante kan namelijk hele mooie dingen maken.
“Best nog moeilijk…” zei Carlijn daarover.
Ik weet eigenlijk niet eens goed wie of wat Pikachu is; iets met Pokemon?
Weet jij het ook niet? Hierbij een link naar Wikipedia met alles over dit figuurtje dat zich laat omschrijven als een gele muis met konijnenoren met een staartje als een bliksemschicht.

Gistermiddag zat het meisje wat verlegen bij mama op schoot toen Carlijn zei: “Ik heb iets voor jou….”
Het was kostelijk om te zien hoe ze op slag veranderde in het kind dat ze is als er geen ‘vreemde’ mensen bij zijn.
“O KIJK! PIKACHU!’
Mama, opa, papa, iedereen kreeg de nieuwe knuffel te zien. Toen rende ze door de kamer naar haar broertje “KIJK! PIKACHU! En hij heeft ook een staartje!”
Zelfs Siepie de kat moest de knuffel bewonderen, inclusief bliksemschichtstaartje.

Gisteravond kregen we een app van Carlijn.
Ze had een berichtje gekregen van Wim’s zus “Ze ligt te slapen met haar gezicht in Picachu begraven…”
Je zal zo’n tante hebben….

Oom en tante hadden zelf het gebak op de verjaardag verzorgd: Wim had een appeltaart gebakken en Carlijn had de befaamde Tante-Lammie-kwarktaart-met-mandarijntjes gemaakt.
Welk gebak wilde ik bij de koffie?
Ik kon niet kiezen, dus ik zei ‘allebei’.
Wel wat brutaal natuurlijk, maar ik heb ik de loop van de jaren al zoveel appel- en kwarktaart aan deze gasten verstrekt: het werd niet eens een discussie, ik kreeg ze allebei.
Wim dacht trouwens dat hij met het bakken van de appeltaart al toe mocht treden tot ‘Het bakkersgilde’ (een appgroep van de bakgrage Gerard, Carlijn en Frea), maar dat ging niet zonder slag of stoot: wij moesten eerst proeven.
‘Teleurgesteld’ drukt de gevoelens van Wim niet goed uit.
“Ik dacht dat ik na mijn brood en koekjes al lid was, maar de sollicitatieprocedure is BRUTAL!”
Wat mij betreft heeft hij de proeve van bekwaamheid glansrijk doorstaan.
Maar ik zit niet in dat gilde…….

Reageren

29 maart: Een goed begin.

Vandaag, 29 maart, is het Palmzondag.
Dat is de eerste dag van ‘de goede week’, ook wel ‘stille week’ genoemd. Het is de week voor Pasen waarin christenen over de hele wereld het lijden, sterven en de opstanding van Jezus herdenken.
Die week begint met Palmzondag: dan wordt het verhaal gelezen van Jezus’ intocht in Jeruzalem.

Gistermiddag vierden we uitbundig de 6oe verjaardag van Gerards jongste broer.
Daar schemerde het paasverhaal ook al door de gesprekken heen: de familie van schoonzus Ali komt namelijk uit Dwingeloo en menigeen was al heel druk met ‘The Passion, de muzikale paasvertelling van KRO-NCRV die op donderdag 2 april om 20.30 uur is te zien op NPO 1.
We hoorden ook al verscheidene mensen uit Roden die het plan hebben opgevat om daar naar toe te gaan.
Wij niet.
A.s. donderdag werken we met de cantorij mee aan de viering, waarin het laatste avondmaal dat Jezus met zijn leerlingen hield wordt herdacht.
We kijken The Passion wel terug op de televisie; dat gingen veel ‘Dwingelers’ trouwens ook doen: “Wij kunt het op de tillevisie beter zien as bij oons op de Brink….”

De Palmzondagviering in onze kerk is altijd gericht op de kinderen; zij liepen vanmorgen met hun versierde palmpasenstokken in optocht door de kerk en we zongen beslist andere liederen dan anders!
Dominee Sybrand van Dijk kroop vanmorgen in de huid van een Joodse kleermaker, die ooit voor Maria van Nazareth een gewaad uit één stuk had gemaakt.
Wij kennen dat gewaad omdat het in de bijbel wordt genoemd in het evangelie van Johannes. Toen Jezus werd gekruisigd begonnen de Romeinse soldaten alvast de kleding van Jezus onder elkaar te verdelen, maar zijn onderkleed was van bovenaf in één stuk geweven en had geen naden. Om het kledingstuk niet te beschadigen scheurden de soldaten het niet in stukken, maar ze dobbelden er om. In het verhaal van Sybrand kwam het onderkleed weer bij de kleermaker terug, omdat de soldaat die het had gekregen het aan hem gaf.
Een waardevol verhaal met een mooie verbinding naar alle bijzondere dagen die we in de komende week gaan beleven.
Arjan Schippers verzorgde vanmorgen het pianospel en maakte mij blij met zijn uitvoering van van Hosanna uit de musical Jesus Christ Superstar.
Dan heb ik de beelden uit 1973 al weer op mijn netvlies:  ’the rocks and stones themselves would start to sing…… Hosanna!’
Ook even weer terug in de tijd? Hierbij een link naar de beelden van de intocht in Jeruzalem uit die musical.

…..strippenkaart….

Na de viering was er koffie/thee, maar als je er iets bij wilde was dat deze zondag niet gratis: je kon een strippenkaart kopen voor € 5,- en daarop 2 kruisjes van € 0,50 cent zetten voor een plak cake, kruidkoek of iets anders lekkers dat gemeenteleden hadden gebakken. Verder was er een Rad van Avontuur en een ’talentenmarkt’, dit alles om geld in te zamelen de financiële ondersteuning van het werk van father Petru in Ulmu, Moldavië’.
Een mooi begin van een bijzondere week.

Reageren

26 maart: Raaf.

Ik heb een raaf gezien.
Twee zelfs, tijdens een wandeling die ik maakte bij de Börkerstroom in de omgeving van Casa Grada.
Tijdens die wandeling had ik mijn vogel-app Merlin Bird aangezet om te kijken of er nog bijzondere vogels te horen waren.
De app detecteerde een kraai en een raaf; toen ik langs een stuk stoppelig land liep waar mais had gestaan waren er twee groepjes zwarte vogels.
Toen er van het ene groepje twee exemplaren wegvlogen krasten ze en lichtte het plaatje van de raaf op de app op. Wat bijzonder! En ze maken echt een ander geluid dan de kraaien.

Een raaf! Daar kan ik nou helemaal blij van worden.
Toen ik kind was, waren er geen raven meer in Nederland; dat vertelde mijn vader  bij de eerste aflevering van ‘De Fabeltjeskrant’, dat was in september 1968, in dat jaar zou ik in oktober 8 worden.
In die eerste aflevering zat Meneer de Raaf in een boom met een dik stuk kaas in zijn snavel.
Onder de boom stond Lowieke de Vos, die wel zin had aan dat stuk kaas.
Het verhaal was gebaseerd op één van de fabels van Jean de la Fontaine; op internet vond ik een mooie prentenboek-uitvoering van dat verhaal: hierbij een link naar het YouTube-filmpje 
Het eind van het liedje was dat Lowieke er met het stuk kaas vandoor ging: “Hatsjikidee….smikkelen en smullen!”
Maar de raven zijn dus niet meer uitgestorven: in Westerbork zitten er een paar!
Op de website van Vogelbescherming Nederland vond ik en mooi artikel, waarin je alles leest over de raaf.
Wil jij juist meer weten over de Fabeltjeskrant? Klik dan hier voor een artikel daarover op Historiek.

Maar er was meer te zien in Westerbork.
Het was lenteachtig zacht de afgelopen dagen en op mijn wandeling zag (en hoorde) ik niet alleen vogels, maar ook bomen en struiken die heel voorzichtig hun blaadjes ontvouwden.
Op onderstaande afbeelding zie je een braamstruik waar nog een paar oude blaadjes aanzitten, maar de nieuwe lichting staat al weer in de startblokken! Op de achtergrond zie je (vaag) de Börkerstroom.

Een dag of 5 brachten we door in Casa Grada, er moesten nog wat klusjes gedaan worden.
Aan de voorkant van het huis zit een heel lang en smal raam, waar een heel lang en smal gordijn voor hing. Dat vond ik al niet mooi toen we het huis kochten in 2021, maar het hing en we wisten niet zo goed wat we dan wel wilden. Maar inmiddels zijn we er uit: wij zochten decoratie-folie met een mooi motiefje en dat heeft Gerard er deze week opgeplakt.
Best een lastig klusje, want achter dat raam zit een trap en hoe kom je dan bovenin bij dat raam?
Maar, zoals onze dochters al jaren zeggen: ‘Papa kan alles’: Gerard pakte de klus op zijn manier aan en het is prachtig geworden!
Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.

Reageren

Pagina 2 van 308

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén