een alternatief voor 'de waan van de dag'

Maand: oktober 2025 Pagina 3 van 4

11 oktober: De liefde als rode draad.

De cantorij was uitgenodigd om te komen zingen in de dankdienst voor het leven van  Joop Kakes-Quist op vrijdagmiddag 10 oktober.
Zijdelings heb ik haar gekend: ze was voor corona lid van de cantorij,  daarna zong ze niet meer mee.
Eén gedeeld moment met haar staat me nog voor de geest: in 2019 zat Joop naast mij op de altenrij op een repetitieavond voor Pinksteren. We zongen “Kom laat ons deze dag…” (Lied 672, melodie J.S. Bach, vertaling Jan Wit). Joop zong het van harte mee en zei daarna stralend: “Dit lied heb ik voor het eerst gezongen in 1946, toen was ik elf! Dat was in Musis Sacrum in Arnhem. Dit was toen hele nieuwe kerkmuziek en we zongen het uitbundig met een volle kerk, ik kan het me nog zo goed herinneren.” Ze vertelde dat ze als kind de oorlog had meegemaakt in Zeeland en dat ze die Pinksterdag bij haar oom in Arnhem was. Het had heel veel indruk op haar gemaakt en bij het zingen van dit lied kwam alles even weer boven.

Als  je iemand niet zo heel goed kent sta je wat verder af van het verdriet van de familie omdat je er zelf geen deel van uitmaakt, maar ook dan kun je toch geraakt worden door inhoud van zo’n kerkdienst.
Het levensverhaal van Joop was bijzonder. Ze had als kind de oorlog meegemaakt; hun huis was gebombardeerd. Een ander drama in haar leven was het plotselinge overlijden van haar man in 1969; ze bleef achter met twee kinderen van 3 en 5. In het jaar daarna ontmoette ze Jan, die ook heel plotseling zijn vrouw had verloren en vervolgens zijn zij verder gegaan als samengesteld gezin. Dat het niet altijd gemakkelijk is geweest laat zich raden. Maar Joop zat niet bij de pakken neer, ze ging op weg.
Voorganger Sybrand van Dijk zei daarover in zijn overdenking: “En als je op weg gaat wordt je gedragen. Niet door wantrouwen en niet door wanhoop, maar door de liefde. Door het vertrouwen dat er liefde genoeg is om zelfs de grootste breuken in je leven te boven te komen en verder te gaan.”*

De ontroering in deze dienst zat vooral  (zoals zo vaak) in de muziek. Enerzijds de muziek die werd uitgevoerd door de familie: we hoorden o.a. een betoverende uitvoering van het lied ‘Ik zou wel eens willen weten’ van Jules de Corte, anderzijds de orgelmuziek verzorgd door Mannes Hofsink.
Maar wat bovenal ontroerde was het verhaal van haar broer Jan over hoe het gezin heeft geleden onder de 2e wereldoorlog.
Hij vertelde over de afschuwelijke oorlogsjaren en over hoe hij als jongere broer meeleefde met zijn zus bij wat haar overkwam.
Luisterend naar zijn verhaal bedacht ik dat er tot halverwege de jaren ’70 nauwelijks gepraat werd (en vooral in Zeeland niet) over zulke emotionele en gevoelige onderwerpen; je zag aan hem hoeveel moeite het hem kostte.
Zijn toespraak was doordesemd van zijn levenslange liefde voor zijn zus.
De liefde als rode draad in een mensenleven.

* Afgelopen week las ik het blog van Annemarie. Zij schreef een verhaal over de quote ‘Je kunt niet kiezen wat je overkomt, maar je kunt wel kiezen hoe je ermee omgaat.’
Net als Joop zit zij niet bij de pakken neer; ze schrijft o.a. “En dus koos ik ervoor om regelmatig van de bank af te komen en die stappen te zetten…”
Hierbij een link naar haar verhaal.

Reageren

10 oktober: Even weer op de kleuterschool.

Woensdagmorgen 8 oktober; ik zit in de auto op weg naar mijn werk.
Op Radio 5 hoor ik Henri Schut in de ochtendshow in gesprek met een mevrouw uit Arnhem.
Daar hebben ze een oplossing bedacht voor de vreselijke drukte met auto’s in de buurt van een basisschool als de kinderen gebracht en gehaald worden.
De oplossing heette ‘de schoolslinger’.
In een wijk van Arnhem lopen alle kinderen samen in een steeds groeiende slinger naar school onder begeleiding van een volwassene.
Dit doen ze als experiment één keer in de week, de kinderen die meedoen worden door ‘de schoolslinger’ van huis gehaald.

Helemaal in de verte zie je de kleuterschool. Afbeelding: Oude kaarten Hoogersmilde

Wat een goed idee.
In gedachten ben ik weer terug in 1966, toen ging ik als 5-jarige naar de kleuterschool.
Destijds woonden we in de nieuwe nieuwbouw van Hoogersmilde, aan de kant van de Drentse Hoofdvaart waar de kerk staat.
De kleuterschool stond toen in de oude nieuwbouw, aan de kant van de televisietoren en langs die vaart liep de drukke rijksweg van Meppel naar Assen. De A28 was er toen nog niet.
De jonge kinderen die naar de kleuterschool gingen moesten dus ’s morgens die Rijksweg oversteken en over de PH-brug naar de andere kant van de vaart lopen.  Een gevaarlijk punt, want ook alle dikke vrachtwagens van en naar de steenfabriek van Roelfsema kwamen over die brug.

In Hoogersmilde hadden we destijds een oplossing voor dat probleem: Tante Siet, voor niet Hoogersmildigers mevrouw S. Hatzmann-Vos.
Ze woonde met haar gezin in de Schultestraat (vlak bij de Rijksweg) en haar dochtertje Hilda, één jaar ouder dan ik, ging ook naar die kleuterschool.
“Breng die kinder ’s morgens maor eem bij mij, ik zet ze dan wel in ien keer over de straote” had tante Siet gezegd tegen de andere moeders uit de nieuwe nieuwbouw. Zo liep tante Siet ’s morgens met een groepje kleuters naar de Rijksweg en zette ze ons veilig over naar de andere kant en bracht ons naar school.
Toen haar dochtertje naar de Lagere School ging en niet meer over de Rijksweg hoefde te worden gezet, bleef tante Siet de kleuterschoolslinger begeleiden.
Dat heeft ze volgens mij gedaan tot de kleuterschool een nieuw gebouw kreeg aan de Ulehakestraat, aan de andere kant van de vaart.
Mooie herinneringen aan het dorp uit mijn jeugd.

Inmiddels heeft Henri het volgende liedje alweer aangekondigd en rijd ik de parkeerplaats van mijn werk op.
Om 10.00 uur heb ik mijn ‘einde-dienstverband-gesprek’ met iemand van HR.
Het kleutertje dat in de jaren ’60 over de Rijksweg werd gezet hoeft allang niet meer naar school.
En binnenkort ook nooit meer naar haar werk.
Time flies.

Zat ik de hele dag met die kleuterschool in mijn hoofd.
’s Avonds zocht ik op internet naar foto’s van de het oude schoolgebouwtje en in de albums van mijn ouders zocht ik naar foto’s uit die tijd.
Vond ik warempel een groepsfoto van een kleuterschoolreisje; ik zat kennelijk in de gele groep, getuige de gele versiering op mijn jurkje.
Nog veel bekende gezichten!
(klik op de afbeeldingen voor een vergroting).

Reageren

9 oktober: Ik ging niks zeggen…..!

In ‘De Krant’ van dizze weke was in de rubriek ‘Moi Noordenveld’ een column van mij opnummen.
Veur de publicatie mus ik daor oonze dochter Frea toestemming veur vraogen, want het verhaoltie giet over heur.
Het gebeurde in 1991 toen wij met oons gezinnegie en mien va en moe in een huusie in Denekamp zaten.

De titel van het stukkie was: ‘Een woordtie over de grens.’
A’j een woordtie over de grens praot, dan ku’j joe in ’t buutenlaand verstaonbaor maken.
Duuts was bij oons thuus een taol die wij al vrog leerden, want mien va en moe keken veul naor de Duutse tillevisie: Der Goldene Schuss van Lou van Burg/Vico Toriani, shows van Peter Frankenfeld en Dieter Thomas Heck en netuurlijk Derrick en Tatort. Verder gungen wij as gezin altied hen Duutssprekende laanden op vekaansie.
Zo leerden mien breur en ik speulenderwies de taol en toen ik hen de MAVO gung was Duuts mien favoriete vak: dat kön ik goed!

Bij oonze kinder gung dat aans: die raakten eerder vertrouwd met het Engels, in oons eigen gezin was Duuts eigenlijk nooit an de orde.
Toen oonze oldste vier jaor was huurden wij met oonze dochters een huussie in Twente veur een körte vekaansie en wij vreugen mien va en moe ok met.
Wij zaten zo dicht bij de Duutse grens, dat wij der lopend hen können.
Midden in het bos was een markering anbracht waor de grens met Duutslaand leup in de vorm van een leeg hekkie.
“As wij nou over dat hekkie stapt, dan bint wij in Duutsland”  zee mien va tegen de kleuter. Hij stapte over dat hekkie en zee: “Jetzt bin ich in Deutschland und ich rede Deutsch”.
Ok ik stapte over het hekkie en zee wat in de trant van: “Ja, ich glaube, ich spreche jetzt auch Deutsch. Komm, wir laden Frea ein auch hier zu kommen”

Mien va  stapte weer trugge over het hekkie en zee: “Kom, wij gaot eem in Duutsland staon. Ku’j ok Duuts praotn”. Hij tilde heur over het hekkie en zette heur op de grond.
Doodstille bleef ze staon.
Ze keek van mien va naor mij; wij praotten undertussen nog aal Duuts.
Zij heul heur lippies stief op mekaar.
En dat was gek, want ze kletste oons normaal gespreuken de oren van de kop.
Wij stapten weer met heur over het hekkie en zeden: “Nou bint we weer in Nederland’.
“Ik ging niks zeggen!” zee oons kuuken under de indruk. “Want anders ging ik ook Duuts praten!”

Ze is nou 38. Ze is taolkundige, is trouwd met een Engelsman en prat vloeiend Engels en Spaans. En jammer genog gien Drents.
“Duuts’ hef ze op schoele leerd en ze redt zöch der met.
Het veurval an de Duutse grens wordt nog vake met een glimlach anhaald.
Want stel je nou veur, dat a’j over de grens stapt……..

Reageren

8 oktober: Naar een leven zonder werk (10) – Van de Kliniek naar Team290.

In het vorige blog las je het al: ook in de Kliniek Groningen kon ik niet blijven werken.
Teamleider Baukje had ander werk gekregen en werd niet vervangen, ergo: vanaf 1 januari 2021 geen werk meer voor Aaltje.
Moedeloos werd ik er van.
Door corona werkte ik al veel thuis en het vooruitzicht van boventalligheid was niet heel goed voor mijn motivatie.

Op 1 december 2020 was ik 12½ jaar in dienst bij Lentis.
Er was een klein feestje georganiseerd: er waren bloemen, er was een toespraakje, er was een mooi cadeautje van de Activiteiten Begeleiding en er was gebak.
Jubileum en tegelijkertijd afscheid, want samen met Baukje was ik die dag voor het laatst fysiek op de kliniek.

’s Middags zat ik thuis wat verloren aan de thee met een unheimisch gevoel.
Bloemen in de vaas, laptoptas met telefoon in de hoek van de keuken. En nu?

Rond 16.45 uur ging de telefoon.
Manager Algemene Zaken van Team290 aan de telefoon.
“Jij hebt 16 uur in de aanbieding en wij kunnen wel wat hulp gebruiken!”
Die week werd er nog een kennismakingsgesprek georganiseerd; het mooiste cadeau van die dag.
Mijn 25 jarig jubileum ging ik niet  meer halen bij Lentis, maar 15 zat er misschien nog wel in en die heb ik dus ook ruimschoots gehaald.

In de kerstvakantie begon ik al met wennen op het secretariaat van Team290 en met ingang van 1 januari kon ik daar beginnen.
In eerste instantie als vervanging van Marja, want die zat met een burn-out thuis, maar niet veel later bleek dat Alien met pensioen ging en kon ik haar plaats innemen.
In 2021 begon dus  het laatste deel van mijn carrière op het afdelingssecretariaat van Team290.
Je zou denken: met zoveel jaren ervaring in administratie is de functie van secretaresse in een team iets wat ik met twee vingers in de neus zou moeten kunnen. Maar dat viel nogal tegen: als je 60+ bent doe je er langer over om dingen te leren.
Bij het sollicitatiegesprek dat ik voor deze functie voerde werd al tegen mij gezegd: “Hiervoor moet je wel een opleiding doen voor het werken in het patiëntendossier; dat is nogal een complex systeem. Denk je dat je die opleiding wel kunt doen? Je bent toch al 60?”

Ook nu was de overgang weer erg groot.
Van een zelfstandige functie met een eigen toko naar een secretaresseteam van 5 personen.
De Manager Algemene Zaken en ik hadden botsende aura’s, op de werkvloer waren regelmatig onderlinge spanningen (iemand noemde in dit verband ooit eens het woord ‘krabbenmand’) en ik miste Jacquelien.
Maar allemaal niet onoverkomelijk natuurlijk.
De manager waar het absoluut niet mee klikte ging met pensioen, er kwamen andere collega’s en het gekrakeel verminderde drastisch: na de gebruikelijke ‘wen’-periode kreeg ik het werk onder de knie en kreeg ik weer lol in mijn werk.

Benieuwd naar de hele serie?
Hierbij een link naar deel 1: onderaan dat blog vind je een overzicht van de al gepubliceerde blogs.

Reageren

7 oktober: Een buitenkans!

Alle vrijwilligers die werkzaam zijn voor het erfgoed op de Brink in Roden werden door de Erfgoedkoepel uitgenodigd voor een ‘kijkje in elkaars keuken’: maandagmiddag waren we van harte welkom. Aan het tijdstip kon je al zien dat vrijwilligers meestal mensen zijn die al met pensioen zijn.
Maandag is een werkdag voor mij, maar ik kon ruilen naar de dinsdag, dus gistermiddag rond 13.15 uur stond ik met een glas thee in de Catharinakerk te teuten met andere vrijwilligers; daarbij konden we luisteren naar het bezielende orgelspel van Ad, Hinszorgel-vrijwilliger.

Vier ‘erfgoederen’ waren vertegenwoordigd: het Scheepstrakabinet, havezate ‘De Mensinge’, het ‘Speelgoedmuseum Roden’ en de Catharinakerk.
Wát een buitenkans!
Natuurlijk heb ik al die musea al een keer bezocht (meerdere keren zelfs), maar ik ga graag nóg een keer!
Na een gezamenlijk begin in onze Catharinakerk, waarbij Hidde de aanwezigen aan de hand van een power-point bijpraatte over het oudste gebouw van Roden werd de groep in drieën verdeeld.
Ons groepje begon bij het huis van dokter Pieters, waar het speelgoedmuseum is gevestigd.
We dwaalden door de verschillende kamers en kregen uitleg bij de vitrines.
Daar was iets wat ik nog nooit had gezien: een klein altaartje met een klein priester-popje, daarmee konden de katholieke kindertjes thuis kerkje spelen…!
Daar hoorden we dat het museum gaat verbouwen (halverwege 2026) en dat collectie grondig vernieuwd zal worden.

In het klaslokaal van het Scheepstrakabinet zat ik in de smalle schoolbankjes samen met Catharina-vrijwilliger Theo heel braaf te zijn.
We kregen uitleg van de juf over Meester Scheepstra, zijn Ot&Sien-boekjes en het ‘Aap-noot-Mies’-leesplankje.
Daarna kregen we opdrachten: onder het opklapbare tafelblad zat een vak waar een lei in lag, op de tafel lag een griffel.
Daarmee moesten we de eerste regel van het leesplankje opschrijven.
Theo zat naast mij te mopperen; dat hij vroeger al niet goed kon schrijven en eigenlijk nog steeds niet.
Daarna moesten we uit het vak een schrijfblaadje met lijntjes halen, waarop we iets mochten schrijven met de kroontjespen die al klaar lag.
Dat bracht bij Theo herinneringen naar boven aan paardenstaarten/vlechten van meisjes die voor je zaten in combinatie met inktpotjes…..ben je ouder dan 65 dan weet je vast wel waar hij aan dacht.

In de havezate werd ik verrast door twee oudere mensen die met ons groepje meeliepen die ik die middag eigenlijk nog niet had gehoord.
Zij bleken de oudste en langst werkzame vrijwilligers van de Mensinge te zijn en op het voor hen bekende terrein begonnen ze helemaal te stralen en vertelden honderduit over ‘hun monument’; zij vertelden mij dingen die ik als doorgewinterde bezoeker van de Mensinge nog niet wist! Boven de deur in de keuken

Rek met Franse borden

bijvoorbeeld was een rek met zeldzame, Franse borden, dat na de verkoop van de havezate aan de gemeente door een Kymmel-familielid was meegenomen, maar dat na zijn dood weer was geschonken aan het museum.
Waar het hart vol van is loopt de mond van over.
Dat houdt kennelijk niet op als je al boven de 80 bent 😉

We sloten deze middag af met een hapje en een drankje in de kantine van het speelgoedmuseum, waarbij we nog even op het ‘schoolplein’ konden kijken.
De draaimolen trad zelfs nog even in werking!
Wat een heerlijke middag.
Veel geleerd, veel mensen gesproken en genoten van dit cadeautje dat me zomaar in de schoot geworpen werd.

Meer weten over bovengenoemde musea?
Speelgoedmuseum Roden
Havezate Mensinge
Scheepstrakabinet
Catharinakerk/Stichting Hinszorgel Roden

Reageren

6 oktober: Leeftocht.

Als je het woord ‘leeftocht’ opzoekt in het woordenboek is dit de betekenis: levensmiddelen of proviand, met name wat men meeneemt op reis.
Onder deze naam begon gistermiddag in de PKN-gemeente van Hoogeveen het nieuwe kerkelijke-activiteiten-seizoen en ik was uitgenodigd voor de startactiviteit.
Het is een programma dat ik presenteer onder te titel ‘Levenslessen van Lohues’. Uit het omvangrijke oeuvre van Lohues had ik een aantal liedjes gehaald waar je een levensles uit kan halen.
Dit stond in de aankondiging: als je luistert naar wat Lohues zingt op zijn albums kun je daar veel levenslessen uithalen.
Zijn teksten, bijna allemaal in de streektaal, zijn minder oppervlakkig dan je op het eerste gezicht zou denken. Hij bezingt zijn leven en deelt met ons zijn zielenroerselen.

Op Spotify had ik een afspeellijst gemaakt, die ik voor de middag gebruikte; de afspeellijst is openbaar, je vindt hem onder ‘Levenslessen van Lohues’.
Natuurlijk had ik ook mijn gitaar meegenomen en we begonnen met alle aanwezigen met het zingen van ‘Hier kom ik weg’.
Het werd uit volle borst meegezongen, maar toen ik vroeg wie nog Drents sprak was de oogst toch wat mager…..
Maar men kon het allemaal wel verstaan en als een lied van Daniël soms toch niet goed te volgen was, dan kon men meelezen, want op de beamer werden de teksten getoond.

Welke levenslessen kun je dan leren van Lohues?
– Geniet van wat er nu is en wees niet steeds zo druk met wat allemaal nog moet
Niks is meer weerd as vandage.
– De mens houdt tot het laatst van zijn leven hoop, dat is een positieve kracht die zin geeft aan het leven.
’t Komp wel goed.
– Als je in een diepe depressie zit heb je kracht nodig om daar weer uit te komen, soms heb je de sleutel tot het herstel in je eigen broekzak.
Het sleuteltie
– Heimwee is een lastige emotie: zie het onder onder ogen en praat er over
Naor huus
– Schat wat een ander voor je doet op de juiste waarde: wat een bloemetje of een kaartje waard is bepaalt degene die het ontvangt
Wat he’j der an
– Voor de liefde moet je hard werken: zorgen dat je genoeg hout hebt/vindt om het vuur van de liefde te laten branden
Holt veur op het vuur
– Je geloof maakt in de loop van de jaren veranderingen door: je kunt vaak niet terug naar het geloof uit je kindertijd
Ik mis mien Engel.
– Rouwverwerking is moeilijk; wat is het dan fijn dat je dan goede herinneringen hebt aan alle mooie dingen die iemand heeft gedaan of gezegd.
Later wel misschien
– Geniet van wat je toevalt
Een prachtig mooie dag.
En dat vrolijke lied zongen we als afsluiting van de middag weer met elkaar!

Het maakte nogal wat los; er was emotie, er waren onderlinge gesprekken waarin van alles werd gedeeld, maar er was ook iemand die me zei ‘dat hij erg blij was geworden van deze middag’.
Ben je benieuwd?
Dit programma ga ik ook doen in Roden, woensdagavond 28 januari ben je om 19.30 uur van harte welkom in Op de Helte.
Je kunt je bij mij voor deze avond opgeven.

Heb je toegang tot Spotify? Hierbij een link naar de afspeellijst op Spotify

Reageren

5 oktober: Praten over de dood.

Als donateur van de stichting Alzheimer Nederland krijg ik drie keer per jaar het magazine ‘ALZ….’ in de bus.
Een leuk blad vind ik, dat ik weliswaar niet helemaal spel, maar toch wel even aandachtig doorblader en echt interessante artikelen lees ik.
In de uitgave van september van dit jaar vond ik een column van de hand van Sander de Hosson*.
Hij is longarts en schrijver van boeken en verhalen over zorg voor mensen die ongeneeslijk ziek zijn.
De column heet ‘Praten over de dood‘ en ik neem de vrijheid om Sanders verhaal met mijn lezers te delen.

Er was een tijd, misschien 100 jaar geleden, dat ieder mens thuis stierf. In de bedstee, op de bank, in de kamer waar tegelijkertijd werd geleefd.
De buren kwamen langs met soep. De kinderen zaten op schoot. En als de dood eenmaal was gekomen werd het lichaam opgebaard in een koele kamer.
Het leven en de dood hoorden bij elkaar.

Maar het veranderde. Langzaam schoof de dood het zicht uit. Eerst naar een ziekenhuisbed. Naar een gesloten kamer achteraan op de afdeling, waar men fluistert in plaats van spreekt.
De dood, ooit deel van het dagelijks bestaan, werd een medische gebeurtenis. Een technisch falen. Iets dat eigenlijk niet had mogen gebeuren.
Want terwijl de zorg professioneler werd, raakten we iets kwijt. We gaven de dood uit handen aan mensen in witte jassen. Vanuit goede bedoelingen: om pijn te verzachten, de controle te behouden. Maar juist in die controle schuilt ook verlies. Wat vroeger een intiem, huiselijk moment was – vol rituelen aanrakingen, aanwezigheid – werd een proces.

We gingen de dood zien als een vijand die verslagen moest worden in plaats van een metgezel van het leven. De belofte van maakbaarheid, van genezing en verlenging, maakte ons blind voor het onvermijdelijke. We kregen woorden als ‘palliatief traject’ en ‘besluitvorming’. Bedacht om het ondragelijke te ordenen. Maar ergens onderweg verloren we het gewone: het praten over afscheid, elkaar vasthouden. Soms denk ik dat we de dood niet alleen uit beeld hebben geduwd, maar ook uit het hart. En dat we hem daardoor zijn gaan vrezen. Want wat je niet ziet, niet kent, dat wordt groot en zwart en dreigend.
Maar ik zie iets kantelen Ik zie mensen weer vragen stellen. Ik zie hoe jonge artsen palliatieve zorg niet langer zien als opgeven, maar als helpen om mens te blijven tot het einde. Ik zie kinderen die in een hospice tekeningen maken voor hun zieke opa. Misschien, heel misschien, halen we de dood weer een beetje dichterbij. Niet om hem te romantiseren. Niet om hem te eren.  Maar om hem gewoon te zien voor wat hij is: een onderdeel van het leven. Want hoewel de dood onvermijdelijk is en het afscheid vaak pijnlijk, zie ik in mijn werk de volle liefde.

Bedankt Sander.

Meer lezen over invloed op je levenseinde?
Kijk dan op dementie.nl/levenseinde.

* Eerdere blogs over Sander de Hosson:
Juni 2016 – Sander de Hosson
Juni 2017 – Een longarts met een verhaal
Februari 2024 – Aandacht voor het laatste stukje

Reageren

4 oktober: Nee……geen koffie.

Gisteren kwam mijn nicht Anja aanrijden vanuit Hengelo, ik kwam uit Roden en rond 10.00 u zaten we met z’n drieën aan de koffie bij tante Trijn in Klazienaveen: de jaarlijkse tante&nichten-dag.  Rond 10.30 uur kwam tante Trijns zoon Paul ook even met het hoofd om de deur.
“Ga zitten! Koffie?”
Nee, neef wilde niet zitten en ook geen koffie.
Even bijpraten.
Hij bleef staan kleppen, stond even bij het raam te kijken naar een ambulance die door de straat reed en ging vervolgens toch even op de bank zitten.
“Doe mij dan toch maar even een kop koffie….”.
Gezellig!
Een uur later zwaaiden we hem uit.

Anja en haar man Gerrit Jan zijn twee jaar jonger dan Gerard en ik en zij waren dit jaar 40 getrouwd; dat hadden ze gevierd (net als wij twee jaar geleden) met een ‘all inclusive-reis’ met hun gezin.
Het fotoboek dat ze van deze jubileumvakantie had gemaakt had ze bij zich.
Zij hadden, naar een idee van hun dochter, hun trouwbelofte aan elkaar opnieuw geformuleerd en uitgesproken.
Wat bijzonder! Ik wilde het naadje van de kous weten. Hoe dan? Waarom?

Er volgde een heel verhaal, daarvan geef ik een samenvatting.
Als je met elkaar trouwt, ken je elkaar eigenlijk nog niet zo lang. Tijdens je huwelijk gebeurt er vaak van alles wat je relatie beïnvloedt: er komen meestal kinderen, je hebt allebei je werk, contacten met ouders, vrienden en andere netwerken, misschien verhuizingen, problemen met je gezondheid…. wat kan er in 40 jaar niet allemaal gebeuren.
Na al die jaren ben je niet meer dezelfde persoon als toen je trouwde.
“Als je nu zou moeten kiezen, zou je dan weer met mij trouwen?”

Jeetje!
Wat bijzonder om daar eens over na te denken; maar dat kan ook best confronterend zijn lijkt me.
Ze hadden allebei hun gedachten over elkaar en over hun huwelijk op papier gezet en dit voorgelezen tijdens een informele bijeenkomst met hun voltallige gezin op het ruime balkon van hun hotel-apartement. Hun twee kleinzoontjes van 3 en 5 hadden stilletjes en onder de indruk toegekeken. Ook tante Trijn en ik  hingen aan Anja’s lippen.
Na haar uitleg bekeken we het fotoboek en zagen we het stralende bruidspaar dat zich dankbaar en gezegend voelde omringd door hun dochters met aanhang en hun kleinkinderen.
Over de waarde van de dag gesproken.
Naar aanleiding van bovenstaand verhaal voerden we met z’n drieën fijne gesprekken over onze ouders en over onze familie.
Over hoeveel er is veranderd in de loop van de jaren, met name als het gaat over relaties en over praten over gevoelens.
Maar ook over onze overgrootouders bijvoorbeeld , ‘ouwe opa’ Vrieswijk en ‘opoe’ Pasveer en  onze herinneringen aan hen.
Bij de afbeelding: het gezin van opa en oma Vrieswijk. Opa en oma zitten met tante Trijn tussen hen in.
Daarachter staan v.l.n.r. ome Jo, ome Andries, mijn vader Kees en Anja’s vader ome Henk.

Het was weer heerlijk om een dag in elkaars gezelschap te verkeren.
Met een lach, een traan en een twaalf-uurtje met een kroket.
Mevrouw Hollander, mevrouw Smelt en mevrouw Waninge.
Maar als Trijn, Anja en Ada Vrieswijk kunnen we in vertrouwen zulke intieme gesprekken voeren omdat er door die gezamenlijke achternaam zoveel herkenning is.

Benieuwd naar vorige ontmoetingen?
Hierbij een link naar het blog uit 2024 Bevragen van daaruit kun je doorklikken naar voorgaande jaren.

Reageren

3 oktober: Attent gemaakt.

Soms word ik door iemand uit mijn omgeving attent gemaakt op iets wat ik anders niet had gezien en/of gehoord.
In het blog vandaag geef ik drie voorbeelden.

Woensdag 1 oktober vroeg collega Jolanda of wij ‘dat filmpje van Veilig Thuis’ al hadden gezien.
Ze liet het ons zien toen we een broodje zaten te eten en het raakte me.
Het is een onderwerp dat eigenlijk nooit voorbij komt op deze website, maar vandaag wil ik er toch aandacht voor vragen.
Dit staat erover op de website:
Elke 8 dagen wordt in Nederland een vrouw gedood. Vaak door haar partner of ex-partner. In veel gevallen gaat er een langere periode van dwingende controle aan vooraf, de zwaarste vorm van psychisch geweld. Wie de signalen herkent, kan ingrijpen en kan mogelijke femicide voorkomen. Daarom start het ministerie van Justitie en Veiligheid de campagnWaar ben je?.
Herken de signalen.

Gisteren, donderdag 2 oktober kreeg ik een app van dochter Frea.
‘Heb je de nieuwe Erik Scherder-campagne al gezien? Over je hersenen uitdagen enzo.’
Nee, niet gezien, wel opgezocht en gevonden.
Je kunt meedoen aan ‘de dertig dagen challenge‘ van Erik onder de titel ‘Liever moe dan lui’.
Dat is de titel van zijn nieuwste boek.
Deze challenge is nou typisch iets waar ik wel nieuwsgierig naar ben, maar waar ik (nog) niet aan mee doe omdat mijn dagen vol genoeg zijn; er hoeft wat mij betreft écht niet een uitdaging bij.
En ik ben ook al regelmatig moe en heb niet het idee dat ik nou heel lui ben, dus ik sla keer over.
Maar wie weet…….straks heb ik tijd in overvloed en ook tijd voor nieuwe uitdagingen!

Verder kreeg ik gisteren een leuke app van dochter Carlijn.
‘Sarah is een blog begonnen! Mede geïnspireerd door jouw blog.’
Nou, wat een eer!
Later op de dag sprak ik Carlijn daarover.
“Maar hoezo geïnspireerd op mijn blog?”
Sarah had daarover gezegd dat er te weinig van dit soort blogs waren zonder advertenties, zonder bijbedoelingen, zonder verdienmodel, maar gewoon leuk.
Geen influencer/beïnvloeder, maar het delen van dingen die je graag doet, die je leuk vindt.
Dan ben ik natuurlijk benieuwd.
Wat staat er dan op dat blog van Sarah? Hierbij een link naar haar website ‘Slak-en-post.nl’
Dit vond ik bij haar profiel: ‘Een liefhebber van langzaam leven met als doel om een glinstering in elke dag te zoeken. En eerlijk? Daar wordt alles veel leuker van!’ 
Een glinstering in elke dag zoeken! Dat noem ik al meer dan tien jaar ‘De waarde van de dag’: wat heerlijk dat iemand met die intentie ook een blog begint.
Haar eerste blog heet ‘Een eigen plek op internet‘.

Drie tips van anderen waar ik me even in verdiept heb en die ik dus vandaag weer doorgeef.
Mijn glinstering van deze dag zeg maar….

 

Reageren

2 oktober: Gastblog Remmelt: Vogelfiguren & gezinshereniging.

Namens Vluchtelingenwerk Noordenveld, mochten wij een statushouder uit Eritrea wegwijs maken in Nederland en de gezinshereniging met zijn vrouw en vijf kinderen regelen. Om inkopen te doen kwamen wij in een Kringloopwinkel. Bij het afrekenen van spulletjes werd mijn aandacht getrokken door een zestal schaaltjes en een grote schaal. Toen ik de schaaltjes bekeek, bleek dat de vogelfiguren allemaal verschillend waren, geheel uniek en van een merkteken voorzien. Gezien de vriendelijke prijs was er alle reden om tot koop over te gaan en de winst van deze bordjes te bestemmen voor de gezinshereniging. 

Pieter Groeneveldt 1889 – 1982
Vogelfiguren – keramiek

De naam van de kunstenaar was Pieter Groeneveldt. De bordjes heb ik aangeboden op marktplaats; ik kreeg veel biedingen en twee mails.
De ene was van de directeur van het Historisch Museum te Voorschoten. Hij vertelde dat ze weinig geld hadden om aankopen te doen.
De andere was een verzamelaar uit Delft, met een grote kunstverzameling van het werk van Pieter Groeneveldt.
De keramist Pieter Groeneveldt (1889-1982) behoort tot één van de belangrijkste Nederlandse 20e-eeuwse keramisten. Zijn fabriek stond in Voorschoten en zijn carrière beslaat een lange periode:

Pieter Groeneveldt in zijn aardewerkfabriek, 1946 Afbeelding: Wikipedia

van begin jaren 20 tot eind jaren 70 van de vorige eeuw. Hij liet zich inspireren door keramiek uit China en Japan en werd beïnvloed door de belangrijkste kunststromingen van voor en na de oorlog. Ondanks al die verschillende invloeden zijn de producten van zijn hand zeer herkenbaar. Eén van de speerpunten van de collectie van het Historisch Museum Voorschoten is het werk van Pieter Groeneveldt.  

Laat op de avond belde de verzamelaar uit Delft, om het keramisch werk van Pieter Groeneveldt te kopen.
Hij was erg eerlijk en vertelde dat zijn verzameling van het werk van Pieter Groeneveldt omvangrijk was, maar dat deze vogelfiguren nog ontbraken. Hij had erg veel belang om ze te kopen. Zoals een goede verzamelaar behoort te doen begon hij met een bod van € 100,=.
Mijn vraagprijs was € 600,= en zijn bod uiteindelijk euro  € 300,=.
Zoals het veelal gaat wordt het verschil samen gedeeld en werd de handel afgerond op een prijs van € 450,=.
Op mijn opmerking “de opbrengst is niet voor mijzelf” wilde hij van de hoed en rand weten; toen heb ik hem verteld over de gezinshereniging, waarop hij zei: “Dan betaal ik € 500,=.”
De volgende morgen bleek hij € 600,00 te hebben overgemaakt.
Hij mailde: ‘In de overtuiging dat het geld goed terecht komt, heb ik zojuist toch 600 euro overgeboekt. Ik zeg je eerlijk, als Groeneveldt kenner, dat dit naar mijn mening zo’n 300 euro te veel is voor de schaaltjes, maar voor het doel wat jij erachter hebt zitten, betaal ik graag het dubbele. Ik hoop van harte dat het gezin weer bij elkaar kan komen.’

De Eritreeër is met zijn vrouw en zijn vijf kinderen herenigd en ze hebben allemaal hun plek gevonden in de Nederlandse maatschappij.

Meer weten over de keramist Pieter Groenveldt? Hierbij een link naar een artikel over hem op Wikipedia.

Benieuwd naar andere bijdragen van Remmelt?
Hierbij een link naar zijn eerste gastblog, onderaan dat verhaal vind je overzicht.

Reageren

Pagina 3 van 4

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén