Een dagje geschiedenis: daar had neef Cor nog wel een keer zin in.
Hij wilde mij graag meenemen naar noord-Friesland: daar bevindt zich het terpdorp Hogebeintum.
Als het nog een keer zegt ben je er al voorbij, want het heeft maar 80 inwoners, maar het valt wél op.
Het dorpje ligt namelijk op de hoogste terp van Nederland; die is maar liefst 8.80 meter hoog.

In eerste instantie zouden we alleen het informatiecentrum over de terp en met een gids de oude kerk bezoeken.
We begonnen met de permanente expositie in het Archeologisch Steunpunt: die tentoonstelling vertelt het verhaal van het terpenlandschap van Friesland.
Daar zagen we iets bijzonders.
Al enkele jaren merkte de Stichting Alde Fryske Tsjerken, (eigenaar van de kerk van Hegebeintum) dat de terpbodem onder de kerktoren begon te verzakken.
Als er niets zou worden gedaan zouden toren en kerk zware schade oplopen, misschien wel instorten.

De fascinerende boorkern

Om verdere verzakking te voorkomen werd er een betonnen plateau onder de toren geplaats. Bij die werkzaamheden werd bodemonderzoek gedaan en er werden 3 grondboringen uitgevoerd.
Dat leverde een schat aan informatie op vanaf het eerste ontstaan van de terp op een kwelderwal tot aan onze tijd.
Die 12 meter boorkern wordt in het informatiecentrum tentoongesteld; de aardlagen die te zien zijn gaan veel verder terug dan onze jaartelling.
Gefascineerd stonden we de boorkern stukje voor stukje te bekijken. Boven de aardlagen stond een tijdlijn. Sta je oog in oog met een stukje aarde van meer dan 2000 jaar oud…..
Op de website Geographix vond ik het artikel ‘Hegebeintum doorboord‘ met heel veel foto’s en informatie, waar laag voor laag wordt besproken.

Op de expositie was ook een wand ingericht met artikelen en foto’s van de afgravingen van de terpen.
Vandeweek schreef ik al dat de wierde van Warffum nog helemaal intact was: de terp van Hegebeintum is bijna helemaal afgegraven.

Skeletdelen van een vrouw met een armband met o.a. barnstenen kralen.

Vanaf 1840 werden terpen/wierden op grote schaal afgegraven: de aarde diende als meststof en bodemverbeteraar.
Meer dan de helft van de terpen/wierden is in deze periode geheel en gedeeltelijk verdwenen.
Door introductie van kunstmest in de dertiger jaren van de vorige eeuw nam de vraag naar terpaarde snel af.
Daarnaast kregen wetenschappers (denk aan Van Giffen) en natuurbeschermers steeds meer invloed.
Het besef groeide dat de bodemarchieven uniek waren en behouden moesten blijven, waarna de commerciële afgravingen definitief stopten.
Op een fotowand werd aandacht gevraagd voor de arbeiders die met een schep en kruiwagens het zware werk moesten doen.
Op de website Industriespoor kun  je in het artikel Terpafgravingen meer lezen over dit onderwerp.

De terp was al rond 500 jaar voor Christus bewoond; tijdens de afgraving werden resten van een vroeg-middeleeuws grafveld aangetroffen.
Die hebben veel informatie opgeleverd over de manier van begraven, de bijbehorende rituelen en grafgiften.
Een deel daarvan was te bezichtigen in de vitrines van het informatiecentrum.
Wij waren nog niet uitgekeken toen we al werden opgehaald door de gids: tijd voor een wandeling naar de terp en een bezoek aan de kerk.
Wordt vervolgd dus.

Andere delen in deze serie

2. De kerk – 7 september
3. De state. – 22 september
4. De heilige – zit nog in het vat