een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 83 van 301

24 april: Afstudeervakantie – Granada met Frea.

In januari vorig jaar had ik het al aangekondigd: over de afstudeervakanties van Frea en Harriët ga ik ook nog verslag doen.
Frea koos na het behalen van haar master voor Granada in Zuid Spanje: daar had ze tijdens haar studie een half jaar gewoond (2007-2008) en er was heel veel wat ze ons wilde laten zien; in februari 2011 maakten we de reis.

Voordat we uitstapten op het vliegveld van Malaga vertelde ze al dat ze zich al verheugde op de geuren in Spanje.
“Het ruikt daar heel anders dan in Nederland, vooral in de stad”.
Op het vliegveld merkten wij daar nog niet zo veel van, maar toen we eenmaal in Granada waren des te meer.
We zaten in een pension midden in de stad, vlak bij de kathedraal. (zie 24 december 2018.)
Over dat pension alleen kan ik wel een blog schrijven; het was niet zo duur als een hotel, maar het betekende wel dat we min of meer bij een Spaanse familie in huis woonden met een eigen kamer en een gedeelde douche/wc. Opa en oma bivakkeerden overdag op de gang in grote stoelen met een dekentje over de benen en keken televisie. Even voor het beeld van het pension. Afbeelding links: ons uitzicht vanuit het pension.
Maar we zaten wel in de binnenstad!

De eerste avond maakten we al een stadswandeling naar het beeld van Isabella de Catholica en gingen we op zoek naar koffie.
“Koffie is hier wel anders dan in Nederland” vertelde Frea. Je kunt maar het best café con lache bestellen, mama.’
Niet alleen de geur en de koffie waren anders dan in Nederland, alles was anders dan in Nederland.

Frea kende de stad al, ze sprak Spaans en nam ons mee naar alle plekjes die voor haar iets betekend hadden.
De universiteit, de plek waar ze met het koor repeteerde, het El Albaicin (een Arabische wijk in Granada) waar ze zo graag doorheen slenterde en natuurlijk het Alhambra: dat moesten we zien.
Wat ik me nog goed herinner was plek in het El Albaicin waar je het mooiste uitzicht op het oude fort/paleizencomplex had, daar kon je de mooiste foto’s maken; twee keer gingen we er heen. En natuurlijk kon je daar ook horloge’s kopen……
Natuurlijk hebben we ook een bezoek gebracht aan het Alhambra, maar dat past allemaal niet in één blog, daarover in een volgend blog meer details.

Naast alle bijzonderheden die we bezochten was er tijd voor uitgebreide gesprekken.
Op terrasjes met tostada’s in de binnenstad, bij een theesessie in een Marokkaans theehuis met Spaanse koeken in het El Albaicin en bij een wijntje in de kroeg met tapas; daar hadden wij toen nog nooit van gehoord…!
Heel bijzonder om mee te maken vonden wij optreden van een flamencodanseres in een ondergrondse kroeg, een soort kelder, begeleid door een enthousiaste gitarist en een zanger die ritmisch klapte en oude, Spaanse muziek zong.

Deel 5 van de 7-zussen-serie van Lucinda Riley speelt zich gedeeltelijk af in Granada.
Toen ik dat las kwam deze reis regelmatig terug in mijn gedachten.
Als je dat boek ook hebt gelezen snap je waarom!

Reageren

20 april: Kedoogie.

Vorige week plaatste ik een reactie op Lentisnet (een soort intranet/informatieplatform voor medewerkers) onder de titel ‘Kedoogie’; daarin bedankte ik voor de leuke attentie die we voor de paasdagen kregen.
Op Goede Vrijdag kregen alle werknemers namelijk een pakketje in de brievenbus waar een cadeautje in zat; een dinerbon ter waarde van € 25,=.
Op het kaartje dat er bij zat stond o.a. ‘de voorjaarszon gaat weer schijnen, een goed moment voor een gezellig moment met z’n tweeën op een terras. Deze bon is voor een lunch, koffie met gebak en high tea en nog veel meer.’  Een bedankje voor onze inzet.

Gisteren kreeg ik weer een ‘kedoogie’, want vandaag is het secretaressedag.
Hoe hier aandacht aan wordt besteed is heel erg afhankelijk van je teamleider/manager.
Hierover schreef ik in de loop van de jaren al een aantal blogs, een overzicht* daarvan vind je onderaan dit blog.

Vorig jaar was het vergeten;  toen kregen we met kerst nog een leuke attentie.
Het maakt mij niet zoveel uit.
Toen ik nog als managementassistent werkte heb ik wel eens gezegd tegen mijn manager destijds dat ik een goed jaargesprek belangrijker vond dan een bos bloemen op secretaressedag.
Een compliment als je even hard hebt moeten werken met elkaar, een waarderend woord af en toe: dat is veel belangrijker dan een ‘verplicht bloemetje’ omdat het secretaressedag is.

Sinds januari hebben we op onze afdeling een nieuwe teamleider die mijn collega en mij gistermiddag volledig verraste: ze had een persoonlijk cadeautje voor ons allemaal gekocht met daarbij een kaart met een leuke, toepasselijke tekst, voor iedereen anders. Wij kregen het gisteren al, omdat we vandaag niet op kantoor waren.
En hoe hard ik ook altijd riep dat het mij niet zoveel uitmaakt: wat is het leuk als je zo’n attentie krijgt.
Het was ‘de Waarde van mijn dag’.

*
16 april 2021 – Zeurgedachten en gemengd paars over secretaressedag midden in de coronapandemie. Leuk om terug te lezen hoe je toen een afspraak moest maken om naar de Hema te mogen…..

15 april 2020 – Werken in coronatijd. Een blog over een pakje dat werd bezorgd, waarvan ik zeker wist dat het niet voor mij was.

21 april 2017 Secretaressedag.  Zit je even niet op te letten: verrassing!

21 april 2016 Een dag niet gelachen…. Geen cadeautje, maar een hele secretaressedag met alle secretaresses van Lentis.

 

Reageren

19 april: Nu nog?!? – 18 Wij?

Begin februari schreef ik voor het laatst een blog in deze ‘Coronation Street’-achtige* serie over het beugeltraject, vandaag is het tijd voor deel 18.

In dit laatste deel van het beugelgebeuren ligt de focus vooral op het ondergebit, waar de ene hoektand zich toch langzaam gewonnen lijkt te geven.
Dat betekent dat ik steeds hetzelfde bovenbitje hou en om de twee weken een nieuw onderbitje opgeklikt krijg.
Gistermiddag was ik weer bij tandarts Martijn Egges voor een controle-afspraak.
“We zijn tevreden!”
Martijn spreekt in de meervoudsvorm, maar spreekt niet namens mij.
Niet dat ik niet tevreden ben, hoor, maar het duurt me te lang en mijn motivatie laat af en toe te wensen over.
Op Gran Canaria brak mijn bovenbitje doormidden.
Ach, wat jammer nou.
…….

Inmiddels heb ik weer braaf de plastic beugels in en ik wil er ook niet te veel over zeuren.
Het is.

Hoeveel…?

Net als het weer.
Eerlijk gezegd ben ik de tel van de setjes een beetje kwijt, doordat de bovenkant al niet meer mee doet.
De afspraken lopen nu tot begin juni, het lijkt er op dat het dan klaar is.
Nog twee maanden dus……

*Coronation Street is een langlopende Britse soapserie, de eerste aflevering was in december 1960.
In 2020 werd de tienduizendste aflevering uitgezonden; ik denk niet dat het bij mij zo lang duurt.

Benieuwd naar het hele orthodontietraject?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen.

Reageren

18 april: Gran Canaria 7 – Jardin Botanica

Op de dag dat we ’s morgens Aguïmes bezochten reden we ’s middags naar het noorden voor een bezoek aan de botanische tuin ‘Jardin Botanica’.
De tuin is opgericht en ingericht door de Zweedse botanicus Erik Ragnar Svensson (overleden in 1973) die het beschouwde als zijn levenswerk.
Hij ligt zelfs begraven in de tuin.
Hij heeft lang gezocht naar een plek waar zoveel mogelijk inheemse planten, bomen, bloemen en cactussen konden gedijen. Hij vond tenslotte dit gebied (met natuurlijke watervallen en grotten) in de barranco de Guiniguada.
Hij begon met de aanleg in 1952, in 1959 was de officiële opening.

In de tuin vind je zo’n 500 planten.
Ik zal eerlijk zijn: we hebben ze niet allemaal gezien, sterker nog, we hebben niet in alle 27 hectares van het park gewandeld, maar wat we er van hebben gezien was prachtig.
Op dit blog een aantal afbeeldingen waarop je een idee krijgt van wat we die middag hebben beleefd.
(Klik op de afbeeldingen voor een vergroting. )

Aan het begin van het park was een klein gedeelte ingericht voor een stukje geschiedenis.
We vonden o.a. een fossiele boomstam en men had een ’tagoror’ nagebouwd.
Dat was een ontmoetingsplaats die gebruikt werd door de ‘Guanches’* , de oorspronkelijke bewoners van Gran Canaria.
Kijk, dat vind ik dan weer interessant.

Tagoror

De eerste Spaanse bezoekers (lees: veroveraars c.q. kolonisten) van de eilanden in de 15e eeuw troffen een inheemse bevolking aan, die zich heftig verzette tegen hun aanvallers. Maar met hun pijlen en speren verloren ze van de harnassen en buskruitwapens van de Spanjaarden. In de eerste beschrijvingen van het eiland wordt door de overwinnaars gesproken over openbare pleinen voor samenkomst en rechtspraak waar zo’n tagoror stond, maar net als bij de andere kolonisaties werd de inheemse cultuur teniet gedaan. Altijd hetzelfde liedje……

Het was warm en we wilden wel even ergens zitten voor een drankje.
Er wezen bordjes naar ‘Restaurant Jardin Canaria’, maar die uitspanning bevond zich tientallen meters boven ons.
Die meters zagen wij onszelf niet overbruggen met een urenlange wandeling in de brandende zon; maar als je zelf beslist om naar een warm, zuidelijk land op vakantie te gaan, mag je over de hitte niet zeuren, dus moet je oplossingsgericht denken.
Met de auto waren we er zo!
We bestelden een ijskoud drankje en een paar schalen met Spaanse tapas: o.a. vers brood, kaaskroketjes en gefrituurde repen aubergine met een zuidelijk sausje. Grote jum!
We genoten van het mooie uitzicht op de botanische tuin onder ons en waren blij dat we hadden afgezien van een wandeling naar boven in de hitte van de namiddag. We moesten immers nog wat energie sparen: in San Agustin was men toen al weer bezig met de voorbereidingen voor het diner die avond.

* meer weten over de geschiedenis van Gran Canaria en de oorspronkelijke bewoners?
Hierbij een link naar interessant artikel hierover op de website ‘Canarische Eilanden’.

Benieuwd naar andere blogs over deze reis?
Hierbij een link naar deel 1; onderaan dat blog vind je een overzicht van alle blogs in deze serie.

Reageren

15 april: Koffie met Gradus.

Vrijdagmorgen 14 april.
Een vrije dag met helemaal niks op de agenda.
Dat heb ik niet zo vaak, dus daar geniet ik van.
10.15 uur, boodschappen binnen, koffie.
Waar ik donderdagmiddag nog in regen en koude wind prei uit de tuin haalde, scheen nu de zon uitbundig ‘en de veugelties fleuten zo mooi’.
Even verderop zat een duif rustig te koeren; ik nam mijn koffie mee naar buiten, haalde een stoelkussen uit de schuur en nestelde me in de zon met mijn borduurwerk.

De waarde van de dag: de eerste lentedag waarop ik weer buiten achter het huis kon zitten.
Zon op het gezicht en een goed gesprek met Gradus, die sinds 2019 onder de Koreaanse zilverspar de wacht houdt.
Verder maakte ik een nieuwe foto voor de omslag van dit digitale tijdschrift: bovenaan deze website prijkt nu een foto van de zonnewijzer met onze tuin zoals die er op dit moment uit ziet: struiken en bomen botten uit en de rode tulpen staan te stralen aan de rand van het tuinpad.

Stilte vermengd met tuin- en buurtgeluiden.
Zen.

Reageren

14 april: Krooje? Spetterkeersie?

Met zien achten zaten wij gezellig um de taofel  in zaal 2 van Op de Helte veur de activiteit ‘Een uurtie Drents’.
Dizze middag haar ik zölf bedacht, maor begun dizze weke dacht ik: ‘Hoe vul ik dat uur? Ie kunt meinsen toch niet een uur laoten luusteren…..die moet zölf ook wat doen.”

Eerst meuk ik een inventarisaotie van alles wat ik op dit gebied al ies daon heb: een Daniël Lohues-aomnd, een streektaolles op een basisschoele in Assen, veurdrachten bij Taol an Tafel en een gezellige middag veur olderen van oonze PKN-gemiente. Overal pikte ik wat uut en zo onstun een programma van een uurtie dacht ik, moar achterof ha’we an dat uurtie niet genog…… het leup een Drents kwartiertie uut.
Een liedtie, een verhaoltie en een beetie geschiedenis: op zu’n middag bin ik in mien element (de accordeon haar ik niet metnummen).
Maor ik was niet allent an ’t woord: de deelnemers an dizze middag beantwoordden een vraoge en mussen zölfs nog an ’t wark.
De vraog was: waor ko’j vot en met wie praot ie nog in joen eigen streektaol?

Hiel verschillende verhaolen heurden wij; zoas bijveurbeeld het biezundere taolverhaol van een gezin uut Wieringermeer, waarvan de oldste twee kinder in het Westerkwartiers opvoedt weuden en twee jongere kinder in het Nederlands. Verder was der een ‘geboren en getogen Roner’ die gien woord streektaol preut! Ze verstun het gelukkig wel.

A’j knienen hebt…

Een zeer divers gezelschap dus.
Ik legde ze een aantal spreekwoorden veur en vreug of ze wussen wat die betiekenden.
Weet ie ’t?
‘A’j knienen hebt, he’j ok keutels’
‘De moezen ligt dood veur de spinde’.
Dan is ’t wal handig a’j weet wat een spinde is.
Ok nuumde ik tien typisch Drentse woorden op, zoals bijveurbeeld ‘krooje’ en ‘spetterkeersie‘.*

Wij zungen met mekaar nog ‘Hier kom ik weg’ van Daniël Lohues en ik las het verhaal over de kleine Gerardje die gung eier zuuken, dat ok al ies op dizze website publiceerd is.

Dizze middag heb ik as PKN-activiteit anbeuden, omdat de streektaol mij nao an het hart lig.
Dit vun ik een mooie gelegenheid um het Drents  positief under de aandacht te brengen.
Met mien enthousiasme veur oonze stokolde taol hoop ik dat ik de meinsen der van heb kunnen overtuugen hoe belangriek het is um in het Nedersaksisch met mekaar te praoten.
Met Roelof en Harm zeg ik:
Blief bij de tied, maor vervul oeze wèens:
Asjeblieft mensen, blief praoten in’t Drèents!

* Spreekwoord 1: bij ieder veurdeel he’j vake ok een naodeel.
Spreekwoord 2: een spinde is een veurraodkaste; as de moezen daor dood veur ligt wordt der armoede leden, dan hef men honger.
Een krooje is een kruiwagen en een spetterkeersie is een vuurwerk-sterregie.

Reageren

13 april: Gran Canaria 6 – “Wat een schatje…..”

Op zaterdag 25 maart, onze trouwdag, huurden we twee auto’s op Gran Canaria: een middeleeuws stadje en een botanische tuin stonden op het programma.
Het stadje heette Aguïmes, oud met smalle straatjes.
Wij hadden de halve historische binnenstad al gezien vanuit de auto; we konden namelijk eerst geen parkeerplaats vinden, want de enige parkeergarage was dicht op zaterdag.
Soms deed ik m’n ogen maar even dicht op de passagiersstoel: we scheerden langs geparkeerde auto’s in overvolle straatjes en op een gegeven moment konden we niet meer verder toen we op een steile helling stonden. Ik was blij dat ik niet achter het stuur zat. Complicerende factor: wij hebben zelf een automaat en de huurauto was er één met versnellingen.
Als je een rijbewijs hebt hoef ik verder niks uit te leggen.
Uiteindelijk was er naast de parkeergarage een plekje voor de auto.

Wandelend volgden we de borden naar het centrum en kwamen aan op een pleintje waar ook de VVV zat.
Maar die was ook dicht.
Toen we een foto maakten van de plattegrond die op de gesloten deur hing kwam de uitbater van het café tegenover wat folders brengen met een plattegrond: fijn!

VVV-kantoor: dicht.

Nu wisten  we waar we langs moeten.
We zochten eerst de kerk op.
Ook dicht.

Op het pleintje voor de kerk zochten we schaduw onder wat bomen.
Daar zat een hippe jongeman met rastahaar, tattoos en piercings, die contact zocht met ons.
Waar we vandaan kwamen enzo.
Hij vertelde dat hij ‘very nervous’ was, want hij werkte in de kroeg waar we voor stonden; het was zijn tweede werkdag en het was spannend geweest gisteren op zijn eerste dag.
De kroeg was toen nog dicht.
De dochters vonden de nieuwbakken ober ‘een schatje’ en wensten hem veel succes.

We maakten een rondje in Aguïmes.
Het werd al in 1491 gesticht door de Spanjaarden.
De oorspronkelijke bewoners van Gran Canaria, de Gaunches, woonden toen nog in grotwoningen, onder andere in de buurt van Agüimes.
Het stadje staat bekend om de Moorse architectuur; we wandelden door de oude stadskern en bekeken de soms een beetje scheefgezakte deuren en raamkozijnen.
Op het plein voor de kerk, het Plaza del Rosario, stond een soort podium opgesteld, waarop drie kruisen stonden.
Er was ook een graf met een verrolbare steen en een opening aan de achterkant.
Het was de setting voor een soort Passiespel dat op 31 maart zou worden opgevoerd, dat vertelden ons de posters die we tijdens onze stadswandeling overal tegenkwamen.

We kwamen terecht bij een atelier, waar een kunstenares ons van alles vertelde over de voorwerpen die gemaakt waren van gerecyclede materialen, zoals papier en stof.
Zij was wel in voor een praatje; als we iets wilden drinken of eten, dan konden we volgens haar ‘daar en daar’ terecht.

Maar dat gingen we niet doen.
We zochten ‘het schatje’ op.
Hij creëerde met een stralende glimlach onmiddellijk een terras voor acht in de schaduw van een boom, bracht heerlijk koud drinken en twee borden met focaccia.
Keurig verdeeld in acht stukken.

Benieuwd naar andere blogs over deze reis?
Hierbij een link naar deel 1; onderaan dat blog vind je een overzicht van alle blogs in deze serie.

Reageren

12 april: Paas-leuk.

“Wie wil er een gekookt ei bij de brunch en wie wil zijn ei gebakken?”
Gerard inventariseerde op maandagmorgen 2e paasdag de antwoorden op de vraag ‘How do you like your eggs in the morning?”
We hadden onverwacht een vol huis die maandag.
‘Almelo’ (2) zou komen brunchen en de Groningers (4) wisten nog niet of ze überhaupt zouden komen want 1e Paasdag was druk en misschien wilden ze wel niks op die maandag.
Maar ze kwamen toch maar; gelukkig is de Jumbo dan open op zo’n bijzondag.

Bij de vraag over de eieren komt dan onvermijdelijk het gezwam over het paasrijmpje dat mijn schoonmoeder altijd declameerde: ‘Eén ei is geen ei, twee ei is een half ei en drie ei is een PAASEI!” In ons gezin wordt dit gegeven dan oeverloos bediscussieerd en uitgemolken en natuurlijk bedenken we nieuwe varianten.
Er waren diverse broodjes: croissantjes, pistoletjes, zelfgebakken broodje, plukbrood en alles moest geproefd onder het motto: Eén brood is geen brood, twee brood is een half brood en drie brood is een PAASBROOD!”
Iemand liet wiskundige formules los op het rijmpje; ik zal je niet vermoeien met de uitkomsten.

We vertelden dat we voor het avondeten patat gingen ophalen: wie blijft eten?
Eén stel moest nog even overleggen of ze zo lang zouden blijven en wogen de voor- en nadelen tegen elkaar af.
Ze begonnen met de voordelen “Leuk één: het is lekker, leuk twee: het is gratis en leuk drie……” “Is een PAASLEUK!” vulde een andere schoonzoon aan. “Eén leuk is geen leuk…..”
En toen was het nog maar 13.00 uur.

’s Middags maakten we een paasborrelplank, waarbij ik een nieuwe variant van een gevuld ei had gemaakt: Italiaans gevulde eieren.
Ik vond het recept in een folder van de Jumbo; de eieren werden goedgekeurd, mag best nog een keer.
Hierbij het recept voor 16 stuks gevulde eieren:

– 8 eieren hard koken en laten afkoelen
– eieren pellen en doormidden snijden. De witte helften op een grote schaal leggen, de dooiers fijnprakken.
– 2 eetlepels mayonaise, 2 theelepels groene pesto, 1 theelepel Italiaanse kruiden.
– Goed door elkaar roeren, zodat een crèmige massa ontstaat.
– Spuitzak met de crème vullen en in de holle helften spuiten.
– Garneren met een klein stukje Serrano-ham.

Nog even voor de kenners van het klaverjasspel: dit had ik op een gegeven moment in mijn hand.
Maar ik zat er niet voor en harten werd geen troef……..

Reageren

10 april: ‘Verwende-sikken’-land.

Vrijdagmorgen 7 april.
Ik doe de paas-boodschappen bij de Jumbo; onderaan mijn lijstje staat ‘paaseitjes’.
Die waren namelijk bij ons thuis al weer allemaal opgegeten.
Vanaf maart stond er een schaaltje op de salontafel met melk-, puur-, witte- en frambozeneitjes, maar daar lagen nog maar 6 in: niet genoeg voor het paasweekend.
In de schappen op de kop van de winkelpaden waren de eitjes niet meer te vinden.
Vooraan niet en achteraan niet.
Eén van de splinterjonge medewerkers wist me te vertellen dat de eitjes uitverkocht waren.

Met de paaseitjes gaat het net als met de chocoladeletters met Sinterklaas: in januari zijn ze al volop verkrijgbaar en als het eindelijk Pasen is zijn ze niet meer te krijgen.
“Dan ga ik zaterdag nog wel even naar de HEMA” overlegde ik met Gerard, die erg gesteld is op chocolade-eitjes met pasen.
Toen ik de HEMA zaterdagmiddag twee keer door was gelopen, bleek dat ook daar de paaseitjes uitverkocht waren.

Nou, dan niet.
Ik ga niet stad en land aflopen voor paaseitjes, dan koop ik ‘gewone’ chocola; ik kocht een zakje gemengde chocolade krakelingen (wit, puur en melk) en liep tevreden de winkel uit.
Buiten was ik getuige van een ontmoeting van een echtpaar met een mevrouw die ze kenden.
“Moi! Ok eem ’t dörp in?”
“Ja, ik moet nog paoseigies hebben, die hadden ze guster bij de Jumbo niet meer.”
“Hol maor op te zuuken, in Roden bint de paoseigies uutverkocht!”

Echt waar.
Het gesprek van de dag.
Man, man man, het is wat.
Wat zijn we toch een ‘verwende-sikken’-land; een land waarin je je druk kunt maken om paaseitjes die niet meer verkrijgbaar zijn.
Tel uw zegeningen.

Vond je het Drentse gesprekje in dit blog leuk en woon je in de buurt?
Als je tijd hebt ben je welkom bij de door mij aangeboden activiteit ‘Een Drents uurtie’  bij onze PKN-gemeente.
Datum: donderdagmiddag 13 april
Tijd: 15.00 – 16.00 uur.
Locatie: Kerkelijk centrum Op de Helte, Touwslager 125, Roden.
kosten:  € 5,=  voor het goede doel Father Petru in Ulmu, Moldavië.
Wat is het: ‘Een Drents uurtie: een paar körte verhaalties, een paar liedties, Drents kwartiertie der bij, dan is ‘t uurtie zo maor um.’
Je kunt je opgeven via een reactie onder aan dit blog of via mijn emailadres bij de kerk: a.waninge@pkn-roden.nl

Reageren

9 april: Opgetild (2)

Gisteren beschreef ik hoe we door de golven werden opgetild tijdens het ‘zwemmen’ in de branding.  Vanmorgen werd ik weer opgetild, niet fysiek maar mentaal. We zongen met de cantorij in de PKN-kerkdienst van deze 1e paasdag en we beleefden met elkaar een inspirerende viering.  Een aantal mooie momenten :

  • Voor de dienst aan speelde organist Erwin Wiersinga een fantastisch stuk dat een applaus verdiende, maar dat doe je niet zo vlak voor een viering. Bij deze:
  • De nieuwe paaskaars werd binnengebracht en voor een jaar op zijn plekje in het liturgisch centrum gezet.
  • We begonnen met het lied ‘Kondigt  het jubelend aan!” waarbij wij als alten samen met de tenoren en bassen  een soort tegenstem zongen. Bij het inzingen ging ik daarmee nog volledig de mist in,  maar op het moment surpreme ging het goed.
  • Bij de overdenking  spoorde voorganger Sijbrand van Dijk ons  aan om het verhaal van Jezus niet te benaderen vanuit het hoofd met dogma’s en theorieen, maar vanuit  het hart: laat je raken door wat je ziet gebeuren. Aan het eind ontroerde hij menigeen met een verhaal over een groep Joodse weeskinderen die omkwamen tijdens de tweede oorlog,  samen met het hoofd van dat weeshuis; gelukkig had ik een zakdoekje in mijn tas.

Mijn advies: ga deze viering terugluisteren/kijken (hierbij een link naar Kerkomroep en naar het PKN YouTubekanaal)  en laat je ontroeren door het verhaal van Sijbrand. Let vooral ook op het virtuoze orgelspel van Erwin voor en na de viering.

Met deze 1e paasdag viering komt er een einde aan de 40 dagentijd
Het telefoondieet is me goed bevallen: de eerste week moest ik echt afkicken, maar nu ben ik er al helemaal aan gewend om hem in mijn tas te laten zitten en af en toe te kijken.
Je mist niks als je vier uur niet op je schermpje kijkt.

Het ‘niet mopperen‘ heeft me inzicht gegeven in mijn gedachtenwereld.
Alles waar ik het niet mee eens ben, alles wat ik raar vind, alles wat me moeite kost, alles wat anders gaat dan hoe ik het zou willen: ik hoef het niet allemaal te benoemen en helemaal niet vanuit de negativiteit. Na die ene week bleef ik er op letten: wat verlaat mijn mond? Positief? Negatief? Bemoeiend? Belerend? Onverschillig? Wat een eye-opener was dit voor mij.

Uitbundig vierden we vanmorgen Pasen.
Toen ik Gerard vroeg naar wat hij het mooist vond zei hij: “Het met elkaar voluit,  jubelend zingen!”
Je hoeft de blogs van Pasen 2020 en 2021 maar terug te lezen en je weet hoe bijzonder het is dat we dit überhaupt mogen doen: onderaan dit blog twee links.
Onderaan het blog uit 2020 vind je een video die Gerard en ik destijds hadden opgenomen als een soort ‘paasgroet’ voor de andere gemeenteleden: die doet vandaag nog een keer dienst als paasgroet anno 2023.
Gezegende paasdagen.

Pasen op afstand uit 2020
Olijk asen uit 2021

Reageren

Pagina 83 van 301

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén