De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

11 november: Dystopisch.

In een kop op internet las ik vorige week: ‘Het boek 1984 van George Orwell  waarschuwde voor een dystopische wereld. Het is te laat; we zitten er al midden in.’
Het bijbehorende artikel heb ik niet gelezen, maar ik bleef met dat woord in mijn hoofd zitten.
Wat is dystopisch? Ik had geen idee; maar tegenwoordig kun je alles opzoeken.

Een dystopie is een denkbeeldige samenleving met louter akelige kenmerken waarin men beslist niet  zou willen leven; het tegenovergestelde is een utopie.
Op internet vond ik wat voorbeelden van een dystopische samenleving:
– leven onder een totalitair regime waarbij er geen ruimte is voor het individu, zijn denkbeelden en zijn vrijheid.
– een wereld die gereguleerd wordt door robots en computers.
– een wereld waarin de mensheid bijna is uitgestorven door een natuurramp,  kernoorlog of een pandemie.

Een dystopische wereld.
Nu ik weet wat het betekent blijft dat andere zinnetje uit die internetkop steeds maar in mijn hoofd spoken ‘het is te laat…..

De overheid die door internet alles van je weet.
“O, ik heb niets te verbergen.”
Nee, nu niet. Maar wat als er een andere overheid komt met andere denkbeelden en wetten?

De klimaatcrisis. Het moet anders, maar de mensheid gaat gewoon door met ontwikkelen, ontdekken en consumeren.
Hoe is het over 20 jaar?

De coronapandemie overkwam ons in 2020. Het ontwrichtte de maatschappij behoorlijk, we hielden ons maar ternauwernood staande.
Wat komt er nog meer over ons aan bacteriën en virussen?

Het doet me denken aan het lied van Annie M.G. Smidt uit de musical Foxtrot: ‘Dansen op een vulkaan’.

Maar we trekken ons er niets van aan
We beginnen weer van voren af aan
Het is altijd zo gegaan
Nooit iets anders gedaan
Dansen op een vulkaan.

Een indringend lied uit een musical, geschreven in 1977.
44 jaar geleden.
De setting is 1939, vlak voor het begin van de 2e Wereldoorlog.
82 jaar geleden.
Onder de titel ‘De laatste dans‘ schreef ik er in januari 2019 al een blog over.
Daar vind je ook een link naar het nummer, uitgevoerd door o.a. Willem Nijholt en Gerrie van der Klei.

(Afbeelding: ‘Dystopie’ van Elliot Anderson via Pixabay)

Reageren

10 november: DEUR UUT!

Sinds vorige week zijn we met een deel van ons gezin weer gestart met ‘de Ommetjes-app’ van de Hersenstichting.
Heb je geen idee wat dat is, lees dan even het blog ‘Waarom moet dat van Erik‘ van vorig jaar.
Hierbij een link naar meer informatie op de website van de Hersenstichting.

Een vriendin van de familie doet ook mee. Deze zin in de uitnodiging haalde haar over de streep: “Maak je geen zorgen als je niet iedere dag meedoet. Harriët zei: ‘Ik stel me kandidaat als onderaanbungelaar: ik heb daar niet iedere dag tijd voor of zin aan, maar ik wil wél meedoen.”
Naast de groep bij de ommetjes hebben we ook een app-groep op onze telefoon voor de communicatie, foto’s enzo .
Het is wel even weer wennen.
Maandag zette ik de app aan toen ik tussen de middag even ging wandelen op het werk.
Na 16 minuten was ik terug, toen telde het ommetje niet: moet minstens 20 minuten.
Maar ik kreeg nog wel wat punten voor het lunch-ommetje en nog iets, weet ik niet meer.
Maar ik wil mijn dagelijkse reeks behouden, dus maandagmiddag na het werk toch nog maar even ‘vertreden.’

Van zondag op maandag had ik beroerd geslapen.
Dat is voor niemand goed, maar als je normaal gesproken 6-7 uur per nacht prima slaapt, dan heeft zo’n gebroken nacht gevolgen voor je welbevinden de volgende dag.
Maandagavond lag ik voor mijn doen dus al heel vroeg in bed en zette geen wekker.

Dinsdagmorgen: ik werd wakker rond de klok van 9.
Vóór de dagelijkse rek- en strekoefeningen keek ik op mijn telefoon.
Foto’s en app’jes.
Carlijn had om 07.49 u al een foto gestuurd van een bos waar ze liep.
Frea stuurde een foto van ‘koffie to go’ onderweg.
Harriët reageerde ‘Ik lig in bed en wil dit niet’.
Dat had mijn tekst kunnen zijn.
Ik stuurde ook een app: “Ik lig ook nog in bed met een aangewakkerd schuldgevoel.
Vriendin stuurde  een foto van zichzelf met een gehavend gezicht: “Ik doe niks. Gisteren staaroperatie.”
Wat dan weer associaties oplevert met ooglapjes en piraten en een prachtig ‘gifje’ van een heldhaftige kat in een piratenoutfit.
En toen lag ik nog in bed hè?
Heb je al weer dikke lol met elkaar.

We zijn weer begonnen en het onderlinge contact maakt het leuker en gezelliger.
Maar het gaat om het 0mmetje: iedere dag minstens 20 minuten.
Met of zonder schuldgevoel, tegen heug en meug of met plezier, maar in ieder geval: D’R UUT!
Waor uut? Deur uut!

Reageren

9 november: Snap jij het?

Vorige week schreef ik over onze cantorij-repetitie op dinsdag 2 november.
Toen wij mopperden dat we een mooi, bekend lied niet vierstemmig zongen, zei Karel: “Hierbij moet je aan het gezamenlijk belang denken. Er zitten in deze gedachtenisdienst misschien mensen in de kerk die niet zo vaak komen en daardoor ook niet bekend zijn met onze liederen. Als wij dan vierstemmig zingen is het lastiger om de melodie mee te zingen; wij zingen dus éénstemmig en geven de gemeente daarmee wat ‘wind in de rug’.
Wij knikten gedwee ondanks het generatieverschil en zongen éénstemmig.
Hele blog lezen? klik dan hier: ‘Niemand leeft voor zichzelf’.

Het lied in kwestie was ‘Licht dat ons aanstoot in de morgen’.
Toen we vorige week hoorden dat het eenstemmig moest was de teleurstelling voelbaar: wat jammer.
Maar het was voor een goede zaak: we gingen de gemeente ondersteunen.

Toen we zondagmorgen dit lied met de gemeente zongen kon zelfs iemand zonder verstand van kerkmuziek wel horen dat de gemeente onze ondersteuning niet nodig had: het werd van harte en uit volle borst meegezongen.
Mensen, ik kon het niet laten: ik zong gewoon de altpartij.  Die ken ik uit mijn hoofd en is te mooi om niet mee te zingen.
In de eerste dienst was ik de enige burgerlijk ongehoorzame en Karel had het volgens mij niet gehoord,  ik kreeg in ieder geval geen reprimande na de dienst.
In de tweede viering zong ik weer de altpartij,  maar deze keer deed buurvrouw alt ook mee en naast mij hoorde ik buurman tenor ook zijn eigen partij zingen.
Stonden we daar een beetje illegaal en stiekem te genieten op de tweede rij.
Als je zelf in een koor zingt snap je dit.
Zing je niet in een koor en zou je dit wel willen snappen? Kom dan een keer langs op onze repetitie op de dinsdagavond om 19.30 uur.

Vanavond is er geen cantorij-repetitie.
Er is bij iemand corona geconstateerd, dus we moeten ons laten testen en voorzichtig doen.
Het zal toch niet weer 5 maanden duren voor we weer mogen zingen met onze cantorij?

 

Reageren

8 november : Een kratje op de achterbank.

Onze dominee Sijbrand van Dijk kan het zo beeldend en treffend zeggen.
In het begin van zijn overdenking in de viering van de gedachteniszondag gistermorgen vertelde hij over het overlijden van zijn vader.
Een week na het sterven moest zijn woning ontruimd zijn.
“Wat overbleef was een kratje met spullen uit het laatste stukje van mijn vaders leven. Spullen waar hij  zo blij mee was geweest, waar hij zo zuinig op was geweest. Het was niet te bevatten: dat iemand die met zoveel aanwezigheid had geleefd, die zoveel karakter tentoonspreidde zomaar weg was en dat alleen dat kratje overbleef dat op de achterbank van mijn auto stond.
Dat iemand dan zo ontzettend afwezig is achter in je auto…. “
Het raakte me.
Het beeld riep emoties op die al wat waren weggezakt in de loop van de jaren.
Dat is wat zo’n viering doet; de namen van de overledenen van het afgelopen jaar worden genoemd, maar iedereen heeft in het verleden geliefden verloren en in zo’n kerkdienst komen die emoties even weer aan de oppervlakte.
Centraal stond de vraag: waar draait het nou eigenlijk om in dit korte bestaan van ons?
Wat is belangrijk in het leven?
Dit haalde ik er gistermorgen uit: ‘Heb lief.’
En dan gaat het niet om wilde erotiek, geen groots en meeslepend leven, maar ‘liefde tussen de regels door’.

Wat mis je  het meest  als iemand is overleden?
Niet wat hij of zij bereikt heeft of de heldendaden,  maar de koffie die je samen dronk aan de keukentafel.
De kus ’s avonds voor het slapengaan. Het wekelijkse telefoontje waarbij je zo heerlijk kon bijkletsen, het samen lachen om een leuke herinnering,  hoe goed hij biefstuk kon bakken en hoe zij het met eenvoudige dingen altijd gezellig kon maken.
De mensen die ons zijn voorgegaan zeggen ons: leef het alledaagse leven met de mensen om je heen en heb aandacht voor het kleine, het gewone.
Aandacht voor die kleine, gewone dingen die wij als eerste vergeten in ons dagelijks leven, want ‘geen tijd’, druk als we zijn op weg naar wat wij belangrijk vinden in onze maatschappij; dingen die er achteraf gezien niet toe deden.

Twee keer werd deze viering gehouden gistermorgen en twee keer werkte de cantorij mee.
En ja,  het was een lange morgen : om 08.10 u stapte ik de deur uit voor het inzingen om 08.30 u,  om 13.00 u was ik weer thuis.

Maar met de cantorij zingen is sowieso al fijn en twee keer zo’n indringend verhaal horen is goed voor een mens; dan ben je nog meer doordrongen van de dingen waar het echt om gaat in het leven.

En…. je krijgt twee keer de zegen!
Daar kun je de week mee in.

Reageren

7 november: Opkikkertje.

Dit jaar hebben wij een scheurkalender op de WC hangen van ‘Mind & Spirit’.
Eerlijk gezegd vind ik er niet zo veel aan.
Veel ‘napraat-wijsheden’, gezweef en  tips over eten waar ik niks mee kan.

Maar de vorige maand was er ineens een blaadje waar ik van opknapte.
Donderdag 28 oktober.
Eigenlijk ook geen nieuws, maar voor mij een bevestiging: ik ben goed bezig.

Volgend jaar wil ik weer een Maarten van Rossem-scheurkalender.

Reageren

6 november: Nu nog?!? 6 – Nagels.

10 weken ‘met beugel’ heb ik er nu op zitten.
Gistermiddag kreeg ik bij de tandarts het 6e bitje ingezet en het 7e kreeg ik mee naar huis.
Inmiddels ben ik al helemaal gewend aan ‘de mond vol plastic’ en heb ik een manier gevonden om er mee om te gaan.
Eten en drinken gaat goed en het inzetten en uithalen gaat ook steeds soepeler.

Eén heel bijzonder gevolg van het dragen van een beugel wil ik vandaag onder de aandacht brengen: ik bijt niet meer op mijn nagels.
Dat kan namelijk niet met een mond vol plastic; ik kan nog geen draadje van mijn breiwerkje doorbijten met de bitjes in.
Al vanaf dat ik baby was zat ik met mijn vingers in mijn mond.
Mijn ouders (en met name mijn vader) ergerden zich er groen en geel aan.
Ettelijke pogingen hebben ze ondernomen om me het nagelbijten te beletten.
Jarenlang zong mijn vader het liedje “Louise, zit niet op je nagels te bijten, bah, wat vies, Louise!”
Hierbij een link naar het liedje van Lou Bandy.
Hielp niet.
Mopperen, straffen, zeuren en verbieden.
Hielp niet.
Een soort vieze nagellak op de nagels strijken.
Hielp niet.
Beloningen in het verschiet.
Hielp niet.
Op het laatst gaven ze het op: het hoorde bij mij, net als het stotteren dat ik tot mijn 25e deed.

De hele wereld bemoeit zich met zo’n nare gewoonte.
“Niet doen. Ophouden! Ga op je handen zitten…”
Hielp niet.
Ook Gerard vond er iets van en wees mij er regelmatig op.
Hielp niet.

10 weken ‘met beugel’ heb ik er nu op zitten en ik heb al één keer mijn nagels moeten knippen.
61 jaar en dan voor het eerst in je leven je vingernagels knippen.
Eerlijk gezegd moet ik er ook wel aan wennen: met gitaarspelen zitten die lange nagels al gauw in de weg.
Ook op het toetsenbord moet ik wennen aan de vingerzetting met langere vingers, datzelfde geldt voor het accordeon spelen.
Verder heb ik mezelf al eens lelijk bezeerd met het uittrekken van een trui: krabde ik mijn eigen arm open.
Het is voor mij een vreemde gewaarwording, ik had nooit gedacht dat ik er nog eens vanaf zou komen.
Maar net als het stotteren waar ik van af kwam kan ik dus nu ook een streep zetten door het nagelbijten.

Maar daar is het hele beugelverhaal niet om begonnen; het gaat natuurlijk om de tanden!
Eén zesde deel van het traject heb ik nu gehad.
Nog 50 weken te gaan.

Benieuwd naar het hele orthodontietraject?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen.

Meer weten over dat stotteren?
Lees dan het blog ‘Zwaar van tong’ uit februari 2018.

Reageren

5 november: Hé! Een heksenhand….!

Woensdagmiddag raapte ik een heel groot blad op dat van een boom was gevallen.
Heel mooi geel en bruin, van minstens 25 cm doorsnee.
Geen bijzonderheid in deze tijd, het is immers herfst.
Ik legde het blad plat op ons aanrecht: misschien kon er nog iets mee doen in een bloemstuk of zo.

De volgende dag toen ik uit het werk kwam was het blad helemaal verschrompeld.
“Kijk” zei ik tegen Gerard, “een heksenhand…..”
Hij keek me aan of hij het in Keulen hoorde donderen.
“Heksenhand? Hoezo?”
“Weet je niet meer van dat spannende prentenboek uit de bibliotheek dat we vroeger voorlazen voor de kinderen?”
Nee dus.

Ik vroeg het via de gezinsapp aan de dochters; ik  stuurde een foto van het blad en vroeg: “Wat is dit? Waar doet je dit aan denken?”
4 minuten later kreeg ik al antwoord: HEKSENHAND!

Er zijn van die boeken die je niet vergeet. Dit was er zo een.
Het begon zo:
Jakkes! Wat is dat afschuwelijke, bruine, gekreukte ding dat George daar aan de muur ziet hangen? 
Papa weet het – maar het is zo afschuwelijk, in het begin wil hij het zelfs niet zeggen,
Maar George smeekt. En dus, na te hebben gewaarschuwd dat het heel eng is begint vader een verhaal over een gruwelijke, lelijke heks, die hij op een nacht heeft betrapt in de kamer van George. Vader probeert de indringster weg te jagen en wordt bijna door de heks overmeesterd…….. als moeder binnenkomt met een zwaard dat in de bezemkast stond en de hand van heks afhakt. 
De hand verschrompelt en papa en mama prikken de hand met een punaise aan het prikbord als herinnering om ’s nachts de deur op slot te doen. 
Natuurlijk vertellen ze George later het ware verhaal van het verschrompelde, bruine ding.

Het was een feest om dit boek voor te lezen.
Het verhaal dat de vader vertelt werd eng door de geluiden die hij hoorde; zacht, kakelend lachen, smakkende geluiden, glibberige geluiden, ritselen, tikken…..
dan kun je je als voorlezer helemaal uitleven in stemmetjes en geluidjes.
Ik kan het gevoel van een warm kinderlijf tegen me aan nóg voelen.
Ze gingen steeds dichter bij me zitten……

Sweet memories.

Reageren

4 november: Het lelijke jonge zwaantje.

Iedereen kent het sprookje van het lelijke jonge eendje van Hans Christiaan Andersen: het verhaal van een klein eendje dat door alle dieren op de boerderij en alle eenden in de vijver verstoten wordt omdat hij zo lelijk is. Na de winter komt hij er achter dat hij geen lelijke eend is, maar een prachtige witte zwaan.

Bij Casa Grada in Westerbork waren wij getuige van de omgekeerde versie van dat sprookje.  Er zwommen twee statige knobbelzwanen op het meer,  met in hun kielzog een pubergans.  Het gansje  week niet van hun zijde en zwom constant achter de twee zwanen aan.  Toen wij op ons terras stonden kwam het drietal naar ons toe gezwommen. Vriendin Bea wilde een gezellig gesprekje beginnen,  maar daar waren ze niet van gediend: de beide zwanen bliezen naar ons en beschermden daarmee hun ‘kind’.

Wij weten niet wat er gebeurd is.  Heeft iemand een ganzenei in het zwanennest gelegd?  Is moeder gans verongelukt en is het ganzenkuiken door de zwanen geadopteerd? We zullen het waarschijnlijk nooit te weten komen. Het drietal was er in ieder geval van overtuigd dat ze één gezin vormden.

Toen we op een avond nog even bij kaarslicht aan het water zaten (we hadden nog hoge temperaturen voor de  tijd van het jaar)  kwam de bijzondere familie ons nog even weer met een bezoek vereren.  Prachtig om te zien, die statige witte vogels in dat gitzwarte meer. Het enige wat we hoorden was het zachte kabbelen van de golfjes die de dieren veroorzaakten.
Het gansje zwenkte er wat onbeholpen achteraan.

Vaste lezers weten dat ik een zwak heb voor sprookjes; eigenlijk ben ik wel benieuwd hoe dit sprookje afloopt.
Er komt vast een moment waarop het lelijke jonge zwaantje ontdekt dat hij of zij een gansje is…..laten we hopen dat het in ieder geval lang en gelukkig leeft.

Reageren

3 november: Niemand leeft voor zichzelf.

Aanstaande zondag is de gedachteniszondag: dan herdenken we alle gemeenteleden die dit jaar overleden zijn.  Tot vorig jaar werd die dienst gehouden op de laatste zondag van het kerkelijk jaar,  (de zondag voor de 1e advent), maar met ingang van 2021 heeft de kerkenraad besloten om deze speciale viering dichter bij 2 november te houden.  Op die datum is het  in de Rooms Katholieke traditie Allerzielen; ook landelijk is voor het herdenken van de gestorvenen op die datum aandacht, met op de televisie bijvoorbeeld het programma ‘Voor wie steek jij een kaarsje aan?’ en ook uitvaartorganisaties doen iets met herdenkingstochten en lichtjesavonden.

Aanstaande zondag dus; met de cantorij werken we mee aan die viering.
Gisteravond was de laatste repetitie; we repeteerden mooie liederen onder leiding van onze cantor Karel.
Bij het lied ‘Niemand leeft voor zichzelf’ wilde hij ons even iets vertellen.
“Er is iets met dit lied.  Deze week had ik een gesprek met mijn leraar. Samen hebben we geconstateerd dat het in de huidige samenleving steeds meer ‘ieder voor zich’ is;  er wordt steeds minder gekeken naar het gezamenlijk belang. We hadden het ook over de tekst van dit lied, ‘Niemand leeft voor zichzelf’. Bij die zin moet ik aan jullie denken, aan dit koor.  Jullie stralen die zin met elkaar uit.”

Zie je onze cantorij,  dan zie je voornamelijk 60 en 70 plussers.
Mensen uit een heel andere generatie dan Karel,  die nog geen dertig is.
Toen hij onze dirigent werd  was ik benieuwd of het een beetje zou klikken, maar die vrees was ongegrond.
Het compliment dat hij ons gisteravond gaf laat het verschil in generaties zien.
Wij zijn opgevoed in een heel andere tijd dan hij.
Het compliment laat ook zien hoe wij boffen met zo’n dirigent.
Een slimme jongen is het ook.
Toen wij mopperden dat we een mooi, bekend lied niet vierstemmig zongen, zei hij: “Hierbij moet je aan het gezamenlijk belang denken. Er zitten in deze gedachtenisdienst misschien mensen in de kerk die niet zo vaak komen en daardoor ook niet bekend zijn met onze liederen. Als wij dan vierstemmig zingen is het lastiger om de melodie mee te zingen; wij zingen dus éénstemmig en geven de gemeente daarmee wat ‘wind in de rug’.
Wij knikten gedwee ondanks het generatieverschil en zongen éénstemmig.

Op de website van onze PKN-gemeente is te lezen dat het in de kerkdienst van a.s. zondag gaat over de vraag: wat is het grootste gebod?
Waar draait het nou eigenlijk om in dit korte bestaan van ons?
Vele dingen worden ons voorgehouden.
Dat we zinvol moeten zijn, succesvol, belangrijk of beroemd.
We moeten iets voorstellen.
Jezus zegt: Heb lief.
Dat is het. Het je naaste lief. Je zelf. En God.
Niemand leeft voor zichzelf.

Reageren

2 november: Voor-genieten.

Dinsdagmorgen: een vrije dag met behoorlijk lijstje van ‘dingen te doen’.
Als ik de gordijnen openschuif kijk ik in de mist.
Zou deprimerend kunnen zijn, ware het niet dat het deze week op Radio 5 stemweek is voor de Evergreen Top 1000 aan het eind van de maand.
Deze week heeft volgens mij twee doelen:
1. Dat zoveel mogelijk mensen hun stem gaan uitbrengen voor die lijst; men brengt je met oude muziek alvast in de stemming, een soort voor-genieten als het ware.
2. Dat je al een groot deel van de lijst hoort, zodat je eigenlijk twee evergreen top 1000 weken hebt, maar dan deze week  zonder al die nummers.

Wat de redenen ook zijn: het maakt mij niet uit, ik geniet met volle teugen van de muziek die wordt aangeboden.
Vandaag ga ik mijn stem ook uitbrengen, één van de ‘dingen te doen’.
Daarbij laat ik mij niet leiden door wat ik allemaal hoor: ik heb mijn eigen lijstje met altijd dezelfde nummer 1.

Ga je ook nog stemmen?
Bedenk dan ook van te voren wat jouw evergreens zijn; als je je laat leiden door de lijst die wordt aangeboden gaat het ongeveer zo: “Oh ja, die is leuk!” denk je dan. “O, en die ook!’  “O, dat is lang geleden, die wil ik ook!” Dan zit je aan het eind van de ‘B’ al op de limiet van 20 nummers…..

Reageren

Pagina 159 van 411

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén