een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Kerk & gemeente Pagina 27 van 57

Kerkdiensten, bijeenkomsten van de PKN-gemeente Roden-Roderwolde

31 augustus: Gemiep over details.

“Goed verhaal, daar had ik wat aan!”
Gerard en ik herkenden allebei veel in wat dominee Walter Meijles gistermorgen zei in zijn overdenking.
Over bezeten zijn en over niet los kunnen laten.
Over ‘moeten’ en ‘van wie moet dat dan’ en ‘waarom wil je dat’: wat is de achterliggende reden?
En over tijd maken voor reflectie,  jezelf leeg maken voor stilte en gebed.

Hinsz-orgel in de Catharinakerk Roden

Had ik het vorige week over heimwee naar het zingen met de cantorij: vanmorgen overviel me het gemis van het historische Hinszorgel in de Catharinakerk. Dat kwam door organist Erwin Wiersinga die twee mooie stukken speelde na de preek en tijdens de collecte. Er zullen vast mensen zijn die vinden dat het niks uitmaakt: een orgel is een orgel.  Maar de klank (en de entourage) van het oude orgel in de kerk op de Brink in Roden vind ik vele malen mooier dan het orgel in Op de Helte: die kerkzaal is groter en klinkt hol door het gebrek aan veel mensen en de muziek klinkt scherper en minder intiem. Dit is natuurlijk gemiep over details in een tijd dat we al blij mogen zijn dat we vieringen kunnen organiseren,  maar het moest me toch even van het hart.

De zegen aan het eind van de viering werd over ons uitgezongen door een opname van het  Theologisch Vocaal Ensemble.
Een canon, lied 814: ‘Wees gezegend, waar je ook heen gaat’.
De voorganger vroeg ons om de ogen te sluiten en het over ons heen te laten komen; ik was burgerlijk ongehoorzaam en deed m’n ogen niet dicht,  maar las de tekst en de noten mee in het liedboek.  Wat een prachtig lied!
Een lied om te onthouden en een keer uit te voeren met het Af&Toe-koor.
Want als je het over heimwee hebt…..

Reageren

24 augustus: Welke woorden neem je mee naar huis?

Niet in buitenlucht onder de bomen in Roderwolde maar in Op de Helte kwamen we gistermorgen als PKN-gemeente  bij elkaar.  Volgens voorganger Sijbrand  van Dijk had buienradar roet in het eten gegooid, maar volgens mij was het niet buienradar maar de stromende regen waarin wij vanmorgen naar de kerk liepen.

Ergens in de viering gistermorgen stelde dominee Sijbrand van Dijk de vraag in de titel van dit blog: maar naast woorden nam ik eigenlijk van alles mee naar huis.

– een lied,  in casu 286, waarbij het zingen even lastig werd van ontroering door de mooie melodie en de troostende woorden.
Steek een kaars aan tegen al het duister, als een teken in een bange tijd,
dat ons leven niet in wanhoop eindigt, dat de vrede sterker is dan strijd. 
Want het licht is sterker dan het donker, en het daglicht overwint de nacht
zoek je weg niet langer in het duister keer je om en zie Gods nieuwe dag.

– een vraag: “Mis je God in coronatijd?” De vraag werd gesteld bij het onderdeel ‘Om er in te komen’ en de reacties die de vraag opriep waren eerlijk en riepen veel herkenning op.

– een beeld. We brachten de onderlinge verbondenheid inzichtelijk door het gooien van bollen wol naar mensen waar we lijntjes mee hadden door vrijwilligerswerk en gemeentezijn. Het werd een wir-war van draadjes en iedereen was op verschillende manieren met anderen verbonden.
Op de afbeelding zie je de draadjes. (even op klikken voor een vergroting)
Let ook even op de parasol op het podium….

– een melodie: de begeleiding van de gemeentezang werd vanmorgen verzorgd door een deel van Fanfare Oranje (zie foto). Als Oranje speelt zing ik heel vaak niet mee, omdat ik dan de andere melodielijnen beter kan horen. Toen ik wel mee wou zingen bij ‘Abba Vader’ bleek dat mijn altpartij helemaal niet klonk bij de zetting die Oranje speelde.
Later werd duidelijk dat dat kwam omdat dirigent Wilbert Zwier deze zetting zelf  had geschreven en daarmee de oorspronkelijke zetting van dit Opwekkingslied had veranderd.
Maar wat een mooie zetting! Het orkest speelde bij bepaalde regels over de gemeentezang heen. Omdat de viering vanmorgen niet in Roderwolde was, kun je terugluisteren en/of kijken via kerkomroep.

– een woord: in zijn overdenking zei de dominee dat hij er niet aan moest denken dat er vanwege corona op den duur helemaal geen kerkdiensten meer zouden zijn.
We hebben deze kring nodig om onze verbondenheid met God en met elkaar zichtbaar te maken”.

Woorden, liederen, beelden, vragen: wat neem je mee?
Na de kerkdienst sprak ik nog even met een collega-alt (op anderhalve meter); fijn dat we binnenkort weer met de cantorij kunnen zingen.
Dat nam ik ook nog mee: de heimwee naar het zingen in ons koor.
De voorganger drukte ons op het hart om niet te blijven hangen in wat allemaal niet meer kan en/of mag: zoek nieuwe wegen en mogelijkheden en blijf met God en met elkaar verbonden.

Reageren

6 augustus: A.s. zondagavond mooi weer in Roderwolde.

Mensen die niet van zelf zingen houden en die niet in een koor zingen, zullen misschien niet begrijpen waarover ik schrijf in dit blog, maar ik ga het toch proberen uit te leggen.
Woensdagavond zaten we met z’n vijven in onze woonkeuken met minstens anderhalve meter tussen ons in: Monique met haar dwarsfluit, Piety (sopraan) en ik (alt) met onze gitaren en/of blokfluiten, tenor Gerard en bas Jaap.
A.s. zondag werken we met dit kwintet mee aan een zomeravond-vesper in Roderwolde;
deze viering wordt gehouden in het Openluchttheater.

Het was onze tweede repetitieavond. Vorige week was het nog hopeloos geklungel en gezoek naar noten en akkoorden, maar iedereen had afgelopen week flink geoefend, dus gisteravond klonk het al heel behoorlijk. We zongen vierstemmig, éénstemmig, met en zonder dwarsfluit en met en zonder gitaar. Door corona heb ik de gitaar zo weinig in mijn

handen gehad dat de eeltkussentjes op mijn vingers (iedere gitarist heeft dat) al bijna weg waren. Dat heb ik vanaf mijn 12e niet meer gehad; kun je nagaan.

Het samen zingen en musiceren veroorzaakte een trilling van binnen.
Een emotie die van uit je buik omhoog kruipt en een tinteling achter in je keel geeft.
Het was niet eens allemaal heel zuiver en perfect uitgevoerd, maar samen zingen/musiceren geeft een extra dimensie in je lichaam.
Na een lied hoefden we elkaar alleen maar aan te kijken.
“Fijn hè, dat dit weer kan!”
“Wat genieten is dit.”

Zo is het mensen.
Wat fijn dat dit weer kan.
We blijven afstand houden, maar buiten durven we het dit weekend wel aan: in het openluchttheater in Roderwolde is ruimte genoeg.
Kom je ook meezingen met dwarsfluit en gitaar a.s. zondag?
Misschien voel jij die bijzondere trilling van binnen dan ook wel.
Het begint om 19.00 uur en het belooft prachtig weer te worden.

Reageren

26 juli: De parel en de schat

Als je een christelijke opvoeding  hebt gehad associeer je de woorden uit de titel van dit blog met de gelijkenissen die Jezus daarover vertelt. (Ook lezen? Hierbij een link naar Mattheus 13 in de Basisbijbel on line. Het gedeelte begint bij vers 44)
Voorganger Eelkje de Vries vertelde dat ze het wat lastige parabels vond.
Dan heb je alles wat je had verkocht om die parel of de schat te bemachtigen; en dan?  Hoe voorzie je dan in je levensonderhoud?”
Ik hou wel van zulke praktische bezwaren bij zo’n verhaal, zo denk ik namelijk ook.

Maar zoals zo vaak zijn de verhalen op veel meer manieren uit te leggen. Vanmorgen wees de predikant ons op de houding van de ontdekkers van de schat en de parel. Ze zijn laaiend
enthousiast en zetten alles op alles om het te bemachtigen.  Kunnen wij daar iets mee?  ‘Laaiend enthousiast ‘ staat haaks op hoe ik het leven in coronatijd beleef.  ‘Bang, achterdochtig en gelaten’ zijn woorden die de lading beter dekken. Enthousiasme beleef ik bij gezamenlijke activiteiten die we als kerkgemeenschap organiseren op het gebied van zingen en themabijeenkomsten, maar alles waar ik normaal gesproken warm voor loop gaat niet door of vindt plaats met de afstandelijke en verlammende anderhalve meter.  We zijn al wel weer bezig om activiteiten te organiseren voor het volgende seizoen,  maar hoe ziet de wereld en dan uit?

Vanmorgen hoorden we dat we de coronacrisis kunnen gebruiken om ruimte te geven aan verandering.  Als dingen niet meer kunnen zoals we gewend zijn,  kunnen we dan andere vormen vinden?  Moeten we gewoontes waarin we zitten vastgeroest loslaten?  Zijn we als kerk niet veel te veel bezig met ons eigen voortbestaan?

Verder stond de pastor stil bij de vraag: “Wat hebben we geleerd van de crisis?” Gaan we de dingen anders doen,  ook als dat gevolgen heeft voor de inhoud van onze portemonnee.? Of voor ons gezapige leven? In het laatste stukje van haar overdenking wees ze ons nog even fijntjes op onze verantwoordelijkheden met betrekking tot de ‘Black lives matter’-discussie, de vluchtelingenproblematiek en ons omgaan met de schepping.

Als slotlied zongen we lied 841  ‘Wat zijn de goede vruchten’.
We zongen over liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing.

Niet zeuren dus.
Aan het werk.

Reageren

19 juli: Geen boven- en onderkant.

“Het wordt niet vaak mooier as in de folder, altied weer wat doms wat alles underuut haalt” zingt Daniël  Lohues in het lied ‘O ja dat was mooi’.
Daarover ging het vanmorgen in de viering in Op de Helte.
Niemand  is perfect en het leven is ook nooit helemaal perfect.
We lazen de gelijkenis  uit Mattheüs 13 waarin Jezus vertelt over een man die goed zaad zaaide; maar ’s nachts kwam er iemand die er onkruid bij zaaide.  De eigenaar van de akker wiedde het onkruid er niet gelijk uit,  maar scheidde het graan pas van het onkruid bij de oogst.
Wat kunnen wij met dit verhaal?  Accepteer dat het onkruid er is. Narigheid die je overkomt is niet speciaal  tegen jou gericht. Heb je een fout gemaakt?  Weeg het niet te zwaar; wees mild in je oordeel, ook over jezelf.

In mijn jeugd hoorde ik ook al preken over deze gelijkenis.  Daarin werd ons verteld dat God bezig was aan een borduurwerk en dat Hij de mooie bovenkant (rechts)  bekeek en dat wij mensen tegen de onderkant (links) aankeken met afhechtingen en over elkaar  heen getrokken draden. Toen wij in Roden kwamen wonen rekende Ds. Piet Vellekoop in één van de eerste preken die wij van hem hoorden helemaal af met dat beeld.  Het is niet God die dat onkruid zaait; dat heeft een vijand gedaan! Dat was destijds een voor mij geheel nieuwe zienswijze.

De hele dienst bleef dat lied van Daniël Lohues door mijn hoofd spelen.
Lohues zingt over hele gewone dingen; dit lied bijvoorbeeld gaat over een voorval in de HEMA in Klazienaveen. Hij stond in de rij bij de kassa en voor hem stond een oude man die bij de HEMA iets gevonden had waar hij al heel lang naar had gezocht. De oude man knipte even met zijn vingers en vertelde daarbij dat hij dat altijd deed als er iets moois gebeurde dat hij niet wilde vergeten. Als je dan even met de vingers knipt ga je er niet gedachteloos aan voorbij. Lohues wil met zijn lied zeggen: het valt niet altijd mee, maar áls het dan een keer meevalt, geniet er dan ook van.
“Het is niet vaak zo mooi, as in de verhalen, maor as het wél zo is, wees d’r op verdacht….”
Luister maar eens naar het lied, hierbij een link naar de video op YouTube. 

Dus.
Niet vergeten um d’r eem bij stille te staon, niet vergeten eem knippen met vingers.
En weeg het onkruid niet te zwaar.

Reageren

13 juli: Een uitkijkpunt.

Eindelijk weer eens ooggetuige-blog in de categorie ‘Kerk & gemeente’: gistermorgen gingen Gerard en ik voor het eerst weer ’ter kerke’.
Op 8 maart hadden we de laatste viering met de gemeente bijgewoond; teruglezend in mijn blogs over die periode stuitte ik op het blog van 13 maart ‘Menens. Zonder krenten’. 
Toen dachten we nog dat het voor twee weken zou zijn……

We mogen weer met honderd mensen bij elkaar komen, maar de kerkenraad heeft besloten om het eerst nog voorzichtig aan te doen.
Eerst maar eens met 30 mensen en ‘kiek’n hoe ’t giet’.
De vieringen waren vanaf 15 maart steeds in de Catharinakerk opgenomen, want alleen daar was een camera om de dienst op te kunnen nemen.

…. aan de knoppen….

Het camera- en beamteam heeft de laatste maanden hard gewerkt en heeft nu ook eenzelfde installatie in Op de Helte geïntstalleerd en die werd vanmorgen voor het eerst uitgeprobeerd.

Het was spannend voor de mensen achter de knoppen en dat zag je aan ze.
Ook de organist vond het spannend: vaste organist Ad van Nes is ziek en had een vervanger gevonden in de persoon van Hein Peter Nauta.
Ook voor de kerkgangers was het anders dan anders. In de kerkzaal stonden een aantal tafels opgesteld met steeds drie stoelen eromheen, zodat je anderhalve meter uit elkaar kon zitten.

Aan het begin van de viering noemde voorganger Sijbrand van Dijk deze kerkdienst een uitkijkpunt. Een plek waar je even uitrust en waar vanaf je om je heen kijkt: waar komen we vandaan? Wat is er de afgelopen maanden allemaal gebeurd? Hoe nu verder?
De bijbellezing vertelde ons het verhaal van de zaaier die uitging en om te zaaien en wat er verder met dat zaad gebeurde. “Het gaat niet zozeer om de plek waar dat zaad terechtkomt” hield de predikant ons voor “het zaad is het belangrijkst. Het goede zaad dat God ruim en met handen vol om zich heen strooit. Daar moeten wij iets mee doen.”
Daarbij moest ik denken aan de uitspraak van majoor Bosshardt die ik vandeweek ergens las. ‘Godsdienst is mensendienst.’ Met andere woorden: zie om, doe recht, spreek bevrijdend.

Alles was vreemd, alles was anders, maar één ding was voor mij hetzelfde gebleven: het zingen. Wat een verademing om weer voluit met elkaar te kunnen zingen!
Je longen weer volzuigen en van harte zingen: wat heb ik dat gemist.
Het eerste lied was ‘De vreugde voert ons naar dit huis’ en als glorialied zongen we ‘U zij de glorie!’
De begeleiding van de gemeentezang was bij organist Hein Peter in goede handen.
Wij zijn in Roden natuurlijk verwend met prima organisten, maar hij kan er ook wat van.
Bach, Vivaldi, maar ook Ennio Morricone, de componist die deze week overleed: wij hoorden vanmorgen ‘Once upon a time in the west’.
Na de viering kreeg hij een welgemeend applaus van de mensen die er nog waren.

Wat fijn dat het weer kon met 30 mensen.
Maar toen ik om me heen keek dacht ik: ‘Er kunnen op deze manier ook zat 100 mensen in’. Wat mij betreft wachten we daar niet mee tot september.
Hoe meer zielen, hoe meer vreugd.

Reageren

14 juni: Erfenis.

Als je naar de kerk gaat ontwaar je soms de stem van God.
In de muziek, als er uit de bijbel wordt gelezen, een gedicht, in de overdenking: het kan van alles zijn.
Vanmorgen bekeek ik op mijn tablet de viering vanuit de Catharinakerk.
Dominee Sijbrand van Dijk legde de vinger in deze kerkdienst op de zere plek en dat is natuurlijk de onrust die wereldwijd is ontstaan door de ‘Black lives matter’-demonstraties.

Deze week kreeg ik van een gemeentelid een column toegestuurd uit Trouw van Stevo

Abraham Kuyper (afbeelding: Wikipedia)

Akkerman onder de titel ‘Modderspruit’. Het ging over de ongemakkelijke ontdekking van een theologiestudent dat Abraham Kuyper een racistische kant had die hij niet kende. Kuyper zag Afrikanen als minderwaardig en met Kuyper in de hand hebben veel Nederlandse Christenen tot het einde toe de apartheid verdedigd.
Mijn vader hoorde daar ook bij. Hij zat als kind op de Paul Krügerschool in Coevorden en was duidelijk voorstander van de boeren in Zuid Afrika, hij kon mooie verhalen vertellen over de Boerenoorlog.
Zo was hij immers opgevoed.
Maar dat botste met wat ik voorgeschoteld kreeg op de Christelijke Scholengemeenschap in Assen. Het heeft mij veel energie, tijd en verdriet gekost om een weg te vinden tussen aan de ene kant een vader waar ik zielsveel van hield en aan de andere kant de vader waar ik het op dit gebied pertinent mee oneens was.
Het onderwerp is voor mij een wond die nooit helemaal dicht gaat.

Vanmorgen luisterde ik naar de preek van Sijbrand.
Hij zei o.a. “Schouder aan schouder, zo zijn wij geschapen.
Niet met de voet van de één op het hoofd van de ander.
……
Nu is het aan ons om het op te pakken.
Het is de hoogste tijd om op te staan.
Ga en genees.
Breng bijeen en maak heel wat kapot is gegaan.
Ga.
Luister.
Zegen.
Doe recht; vooral dat,  doe recht.”

Zo’n overdenking helpt mij om in de veelheid van gedachten, meningen, opinies én de herinneringen vanuit mijn eigen geschiedenis mijn gedachten te ordenen.
De voorganger sloot de dienst af met de Franciscaner zegenbede, waarvan de laatste regels zijn:

Moge God ons zegenen met voldoende dwaasheid
om te geloven dat we verschil kunnen maken in deze wereld,
zodat we kunnen doen waarvan anderen zeggen dat het onmogelijk is.

Wij zitten als witte Europeanen met een collectieve erfenis van schuld en verdriet om wat er in onze geschiedenis is gebeurd.
Als je kijkt naar de viering van vanmorgen (hierbij een link) zie je aan het eind een video, opgenomen met een aantal kleuters met een witte en een zwarte pop.
Wat die kleuters laten zien is het resultaat van eeuwenlange onderdrukking van andersgekleurde bevolkingsgroepen.
Het laatste meisje verdient volgens onze dominee de Nobelprijs voor de vrede.

Deze website is een digitaal tijdschrift met iedere dag een nieuw artikel.
Het beschrijft mijn waarde van de dag, waarbij ik de ene keer wat meer van mezelf laat zien (zoals vandaag) dan de andere keer.
Het is niet bedoeld als discussieforum; neem van mij aan, dat heb ik in mijn leven al genoeg gedaan. 

Reageren

11 juni: Ge-reset.

Toen ik de titel van dit blog getypt had dacht ik: “Wat een raar woord eigenlijk.” maar toch is dit wat we gisteravond met elkaar constateerden. We zijn collectief ge-reset.
‘We’ zijn de leden van Gespreksgroep ’93. Op 2 maart hadden we onze laatste bijeenkomst.
Toen ik even terugbladerde in mijn agenda zag ik een volbeschreven blad van een week waarvan we toen al zeiden: “Drukke week!” Het lijkt wel een ander tijdperk.

Het was de bedoeling dat we gisteravond samen met predikant Sijbrand van Dijk even gingen kijken in de aangepaste kerkzaal van Op de Helte waar misschien binnenkort weer kerkdiensten gehouden worden voor 30 personen. Het begin was al weer heerlijk: even geiten aan de bar met koster Gerard en bijpraten met Saakje.
Gisteravond waren we met z’n tienen; we zaten in een vergaderruimte in een grote kring met allemaal een tafel voor ons en anderhalve meter tussen ons in. Een heel andere setting dan onze gebruikelijke bijeenkomsten: gezellig met z’n drieën op één bank bijvoorbeeld in iemands huiskamer; nu  leek het meer op een vergadering. Maar wát een leuke vergadering!
Het was maar goed dat Tini de leiding nam en iedereen om de beurt aan het woord liet, anders was het één kakafonie van verhalen geweest. Wat hadden we elkaar veel te vertellen, wat is er veel niet doorgegaan, maar wat is er ook veel wel gebeurd.

We vertelden elkaar hoe we door de coronacrisis heen zijn gekomen, wat het met ons deed. Daar kwam het resetten aan de orde. Hoe gaan we na corona verder? Gaan we dingen anders doen? Want het was namelijk niet alleen maar kommer en kwel. Er was ook tijd: voor elkaar, voor hobby’s, voor een gesprek met een oude tante die anders altijd ongelegen belt maar nu langdurig te woord kon worden gestaan, kortom: meer rust in de tent.
Ook niet verkeerd, constateerden we met elkaar.

Sijbrand wilde graag weten hoe we de kerkdiensten hadden ervaren.
Het bleek dat iedereen wel kijkt, maar het zingen werd als ‘niet fijn’ ervaren.
“Ik moet eerlijk bekennen dat ik dat soms doorspoel” merkte iemand op.
Verder wordt de interactie gemist; ook Sijbrand vond dat een groot nadeel, je hebt geen contact met gemeenteleden.
Iemand zei: “Ik zie die on-line-vieringen’ als een pleister. Het is fijn dat het even zo kon, maar we moeten zo snel mogelijk weer naar echte ontmoetingen.  Als dat niet kan zoals we gewend zijn, dan moet het anders. Misschien is dit wel het kantelpunt in de protestantse traditie van ‘dominee spreekt – gemeente luistert’; zo’n crisis biedt ook kansen om vastgeroeste gewoontes te veranderen”.
Er werd nog even gebrainstormd over mogelijkheden en uitdagingen en toen was het al weer ruim over tienen.

Met rode wangen kwam ik thuis.
Wat een leuke avond, wat heb ik dit gemist!
Maar ook: te volle dag.
Gefietst naar Groningen, gewerkt, boodschappen gedaan, gespreksgroep….. dit wou ik toch anders gaan doen…?

Reageren

7 juni: In goed gezelschap.

Als er geen coronavirus was geweest hadden wij vorige week met de Cantorij Roden gezongen in de feestelijke viering van eerste Pinksterdag.
Dan waren Gerard en ik op zondagmorgen vroeg vanuit Wezuperbrug naar Roden gereden en hadden we de viering live meegemaakt, om vervolgens na de koffie weer aan te schuiven aan het ontbijt-koffie/thee-lunchbuffet met ons gezin.
Nu ik niet hoefde te zingen namen we ons voor om die viering te bekijken op YouTube, maar de internetverbinding in Wezuperbrug was dermate slecht dat we niet eens op Buienradar konden kijken, laat staan een kerkdienst konden volgen.
Daarom dus vorige week sinds maanden geen ‘kerkelijk blog’.

Vanmorgen zaten we weer samen voor de televisie voor de viering van vandaag, zondag Tinitatis/Drievuldigheidszondag.
Dominee Walter Meijles begon zijn betoog met de vraag: “Wat is autoriteit?”
Het is niet hetzelfde als macht. En iemand die autoriteit uitstraalt hoeft niet autoritair te zijn. Wat een lastig begrip; volgens de voorganger was een goede Nederlande vertaling van dit woord ‘volgbaarheid’. In mijn hoofd gebeurt er dan van alles: ik zoek voorbeelden, vraag me af wie ik als autoriteit zou willen volgen en wie niet en vervolgens mis ik het volgende deel van de overdenking.

We lazen vanmorgen het laatste hoofdstuk van het evangelie van Mattheus, waarin Jezus zijn leerlingen ontmoet  en zegt: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. Ga dus op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen,
Wat vind ik dat een lastig gedeelte.
Het doet mij denken aan de ongebreidelde ‘evangelisatiedrift’ die gepaard ging met het koloniseren van hele werelddelen. Dat was natuurlijk gebaseerd op het verdienen van veel geld, maar werd ondersteund door deze bijbeltekst.
‘We’ waren goed bezig.
De predikant legde vanmorgen het accent anders.
Hij begon met het benoemen van die bovengenoemde misstappen: onder dwang mensen iets laten geloven is niet de weg.
De weg is niet schoolbanken en leerboeken, maar voorleven, laten zien wat het geloof voor jou betekent.

Ik kon mijn gedachten bij dit onderwerp niet goed bij de les houden.
Het ging alle kanten op: hoe doen wij dat dan in ons dagelijks leven?
Wat leerde ik van mijn ouders?
Wat hebben we onze kinderen geleerd?
Is het niet goed om dingen maar gewoon uit je hoofd te leren?
Of juist wel?
Meer vragen dan antwoorden.
Gelukkig stond er in het gelezen gedeelte uit Mattheus ook deze zin: ‘en toen zij hem zagen bewezen ze hem eer, al twijfelden enkelen nog. ‘
De discipelen wisten het dus soms ook niet, ik bevind mij met mijn twijfel in goed gezelschap.

Het zingen blijft een ding.
Geen ding eigenlijk.
Wij zingen met z’n tweeën mee met de teksten die in beeld komen, maar het ‘zindert’ nooit. Als er iets is wat ik het meest mis in deze tijd is dat het samen zingen.
Als pleister op die wonde was er vanmorgen na de overdenking een prachtige bijdrage van Erwin Wiersinga op de piano. Hij speelde ‘Adagio uit Sonate in Cis‘ van Ludwig van Beethhoven; rustgevende muziek om je gedachten even te laten gaan.

Viering ook bekijken/beluisteren? Hierbij een link naar YouTube.

Reageren

24 mei: Als een vuurtoren in het duister.

Wezenzondag.
In 2016 schreef ik al eens een blog met die titel; toen ik het nog eens nalas ervoer ik aan den lijve wat ik destijds had geschreven over gevoelens van heimwee.
Daar ging het vanmorgen in de viering ook over.
Maar dat was niet het hoofdthema; dat was het gebed dat Jezus uitsprak vlak voordat hij werd gevangengenomen om te worden gekruisigd.

Voor mij is het lastig om wat ik vanmorgen heb gehoord in een paar zinnen samen te vatten. Wat bleef hangen?
Hoe je door je houding in verschillende omstandigheden een klein stukje van de glorie van God kunt laten zien.

Als mens kun je in verschillende levensstadia worstelen met moeilijke omstandigheden.
Niet zelfstandig kunnen ademhalen.
Niet zelf kunnen opstaan uit je stoel.
Niet meer volwaardig mee kunnen doen aan gesprekken omdat je herinneringen je ontvallen.
Als je dan toch je menselijke waardigheid weet te behouden, dan kun je ‘glorieus’ boven de omstandigheden uitsteken;  ‘als een vuurtoren in het duister waar de golven overheen spoelen blijf je toch licht uitstralen’.
En als je toch de moed verliest en instort, dan ben je afhankelijk van de ander die jou er doorsleept en jouw waardigheid overeind houdt. Die hulp van de ander, die anders misschien niet eens zo opvalt,  maar in coronatijden is ‘als een vuurtoren in het duister waar de golven overheen spoelen en die toch licht uitstraalt in het duister.’

Je kunt dus zelf een vuurtoren zijn of iemand anders kan voor jou een vuurtoren zijn: daarmee laat je een klein stukje van Gods glorie zien.

Gerard merkte op dat dit verhaal goed aansloot bij het gedicht van Hans Bouma dat deze week in de kerkgroet stond. Het schilderij op de afbeelding ernaast is gemaakt door Greet Westenbrink-Feijen.

Als bomen.

Mensen,
die als bomen naast je staan.
Schouder aan schouder,
lijf aan lijf, ziel aan ziel.
Als bomen zo standvastig,
zo begrijpend, zo opbeurend.
Vrienden, vriendinnen
voor elk seizoen,
vrienden, vriendinnen
in weer en wind.
Bomen van mensen.

Viering beluisteren? Hierbij een rechtstreekse link.

Reageren

Pagina 27 van 57

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén