een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 236 van 302

16 augustus: De getemde feeks.

Het was maandagavond één van de laatste try-outs in Diever; we konden met onze vriendengroep met z’n achten geen kaarten meer krijgen voor een ‘gewone’ voorstelling. We woonden de uitvoering bij van ‘de getemde feeks’ in het Shakespeare-theater in de bossen bij Diever. (klik hier >>> voor een link naar de website)

We hebben er van genoten.
Van het stuk en van de randverschijnselen in Diever.
Het is een bijzondere ervaring om een voorstelling in het openluchttheater bij te wonen.
Rond 20.00 uur zie je grote groepen mensen bepakt en bezakt richting het theater lopen.
Met kussens (voor op de houten bankjes) jassen en truien (tegen de avondkou) en dekens/slaapzakken (voor over de benen) en tassen met proviand (voor onder de voorstelling).
En regenkleding. En ‘muggen-spul’.
Maandagavond hebben we alleen de kussens gebruikt; wat een prachtige avond hadden we. Om 23.30 uur was het nog 20 graden.

Omdat je al een uur van te voren in het theater zit (anders heb je geen goede plek) is er alle tijd voor geouwehoer onder elkaar.
Daar zijn wij als vriendenclub erg goed in. (zie 28 mei.>>> Zelfs het washandje kwam nog weer voorbij, dit keer in stoffelijke vorm….)
Met de mensen in de rijen voor en achter ons hadden we leuk contact; voor ons zaten drie jongedames waarvan er één binnenkort ging trouwen.
Ze hadden ‘probeer-cup-cakes’ gebakken om te oefenen voor de trouwdag en we mochten allemaal proeven.
Ze waren heerlijk. Sommigen van ons nodigden zichzelf al uit voor de bruiloft.

Om 21.00 uur begon de voorstelling en meteen werden we meegenomen het verhaal in.
‘De getemde feeks’ is een toneelstuk in een toneelstuk, een raamvertelling en het is een ontzettend vrouw-onvriendelijk stuk.

De regisseur heeft bedacht om als tegenhanger van dit gegeven de hoofdrolspelers ‘genderneutraal’ te maken: de hoofdrollen Katharina en Petruchio kunnen door zowel actrice Inge Wijers als acteur Tim van der Molen gespeeld worden.

Dat wordt bepaald door het lot. Daarvoor wordt aan het begin een draai-constructie het toneel opgereden waar een mannetjes-kant en een vrouwtjes-kant aan zit.
Iemand uit het publiek mag een enorme draai aan het ding geven en zo wordt bepaald wie welke rol speelt die avond. (klik hier >>> voor een reportage van RTV Drenthe hierover)
Maandagavond was dat de traditionele rolverdeling; dat was prima, maar halverwege, tijdens een scene waarin Petruchio vreselijk tekeergaat tegen Katharina, bedacht ik dat het best wel gek zou zijn als zij in mannenkleren zo zou staan te schreeuwen tegen hem met een pruik op en een jurk aan.
Wat mij betreft had de regisseur hier voor mogen kiezen.

Ondanks de anti-feministische thematiek van de voorstelling hebben we ontzettend gelachen.  Prachtige vondsten zaten er in. Zoals het steeds even terug laten komen van Sly, de verklede zwerver, voor wie het toneelstuk eigenlijk wordt opgevoerd. Regelmatig bemoeit hij zich met het stuk, omdat hij absoluut niet wil dat er in gezongen wordt.
Verder vond ik de groep huisbedienden van Petruchio erg vermakelijk.
Ze maakten er een prachtig ‘slapstick’-nummer van met veel mimiek en gekke geluiden. Meer ga ik over de inhoud ook niet zeggen: je moet het gewoon gezien hebben!

A.s. vrijdag is de première van het stuk, zaterdag komt er vast een recensie in het Dagblad van het Noorden.
Tegen die tijd zal ik een link naar de tekst van die recensie op dit blog zetten.

Na zoveel ‘macho-mannen-retoriek’ zou ik, als ik het meisje op de rij voor ons was, nog even een gesprekje voeren met mijn aanstaande echtgenoot.
Al waren er ook mannen die na afloop opmerkten dat het stuk zoveel wijsheden bevatte. Zucht.

Eén van onze mannen vond het een geslaagd concept: wij als vrienden gezamenlijk naar iets cultureels.  Hij stelde voor om een volgende keer naar een orgelconcert in de Koepelkerk te gaan. Daar denken we nog even over 😉

Reageren

15 augustus: Zoveel sleutels……..

Drie keer heb ik nu als vrijwilliger bezoekers iets mogen vertellen over de Catharinakerk, afgelopen zaterdag had ik weer ‘dienst’; en wat is het leuk! Niet alle bezoekers zijn even geïnteresseerd. Sommigen komen de kerk binnen omdat die toevallig open is. Lopen even de kerk in, werpen een blik op het interieur, roepen in het voorbijgaan  naar de deur “Mooie kerk, hoor…!” en wandelen het mooie weer weer in.

Maar de meeste gasten vinden een foldertje met basisinformatie fijn, stellen een kleine introductie op prijs of komen met gerichte vragen. Tijdens de openstelling is er ook altijd een organist die het historische Hinz-orgel bespeelt. Heel af toe mag een nieuwsgierig kind even bij het orgel kijken. Dan hoor je ineens ‘Altijd is Kortjakje ziek’ of zoals zaterdag ‘Op een grote paddestoel……’

Het mooist zijn de gesprekken met mensen die  tijd hebben om even te genieten van de sfeer. Hele verhalen hoor je soms. Afgelopen zaterdagmiddag was er een mevrouw die de kerk kende als ‘kind van de dominee’; ze was de dochter van ds. Kramer die aan onze gemeente verbonden was van 1947 tot 1968.
Halverwege de openstelling is er even tijd voor een kop koffie/thee. Dan gaat het eigenlijk altijd over geschiedenis; van de kerk, of van Roden of Nederland.
Ik zit erbij met ‘oren op stokjes’.

Afgelopen zaterdag kwamen er om vijf voor vijf nog twee zeer geïnteresseerde mensen. Maar om half vijf gaat de kerk eigenlijk al dicht, dus we moesten ze teleurstellen.
Vond ik sneu. Dus ik stelde hen voor om zondagmorgen na de viering nog een keer langs te komen rond kwart voor elf, dan zou ik ze de kerk nog even laten zien.
Halverwege de zaterdagavond kwam ik er achter dat de viering zondagmorgen in Op de Helte was.
Voor 9 uur belde ik koster Didy, zij zou haar best doen om sleutels voor mij te regelen.  Na 9 uur plakte ik een briefje op het informatiebord.

Halverwege het slotlied verliet ik Op de Helte en spoedde mij naar de Brink. En ja hoor, daar waren de bezoekers van gisteren uit Leiden. Met nog twee Zeeuwse dames die toevallig aan kwamen lopen.
Maar helaas: ik kreeg het zijdeurtje niet open. Vanuit de kerk hoorden we orgelmuziek, er stond een herenfiets tegen de kerkmuur geparkeerd en de sleutel zat waarschijnlijk aan de binnenkant van het slot. Met de grote sleutel kreeg ik de voordeur nog wel open, maar de binnendeur daarna was vergrendeld aan de andere kant. Zoveel sleutels …….we konden door het glazen ruitje naar binnen kijken en verder kwamen we niet.

Gelukkig had ik mijn eigen boekje met foto’s en informatie bij me. In het zonnetje mocht ik nog een heleboel vertellen over de kerk en over Roden.
Er werden nog wat foto’s gemaakt en ik werd bedankt voor mijn verhaal en mijn enthousiasme.
Naar aanleiding van mijn verhalen gingen ze ’s middags naar Mensinge.
Ik hoop maar dat ze daar wel in konden….!

Reageren

14 augustus: Lied gemist.

Gistermorgen in de viering van onze PKN-gemeente hoorden we twee verhalen die te maken hadden met zee en verdrinking. Het eerste verhaal uit het oude testament ging over Jona, die door God naar Ninevé wordt gestuurd. Hij ziet dat niet zitten, vlucht op een boot naar Tarsis, maar wordt tijdens een storm (nadat het lot is geworpen) als ‘schuldige’ overboord gezet en opgeslokt door een grote vis.
Voor de kinderen was er een filmpje met een liedje van Elly & Rikkert, maar het geluid deed het niet.
Liedje toch graag horen? Klik hier >> voor een video op YouTube.

Mattheus vertelt in het nieuwe testament dat Jezus over het water loopt. De discipelen in hun boot denken een spook te zien, maar zodra Petrus Jezus herkent stapt hij in vertrouwen uit de boot en ‘loopt’ naar Jezus toe. Als hij vlak bij hem is dreigt hij te verdrinken, maar Jezus pakt zijn hand en redt hem.
Voorganger Astrid legde mooie verbanden tussen beide verhalen en wees ons op de verwijzingen naar de Psalmen die Jona in zijn nood uitroept.
De essentie van haar verhaal was: vertrouw op God bij storm en tegenwind.
Ook al zinkt de moed je in de schoenen: houdt moed, zijn naam is Ik ben er, hij laat je nooit alleen.

Het slotlied was lied 416, Ga met God. Mooi lied, maar ik had graag bij deze viering het zeer toepasselijke ‘O, eeuw’ge Vader, sterk in macht’ willen zingen (het Engelse origineel heet ‘Eternal Father’),  waarbij de laatste zin is ‘wil verhoren onze bee, voor hen die zijn in nood op zee’.   Dat zei ik zacht in de oren van Dick en Jannie die voor mij zaten, ik weet dat zij dat lied ook erg op prijs stellen. Het heeft een melodie waarbij je vanzelf een brok in je keel krijgt. Je kent het vast wel , hierbij een link naar een Youtube-filmpje >>> (orgelspel vooraf duurt wel wat lang….)
“Dat staat niet in het nieuwe liedboek” bromde Dick achter zich.
Huh? Waarom niet?
Eenmaal thuis zocht ik op internet naar meer informatie.
Het is inderdaad niet meer opgenomen in het nieuwe liedboek.
Ik vond wel heel veel informatie met filmpjes enzo op deze Kerkliedwiki-website; beslist de moeite waard om daar even op te kijken.

Uit mijn oude liedboek haalde ik dit lied en plakte het achter in mijn nieuwe liedboek.
Samen met Dick beginnen we vandaag met de actie: “het zeelied staat niet in het liedboek maar kan wèl op de beamer!”
Zegt het voort.

Het tweede en derde couplet van het slotlied heb ik overigens gemist.
Morgen vertel ik waarom in het blog ‘Zoveel sleutels……’

Reageren

12 augustus: Koen aan …. dag!

Afgelopen donderdagmorgen liep ik om 07.00 uur voordat ik naar m’n werk ging te zoeken naar m’n schoenen. Uiteindelijk vond ik ze naast het nachtkastje.
Toen ik ze, eenmaal beneden, aandeed zei ik tegen Gerard: “Koen aan…dag!”

Het is een overblijfsel van het allereerste spraakgebruik van onze oudste dochter Frea. Met haar beleefde ik voor het eerst het wonder van een heel klein kindje dat stukje bij beetje een taal leert.
Eén van de eerste woordjes die ze zei was dies.
“Dies” was een  spuugdoekje. Ze kreeg iedere morgen een nieuwe; de ‘dies’ sleepte ze de hele dag met zich mee. We deden er ‘kiekeboe’ mee en ze leerde er mee lopen. Oma zat op haar hurken en gooide de ‘dies’ naar mama, waarop Frea kraaiend van de pret waggelend van de één naar de ander liep.

Papa, mama, oma, opa, kakkak  (de ganzen in de wal van de vaart), boek, au, waai (lawaai, had ze een hekel aan) en bah! (Vies). De eerste keer dat ze sneeuw zag vallen stond ze in opperste verbazing voor het raam en riep ‘ Bah!’
Ik volgde haar ontwikkeling op de voet en genoot er van.

Donderdag kreeg ik het ‘Koen aan….dag!’ niet meer uit m’n hoofd. Ik zag steeds het

Koen aan…..

opgewonden peutertje Frea voor me. ‘Koen aan….dag!’ was haar eigen interpretatie van ‘we gaan naar buiten, leuk!’  Ze wurmde haar voetjes in de sandaaltjes (schoen aan) en wist: we gaan weg! (dag)
Dat kon van alles zijn. Naar de hertjes in Smilde. Of naar ‘opoma’. Of naar de slager of de SRV-man.

Taal. Het blijft een wonder. Tegenwoordig spreekt ze beter Engels dan Nederlands. Maar het blijft haar moedertaal.
En ze weet nog precies wat ik bedoel als ik zeg:
“Koen aan…..dag!’.

Naschrift: op de avond van de publicatie van dit blog kreeg ik van haar een app.
“Koen aan….pub!”

Reageren

11 augustus: Jarig!

Vandaag is mijn blog jarig: het wordt 3 jaar. Mijn eerste blog schreef ik op 14 augustus 2014, ( zie >>>) Dat deed ik toen bij ‘Blogse’ onder de naam ‘Handwerken en meer’.
Maar het werd steeds meer ‘meer’ en steeds minder handwerken, zodat ik na een jaar begon met een eigen website bij WordPress onder de naam ‘de Waarde van de dag’. Die website lanceerde ik op 4 september 2015 (zie >>> ).
In september 2016 besteedde ik aandacht aan het twee-jarig bestaan van mijn site ( zie Sharing the joy >>>) en vandaag dus drie jaar een dagelijks blog.

In de loop van de jaren is het aantal onderwerpen gegroeid en ook het aantal lezers groeit heel langzaam maar gestaag.
Het elke dag plaatsen van een blog is een gewoonte geworden die helemaal is ingeweven in mijn dagelijkse leven. Als me iets opvalt maak ik even een aantekening en soms verzeil ik situaties waarvan ik dan al weet: dit gaat een leuk blog opleveren.
En heel soms zóu ik een heel leuk verhaal kunnen schrijven, maar dan doe ik het niet.
Omdat het kwetsend zou zijn voor de betrokkenen.
Of omdat niet alles met iedereen gedeeld hoeft te worden.

Toen we drie weken in Canada waren schreef ik om de twee, drie dagen een blog over onze belevenissen. Het was maar goed dat ik dat vanaf het begin had gedaan, want na drie weken was ik heel veel dingen van het begin al weer vergeten!
Men zegt niet voor niets: ‘Wie schrijft die blijft’.

De ‘Gastblogs’ die ik in 2016 heb geïntroduceerd worden erg gewaardeerd, maar de leveranciers zijn nog niet zo scheutig met nieuwe pennenvruchten.
Er was nog wel een schoonzoon die opperde een gastblog te willen aanleveren.
Over hoe moeilijk het is om om te gaan met ons gezin. “Mijn leven met de Waninge’s” zou het dan gaan heten.
Ik kijk er naar uit!

Afgelopen zondag overkwam me iets bijzonders. We zongen in de Norg tijdens de openluchtdienst (zie 7 augustus j.l.)) en tijdens het koffiedrinken kwam een mevrouw met me kennismaken. Ze was een vaste volger van mijn blog en vond het leuk om mij ‘in real life’ te zien. Vond ik ontzettend leuk! Wat zij vooral uit mijn blog haalde: het genieten van de gewone, alledaagse dingen die zo vaak de waarde van mijn dag bepalen.
En dat is waar ik na deze derde verjaardag gewoon mee doorga, namelijk het beschrijven van mijn waarde van de dag: ‘een alternatief voor de waan van de dag’.

Reageren

10 augustus: Het leven laat zich niet regisseren.

The big sick. Zo heette de film waar Gerard en ik zaterdagavond heen gingen. Als je de titel intikt bij Google translate  maakt die er “de grote zieken” van.

Het is een tragikomische verfilming van een waargebeurd verhaal.

Kumail woont in Chicago; hij treedt op als stand-up-comedian en is Uber-taxichauffeur. Tijdens een van zijn optredens leert hij de studente Emily kennen. De twee besluiten samen naar huis te gaan en worden na verloop van tijd verliefd op elkaar.

De Pakistaanse moslimfamilie van Kumail probeert hem door middel van zogenaamde spontane etentjes te koppelen aan een geschikte Pakistaanse vrouw. Daardoor durft Kumail zijn Amerikaanse vriendin niet voor te stellen aan zijn ouders, tot grote ergernis van Emily.

Wanneer Emily vervolgens getroffen wordt door een mysterieuze ziekte en in coma raakt, komt Kumail voor het eerst in contact met haar ouders, Beth en Terry, die hem in eerste instantie wantrouwen. Tijdens enkele moeilijke, intensieve en ongemakkelijke weken waarin hij Beth en Terry beter leert kennen, realiseert Kumail zich steeds meer dat hij gevangen zit tussen aan de ene kant zijn Amerikaanse identiteit en zijn eigen plannen en aan de andere kant de toekomst die zijn Pakistaanse familie voor hem heeft uitgestippeld.

De film duurde meer dan twee uur en had geen pauze; geen minuut heb ik me verveeld.
Ik heb gelachen en ik heb gehuild.
Kumail zit tussen twee vuren in. Het is ronduit zielig om te zien hoe zijn moeder haar best doet om Pakistaanse meisjes te vinden en het is stuitend om te zien hoe Kumail daarmee omgaat. Het is het eeuwenoude verhaal van de liefde die zich niet laat tegenhouden door menselijke grenzen.
Of het nou gaat om een moslim en een christen, of om (zoals in het geval van mijn ouders in de jaren ’50) hervormd en gereformeerd.
Deze film laat zien dat het verzwijgen van de waarheid voor ‘de goede vrede’ op de lange termijn geen stand houdt.  Verder wordt heel subtiel in beeld gebracht dat ook het voeren van regie op het leven van je kinderen of anderen niet een goede strategie is.
Het leven laat zich niet regisseren.

Reageren

9 augustus: Meerkoetkuikens & gebak.

Vanmorgen liep ik met collega Jacquelien naar de warme bakker.
We zijn vandaag verhuisd naar een nieuwe werkplek en we vonden dat een goede reden om de collega’s (en onszelf) te trakteren.
Onderweg kwamen we langs een vijver waar een moeder meerkoet apetrots met haar twee kuikentjes op een nest zat.
In augustus! Jacquelien vermoedde dat het wel een ’tweede broedsel’ zou zijn.
Wij waren helemaal vertederd en daalden af in het hoge gras om foto’s te maken.

Bij de bakker kocht ik Deense krakelingen, aardbeienschelpjes en roomcroisants en een half uur later zaten we met een groepje collega’s aan de koffie.

“Wat is de reden van deze traktatie?”
“Onze nieuwe werkplek!”
Niets bijzonders eigenlijk; we verhuisden naar een andere kamer met meer licht en meer ruimte, maar we vonden het toch een reden om deze dag een feestelijk tintje te geven.
Bovendien waren Jacquelien en ik weer eens samen aan het werk: dat is bijna nooit. Wij hebben een duo-baan en zij werkt op de dagen dat ik er niet ben.
We zijn een goed geölied team;  we bellen minstens twee keer in de week voor overdracht, mailen elkaar veel en zo heel af en toe zien wel elkaar. Vandaag dus ook!

We waren vanmorgen mooi op tijd aanwezig om de handen eens flink uit de mouwen te steken: kast uitpakken, verhuizen, schoonmaken, stofzuigen, kortom genoeg te doen.
Toen we de kamer binnenliepen bleek dat de kast en de bureau

Gebak!

laden allemaal al verhuisd waren. Collega Rien had dat al voor ons gedaan! Koesteren zo’n man.
Dus toen waren we binnen een uur al helemaal ingericht.

We waren het er over eens dat de meerkoetjes, het gebak , de nieuwe werkplek én Rien de waarde van onze dag in hoge mate hadden bepaald: topdag!

Reageren

8 augustus: “All inclusive”

In deze maanden viert bijna iedereen vakantie. Ondanks het feit dat onze vakantie al meer dan een maand achter ons ligt doe ik ook nog van harte mee aan het vakantie vieren. Vorige week fungeerde ons huis als een soort Bed & Breakfast voor mijn tante, de jongste zus van mijn vader.
Op dit blog vertelde ik al vaker over onze gezamenlijke dagjes uit en de zorgen rondom haar dementerende man. (zie 7 februari >>>)
Na zes jaar was de situatie thuis onhoudbaar geworden; enkele weken geleden is hij opgenomen in een beschermde woonvorm.

Jarenlang mantelzorger zijn, het is loeizwaar. “Kom een paar dagen bij ons logeren” stelde ik haar voor “kun je bijkomen en kunnen wij van elkaars gezelschap genieten.”
En dat deden we.

Woensdagmiddag 2 augustus zat ik met haar en mijn moeder op een zonovergoten terras op de Brink in Diever met op tafel voor ieder van ons een bolletje roomijs, warme kersen en een toef echte slagroom.
Donderdag zochten we met z’n tweeën Carlijn op in Leeuwarden. We maakten een lange wandeling door de stad, bezochten winkeltjes, kochten onderbroeken en sokkenwol, dronken koffie, thee, wijn en een lekker broodje en eindigden op het platje achter Carlijn’s studentenkamer.

Vrijdag sliepen we lekker uit en boemelden we wat door Roden. Markt. Daan Nijman. Samen koffiedrinken aan onze keukentafel.

…. paars en wit ….

Vakantie-technisch gezien niet bijzonder.
Geen ongerepte koraalriffen of eindeloze gletsjers.
Maar voor mijn gevoel wel ‘all inclusive’: samen gezellig op z’n tijd eten & drinken, lange gesprekken voeren en veel tijd en aandacht voor elkaar.
Zonder plastic armbandje van het resort …… en ook lang zo duur niet!
Ik kreeg een boeket voor ‘de goede zorgen’ dat ik zelf mocht samenstellen: ik koos voor de kleuren paars en wit. Het staat al een aantal dagen te geuren op mijn aanrecht; zo geniet ik nog even na van deze bijzonder waardevolle vakantie!

Reageren

7 augustus: Een mens’lijk gezicht.

Ieder jaar werken we een zondagmorgen mee aan een openlucht IKR-dienst in de bossen van Norg. (zie 14 augustus>>> voor een verslag van 2016.).

Vanuit alle windstreken komen de kerkgangers; de gemeente bestond gistermorgen uit zo’n 150 gelovigen met uiteenlopende achtergronden qua kerk en geloof, maar die grenzen verdwijnen als we op de plastic stoeltjes op de zanderige bosgrond zitten.

‘Broodnodig’ was het thema van de viering, waarin Ineke Hoffman voorging.
Na het inzingen gingen we nog even een kop koffie drinken in de unit.
Daar lag al een groot wittebrood te wachten, dat één van de medewerkers in onvervalst Fries de uitspraak ontlokte: “Wat mot d’r mei die bôle?!’
De voorganger combineerde in de viering  het manna dat het volk Israël kreeg in de woestijn (in het oude testament)  met de uitspraak van Jezus in het nieuwe testament: “Ik ben het brood des levens.”
‘Die bôle’ werd meegenomen door de kinderen naar hun kindernevendienst even verderop in het bos en wij hoorden dat Jezus bedoelt dat wij niet kunnen leven van brood alleen.
Wij hebben verdieping nodig en hij vergelijkt zichzelf met brood; levensbrood.
Het gaat hierbij niet om maagvulling, maar om voeding voor je geestelijk leven.

De vakantie is bij uitstek geschikt om eens uit de ‘rat-race’ van het dagelijks leven te stappen en na te denken over hoe je in het leven staat.
Ineke gebruikte een mooie beeldspraak: “Jouw ‘levensbrood wordt doorkneed en doordesemd met gist, daar groei je van. Deel uit van wat je zelf ten deel valt, wees dat brood voor de mensen om je heen. Luister, sla een arm om iemand heen, help en hou niet alles krampachtig voor jezelf.”

Wij sloten ons optreden af met een lied dat mooi bij het thema van de dienst aansloot: ‘Behoed en bewaart u ons lieve God’ (een vertaling van La paz de señor).
De tekst van het tweede couplet is:
Behoed en bewaart u ons, lieve God , wees met ons in al het lijden.
Wees warmte en licht, een mens’lijk gezicht, nabij ons in donk’re tijden.

Die warmte en dat licht, dat mens’lijk gezicht, dat zijn wij.
Dat hadden we predikant net horen zeggen.

En toen was er koffie; altijd bere-gezellig.
We stonden met elkaar in het zonnetje te genieten van de koffie en van de gesprekken met elkaar. Er waren vrienden, er waren cantorijleden, er waren buren, gemeenteleden, zoals ik al schreef: mensen uit alle windstreken.
Eén van de gemeenteleden vertelde dat haar man 90 was geworden en dat ze met kinderen, klein- en achterkleinkinderen een feest had gehad.
“Het hele volkje verzamelde zich op Nienoord….”.
Wat een zegen als je op je 90e met je eigen ‘volkje’ nog zo kunt genieten van je verjaardagsfeest!

Reageren

4 augustus: Drents spreekwoord.

Ien keer in de weke breng ik koffie bij de wagenbouwers van de Rodermarktwagen van de kerk. Het duurt eem veurdat ze allemaol zit, maor as ze zit, dan is’t gezellig.
Ik schenk de mannen een kop koffie in, roep dat suuker en melk zölfbediening is, gao rond met een schaol koekies of soekelao en dan gao ‘k d’r ok bij zitten. Luustern.

Mannen praot over hiel aander dinge as vrouwen.
Over schuurties die vol met rotzooi ligt.
“Mien kinder ziet d’r nou al tegen op dat ze dat ooit ies allemaol op mut ruumen”.
Over krooien vol olle kranen. “Dan denk ie da’j nog wel wat hebt liggen, maor dan moe’j op ’t lest toch nog hen De Wit* veur een ringie of zukswat.”
Over grote hoeveulheden kikkers in de viever.
“Vittig ha’k d’r dit veurjaor. Die breng ik dan vot. Hen Zeumhuuzen in de wieke, of hen Roderwolde in een sloot”.

Ik griezel in stilte.

Vervolgens vertelt iene een verhaal over kikkerdril.
“Ik haar kikkerdril under de auto zitten! En wee’j hoe dat daor komp?
As een reiger een kikker opvret waor de dril nog in zit, dan scheidt die kikker een stoffie of waor die reiger hiel beroerd van wordt. Zo beroerd dat e d’r van mut speien.
Daor komp het spreekwoord ‘Speien as een reiger’ vot!
Dan lig d’r zun dikke klets glibberig kikkerdril op de straote en aj d’r dan met de auto overhen riedt dan FLATSCH en dan blef het under joen auto plakken.”

Verbijsterd volg ik zu’n verhaal.
De mannen drinkt heur koffie, knikt en luustert noar het kikkerdril-relaas en eet met smaak heur koekie.
Ik haar mien’n gelukkig al op.

(* De Wit = handel in ijzerwaren in Roden)

Reageren

Pagina 236 van 302

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén