De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

8 juni: Turks brood à la Roelof.

Vorige week bekeken we de livestream van de rouwdienst van Annie Hoogeveen bij zwager Roelof en schoonzus Ali.
Toen wij binnenkwamen was Roelof druk bezig om iets klaar te maken voor een feestelijke lunch, die ’s middags bij hen in de tuin zou plaatsvinden.
Met verbazing sloeg ik hem gade; Roelof staat in mijn beleving niet te boek als een ‘keukenprins’.
“Wat ben jij nou aan het maken?”
“Gevuld Turks brood” vertelde hij trots.

Hij legde uit wat dat was en hoe je het moest maken.

Dit heb je nodig:
– 1 rond Turks brood dat nog moet worden afgebakken.
– mayonaise
– oude kaas
– ham
– tomaat (2)
– hard gekookt ei (3)
– peper en zout.

Zo ga je te werk:
– Snij het brood overdwars middendoor en bak het brood af in de oven.
– Besmeer de twee helften dun met mayonaise.
– Beleg de onderste helft achtereenvolgens met kaas, ham, in plakjes gesneden tomaat en in plakjes gesneden ei.
– beetje peper en eventueel beetje zout erover, andere helft er bovenop leggen.
– Bij een lunch kun je dit gerecht in punten serveren.

Gisteren hebben wij dit gegeten.
Ik deed nog een kleine toevoeging: op het laagje tomaat strooide ik Italiaanse kruiden en Parmezaanse kaas.

Ali vertelde vorige week: “Dit gerecht kan Roelof beter maken dan ik, hij belegt nou eenmaal wat royaler. Dan is het ook lekkerder!”
Roelof: compimenten, het was TOP!
’s Middags een paar punten, ’s avonds een paar punten en toen was het op…..

Reageren

7 juni: In goed gezelschap.

Als er geen coronavirus was geweest hadden wij vorige week met de Cantorij Roden gezongen in de feestelijke viering van eerste Pinksterdag.
Dan waren Gerard en ik op zondagmorgen vroeg vanuit Wezuperbrug naar Roden gereden en hadden we de viering live meegemaakt, om vervolgens na de koffie weer aan te schuiven aan het ontbijt-koffie/thee-lunchbuffet met ons gezin.
Nu ik niet hoefde te zingen namen we ons voor om die viering te bekijken op YouTube, maar de internetverbinding in Wezuperbrug was dermate slecht dat we niet eens op Buienradar konden kijken, laat staan een kerkdienst konden volgen.
Daarom dus vorige week sinds maanden geen ‘kerkelijk blog’.

Vanmorgen zaten we weer samen voor de televisie voor de viering van vandaag, zondag Tinitatis/Drievuldigheidszondag.
Dominee Walter Meijles begon zijn betoog met de vraag: “Wat is autoriteit?”
Het is niet hetzelfde als macht. En iemand die autoriteit uitstraalt hoeft niet autoritair te zijn. Wat een lastig begrip; volgens de voorganger was een goede Nederlande vertaling van dit woord ‘volgbaarheid’. In mijn hoofd gebeurt er dan van alles: ik zoek voorbeelden, vraag me af wie ik als autoriteit zou willen volgen en wie niet en vervolgens mis ik het volgende deel van de overdenking.

We lazen vanmorgen het laatste hoofdstuk van het evangelie van Mattheus, waarin Jezus zijn leerlingen ontmoet  en zegt: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen,
Wat vind ik dat een lastig gedeelte.
Het doet mij denken aan de ongebreidelde ‘evangelisatiedrift’ die gepaard ging met het koloniseren van hele werelddelen. Dat was natuurlijk gebaseerd op het verdienen van veel geld, maar werd ondersteund door deze bijbeltekst.
‘We’ waren goed bezig.
De predikant legde vanmorgen het accent anders.
Hij begon met het benoemen van die bovengenoemde misstappen: onder dwang mensen iets laten geloven is niet de weg.
De weg is niet schoolbanken en leerboeken, maar voorleven, laten zien wat het geloof voor jou betekent.

Ik kon mijn gedachten bij dit onderwerp niet goed bij de les houden.
Het ging alle kanten op: hoe doen wij dat dan in ons dagelijks leven?
Wat leerde ik van mijn ouders?
Wat hebben we onze kinderen geleerd?
Is het niet goed om dingen maar gewoon uit je hoofd te leren?
Of juist wel?
Meer vragen dan antwoorden.
Gelukkig stond er in het gelezen gedeelte uit Mattheus ook deze zin: ‘en toen zij hem zagen bewezen ze hem eer, al twijfelden enkelen nog. ‘
De discipelen wisten het dus soms ook niet, ik bevind mij met mijn twijfel in goed gezelschap.

Het zingen blijft een ding.
Geen ding eigenlijk.
Wij zingen met z’n tweeën mee met de teksten die in beeld komen, maar het ‘zindert’ nooit. Als er iets is wat ik het meest mis in deze tijd is dat het samen zingen.
Als pleister op die wonde was er vanmorgen na de overdenking een prachtige bijdrage van Erwin Wiersinga op de piano. Hij speelde ‘Adagio uit Sonate in Cis‘ van Ludwig van Beethhoven; rustgevende muziek om je gedachten even te laten gaan.

Viering ook bekijken/beluisteren? Hierbij een link naar YouTube.

Reageren

6 juni: Queen of crime (2)

Van mijn boekenvriendin kreeg ik het boek  ‘Het genootschap’ van Ruth Rendell; wij houden allebei van Rendells psychologische thrillers. Het zijn spannende boeken, ze schrijft prachtig,  maar je moet je kop er wel bij houden.
In terloopse zinnetjes staat soms cruciale informatie, als je even niet oplet heb je zomaar een belangrijke aanwijzing gemist.
Bij Rendell moet je ook zelf nadenken.
Wat past bij dit karakter?
Waarom doen die mensen zo?

Bij dit boek heb ik een kladbriefje gemaakt.  Het gaat over een straat in Londen waar rijke mensen wonen die allemaal personeel hebben: chauffeurs, tuinlieden, kindermeisjes, schoonmakers, au pairs en gezelschapsdames. Na twee hoofdstukken heb je iets gelezen over alle bewoners, maar ben je het overzicht helemaal kwijt. Op het kladbriefje zette ik wie bij wie hoorde, wie waar woonde en wie tot hun personeel behoorden.

,,,kladbriefje….

De titel van het boek ‘Het genootschap’ slaat op de groep personeelsleden die af en toe samenkomt in de plaatselijke pub om hun frustaties te uiten.
Mensen met uiteenlopende karakters die een mening hebben over hun  rijke bazen en die elkaar allemaal in de gaten houden.
Een losse trapleuning speelt een belangrijke rol in dit verhaal.
Was het een ongeluk? Of was het moord? Halen we de politie er bij? Of toch maar niet?

Als deze vragen aan de orde zijn ben je razend benieuwd naar hoe het afloopt.
Rendell weet de spanning goed vast te houden en op de laatste bladzijde weet je al dat het met één van de rijken niet goed afloopt, maar dat wordt niet meer uitgeschreven.
Wat me wel opviel dat de mensen die het boek bevolken vrij ‘plat’ blijven.
Het Pakistaanse kindermeisje bijvoorbeeld is wel heel erg braaf, de buurvrouw van het homostel cijfert zichzelf wel heel erg weg en Dex, de tuinman, zou zich in onze maatschappij niet staande kunnen houden. De karakters zijn net een beetje ’té’ voor echte mensen, terwijl Rendell juist bekend staat om haar goed uitgewerkte personages.

Rendell’s eerste boek verscheen in 1964; ze overleed in 2015.
Het genootschap was haar voorlaatste boek, het is het 2012 gepubliceerd, haar laatste boek verscheen in 2013. Hierbij een link naar een artikel over haar op Wikipedia.
Daar vind je ook een volledig overzicht van haar boeken; ik heb ze nog niet allemaal gelezen……

Hierbij een link naar het blog Queen of crime (1).

Reageren

5 juni: Het niet sportieve deel.

Op 4 juni beschreef ik hoe sportief wij waren tijdens onze gezinsvakantie op ’t Kuierpad.
De andere kant van het verhaal is dat we veelvuldig gebruik hebben gemaakt van de terrastafels en -stoelen met de bijbehorende parasols die bij de bungalows stonden.
Ontbijt en lunch deden we in buffetvorm: alles stond binnen op een grote eettafel en een ieder liep er met zijn bordje langs. De scheidslijn tussen ontbijt, koffiedrinken en lunch was niet duidelijk aanwezig. “Is er nog koffie? O, ook nog taart en boterkoek? Lekker!” En salades die over waren van de barbecue konden ook best bij het ontbijt.

Er waren veel gezamenlijke momenten, maar men trok zich ook regelmatig even terug.
Per stel, of alleen.
Als we Jon kwijt waren was hij ‘in the wood’, op zoek naar van alles.
Carlijn en ik waren ook wel eens ‘weg’, maar dat kwam omdat we helemaal verdiept waren in ons boek.
Een puzzeltje maken, borduren, lezen, ‘op je tablet’ of een gezellig dobbelspelletje waarbij je nog wel afstand van elkaar kon houden; we hebben ons prima vermaakt.

Na het liedboekjasje ben ik begonnen met een nieuw borduurwerkje.
Iets simpels deze keer: onderzetters. Ik beschreef ze al eens in 2016 onder de titel ‘Tweelingonderzetters‘.
Terwijl ik zat te borduren keek Frea af en toe schichtig opzij.
“O nee,” zei ze dan.
“Ik denk steeds dat ik een Pokebal in mijn ooghoek zie” legde ze later uit.
“Wat jij aan het borduren bent lijkt daar heel erg op!”
Toen ik een Pokebal opzocht op internet snapte ik het wel: afbeelding links is mijn borduurwerk, afbeelding rechts de Pokebal.

Die ballen zien ze normaal alleen maar virtueel, als ze tijdens het wandelen of skeeleren pokémons aan het vangen zijn.
Geen idee wat ik bedoel?
Hierbij een link naar een blog dat ik in 2016 over dit onderwerp schreef onder de titel ‘Zelfs bij ons in de tuin!’ 

Reageren

4 juni: Das Boot.

Zoals ik eergisteren al schreef: in 2014 werd camping ’t Kuierpadtien overgenomen door de Molecatengroep.
Dat ’tien’ hebben de Molencaters er bij de overname afgehaald.
Wel jammer, want dat ’tien’ maakte het juist zo fijntjes Drents.
Mijn ome Albert, die uit de randstad komt, heeft daar heel wat jaren met zijn caravan gestaan, maar hij legde bij zijn uitspraak de klemtoon niet op Kui, maar op tien, zodat het klonk als Kuierpad 10.

Het is veel meer dan een camping; het is een gigantisch groot park; kijk maar eens op hun website: te veel om op te noemen.
Wat hebben wij gedaan?
Wij hadden onze fietsen mee, dus we hebben twee mooie fietstochten gemaakt, waarover later meer.
Onze kinderen hadden skate-boards en skeelers mee en hebben gebruikt gemaakt van de brede asfaltpaden op het park. We hebben gebadmintond, getafeltennist, ge-Jeu-de-bouled’ en we hebben vooral heel erg genoten van het mooie weer.

Kano nummer 2

Wij hadden zelfs onze oude rubberen kano mee: kano nummer 2, de opvolger van nummer 1.
Kano nummer 1 heeft mijn vader gekocht in 1972 en die ging alle gezinsvakanties mee.
We dobberden ermee op meren, vijvers en rivieren.
Hij lag standaard in de caravan van mijn ouders en als wij die caravan meekregen op onze vakanties maakten we ook gebruik van de kano. Gerard ontdekte dat je er zelfs mee kon raften op de rivieren waar we in de buurt stonden, de Sure en de Weser bijvoorbeeld. Dan bracht ik hem met één van de dochters een eindje stroomopwaarts met de auto en dan lieten ze zich in die kano de rivier afzakken. Ik ben een schieterd, dus ik ben nooit op die manier in de kano gegaan.
Ik zat honderden meter verderop met een picknickmand bibberig te wachten tot ze weer opdoken, maar het is gelukkig altijd goed gegaan.
Kano nummer 1 overleed in 2004, tijdens onze gezinsvakantie in Gent.
Midden op het meer liep van één rand de lucht eruit en hing hij vervaarlijk met één kant in het water. Het liep met de spreekwoordelijke sisser af en kano nummer 1 is achtergebleven in een afvalcontainer in Gent.

Van kano nummer 2 hebben als gezin ook nog veel plezier gehad, maar toen de kinderen niet meer mee gingen verdween het ding naar een opbergkast.
Daar haalden we hem vrijdag weer uit: misschien zou hij dit weekend van pas komen?
Ja man.
We hadden het hele strand en het hele meer bijna voor onszelf en we hebben allemaal wel even een tochtje gemaakt.
Natuurlijk inclusief de kano-discussies.
“Je moet links peddelen als we rechts willen!”
“Waarom draaien we nou steeds rondjes?!”
“Niet te dicht bij dat riet…!”

Met dit blog wordt de indruk gewekt dat we heel sportief hebben gedaan.
Dat is deels ook zo.
Over het andere deel binnenkort een ander blog.

Reageren

3 juni: Afscheid in corona-tijd.

Het was maar een klein berichtje in de krant dit weekend: ‘Vrouw raakt te water in Smilde, met onbekend letsel overgebracht naar het ziekenhuis”.
Wij hadden die hele berichtgeving op vrijdag niet meegekregen, wij hadden immers onze Gradagen.
Zaterdagmorgen kreeg ik een app van Nelly, lid van onze vriendengroep.
“Mijn moeder is vrijdagmiddag overleden, ze is achteruit het kanaal ingereden…” met nog een aantal details die ik hier niet ga herhalen.

De moeder van Nelly was voor ons Annie Hoogeveen. Ze woonde naast mijn moeder in het Woldhuus in Hoogersmilde en zij hebben samen een aantal mooie jaren beleefd in het appartementencomplex. Annie was, in tegenstelling tot mijn moeder en vele andere ouderen in dat huis, goed thuis op de computer en bleef digitaal op de hoogte.
Toen er eens een tabelletje met activiteiten op het gezamenlijke prikbord in de gang hing vroeg ik wie dat had geregeld. “Annie” zei mijn moeder met onverholen bewondering “Annie kan print’n!”

Vandaag was Annie’s begrafenis.
Aangepast aan de coronamaatregelen.
Dan merk je pas hoe schrijnend en triest die maatregelen zijn en hoe diep ze insnijden in onze maatschappij.
Kinderen, klein- en achterkleinkinderen vormen al een groep van bijna zestig mensen.
Men kon gelukkig in een andere ruimte een soort schaduwbijeenkomst houden, zodat de naaste familie er in ieder geval in zijn geheel bij kon zijn om afscheid te nemen van ‘hun opperhoofd’, zoals ze door haar familie af en toe liefkozend werd genoemd.

Wij zaten vanmorgen bij broer Roelof en schoonzus Ali in huis om de livestream van de uitvaart bij te wonen. We zagen ‘onze’  vertrouwde kerk waar we al zoveel voetstappen hebben liggen. Wat hadden we daar vandaag graag wat voetstappen bij gezet, want o, wat is het naar om alleen maar te kunnen kijken en niet mee te doen. Haar lievelingsliederen werden ‘gezongen’ door opnames van ‘Nederland zingt’, maar je wilt graag zelf zingen met een volle kerk. Zij was een zeer trouw kerkganger en zo’n geliefd persoon: de kerkzaal was te klein geweest om iedereen een zitplaats te geven.
De tekst was dezelfde als die we hadden uitgekozen voor mijn moeders uitvaart: “In het huis van mijn Vader zijn vele woningen”.
We zagen foto’s van een welbesteed en rijk leven en Nelly las een In Memoriam voor.
We hoorden dat Annie een moeilijke jeugd heeft gehad, maar dat ze daar ondanks de tragische omstandigheden niet in is blijven hangen.

Wat ik zal onthouden van dit afscheid was een gedicht (bij Annie thuis gevonden)  dat door een dochter en schoondochter werd voorgelezen: Vandaag is de dag om gelukkig te zijn.
De strekking was dat je alleen vandaag maar hebt om van te genieten. Gisteren is geweest,  daar kun je niets meer aan veranderen; morgen is er nog niet, dus zwaarmoedig zijn over de toekomst heeft ook geen zin.
Laat dus de dag van vandaag niet overschaduwen door de last van gisteren en de zorgen voor morgen, maar maak vandaag tot een succes en geniet van wat je is gegeven.
Dit gedicht zegt alles over Annie.
Wat bijzonder dat de familie na een uiterst tragisch ongeval bij het afscheid van Annie er niet voor heeft gekozen om de tragiek een hoofdrol te geven, maar in de rouwdienst haar levenshouding centraal heeft gezet.

Na de plechtigheid reden Gerard en ik naar het kerkhof van Hoogersmilde om Annie de laatste eer te bewijzen.
Met een hele rij anderen stonden we allemaal met de rechterhand op ons hart toen de rouwstoet over het kerkhofpad voorbij kwam.
Ontroerend en indrukwekkend.

Reageren

2 juni: Gradagen.

Gradagen is een woord dat onze dochters hebben bedacht.
Het ontstond vorig jaar na onze fantastische reis naar Lanzarote met z’n achten.
“Waarom doen we dit niet ieder jaar?!” riep één van hen enthousiast.
“Nou, wat denkt de dokter zelf” was het nuchtere antwoord.
“Maar het hoeft niet altijd zo ver weg en ‘all inclusive’, we kunnen toch ook gewoon in blokhutten of een huisje?”

Dat was nog niet zo’n gek idee.
Wanneer doen we dat dan?
Pinksteren?
Ok.
“Jah! Dat doen we dan ieder jaar. En we noemen het ‘de Gradagen’.
Onze dochters maken al jarenlang het grapje dat áls zij een kind zouden krijgen dat ze dat dan naar ons samen zouden noemen. Gerard en Ada werd dan Grada.
Vandaar de Gradagen. Mijn vader noemde het zijn ‘Cornelisclan’,  bij ons heet het Gradagen.

We hadden twee 6-persoonbungalows gehuurd op het Molencatepark Het Kuierpad in Wezuperbrug; tot 2014 heette dit park camping ’t Kuierpadtien.
Dit Pinksterweekend hadden we in het najaar al vastgelegd; door de coronacrisis was het nog wel even onzeker of onze Gradagen door konden gaan, maar gelukkig: vrijdagmiddag ontmoetten we elkaar met z’n achten voor het eerst sinds februari.
In een grote kring met koffie met zelfgemaakte kwarktaart in de middagzon!

Nu ik dit zit te typen is het dinsdagmiddag.
Vanmorgen om 09.00 uur zaten we nog met z’n allen aan het ontbijt, inmiddels is iedereen weer thuis, is de boel opgeruimd, zijn de boodschappen gedaan en staat de wasmachine aan.
Ik zal eerlijk zijn: we hebben de anderhalve meter niet helemaal gered, maar we hebben wel ons best gedaan.

Vanaf gisteren, 1 juni mogen we heel langzaam terug naar ‘normaal’, maar of we weer terugkunnen naar hoe het was vóór de coronacrisis weten we nog niet.
Wat ik wel weet dat ik me door Corona nog meer realiseer hoe fijn het is om bij familie en vrienden te zijn en hoe ik de omgang met de dochters en hun mannen heb gemist.
Samen koffiedrinken, spelletje doen, borrel drinken, bijpraten; we hebben het ruimschoots ingehaald deze vier dagen.
De Gradagen blijken een blijvertje: we hebben het al even gehad over het Pinksterweekend in 2021.  .
IJs, weder en corona dienende.
Of, zoals mijn opa vroeger zei: “Deo volente”.

Latere Gradagen:
2021
2022

2023

Reageren

1 juni: Wierum en de wjirmdolster.

Op hemelvaartsdag brachten wij een bezoek aan Wierum.
Toen schreef ik al over onze picknick aan de Waddenzeedijk en beloofde een vervolg.

Steeds als we ergens naar toe rijden om een wandeling te maken of om te fietsen zijn we aangenaam verrast door wat we aantreffen.
Wierum ligt echt in een uithoek van Nederland, boven in Noord Oost Friesland.
Op de kaart zie je een dunbevolkt gebied met hier en daar een vlekje: dat zijn de piepkleine dorpjes die daar liggen.
Toen we aankwamen zetten we onze auto neer bij de blikvanger van het dorp: de kerk die bovenop een terp staat.
De kerk stond vroeger midden in het dorp, maar in de loop der tijden is de noordoostelijke kant van het dorp door overstromingen in zee verdwenen.
Het dorpje is ontstaan op een brede terp; het wordt in 1335 voor het eerst in de geschriften vermeld als Weyrum en had een open verbinding met de zee.
Van oudsher was het een echt vissersdorp.
Een ramp trof het dorpje in 1893: toen vergingen er 13 van de 17 vissersboten tijdens een zware sneeuwstorm.
Daarbij kwamen 22 vissers om het leven. Een vissersmonument bij de zeedijk herinnert aan deze gebeurtenis.

Tijdens onze wandeling door Wierum verbaasden wij ons over de vele mogelijkheden om te overnachten in de kop van Friesland: Bed & Breakfast, Zimmer frei, huisje te huur: je kon te kust en te keur.
Verder zijn er in de buurt veel campings en recreëermogelijkheden, zoals het Wadloopcentrum.
Je loopt door smalle straatjes langs oude huisjes, maar er is ook nieuwbouw.
Als je het dorp naar het zuiden uitloopt kijk je uit over eindeloze weilanden, het beeld dat we zo goed kennen van Friesland.
Aan de noordkant ligt de Waddenzee; op het moment dat wij daar waren was het eb; hoe hoog het water daar kan staan zag je aan de waterstandenpaal.

Voor de kerk vonden we het beeld van de wjirmdolster.
Weet je niet wat dat is?
Wisten wij ook niet; het blijft Friesland hè?
Hierbij een link naar de website Afanja’s weblog (even naar beneden scrollen) met een foto van het beeld en uitleg.

Reageren

31 mei: ’s Zondags gaat zij naar de kerk, met…….

… een boek vol zilverwerk.
Nou, vol zilverwerk valt wel een beetje mee, maar mijn liedboek heeft sinds kort zilveren accenten. En heel anders dan het zilveren ‘beslag’ dat in het kinderliedje over Kortjakje wordt bezongen.

Een jaar heb ik gewerkt aan een omslag voor mijn liedboek.
Vorig jaar in juni knipte ik een stuk borduurstramien op maat en tekende met potlood de contouren van het liedboek op de stof. Bij Vanderveen in Assen had ik een mooie kleurencombi gezien, dus daar kocht ik een paar strengen DMC. In mijn ‘borduurdoos’ met oude patronen vond ik wat mooie voorbeelden en zo begon ik aan mijn volgende ‘even tot rust komen met een borduurwerkje’-project.

Voorkant

Een uur borduren met daarbij mooie muziek op de oortjes

Achterkant

brengt mij volledige ontspanning. Alles kan ik even loslaten tijdens het maken van mooie patronen met kruissteekjes.

Vandaag dus een blog met veel foto’s: het is precies geworden wat ik in gedachten had.
Vanuit de ruit en de ster van het papieren voorbeeld borduurde ik de vlakken helemaal vol.

Voorkant, rug, achterkant en aan de zijkant nog twee zijflappen om om te vouwen.
Er is geen vastomlijnd plan, al bordurend bedenk ik wat de volgende stap zal zijn.
Geen kant van het borduurwerk is hetzelfde, steeds worden de kleuren en de steken in de omliggende veldjes  afgewisseld.

Het past precies om het liedboek, het zit er als een jasje omheen.
Als finishing touch bracht ik kleine accenten aan met zilverdraad.
Het geeft een luxe, zelfs een beetje middeleeuws effect aan het borduurwerk.
Als (ooh…..  ALS) we weer naar de kerk mogen met elkaar zal ik mij een beetje als Kortjakje voelen,
Met een boek vol zilverwerk.
Lees zilveren kruissteekjes.

Reageren

30 mei: Lekkere combi.

Af en toe neem ik zo’n glossy folder van de Jumbo mee.
Natuurlijk: het is gewoon een reclameblaadje dus ik kan heel snel.
Ik verbaas me over welke producten allemaal goed zijn voor het milieu, over hoe goed deze grootgrutter het voor heeft met mijn gezondheid en wat voor rare nieuwe eet-combi’s ze nu weer hebben bedacht.
Want ja, ik ben een vijftig-plusser en geen millennial; voor mij geen gojibessen en tarwegras, om maar iets  te noemen.

Uit zo’n folder van een jaar geleden bewaarde ik een receptenkaartje, dat inmiddels standaard in mijn receptenmap zit.

Het heet ‘Italiaanse bol met gerookte kipfilet en eiersalade’.
Niet moelijk, heel lekker als lichte lunch  op een luie zondag als je niet al te veel caloriën vebrandt.
Soepie d’r bij, klaar.

Wat heb je nodig?
– 4 Italiaanse bollen (ik koop voorverpakten die je nog moet afbakken)
– 100 gram gerookte kipfilet (vleeswaren)
– 2 eieren
– 2 tomaten
– 1 bosuitje of gewoon uitje
– beetje peterselie
– 100 gram halvanaise (mayonaise mag natuurlijk ook).

….anders dan in de folder….

Wat moet je doen?
– De eieren hard koken, af laten koelen, afpellen en in kleine stukjes snijden.
– Tomaten en (bos)ui ook in kleine stukjes snijden.
– Eieren, tomaten, ui, peterselie en halvanaise door elkaar mengen.
– Breng op smaak met peper, zout en eventueel een beetje kerrie.

– Snij de (afgebakken) Italiaanse bollen open en schep de eiersalade op de onderste helften.
Leg daar bovenop de plakjes kipfilet en dek het geheel af met de bovenste helft van de bollen.

De laatste keer dat we dit aten had ik nog wat eiersalade over van een gezellige barbecue.
(zie afbeelding. Bij ons ziet het er altijd heel anders uit als in de folder….)
Zat van alles anders in, maar was ook erg lekker.

Reageren

Pagina 209 van 411

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén