een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 17 van 308

1 oktober: Naar een leven zonder werk (9) – Zwerven door de organisatie

Toen ik in augustus 2018 na drie maanden revalideren terugkwam op mijn werk in het Heijmanscentrum was Ria vertrokken naar een andere organisatie.
Maar dat was raar! En ze werd ook niet vervangen; Jacquelien en ik deden toen nog wel de secretariële ondersteuning van de Inhoudelijk Manager destijds, Marjolein, maar dat was niet genoeg. Zonder manager Algemene Zaken brokkelde de afdeling waar wij voor werkten heel langzaam af. Andere heren, andere wetten.
Soms voelde ik me als het volk Israël in Egypte: “Toen kwam er een farao die Jozef niet gekend had……”

Toen hoorden we dat Ad, directeur van Finance & Controll van Lentis in Zuidlaren, zonder secretariaat zat. Ik heb hem opgebeld, gezegd dat wij hem wel wilden helpen omdat we tijd over hadden en Ad vond dat een goed idee, dus naast het regelen van dingen voor wat er nog over was van OP hielpen wij Ad.
We kregen ook het beheer over de agenda’s van een aantal controllers en al met al raakten onze dagen wel gevuld.
Wat wel lastig was dat wij met Ouderen-psychiatrie-uren aan het werk waren voor Finance & Control; dat waren twee aparte zuilen, dus wat wij deden kon eigenlijk niet.
Ambtenarij vond ik, maar het bleef wel wat schuren. En het bleef ook ‘zwerven door de organisatie’. Op een gegeven moment had de directie bedacht dat ik wel project-ondersteuning kon doen  bij een nieuw project, daarvoor moest ik één dag in de week naar Winschoten en de rest van de dagen naar Zuidlaren.
Maar het project kwam niet goed van de grond en stierf in schoonheid.
Ondertussen leerde ik wel veel Lentis-collega’s kennen, want ik zat steeds in andere gebouwen en op verschillende plekken.
Na twee jaar leek er even hoop te gloren: de afgebrokkelde afdeling Ouderen Psychiatrie waar ik managementassistent voor was geweest werd weer nieuw leven ingeblazen en kreeg een nieuwe manager.
Ik solliciteerde natuurlijk op die functie in de rotsvaste overtuiging dat ik die baan weer zou krijgen, maar de nieuwe manager die mij al kende omdat ze teamleider binnen OP was geweest zag mij niet zitten. Er werd voor die baan iemand van buitenaf aangenomen en in de afwijzingsbrief stond dat ‘iemand was aangenomen die beter gekwalificeerd was voor de functie’.

Deze afwijzing kwam als een mokerslag binnen; tot op het bot was ik beledigd.
Ziek ben ik er van geweest, vooral mentaal.
Het voelde zó oneerlijk en zó niet verdiend, maar HR zweeg en de directie zweeg, ik moest het gewoon accepteren.
In 2020 kwam er een vacature vrij voor 16 tot 24 uur bij de Kliniek in Groningen: ondersteuning van teammanager Baukje en die baan kreeg ik.
Dat was hetzelfde werk als wat ik voor Ria had gedaan en dat beviel gelijk weer goed.
Het betekende wel het definitieve einde van het samenwerkschap met Jacquelien, wat ik nog steeds als erg spijtig beschouw.
In het najaar van 202o werd bekend dat Baukje ging vertrekken en dat ook zij niet werd vervangen; ik zou waarschijnlijk ‘boventallig’ worden.

Benieuwd naar de hele serie?
Hierbij een link naar deel 1: onderaan dat blog vind je een overzicht van de al gepubliceerde blogs.

Reageren

29 september: Prachtig.

Tachtig jaar geleden werd ze op deze dag geboren in Coevorden: onze tante Trijn, 4 maanden nadat de 2e wereldoorlog was beëindigd als jongste zusje in een gezin waar al vier broers waren. Mijn vader was toen in augustus 13 geworden; hij was de oudste broer en had het er maar druk mee. Mijn oma was niet sterk en het jongste broertje Johannes, toen 2 jaar en tien maanden, werd regelmatig onder mijn vaders vleugels geparkeerd: “Letst doe op oons Jo?”

Dat resulteerde erin dat mijn vader als oudste broer een grote rol speelde in het leven van zijn jongste broer en zijn zusje. Dat verklaarde ook het grote verdriet toen ome Jo op 62-jarige leeftijd plotseling overleed; dat versterkte alleen maar de band tussen de oudste en de jongste uit het gezin.
Toen mijn vader vervolgens in 2008 plotseling stierf was dat voor tante Trijn dramatisch; door dat grote verlies dat wij samen konden delen groeiden wij meer naar elkaar toe. Bonus-dochter, tweede moeder, derde oma: zomaar wat termen die deze band benadrukken.
Bij de afbeeldingen: rechts zie je Trijn en Jo in 1948, links zie je  v.l.n.r. Trijn, Ada en oudste broer Kees.

Zaterdagmiddag had ze ter gelegenheid van haar 80e verjaardag een klein feestje georganiseerd: een etentje bij  ‘Landgasthof Robben im Emsland’. Waar anders zou ik haast zeggen. Over Robben schreef ik al eens eerder op dit blog onder de titel ‘Ein Holländisches Vitamienchen‘, toen aten we daar aan het einde van de 24-uur met mijn broer en schoonzus.
Het was niet een machtig grote groep: tante Trijn had de zaal gevuld met ‘de mensen die belangrijk zijn in mijn leven’: kinderen en kleinkinderen, een bonuszoon met vrouw en kinderen, nicht Trijn met haar man Jan en Gerard en ik.
Het was erg gezellig en de tijd vloog.
We genoten van een uitgebreid aperitiefje en er was zelfs een officiëel toespraakje bij het toasten, waarbij het cadeau werd overhandigd: naar een optreden van André Rieu in Maastricht!

Van het gezin dat ik in de eerste alinea beschreef is er niemand meer en ook haar man, ome Wim is in 2019 al overleden. Tante Trijn is de eerste van haar ouderlijk gezin die de 80 aantikt, haar ouders en haar 4 broers hebben die mijlpaal in de tijd niet gehaald.
In het verleden werden de verjaardagen gevierd in een grote kring van broers en schoonzussen, maar het kringetje werd steeds kleiner. Op deze gedenkwaardige dag kwamen ze nog regelmatig voorbij in de gesprekken, maar tante Trijn benadrukte ook hoe zeer ze genoot van dit kringetje van mensen die haar lief en dierbaar zijn.
En dat de  dankbaarheid voor wat er is groot is.

De neven Paul en Adriaan en hun aanhang even weer gesproken en genoten van de speciale kwaliteiten Robben.
Over het eten kan ik kort zijn: Duits en voortreffelijk.
Van die knapperige gebakken aardappels met een uitje en spekjes erdoor.
Schnitzels, cordon bleu’s, medaillons, biefstuk, iedereen koos wat hij of zij het lekkerst vond het ging ook bijna allemaal op.
Wat een heerlijk ‘Tachtig-is-prachtig’-feest!

Reageren

28 september: Kinderkoor.

Gistermiddag zaten we rond 16.00 u in de auto op weg naar een feestje; morgen vertel ik daar meer over. Op dat tijdstip begint op Radio 5 altijd het programma ‘Het theater van het sentiment’ en gisteren stond dat helemaal in het teken van het jaar 1971.
Toen we de radio aanzetten was ‘Manuela’ van Jacques Herb erop en toen de top 5 van dat jaar werd voorgesteld met nummers waar je op kon stemmen stonden in mijn hoofd de laadjes ‘nostalgie’ , ‘heimwee’ en ‘jeugdherinneringen’ al weer wagenwijd open.

‘Les Poppys’ stonden op 5 met ‘Non, non, rien n’a changé’.
Een kinderkoor nota bene.
Ik was toen 10 jaar en zat ook op een kinderkoor, maar dat leek in de verste verten niet op dit hippe jongenskoor dat werkelijk de pan uit swingde. Swong. Zoiets.
“Die traden op bij Eén van de acht bij Mies Bouwman” herinnerde ik mij nog.
Bij Gerard kwam  de herinnering boven dat hij in 1971 in het ziekenhuis 10 werd en hij zat te wippen op zijn stoel bij het liedje Borriquito: “Dit weet ik nog heel goed, hier was ik helemaal gek van.”
Gerard had grotere broers en zusters die de popmuziek al helemaal ontdekt hadden in 1971, ik hoorde destijds vooral nog heel veel Duitse muziek, op zaterdag Letty Kosterman en op zondag en meester G.B.J. Hiltermann bij de soep en de opgebakken aardappels. En ook al zaten Gerard en ik al vanaf de kleuterschool bij elkaar in de klas: bij zulke gesprekken komt er altijd nog wel weer iets nieuws naar boven en moeten we constateren dat onze jeugd in Hoogersmilde nogal verschilde. Hij als vijfde kind in een gezin met 7 kinderen, ik als oudste in een gezin met 2 kinderen.

Noem je mij een jaartal, dan zegt mij dat op zich niet zoveel, maar hoor ik de muziek die bij dat jaartal hoort dan stromen de herinneringen binnen.
Dat nummer van Borriquito bijvoorbeeld hoorde ik vooral in de grote, Duitse televisieshows, waarin het orkest van Max Greger dat muziekstuk speelde.
Zie ik ons gezin weer zitten in de kamer: mijn vader naast zijn telefoonkastje bij raam, ik in de stoel tegen de servieskast aan en mijn moeder en mijn broer op de bank.
Iedereen een vaste plek. Ordnung muss sein.

Ook even genieten van 1971?
Hierbij een link naar de Poppys én naar Borriquita.

Reageren

27 september: Een hei-sessie….. en tóch leuk!

“Kun je met dit spel ook naar de gevangenis?” vroeg één van ons.
‘Ons’ staat in dit geval voor alle secretaresses van onze afdeling Team290&Ouderenpsychiatrie en we zaten gisteren met elkaar in een heel ongebruikelijke setting: in een chalet op Molencatenpark Kuierpad in Wezuperbrug.
Teamleider Sylvia had ons in haar vakantiehuisje uitgenodigd voor een ‘verwendag’: koffie met iets lekkers, een tapas-maaltijd, een spel dat draait om ontmoeting/jezelf laten zien en een mooie wandeling door natuurgebied ‘Slenerzand’.

Je hoort vaak negatieve verhalen over zo’n teamdag.
“We hadden weer zo’n obligate heisessie-dag met een hoop bla bla bla …..”, maar dat was gisteren absoluut niet het geval; het voelde als een soort familiedag.
Geen blaadjes waar je ’tops & flops’ op moest schrijven en geen verhalen over zelfontwikkeling
Geen tabellen met cijfers over hoe het met ons bedrijf gaat en dat men toe wil naar een ‘aanspreek-cultuur’.
Geen managers die stippen aan de horizon zetten en een tijdpad schetsen.
Niets van dat alles: het was gewoon gezellig en het thema was: ‘Don’t worry, be happy’.
Bij de koffie werden we getrakteerd op een hele plank met allemaal heerlijks dat we ons goed lieten smaken.

Het spel dat we deden had geen vakje met ‘Ga naar de gevangenis’, maar wel heel veel andere vakjes met vragen. Als je zo’n vraag beantwoordde liet je een stukje van jezelf zien.
Op dit blog blijven de gesprekken die ontstonden onbesproken. Het was intens, het was emotioneel en het bracht ons dichter bij elkaar.
Het was dus een spel dat je niet kon winnen en toch kregen we allemaal een beker: een koffiebeker als herinnering aan deze dag.
Na het spel liepen we verlekkerd langs een heerlijk buffet waarbij we konden kiezen uit quiches, wraps, boreks, croissantjes …. met recht een verwendag!

De wandeling was heerlijk; het was prachtig weer en al teutend liepen we over het vakantiepark, door bos en door heide op het Slenerzand.
Onze teamleider liep voorop maar zei dat ze de weg eigenlijk niet zeker wist: ze liep altijd maar met haar man mee en hoopte maar dat het goed kwam. “Zal ik dan ik toch even op Google kijken?” stelde één van ons voor bij de zoveelste tweesprong waar een weifelend ‘Ik denk rechts…..’ werd geopperd. Een ander dacht dat we naar de stand van de zon moesten kijken, maar die werd gelijk in de padvindershoek gezet en ‘Akela’ genoemd. Juichend werd even later het hek begroet waardoor we weer toegang kregen tot het park.
Spelende vrouw, wat heb je nu geleerd?
De teamleider weet het ook niet altijd, maar als team hebben we het prima gered.
Voor deze les heb je dus helemaal geen dure hei-sessie nodig.

Het was een bijzondere dag.
Ten eerste: wij hebben niet zo vaak iets gezelligs met ons team.
Ten tweede: het was voor mij de laatste keer.
Als mensen mij vragen: “Kijk je uit naar je pensionering?” dan is mijn antwoord altijd volmondig ja.
Het werk ga ik niet missen.
De mensen wel.

Reageren

25 september: PFZW

“O, dat kan nog wel.”
“Dat is pas veel later, joh!”
“Duurt nog jáááren……”
Hierboven lees je mijn gedachten als het ging over mijn pensioen.
Zoals je in de blogserie over mijn loopbaan kunt lezen heb ik nogal wat werkgevers versleten in mijn leven en bijna overal heb ik ook pensioenpremie afgedragen.
Je zou denken dat ik dan uit veel potjes mijn pensioen zou krijgen, maar alles is in de loop van de jaren ondergebracht bij de pensioenverzekeraar van mijn laatste werkgever: het Pensioenfonds Zorg & Welzijn.
En dan komt het moment waarop je je pensioen moet aanvragen.

Vanmorgen gingen Gerard en ik er met z’n tweeën voor zitten.
Website PFZW geopend en ingelogd met de DigiD.
Je kunt dan op de website doorklikken naar je eigen ‘Pensioenplan’ en daarin kom je op invul-velden over je thuissituatie en hoe je het opgebouwde pensioen wilt verdelen.
Stop je met werken of ga je minder werken en gebruik je je pensioen als aanvulling?
Wat wil je met je partnerpensioen: minder dan nu berekend, gelijk blijven of meer dan nu berekend?
Het ging eigenlijk verrassend snel; we hadden gerekend op een invulmarathon en een heel uitgezoek in papieren enzo, maar we konden maar zo op ‘aanvragen’ klikken.
‘Download uw pensioenplan hier’ en vervolgens konden we een PDF opslaan en ligt het allemaal vast: per 1 januari 2026 halen we mijn pensioen naar voren.

Beetje gek wel.
Waar je jaren niet aan dacht met de zinnen uit de eerste alinea in het achterhoofd is met een paar drukken op wat knoppen op je toetsenbord geregeld.
Definitief.
We keken elkaar even aan en spraken uit dat we het geluk hebben gehad dat we een levenspartner hebben gevonden waarmee we samen oud kunnen worden.
Geen scheiding, geen vroegtijdig overlijden, maar samen toeleven naar een rustiger fase in ons leven.
Toen ik vandeweek de tekst maakte voor op de uitnodiging voor vrienden en familie voor mijn 65e verjaardag vermeldde ik vóór de datum de letters D.V.

Dit vond ik daarover op internet:
D.V. is een afkorting van Deo volente; het is een Latijnse uitdrukking die al door de Romeinen werd gebezigd om een voorbehoud te maken voor toekomstplannen, zoals bij aankondigingen van bruiloften, vieringen en andere bijeenkomsten. In algemene zin betekent het “als er niets tussen komt”; in christelijke kringen geeft het aan dat de mens afhankelijk is van de wil van God.
Andere uitdrukkingen in dit verband zijn: ‘IJs en weder dienende’ en ‘Bij leven en welzijn’.

Gerard en ik hopen op een groot aantal goede jaren met z’n tweeën en vandaag zetten we samen weer een stapje op onze levensweg in de wetenschap dat niets vanzelfsprekend is.

Reageren

24 september: Naar een leven zonder werk (8) – Managementassistent bij Lentis.

Hoe kwam het dat een alt van de Catharina Cantorij er voor zorgde dat ik mijn ontslag nam bij Christine Brons?
In 2007 werd ik lid van die cantorij en ik kwam te zitten op de altenrij naast Ria met wie ik het prima kon vinden.
Ria was manager bij Lentis en ze kreeg in 2008 16 uur secretariële ondersteuning ondersteuning toegewezen.
“Maar ik heb het niet zo op secretaresses, ze doen het altijd anders dan ik wil” vertrouwde ze me toe. “Wil jij niet solliciteren?”
En ja, dat is natuurlijk een risico: dat je het in het dagelijks leven goed kunt vinden is niet een garantie voor een fijne werksituatie, maar het pakte heel goed uit: 10 fantastische jaren heb ik met haar samengewerkt.
Mijn eerste werkdag was 1 juni 2008.
Die morgen was ik om 08.00 uur in het gebouw aan de Queriodolaan waar Lentis toen een verdieping huurde.
Ria was er nog niet, maar ik werd opgevangen en bijgepraat door Jacquelien, (onthoud die naam) secretaresse bij OP West.

De afdeling Ouderenpsychiatrie bestond uit een aantal afdelingen in Groningen, Zuidlaren en Winschoten en bij Ria kwam het werk dat ik had gedaan bij Christine me goed van pas, want de afdeling moest op managementniveau nog vorm krijgen.
Agendabeheer, afspraken maken, vergaderstructuur, notuleren en Ria ondersteunen bij alle mogelijke administratieve taken: wát een leuke, afwisselende en uitdagende baan.
Ik leerde de teamleiders kennen van de verschillende afdelingen en had veel contact met de bijbehorende secretariaten; na een jaar gingen we verhuizen naar de Laan Corpus den Hoorn en toen….. kreeg ik een hartinfarct en belandde in het ziekenhuis. Daarna was ik zes weken uit de running. Ria was onaangenaam verrast; aan dat hartgebeuren kon ik natuurlijk niks doen, maar zij was ineens haar administratieve rechterhand kwijt. Toen riep ze de hulp in van Jacquelien en tadaaah….. daar was mijn tweede duo-baan. Jacquelien was een blijvertje: ik werkte 3 dagen en Jacquelien deed er één, de maandag. 11 jaar werkten we samen als secretarieel ondersteuners van het management van de afdeling Ouderenpsychiatrie. We werkten met een digitale overdracht en belden elkaar minstens één keer in de week; we konden elkaar blindelings vertrouwen en hadden een zelfde manier van werken. Het maakte voor anderen ook niet uit of ze haar of mij aan de telefoon hadden. We wisten allebei van de hoed en de rand en konden het naast dit alles ook reuzegoed met elkaar vinden.
We verhuisden van de Laan Corpus den Hoorn naar het Heijmanscentrum, waar we terecht kwamen onder de vleugels van Rien, die destijds het directie-secretariaat van Dignis verzorgde.
Prachtige tijd gehad. Je leest er alles over in het blog ‘Heimwee’ uit 2024, waar je een overzicht vindt van een aantal blogs uit die tijd.

Alles veranderde in 2018; ik kreeg weer een hartinfarct. Deze keer resulteerde dat in een hartoperatie en ik was drie maanden uit de running.
En toen ik weer terugkwam was Ria vertrokken naar een andere baan…..

Benieuwd naar de hele serie?
Hierbij een link naar deel 1: onderaan dat blog vind je een overzicht van de al gepubliceerde blogs.

Reageren

23 september: Zegeningen op de Rodermarkt.

Als het over de Rodermarkt-feestweek gaat op deze website gaat het bijna altijd over de optocht of de straatversiering, want daar zijn we altijd druk mee, maar over de markt zelf schrijf ik nooit zoveel.
De Rodermarkt is een jaarmarkt, die traditioneel op de vierde dinsdag van september plaatsvindt.
Het evenement werd voor het eerst in 1727 gehouden en is tegenwoordig veel meer dan een paardenmarkt: er is een grote warenmarkt en een kermis.
De Rodermarkt wordt voorafgegaan door de Rodernacht, een evenement met optredens van artiesten en wordt bezocht door tienduizenden mensen uit de hele regio.
En Roden stoot op in de vaart der volkeren: tegenwoordig heet het hele gebeuren ‘Het Rodermarkt-festival‘!

Vanmorgen bij zonsopgang….

Dat betekent dat je nu tickets moet kopen om toegang te krijgen tot het feestterrein.
Het zal je niet verbazen: wij gaan daar niet meer heen, sterker nog: wij hadden een zeer rustige Rodernacht, want de wind stond gunstig en wij hadden helemaal geen last van stampende muziek en schreeuwende DJ’s.

Maar vandaag schrijf ik wel iets over de markt: daar liep ik namelijk vanmorgen om 07.30 uur al te kijken naar de kramen die werden opgebouwd.
Lege paden tussen de kramen in, hier en daar nog een verdwaalde auto van een handelaar die de dozen nog moest uitpakken en een mopperende marktmeester: “Niet met de auto …. je mag maar tot hier!”
Was de warenmarkt nog leeg en verlaten: op de Brink was het een drukte van jewelste!
Paarden, pony’s en boerengezelligheid.
Handelaren, handje klap, een paard dat even in moet lopen “PAISTEROP!” en van alle kanten wordt bekeken, mooi gevlochten manen en de geur van koffie.
Hier en daar loopt iemand waaraan je kunt zien dat hij de afgelopen nacht zijn bed niet heeft gezien; iets onvast ter been en niet zo goed te verstaan….. als het maar gezellig was.
Op de terugweg zocht ik Janneke van de Holy Stitch nog even op en ik bewonderde in de Raadhuisstraat haar kraam met allemaal zelf gebreide spulletjes.

Vanmiddag liep ik er met Gerard nog even weer over.
Nu was het helemaal omgedraaid: op de paardenmarkt was niets meer te beleven, maar op de warenmarkt was het gezellig druk.
Het was immers ook mooi weer.
We kochten een gerookte makreel.
Naast ons kocht een mevrouw een pondje paling, 3 stuks. “Dat is dan 24 euro, mevrouw.”
Mevrouw schrok zich een hoedje. Zo duur?
Verder smulden we van een warme oliebol met poedersuiker op De Brink.
Midden op de markt zag ik wat weggemoffeld de achterkant van een marktkraamwagen die ik op de foto zette; de tekst spreekt voor zich.
Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Nog even over de versiering/verlichting van onze straat (daar schreef ik een paar dagen geleden over op dit blog): de Boskamp had de eerste prijs!
Je leest er alles over op dit artikel op ‘Dit is Roden’.

Reageren

22 september: Journaal overslaan.

Zaterdag  had ik op mijn telefoon zijdelings wat meegekregen van de gewelddadige rellen in Den Haag.
Toen ik ’s avonds om 21.00 uur moe thuis kwam na de optocht kon ik het niet opbrengen om naar het Acht-uur-journaal te kijken: ik hoefde het niet te zien, wat ik er van had gezien was al afschuwelijk genoeg.
Gistermorgen ging ik alleen naar de kerk.
Gerard sloeg even over, maar ik wilde graag luisteren naar de Cantorij die meewerkte aan die viering; vanwege mijn vakantie en andere drukte had ik na de zomer nog niet weer meegedaan aan de repetitie.

Tijdens het drempelgebed dacht ik al: hiervoor ga ik naar de kerk.
Zo begon dat gebed:
“Hier zijn wij,
gekomen uit een onstuimige wereld
op zoek naar hoop, terwijl overal wanhoop wordt gezaaid
op zoek naar stilte terwijl overal lawaai en chaos wordt gezaaid…..”
‘Hier ben ik’ dacht ik. En ik kan het journaal wel overslaan, maar de onstuimige wereld blijft.

We beleefden met de elkaar de stilte, we hoorden troostrijke en hoopvolle woorden en ik haalde mijn hart op aan de muziek.
Voor de dienst speelde Erwin al een stuk van Bach en ook de liederen die de cantorij zong (al dan niet met de gemeente) pasten goed bij het thema van de dienst.
Wat me raakte was het slotlied, lied 1000 uit het Liedboek: ‘Wij zagen hoe het spoor van God’.
Op de website van Petrus in het land vond ik deze versie van Elske de Wal.
Komt Hij terug op onze weg, keert Hij verharde harten?
Wanneer komt Hij met licht en lef, zaaigoed in onze handen?’
Balsem voor de ziel.

Het slot van de overdenking vond ik heel bijzonder: de voorganger verbond de uit de hand gelopen rellen met de Rodermarktparade van zaterdag.
Een paar losse zinnen: ‘Wij waren gisteren getuige van huiveringwekkende beelden uit den Haag: woedende jonge mannen die verstrikt zijn geraakt in de gedachte dat alles van hen is en dat er veel te weinig is om van te delen.
De optocht die hier gisteren door de straten reed heeft ons weer laten zien dat we vóór alles spelende mensen zijn; die wagens zijn totaal zinloos, die worden morgen weer afgebroken.
Dat is natuurlijk zonde van het geld wat er in is gestoken; maar op die wagens stonden kinderen uit alle windstreken, binnen- en buitenland en omdat we elkaar het feest gunden straalden ze allemaal.
We zijn veel te bang dat we te kort zullen komen, terwijl ons zoveel rijkdom wordt geschonken.
We zijn veel te  serieus over hebben en houden, terwijl ons zoveel wordt gegeven om te ZIJN.’

En dit is nog maar een fractie van de preek, terwijl ik het liefst het hele verhaal zou willen laten horen.
Ik trok de stoute schoenen aan en ik vroeg Sybrand of ik zijn preek mocht publiceren: dat mocht.
Hierbij een link naar een PDF dat ik maakte van zijn bevlogen verhaal: 2025.09.21 preek Sybrand van Dijk
Doe er je voordeel mee.
Je kunt natuurlijk ook de hele viering terugzien; dan kun je de Cantorij ook beluisteren!
Dat kan via Kerkomroep of via het YouTubekanaal van onze PKN-gemeente.

Reageren

21 september: Nostalgie & heimwee.

Twee soorten stamppot, 10 saucijzenbroodjes, één appelplaatcake, een door Gerard gebakken reuzenkrentenbrood en 24 witte en bruine kadetjes: wij waren er helemaal klaar voor.
Op de zaterdag van de Rodermarktparade komt ons voltallige gezin, dit keer mét vriendin MacKenzi die over was uit Amerika,  bij elkaar aan de Boskamp.
Voor de lunch liepen Gerard en ik al bij de wagens langs, genietend van ‘het sfeertje’ dat zo hoort bij de optocht waar wij zelf ook zo vaak bij betrokken waren: trotse bouwers die allemaal een prijs in de wacht hopen te slepen, de figuranten die er al wel  zijn, maar nog niet op de wagens staan en het publiek dat om de wagens heen loopt en zich vergaapt aan wat er nu weer allemaal is bedacht.

Waar ik normaal gesproken op zo’n dag minstens vier keer op een punt langs de route sta, bleef het deze zaterdag bij twee keer. ’s Middags kwam dat omdat het rond drie uur begon te regenen en ’s avonds duurde het gewoon allemaal veel te lang. Er was een wagen met pech wat zorgde voor enorm oponthoud: ik wilde er niet langer op wachten. Ik was moe en was niet helemaal fit door de coronaprik die ik vrijdag had gehaald; om 21.00 uur zat ik bij Gerard aan de koffie, de rest bleef nog wel kijken: even voor half 10 kwamen ze thuis. Tussen de bedrijven door waren we nog druk met onze ‘blikgooi-kraam’: er kwamen nog heel wat kindjes langs die wilden blikgooien en vooral het grabbelen daarna viel goed in de smaak.

Mijn stem voor de publieksprijs had ik gegeven aan ‘de Drachtster Tram’ van bouwgroep Nietap Terheijl en dat was ook meteen de grote winnaar van de optocht. Mooie kostuums, een goed tijdsbeeld, effectieve geluiden erbij en een geweldig schouwspel als het aan je voorbijtrok. Een terechte winnaar!

Wat viel me verder nog op? Het 100-jarig bestaan van muziekvereniging Noordenveld.
Zij hadden een wagen gebouwd in samenwerking met de Bomenbuurt. We zagen de jeugdafdeling die voorop ging in de avondoptocht, de majorettes en het orkest die voor de wagen uitliepen én de seniorengroep die er in een bus van Drenthe-tours achteraan reed en in die bus hun eigen feestje vierden. Fantastisch zoals hun onderwerp ‘The sound of the century’ werd vormgegeven.
‘De Hoeksteen’ sprong er bij de scholen uit: zij hadden ‘Kermis van vroeger’ uitgebeeld en dat was een lust voor het oog;  ook hier speelde de entourage op en rond de wagen een grote rol.

Het thema van deze optocht was ‘Nostalgie & heimwee’.
Voor ons was het een nostalgische feestdag waar we met ons gezin erg van genoten hebben.
Met de hele groep  aan de grote eettafel in onze woonkeuken, snaterend, teutend, lachend en etend. We haalden herinneringen op aan de wagens waar we zelf op zaten of naast liepen, dronken een glas en deelden verhalen over vroeger én nu. Mooier wordt het niet.

En kwam het nog van mijn jaarlijkse ‘guilty pleasure’?
Zeker. Deze keer met twee dochters, één schoonzoon en voor  20 euro aan muntjes.
Topdag.

 

 

Reageren

20 september: De kracht van oer 6 – Jan, Woutertje en een spin.

Woutertje Pieterse

In Orvelte bevindt zich het Jan Kruis-museum; daar wilde ik altijd eens naar toe.
Vroeger las ik samen met mijn moeder jarenlang de Libelle waarin wekelijks de strip Jan, Jans en de kinderen stond. Ik maakte er in die tijd plakboeken van.
Daar ken ik Jan Kruis dan ook vooral van, maar in het museum waar we woensdag 3 september naar toe gingen bleek dat de man veel meer kon dan alleen de beroemde strip tekenen.
Wat ik bijvoorbeeld niet wist is dat hij een beeldroman heeft gemaakt van het boek Woutertje Pieterse. Het verhaal van Woutertje Pieterse is na Max Havelaar het bekendste werk van Multatuli. Het gaat over een dromerige Amsterdamse jongen die van gedichten houdt en opgroeit in een bekrompen milieu in de Franse tijd.
Woutertje stond ons levensgroot op te wachten bij de ruimte die helemaal was gewijd aan dit boek.
Mooie sfeertekeningen, fragmenten uit het boek, voorstudies, tekeningen: het Amsterdamse jongetje kwam door de tekeningen helemaal tot leven.
Wat ik één van de mooiste dingen het museum vond was een kunstwerkje, gemaakt door de dochter van Jan Kruis, Andrea. Zij stond model voor Catootje uit de Jan&Jans-verhalen.
Het beeldje heet: Woutertje ontmoet Jan.
Op dit blog ga ik niet meer vertellen over het Jan Kruis-museum, je moet er echt zelf eens heen!
Hierbij een link naar hun website.

Inmiddels is onze Oer-vakantie al weer geschiedenis. Bij het schoonmaken van Casa Grada ontdekten we dat Spinnetje Kruis* (een verre, ook erg kunstzinnige neef van Jan denk ik…) een prachtig web had gemaakt bij de schuifdeur naar de tuin toe.
Het hing te schitteren in de ochtendzon.
Ik moest het eigenlijk weghalen, ……. maar liet het hangen.
De schoonmaakploeg kwam nog na ons; ik hoop dat ze dat web aan de buitenkant van de schuifdeur niet hebben gezien.
Kalebassen, spinnenwebben aan het huis en pepernoten bij de Jumbo: het is herfst!

Op de terugweg van Westerbork naar Roden reden we langs de kar met kalebassen van Astrid aan de Drentse Hoofdvaart in Hoogersmilde.
Toen we weer thuis waren maakte ik een tafelbloemstuk met wat bloemen uit onze tuin, de kalebassen en twee zonnebloemen uit het boeket dat Gerard als verrassing mee naar huis nam.
Daar staat nu een waxinelichtje bij; dat steken we ’s avonds aan als we genieten van Herman en Paulien in De slimste mens.

Meer weten of ook even langs Astrid? Lees dan dit blog nog eens: daar vind je een link naar haar website en een overzicht van blogs over de toepasbaarheid van kalebassen.

* Spinnetje Kruis is een kleuterliedje dat onze dochters leerden op de peuterspeelzaal:

Spinnetje Kruis
weeft haar huis
van hele kleine draadjes.
Een draadje hier,
een draadje daar,
het web van Spinnetje Kruis is klaar!

Benieuwd naar de andere verhalen over ‘de kracht van oer’?
Hierbij een link naar deel 1, onder aan dat blog vind je een overzicht.

Reageren

Pagina 17 van 308

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén