een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 243 van 309

21 augustus: Mede mogelijk gemaakt door…..

De wekelijkse viering van onze PKN-gemeente werd gistermorgen gehouden in de Catharinakerk. Sinds ik daar regelmatig als vrijwilliger bezoekers iets vertel over de geschiedenis van de kerk kijk ik met andere ogen naar het gebouw.
Als liefhebber van geschiedenis kon ik gistermorgen mijn hart ophalen.

De predikant had eerst al aandacht voor drie kinderen op de eerste rij; het gezin was te gast in onze gemeente. Hij nam ze mee naar de preekstoel en wees ze op het prachtige houtsnijwerk. Een paradijsvogel was er in te zien. En aardbeienplantjes. Een leeuw. En veel eikenbladen. Hij legde uit dat dat kwam omdat in de oudheid, voordat het christendom zijn intrede deed, eiken vaak onderdeel uitmaakten van het religieuze centrum van het dorp. Daar was vaak een offerplaats en onder de grote, oude eiken werd rechtgesproken.

Zijn overdenking begon hij met een verhaal over de grote kerk van Elst, waar hij vroeger kerkte. De gemeenteleden worden  daar ’s morgens welkom geheten ‘op deze historisch religieuze plaats’. Op die plek stond in de prehistorie namelijk al een openluchtheiligdom van de Bataven en in de Romeinse tijd stond er een gallo-romeinse tempel (zie afbeelding links)
Op de fundamenten daarvan is het huidige kerkgebouw gebouwd. (meer info zie >>>)
Dit alles gelardeerd met beelden: ik hing aan zijn lippen.

De strekking van zijn verhaal was dat geloofsgemeenschappen altijd een mengvorm zijn van oude tradities en vernieuwingen. Het is onze taak  om niet al te halsstarrig vast te houden aan wat belangrijk was in  het verleden, maar ook oog te hebben en ruimte te maken voor vernieuwingen. “Bestrijdt elkaar niet te vuur en te zwaard” waren zijn woorden. Wat nu nieuw is, is over vijftig jaar al weer vreselijk achterhaald. Koester wat je had, maar sta open voor het nieuwe; het geloof blijft op die manier in beweging.

Eén aspect uit de viering (een voor mij geheel nieuwe zienswijze) zal ik onthouden voor de rondleidingen in de Catharinakerk in de toekomst.

tekst: ‘Zingt Roden! Hoppincks naame en God ter eer!’

De voorganger vroeg aan de kinderen: “Hoe zou je het vinden als in deze kerk een groot bord van Coca Cola zou hangen? Of dat de ouderling van dienst aan het begin van de viering zou zeggen: “Welkom in deze viering, mede mogelijk gemaakt door Coca Cola!”
Dat zou natuurlijk heel raar zijn, vonden de kinderen ook.
Maar toen wees de dominee naar het wapenschild in het herengestoelte ‘De Kymmellsbank en naar de schilden bij het orgel met de naam van Mw. Hoppinck.
“Het koor van de kerk, betaald door de familie Ellents en Oldenhuis van Mensinge.
Het orgel, mogelijk gemaakt door mw. Hoppinck.”
Toen was reclame in de kerk dus heel gewoon.

Ineens ga je je afvragen: hoe zou de kerk er dan over vijftig jaar uit zien?
Dan ben ik 106………

Reageren

19 augustus: Albert Boelen en ‘de Onlanden’.

Zoas al beloofd in het blog ‘Olde mannen in Rowol’ vandage het aandere gedicht dat Albert Boelen mij destieds stuurde.
(zie het blog van 25 juli >>>)

Net as Albert bint Gerard en ik ook arg gecharmeerd van de Onlanden.
Wij gaot allebei regelmaotig op fietse hen Grunn’n. Veurige weke kreeg ik ’s mörgens een berichie van hum op mien telefoon: “De Onlanden vanmorgen. Lekker op fietse” en hij stuurde een foto met.

“Het was veul mooier as op de foto” zee e later op de dag. En zo is ’t eigenlijk altied.
Ettelijke foto’s heb ik ’s mörgens vrog van de Onlanden maakt. Met de opkommende zun. Met zulveren spinnewebbies an elke rietstengel met druppelties water d’r in waor de zun deurhen schient.
Met reeën in de mist. Met ganzenkuukens.
Met trots paraderende fazant-hanen.
Moar nooit krie’j op die foto’s te zien hoe mooi het was.
Ie moet d’r gewoon hen en het zölf beleven.

Albert woont in Foxwolde, feilijk midden in de Onlanden.
Lees hierunder hoe hij het beleeft:

Onland reize

Ik biender staorig
deur het gruun –
de zwarte sloot
wes mij mien pad –
het briede, gruune veld
met an de einder
een stad.
Ik dwaal wat rond en
vuul mij vrij,
een veugel wupt wat
veur mij oet.
Een grelle witte wolk
an de blauwe locht – ik
kiek umhoog – met in mien
hals een kloet.
Waor as ik kom – waorhen ik reis
hier kom ik aal wearum –
Hier kom ik vort – dit is mien plek,
want aal ’t gereis en aal ’t getrek
leart mij aal mear: d’r is niks in
hiel de weareld – dat op dit laand hier lek.
Dit laand, zó niks, zo ‘on’ – mor niet te
vergelieken.
Hoe aold aj wordt – hoe lang j’ ok blieft
verwonderd bliej’daor kieken.

(25.08.2014 Onland Roderwolde bij ’t Leekstermeer)

Reageren

18 augustus: Het virus 2 ‘Een knieftig kastje’

Op 27 juli >>> maakte ik melding van de heel vroege signalering van het Rodermarktvirus. Inmiddels kan ik melden dat er een uitbraak van dat virus heeft plaatsgevonden.
Dat begon met een oproepje om blauwe rondjes te haken. De eerste avond dat we bij elkaar kwamen met het knutselteam waren er al zo’n twintig mensen. En we verzamelden al 130 rondjes! Jong en oud was aan het haken geslagen. We zijn nu een week verder en we hebben de benodigde 400 rondjes al rond: iedere haakster nam nog 12 voor haar rekening.
Met z’n allen fietsten we naar de loods en bewonderden de wagen in aanbouw. “Wat kunnen we doen?” was de vraag die het meest werd gesteld. Nou….die avond nog niet veel, het was nog iets te vroeg. Maar woensdagavond konden we los: badkamertegeltjes stukslaan om daar mooie mozaïeken van te leggen en boontjes plakken.
Dominee Walter, de veroorzaker van het virus, ziet het allemaal handenwrijvend aan en krijgt het al hoog in zijn bol. Hij noemt het kledingteam team ‘de praalwagencouturiers’ en de knutselaars ‘avant-gardistische set-dressers’. Zo weet ik er ook nog wel ééntje. Dan noemen we de bouwgroep ‘reliable construction workers’….. what ’s in a name?

Steeds meer mensen raken betrokken en enthousiast.
De rondjes haaksters krijgen een nieuwe opdracht: rode bloemen haken, breien of maken van stof.

En ik? Ik haak natuurlijk. En zet sloten koffie en thee, zorg voor de PR  (zie de website van onze PKN-gemeente >>>) en ruim op. Woensdagavond zette ik emmers en dozen aan de kant en ik legde alle meegebrachte flesjes en oude handdoeken in de balkenconstructie onder de werktafel die wel wat op een kastje leek. Ruimte geeft overzicht. Eén van de dames vond het een knieftig kastje. Dat begreep ik zeker wel want dat was Drents volgens haar. Nog nooit had ik dat woord gehoord! Eenmaal thuis zocht ik het op op internet en inderdaad: knieftig is Drents of Twents voor ingenieus.
Dat woord zocht ik ook op. Betekenis: Vernuftig. Vindingrijk. Goed bedacht en gemaakt.

Beetje laat Ilse, maar bedankt voor het compliment!

Reageren

17 augustus: Net zo als op het plaatje.

In mei begon ik te breien aan een lichtgroen ajourtruitje.
Het patroon had ik gevonden in het tijdschrift ‘Simply breien’ van april 2013.
Het was een boek met allemaal zomertruitjes en vestjes.

Het moest worden gebreid van katoen. Ik kocht katoen in dezelfde kleur als op het plaatje: pistache-groen.
Nog niet zo vaak had me gewaagd aan een ajourpatroon, dus ik begon met een behoorlijke proeflap.
Eerst maar eens zien hoe het ajour-werkje in elkaar zit.
Meestal moet je het een aantal keren achter elkaar breien om je het patroon eigen te maken.

Toen ik het goed onder de knie had ben ik in het net begonnen. Het voert te ver om het hele patroon op dit blog te zetten, dat zou niet netjes zijn tegenover Simply Breien, één onderdeel wil ik op dit blog graag delen. Een heel leuk effect bij dit truitje is de A-lijn, die ontstaat omdat je het bovenste deel, na het ajourgedeelte, in boordsteek, 2 recht, 2 averecht,  breit. Daardoor kruipt het weefsel een beetje in elkaar. In de eerste 12 toeren echter brei je aan de achterkant van die boordsteek niet 2 recht 2 averecht, maar brei je de hele toer averecht. Daardoor krijg je een soepele overgang van het ajourgedeelte naar het boordsteek gedeelte. (zie detailfoto hiernaast).

Vorige week kreeg ik het af.
Het is precies zo geworden als op het plaatje, zelfs de mouwtjes, ook gebreid in dat ajourpatroon, zijn goed gelukt.
Gisteren had ik het aan naar mijn werk.
Tijdens de middagpauze kreeg ik twee complimenten van ‘kenners’: twee dames van de huishoudelijke dienst die zelf ook veel handwerken vonden het erg mooi! “En die mouwtjes! Knap hoor….”

“Het is precies geworden zoals op het plaatje” schreef ik hier boven.
Als ik het aan heb ziet het er wel anders uit als op het plaatje; ik heb immers geen maatje 36…..

Reageren

16 augustus: De getemde feeks.

Het was maandagavond één van de laatste try-outs in Diever; we konden met onze vriendengroep met z’n achten geen kaarten meer krijgen voor een ‘gewone’ voorstelling. We woonden de uitvoering bij van ‘de getemde feeks’ in het Shakespeare-theater in de bossen bij Diever. (klik hier >>> voor een link naar de website)

We hebben er van genoten.
Van het stuk en van de randverschijnselen in Diever.
Het is een bijzondere ervaring om een voorstelling in het openluchttheater bij te wonen.
Rond 20.00 uur zie je grote groepen mensen bepakt en bezakt richting het theater lopen.
Met kussens (voor op de houten bankjes) jassen en truien (tegen de avondkou) en dekens/slaapzakken (voor over de benen) en tassen met proviand (voor onder de voorstelling).
En regenkleding. En ‘muggen-spul’.
Maandagavond hebben we alleen de kussens gebruikt; wat een prachtige avond hadden we. Om 23.30 uur was het nog 20 graden.

Omdat je al een uur van te voren in het theater zit (anders heb je geen goede plek) is er alle tijd voor geouwehoer onder elkaar.
Daar zijn wij als vriendenclub erg goed in. (zie 28 mei.>>> Zelfs het washandje kwam nog weer voorbij, dit keer in stoffelijke vorm….)
Met de mensen in de rijen voor en achter ons hadden we leuk contact; voor ons zaten drie jongedames waarvan er één binnenkort ging trouwen.
Ze hadden ‘probeer-cup-cakes’ gebakken om te oefenen voor de trouwdag en we mochten allemaal proeven.
Ze waren heerlijk. Sommigen van ons nodigden zichzelf al uit voor de bruiloft.

Om 21.00 uur begon de voorstelling en meteen werden we meegenomen het verhaal in.
‘De getemde feeks’ is een toneelstuk in een toneelstuk, een raamvertelling en het is een ontzettend vrouw-onvriendelijk stuk.

De regisseur heeft bedacht om als tegenhanger van dit gegeven de hoofdrolspelers ‘genderneutraal’ te maken: de hoofdrollen Katharina en Petruchio kunnen door zowel actrice Inge Wijers als acteur Tim van der Molen gespeeld worden.

Dat wordt bepaald door het lot. Daarvoor wordt aan het begin een draai-constructie het toneel opgereden waar een mannetjes-kant en een vrouwtjes-kant aan zit.
Iemand uit het publiek mag een enorme draai aan het ding geven en zo wordt bepaald wie welke rol speelt die avond. (klik hier >>> voor een reportage van RTV Drenthe hierover)
Maandagavond was dat de traditionele rolverdeling; dat was prima, maar halverwege, tijdens een scene waarin Petruchio vreselijk tekeergaat tegen Katharina, bedacht ik dat het best wel gek zou zijn als zij in mannenkleren zo zou staan te schreeuwen tegen hem met een pruik op en een jurk aan.
Wat mij betreft had de regisseur hier voor mogen kiezen.

Ondanks de anti-feministische thematiek van de voorstelling hebben we ontzettend gelachen.  Prachtige vondsten zaten er in. Zoals het steeds even terug laten komen van Sly, de verklede zwerver, voor wie het toneelstuk eigenlijk wordt opgevoerd. Regelmatig bemoeit hij zich met het stuk, omdat hij absoluut niet wil dat er in gezongen wordt.
Verder vond ik de groep huisbedienden van Petruchio erg vermakelijk.
Ze maakten er een prachtig ‘slapstick’-nummer van met veel mimiek en gekke geluiden. Meer ga ik over de inhoud ook niet zeggen: je moet het gewoon gezien hebben!

A.s. vrijdag is de première van het stuk, zaterdag komt er vast een recensie in het Dagblad van het Noorden.
Tegen die tijd zal ik een link naar de tekst van die recensie op dit blog zetten.

Na zoveel ‘macho-mannen-retoriek’ zou ik, als ik het meisje op de rij voor ons was, nog even een gesprekje voeren met mijn aanstaande echtgenoot.
Al waren er ook mannen die na afloop opmerkten dat het stuk zoveel wijsheden bevatte. Zucht.

Eén van onze mannen vond het een geslaagd concept: wij als vrienden gezamenlijk naar iets cultureels.  Hij stelde voor om een volgende keer naar een orgelconcert in de Koepelkerk te gaan. Daar denken we nog even over 😉

Reageren

15 augustus: Zoveel sleutels……..

Drie keer heb ik nu als vrijwilliger bezoekers iets mogen vertellen over de Catharinakerk, afgelopen zaterdag had ik weer ‘dienst’; en wat is het leuk! Niet alle bezoekers zijn even geïnteresseerd. Sommigen komen de kerk binnen omdat die toevallig open is. Lopen even de kerk in, werpen een blik op het interieur, roepen in het voorbijgaan  naar de deur “Mooie kerk, hoor…!” en wandelen het mooie weer weer in.

Maar de meeste gasten vinden een foldertje met basisinformatie fijn, stellen een kleine introductie op prijs of komen met gerichte vragen. Tijdens de openstelling is er ook altijd een organist die het historische Hinz-orgel bespeelt. Heel af toe mag een nieuwsgierig kind even bij het orgel kijken. Dan hoor je ineens ‘Altijd is Kortjakje ziek’ of zoals zaterdag ‘Op een grote paddestoel……’

Het mooist zijn de gesprekken met mensen die  tijd hebben om even te genieten van de sfeer. Hele verhalen hoor je soms. Afgelopen zaterdagmiddag was er een mevrouw die de kerk kende als ‘kind van de dominee’; ze was de dochter van ds. Kramer die aan onze gemeente verbonden was van 1947 tot 1968.
Halverwege de openstelling is er even tijd voor een kop koffie/thee. Dan gaat het eigenlijk altijd over geschiedenis; van de kerk, of van Roden of Nederland.
Ik zit erbij met ‘oren op stokjes’.

Afgelopen zaterdag kwamen er om vijf voor vijf nog twee zeer geïnteresseerde mensen. Maar om half vijf gaat de kerk eigenlijk al dicht, dus we moesten ze teleurstellen.
Vond ik sneu. Dus ik stelde hen voor om zondagmorgen na de viering nog een keer langs te komen rond kwart voor elf, dan zou ik ze de kerk nog even laten zien.
Halverwege de zaterdagavond kwam ik er achter dat de viering zondagmorgen in Op de Helte was.
Voor 9 uur belde ik koster Didy, zij zou haar best doen om sleutels voor mij te regelen.  Na 9 uur plakte ik een briefje op het informatiebord.

Halverwege het slotlied verliet ik Op de Helte en spoedde mij naar de Brink. En ja hoor, daar waren de bezoekers van gisteren uit Leiden. Met nog twee Zeeuwse dames die toevallig aan kwamen lopen.
Maar helaas: ik kreeg het zijdeurtje niet open. Vanuit de kerk hoorden we orgelmuziek, er stond een herenfiets tegen de kerkmuur geparkeerd en de sleutel zat waarschijnlijk aan de binnenkant van het slot. Met de grote sleutel kreeg ik de voordeur nog wel open, maar de binnendeur daarna was vergrendeld aan de andere kant. Zoveel sleutels …….we konden door het glazen ruitje naar binnen kijken en verder kwamen we niet.

Gelukkig had ik mijn eigen boekje met foto’s en informatie bij me. In het zonnetje mocht ik nog een heleboel vertellen over de kerk en over Roden.
Er werden nog wat foto’s gemaakt en ik werd bedankt voor mijn verhaal en mijn enthousiasme.
Naar aanleiding van mijn verhalen gingen ze ’s middags naar Mensinge.
Ik hoop maar dat ze daar wel in konden….!

Reageren

14 augustus: Lied gemist.

Gistermorgen in de viering van onze PKN-gemeente hoorden we twee verhalen die te maken hadden met zee en verdrinking. Het eerste verhaal uit het oude testament ging over Jona, die door God naar Ninevé wordt gestuurd. Hij ziet dat niet zitten, vlucht op een boot naar Tarsis, maar wordt tijdens een storm (nadat het lot is geworpen) als ‘schuldige’ overboord gezet en opgeslokt door een grote vis.
Voor de kinderen was er een filmpje met een liedje van Elly & Rikkert, maar het geluid deed het niet.
Liedje toch graag horen? Klik hier >> voor een video op YouTube.

Mattheus vertelt in het nieuwe testament dat Jezus over het water loopt. De discipelen in hun boot denken een spook te zien, maar zodra Petrus Jezus herkent stapt hij in vertrouwen uit de boot en ‘loopt’ naar Jezus toe. Als hij vlak bij hem is dreigt hij te verdrinken, maar Jezus pakt zijn hand en redt hem.
Voorganger Astrid legde mooie verbanden tussen beide verhalen en wees ons op de verwijzingen naar de Psalmen die Jona in zijn nood uitroept.
De essentie van haar verhaal was: vertrouw op God bij storm en tegenwind.
Ook al zinkt de moed je in de schoenen: houdt moed, zijn naam is Ik ben er, hij laat je nooit alleen.

Het slotlied was lied 416, Ga met God. Mooi lied, maar ik had graag bij deze viering het zeer toepasselijke ‘O, eeuw’ge Vader, sterk in macht’ willen zingen (het Engelse origineel heet ‘Eternal Father’),  waarbij de laatste zin is ‘wil verhoren onze bee, voor hen die zijn in nood op zee’.   Dat zei ik zacht in de oren van Dick en Jannie die voor mij zaten, ik weet dat zij dat lied ook erg op prijs stellen. Het heeft een melodie waarbij je vanzelf een brok in je keel krijgt. Je kent het vast wel , hierbij een link naar een Youtube-filmpje >>> (orgelspel vooraf duurt wel wat lang….)
“Dat staat niet in het nieuwe liedboek” bromde Dick achter zich.
Huh? Waarom niet?
Eenmaal thuis zocht ik op internet naar meer informatie.
Het is inderdaad niet meer opgenomen in het nieuwe liedboek.
Ik vond wel heel veel informatie met filmpjes enzo op deze Kerkliedwiki-website; beslist de moeite waard om daar even op te kijken.

Uit mijn oude liedboek haalde ik dit lied en plakte het achter in mijn nieuwe liedboek.
Samen met Dick beginnen we vandaag met de actie: “het zeelied staat niet in het liedboek maar kan wèl op de beamer!”
Zegt het voort.

Het tweede en derde couplet van het slotlied heb ik overigens gemist.
Morgen vertel ik waarom in het blog ‘Zoveel sleutels……’

Reageren

12 augustus: Koen aan …. dag!

Afgelopen donderdagmorgen liep ik om 07.00 uur voordat ik naar m’n werk ging te zoeken naar m’n schoenen. Uiteindelijk vond ik ze naast het nachtkastje.
Toen ik ze, eenmaal beneden, aandeed zei ik tegen Gerard: “Koen aan…dag!”

Het is een overblijfsel van het allereerste spraakgebruik van onze oudste dochter Frea. Met haar beleefde ik voor het eerst het wonder van een heel klein kindje dat stukje bij beetje een taal leert.
Eén van de eerste woordjes die ze zei was dies.
“Dies” was een  spuugdoekje. Ze kreeg iedere morgen een nieuwe; de ‘dies’ sleepte ze de hele dag met zich mee. We deden er ‘kiekeboe’ mee en ze leerde er mee lopen. Oma zat op haar hurken en gooide de ‘dies’ naar mama, waarop Frea kraaiend van de pret waggelend van de één naar de ander liep.

Papa, mama, oma, opa, kakkak  (de ganzen in de wal van de vaart), boek, au, waai (lawaai, had ze een hekel aan) en bah! (Vies). De eerste keer dat ze sneeuw zag vallen stond ze in opperste verbazing voor het raam en riep ‘ Bah!’
Ik volgde haar ontwikkeling op de voet en genoot er van.

Donderdag kreeg ik het ‘Koen aan….dag!’ niet meer uit m’n hoofd. Ik zag steeds het

Koen aan…..

opgewonden peutertje Frea voor me. ‘Koen aan….dag!’ was haar eigen interpretatie van ‘we gaan naar buiten, leuk!’  Ze wurmde haar voetjes in de sandaaltjes (schoen aan) en wist: we gaan weg! (dag)
Dat kon van alles zijn. Naar de hertjes in Smilde. Of naar ‘opoma’. Of naar de slager of de SRV-man.

Taal. Het blijft een wonder. Tegenwoordig spreekt ze beter Engels dan Nederlands. Maar het blijft haar moedertaal.
En ze weet nog precies wat ik bedoel als ik zeg:
“Koen aan…..dag!’.

Naschrift: op de avond van de publicatie van dit blog kreeg ik van haar een app.
“Koen aan….pub!”

Reageren

11 augustus: Jarig!

Vandaag is mijn blog jarig: het wordt 3 jaar. Mijn eerste blog schreef ik op 14 augustus 2014, ( zie >>>) Dat deed ik toen bij ‘Blogse’ onder de naam ‘Handwerken en meer’.
Maar het werd steeds meer ‘meer’ en steeds minder handwerken, zodat ik na een jaar begon met een eigen website bij WordPress onder de naam ‘de Waarde van de dag’. Die website lanceerde ik op 4 september 2015 (zie >>> ).
In september 2016 besteedde ik aandacht aan het twee-jarig bestaan van mijn site ( zie Sharing the joy >>>) en vandaag dus drie jaar een dagelijks blog.

In de loop van de jaren is het aantal onderwerpen gegroeid en ook het aantal lezers groeit heel langzaam maar gestaag.
Het elke dag plaatsen van een blog is een gewoonte geworden die helemaal is ingeweven in mijn dagelijkse leven. Als me iets opvalt maak ik even een aantekening en soms verzeil ik situaties waarvan ik dan al weet: dit gaat een leuk blog opleveren.
En heel soms zóu ik een heel leuk verhaal kunnen schrijven, maar dan doe ik het niet.
Omdat het kwetsend zou zijn voor de betrokkenen.
Of omdat niet alles met iedereen gedeeld hoeft te worden.

Toen we drie weken in Canada waren schreef ik om de twee, drie dagen een blog over onze belevenissen. Het was maar goed dat ik dat vanaf het begin had gedaan, want na drie weken was ik heel veel dingen van het begin al weer vergeten!
Men zegt niet voor niets: ‘Wie schrijft die blijft’.

De ‘Gastblogs’ die ik in 2016 heb geïntroduceerd worden erg gewaardeerd, maar de leveranciers zijn nog niet zo scheutig met nieuwe pennenvruchten.
Er was nog wel een schoonzoon die opperde een gastblog te willen aanleveren.
Over hoe moeilijk het is om om te gaan met ons gezin. “Mijn leven met de Waninge’s” zou het dan gaan heten.
Ik kijk er naar uit!

Afgelopen zondag overkwam me iets bijzonders. We zongen in de Norg tijdens de openluchtdienst (zie 7 augustus j.l.)) en tijdens het koffiedrinken kwam een mevrouw met me kennismaken. Ze was een vaste volger van mijn blog en vond het leuk om mij ‘in real life’ te zien. Vond ik ontzettend leuk! Wat zij vooral uit mijn blog haalde: het genieten van de gewone, alledaagse dingen die zo vaak de waarde van mijn dag bepalen.
En dat is waar ik na deze derde verjaardag gewoon mee doorga, namelijk het beschrijven van mijn waarde van de dag: ‘een alternatief voor de waan van de dag’.

Reageren

10 augustus: Het leven laat zich niet regisseren.

The big sick. Zo heette de film waar Gerard en ik zaterdagavond heen gingen. Als je de titel intikt bij Google translate  maakt die er “de grote zieken” van.

Het is een tragikomische verfilming van een waargebeurd verhaal.

Kumail woont in Chicago; hij treedt op als stand-up-comedian en is Uber-taxichauffeur. Tijdens een van zijn optredens leert hij de studente Emily kennen. De twee besluiten samen naar huis te gaan en worden na verloop van tijd verliefd op elkaar.

De Pakistaanse moslimfamilie van Kumail probeert hem door middel van zogenaamde spontane etentjes te koppelen aan een geschikte Pakistaanse vrouw. Daardoor durft Kumail zijn Amerikaanse vriendin niet voor te stellen aan zijn ouders, tot grote ergernis van Emily.

Wanneer Emily vervolgens getroffen wordt door een mysterieuze ziekte en in coma raakt, komt Kumail voor het eerst in contact met haar ouders, Beth en Terry, die hem in eerste instantie wantrouwen. Tijdens enkele moeilijke, intensieve en ongemakkelijke weken waarin hij Beth en Terry beter leert kennen, realiseert Kumail zich steeds meer dat hij gevangen zit tussen aan de ene kant zijn Amerikaanse identiteit en zijn eigen plannen en aan de andere kant de toekomst die zijn Pakistaanse familie voor hem heeft uitgestippeld.

De film duurde meer dan twee uur en had geen pauze; geen minuut heb ik me verveeld.
Ik heb gelachen en ik heb gehuild.
Kumail zit tussen twee vuren in. Het is ronduit zielig om te zien hoe zijn moeder haar best doet om Pakistaanse meisjes te vinden en het is stuitend om te zien hoe Kumail daarmee omgaat. Het is het eeuwenoude verhaal van de liefde die zich niet laat tegenhouden door menselijke grenzen.
Of het nou gaat om een moslim en een christen, of om (zoals in het geval van mijn ouders in de jaren ’50) hervormd en gereformeerd.
Deze film laat zien dat het verzwijgen van de waarheid voor ‘de goede vrede’ op de lange termijn geen stand houdt.  Verder wordt heel subtiel in beeld gebracht dat ook het voeren van regie op het leven van je kinderen of anderen niet een goede strategie is.
Het leven laat zich niet regisseren.

Reageren

Pagina 243 van 309

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén