19 februari: Marrakech 1 – Een stad in een stad.

Voordat we naar Marokko op vakantie gingen had ik me eigenlijk nog niet zo verdiept in de stad die we gingen bezoeken: Marrakech.
De donderdag voor ons vertrek kocht ik in Roden een klein informatieboekje mét stadsplattegronden bij boekhandel Daan Nijman en in het vliegtuig las ik het door.

In 1917 kwam Marokko onder Frans protectoraat, dat duurde tot 1956; toen werd het land onafhankelijk en werd het een koninkrijk met Mohammed V als koning
Inmiddels zit zijn kleinzoon Mohammed VI op de troon.
De Franse overheerser liet de oude binnenstad volledig in tact en bouwde buiten de  stadsmuren een nieuw stadscentrum: Gueliz. Hierdoor is het oude centrum rond het Djemaal el Fna-plein en de Koutoubia-moskee goed bewaard gebleven.
Een vakantie in Marrakech betekent dat je onophoudelijk wordt geconfronteerd met die twee gezichten van de stad.
Afbeelding: de oude stadsmuur met een stadspoort, daarachter de Medina, het stadsdeel achter de oude muren. 

Vanuit ons hotel vertrok er regelmatig een pendelbus naar het centrum van Marrakech, waar we veelvuldig gebruik van hebben gemaakt; het was een half uur rijden.
De eerste dag  bezochten we het beroemde bovengenoemde plein  en een klein gedeelte van de daarnaast gelegen Souk. Dat is een soort overdekte markt waar van alles wordt verkocht: o.a. Marokkaans aardewerk, kruiden, lederwaren, vers fruit, schoenen tassen en sjaals. (Zie afbeeldingen)
We voelden ons als groep West-Europees uitziende toeristen op zijn minst onwennig.
De drukte, de merkwaardige geuren, de overduidelijk andere cultuur: we waren wat voorzichtig en bleven bij elkaar.

Als souvenir wilde ik graag een handgeweven sjaal kopen. Op het moment dat ik naar een sjaal toeliep waarvan de kleuren me wel aanstonden had ik de verkoper al achter me staan. “Madame! Beautifull!”
Hij bedoelde de sjaal.
Hij haalde hem voor mij uit het rek en voerde een mooi toneelstukje op.
“You look like Mona Lisa with this! I show you!”
De sjaal werd op een speciale manier om me heen gedrapeerd en er werden foto’s gemaakt; ook de andere dames kregen een sjaal omgehangen.
Daarna moest ook één van de mannen er aan geloven.
De langste man van de groep kreeg een bruine sjaal om zijn hoofd gedrapeerd zodat hij eruit zag als Ben Hur. Om de sjaal daar te krijgen moest de Marokkaanse verkoper op een krukje staan……

Natuurlijk probeerden we wat af te dingen op de Mona Lisa-sjaal en natuurlijk betaalden we toen toch nog teveel, maar dat hoort allemaal bij het toneelstukje.
Verder hebben we vooral genoten van alle bijzondere dingen we onderweg tegenkwamen.

Je kijkt werkelijk je ogen uit.
Slangenbezweerders, aapjes die kunstjes doen en  vrouwen die je hand willen vasthouden om er een henna-tattoo op te zetten; dat lukte één van hen bij Sinet (zie afbeelding rechts). Zij kreeg een sierlijke tekening op haar hand die volgens de maakster haar naam voorstelde.
Verder heel veel  volgepropte winkeltjes met allerlei soorten artikelen, geslachte dieren die aan een haak aan een hoek van de winkel hangen en niet te vergeten: een kakafonie aan geluiden.

Deze vakantie was een belevenis om nooit te vergeten. De komende weken zal ik af en toe  in een blog andere onderdelen van deze belevenis belichten .

Dit bericht is geplaatst in Alledag met de tags , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Type de getallen in cijfers in onderstaand vak * Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.