een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Kerk & gemeente Pagina 2 van 41

Kerkdiensten, bijeenkomsten van de PKN-gemeente Roden-Roderwolde

17 juli: ‘…zo’n pepermuntje van jou….’

“Mag ik u een pepermuntje aanbieden?”
Gistermiddag stond ik voor het eerst weer sinds 2019 als gastvrouw in de Catharinakerk.
‘Toeristendienst’ noemde een vriendin het ooit.  Wat mij betreft één van de leukste vormen van vrijwilligers werk die je kunt doen.

Piscina *

“Wat bijzonder dat in deze protestantse kerk nog te zien is dat het voor de reformatie een katholieke kerk was!”
Hier spreekt een kenner.
In een mum van tijd zijn we verwikkeld in een gesprek dat begint met de piscina en Gods water over Gods akker laten lopen, verder gaat over het verschil tussen protestants en katholiek, dat overgaat naar een dominante katholieke vader en verplichte kerkgang en eindigt bij een moeilijk afscheid van vader, levenslang affiniteit voelen met het geloof en  toch niet meer naar de kerk gaan. Een wonderlijke combinatie van het delen van geschiedenisverhalen en het bieden van een luisterend oor.
“Het was mij een aangenaam genoegen. ”
Dat genoegen was geheel wederzijds.

Aan het eind van de openstelling maakten we kennis met de ouders van collega rondleider Peter,  de heer en mevrouw Jager.
Hij was predikant in Roden van 1968 tot 1983.
Hij was destijds de eerste ’tweede’ predikant van hervormd Roden,  vanwege de enorme groei van ons dorp in die periode. Hij klom nog even  op de preekstoel en constateerde dat het beklimmen van de  trap vroeger al lastig was,  maar dat het nu hij boven de tachtig was echt wel moeilijk werd.

Bij een kopje thee vroeg ik hem naar zijn ambtsperiode in Roden.  Hij was de predikant die vond dat het oude doophek rond de preekstoel moest verdwijnen om plaats te maken voor een liturgisch centrum. De ouderwetse banken werden ingeruild voor stoelen en hij introduceerde de liturgische kleuren in onze gemeente.
Ik herinner mij vanuit die tijd vooral het gemopper van mijn vader over ‘die katholieke fratsen’ die in Hoogersmilde destijds nog niet aan de orde waren, maar landelijk wel al werden ingevoerd.

De tijd vloog gistermiddag voorbij.
Er kwam nog een moeder die met haar zoontje even een kaarsje wilde aansteken.
Die hoef je niets aan te bieden en niets te vertellen.
Dat het iets met hen had gedaan was wel duidelijk.
Ze hoefden niets uit te leggen, ook daar is een kerk voor.

Van te voren had ik er naar uitgekeken: weer dienst draaien in de eeuwenoude Catharinakerk.
De afgelopen jaren heb ik het gemist.
Collegavrijwilliger Bea had chocolaatjes mee en constateerde dat mensen daar niet altijd zin aan hadden ‘als ze net zo’n pepermuntje van jou hebben weggeknapt…. ‘
Peter voorzag een concurrentiestrijd, maar dat is geenszins het geval.
In de kerk is geen ruimte voor concurrentie; of je nou chocola of pepermuntje uitdeelt, voorop staat de gastvrijheid en de aandacht voor de mensen die een kijkje komen nemen.
Dominee van vroeger of ex-katholieke tuinder uit Tuitjenhorn, orgelkenner of geïnteresseerde in archeologie.

Ook een keer langskomen?  De Catharina kerk is geopend op woensdag-en zaterdagmiddag van 14.00 tot 16.30 uur. Welkom!

* Een piscina is een ondiep bekken naast het altaar van een kerk dat wordt gebruikt voor het wassen en afvoeren van het water waarmee men het altaarlinnen en het doekje waarmee de wijnbeker wordt afgeveegd wast. Er zit een afvoerpijpje in dat rechtstreeks naar het kerkelijk erf loopt. Wanneer resten van de geconsacreerde hostie dan werden weggespoeld stroomde het op het kerkhof, zodat ook de doden op het kerkhof (gewijde grond) deel aan het sacrament zouden krijgen. Daar komt het spreekwoord ‘Gods water over Gods akker laten lopen’  vandaan.

Reageren

4 juli: Je oren naar elkaar richten.

Eigenlijk hadden wij al lang vakantie van de cantorij moeten hebben; na Pinksteren stopt normaal gesproken het seizoen en zien we elkaar eind augustus weer.
Maar dit jaar zongen we een maand langer door, want pastor Astrid Mekes nam afscheid van onze gemeente op zondag 3 juli en de cantorij werd uitgenodigd om in die viering mee te doen.
Astrid had de inhoud van de viering zelf bepaald en had veel bekende liederen uitgezocht, die we als cantorij al vaak gezongen hadden.
Mochten we al denken: “MAKKIE!” dan hadden we buiten waard Karel gerekend. Die had Astrid het idee aan de hand gedaan dat wij een Franse versie van het Onze Vader konden zingen én een bewerking van Psalm 8 van Gaudimel.
Hierbij een link naar de uitvoering van dat stuk die tenor Jelle ons stuurde ‘om mee te oefenen’: Psalm 8
Daar hadden we onze handen vol aan, dus een makkie was het niet gistermorgen.

Na de energievretende familiedag (verslag zie gisteren) was 08.30 uur repeteren wel vroeg.
Het was bij het inzingen ook niet allemaal even zuiver; Karel adviseerde ons om onze oren naar elkaar te richten.
Een omfloerste manier om te zeggen: zelf niet zo hard zingen, naar het orgel en de andere stemmen luisteren.
De uitvoering van Psalm 8 van Goudimel ging in de viering gelukkig goed.
Daarna zongen we al die mooie, bekende liederen die Astrid had uitgezocht: ‘Licht dat ons aanstoot in morgen’, ‘De vreugde voert ons naar dit huis’ en ‘Zo vriendelijk en veilig als het licht’ om maar eens een paar te noemen.

We hoorden in deze viering verhalen over Jacob en over psalm 84, maar op mij maakte het kinderverhaal de meeste indruk.
Op internet vond ik een website waar het hele verhaal op staat, zie ‘Over de grote rivier‘, een troostend verhaal over afscheid nemen.
Het slotlied was ‘Ga met God en Hij zal met je zijn’, in wisselzang gezongen met de gemeente en de cantorij.
Dat sloot naadloos aan bij de zegen die Astrid meekreeg toen ze uit het ambt werd ontheven:

God zal met je meegaan
als licht in je ogen
een lamp voor je voet
als hand op je hoofd
een arm om je schouder.
Als baken bij ontij
een verte die wenkt
als groet op je lippen
en hoop in je hart
als stem die je uitdaagt
een woord dat je de weg wijst.
Zo zegene u God, de vader, de zoon en de Heilige Geest.

Er was een mooi gedicht van Bea, er waren toespraken met mooie woorden, een fotopresentatie ’12 jaar Astrid’, koffie met gebak, fijne gesprekken met oude bekenden en een lekkere lunch.
Een volle zondagmorgen die tot na tweeën duurde.
’s Middags deden we even helemaal niks.

Reageren

22 juni: Geen tijd meer.

Gistermiddag volgde ik via Kerkomroep de dankdienst voor het leven van Jansje Bos.
Gemeentelid van onze kerk.
Jansje en ik kenden elkaar niet zo goed; onze gemeente is groot en we zaten niet bij elkaar in ‘kringetjes van de kerk’ zoals bijvoorbeeld koor en gespreksgroepen.
Vorig jaar in een kerkdienst stapte er als lector iemand naar voren die ik in eerste instantie niet kende.
Toen ze begon te praten hoorde ik dat het Jansje was; ze had een maagverkleining ondergaan en was drastisch afgevallen.
Ze had een longziekte en het was beter voor haar conditie als ze wat gewicht zou verliezen.
Na de viering sprak ik haar aan; “Mens, ik herkende je niet tot ik je stem hoorde!”
We maakten even een praatje. Toen vertelde ze dat ze iedere dag de blogs op mijn website las en daarvan genoot.
Ik smeedde het ijzer toen het heet was en vroeg haar om eens een blog te schrijven in de rubriek ‘Lezer van de maand’.
Ze zei direct toe. “Leuk!”
In december kreeg ze te horen dat de conditie van haar longen hard achteruit ging en ze ging een traject in om in aanmerking te komen voor een longtransplantatie.

Haar bijdrage voor ‘de Waarde van de dag’ is gepubliceerd in de maand maart van dit jaar.
Wil je het nog eens lezen? Hierbij een link naar haar verhaal.
Toen we heen en weer mailden over dat blog kwamen we tot de ontdekking dat er veel raakvlakken in onze levens waren.
“Ik kom een keer bij je op de koffie, dan gaan we wat beter kennismaken!”
In april zocht ik haar op.
Ze zat toen al aan de zuurstof en ik schrok van haar conditie, maar daar ging het maar twee minuten over.
Wat gezellig hebben we het gehad.
Geschiedenis, muziek, familie, onderwijs, kerk, onze jeugd, we raakten niet uitgepraat.
Toen ik wegging zei ze: “Wat een aangename kennismaking! Als ik straks weer ben opgeknapt kom ik bij jou koffiedrinken. En dan ga ik ook meedoen met Holy Stitch!”

Jansje is niet meer opgeknapt; ze is overleden voordat de longtransplantatie kon plaatsvinden.
Tijdens de viering heb ik haar beter leren kennen door de verhalen van haar zoons, haar zussen, haar neef en haar collega/vriendin.
Omdat ik Jansje niet goed heb gekend, zal het gemis in mijn persoonlijke leven waarschijnlijk niet groot zijn.
Maar na de dankdienst weet ik toch wat ik mis, nu er geen tijd meer is om elkaar beter te leren kennen.

In het licht van de longtransplantatie die te laat kwam vraag ik hierbij aandacht voor ‘Give & Live’, een recreatieve fietsclub voor orgaanontvangers, donoren en iedereen die met orgaandonatie te maken heeft. De club is ontstaan uit samenwerkingen tussen stichting Donerik & Friends en het UMC Groningen met als serieus einddoel de beklimming van de Mont Ventoux (de Transplantoux). In het weekend van 25 juni zal ook Hetty Veerman (in 2015 nieuwe longen gekregen) de Mont Ventoux op fietsen; daar zal zij binnenkort een gastblog over schrijven.
Nu al meer weten? Hierbij een link naar ‘Give & Live’.  Je kunt zelfs nog doneren! 

Reageren

19 juni: Wat een geluk….

Gisteren schreef ik al over het oefenen met het ‘Af&Toe-kleinkoor’; vanmorgen werkten we met z’n achten mee aan de ‘Ik Zie Jou’-overstapviering.
Waar het anders wel eens spannend is of allemaal goed gaat qua meerstemmigheid, deze morgen hadden we het ons wat dat betreft gemakkelijk gemaakt.
Een kinderlied uit het liedboek, een Taizé-lied en de responsie ‘Houd mij in leven’ tijdens de gebeden; die laatste twee weliswaar wel vierstemmig, maar niet moeilijk.
Wat we nu spannend vonden was onze bijdrage aan het begin van de viering, waarbij wij als koor ruzie maakten met de dominee over welke liederen over geluk het beste bij de viering pasten.
‘Wat een geluk….’ van Rudi Carell was niet geschikt en ‘Ik ben gelukkig zonder jou’ van Conny van den Bosch ook niet.
Het moest stemmig, religieus.
“Gelukkig is het land” was veel te ouderwets, het moest moderner.
“Ik geloof in geluk’  van Guus Meeuwes was ‘wel aardig’…. maar we kwamen in gezamenlijkheid uit op “Voor mij is geluk’  een vrolijk kinderlied uit ons eigen liedboek.
Als je de viering terug kijkt op YouTube zie je hoe we genoten van dit ongebruikelijk begin van een kerkdienst.

Wat een geluk dat de kampleiding het weekend heeft overleefd!
Het zag er vrij dramatisch uit toen ze vanmorgen binnenkwamen: één had een verband om haar hoofd en een ander zat gewond in een rolstoel…..
Het viel mee, begrepen we later. Eigenlijk hadden ze gewoon geluk gehad!
Dat er verband en pleisters genoeg waren en dat er een reserveluchtbed voorhanden was bijvoorbeeld.

Wat een geluk dat we zoveel jonge mensen in Op de Helte hadden vanmorgen. We zagen aanstekelijke foto’s en video’s van het kampweekend dat vrijdag en zaterdag werd gehouden in de tuin van Toos en we zongen met het elkaar het lied ‘Kom laat ons zingen vandaag’ dat ook tijdens het kamperen was gezongen.
Er waren een tweetal bijzondere aandachtsmomenten vanmorgen.
Twee kinderen maken deze zomer de overstap van de basisschool naar de middelbare school en namen afscheid van de kindernevendienst.
De ouders kwamen daarbij ook op het podium. Na het toespraakje deden de kinderen een stap vooruit en de ouders deden een stapje terug.
Een symbolisch moment. Tijdens de koffie vertrouwde één van de moeders me toe dat het haar echt iets had gedaan; het is toch een speciaal moment dat wordt gemarkeerd in de tijd.

En wat een geluk dat we al die jaren als PKN-gemeente gebruik hebben mogen maken van de diensten van Sijcolien.
Zij nam vanmorgen, na minstens dertig jaar jeugdwerk en kindernevendienst, afscheid als leidster.
In de danktoespraakjes werd aangehaald dat ze er ‘gewoon altijd was’ en overal aan dacht.
Het welgemeende applaus zei genoeg: bedankt voor je jarenlange inzet, Sijcolien!

Wat kwamen we nou te weten over geluk?
Geluk is een reis, een richting, niet het punt waarop je eindigt.
Wat kunnen we onderweg doen, wat zegt Jezus daarover?
Wees zachtmoedig, barmhartig, durf nederig te zijn en zoek de vrede: laat je licht zo maar schijnen.
Geen moeilijke opdracht, voor iedereen te doen.
Dat is mazzel hebben!

Reageren

12 juni: Balans.

Ambivalente gevoelens had ik zondagmorgen onder de preekstoel.
Aan de ene kant…..  aan de andere kant…

Aan de ene kant hoorden we het verhaal van Ruth, die zich op aandringen van Naomi aanbiedt aan Boaz; hij neemt daarop zijn rol als ‘losser’ voor de familie.
Ruth brengt daarmee een offer voor Naomi, voor de familie.
Aan de andere kant zijn we in Nederland nog niet zo heel lang af van het idee dat de vrouw ondergeschikt is aan de man, zich hoort te voegen naar zijn wensen.
Uit het verleden van van mijn familie klinken nog de verhalen van de zichzelf wegcijferende vrouwen.

Aan de ene kant zagen we een opgewekt en kleurrijk filmpje over een jongeman die vanuit zijn dorpje in Oeganda hoopvol vertrekt naar de grote stad, daar een bestaan probeert op te bouwen en uiteindelijk  met een kerkgemeenschap uitbundig een loflied staat te zingen.
Aan de andere kant was de collecte voor het project van Kerk in Actie voor de straatkinderen van Kampala die juist vanuit de stad, waar ze worden uitgebuit en een marginaal bestaan leiden, weer teruggebracht naar hun dorp waar er beter voor hen gezorgd wordt.
Dit staat er over het project op de website: In de Oegandese hoofdstad Kampala leven duizenden kinderen op straat. Ze worden hier door volwassenen neergezet om te bedelen. Ze gaan niet naar school, worden uitgebuit en mishandeld. Kerk in Actie werkt samen met drie Oegandese organisaties die dit probleem aanpakken. Zij vangen de kinderen tijdelijk op en herenigen hen met familie in hun geboorteregio. Ze zorgen dat de kinderen daar weer naar school gaan of een vak kunnen leren. Ook doen ze er alles aan om migratie van nieuwe kinderen naar de stad te voorkomen.* 
Van toegevoegde waarde waren voor mij de foto’s van Diede.
Zij is zelf in Oeganda geweest; ze heeft Kampala en ook de Dwelling  Places die horen bij het project bezocht.
Jammer dat we die foto’s pas zagen na de viering,  toen er al veel mensen weg waren.

Een kerkdienst als het leven zelf.
Het onderliggende thema was namelijk: een ander tot zijn recht laten komen.
De preek eindigde met de constatering dat ons geluk afhangt van het geluk van de mensen die aan ons zijn toevertrouwd.
Daarbij moet je de balans zien te vinden tussen ‘er zijn voor de ander’ en ‘jezelf wegcijferen’ voor de ander.

* Meer weten over dit project en hoe je kunt doneren?
Hierbij een link naar de website van Kerk in Actie. 

Reageren

7 juni: Zou zo’n bel nou weten…..

Dominee Sijbrand van Dijk die aan het eind van de viering bellenblazend op het podium staat  terwijl de gemeente ‘Geest van hierboven’ zingt: dat beeld zal me bijblijven van het einde van de kerkdienst op 1e Pinksterdag.
Dat zingen met een mooi gevulde kerk (de stoelen weer in lange rijen) met mensen die bijna allemaal iets roods aangetrokken hadden was sowieso een feest! Vanaf de achterste altenrij in de cantorij had ik een mooi uitzicht op de eerste paar rijen: zie afbeelding.
Wat zo’n kleur dan doet met de sfeer in de kerkzaal!

Op 19 mei schreef ik al over het lied dat we aan het instuderen waren voor Pinksteren. (meer weten? Lees dan ‘Polyfonie‘) Dat lied had onze cantor Karel zelf geschreven en zondagmorgen werd het voor het eerst uitgevoerd door onze cantorij; met Erwin op het orgel en samen de gemeente.
Wat een belevenis!  Voor ons,  maar vooral ook voor Karel.

Hoe ongrijpbaar de Heilige Geest is legde de voorganger aan de kinderen uit door bellen te blazen.
Even een klein stukje uit het gesprekje: “Kijk. Bellen maken met je adem. Zou zo’n bel nou weten wanneer hij los moet laten? Welnee. Zo’n bel laat het gewoon gebeuren:  je blaast en hij laat los. Soms zou je willen dat het leven net zo gemakkelijk was….:

Hoe waait de geest? De dominee drukte ons op het hart niet steeds de nadruk op het kwade te leggen (wat je de hele dag al om je heen hoort aan nieuws en geroddel uit de media) maar om de goede verhalen te lezen en door te vertellen.
Soms weten mensen ineens wat ze moeten doen: iemand uit het water redden bijvoorbeeld.
Maar dan moet je het wel zien; hou je ogen open, lees en spreek het goede en bidt het goede.
De geest van God blaast mensen aan; zaai het goede voor een grote oogst.

Nog even over onze cantorij. Bij het inzingen zondagmorgen konden wij als alten de sopranen niet horen. Dat kwam enerzijds omdat er maar 4 sopranen aanwezig waren, anderzijds omdat de bassen (4) en de tenoren (5) tussen ons en de sopranen in staan. Stuk voor stuk goed zingende bassen en tenoren, maar ze overstemden samen met ons alten (7) onbedoeld de sopranen.
Natuurlijk, niet alle sopranen waren er, maar we zouden wel wat meer sopranen kunnen gebruiken bij onze cantorij.
Ben je of ken je iemand die met onze sopranen zou willen meezingen? Van harte welkom! We repeteren op dinsdagavond van 19.30 tot 21.30 uur in Op de Helte.

Eigenlijk was het een gedoe om in Roden te komen zondagmorgen. We verbleven het hele weekend met dochters en aanhang in Casa Grada in Westerbork; om 07.30 uur zaten Gerard en ik in de auto om om 08.30 uur in Op de Helte te zijn. Maar het was ruimschoots  de moeite waard: ik had het niet willen missen!
Wil je de viering beluisteren? Hierbij een link naar kerkomroep: 5 juni, 09.30 uur Op de Helte, Roden.

Reageren

24 mei: Ik pak eerder de krant….

Afgelopen zondag ging er een gastpredikant voor in onze kerk: Eelkje de Vries, vroeger lid van onze gemeente.  Fijn om haar weer even te zien, te spreken én  te horen.

Ze begon haar overdenking met een zin,  uitgesproken door een 90jarige man uit haar huidige gemeente. Met een schuldbewust lachje had hij gezegd: “Ik pak tegenwoordig eerder de krant dan de bijbel.” De voorganger vond dat heel herkenbaar. Onze leefomgeving en ons dagelijkse en zondagse leven zijn wel heel erg veranderd ten opzichte van vroeger. Ook ik pak eerder de krant; niet dat ik daar heel blij van wordt,  maar je kunt je ook niet onttrekken aan wat er allemaal in de wereld gebeurt.

Als je me  vraagt naar wat me bij zal blijven van deze zondagmorgen, dan zijn dat niet de mooie liederen die we zongen (waar ik overigens wel blij van werd)  en ook niet iets anders uit de kerkdienst, maar een gesprekje na de viering. Eigenlijk werd dat gesprekje pas gevoerd na het koffiedrinken met de fiets al aan de hand.  Ik kwam aan de praat met Margreet die vertelde over haar kleinkinderen. Die moeilijke vragen stelden.  “Als er zoveel eeuwen al mensen naar de kerk gaan, waarom zien we daar dan zo weinig van in de wereld?”
Als antwoord had Margeets man HarmJan een verhaal verteld; daarvan geef ik nu een verkorte versie. Wat gebeurt er als je een theezakje in een groot meer houdt?  Dan wordt het water er omheen een beetje bruin. Als je het zakje daarentegen in een theekopje met water houdt,  ontstaat er een geurig kopje thee.  Dus als je de zaken klein houdt heeft het meer effect.  Dat is de kracht van de kerk: de kracht van het kleine.

Even terug naar de viering.
Zondagmorgen waren er een aantal gemeenteleden in de kerk die we al heel lang niet meer hadden gezien.  Het was mooi om te zien hoe blij ze werden begroet door andere gemeenteleden: “Fijn dat jullie er weer bij zijn, we hebben jullie gemist!”
Over die verbondenheid ging het ook in de overdenking. Te midden van alle kwaad waarover we lezen in de krant, alle boosheid en machteloosheid zijn we als gemeente verbonden met elkaar, met God en met de geest; onze opdracht is heb lief, doe recht en behoud het goede.  In het licht van dit blog: zet kleine kopjes thee. Veel kopjes vormen samen een meer.

Reageren

19 mei: Polyfonie.

Het is alweer gewoon geworden: op dinsdagavond cantorij-repetitie.
In deze weken zijn we druk bezig met het instuderen van de liederen die we zingen op 1e Pinksterdag.
Onze cantor Carel is een ambitieuze jonge man die vindt dat we de lat niet te laag moeten leggen.
Hij studeert aan het Prins Claus Conservatorium en had bedacht dat hij voor het pinksterfeest zelf een stuk ging schrijven.
Het begint met een couplet in het Latijn, daarna een deel in het Duits en het laatste stuk wordt gezongen in het Nederlands.
Zingen in tongen én talen!
Hij stuurde ook gelijk maar oefen-files mee, want het zingt niet gemakkelijk zo maar weg.
Pittig hoor.
Het stuk zingen vinden wij al lastig: hij heeft het nota bene zelf geschreven!
Wij mogen als cantorij onze handjes dichtknijpen met zo’n enthousiaste jonge gast als dirigent.

Verder heeft Carel ons nog ‘een uitdaging’ aangereikt: If Ye Love Me, Keep My Commandments vanThomas Tallis.
Een Engels muziekstuk waarin alle partijen door elkaar heen zingen.
Past ook goed bij de talen en tongen van Pinksteren.
“Dat heet polyfonie” “legde hij ons uit.
“Meestal zingen wij homofoon, dat is als iedereen tegelijk dezelfde woorden zingt maar met andere noten.”
Toen wij na het doorzingen van de verschillende partijen het stuk in zijn geheel probeerden te zingen was het polyfonie noch homofonie: het klonk als kakafonie.
Carel blijft optimistisch en was al blij dat we tegelijk eindigden.
Het goede nieuws is dat we nog een aantal weken te gaan hebben.

Het is alweer gewoon geworden, schreef ik in de eerste zin van dit blog.
Dat neemt niet weg dat ik meer dan voorheen geniet van het zingen met elkaar.
Toen ik begin deze week op het nieuws hoorde dat we in de herfst weer rekening moeten houden met nieuwe lockdowns dacht ik als eerste aan de cantorij en de kerkdiensten.
Het zal toch niet weer….
Andere jaren stoppen we al met de cantorijrepetities na Pinksteren, maar we zijn nog gevraagd voor een kerkdienst op 3 juli.
Fijn; dan zingen we nog even door!

Reageren

9 mei: Hoe vrij ben je?

Gistermorgen was er weer koffiedrinken in De Deel na de viering in de Catharinakerk.
Toen ik de hal in liep en mijn jas ophing realiseerde ik me dat ik daar twee jaar niet was geweest.
Twee jaar ‘mocht het niet’.
In het licht van het onderwerp van de voorafgaande kerkdienst triggerde me die gedachte: het thema van die viering was namelijk ‘vrijheid’.
De voorganger had ons iets verteld over het begrip vrijheid.
“Is vrijheid dat je altijd kunt doen wat jij zelf wilt? Heb ik de vrijheid om met een rotgang van 300 kilometer per uur door Roden te rijden?”
Nee. Ook al zou het kunnen, de veiligheid van anderen komt daarmee in gevaar.
Dus je individuele vrijheid wordt altijd beperkt door maatschappelijke regels en het welzijn van anderen om je heen.

Deze week werden we bepaald bij 77 jaar vrijheid in ons land.
Misschien heb ik het me verbeeld, maar ik vond dat er dit jaar meer vlaggen werden uitgestoken dan andere jaren.
Door de gebeurtenissen in Oekraïne krijgt de vrijheid, die wij altijd vanzelfsprekend vonden, een nieuwe dimensie.
Het is bijzonder dat wij in Nederland al zo lang in vrijheid mogen leven.
Dat in coronatijd de inperking van onze vrijheid werd vergeleken met de bezetting in de Tweede Wereldoorlog, is met terugwerkende kracht een belediging voor de inwoners van Oekraiïne die zo te lijden hebben onder de agressie van Rusland.

Voor de overdenking kwam organist Arjan Schippers van boven achter het orgel vandaan en nam plaats op de piano-kruk.
Hij speelde virtuoos en ontroerend het thema van de film ‘Schindlers list’; de overdenking begon vervolgens met een beschrijving van wat Oskar Schindler in de oorlog had gedaan: hij had met  zijn emaille-fabriek als dekmantel zo’n 1300 Joden van de dood kunnen redden.
Hij had de vrijheid in nazi-Duitsland om rijk te worden met die emaille pannen en zich niets van het lot van de Joden aan te trekken.
De predikant wees ons er op dat vrijheid dus ook verantwoordelijkheid met zich mee brengt; dat je altijd moet nadenken over de vraag: “Wat betekent mijn vrijheid om dit te doen voor een ander?”

Hoe vrij ben je?
Mijn moeder (op de afbeelding hiernaast zie je haar als 14-jarig meisje) vertelde ooit het verhaal van een NSB-boer in de omgeving waar zij als kind woonde.
Die boer stopte mijn grootvader met zijn grote gezin af en toe wat toe.
“Dat was eigenlijk een NSB-er….” zei mijn moeder, maar het gezin was wel erg blij met zijn goede gaven.
In 2017 schreef ik een verhaal  over dit gegeven onder de titel ‘Hoe vrij bi’j?’, dat destijds werd gepubliceerd in de Zinnig: hierbij een link.
Hierbij een link naar een PDF.

Hoe vrij ben je in het maken van goede en slechte keuzes?

Reageren

2 mei: O tempora, o mores.

Zondagmorgen zouden we naar de kerk gaan, maar ik werd wakker met een dikke keel en een loop- c.q. snotneus.
Nee hè.
Gerard komt maar niet van zijn verkoudheid af en daardoor ik ook niet; het is even een paar dagen weg en dan begint het weer van voren af aan.
Vroeger zou ik dan gewoon wel ter kerke gaan, maar tegenwoordig staan we er toch wat anders in; we bleven thuis en bekeken de viering vanuit Op de Helte op het TV-scherm.
Eigenlijk heb ik daar geen zin meer in. Nu we weer met z’n allen naar de kerk mogen wil ik er ook gewoon weer zijn.

Het thema vanmorgen was ‘getuige zijn’.
Dominee Walter Meijles haalde in het begin de viering de oude kerkelijke gewoonte aan dat als een jong stel moest trouwen, dat er dan een openbare schuldbelijdenis afgelegd moest worden in de kerk, op de knieën, voor het oog van de hele gemeente die dan getuige was van die schuldbekentenis. Zonder schuldbekentenis geen zegen van God over je huwelijk.
De voorganger liet vanmorgen met een knipoog in het midden of het nou God was die zijn zegen niet wilde geven of de kerkenraad/dominee.
Hij bezigde daarbij de Latijnse uitdrukking ‘O tempora, o mores‘, (Ach tijden, ach zeden) waarmee wordt bedoeld dat normen en waarden wijzigen in de tijd.

De predikant vertelde ons dat Paulus een kind van zijn tijd was; hij vond dat als je niet de opstanding geloofde, dat dan je hele geloof waardeloos was.
Twee eeuwen later kijken we heel anders naar de inhoud van de bijbel. Walter Meijles was wel nieuwsgierig naar onze geloofsbeleving: het was de bedoeling dat we het tijdens de koffie zouden hebben over de vraag: Wie denk jij dat Jezus is? Welk aspect is voor jou net zo belangrijk als voor Paulus ‘de opstanding’?
Dan is het natuurlijk wel jammer dat je daar met je loop- c.q. snotneus niet over kunt meepraten na de viering.

We hoorden vanmorgen dat de apostel Paulus vindt dat we getuigen van Christus moeten zijn.
Bij het woord ‘getuige’ komt in mijn hoofd onmiddellijk het woord  ‘Jehova’s-getuige’ op.
En ‘getuigen van het evangelie’ hangt nog heel erg samen met kolonisatie en onderdrukking van andere volken en hun culturen.
Het roept negatieve associaties op.

Maar je kunt alleen getuigen van wat je zelf hebt gezien, gehoord en beleefd.
En als je al getuigt van je geloof of van je Christen-zijn, dan ben je daarbij ook afhankelijk van de luisteraar: staat die er wel open voor?
Op deze website komen af en toe geloofszaken aan de orde; de reacties daarop zijn heel verschillend, van ‘zo fijn dat je dat ook met ons deelt‘ tot ‘dat geneuzel over die kerkdiensten lees ik allemaal niet‘.
Toch zal ik er over blijven schrijven, want geloof en kerkgemeenschap horen bij mij, dus ook bij mijn ‘Waarde van dag’.

Reageren

Pagina 2 van 41

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén