Vorige week donderdag aten wij met smaak een broodje shoarma met sla, toen er tijdens het kauwen iets knapte in mijn onderkaak.
Dan weet ik gelijk al: niet goed.
Ik slikte niet door, maakte mijn mond leeg en voelde gelijk al een gat rechts onder in mijn gebit.
Daar zat (weet ik achteraf) al 12 jaar een kroon, die was vastgezet op een ‘opbouw’ vanuit het wortelkanaal.
De kroon vond ik gelukkig terug: die zat nog keurig op de opbouw, maar de opbouw was faliekant doormidden.
Gerard is altijd van de goede adviezen: “Volgens mij kun je voor zo’n spoedgeval nog wel terecht bij de tandarts, die hebben altijd een stukje agenda vrij voor dit soort dingen. Misschien bakt ie hem er zo weer op!”
Vrijdagmiddag overzag tandarts Tom de schade en hielp mij gelijk uit de droom: “Dit kan ik niet meer repareren. Nu niet en later ook niet. We moeten iets anders verzinnen.”
Tom sprak in de eerste persoon meervoudsvorm maar als het gaat om het verzinnen van een oplossing voor dit probleem wordt het derde persoon enkelvoud: hij.
Hij gaat een offerte maken.
Gistermorgen wandelde ik al weer naar de tandarts, maar nu voor een afspraak met de mondhygiëniste.
Dat is al een poosje Sigrid, maar die verwachtte een kindje en moest onverhoopt eerder stoppen met werken.
De afspraak met haar werd verzet en zo maakte ik gistermorgen kennis met haar vervangster Barbara.
Op voorhand ben ik dan wat afwachtend. Aan Sigrid zijn mijn gebit en ik gewend; we weten wat er komt en hoe ze te werk gaat.
Daarvoor was ik twee keer behandeld door Hazmat. Die had prachtige bruine ogen, maar was een tikje hardhandiger in zijn behandeling dan Sigrid.
Hoe zou het met Barbara gaan?
Zij ging eerst een test doen: een tandplaktest. Dat is een manier om met een kleurstof te controleren of er na het poetsen van je gebit (dat had ik natuurlijk vóór het tandartsbezoek al gedaan) nog tandplak is
achtergebleven.
“Kijkt u maar even in de spiegel”.
Jemig.
Het was een test met rode kleurstof…… het zag er dramatisch uit, maar dat was het eigenlijk niet.
Een paar randjes in de bovenkaak en één plekje in de onderkaak ‘verdienen wat extra aandacht’ en verder had ik goed mijn best gedaan.
De behandeling van Barbara was niet zo als die van Sigrid: die gebruikt meestal een apparaatje voor het weghalen van tandsteen, terwijl Barbara nog van het ouderwetse handwerk is.
Maar het resultaat is hetzelfde: tandsteen weer weg en de ruimtes tussen de tanden helemaal schoon: het was maar zo weer tijd voor ’the finishing touch’, het polijsten .
Barbara had nog wel wat adviezen.
De blauwe ragers moeten worden vervangen door de groene en gele.
“En hoe lang heb je je elektrische tandenborstel al?”
Jaren.
“Je zou er eigenlijk eentje moeten hebben met een rond borsteltje, zodat je goed om de afzonderlijke tanden en kiezen heen kunt komen.”
Een nieuwe tandenborstel is niet echt een diepte-investering.
De bedragen op de offerte uit de eerste alinea misschien wel……

Geef een reactie