Toen we in Roden kwamen wonen werd ik lid van een koor* dat klassieke muziek zong.
Later ging ik bij de Catharinacantorij en weer later bij de Cantorij Roden; we zingen wel eens een klassiek stuk (van Bach of zo) maar meestal zingen we kerkmuziek.
Op Buitenkunst deed ik mee aan twee workshops klassieke muziek en toen wist ik weer hoe ontzettend leuk ik dat vind.

Op 1e Pinksterdag sloot ik mij aan bij de workshop Libera me van Christina.
Met 40 mensen stonden we midden in het bos in te zingen, te bewegen en rare geluiden te maken.
Libera Me is een deel uit het Requiem van Fauré en wij zongen eigenlijk maar één stukje daarvan.
’s Morgens gingen we het stuk instuderen, ’s middags gingen we in groepjes uit elkaar om uit te zoeken wat we er nog bij konden doen; een rap bijvoorbeeld, of een drum er onder, of iets met een vertaling van het Latijn naar het Nederlands?

Dit was helemaal nieuw voor mij. Een klassiek stuk wordt uitgevoerd zoals het op papier staat en er wordt niet van alles bij verzonnen. Punt.
Het was dan ook een grote verrassing voor mij wat er allemaal gebeurde.
Er was een groepje dat had uitgeprobeerd of je het stuk ook in canon kon zingen. Tot een bepaald punt kon dat!
Er werd een rap gemaakt van de vertaling van de 1e regel: Bevrijd mij Heer van de eeuwige dood, bang ben ik geworden en ik vrees! Dit werd uitgevoerd met twee trommels er bij.
Mijn groepje bedacht dat je een soort ‘ondertoon’ kon zingen met de ‘d’ en de ‘a’ dat als een soort basis onder het stuk werd gezet.
Drie jonge, geweldig zingende sopranen zongen voor het stuk aan één regel van het Requiem van Verdi en de vertaalde tekst werd in het Nederlands voorgedragen.
Luid, duidelijk en gedragen. Zoals een dominee zou doen.

Dit alles werd in een soort volgorde gezet en die avond gingen we het opvoeren voor publiek.
SUPERSPANNEND! Die ‘dominee-tekst’ mocht ik voordragen samen met Jan, maar dat moest uit het hoofd, net als de Latijnse tekst van het Requiem.
Op de fiets terug na het middagprogramma heb ik alles uit mijn hoofd geleerd.
Net als vroeger toen ik naar de HAVO fietste met een woordjes-briefje Frans: het ouderwetse stampwerk.

Het was geweldig. Wát een ervaring om zo klassieke muziek te beleven.
Met een koor van 40 mensen ’s avonds om 21.30 uur voor een volle tribune in de buitenlucht zo’n spectaculair optreden verzorgen.
Kippenvel.

En nu ken ik het ‘ Libera me’ uit mijn hoofd.
Het duikt steeds weer op.
Het zoemt als een mantra in mijn hersenen; zodra er even niets is zing ik het in mijn gedachten.
Tijdens het stofzuigen. Het wandelen. Het handwerken.
Libera me, Domine, de morte aeterna, de die ila tremenda, de die ila….
Bevrijd mij, Heer, van de eeuwige dood, op die verschrikkelijke dag….
Geen vrolijke tekst, maar wát een fijne herinnering!

Meer weten over mijn jaren het Roden Christelijk Gemengd Koor?
Lees dan nog eens het blog Theresiënmesse uit 2014.

Alle delen lezen van deze blogserie? Er zijn al twee gepubliceerd: een overzicht vind je onderaan deel 1