een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 280 van 302

20 november: Een Drent? In het Fries?

Rechtstreeks uit het
umcgPrecies een week geleden ben ik opgenomen. Ik zal niet zeggen dat de tijd is omgevlogen maar eigenlijk is het best snel gegaan. Gisteren zat ik even in het dagverblijf de ochtendkrant te lezen. Een meneer en mevrouw uit Friesland (duidelijk te horen aan hun tongval, nou) werden ook even in  het dagverblijf opgevangen.

Meneer had een oproep gekregen dat hij donderdagmorgen moest verschijnen. Maar ze hadden enige tegenslag op de afdeling: iemand die zou worden ontslagen kreeg toch nog het bericht van de arts dat hij een dag langer moest blijven. De vraag was of de meneer uit Friesland wel kon worden opgenomen.
“We moeten waarschijnlijk hier in dit dagverblijf ook even het intake gesprek voeren en daarna kijken we verder.”
Ik stond op om naar m’n kamer te gaan, waarop mevrouw zei: “Maar heeft u wel een kamer waar u naar toe kunt?”
O ja hoor,  maakt u zich geen zorgen om mij.

Het zal je gebeuren. Je wordt verwacht en dan nog is er geen plaats op de overvolle afdeling. Want wat  bleek? Vanmorgen zat ik weer mijn krantje te lezen en het zelfde echtpaar kwam weer binnen. Ik had bijna plaatsvervangende schaamte. “Dus u bent weer naar huis gestuurd gisteren?” Ja dus. 

En ik bijna verontwaardigd zijn over het feit dat ik op de woensdag voor de 12e november geen telefoontje kreeg….. en nu een hele kamer voor mij alleen.
Gelukkig trof ik meneer vanmiddag uit zijn 1 persoonskamer komende op de gang.
“It giet oan, meneer?”
Ja krek nou!” Ik was blij voor hem. Het kleurde een beetje mijn dag.

Over mijn vorderingen kan ik kort zijn. Het gaat heel stabiel , maar ik  moet rekening houden met dalende bloedwaarden en de voorspelling is dat ik daar nog wel het e.e.a. van  zal merken. Wy sille sjen. Er is ook nog maar een week om.

BoskampOndertussen aan de Boskamp

In deze spannende tijden probeer ik de ‘vaste dingen’ zoals yoga, zwemmen, Franse les en cantorij zoveel mogelijk door te laten gaan. Meestal kom ik  terug van deze activiteiten met meer energie in mijn lijf dan toen ik er heen ging.

Gisteravond zongen we met de Catharinacantorij alle liedjes door voor drie komende diensten waar we aan meewerken. Veel. Volgens onze cantrix gingen we ‘speed-daten’ met alle liederen: even ‘doorzingen & proeven’.  Sommige liederen waren heel bekend. We gaan naar Kerst toe en we zongen tot mijn grote vreugde o.a  Stille nacht, Nu sijt wellecome en Eer zij God in onze dagen.
Die titel zegt misschien niet zo veel, maar het is het lied met het eindeloze Gloo hohohoho hoo hohohoho hoo hohohoho horia. Waarvan de bas naast mij van te voren al opmerkte dat er een ‘onmogelijk gloria’ bij de baspartijen zat.

Acht jaar zit ik nu bij dit koor en ik had de altpartij van dit lied nog nooit gezongen.
Collega-alt en ik vinden het een uitdaging. Dat betekent dat het nog niet heel goed ging.
Het was een heerlijke repetitie. Veel gezongen en veel gelachen.
Een tenor had een vervelende hoest.
Iemand vroeg: “slokje water”?
Een alt veronderstelde dat een emmer misschien beter was.
Waarop een andere tenor riep dat het toch zeker geen kameel was….

Plezier. Dat is het woord dat de hele lading dekt.
Plezier in het zingen en plezier met elkaar.
Broodnodig in tijden waarin het allemaal niet mee zit.

Reageren

19 november: In Smilde zijn geen stoplichten…..

Vandaag kwam mijn moeder op bezoek. Vanmorgen om 10.30 uur zaten we samen aan de koffie.  We aten tussen de middag haar lievelingseten: andijvie (uit eigen tuin) met een gehaktbal en vanmiddag reden we naar Groningen en bezochten we Gerard in het ziekenhuis.

umcg hoofdingangVoor mijn moeder is dat spannend. Ze komt nooit in Groningen en in haar beleving is het een wereldstad. Is het ook natuurlijk. Ze kijkt zich de ogen uit; zoveel verkeer, zoveel gebouwen die allemaal bij het UMCG horen, zo’n groot ziekenhuis, wat een gewacht bij al die stoplichten….. in Smilde zijn helemaal geen stoplichten! Ze was opgelucht dat ze bij Gerard op bezoek was geweest. Ze kon zich er niet zo goed een voorstelling van maken en in haar gedachten is het kennelijk erger geweest dan het in werkelijkheid is. We hebben met z’n drieën een kop thee gedronken en Gerard zat er even gewoon op een stoel bij.

Deze dag was er één met een zilveren randje. Vanmiddag na het eten vertelde ik mijn levensboekmoeder dat ik me bezig ga houden met een  levensboek voor haar. Op internet had ik een format gevonden aan de hand waarvan je zo’n boek kunt maken. Details ga ik hier niet noemen, maar het was heel bijzonder om mijn moeder te horen vertellen over haar vroegste jeugd. Ze is niet zo’n verteller, maar met de juiste vragen kwamen er prachtige verhalen uit.
Die ik nog nooit had gehoord!

Het andere goede nieuws van de dag is dat Gerard vandaag weer ‘gewoon’ heeft gegeten en dat dat goed is gegaan. Vanavond had ik hem nog even aan de telefoon: het heeft nog beslist niet over, hij is nog erg moe, maar het gaat in ieder geval weer de goede kant op!

Reageren

18 november: U wordt bedankt!

Het zijn drukke tijden. En de concentratie laat ook nogal eens wat te wensen over. Ik ga naar het werk en het lukt ook wel, maar de ene dag gaat het beter dan de andere.
Vandaag kwam het ineens weer vlot uit mijn handen: achterstallige opdrachten uitgewerkt, lastige vergaderingen gepland, ruimtes besproken, andere secretariaten gesproken, kortom een nuttige dag. Aan het einde van mijn werkdag kreeg ik een mailtje van één van de mensen voor wie ik een overleg had gepland. Volle agenda’s, eigenlijk geen ruimte maar het was me toch gelukt om een gezamenlijk moment te vinden.
“Bedankt voor het organiseren van dit overleg” schreef hij.

Uit ervaring kan ik zeggen dat dit heel ongewoon is, het is immers gewoon mijn werk.
En de meneer in kwestie ken ik eigenlijk niet.
Omdat het zware tijden zijn zaten de tranen los.
Om een bedankje….het moet niet gekker worden.
Het kleurde mijn dag en dat heb ik die meneer ook laten weten.
Hoe bijzonder en waardevol kan een bedankje zijn!

Vandaag gelukkig weer een ‘duo-blog’, hierbij de bijdrage van Gerard:

Rechtstreeks vanuit het
umcg

Zo als Ada gisteren al schreef over mij: ik was nog niet veel waard.
Misselijk van de twee kuren die ik zaterdag en zondag had gekregen.
“Valt het je ook tegen?” is de vraag die ik nog al eens krijg.
Men zegt dat een gewaarschuwd mens voor twee telt en ik was er voor gewaarschuwd.
M
aar om nu als echte Drent te zeggen: ’t kun minder,  nou nee dat ook niet echt.
Gelukkig hebben ze hier in het ziekenhuis allerlei alternatieven voor medicijnen, eten en drinken want dan gaat het via het infuus zoals Ada gisteren ook al schreef. 

Gelukkig voel ik mij vandaag een stuk beter. Het eten en drinken begint weer te komen, al is het nog in kleine hoeveelheden.
Het smaakt ook nog anders dan anders, maar dat komt wel weer terug.
Men is hier nog altijd druk met het controleren of ik geen bacterie of infectie oploop. Daar zijn ze echt heel serieus in en dat is ook prima.
Vandaag kreeg ik voor mij bekende Rôners op bezoek én vrienden.
Altijd leuk en eens weer nieuwe onderwerpen om over te praten.

Ze hebben mij gezegd dat het de komende tijd ook nog wel eens wat bergafwaarts kan gaan. Dus roep ik nog niet te hard hoe goed het gaat, want je weet: een gewaarschuwd mens……

Reageren

17 november: Kriebel, het gevoel van ‘de nieuwe start’.

Vanmorgen om 11.00 uur zou de stamceltransplantatie plaats vinden.
In verband met de logistiek werd dat 14.00 uur.
Alles werd in gereedheid gebracht in de sluis tussen Gerards kamer en de gang en met twee verpleegkundigen en arts werd de procedure opgestart.
De stamcellen kwamen uit de diepvries, 5 zakjes in totaal.

De diepvrieszakjes worden ontdooid

De diepvrieszakjes worden ontdooid

Die zakjes werden  in een bak met heet water één voor één vliegensvlug ontdooid en daarna onmiddellijk aangesloten op het infuus.
Binnen een half uur waren alle vijf zakjes er doorgedruppeld.
Gerard voelde aan een soort kriebel achter in zijn keel dat de cellen binnenkwamen.
Het gevoel van ‘de nieuwe start’.

de nieuwe stamcellen druppelen binnen

de nieuwe stamcellen druppelen binnen

Dit was het laatste stukje van de behandeling.
De komende week blijft het nog lastig met alle bijwerkingen van de kuren van de afgelopen dagen.
Hij voelde zich vandaag absoluut niet fijn.
Hij was erg misselijk kon geen eten binnenhouden.
Halverwege de middag kwam de verpleegkundige vertellen dat ze voeding gingen toedienen via het infuus. Ze bracht een speciaal slangetje daarvoor aan aan het apparaat. Toen vroeg Gerard droog: “Kan ik dan nog kiezen wat ik te eten krijg?”
“Ja hoor” speelde de zuster het spelletje mee, “zeg maar wat je graag lust.”
Wortelstamppot leek hem wel lekker.
“Oké. Dan doen we dat. Zonder kleur en zonder smaak.”
Humor is overwonnen droefheid zei 2015-11-17 17.13.16Godfried Bomans destijds al.

Toen hij aan het einde van de middag weer rechtop kon zitten hebben we samen een hele stapel kaartjes opengemaakt, voorgelezen en op het prikbord achter hem gehangen. Het behoeft geen nadere uitleg wat dat met een mens doet; bedankt alle afzenders en ook voor de bemoedigende mails en appjes. Het ontbrak Gerard vandaag aan energie, hij hoopt morgen weer zelf een bijdrage te kunnen leveren.

Reageren

16 november: ome Kees lachte zich de buze uut.

Drentse vlagOp de laatste cantorijrepetitie kreeg ik van een sopraan een klein Seinsboekie. Het hiet: ‘Seins met ’n gniflachien’. Ze haar het kocht in het Drents museum in Assen en vun het ‘echt wat veur mij”. Ze gaf het as een soort hart onder riem in dizze zwaore tieden. Wat een aangenaam boekie! Inderdaod: net wat veur oons. D’r staot Drentse uutdrukkings en gezegden in. Gerard en ik keken dunderdagaomnd het alvast eem wat deur en dat bracht al behoorlijk wat ‘gniflachiens’ te weeg. “Je de buus uutlachen” stun d’r ok in. Vandaag daorum een verhaal in de streektaol.

Dizze keer giet het verhaal over ome Kees. Eigenlijk giet het over mien Va en de twee jongens van zien zus Trijn.  Pa was Trijn’s ‘grote breur’. Ze scheelden dattien jaor. Toen zij geboren weur, was hij al an ’t wark. Zij was slim wies met hum en hij was gek op zien kleine zussie. Oons Trijn en Oons Kees, de jongste en de oldste in het gezin. Pa kwam uut de tied in 2008 en of en toe benuumt Trijn en ik naor mekaar hoe wij hem nog mist.

Mien grootvader kwam te overlieden toen de twee jongens van Trijn en Wim  nog jong waren en mien Va nam geleidelijk an de rol van opa over. Ome Kees en tante Fre kwamen regelmaotig an. Hij haar belangstelling veur de jongens, becommentarieerde de rapporten, was de ‘ome’ van de starke verhalen en hij maakte zölf speulgoed veur ze. Hij maakte echt liekende geweren van holt waor ze de buurt met ofstruunden, want het waren wel echte baliekluivers, mien tante haar de handen de vol an.

maisOp een zundagmiddag meuken ze met mekaar een wandeling toen ze langs een maisveld kwamen. “Kiek, maiskolven” leut ome Kees de jongens zien. Hij brak d’r iene of en pelde hum uut, maor die was niet mooi genog. Hij brak d’r nog iene of en leut de jongens zien hoe de kolf d’r van binnen uut zag en da’j die körrels eetn kunt.
“Nim allebeide maor iene met.”
“Vindt die boer dat wel goed, ome Kees?”
“Nee, natuurlijk niet! Dizze maiskolven steel ik nou. Kiekt jullie maor uut of die boer d’r niet ankomt…… of de plietsie. “
Zaten de jongens zomaor midden in een spannend avontuur.

Mien Va haar nog drei breurs en de jongste daorvan was ome Jo. Vrijgezel. Hij at alle dagen bij Trijn, want dan huufde hij zölf niet te koken. Ok hij geneut van de jongens van zien zus en ok hij leerde de jongens van alles. Veural dingen waor as mien tante niet zo wies met was. Hij leerde ze bijveurbeeld schieten met een luchtbuks. Hij leerde ze ok da’j ok kunnen schieten zunder kogels, niet gevaorlijk maor wel een mooi geluud!
Op een dag kreeg Trijn de plietsie an de deure.
Iene haar heur jongens zien schieten met een echt geweer en de plietse waorschowt.

Daor stunden de jongens bedremmeld veur een échte plietsieman.
Ja, zij hadd’n inderdaod een geweer. Van ome Jo! Die deu dat ok!
Zij vunnen het eigenlijk niet zo arg.
Dat  daor de plietsie nou veur langskwam.
“Moar ome Kees hé! Ome Kees hef mais steul’n!”

Ome Kees hef zich later de buze uutlacht.

Reageren

15 november: Kyrië eleison. En wéér ijsblokjes.

Vanmorgen zongen we met de Catharinacantorij in de Catharinakerk.
Afgelopen donderdagavond hadden we het tweede deel van de repetitie al even in de kerk gezongen om te oefenen met organist Ad van Nes. Met jassen aan en sjaals om, want voor die drie kwartier gaat de koster de kerk niet helemaal verwarmen.
Er was één lastig lied bij: daarbij zong de dominee een solo. Dat stond wel op het muziekblad, maar dat hadden we nog niet geoefend: het hele koor zong alle coupletten.
Tot donderdagavond.

“De eerste regel van het 1e couplet en de 3e regel van het laatste couplet wordt door de dominee gezongen. Dat doe ik dus nu even.” vertelde onze cantrix.
Maar dat is wel heel lastig voor vijftig plussers. Prompt zong de helft van het koor mee met de solo bij het eerste couplet. “O nee, solo… !”
Ook vanmorgen tijdens het inzingen zong een gedeelte van de cantorij weer blijmoedig de solo mee. “O sorry, solo…!”
Op het ‘moment suprème’ vanmorgen ging het goed.

Het was een mooie viering. Vanmorgen vond ik het Kyrië het meest indrukwekkend.
Het Kyrië is een gedeeltelijk gezongen gebed om ontferming. De predikant spreekt de woorden uit die bij dit gebed horen en de gemeente beantwoordt dit met het zingen van “Kyrië eleison”. Dat betekent “Heer, ontferm u over ons’.
“Het is moeilijk om te bidden met de aanslagen in Parijs op ons netvlies.” zei de voorganger daar vanmorgen over. Zelf zat ik daar met spanning in het lijf om de behandeling van Gerard. We zongen het Kyrië vierstemmig met het koor en het gaf me steun om dit zo met elkaar te zingen.

Vorige week zondag had ik het Kyrië van Rossini gezongen in Aduard.
Zelfde woorden.
Compleet andere beleving.

Herman van VeenGistermorgen luisterde ik naar Knooppunt Kranenbarg op Radio 2. De gewone programmering was vervallen naar aanleiding van de terroristische aanslagen in Parijs.
Mensen mochten zelf hun liedkeuze doorgeven.
Het lied bij uitstek bij dit soort gelegenheden vind ik “Kyrië eleison” van Herman van Veen. Het stond niet op de playlist, daarom breng ik het graag onder de aandacht van mijn lezers: hierbij een link naar het you tube-filmpje >>>
Luister naar de tekst en laat de woorden op je inwerken. Bij elke zin heb je wel een beeld.
Kyrië eleison.

Rechtstreeks uit het

umcg

Vandaag een zelfde dag als gisteren (voor mij althans)  met één verschil… ik kon via kerkomroep de kerkdienst beluisteren en Ada zong mee in de cantorij. Het voordeel was dat ik de viering die om half tien begon even stop kon zetten toen er een verpleegkundige langs kwam voor de mij inmiddels bekende rituelen: bloeddruk meten, bekende vragen, heeft u nog ergens pijn en niet te vergeten heeft u nog ontlasting gehad in de afgelopen 24 uur? Om 10.20 uur begon de 2e chemokuur met de ijsblokjes om de mond  te koelen. Tussentijds weer verder met het beluisteren van de viering waarin ik mij gedragen voelde door bijvoorbeeld de liederen en gebeden. Na de viering was er iemand thuis nog even een lief mailbericht gaan schrijven voor mij. Dat alles voelde goed en vertrouwd. Na de chemo had ik toch aanzienlijk meer last van misselijkheid dan gisteren. Gelukkig leidt bezoek dan af en heeft men extra medicatie gegeven tegen  de misselijkheid.

Morgen heb ik een rustdag. Dinsdagmorgen om 11.00 uur worden de goede stamcellen weer via het infuus teruggebracht. De verpleegkundige gaf aan dat dit een belangrijk moment is waar menigeen naar uit heeft gekeken. Of Ada daar ook bij wilde zijn, want voor zoiets maken ze graag uitzondering voor wat betreft bezoekuren.
Natuurlijk hebben wij daar ook naar uitgekeken en Ada is erbij. We vieren het samen. 
Hulde voor deze verpleegkundige en haar collega`s. Dinsdag meer hierover. Slaap lekker!

Reageren

14 november: IJsblokjes & piepkleine appeltjes

Rechtstreeks uit het

umcgNa een goede nachtrust zonder piepend infuusapparaat (die maken tegenwoordig amper nog geluid) zat ik al vroeg aan het ontbijt. Dus niks zaterdagmorgen uitslapen, vandaag werd de eerste chemokuur met het zogenaamde Melfalan wordt toegediend.
Wel spannend.  De verpleegkundige zei gisteren:  “Die kuur tast de weke delen aan van mond tot kont”. Ik moet eerlijk zeggen, het idee alleen al sprak mij niet heel erg aan.

Ik kreeg vooraf medicijnen tegen het misselijk worden. Verder moest ik ijslollies eten en ijsblokjes. Het is de bedoeling dat je je mond meer dan een half uur lang ijskoud houdt, dan krijgt de Melfalan zo weinig mogelijk grip op je mondslijmvlies. ijsklontjes
Nou ben ik normaal gesproken wel van het ijs, maar drie mierzoete ijsstaven is wel wat veel van het goede. Gelukkig kon ik het afwisselen met gewone ijsklontjes. Het ging heel goed tijdens de kuur. Ik werd er niet erg misselijk van, ik had alleen een beetje een weeig gevoel in de maag,  dat ook wel de hele dag wat aanwezig bleef.

Het eten heeft er wel om door kunnen gaan en dat is  voor een Waninge wel belangrijk, dat moge bekend zijn. Vandaag kreeg ik  bezoek van Carlijn en Ada.
We deden gezellig spelletjes in het dagverblijf, waaronder het geliefde Machiavelli.
“Wat zullen wij vanavond eens gaan doen met z’n tweeën” vroeg Ada aan Carlijn.
“Laten wij ook een lijntje leggen…!” zei Carlijn een beetje ondeugend.
De dames willen kennelijk niet achterblijven.
Wordt vervolgd: welterusten!

Ineens ziet mijn leven er heel anders uit! De reis naar het UMCG heb ik nu een paar keer gemaakt, dus ik ben wat gewend aan het rijden in het stadsverkeer. De dagelijkse gang van zaken aan de Boskamp is even minder gestructureerd dan anders (lees: helemaal niet gestructu20151110_124902reerd) en ik laat het ook maar gewoon gebeuren. Ik hou gelukkig wel heel erg van spelletjes doen.

Dit blog sluit ik af met een leuk bloemstukje dat we vorige week kregen van een meelevend gemeentelid. Ze heeft een boom in de tuin waar piepkleine appeltjes aan groeien. Daarmee had ze heel creatief een herfststukje gemaakt. Ze vertelde erbij hoe ze het had gedaan:

Een klein oranje potje vullen met oasis en daarbovenop een flinke toef mos (met van de kleine krinkeltjes). Daarbovenop had ze de appeltjes geprikt met cocktailprikkertjes en daar tussen een beetje mos er uit laten piepen. Leuk resultaat!

Reageren

13 november: Hoe ging het vandaag?

kankerHet is begonnen! Het begon eigenlijk gisteravond al. Gerard wandelde met mij naar de Cantorij-repetitie en liep daarna nog even het dorp in. Het was tenslotte koopavond. Hij bedacht onderweg dat hij zijn haar er net zo goed af kon laten halen (het viel heel erg uit…) en kon terecht bij zijn vaste kapster.
Toen ik gisteravond thuis kwam van het zingen zag ik een kale man op mijn bank voor het raam zitten. “Hij heeft bezoek” dacht ik. Maar hij was het zelf!!!

Nu Gerard vanmorgen in het UMCG is opgenomen leek het mij leuk om hem zelf op dit blog aan het woord te laten. Als zijn gezondheidstoestand het toelaat en er is iets te melden, dan zal hij dat zelf verzorgen onder het kopje:

Rechtstreeks uit het
umcg

 

Tijd te over om zelf eens te schrijven over hoe mijn eerste dag in het ziekenhuis ging.

Met een flinke tas vol spullen die ik denk nodig te hebben reisden wij vanmorgen af naar het UMCG. Gelijk bij het betreden van de afdeling E2 VA wordt al duidelijk dat de hygiëne voorop staat; handen desinfecteren voor iedereen, mondkapjes bij lichte verkoudheid, geen onverpakte etenswaren mee naar binnen en geen bezoek van mensen die zwaar verkouden, grieperig of anders ziek zijn.

Kamer nummer 82 werd mij toegewezen. De verpleegkundige merkte op: “Ja, ja een kamer helemaal  voor u alleen. Of heeft u daar bezwaar tegen? U krijgt vandaag direct nog een lijntje meneer Waninge.”

Pardon?

Een lijntje bleek een intern infuus te zijn  in een ader net onder het sleutelbeen.
We hadden een zeer rustige verpleegkundige die de intake deed.
“U mag nog wel een kopje koffie, maar verder graag nuchter blijven.”  

Vervolgens werd mij om twaalf uur gevraagd wat ik voor lunch wilde.
“S
orry maar ik moet nuchter blijven toch?” Ach ja natuurlijk.

Om half drie kwam men mij ophalen om het infuus aan te leggen. Dat gebeurde op de afdeling Radiologie door (naar mijn indruk) zeer deskundig personeel. Het is als het ware een kleine operatie onder plaatselijke verdoving. Een uur later werden nog röntgenfoto`s gemaakt om te kijken of het infuus goed geplaatst was.
Alles is nu goed aangesloten, zodat nog voor de nacht het infuus gaat lopen met vocht om te voorkomen dat het  dicht gaat zitten.

Deze dag ben ik nog mobiel en kon ik met bezoek koffiedrinken en bijpraten in het dagverblijf. Kortom: de dag is om gevlogen.
Morgenvroeg begint men met het toedienen van de chemo via het infuus.

Tot zover de eerste pagina uit het dagboek van Gerard.
Het adres waar hij de komende weken verblijft is:

Universitair Medisch Centrum Groningen
G. Waninge
E2 VA, kamer 82
Postbus 11120
9700 CC Groningen

Wil je een keer op bezoek: graag even contact met mij opnemen om te voorkomen dat er meer dan twee mensen op bezoek komen. Dat mag namelijk niet. En ze zijn streng. Terecht. Want we zijn er vandaag weer met de neus op gedrukt: het is niet niks.

Reageren

11 november: Nog niet…. origamisloffen & Bert Visscher

kankerVanmiddag zaten we te wachten op een telefoontje van het UMCG. Het telefoontje dat niet kwam. Om half vijf belde Gerard zelf, want we wilden toch wel graag weten of de opname morgen ook door zou gaan. Maar ze hadden het vorige week al gezegd: “We zetten 12 november met potlood in de agenda”. Er was nog geen bed beschikbaar. Misschien worden we morgen gebeld dat hij vrijdag kan komen, maar als dat niet lukt, dan wordt het over het weekend heen getild. De stamcelcoördinator vond het zelf ook wel een lastige manier van communiceren, maar het is nu eenmaal moeilijk te bepalen wanneer patiënten al dan niet naar huis mogen.

Dus.

We moesten even wennen aan de gedachte, want we hadden ons al helemaal ingesteld op ’12 november begint het’,  maar we hebben ons er al snel mee verzoend. We hebben de komende weken de agenda leeg en we zien wel. Morgen hoef ik niet te werken en het wordt mooi weer: we maken er wel wat van.

Afgelopen zaterdag vierden we de verjaardag van één van onze vrienden van ‘de club van Hoogersmilde’. Het gesprek ging weer over van alles nog wat. Ervaringsdeskundigheid met betrekking tot de Mc Drive, weinig beenruimte in vliegtuigen, campings, een neusoperatie en een overleden hond. Vriendin S. vertelde: “Ik ben tegenwoordig ook aan het breien”. Dit nieuws sloeg in als een bom. Breien? S.? “Ja, niet moeilijk hoor, het worden slofjes. Ik brei alleen maar ribbels. Eigenlijk brei ik lapjes met ribbels. Iemand anders zet het dan in elkaar, daar ben ik niet van”.  Haar moeder breide die slofjes voor een goed doel. Vriendin breit dus ribbellapjes en moeder maakt daar slofjes van.

origami sloffen

Het patroon daarvoor vind je op ‘breierij de paradijsvogel’, hierbij een link naar de pagina met de beschrijving van de slofjes >>>.

Er staat ook een beschrijving bij van hoe je de maat moet berekenen.
Met heel duidelijke tekeningen wordt uitgelegd hoe je het in elkaar moet zetten.
Bij het woord Origami kan ik het niet laten. Daar hoort een stukje Bert Visscher bij. De bert-visscher-origamieerste show die wij van hem zagen was “Don chaot en de foute architect”. Hierin ‘doet’ hij een stukje ‘cursus Origami’. Wij rolden destijds van de bank van het lachen, Harriët zelfs letterlijk. In ons gezin quoten we nog regelmatig zinnen uit deze sketch:

  • Jeetje! Ben ik eigenlijk wel goed bezig?
  • Gaan we nou al een stukje verder?
  • Als er maar niets gebeurt….
  • Tuurlijk! Als je maar wilt…!

Waarschuwing. Hou je niet van Bert Visscher? Kijk dan niet!
Heel flauw. Maar heeeeel leuk! Ik wordt er erg vrolijk van.
Wel kijken? zie >>>

 

Reageren

10 november: Ze spreekt (g)een woordje over de grens

Dochter Frea is over uit Engeland en logeert een paar dagen bij ons.
Gistermiddag kregen we bezoek, een juf van Basisschool ‘de Haven’ waar onze kinderen op zaten. Frea én de juf waren blij verrast elkaar te ontmoeten en we hadden een genoeglijk samenzijn bij een kopje thee bij ons aan de keukentafel. Het gesprek kwam op het onderzoek dat Frea doet in Nottingham. Even zagen we een klein stukje van de wetenschapper die ze hoopt te worden. Ze vertelde enthousiast een ingewikkeld verhaal over hoe de verschillende talen in je brein aan elkaar gekoppeld zijn en wat er in je hersenen gebeurt als je een taal een tijd niet hebt gesproken en het weer op wilt pakken.

De juf luisterde geboeid naar de vrouw die ze als kindje van 4 in de klas kreeg.
Die  haar al kende in de tijd dat zich de volgende anekdote afspeelt:

Toen Frea duitse grensbijna vijf jaar was huurden we een huisje in Twente voor een korte vakantie en we nodigden ook mijn ouders uit om mee te gaan.
We zaten zo dicht bij de Duitse grens, dat we er lopend naar toe konden. Midden in het bos was een markering aangebracht waar de grens liep in de vorm van een laag hekje.
“As wij nou over dat hekkie stapt, dan bint wij in Duutsland”  vertelde mij vader aan Frea. Hij stapte over het hekje heen en zei “Jetzt bin ich in Deutschland und ich rede Deutsch”.
Ook ik stapte over het hekje en zei iets in de trant van: “Ja, ich glaube, ich spreche jetzt auch Deutsch. Komm, wir laden Frea ein auch hier zu kommen”

Mijn vader stapte over het hekje en zei: “Kom, wij gaot eem in Duutsland staon. Ku’j ok Duuts praotn”. Hij tilde haar over het hekje en zette haar op de grond. Doodstil bleef ze staan.|
Ze keek van mijn vader naar mij, wij praatten ondertussen nog steeds Duits.
Ze hield de lipjes stijf op elkaar. Dat was raar, want ze kletste ons normaal gesproken de oren van het hoofd. We stapten weer met haar over het hekje en zeiden: “Nou bent we weer in Nederland’.
“Ik ging niks zeggen!” zei Frea onder de indruk. “Want anders ging ik ook Duuts praten!”

Frea is nu 29. Ze is taalkundige en spreekt vloeiend Engels en Spaans. “Duuts’ heeft ze op school geleerd en ze redt zich ermee. Het voorval aan de Duitse grens wordt nog vaak met een glimlach aangehaald. Stel je nou voor, dat als je over de grens stapte……

Reageren

Pagina 280 van 302

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén