een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 228 van 309

18 maart: Andere drukte.

Afgelopen vrijdag meldde ik dat ik andere drukte had dit weekend. Dan denk je bij ons al gauw aan iets positiefs (weekendje weg, zingen, feestjes) maar dat was het deze keer niet. Al een paar dagen speelde mijn hart op als ik flink in beweging was en vrijdag kon ik al niet meer van mijn werkplek naar de auto lopen. Nog geen 100 meter. Een ambulance haalde me van mijn werk en na onderzoek werd ik opgenomen in het Martini ziekenhuis.

Het is de bedoeling dat er een katheterisatie gaat plaatsvinden om te kijken waar een verstopping in mijn aderen zit. Helaas kon dat niet meer op vrijdag, zodat ik in het ziekenhuis moest blijven tot maandag, die dag ben ik ingepland. Ondanks het gedoe en de dingen die niet doorgingen was ik toch blij dat ik aan de apparatuur lag, want het was best spannend de afgelopen week.

Vanaf 2004 ben ik al meerdere keren in het ziekenhuis opgenomen, steeds met een acuut infarct. Deze keer is het anders: al twee weken kreeg ik signalen dat mijn hart zuurstoftekort had en vrijdagmorgen ging de pijn niet meer over toen ik na het lopen ging zitten. Ik hield dus ook al twee weken rekening met een ziekenhuisopname en ik ben blij dat het niet tot een acuut infarct gekomen is.

En nu ben ik dus dit weekend lopend patiënt: ik mag van alles, maar niet van de afdeling af. Zuur is dat ik kaarten had voor de Matthäuspassion van J.S Bach in de Oosterpoort op vrijdagavond. Met als dirigent Geert Jan van Beijeren (zoon van), een vrouwelijke alt (tegenwoordig zingt een countertenor vaak de altpartij) én op het orgel speelde ‘onze eigen’ Erwin Wiersinga. Uitvoering gemist…..

Gisteren waren mijn schoonzus en zwager 40 jaar getrouwd. Feestje gemist. Maar dat is allemaal onbelangrijk in dit soort situaties. En ‘ellek nadeel hep se voordeel’: het boek dat al een tijdje op de bank ligt wordt nu gelezen en ik heb alle  tijd om te handwerken en aan mijn blog te schrijven. Boven mijn bed hangt een computer met een touchscreen met gratis televisie, radio en internet,  dus ik verveel me beslist niet!

Reageren

16 maart: Even pas op de plaats.

Een dagelijks blog is leuk, maar er gaan maar 24 uren in een dag. Dit weekend even andere drukte: binnenkort meld ik me weer!

Reageren

15 maart: Muziek maakt het verschil.

Woensdagavond keek ik naar de laatste aflevering van Victoria; die had ik opgenomen. Wat heb ik er van genoten.
De kostuums, de verhaallijnen, de geschiedenis en niet te vergeten: de muziek.
Violen en piano, voornamelijk klassieke klanken. Wat een weldaad vergeleken met de rampestamp-herrie die tegenwoordig zelfs onder de nieuwsrubrieken zit.
Victoria, Albert en Ernst spelen zelf regelmatig piano in de serie en ook de achtergrondmuziek was prachtig.

Woensdag werd ik echt geraakt door de muziek die onder de scènes met het zwarte prinsesje Sarah was gemonteerd. Het verhaal speelde zich af vlak voor de kerst en we hoorden de bekende melodieën van Engelse carols. Bij de verdrietige Sarah hoorde je heel zachtjes Coventry Carol; heel iel, één viool speelde het melancholieke melodietje. Het is het treurige wiegelied dat hoort bij het verhaal van de kindermoord in Bethlehem. Dat lied ken ik zo goed omdat mijn dochters en ik dat samen driestemmig hebben gezongen. De melodie alleen al veroorzaakt kippenvel en activeert mijn traanklieren.
Ken je het niet? Hierbij een link naar het blog Coventry Carol waarop je kunt linken naar de opname die we destijds maakten.

Muziek is voor mij heel bepalend voor de beleving van een film of series.
We keken ooit eens naar een Scandinavische serie waar zulke (in mijn beleving) lelijke muziek onder zat, dat ik hem niet heb afgekeken.
Maar Victoria was dus smullen.
Heb je de serie ook gezien? Dan vind je dit vast een interessant artikel: het gaat over wat waar is en wat niet waar (historisch gezien) in de serie. Ernst en Harriët bijvoorbeeld konden helemaal geen verhouding hebben, want in werkelijkheid was zij twintig jaar ouder en gelukkig getrouwd! En zijn Victoria en Albert echt ooit eens verdwaald op de Schotse Hooglanden? Lees er alles over op ‘Wat is waar in de serie Victoria?’

Reageren

13 maart: Hoeden met een liedje.

Af en toe verzorg ik een avond voor de Maandagavondclub, een gezellige, twee-wekelijkse  club voor mensen met een verstandelijke beperking uit Roden, Leek en omgeving.
Gisteravond was ik er weer met mijn gitaar en een zak vol oude hoofddeksels die ik in de loop van de jaren heb verzameld.

We beginnen altijd eerst met het Maandagavond-clublied; ik schreef het al een aantal jaren geleden op de melodie van ‘Ik trek mijn wandelschoenen aan”.
Deze keer had ik als hoofdthema het lied ‘Timpe-tampe-tovenaar’.
De zak met hoeden en petten ging rond, ik zong het liedje van de tovenaar en als ik stopte met zingen moest degene die de zak had een zakje uit de grote zak halen. Tineke, die in het begin al gevraagd had of ik iets bij me had om te trakteren, hoopte dat er uit de zakjes ‘iets lekkers’ te voorschijn zou komen.

Was de hoed uit het zakje gehaald, dan gingen we eerst bespreken wat voor hoedje het was; degene die de hoed had gepakt mocht hem dan opzetten. Daarna zochten we er een liedje bij. Was het een zonneklep met een enorme zonnebril, dan zongen we een liedje over de zomer en het strand. Bij een ‘happy birthday-hoed’ zongen we “O wat zijn we heden blij!” voor Annie  die met de hoed op opeens jarig was en toen Manon een groen zwervershoedje opzette moesten we denken aan Swiebertje. “Daar komt Swiebertje, onze Swieber die steeds malle dingen doet!” De oudere generatie (met name de begeleiders) kon dit opvallend goed meezingen….

Wij houden van Oranje!

Piet kreeg een soort detective-hoedje dat hem goed stond, maar toen één van de begeleiders een hoed in de vorm van een bierpul mét schuimkraag uit de zak viste wilde hij maar één ding: ruilen! Hij kreeg de bier-hoed en zong uit volle borst mee met “Wij houden van Oranje!” Dat paste volgens de aanwezigen het best bij die hoed.
Er was ook piraten hoofddoekje met een doodskop. Daar hoorde het lied “Wat gaan we doen met de dronken zeeman, ’s morgens in de vroegte’ bij. “Heeeee hoooooo en HUP daar gaat ie!”
Wat een plezier kun je dan hebben met hoeden en petten uit de oude verkleedkleren-zak van onze kinderen. Toen iedereen iets op z’n hoofd had maakten we een maffe groepsfoto.

Na afloop kreeg ik een bloembakje met narcissen en drie dikke zoenen van Dirk. En een speech: het was erg leuk geweest en van hem mocht ik nog wel eens komen.
Daarna zongen we bij de narcissen nog “Tulpen uit Amsterdam”; je moet het ruim zien.

Benieuwd naar het verslag van de vorige keer?
Lees alles over Liedjes raden en het Noach-spelletje.

(De namen voor dit blog zijn gefingeerd ter bescherming van de deelnemers)

Reageren

12 maart: Om al uw tekens te verstaan.

Hinsz-orgel in de Catharinakerk Roden

De wekelijkse viering op de zondagmorgen was gistermorgen weer in de Catharinakerk op de Brink. Sinds een paar weken verschijnt er op de beamer een paar minuten voor aanvang van de dienst deze tekst: Onder orgelspel bereiden we ons in stilte voor op deze viering. Dit wordt gedaan om de gemeenteleden tegemoet te komen die vonden dat daar helemaal geen gelegenheid voor was. Daar valt wat voor te zeggen.

Het is namelijk meestal erg gezellig in de kerk voordat de viering begint.
Mensen ontmoeten elkaar en beginnen te praten: “Wat een weer hè? Hoe ist met de kinder? ” en/of woorden van gelijke strekking. Geanimeerd kleppen we heel wat af met elkaar.
Soms kwam  de voorganger al binnen met de kerkenraad en dan hadden we nog helemaal niet door dat ‘het’ al was begonnen.
Onze gemeente moet nog wel een beetje wennen aan deze nieuwe gang van zaken.
Zit je namelijk helemaal vooraan, dan kun je de beamer niet goed zien en weet je dus niet dan het grote zwijgen is begonnen. Gistermorgen zaten er nog enkele dames heerlijk met elkaar te kwekken toen iedereen verder al zijn mond hield. Dat gaat op den duur toch ongemakkelijk voelen; uiteindelijk werd het stil en luisterden we met elkaar naar het ingetogen orgelspel van Arjan Schippers.
Een prima nieuwe maatregel. Wil je nog even met deze en gene bijpraten dan kan dat (kom dan op tijd, dan heb je nog even) en het voelt heel goed om je mond even te houden om ruimte te maken voor wat er komen gaat.

In de viering ging het over het teken van de 12 stenen in de Jordaan (Jozua 4) en het teken van de vijf broden en twee vissen (Johannes 6). Na de overdenking vierden we het Heilig Avondmaal en werden we bepaald bij de tekens die Jezus ons gaf: het brood als teken van zijn lichaam en de wijn als teken  van zijn bloed. Tijdens het avondmaal speelde Arjan ‘Pie Jesu’ uit het Requiem van Fauré. Ken je het niet? Luister hier >>>naar de uitvoering van Kathleen Battle.

Het slotlied was Lied 978 ‘Aan u behoort o Heer der heren’.
In het laatste couplet kwamen de tekens nog weer voorbij.
Laat dan mijn hart U toebehoren en laat mij door de wereld gaan
met open ogen, open oren om al uw tekens te verstaan
Dan is het aardse leven goed, omdat de hemel mij begroet.
Een waardevolle viering.

Na de viering was er koffiedrinken in De Deel.
Konden we naar hartenlust bijpraten.

Reageren

11 maart: Kraambezoek. Te laat; en te vroeg.

Als er in onze familie een baby’tje wordt geboren, dan gaan wij bij het eerste kindje in dat gezin altijd op kraambezoek. (Zie Vestjes breien en De mooiste vis van de zee)  Het is de bedoeling dat dat gebeurt in de maanden na de geboorte; wij staan niet als eersten op de stoep, maar na een maand of 4 à 5 gaan wij ‘poppie kiek’n’.
Bij achterneefje Lucas is het binnen die termijn niet gelukt. Eind februari vierde hij zijn eerste verjaardag en vanmiddag zaten wij nog aan de cake met slagroom en blauwe muisjes……
Zoals bij ieder kraambezoek namen we een zelfgebreid truitje/vestje mee én een boek.
Geen groot prentenboek deze keer, maar een boek met korte verhaaltjes en gedichtjes, bedoeld om voor te lezen voor het slapengaan. Het heet ‘Kleertjes uit, pyjamaatjes aan‘;
In deze bundel is een schat aan versjes en verhalen, liedjes en prenten te vinden. Over in bad gaan en voor het eerst op het potje, over een verloren lievelingsknuffel en over hoe het is om er een broertje of zusje bij te krijgen. Over de kinderboerderij, de speeltuin, verhuizen naar een nieuw kamertje en lekker door de plassen lopen. Van Dikkertje Dap tot Dikkie Dik,  van Pieter Konijn tot Nijntje en van In de maneschijn tot Jip en Janneke. Maar ook Berend Botje is niet vergeten.

Omdat Lucas al één jaar was, mocht hij het truitje gelijk passen. Het was nog iets te groot, maar het ging niet meer uit.
Hij scharrelde heerlijk om de tafel en de bank heen, druk taterend tegen ons, z’n loopfiets en de ballon. Wat heerlijk om zo’n kleintje even een poosje te observeren: de wankele stapjes, het geklim op de bank, het geconcentreerd in de luier poepen (met een starende blik en een rood hoofd) en het ge-utter van niets van de tafel mogen pakken en het toch doen.
Het boek was voor hem nog iets te moeilijk, maar er is nog tijd genoeg om voor te lezen.

We waren dus rijkelijk laat met dit ‘kraambezoek’, maar aan de andere kant waren we ook veel te vroeg: de mama en papa van Lucas krijgen namelijk over twee en een halve maand hun tweede kindje! Dus als het vestje te klein wordt, kan het zo doorschuiven naar nummer twee.

Reageren

7 maart: Braai’n.

Gistermiddag moest ik in het Martiniziekenhuis zijn voor een routine-onderzoek.
Laat in de middag, na m’n werk kwam ik in een wachtkamer met een ouder echtpaar en een man op leeftijd die alleen zat.
Ik was veel te vroeg voor m’n afspraak, dus ik installeerde me op een bankje met m’n breiwerk, een sok deze keer.
Die brei ik op vier pennen.

Het was stil in de wachtkamer.
Groningers hè?
Het getik van mijn pennen veroorzaakte wat onrust bij de dames die achter de balie zaten.
Eéntje kwam even kijken.
“Wat is dat toch steeds voor een getik?” Ik was het maar.

Weer stilte.
Opeens begon de vrouw van het echtpaar tegen haar man te praten.
“Heb ik vrouger ok wel daon, braai’n. Ok wel met vaair pennen.”
“Haoken ok wel.”
“Kon ik ok wel weer ’s doun’.
“D’r lig nog wel wat gaoren volgens mie, geel leuf ik.”

De vrouw praatte en de man knikte of zei hooguit “Hm.”.
Ze ging verder: “Mot ik wel eem zuiken waor ik dei pennen heb.”
“Kin ik wel een knikkerbuulegie haoken veur de kinder!”
De man was minder enthousiast dan de vrouw.
“Doe dust maor….”

Weer stilte. Toen werd het echtpaar opgeroepen naar de spreekkamer en bleef ik alleen met de meneer op leeftijd zitten.
Hij keek mij olijk over z’n bril aan en zei: “Ik ken naait braai’n…”.

Met z’n tweeën hadden we nog een geanimeerd gesprek.
Over keuring voor je rijbewijs als je ouder wordt.
Over door blijven werken na je 65e.
“Ik blief d’r nait bie zitten. In beweging, under de meinsken, daor blifst jong bie”.
Zo’n goed advies in het plat Gronings: mijn dag was helemaal goed!

Reageren

6 maart: De olifant heeft ook een plekje.

De eigenlijke reden dat we Gouda bezochten was ons bezoek aan tante Lammie en oom Albert. Na het overlijden van mijn moeder vroeg ik aan de familie of ze nog iets tastbaars als aandenken aan mijn moeder wilden hebben. Tante Lammie vroeg om de olifant; die stond in mijn moeders vensterbank bij wat vazen en kamerplanten.
Zondagmorgen, na het het ontbijt met de Japanners, hoefden we nog maar een half uurtje te rijden voordat we bij oom en tante aan de koffie zaten.

We hoorden verhalen over hun kinderen en kleinkinderen en we bewonderden de mooie foto’s die vorig jaar van de kinderen waren gemaakt ter gelegenheid van hun vijftig-jarig huwelijk (zie Waardevolle familiecontacten).
Naast de olifant had ik ook een mooie foto van mijn ouders meegenomen als herinnering aan hen. De olifant kreeg een mooi plekje in mijn tante’s vensterbank.

Samen koffiedrinken, een elf-uurtje en een warme maaltijd: zo’n dag vliegt voorbij!
Tante had iets gekookt wat ik nog nooit had gehad: kip Siam.
Rijst met gebakken kip met een groentemix van paprika en ui met oestersaus en cashewnoten. Heerlijk was het!
Dat ga ik zelf ook maar eens uitproberen.
Wordt te zijner tijd vervolgd; mét recept.

Reageren

5 maart: Gouda; meer dan kaas, stroopwafels & kaarsen.

De jongste zus van mijn moeder, tante Lammie, woont onder de rook van Rotterdam. Toen mijn moeder was overleden had ik afgesproken dat we haar en haar man zouden komen opzoeken. Gerard en ik bedachten dat we daar dan een  mini-weekendje-uit van konden maken. We kozen voor de stad Gouda; zaterdag aan het einde van de ochtend checkten we in in logement de Keizerskroon in de oude binnenstad van Gouda.
Wij sliepen achter de bovenste twee ramen.

Het had gesneeuwd en het was die nacht nog min 8 geweest; dat resulteerde in oud-Hollandse taferelen en schilderachtige stadsgezichten! Schaatsende mensen op de grachten, sneeuw in de middeleeuwse straten en verstilde antieke boten in de oude haven.

Bij de VVV kochten we een stadswandeling op papier. Een foldertje met een stadsplattegrond, een uitgestippelde wandeling met 30 high-lights en bij ieder punt een kort verhaaltje geschreven door één van de stadsgidsen. Het was een verrassende en heel afwisselende wandeling. Oude gebouwen (Waag, stadhuis), een oud ziekenhuis met een Lazarus-poortje en een historisch zeer belangrijke sluis.
Maar ook grachten met originele visbanken, bruggen, kerken, een stadspaleis, molens, verstilde hofjes, een haven (zie foto’s onderaan dit blog) maar bovenal: prachtige verhalen.
Wat een leuk idee om de enthousiaste stadsgidsen allemaal hun favoriete stukje van de stad te laten beschrijven. Want verhalen maken geschiedenis interessant.

Tijdens de wandeling staken we af en toe even op voor een pit-stop. Het was namelijk best koud; het gaf ons de gelegenheid even op te warmen. Gedurende de hele wandeling stonden we regelmatig bij de grachten: wat bijzonder om schaatsende Gouwenaren op de grachten te zien. Wat genoten de mensen van deze buitenkans; weekend, goed ijs en mooi weer.

Natuurlijk kochten we ook kaas op de markt bij een kaasboer. Dat moet gewoon als je in Gouda bent. Verder maakten we een praatje met een inwoner van Gouda die in het steegje ‘de Looierspoort’ woonde. Hij waste de ramen. Ik vroeg hem of er `s zomers grote

Museumhaven van Gouda

groepen mensen voor zijn huis langs liepen. “Zomer én winter. Altijd. Die folder wordt het hele jaar door verkocht hoor.” Maar hij had er geen last van, het gaf volgens hem ook een hoop vertier.

Het logement waar we logeerden was een mooie combi van een hotel en een bed&breakfast. Een oud pandje met drie kamers. Het voldeed helemaal aan onze verwachtingen. We kregen zelf een sleutel en konden vervolgens gaan en staan waar we wilden.

Willem Vroesenshuis hofje

Zondagmorgen werden we wakker met de geur van gebakken eieren en verse koffie. Even later zaten we in een gezellige keuken aan het goed verzorgd ontbijt samen met twee Japanners uit Yokohama. Ze deden Nederland in vijf dagen: Den Haag, Gouda, Utrecht en Amsterdam. Ze waren helemaal onder de indruk van het ijs in de grachten. Hij had die dag ervoor de gracht over willen steken, maar wilde dat doen op een plek die niet veilig was.
Dat werd hem door de omstanders goed duidelijk gemaakt; maar even verderop kon het wel. Hij vond het wat: hij als Japanner op een gracht in een Nederlandse stad, net als op de plaatjes!

Doe eens net als wij en de ontbijtende Japanners een weekendje Gouda.
Weinig kans dat je op de grachten kunt schaatsen maar ook zonder ijs is deze oude stad zeer de moeite waard!
Op de site Welkom in Gouda kun je alvast een voorproefje nemen.

Reageren

4 maart: Nederlands maar dan anders (4)

Bij mijn concepten staat altijd een blog klaar met de titel “Nederlands maar dan anders”.
Daarop verzamel ik alle versprekingen en taalgrapjes die ik hoor of die mij worden toegestuurd door mijn dochters.
Inmiddels heb ik wel weer stof genoeg voor een deel 4: lees en geniet.

Schoonzoon Cees had last van een zeurende manager.
“En daarbij is hij ook zo langdradig van stof!”

Gerard zit op z’n werk en belt de kapper.
“Kan ik morgen knippen?”
Het kan.
Collega zegt: “Wat bijzonder, ga je zelf knippen! Dat zei je tenminste.”
Gerard vond dat hij niets fout had gezegd. “Zo zeg ik dat altijd. En de kapper begrijpt immers wat ik bedoel…..” Taal is communicatie.

Op de radio komen soms ook vermakelijke versprekingen voorbij.
Tineke de Nooy leeft erg met een gast mee: “Dan wordt je weer even helemaal op jezelf teruggevallen.”
Jeroen van Inkel vindt in zijn ochtendshow dat iemand iets heel goed heeft gedaan.
“Daar kunnen we nog wel een punt aan scherpen!”
Hans Schiffers in de Arbeidsvitaminen. Het ging over de marmotten bij Fred Oster in de Wie-kent-show. “Dat staat in ons geheugen vastgegrift!”
Gehoord bij een nieuwsuitzending: “Het gebouw werd gesloopt; het werd helemaal met de grond kapot gemaakt.”
Een gast bij Jinek aan tafel: “Ik ga het touwtje in eigen handen nemen.”
Een verslaggever bij het radioprogramma ‘Langs de lijn’: “Ik hoop dat FC Twente wel wat meer in de pap te brokkelen krijgt!”

Rapper Boef putte zich uit in het maken van excuses voor zijn uitspraken over vrouwen; “Ik distantieer me er ver van. ”

Een collega vertelde dat ze haar zoon aansprak op zijn gedrag.  “Maar dat viel helemaal in het verkeerde keelgat!”
Carlijn komt altijd met pareltjes, die hoort ze dan van vriendinnen:
“Mijn moeder rookt als een knetter”
En deze vonden we hilarisch:
“Je moet met de riemen roeren wat je hebt”
Haar vriendin Irene: “Ik erger me bont en blauw”.

Eergisteren bracht ik mijn nieuwe tablet naar Cool Blue terug. Hij deed het niet goed.
“Gaat u daar maar zitten en wilt u dan internetten tot hij begint te storen?
U hoeft zich niet weer opnieuw bij de balie te melden, ik hou wel een oogje in de gaten”.

Klik hier voor Nederlands maar dan anders 3, daar vind je ook de links naar deel 2 en deel 1.

Reageren

Pagina 228 van 309

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén