een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 18 van 308

19 september: Verduurzamen en versieren.

Vandaag een blog met twee onderwerpen, die allebei te maken hebben met de straat waarin wij wonen.
Het eerste gaat over verduurzamen van ons huis aan de Boskamp.
Gerard heeft al veel aan onze woning gedaan op dit gebied en in de zomer is door Duurzaam Noordenveld een video gemaakt waarin Gerard daarover vertelt aan de hand van deze vragen:

Hoe oud is de woning?
Waarom wilde je verduurzamen?
Wat was jouw grootste twijfel?
Welke stappen heb je genomen om te verduurzamen?
Welke verduurzamingsmaatregelen heb je uitgevoerd?
Hoe heb je het verduurzamen aangepakt?
Welke tips heb je voor andere inwoners?
Bekijk of luister het interview met Gerard door te klikken op deze link.
Wil je het hele artikel lezen op de website van de gemeente Noordenveld? Hierbij een link naar het hele verhaal.

Onze straat  doet dit jaar weer mee met de straatversiering voor de Rodermarkt.
Het algemene thema van de Rodermarktparade is ‘Nostalgie & Heimwee’ en onze straat haakt daar bij aan met het sub-thema ‘Kermis & Circus’. Gerard is een dikke week bezig geweest met knutselen aan een kermiskraam waarin men kan blikgooien. Eerst ging hij naar de fietsenwinkel om te vragen om van die grote, kartonnen dozen die om nieuwe fietsen zitten, daarna naar de Action voor verf en vrolijk pakpapier, op internet bestelde hij een blikgooispel en tenslotte rommelde hij tussen de kerstspullen om een streng buitenverlichting te zoeken.
We hebben er ook een grabbelton bij: kinderen onder de tien jaar mogen grabbelen na het blikgooien. Gisteravond was het klaar!

Voorgaande jaren kregen we altijd ‘een ding’ dat bij het thema paste: wij hadden vorig jaar een heks bijvoorbeeld, maar dit jaar kregen we alleen vlaggetjes en een spotje, voor de rest van de aankleding van je tuin moest je zelf iets bedenken. In de loop van de week verschenen er al wat foto’s in de buurt-app, o.a. een kop van Jut (lees Trump), circustenten, vlaggen en een jaloersmakende ‘preview-video’ van een spookhuis in wording. “De lat ligt weer hoog….” verzuchtte iemand digitaal.

De donderdag voordat het Rodermarktfeest losbarst zijn we dan ook collectief erg benieuwd wat iedereen er van heeft gemaakt. Rond 19.00 uur krijgt het allemaal vorm en lopen we als buren bij elkaar in de tuin te koekeloeren. Ik ga het niet allemaal benoemen, maar ik plaats al wel vast een paar foto’s van wat er voor moois te bewonderen is.
Toen we gisteravond een laatste rondje maakten werden we ineens aangesproken door iemand die in een doodskist lag die op een kier stond; er krinkelde een beetje rook uit de kist… Daarnaast stond een schrikbarend enge heks die af en toe oplichtte en kakelend lachte en in de tuin van onze buren zat een oude waarzegster met een glazen bol.

Kom je dit weekend ook even in onze straat kijken naar wat we er met elkaar van gemaakt hebben? Kom dan ’s avonds: dan is het mooi verlicht!
Als we thuis zijn mag je je blikgooikunsten vertonen!

Reageren

18 september: Een Aaltje haken en nog veel meer….!

“Nee, ik haak af!”
Dat was het antwoord van drukploeg-lid Piet toen we dinsdagmiddag vroegen of hij ook wilde aansluiten bij onze 1e Holy Stitch-bijeenkomst van dit seizoen.
Jammer ja; maar afhaken is ook een vorm van haken natuurlijk.

Er waren een aantal nieuwe gezichten: Janneke, Femmie en Tineke, die natuurlijk van harte welkom werden geheten!
Verder was dochter Carlijn dinsdagmiddag ook aanwezig: die was wel nieuwsgierig geworden na al die enthousiaste verhalen en positieve blogs.
Natuurlijk deden we we eerst ‘het rondje’: wat is je naam en wat ben je aan het doen op handwerkgebied.

Voor deze middag had ik een mini-workshopje voorbereid: ‘Haak een Aaltje met Aaltje’.
Even uitleggen.
Dat was de titel van het artikel over handwerken in het tijdschrift ‘De waarde van de dag’ dat ons gezin uitgaf in januari van dit jaar.
In dat artikel vertelde ik over mijn oma Vrieswijk van wie ik het handwerken had geleerd en deelde de haakpatroon-beschrijving van een onderzettertje.
Dat heb ik zelf ontworpen en als eerbetoon aan mijn oma ‘Aaltje’ genoemd: er hebben al heel wat mensen een stapeltje van 6 door mij gehaakte Aaltjes in huis liggen.

Iedereen die mee wilde doen kreeg een haakbeschrijving met achterop een plaatje van hoe het werk er uitzien na de afzonderlijke toeren: bij toer 1 is het nog maar een ringetje van 5 lossen, bij toer 9 is de onderzetter klaar.* Menigeen nam een zelfgehaakt Aaltje mee naar huis.
Op de foto zie je hoe het er dinsdagmiddag in ‘Op de Helte’ uitzag: er gezellig!

En verder was het weer net als voorgaande seizoenen.
Van ‘Dagbesteding Het Stekje’ in Roderesch had ik drie zakken handwerkgaren gekregen dat over was.
Dat had ik op kleur uitgezocht en daar werd dinsdagmiddag heerlijk in gegraaid en mee naar huis genomen.
Gerry had lekkere chocolaatjes meegenomen omdat ze zich zo gesteund had gevoeld door onze groep en nieuweling Janneke vertelde dat ze met een kraam zelfgemaakte handwerkspulletjes op de Rodermarkt staat. Ze staat in de Raadhuisstraat, zoek haar volgende week dinsdag 23 september maar eens op!
Geke vertelde dat zij ‘ergens hangt met haar schilderijen’.
Dat klinkt heel gek als je het zo leest, maar je snapt het vast wel: Geke exposeert op dit moment een aantal van haar schilderijen in het Scheepstrakabinet.
Tijdens de openingstijden kun je haar werken bewonderen!
Saakje van de ZWO kwam vragen of wij dit jaar weer iets wilden maken voor hun kraampje op de Roder Weihnachtsmarkt.
Engeltjes voor in de boom, onderzetters, pannenlappen, lekkere warme mutsen, sjaals of collen, omslagdoeken: we mogen zelf kiezen; we hebben Saakje beloofd dat we ons best gaan doen.
Het seizoen is nu echt begonnen: we spreken zien elkaar weer over 5 weken, dinsdag 21 oktober.

Wil je ook een stapeltje Aaltjes haken?
Hierbij een link naar het PDF dat ik maakte: Haak een Aaltje met Aaltje

Reageren

17 september: Naar een leven zonder werk (7) – Christine Brons BV

Ook na het werk bij Beatrixoord had Annemiek dus een belangrijke rol bij het verkrijgen van mijn volgende baan.
Het was razend druk bij  kinderpsychologe Christine Brons  en ze waren op zoek naar een paar extra handen op de administratie voor 10 tot 12 uur per week.
Het werden 12 uren verdeeld over twee dagen van 07.30 uur tot 14.00 uur.
Dan was ik weer thuis als de kinderen uit school kwamen.
Annemiek werkte die andere drie dagen en zo had Christine elke dag een secretaresse op kantoor in Groningen zitten; af en toe werkten Annemiek en ik eens een dag samen en voor de rest was er vooral veel telefonisch overleg.

‘Kantoor’ is een groot woord voor het hok waar wij zaten aan het A-Kerkhof in een oud pand boven de Granny’s Appeltaart winkel.
We noemden het een ‘houtje-touwtje-kantoortje’, want Christine Brons BV was een piepklein eenmanszaakje waar je alles zelf moest bedenken: je kon niet invoegen in een systeem want dat was er niet. Wat ook niet meehielp was dat Christine een warhoofd/chaoot eerste klas was, dus het was voor Annemiek en mij een enorme uitdaging om al het werk dat moest gebeuren in goede banen te leiden.
Als Christien belde (vanuit Utrecht of Breda) moest je alles uit je handen laten vallen en dingen voor haar opzoeken/regelen, zoals het boeken van een hotelkamer of het organiseren van een parkeerplaats in de binnenstad. Als er een pakje op de post moest, moest je zelf met het pakje naar het postkantoor om het te versturen en als de koffie op was moest je zelf naar de Albert Heijn.

Het was een heerlijke tijd.
Nota’s typen, boekhouding doen, koffiezetten voor de gasten, zelf boekjes maken met zo’n ring-apparaat, kopiëerapparaat uit elkaar halen als er een storing was, telefoneren met cliënten, agenda bijhouden, achter geld aan als mensen niet betaalden: wat heb ik daar ontzettend veel geleerd.
Christine was naast kinderpsychologe ook ontwikkelaar van het beeldcoachen: opnames maken van een school- of thuissituatie en dan later aan de hand van het bekijken van die beelden  constateren wat beter/anders kan. Het bedrijf bestaat nog, maar Christine heeft inmiddels alleen nog een adviserende rol: hierbij een link naar hun website. 
Daarop vind je veel informatie over beeldcoaching en zie je Christine (met schrikbril)  nog een paar keer voorbijkomen.
Soms gingen Annemiek en ik een dag met Christine mee op tournee als ze een dagdeel ‘Videocoaching’ verzorgde voor leerkrachten.

Onze dochters hebben ook goede herinneringen aan Christine’s bedrijf, want die mochten in de vakanties af en toe een dagje met mij mee naar kantoor voor het maken van notitieboekjes, stickeren van enveloppen, papier versnipperen of andere kleine klusjes. Daarvoor kregen ze € 5,=  per dag en dat was een mooie aanvulling op hun zakgeld.
Vijf jaar heb ik met heel veel plezier voor Christine gewerkt, maar toen leerde ik alt Ria kennen op de Catharina Cantorij en die zorgde er voor dat ik na die vijf jaar mijn ontslag nam bij Christine.

Benieuwd naar de hele serie?
Hierbij een link naar deel 1: onderaan dat blog vind je een overzicht van de al gepubliceerde blogs.

Reageren

16 september: De bodem in zicht.

De bodem van mijn blik, dat ik aan het begin van het seizoen gevuld had met 2 zakken Wilhelmina-pepermunt, kwam zondagmiddag in zicht.
Dit weekend waren namelijk de Monumentendagen en ik was zaterdagmorgen en zondagmiddag ingeroosterd bij ‘mijn’ monument: de Catharinakerk. Het was af en toe gezellig druk in de kerk en ik heb er van genoten en volgens mij onze gasten ook.

“Welkom! Mag ik u een pepermuntje aanbieden? Dat hoort toch een beetje bij de kerk”.
Opperste verbazing bij de gasten die ik het blikje voorhield.
“O? Hoezo?”
Het echtpaar in kwestie kwam uit Brabant, waren hun leven lang katholiek en hadden pepermunt nog nooit met de kerk geassocieerd.
“Bij ons zijn de preken ook veel korter…!’ grapte de man toen ik het uitlegde.

Zaterdagmiddag was er een mevrouw uit Vlieland.
“O! Wat is het veranderd!”
Ze vertelde dat ze tot haar 10e jaar in Nieuw Roden had gewoond en dat ze als kind kerstfeesten had meegemaakt in deze kerk.
We hebben het dan over eind jaren ’50, begin jaren ’60.
“Dan gingen we met de zondagschool met zuster Michielsen in een bus naar Roden. Dan kwam je hier in die kolossale kerk en dan stond er een metershoge, prachtig versierde kerstboom. En dan gingen we zingen en Aaf Piek ging dan ook alleen zingen: zo mooi….het was echt magisch, dat kerstfeest. En als we dan naar huis gingen kregen we een boekje én een sinaasappel. Die kreeg je anders nooit!”
Zuster Michielsen en Aaf Piek zijn heel bekende namen in Roden en omgeving; namen die met respect worden uitgesproken.
Voor mij is het dan heel mooi om zo’n verhaal te horen; mevrouw had goede herinneringen aan die tijd en die wilde ze graag met mij delen.

Meester Zondag.
Afbeelding: Archief De Krant

Zondagmiddag kwam er familie van andere bekende Rodenaar bij ons langs: een achter- achterkleinkind van meester Zondag.
“Hij was koster en organist bij deze kerk, dus hij heeft destijds ook op dit orgel gespeeld.”
Op de website van ‘De Krant’ vond ik een artikel over deze meester Zondag: daar vond ik deze foto.
De meester staat hier voor de deur van de Catharinakerk bij zijn afscheid.
Wil je het bijbehorende artikel lezen? Hierbij een link naar het verhaal.
Ook van Zuster Michielsen is er zo’n artikel, dat vind je hier. 
Daar staat ook een foto bij, maar ik weet niet wie van de geportretteerden zuster Michielsen is; weet iemand dat nog misschien?

Veel gasten verwelkomd dit weekend, veel kunnen vertellen, veel mooie gesprekken gevoerd.
Rotterdammers, Friezen, Brabanders… en vooral veel Groningers en Drenten.
Er was één meneer die zijn hele leven al in Roden woonde en nog nooit in de kerk was geweest.
“Ik moet ok niks van de karke hebben. Maor ’t is wel een arg mooi en old gebouw….!”
Zo is’t.
En het pepermuntje was ook nog eens gratis.

Zegt het voort en kom eens langs: de kerk is open voor bezichtiging tijdens de Roder Weihnachtsmarkt op 13 en 14 december a.s. en in 2026 in de maanden juli en augustus op de donderdag-, vrijdag- en zaterdagmiddag van 14.00 tot 16.30 uur.
Ik kijk er al weer naar uit.

Reageren

15 september: In vieren!

Gistermorgen vierden we met onze PKN-gemeente de Startzondag: ieder jaar in september doen we dat aan het begin van het nieuwe  kerkenwerkseizoen.
Dat is ieder jaar weer anders; deze zondag hadden we een korte kerkdienst met daarna koffie met gebak.
Tafels vol gebak, echt waar. Allemaal zelfgebakken door gemeenteleden. En lékker!

Maar daarmee was de startzondag nog lang niet afgelopen: na de koffie gingen we in vijf groepen voor een uur uit elkaar.
Je kon kiezen uit wandelen, fietsen, creatief schrijven, praten over spreekwoorden met het woord ‘geest’ en zingen over de geest.
Rond 12.30 uur zou iedereen weer terug  zijn.
Grote groepen gingen op pad om te wandelen of te fietsen, de creatieve schrijvers en de spreekwoord-praters gingen naar een eigen zaal en de zangers mochten in de kerkzaal.

Het zal je niet verbazen: ik was ‘van het zingen’.
Pastor Geertje had mij gevraagd of ik een gelegenheidskoor wilde begeleiden en met hen wat onbekende liederen die als thema ‘de geest’ hadden wilde instuderen.
Leuk!
21 zangers en zangeressen hadden zich aangemeld en ik hoefde niet met mijn gitaar of blokfluit in de weer: ik had gewoon Erwin Wiersinga als koorbegeleider op de piano. Wat een luxe!
Het ging verrassend goed.
We zongen lied 676 en 693 en op mijn eigen verzoek de 691: de canon ‘Wij vieren vandaag het feest van het verschijnen van de geest’.
Het was al mooi dat we bij het instuderen de canon in tweeën konden uitvoeren, maar tot mijn grote verrassing ging het zelfs in vieren goed. Zouden we dat aan het einde van de bijeenkomst samen met de gemeente ook redden?

Toen iedereen weer terug was van de verschillende activiteiten was er een drankje en een hapje (lees bitterbal). We sloten de startzondag af in de kerkzaal met ons koor; sommige glazen waren nog niet leeg, dus die werden gezellig mee de kerkzaal ingenomen, evenals wat schalen met bitterballen die (net als de pepermuntjes vroeger) door de rijen werden doorgegeven; die schalen dan, hè, niet de afzonderlijke bitterballen.
De gemeente zong een aantal coupletten met ons mee; het laatste lied was de bovengenoemde canon en ook met de gemeente konden we het lied in vieren zingen! Een feest voor de geest.

We zijn dus weer begonnen!
Volgende week werken we als cantorij mee aan de viering en we kunnen als gemeenteleden het komende seizoen, naast het bezoeken van de vieringen, ook weer meedoen aan tal van activiteiten die worden aangeboden in het gidsje ‘Kijk’, waarin je een overzicht vindt van het komende seizoen.
Benieuwd naar de inhoud? Hierbij een link naar het digitale gidsje.

Reageren

14 september: Over (g)een boek en veel onderwerpen.

De Havenstappers. “Ik noem het altijd nog ‘de dansclub'” zei iemand gisteravond.
32 jaar geleden bouwden we met deze groep ouders een praalwagen voor de Rodermarktparade en sinds dat jaar doen we als groep samen leuke dingen.
In het begin gingen we 2 jaar met 18 stellen op dansles.
Over dit illustere gezelschap heb ik in de loop van de jaren al een aantal blogs geschreven, onder aan dit blog vind je een link naar een overzicht.

Gistermiddag ontmoetten we elkaar in het gebouw ‘onze’ oude basisschool ‘De Haven’  waar nu K38 is gehuisvest, waar we de tentoonstelling ‘Dit is (g)een boek‘ bezochten.
We zagen een interpretatie van de vele kanten van het fenomeen boek: kunstwerkjes gemaakt van boekenkaften, uitgeplozen boeken, teksten in veel verschillende vormen, de constructie van een boek, buitenkanten, binnenkanten: de tentoonstelling zette onze verbeelding aan het werk.

Gerard en ik misten door een onverwacht bezoekje op de zaterdagmiddag het begin (lees handjes/zoentjes/toespraakje), maar dat mocht de pret niet drukken: we haalden herinneringen op aan de schooltijd van onze kinderen, benoemden nog even de lokalen en de bijbehorende meester en juffen en sommigen van ons keken ook nog even op de bovenverdieping; ‘die wc’tjes daarboven hebben nog steeds dezelfde, onbestemde geur….’
Ook even met je neus in de (geen) boeken? Je kunt nog tot 5 oktober terecht.

Daarna vertrokken we naar het volgende adres: ‘De zwerfsteen‘ in Roderesch. Eerlijk gezegd: ik wist niet waar dat was.
Nog nooit geweest ook, maar wel heel vaak langs gefietst.
Daar wachtte in de Afrika Saal een drankje op ons en vertelde het organiserend comité ons dat we lekker gingen genieten van een barbecue en dat er verder niet veel georganiseerd was.
Hoeft ook helemaal niet; ook al hebben we elkaar een jaar niet gezien, we praten zo weer verder over de meest uiteenlopende onderwerpen: wat te doen na je pensioen, moet de Matthäuspassion snel of langzaam uitgevoerd worden, hoe praat je met je kinderen over de dood, begraven op een kerkhof of op een natuurbegraafplaats, waren de pauzes van de danslessen 30 jaar geleden het leukst, zijn er al weer nieuwe patatjes, wat is leuk vrijwilligerswerk, wanneer is jullie dochter dan getrouwd en heb je ook foto’s?
“Stond op Dit is Roden, want de juf trouwde met de meester”…..
O ja, dat hadden we allemaal wel voorbij zien komen.

Heerlijke avond gehad.
Fijne gesprekken gevoerd.
Naar elkaar uitgesproken hoe bijzonder het is dat we dit, steeds een beetje grijzer en strammer, nog steeds jaarlijks doen.

Rond half 9 werd ons verteld dat wij vriendelijk doch dringend werden verzocht weg te gaan: het programma was afgelopen.
Na 10 minuten stonden zo’n beetje alle mannen met de jas al aan bij de uitgang, terwijl de meeste dames nog van deze en gene afscheid stonden te nemen en maar niet uitgepraat raakten.
Gelukkig gaven zich twee dames op die het volgende jaar willen organiseren.
Wordt vervolgd dus.

Ben je benieuwd naar alle verhalen die ik in de loop van de jaren heb geschreven over ‘de Havenstappers’?
Klik dan op deze link, dan kom je op het blog ‘Iedereen heeft wat’ uit 2022; onderaan dat blog vind je een overzicht.

Reageren

13 september: De kracht van oer 5 – Een écht dagje oer!

Er was één ding dat al heel lang op mijn verlanglijstje stond om eens te bezoeken: het hunebedcentrum in Borger. Natuurlijk, daar was ik vroeger wel eens geweest, maar het is een aantal jaren geleden helemaal op de schop geweest en grondig vernieuwd: een leuk uitje in onze vakantie in Westerbork.
Je kunt je afvragen of dat nog wel leuk is als je al zoveel van hunebedden weet, maar het was beslist de moeite waard. In de inleidende film die we zagen werd verteld over nieuwe inzichten die zijn ontstaan na vergelijkend onderzoek naar hunebedden in de rest van Noord Europa.
Dan moet ik me bedapperen om niet in de zaal te blijven zitten om de film nog een keer te zien…. maar er was veel meer te bekijken: wij gingen naar de volgende zaal waar we verschillende panorama’s konden bekijken die een indruk geven van het leven van de hunebedbouwers. We liepen langs vitrines met vondsten uit de de hunebedden en genoten van de interactieve ruimte waar we zelf aan de slag konden met het bouwen van een hunebed: digitaal en fysiek. Bij het digitale deel werden we geholpen door een jongetje; hij kon niet ouder zijn dan een jaar of 6, maar hij wist al precies hoe het allemaal moest met de pijltjes, de pictogrammen en het wisselen van de kadertjes. Oeroud voel je je dan 😉

Buiten was een oerpark gebouwd, waar we huizen konden bewonderen van de verschillende bevolkingsgroepen die voor de jaartelling in ons land woonden: de jagers/verzamelaars, de eerste bewoners van ‘vaste plekken’: dorpjes van 3 a 4 huizen uit de bronstijd en de ijzertijd.
Daar ontmoetten we een meisje dat bezig was om een trechterbekertje te maken: ze vertelde me hoe ze dat deed en ik kon vragen wat ik wilde. Erg leuk!

In het paviljoen met informatie over het Geopark De Hondsrug leerde ik iets over de oerrivier de Eridanos die ik nog niet kende. We stonden voor een vitrine met verkiezelde fossielen die door die pré-historische rivier in Noord Nederland terecht zijn gekomen. Die fossielen komen uit het Ordovicium en leefden 450 miljoen jaar geleden.  Meer weten? Hierbij een link naar een interessant artikel over het ontstaan van het Drentse landschap en de rivier: Het hondsruggebied.

Na een kop thee in het restaurant ‘de trechterbeker’ zochten we een paar hunebedden op die ik nog niet had gezien: de tweeling D21 & D22 en de drieling D23, D24 en D25 bij Bronneger.
Je ziet ze op de afbeeldingen hieronder.

Even verderop was een grafheuvel uit de ijzertijd. Bij de informatie die ik daarover las stond dat toen die grafheuvel in gebruik werd genomen, de voornoemde hunebedden daar al 1000 jaar stonden. Zo’n tekst geeft mij dan ineens een nieuw inzicht in de tijd: Onze Catharinakerk staat nu ongeveer 800 jaar op de Brink in Roden.
En dan heb je een uur geleden fossielen gezien die 450 miljoen jaar oud zijn.
Niet te bevatten.
Met recht een écht dagje oer!

Benieuwd naar de andere verhalen over ‘de kracht van oer’?
Hierbij een link naar deel 1, onder aan dat blog vind je een overzicht.

Reageren

12 september: De kracht van oer 4 – Schippersmonument in Hoogeveen

“Ik moet een nieuw puzzelboekje. Die haal ik altijd bij de Boekenvoordeel, die zit in Hoogeveen. Zullen we daar een middag naar toe?”
Ja! Samen even winkelen, dat doen we eigenlijk nooit, dus wij togen naar Hoogeveen op de eerste maandag van onze vakantie.

“Zou daar ook nog iets ouds zijn?” vroeg ik me van te voren af.
Vergeleken met Roden niet natuurlijk, want Hoogeveen is pas ontstaan rond 1600 toen werd begonnen met het afgraven van het veen.

Het oudste deel van Hoogeveen heet ‘het oude kruis’: de plek waar vroeger twee kanalen elkaar kruisten. Daar vind je ook de oudste huizen van Hoogeveen, o.a. het Huis met de Duivengaten en de voormalige drogisterij met een gevelsteen uit 1703 met de tekst “So Godt voor ons is Wie sal tegen ons syn”. Dit pand is in de tweede helft van de zeventiende eeuw is gebouwd en zeker vanaf 1691 werd bewoond.

We dronken een kop thee bij het Olde Schippershuus, een café waar schippers bij elkaar kwamen. Dat is het oudste bestaande pand van Hoogeveen, met een kern uit 1632. We dronken onze thee onder toeziend oog van een schipper die is vereeuwigd in het ‘Schippersmonument’ dat daar staat sinds 1982. Op de sokkel van het beeld staat een tekst:
Het varen was mijn ambt
op het water moest ik bouwen
wij konden volk en schip
aan God den Heer vertrouwen.

Het beeld is een herinnering aan de turfschippers van de vorige eeuw en het brengt de waardering tot uitdrukking voor de Hoogeveense schippers in het verleden.
Daar voel ik me mee verbonden door onze familiegeschiedenis: mijn opa en oma Vrieswijk waren turfschippers in het begin van de vorige eeuw. De man die model heeft gestaan voor het beeld lijkt zelfs wat op mijn opa.

Gerard kocht zijn puzzelboekje en nog wat kleren; tegenover de winkel waar hij leuke polo’s kocht ontwaarde ik een bedrijf waar een klein stukje van mijn eigen geschiedenis aan is verbonden: de gevel van Marriages, de bruidswinkel waar ik in januari 1983 met mijn moeder en schoonmoeder mijn trouwjurk, uitzocht, paste en kocht.

Geen oer in het Drentse Hoogeveen, maar wel een mooie wandeling door een stukje ‘veen-geschiedenis’ vermengd met mijn eigen, meer recente geschiedenis.

Benieuwd naar de andere verhalen over ‘de kracht van oer’?
Hierbij een link naar deel 1, onder aan dat blog vind je een overzicht.

Reageren

11 september: Zeer ongebruikelijk.

De eerste twee werkdagen na de vakantie ging ik op de fiets naar Groningen.
De laatste keer dat ik die route fietste was 20 augustus, toen was het nog schoolvakantie en was het heerlijk rustig op het fietspad, maandagmorgen was het weer als vanouds: DRUK!
Vooral in Groningen moet je ogen voor en achter hebben.

Gistermorgen was het voor het eerst ook weer koud. Kouder dan ik had verwacht, dus twee straten na de Boskamp stapte ik al van de fiets af om een extra jasje aan te doen. Zit altijd in mijn fietstas voor het geval dat. Eigenlijk had ik ook handschoenen in die fietstas moeten hebben……
Maar de fietstocht op zich was prachtig!
Toen ik Roden uitfietste  was het nog wat heiïg; de zon was nog niet zolang op en scheen over de weilanden waar je ieder spinnenwebje zag schitteren.
Er zat weer voldoende water in de sloten langs het fietspad in de Onlanden en er stond een ree naast een bosje argwanend naar mij te kijken.

Op het brugje tussen twee meren (200 meter vanaf de Onlanderij) was het een drukte van jewelste. Zeer ongebruikelijk om 08.00 uur ’s morgens.
Er stond een hele groep mensen aan de linkerkant van het bruggetje met telelenzen en fotocamera’s en toen ik er aan kwam fietsen stak de hele meute ineens over naar de andere reling van het bruggetje, zodat ik even van de fiets af moest.

Otter. Afbeelding: Andrea Bohl via Pixabay

Kon ik gelijk mijn nieuwsgierigheid bevredigen; ik stelde mijn vraag aan een meneer, een prototype van ‘de mens met de lens’: hoedje, stevige schoenen, groene/bruine kleren (schutkleuren), een jas met honderd ritsen en zakjes en een grote cameratas.
“Waar kijkt u naar, meneer?”
“Een vis-otter…!”
Het woord werd met eerbied en ontzag uitgesproken.

Die otter (vis-otter is geen aparte soort….) heb ik gistermorgen niet gezien, ik moest immers naar mijn werk, daar moest ik om 08.30 uur zijn.
“Veel succes!” wenste ik de lens-mensen toe “ik zie het wel bij Vroege Vogels!” en vervolgde mijn weg.
Langs het Hoornse meer waar een hele kolonie meeuwen op een steigertje druk overleggend zat te wachten op wat de dag zou brengen.
Langs het Noord Willemskanaal, waar studentenroeiers van A.G.S.R. Gyas al in hun boten op het water zaten; een reiger zat op de steiger van het clubgebouw hun inspanningen sceptisch te bekijken.

Toen ik die roeivereniging opzocht op internet bleek het adres ‘Hoornse diep’ te zijn. Huh? Dat heet toch het Noord Willemskanaal waar ik altijd langs fiets?
Dit is het antwoord dat ik vond: het Hoornsediep is een ouder deel van de Drentsche Aa dat in het verleden is gekanaliseerd en dat nu een deel van het Noord-Willemskanaal vormt. Het Noord-Willemskanaal is een groter, commercieel gegraven kanaal dat (deels) deels het Hoornsediep heeft overgenomen om een verbinding te vormen.
Het
Hoornsediep is een historische waterloop die in het Noord-Willemskanaal is opgenomen.

Een veelzijdige fietstocht op de vroege morgen: natuur, dieren, bijzondere mensen én een klein stukje geschiedenis!

Naschrift: vanavond zag ik op de website van RTV Drenthe de eerste beelden van de otter al voorbijkomen; hij had een aalscholver te pakken.
Hierbij een link naar dat nieuwsbericht én naar een bericht dat gaat over het groepje mensen dat ik hierboven heb beschreven.

Reageren

10 september: Naar een leven zonder werk (6) – Beatrixoord Haren.

Maar hoe kwam ik nou met die frisse tegenzin toch weer aan het betaalde werk?
Gerard was bij zijn toenmalige werkgever lid van Ondernemingsraad; die hadden voor 8 uur een secretaresse, Annemiek, voor het notuleren en uitwerken van de agenda en het voorbereiden van de agenda.
Dat werk deed zij ook 8 uur voor het Vertegenwoordigd Overleg (VO) van Beatrixoord, maar zij ging met beide baantjes stoppen, want ze ging werken voor de praktijk van een kinderpsychologe in Groningen.
Ik solliciteerde, op voorspraak van Annemiek (die ik kende uit Roden) op de 8 uur in Beatrixoord en die baan kreeg ik.

Eén dag in de week, op donderdag, reed ik naar Haren en nam alle taken van Annemiek over.
De voorzitter van het VO (waar verpleegkundigen en artsen in zaten) heette Froukje en samen met haar bereidde ik de vergadering voor. Lees: zij zei wat ik moest doen en ik werkte het uit.
De vergadering voorbereiden betekende toen nog: een agenda maken en alle stukken/bijlagen kopiëren voor de VO-leden en in hun bakje leggen/naar hen toesturen.

Afbeelding: Siebrand H. Wiegman, 2013

In die tijd was de fusie van Beatrixoord en UMCG in voorbereiding en dat gaf een hoop gedoe. Mensen waren onzeker over hun baan en over hun toekomst; de vergaderingen die ik moest notuleren waren enerverend en dat is een understatement. Die VO-vergadering was één keer in de maand en af en toe niet in Haren maar in het UMCG: dat vond ik ontzettend spannend.
Fietsen naar de stad! Druk! Niks gewend! In Roden hebben we maar één stoplicht…….

Maar net als bij Justitie en het moederschap: ik wende aan het werk.
Aan de stapels kopieën die ik moest maken; in het begin vergat ik nog wel eens de achterkant ook af te drukken, maar dat overkomt je maar één keer.
Ik kon nog gebruik maken van mijn opleiding Steno bij Scheidegger en het notuleren ging me goed af. Dat deed ik immer altijd al: vergaderingen van de zondagschool, de IKJ, van de wijkvergaderingen van de kerk en het Rodens Christelijk Gemengd Koor: ik notuleerde altijd, want ik was secretaris.
Froukje vond het wel handig dat ik er die ene donderdag in de week was. Toen ik het werk voor het VO onder de knie had kreeg ik steeds meer klusjes van haar doorgeschoven onder het mom van: ‘Ik ben niet zo handig met die computer. Wil jij dit voor me uitzoeken?’
Ik maakte roosters voor de nachtdiensten, regelde vergaderruimtes, redigeerde haar brieven en hielp haar met wegwijs worden in de digitale wereld. Wij hadden vanaf 1994 thuis een computer, dus daar was ik al redelijk handig in.

Het werk voor Froukje stopte toen Beatrixoord definitief fuseerde met het UMCG: mijn baan hield op te bestaan.
Maar toen was daar weer Annemiek uit de eerste alinea die uitkomst bood: zij werkte nog steeds bij de kinderpsychologe Christine Brons en die had dringend behoefte aan meer secretariële ondersteuning: wilde ik niet solliciteren?
En zo rolde ik in mijn eerste duo-baan.

Benieuwd naar de hele serie?
Hierbij een link naar deel 1: onderaan dat blog vind je een overzicht van de al gepubliceerde blogs.

Reageren

Pagina 18 van 308

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén