een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 96 van 301

9 november: Grachtengordel gedoe.

Maandagavond ging ik vroeg naar bed: intensief weekend, lange werkdag, moe.
Dan vind ik het heerlijk om nog even naar muziek te luisteren, of naar een podcast.
De laatste aflevering van de Saar podcast*  (50+ maar nog lang niet dood) had ik het weekend nog niet beluisterd, daar ging ik voor zitten. Liggen dus.

Na het overlijden van Els Rozenbroek moesten Barbara van Erp en Femke Sterken heel erg zoeken naar een nieuwe vorm.
De podcast ging tot en met week 28 alleen maar over de ziekte en het overlijden van Els, vind dan maar eens de juiste toon om een doorstart te maken.
De dames nodigen nu steeds een gast uit die een uur lang met hen meepraat.
De laatste aflevering, nr. 36, had als titel ‘Wat is dit voor grachtengordel gedoe…?  en te gast was Miriam Mars.
Zij is journalist, schrijft voor Saar en andere bladen en komt uit Brabant.
Wat een verademing.
Miriam vertegenwoordigde alle mensen uit ‘de provincie’ en wees de dames er onomwonden op dat hun podcast inderdaad ‘grachtengordel-gedoe’ was.
“Bij ons in Brabant zeggen we:  doe maar gewoon, dan doede al gek genoeg” uitgesproken met een zachte g en een Brabants accent.
Ze stelt vragen die ik ook zou stellen, zoals ‘Wat is een über’?
‘Huh? Ik doe even een gorillas?’
Een uber is een taxidienst en gorillas blijkt een bezorgservice te zijn.

Barbara en Femke kirren: “Gaat het dan echt zo veel over de grachtengordel?!?
“Nee! Echt!?
Ja.
Het gaat niet over de grachtengordel, maar zij maken deel uit van die wereld en daarom ademt die podcast de sfeer van het hippe leven in Amsterdam.
Net zoals de hele bladenwereld en de andere media zich vooral richten op wat er in dat deel van Nederland speelt.
Al dat geblaat over de Hazessen, de Meijlandjes en het gewauwel van Johan Derksen: wie interesseert dat?
En wie het met wie doet en waarom?
Die wereld van zien en gezien worden, botox & haarlak, modetrends en opgehypte nieuwtjes: het leeft gewoon wat minder ‘in de provincie’.

Daniel Lohues heeft in 2017 over dit onderwerp een prachtige column geschreven onder de titel ‘De rest’, waarin hij het heeft over ‘de verstikkende monocultuur van hun grootstedelijke bubbel’. Hierbij een link naar het blog dat ik daarover schreef, van daaruit kun je linken naar zijn verhaal.

Niet meer luisteren dus?
Tuurlijk wel.
Ik hoef me niet te identificeren met Barbara en Femke om te kunnen genieten van hun podcast.
En daarbij denk ik soms: ‘verbaast u niet, verwondert u slechts…’

*Meer blogs lezen over de Saar Podcast?
mei 2022: Gooise vrouwen.
juli 2022: Els vertelt over haar naderende dood.
september 2022: Onthutsend eerlijk, ook over de dood.

Reageren

8 november: BBB.

BBB is een app-groep op mijn telefoon.
De meisjesnaam van mijn moeder is Boelen.
Toen we begin 2019 afscheid namen van mijn moeders broer, onze oom Henk zei ik tegen neef René: “We zien elkaar alleen maar in zulke verdrietige omstandigheden; we moeten nodig íets voor de familie organiseren met bitterballen!”
De organisatie daarvan zou ik op me nemen.
Door Gerard’s stamceltraject en de coronapandemie kwam dat er steeds niet van en in december 2021 overleden oom Albert en tante Lammie drie weken na elkaar.
“We moeten nu toch eens serieus werk gaan maken van die bitterballen” zeiden we toen tegen elkaar.
Halverwege dit jaar inventariseerde ik wie er allemaal mee wilden doen, sprokkelde de telefoonnummers bij elkaar en maakte de app-groep BBB aan: Boelen Bitterbal Bijeenkomst.
Daarna gooide ik twee data in de groep: begin oktober en begin november. Op zondag 6 november kreeg ik de meeste deelnemers, dus nodigde ik het spul uit bij ons thuis om 14.00 uur.

Vrijdagmorgen deed ik boodschappen; ik kocht 2 familiezakken bitterballen en stuurde een foto daarvan naar de BBB: Tadaaaah!
Het wakkerde de voorpret behoorlijk aan; er werden zelfs al wat oude foto’s uitgewisseld.
Zondagmiddag ontmoetten we elkaar in familieverband: wat heerlijk om iedereen weer even te spreken.
We hadden in ons huis overal zithoekjes gemaakt zodat er ruimte was voor het bekijken van elkaars foto’s en het ophalen van familieherinneringen.
Waar ik dan op voorhand altijd wat onzeker ben ‘of ik wel genoeg in huis heb aan drinken en hapjes’ en ‘of het wel gezellig wordt’: ik had me voor niets zorgen gemaakt.
Supergezellig!
Ik had nog een oude filmopname uit 1971 (gemaakt door mijn vader met een super 8-camera) van het 50-jarig huwelijksfeest van opa en oma Boelen.
We zagen onszelf, maar dan 50 jaar jonger. De jongere garde stond er helemaal niet op: die waren er toen nog niet!
(Op de afbeelding: het gezin Boelen op dat feest in 1971, 5 broers en vijf zussen).

Je hoeft verder niets te organiseren zo’n middag.
“Hoe is het met jullie kinderen? Ben jij nog aan het werk? Waar wonen jullie nu dan?”
En af en toe een smeuïg familieverhaal of over logeren bij tante Triena en oom Eize.
Of over de legendarische bruiloften van vroeger.
Of over een tienertoer eind jaren ’80 met bezoekjes aan de hele familie in Drenthe.
Er kwamen heel wat afbeeldingen op telefoons voorbij: “Kijk, dit zijn onze kleinkinderen!”
De bitterballen vielen zeer in de smaak en de tijd vloog voorbij.

Om 17.30 uur hadden we een grote tafel gereserveerd bij Jasmijn Garden in Assen, waar we de BBB afsloten met een ontspannen etentje.
We hieven gezamenlijk een glas op de familie ‘hier beneden en daarboven’ en spraken af dat we dit nog een keer weer gaan doen.
René en José wierpen zich op als organisatoren voor een volgende keer.
De app-groep helpt bij het uitwisselen van wel en wee: bij bijzonderheden zullen we elkaar op de hoogte houden.

Zondagavond zat ik wat unheimisch aan de keukentafel.
Lichtelijk doofgetoeterd door de enthousiaste gesprekken en een beetje katterig omdat het alweer voorbij was.
De tied vlög a’j ’t naor de zin hebt.
En omdat de tijd vliegt moet je af en toe even tijd maken voor een gezamenlijke bitterbal.

Reageren

7 november: Een protestants ritueel.

In de nacht na mijn bezoek aan de Inspiratiebeurs die ik gisteren beschreef droomde ik over begrafenissen, grafheuvels en routes naar kerkhoven.
Inspiratie genoeg opgedaan.
Gistermorgen bleven we nog even in dezelfde sfeer. Het was gedachteniszondag: dan herdenken we alle gemeenteleden die dit jaar overleden zijn.
Onze cantorij werkte mee aan deze viering, dus om 08.45 uur stond ik naast Saakje en Klaas in te zingen.

Zulke vieringen zijn altijd beladen.
De kerk zit vol familieleden die de naam horen van hun dierbare voor wie een kaars wordt aangestoken; het verdriet is voelbaar in deze viering.
We hoorden vanmorgen de gelijkenis van de zaaier, die handenvol graan zaait, maar het graan komt niet altijd goed terecht.
In de overdenking hoorden we een diepere laag in dit verhaal: in een mensenleven zijn er verschillende periodes.
Zit je leven in de fase van ‘de goede aarde’, dan kun je tot bloei komen en van grote waarde zijn voor de mensen die aan jou zijn toevertrouwd.
Maar er zijn ook moeilijke tijden: als verdriet over je heen valt en je voedingsbodem rots blijkt te zijn.
Of als je levensomstandigheden beroerd zijn en je het gevoel hebt dat je wordt overwoekerd door onkruid.
Of als je je buitengesloten voelt en je leeft alsof je naast de akker bent gezaaid.

Wat weer een bijzondere kijk op dit overbekende verhaal.
Troostrijk vond ik.
Vooral omdat de voorganger benadrukte dat we niet te veel moeten stilstaan bij het graan, maar vooral moeten kijken naar de zaaier, die met gulle hand en brede gebaren het graan overal strooit.

Het leven wordt niet bepaald door wat nuttig is of wat functioneel is, het leven word bepaald door de eindeloze gulheid en grootheid van de zaaier.
Die oogst wanneer het tijd is en waar opnieuw  gezaaid kan worden in opengescheurde grond.
Lieve mensen: ontvang dan wat er opkomen kan in uw leven.

Het is voor mij altijd lastig om na zo’n verhaal gelijk weer ‘aan te staan’ voor het volgende lied, waarvan wij als cantorij het eerste couplet zongen.
Hoe ging die melodie ook maar weer?
Dat gold ook voor het lied ‘Vrienden die zijn overleden’ dat we a capella zongen.
Dan is er geen voorspel van de organist, je krijgt alleen een begintoon.
Het duurde even voordat ik er helemaal in zat;  gelukkig zijn er meer alten die het goed oppakten.

Er was een heel mooi, ingetogen bloemstuk gemaakt bij deze viering.
Je ziet het op de afbeelding hiernaast: een bloemenhart met in het midden de veldkeitjes waar de namen van de overledenen op staan.
Op de achtergrond de kaarsen die één voor één worden aangestoken bij het noemen van de namen.
Een mooie viering.
En een protestants ritueel dat naadloos aan zou sluiten bij de Inspiratiebeurs van zaterdagmiddag.

Reageren

6 november: Een brug te ver.

“Zaterdag sta ik de hele dag in de Martinikerk in Groningen op de Mensenlinq Inspiratiedag; een beurs over rouw waar je kennis kunt maken met wat er zoal leeft in de wereld van de uitvaartbranche”.  Dat zei Carlijn eind deze week; of ik zin had om een kijkje te komen nemen.
Ik zou zaterdag op bezoek in het UMCG bij Bert, (PKN-gemeentelid) die al meer dan drie weken in het ziekenhuis ligt, dus dat kon ik mooi combineren.
Die middag maakte ik kennis met de drie collega’s van Carlijn die (allemaal toevallig in het groen) de stand van Lotus vulden.
“Wij hebben zo’n leuk vak” vertelde één van hen “ik moet er gewoon om denken dat ik niet alsmaar aan het vertellen ben over de dood en begrafenissen, want daar heeft niet iedereen altijd zin in….”

Carlijn vroeg of ik met haar even een rondje langs de stands wilde doen.
“Dan kan ik ondertussen gelijk een beetje netwerken.”
Zij heeft inmiddels al bekenden in die wereld.
Een leverancier van kisten bijvoorbeeld die haar herkent van die keer dat ze een kist kwam halen. Enthousiast wijst hij de kist aan: “Kijk, deze was het” en ze hebben het er vervolgens nog even over hoe blij de familie daar destijds mee was.
Een mevrouw van een natuurbegraafplaats waar zij al eens een uitvaart begeleidde.
De jonge uitvaartonderneemster die een VW-busje heeft omgetoverd tot de Rouw VW.
Geanimeerd stonden Carlijn en zij even later te praten over een inspiratieboekje dat Carlijn had gemaakt en waar de Rouw VW in werd genoemd.
Twee jonge vrouwen, die opvallen in de uitvaartwereld vanwege hun leeftijd.

Wat is er inmiddels veel mogelijk op het gebied van afscheid nemen, rouwen en herinneren.
In de Martinikerk zag ik nieuwe trends en ontwikkelingen in de uitvaartbranche.
Een kleine greep uit het assortiment:

  • Nieuwe vormen van uitvaartkisten: de gevlochten manden van de Wilgenstudio  (zie afbeelding rechts onder) of de unieke handgemaakte kisten van de Kistemakker
    Op de afbeelding links zie je op het deksel  van de tweede kist in de rij een heuse sjoelbak….
  • het Hospice Gasthuis in Groningen waar iedereen op zijn eigen manier zijn laatste levensfase kan doorbrengen. Carlijn is daar in het verleden vrijwilliger geweest.
  • Natuurbegraafplaatsen die al een tijdje bestaan, zoals De Velden in de kop van Drenthe, maar ook een nieuwe zoals Laude in Westerwolde (bij Sellingen).
  • Voor als je na de begrafenis een huis moet ontruimen: de Regelwichter. Zij helpen bij het opruimen van een huis, het uitzoeken van spullen tot de eindschoonmaak aan toe.
  • Rouwfotografen, audiovisuele bedrijven die een begrafenis kunnen filmen, kunstenaars die gedenkstenen en gedenkbeelden maken.
  • Een textielkunstenaar  die unieke handgemaakte wollen waden en opbaardekens maakt.

Zie je me lopen tijdens het rondje? Ik sta er bij en ik kijk er naar, af en toe met verwondering.
De echtgenoot van een kunstenares wilde mij al warm maken voor een mooi beeld op een graf.
Maar nee.
Ik had al een kaartje van een Natuurbegraafplaats in mijn jaszak.
Er over nadenken is goed. maar alvast uitzoeken?
Een brug te ver.

Reageren

5 november: De val van Stone.

Soms kan ik mij als een kind verheugen op iets leuks.
Donderdag was dat het geval: die avond zou ik het boek ‘De val van Stone’ uitlezen.
Woensdagavond wou ik dat eigenlijk al; toen was ik op pagina 626 , het boek heeft er 701.
De letters en zinnen dansten voor mijn ogen.
Hoe spannend het boek ook was en hoe graag ik ook wilde weten hoe het afliep: ik moest naar bed.

Het dikke boek had ik meegenomen uit Casa Grada in Westerbork.
Het stond daar in de boekenkast, achtergelaten door een bezoeker.
Ik pakte het uit de kast met de gedachte: “Wat is dit eigenlijk voor boek?” en na 1 bladzijde was ik er al in begonnen.
De schrijfstijl en het soort boek doet denken aan mijn favoriete schrijver Robert Goddard.
De auteur Iain Pears is kunsthistoricus en journalist en houdt van geschiedenis.

Het verhaal wordt verteld in omgekeerde volgorde. Het begint met het overlijden van Elizabeth, de weduwe van John Stone, in 1953 in Parijs.
Daarna stappen we in het verhaal in Londen in 1909, als Stone net is overleden; hij was  een rijke industrieel, scheepsbouwer en wapenhandelaar en hij is op raadselachtige wijze uit een raam gevallen. Zijn weduwe zit met het probleem dat een deel van de erfenis wordt toegewezen aan een kind van Stone dat hij nooit erkend heeft. Het echtpaar heeft zelf geen kinderen. Dit deel van het verhaal wordt verteld door Matthew Braddock, de journalist die Elizabeth in de arm heeft genomen om uit te zoeken wie en waar dat kind is. Verder wil ze weten hoe Stone om het leven is gekomen. Was het moord? Of zelfmoord? Of een ongeluk? Braddock doet nauwkeurig onderzoek naar het leven van John Stone onder het mom van het schrijven van een biografie over hem.
Hij komt erachter dat hij zich in een wespennest heeft gestoken. Hij wordt geconfronteerd met spionage, intriges, financiële malversaties en handel in wapens en oorlogsschepen.

Op pagina 289 begint het volgende deel, dat zich afspeelt in Parijs in 1890. Henry Cort, die als een van de eersten ter plaatste was bij de dood van Stone en mogelijk essentieel bewijs heeft achtergehouden of vernietigd, treedt hierin op de voorgrond. We horen meer over de afkomst van Elizabeth en hoe John Stone en zij elkaar hebben ontmoet: Elizabeth was namelijk een heel stuk jonger dan haar man.

Het laatste deel neemt je mee naar het Venetië van 1867. Nu komt John Stone aan het woord en horen we zijn levensverhaal.
In dit laatste deel kom je achter de waarheid van Stone’s dood, die in zijn leven vooral geld heeft verdiend door mensen te manipuleren en te bedriegen.
De uiteindelijke ontknoping lees je pas op bladzijde 698. Verbijsterd zat ik met het boek in mijn handen.
HÈ? HOE? O?!?
Toen ik het uit had heb ik nog weer stukjes teruggelezen.

Het was een ingewikkeld en geen gemakkelijk boek; de passages over de financiële verwikkelingen duurden me te lang.
Pears is goed, maar Goddard is in mijn optiek beter.
Maar wat heb ik er van genoten!

Reageren

3 november: Steken & draden.

“Dames, wie wil er koffie?”
Koster Gerard had de vraag net zo goed aan de tafels en stoelen kunnen stellen, want  niemand luisterde.
Op de 1e dinsdag in november zaten we met een hele groep vrouwen in een grote kring in de hal van Op de Helte: Holy Stitch.
Van onwennigheid is inmiddels helemaal geen sprake meer: men komt binnen, zoekt een plekje, de brei-, haak- en borduurwerkjes worden opgepakt en al gauw is net zo gezellig als op een verjaardag bij de familie Waninge; er zijn alleen geen mannen.

Maar we kunnen niet steeds maar doorkleppen en beppen: een vast onderdeel van een Holy Stitch-middag is ‘het rondje’.
Je noemt je naam en vertelt waar je op dit moment mee bezig bent.
Of je vertelt waar je naar op zoek bent: dinsdagmiddag zocht iemand breipatroontjes voor barbiekleertjes voor haar achterkleindochter!
Dan is er wel weer iemand die zegt: “O, daar heb ik nog genoeg van liggen” en worden er afspraken gemaakt voor de uitwisseling.
Er stonden een aantal dikke truien op de pennen (nr. 7!) voor de koude wintermaanden, er werden sokken gebreid, iemand haakte een pannenlap, er werden borduurwerkjes geshowd en ondertussen genoten we van de chocoladepepernoten die op tafel stonden. “Ik moet er gewoon niet aan beginnen” zei iemand gedecideerd “want dan eet ik aan één stuk door!”
Hoe herkenbaar.

“Heeft iemand nog een patroon voor een spencer voor een kindje van 3? Mijn dochter wil graag dat ik die brei voor haar dochtertje, zodat de verwarming niet zo hoog meer hoeft.”
“Wat is een spencer?’ vroeg iemand. Het bleek een trui te zijn zonder armen.
“O, dat noemden wij vroeger een borstrok!”
Tuurlijk. Dat konden sommigen zich nog goed herinneren……

Corry liet ons in stappen zien hoe ‘iris-vouwen’ in zijn werk gaat; in de eerste helft van 2023 zullen we dit met elkaar een middag gaan doen.
Verder spraken we af dat we de 1e dinsdag in december gezamenlijk wat kleine kerst-dingetjes gaan maken: engeltjes, sterren, klokjes.
Voor wie dat wil dan hè? Je kunt ook gewoon verder gaan met je eigen handwerkje.
Even voor vieren sloten we de bijeenkomst af met een gedicht.
Gerry had een heel oud schriftje mee dat nog van haar moeder was geweest.
(zie afbeelding links).
Daar had moeder in de loop van de jaren gedichtjes en teksten in verzameld, “ik denk uit de Elizabethbode” vertelde Gerry.
Het ademde de sfeer van de jaren ’70; het heette ‘De gouden draad’, geschreven door M. Koffeman-Zijl.
Wil je het oude gedicht graag lezen?
Hierbij een link naar een pdf De Gouden Draad

Leuke opsteker: één van de dames vertelde dat ze over ons ‘Holy Stitch-clubje’ had verteld aan haar schoonzus.
Die vond het zo’n leuk idee, dat ze iets dergelijks in haar woonplaats Winsum ook gaat proberen op te zetten.
Misschien doen we als dat lukt in de toekomst wel eens een uitwisseling…..

Reageren

2 november: Wat voor dieet?

Deze week is het ‘Nationale Klimaatweek’; als je de media een beetje volgt kan je dat bijna niet ontgaan zijn.
Gistermorgen was Gerrit Hiemstra te gast bij ‘Goeiedag Haandrikman’ en hij had een duidelijk verhaal: we moeten stoppen met het gebruiken van fossiele brandstoffen.
Tips: warmtepomp, zonnepanelen, windenergie, geen vlees en zuivel meer eten (MOEILIJK!) , niet meer vliegen.
Hart onder de riem: kijk niet naar wat je niet kunt, maar probeer te veranderen wat wel binnen je bereik ligt.

Maandag 31 oktober hoorde ik bij ‘Bert op 5’ een gesprekje met drie vers aangestelde ‘klimaatburgemeesters’.
Wil je de interviewtjes ook even horen? Hierbij een link naar het geluidsfragment. 
Bert Kranenbarg vroeg aan hen of zij nog goede tips hadden en één van hen zou aandacht gaan besteden aan het ‘geen-nieuwe-spullen-dieet’.
Daar had ik nog nooit van gehoord.
Op internet is het wel te vinden, maar niet met Nederlandse woorden; daar heet het ’the-buy-nothing-new-challenge’.
Ik voel me soms te gast in mijn eigen land, waar een uitdaging kennelijk een challenge is geworden.
Bij deze uitdaging gaat het er om dat je geen nieuwe spullen meer koopt om het milieu te ontzien.
En áls je iets moet kopen, kijk dan of dat kan met een duurzame variant.
Kijk bijvoorbeeld eens bij een kringloopwinkel naar een tweedehands artikel, dat vaak net zo goed, veel minder duur en niet nieuw is.

Verder is het bij dit ‘dieet’ de bedoeling dat je je bewust wordt van je koopgedrag.
Dat je je gaat afvragen: wat koop ik nieuw? Waarom?  Is ’t neudig?

Een sympathiek idee.
Als een echte Drent kijk ik eerst maar eens hoe het bevalt en waar ik dan tegenaanloop.
Een uitdaging is goed, maar ik hoef niet roomser dan de paus te worden.

Ben je benieuwd hoe het is als je voor de verwarming van je huis van het gas af *wilt?
Wij doen mee aan ‘de Duurzame huizenroute’ en a.s. zaterdag 5 november ben je ’s morgens of ’s middags van harte welkom om te komen kijken. Gerard vertelt je dan graag hoe het bij ons is gerealiseerd.
Je kunt je opgeven via deze link van de duurzame huizenroute.
Op die website kun je je postcode invullen en in een straal van bijv. 25 kilometer een woning zoeken die het beste past bij jouw woning om te vergelijken.
Wil je specifiek bij ons kijken? Roden heeft postcode 9301.

En over die roomse paus: we zijn er nog lang niet, we doen ons best.

* Heb je niet meegekregen dat wij in 2018 van het gas af zijn gegaan?
Gerard heeft daar destijds een blogserie over geschreven onder de titel ‘Van gas los.’ 

Hieronder een overzicht van alle delen van deze blogserie:

1. Als er één schaap over de dam is…>>>
over hoe het besluit ‘Van gas los’  tot uitvoering werd gebracht.
2. Kan dat zo maar dan? >>>
over de voorwaarden en de eisen die gesteld worden aan je huis voor ‘Van gas los’.
3. Een DUURzame investering >>>
de CV-ketel eruit, de warmtepomp er in.
4. Back stage >>>
een blik achter de schermen: werkers over de vloer.
5. Zonnepanelen – mooier wordt het niet >>>
over het plaatsen van de zonnepanelen en alle achtergrondinformatie.
6. Van gasstel naar inductiekookplaat >>>
Een geheel andere manier van koken.

Reageren

1 november: Grammieterig.

“O man, dan wo’k toch zo grammieterig in de hoed!”
Een uutspraak van mien va.
Elke Drent begrep hoe mien va zöch dan vuulde.
Deur Roelof (van Harm) weur die zin ooit vertaald as “grammijterig in de huid”.

Grammieterig is een Nedersaksisch woord.
Het hef te maken met ‘gramschap’, een woord dat in het Nederlands niet meer gebruukt wordt; allent in de biebel komp het nog veur.
Bijveurbeeld in Psalm 138: “….maar ziet van ver met gramschap aan, de eigenwaan van trotse zielen…”
Het betiekent: kwaod, woedend.

Zundag kreeg ik een foto van Frea die het woord ‘grammieterig’ in beeld brengt.
Zij en Jon waren verhuusd naor heur neie woning.
Heur twee katten Sam en Tobi waren zo lang meugelijk in het olle huus bleem; alle meubels en aandere spullegies waren al vort, allent de kattebak en de twee katten waren d’r nog.
Toen ze weer bij het olle huus kwamen um tenslotte de katten op te halen zagen ze dit.
“Ze waren boos…” appte Frea.
Ze waren grammieterig in de hoed.
Klik op de foto, dan krie’j hum wat groter in beeld.

 

Reageren

31 oktober: De stilte aan het woord.

Zondagmorgen zou ik alleen naar de kerk, want Gerard was wat hoesterig.
Maar hij liep wel mee naar de Brink, “want dan heb ik ook al mooi even een ommetje gemaakt op de vroege morgen.”
Op ons rondje om de Mensinge kwamen we een echtpaar tegen dat we kennen uit de kring ‘Havenstappers’.
De laatste keer dat we elkaar ontmoetten was ze net begonnen aan een behandelingstraject tegen borstkanker, dus we bleven natuurlijk even staan voor een praatje.

Toen het gesprekje voorbij was, moest ik even hard lopen: om één minuut over tien drukte ik de zware klink van de Catharinakerkdeur naar beneden.
De ouderling was al bezig met zijn welkomstwoord, maar ik kon nog wel naar binnen.
Achter de achterste rij langs vond ik nog een plekje tegen de zijmuur.
Het thema van de viering was ‘stilte’.
Wat duidelijk werd: dat de stilte die bedoeld wordt op deze ‘Stilte-zondag’ niet alleen de afwezigheid van geluid is.

Op mijn plekje tegen de muur aan zat ik achter een stenen zuil; toen voorganger Walter Meijles de preekstoel opging zag ik hem niet meer, dus ik ging twee stoelen verderop zitten
Maar toen zag ik hem nog niet……
Hij was op de bodem van de kansel gaan zitten en hield vanuit die positie zijn preek.
Het was ‘de stilte’ die het woord nam.
De stem van de stilte vroeg om ruimte in onszelf: maak jezelf leeg, laat wegvloeien alle lawaai, zelfhandhaving, geldingsdrang, zelfzucht en eigen belang.
De stem van de stilte is sprekender dan onze woorden en laat je nadenken over de weg die voor je ligt en over de vraag waar je je aandacht aan besteedt.
Benieuwd naar het hele verhaal? Luister/kijk dan deze viering terug via Kerkomroep op het YouTubekanaal van onze PKN-gemeente.

Na de overdenking vertelde de predikant iets over het mooie bloemstuk dat speciaal voor deze viering was gemaakt.
Wat hij zelf niet door had, was dat hij precies voor de camera ging staan, zodat de mensen thuis het bloemstuk dat hij zo mooi beschreef niet konden zien.
Dat vind ik dan stiekem heel grappig, maar dat wordt natuurlijk niet zo beleefd door de mensen die hun best hebben gedaan op dat bloemstuk.
Daarom zet ik vandaag op dit blog ‘het stilte-bloemstuk’ in de etalage.
Dit is de uitleg die ik er bij kreeg van Dea.

Ik heb op verzoek een bloemstuk gemaakt voor de stiltezondag.
Dit bloemstuk is geïnspireerd op de grijze stilte van het najaar ( de mist van afgelopen week)

eventueel kun je bij dit stuk mediteren/ nadenken over je eigen leven.
Wat is er gebeurd? Wat heb je gedaan?
Verwerkt zijn:
Klimop: Gods trouw
Judaspenning: verraad
Dennenappels/ pompoen: de oogst van je leven
Riet: doorgang waar geen doorgang lijkt
Stuk schors: beschermende muur
Salvia: zuivering.
De structuur van raffia: houvast aan elkaar
Zuiderwindlelie: waar zijn je ogen op gericht.

Als je op de foto klikt, komt hij wat groter in beeld, dan zie je ook verschillende bloemen en materialen die gebruikt zijn.

Reageren

30 oktober: Wat je willie wat je wauto…..

Vroeger waren onze dochters lid van de bibliotheek en gingen we iedere drie weken naar de bieb om boeken te ruilen.
Soms hadden we dan een boekje dat bij onze dames erg populair was en dat herhaaldelijk werd meegenomen.
Eén zo’n boekje was ‘Prins Assepoets’: het sprookje van Assepoester, maar dan omgedraaid.
Met een sprikkerig prinsje dat alle huishoudelijke klusjes moet doen voor zijn macho-broers, met een stoethaspelig toverfeetje met maffe toverspreuken en met in plaats van glazen muiltjes een superstrakke spijkerbroek die alleen prins Assepoets past. Hilarisch boekje, erg van genoten met elkaar.
Eén toverspreuk bleef in ons gezinsgeheugen hangen: “wat je willie wat je wauto, dit lege blikje wordt een auto”.
Die zin komt nog wel eens voorbij op feesten en partijen.
Jaren heb ik gezocht naar het boekje, maar ik kon het nooit meer ergens vinden.
Eén keer had ik een vraag uitgezet op Marktplaats, maar nooit meer iets van gehoord.
Het boekje raakte in de vergetelheid, op die ene toverspreuk na.

Gisteren consumeerden we mijn verjaardagscadeautje dat ik kreeg van Gerard: een etentje bij Shufu Cuisine.
Daar had ik een blog over kunnen schrijven, maar dat zou een kopie worden van het blog van ons vorige etentje daar.
Daarom hierbij een link naar : “Mag ik eens proeven?”, een verslag vanuit dit restaurant uit 2021, toen we daar waren ter gelegenheid van Gerards 60e verjaardag.
Van de kinderen kreeg ik een abonnement op het tijdschrift ‘Saar’ voor 2 jaar: wat een leuk cadeau!
“En als je straks thuis komt hebben we nog een klein cadeautje” werd mij beloofd.

Eenmaal thuis op de bank kreeg ik een klein pakje.
Het was het prentenboekje ‘Prins Assepoets’!
We lazen het gelijk weer door en het was weer net zo leuk als dertig jaar geleden.
Het komt in de kast te staan bij de andere boekjes waar zoveel goede herinneringen aan kleven.
Sweet memories.

En verder was het weer een gezinsbijeenkomst zoals anders.
Met chocoladezoenen bij de koffie/thee en een ‘gevulde plank’ bij de borrel.
Met verhalen uit Groningen en Almelo waar ik altijd erg van geniet, maar soms ook niets van begrijp.
Gisteren kwam een dochter met een lange reep stof, die ze op een bepaalde manier om de hand van een andere dochter vouwde.
“Kijk. Dan zit hier de caviakont en dan vouw ik dit hier zo omheen en dan moet daar een soort knoopsgat…”
Hè?
“Ja, ik ben bezig met het bedenken van een soort cavialuier, want Beer (hun cavia)  wil heel graag op de bank lopen, maar hij piest de hele tijd dus nu bedenk ik daar iets voor.”
Ondertussen gaat er een telefoon van hand tot hand waarop een afbeelding staat van een Chihuahua met een klein luiertje om en roept een schoonzoon: zo’n ding heet een ‘incontinentie en loopsheidbroekje’.
Zo’n gezinbijeenskomst.
Dan is het af en toe bezigen van een toverspreuk toch helemaal niet raar…..

Reageren

Pagina 96 van 301

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén