een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 234 van 309

20 december: Echte keerzen. En een échte boom.

Vrogger verheugde ik mij altied slim op de karstdagen. Toen vun ik die glitter en glim al prachtig um naor te kieken. Bij het karstfeest van de Zundagschoele stun een kolossale bome tot an het plafond! Mét hiel veul lochies, hiele grote ballen en gekleurde slingers.

Bij oons thuus was d’r toen ik klein was ok altied een echte karstboom. Een sparregie. Die boom stun in huus veur oons kinder, zoveul was mij as zesjaorige wal duudelijk.
Mien moe was zo schoon as sukker en haar eigenlijk een hekel an het gedoe rond karst. Keersen branden gaf maor zwarte aanslag, um over de naalden van het sparregie in de vloerbedekking maor te zwiegen.
Mien va vun alle spatzen rond de karstdagen maor flauwekul. Daor huufden  wij trouwens ok niet naor te raoden, dat leut e ok wal duudelijk blieken.

Maor ze deuden heur best veur oons. Toen ha’j nog niet van die mooie standers um een boom in te zetten, dus mien va gung gangs met een groot holten kruus. Daor mus de boom op spiekerd worden. Alny Bolding, mien buurwichie uut die tied en ik dartelden in opperste staat van opwinding um mien va hen. De karstboom weur optuugd! Wij hadden al wat spullegies uut de deus haald die wij alvast in de boom wollen hangen, maor dat kun nog niet, want de lochies mussen d’r nog in. Wij leupen mien va danig in de weg met oonze kleuterpraot. “Kiek” zee ik ik tegen Alny “een engeltie. Ik wol ok wel een engeltie wezen, ie dan?” Mien va was nog an het worstelen met het kruus under de bome en bromde vanunder de boom “Nou, daor kan ik aans wel veur zorgen!”
Mien moe stun as versteend bij ’t aanrecht. “Kéés toch!!!”
D’r kwam een daverende lach under de karstboom vot.
“Ja. Kan niet, ik weet het. Maor ik was ’t eem zat. Haal die kinder hier maor eem vot, as de lampies d’r in zit mucht ze d’r wel weer bij.”
(Op de foto: Henk en ik under het sparregie)

Toen wij pubers waren kochten mien olders een kunstboom, ien van de eersten.
LILLUK! Hij hef d’r twee jaor staon geleuf ik. Toen zeden mien breur en ik: “A’j dat lillukke ding veur oons in de kamer zet dan huuft het niet.’
Ie können nog beter lochies in de ficus hangen dan die afzichtwekkelijke boom optuugen.

Keersen branden deu mien moe bijna nooit. Allent op 1e Karstdag, bij het diner, dan weuden de keersen ansteuken.
Mien moe haar de leste jaoren toen ze weduwe worden was een klein kunstboompie in de kamer staon en veul sfeerlochies. Geen echte waxinelochies, maar nep-lochies met batterijen in.
Diepgelukkig was ze d’r met. Gien zwarte aanslag en toch sfeervolle karstlochies.
Jaorenlang maakte ik met karst veur de moeders een karststuk met vers dennegruun  en netuurlijk een keerze d’r in.
Dat karststukkie stun bij mien schoonmoeder nog tot over neijoar, maor bij mien moe was het op darde karstdag al weg.
Toen ik nao heur overlieden heur huus leeghaalde vun ik een grote deuze met karstspullegies. Allemaol plastic grune takkies, plastic hulst en de wereld an elektrische waxinelochies .
Underin de deuze lagen allemaol keerzen. Uut mien karststukkies……

Gelukkig hangt het vieren van het karstfeest niet of van de versiering.
Ik bewaar hiele goeie herinnerings an de karstdagen bij oons thuus: hen de karke, veul karstliedties zingen, spellegies doen en gezellig samen eten.
Bij mij in de boom hangt nou een paar karstversierings die vrogger bij oons thuus in de boom hungen.  Die had ik een paar joar geleden al van mien moe kregen, zij deu d’r toch niks meer met. Het engeltie is d’r niet meer bij. Maor as ik die olle spullegies in de boom hang moet ik altied nog eem denken an die ene keer…..Kéés toch!

Reageren

19 december: Met je kop in de krant.

‘Zo wil ik niet met m’n kop in de krant!’ is een gevleugelde uitdrukking op mijn werk. Dan gaat het vaak om een bedrijf met frauderende medewerkers, slechte arbeidsomstandigheden of belabberde financiële resultaten. Een horror-scenario voor elke manager.
Maar vorige week stond mijn kop wel in krant…..
in ‘de Krant’ wel te verstaan, met foto en al.

Leuk! Albert Boelen (zie Olde mannen in Rowol >>>…) had een aantal weken geleden in diezelfde Krant gevraagd of mensen een stukje wilden schrijven voor de streektaal rubriek ‘Moi Noordenveld’, daar had ik gehoor aan gegeven. Ik stuurde het blog ‘Naor Roden lokt met de Mensinge >>>‘ in dat ik twee jaar geleden al had geschreven om hem een idee te geven van mijn schrijverij. Dat was eigenlijk gelijk al goed; afgelopen dinsdag werd het  geplaatst. Daar kreeg ik in eerste instantie niks van mee, want ik zat in Nottingham.

Leuke reacties kreeg ik. De Fries Piet (die ook goed Frans spreekt) reageerde: “We bin ok bliede dat we in Roden wone en Fryslan is ek flak by!” 
Dirk, met roots in Noord Groningen, kon zich niet voorstellen dat ik heimwee had naar Smilde.
Als je toch in Roden woont!
Als voorbeeld haalde hij aan dat hij vroeger voor een schroefje 15 kilometer moest rijden, terwijl hij nu even naar de gebroeders De Wit kon fietsen.
Nou. Niet direct een voorbeeld waar ik nou warm voor loop, maar Roden heeft inderdaad een heleboel andere voordelen.

Nou realiseer ik mij iniens dat dit blog eigenlijk in de streektaol haar moeten.
Morgen maak ik het goed.
Want, lieve meinsen, blief praoten in je eigen streektaol.
Of ie nou in Smilde, in Friesland, in Noordpolderziel of in Roden woont!

Reageren

18 december: Zing, vecht, huil, bid, lach, werk en bewonder.

De eerste ‘Waai binnen’-viering!
Zo werd de viering van gisteravond in Kerknieuws aangekondigd.
Vorige week maakte ik er al een beetje reclame voor (zie ‘Beetje reclame mag best…’>>>).
We gingen alle onderdelen uit de titel van dit blog, het lied van Ramses Shaffy, bij langs.

Ik was onder de indruk van het verhaal van Janny de Jong. Op het podium stond een groot houten bord waar alle woorden van ‘Zing, vecht, huil etc.’ opstonden.
Ze vertelde hoe het lied haar in de jaren ’70 raakte op het moment dat ze het heel druk had met twee babymeisjes, waar van te voren maar op één was gerekend. Midden in de chaos en verwarring van die tijd hoorde ze het lied van Ramses op de radio. Ze schreef alle woorden op een briefje en plakte dat op de tegeltjes in de keuken. Het werd haar lijflied. Als het briefje te vettig en vies werd schreef ze de woorden opnieuw op een nieuw briefje en werd het weer op de tegeltjes geplakt. Later in haar leven kreeg ze de woorden op een houten bord, dat nu een prominente plaats inneemt in hun huis.
“Het lied gaat mijn hele leven met mij mee, het bezingt alle onderdelen die bij een mensenleven horen”.

We zongen de woorden van Ramses wel 8 of 9 keer met de hele gemeente, steeds afgewisseld met muziek die iemand bij een bepaald onderdeel had opgegeven.
Bijvoorbeeld “Thank you for the music” van Abba bij ‘Zing’
Of “I’m no good” van Amy Winehouse bij ‘Vecht’.
Of ‘Like a little prayer’ van Madonna bij ‘Bid”.
We kregen over het algemeen een summiere uitleg waarom een bepaald lied was gekozen, naar bij “Omarm je mij” vertelde Annieke wat meer over wat dit lied voor haar betekende.
Ontroerend was haar verhaal: het lied was gebruikt bij de campagne ‘Omarm Psoriasis’, een ziekte waar Annieke aan lijdt. (meer weten? zie >>>).

Maar veel uitleg was meestal niet nodig: de muziek en de teksten spraken voor zich.
Er was ruimte genoeg voor eigen interpretatie. De muziek werd afgespeeld op de beamer, sommige nummers werden gezongen door Hijack en soms zong de hele gemeente, begeleid door Arjan Schippers op de piano.
Zelf genoot ik erg van het zingen van ‘With a little help from my friends” van de Beatles.
En natuurlijk van Carlijn. Hun laatste nummer was ‘Son of a preacherman’.
Ook luisteren? Klik hieronder voor de uitvoering van dit nummer door Hijack.

Volgend jaar weer een ‘Waai binnen’-viering: ik ben alvast van de partij!

Reageren

17 december: A self squeezing tea-bag…..

Eergisteren schreef ik over de Graduation van Frea in Nottingham.
Die paar dagen in Engeland waren voor ons weer een nieuw hoofdstuk in het boek “Drenten in de vrömde’.
Wij waren al vaker in Nottingham geweest: twee keer met onze eigen auto en de andere keren maakten we gebruik van het openbaar vervoer, zoals bus en taxi.
Deze keer kreeg ons bezoek een extra dimensie: we hadden een auto gehuurd en dat was op z’n zachtst gezegd een heel avontuur.

Op het vliegveld moesten we ons melden bij de balie van Budgetcar. Daar zat een opgewekte Engelsman ons al op te wachten. “You must be Keurt!” riep hij tegen Gerard. Hij bedoelde Geert.
We kregen een hele grote bolide mee, een Vauxhall Insigna. Stoer heee! Maar wij stonden als Hansjes in Bosbessenland met onze koffers om de wagen heen, want: hoe moest de achterklep open?
Je moest op het glimmende logo drukken…..

Het stuur zit rechts. Hééél gek! Je rijdt links. Heeeel moeilijk! Je moet constant opletten en geconcentreerd rijden. Op weg naar de universiteit zaten de kinderen ook bij ons in de auto. Gerard wilde de weg al opdraaien toen er voor hem  van rechts onverwacht nog een bus aankwam. Oeh, even schrikken. Zit Engelsman Jon achterin te zingen: ‘Boesje komt so, Boesje komt so….’
Op de foto hier rechts wordt Frea bij haar huis opgehaald door de privé-chauffeur.

Maar er zijn meer typisch Engelse dingen dan alleen links rijden.
Als je thee bestelt in Engeland dan is die per definitie sterk. Zwart en bitter. Daarom doen de Engelsen er ook altijd melk in. Bij een ontbijtje in een kroegje in Beeston maakte ik kennis met ’the self sqeezing tea-bag’.  Een zichzelf uitknijpend theezakje.
Daarmee kun je je zakje helemaal leegknijpen. Als de thee  nog niet sterk genoeg is, zeg maar….
Hieronder twee foto’s: het is de bedoeling dat je het kartonnetje van het zakje in tweeën scheurt, dan kun je de twee helften uit elkaar trekken en knijpt het zakje de laatste bittere druppels in je kopje.

 

 

 

 

Rare jongens, die Engelsen. Maar wat kunnen ze lekkere ontbijtjes maken!
Kijk bijvoorbeeld eens naar wat ik op mijn bord had liggen: een donut met gerookte zalm, en een gepocheerd ei met Hollandaise-saus. Mijn ontbijt bestaat gewoonlijk uit één beschuitje met boter en een kopje thee……..
 

Eenmaal thuis zagen we Lilian Marijnissen als partijvoorzitter van de SP op de televisie.
Huh? Dat is toch Roemer?
Dan ben je echt ‘even helemaal weg’.

Reageren

15 december: Graduation!

De afgelopen dagen waren Gerard en ik in Nottingham, samen met jongste dochter Carlijn. Dat had een speciale reden: onze oudste dochter Frea had haar ‘graduation ‘.
De eerste keer dat wij zoiets meemaakten (toen ze de titel drs. kreeg) was dat nog in Groningen. Gewoon in het Nederlands in een intieme plechtigheid.
Ze was destijds de enige in haar vakgebied.
Dat was woensdag wel even anders. Frea had ons van tevoren al gewaarschuwd : het is lopende band werk.  Was ook zo.
Maar wat was het bijzonder om daar als ouders bij te zijn!
Eerst maakten we mooie foto’s bij het graduationbord voor de universiteit en daarna moest Frea eerst haar robe en haar hoed ophalen.
Ik dacht dat ze zo’n hoed met een platte bovenkant zou krijgen, maar die is voor de bachelor- studenten.
Ze kreeg een prachtige rode robe met een blauwe cape en een  bijpassende zwarte muts. Zo kwam ze weer bij ons staan. Samen met Carlijn prikte ze toen nog een zilveren broche in de vorm van de letter F op haar revers. Die was van mijn moeder geweest; die had ik dinsdagavond voor haar meegenomen.
Een emotioneel moment.

The University of Nottingham is een hele grote en mondiaal bekende universiteit.
Er waren dan ook honderden studenten afkomstig uit alle delen van de wereld, allemaal met twee of drie familieleden/vrienden. Zo mooi om al die vaders en moeders met hun zonen en dochters te zien. Allemaal op hun paasbest, allemaal een beetje onwennig. “Waar moeten we nu heen? Hebben we ons kaartje wel?  Waar is opa? Die moet ook nog op de foto!”

De plechtigheid werd gehouden in een chique aangeklede sporthal. Met een echt orkest dat de bombastische processie begeleidde van universiteits-hotemetoten in allerlei verschillende kleuren robes en hoeden met verschillende kwastjes.
Op onze stoel lag een boekwerkje met de namen van alle studenten, dus we konden precies zien wanneer ze aan de beurt was.
Op de foto loopt ze op het podium naar het hoofd van de Universiteit toe.
Frea kreeg van haar een ferme handdruk en haar bul.
Daarna was er een buffet met hapjes en bubbels. Daar kwam ik aan de praat met een mevrouw uit Cambridge. Zij was stadsgids in de historische binnenstad; dan duurt wachten ineens niet lang meer.
Toen alle formaliteiten achter de rug waren gingen we Nottingham nog even in.
We genoten van de sfeer op de kerstmarkt en wij trakteerden op een diner in de binnenstad.

Zes jaar geleden, in september brachten we haar naar Engeland. Ze bleef in haar eentje achter in een land waar ze, op de professor na, niemand kende.
Ze heeft het beslist niet gemakkelijk gehad, maar ze heeft haar doel bereikt.
Respect en bewondering.

Reageren

14 december: Beetje reclame mag best…..

Deze website gebruik ik eigenlijk nooit voor commerciële doeleinden of reclame, maar vandaag maak ik een kleine uitzondering.
A.s. zondag om 19.00 uur is de eerste “Waai binnen”-viering in Op de Helte.

Dit staat er over deze bijzondere viering op de website van onze PKN-gemeente:
We laten ons inspireren door het lied van Ramses Shaffy: Zing –Vecht- Huil- Bid- Lach- Werk en Bewonder. 
Die woorden hebben we gevuld met verhalen en nummers uit de Top2000. 
Carlijn en haar band, Hijack, (zie >>> voor hun website)  zingt voor ons enkele nummers en Arjan bespeelt de piano als wij samen zingen. 
Een muzikaal moment om elkaar te ontmoeten, te horen en te zien.

Onze jongste dochter Carlijn zingt dus zondagavond in de ‘Waai binnen’-viering.
Gerard gaat zondagmiddag met InBetween zingen op de Kerstmarkt in Leek van 15.15 tot 15.35 uur en een uur later nog een keer van 16.15 tot 16.35 uur.
En Aaltje?
Die gaat zondagmorgen uitslapen, zondagmiddag kerstkaarten schrijven en zondag einde middag soep koken voor de bandleden van Hijack.
Daarna waaien we allemaal binnen in Op de Helte: inloop vanaf 18.30 uur!

Reageren

12 december: Brainstormen in het Frans.

Vorige week, dinsdagavond 5 december, was de laatste Franse les  van dit seizoen.
“Dan willen we geen huiswerk meer!” riepen we aan het eind van de vorige les.
Maar onze juf vond dat we nog wel ‘iets’ aan Frans moesten doen.
We kwamen tot een compromis.
In een grijs verleden had ik eens een les voorbereid met als onderwerp het lied Dreyfus van Yves Duteil.
Even wat informatie over het lied: De Dreyfus-affaire was een gerechtelijk schandaal dat rond 1900 grote gevolgen had in de Franse politiek. Het draaide om de onterechte veroordeling van de Joods-Franse officier Alfred Dreyfus (1859-1935).
Dreyfus werd er valselijk van beschuldigd een spion voor Duitsland te zijn. De doorslaggevende rol in de openbaarmaking van het schandaal werd gespeeld door de schrijver Emile Zola. (meer info: zie Wikipedia >>>)
In de tekst van het lied had ik puntjes gezet; tijdens het beluisteren van het lied moesten de ontbrekende woorden worden ingevuld.
Het was een schrijnend voorbeeld van ‘goed idee, doen we niet’, ik had de les nooit ten uitvoer kunnen brengen. Het was in de vaagheid blijven hangen.

Dinsdagavond deden we de les alsnog. Iedereen was al in de vakantiestemming en we vonden het allemaal erg moeilijk. Maar we kwamen er toch wel uit. Drie keer hebben we met elkaar het lied beluisterd, toen was helemaal duidelijk wat Yves Duteil zong.
Ook benieuwd naar het lied met de tekst? Klik hier >>> voor een YouTube-filmpje met de tekst in beeld.

De laatste les van dit jaar al weer. We schonken een glaasje wijn/fris in, genoten van de verschillende meegebrachte hapjes en deden een spel. “Moet wel iets met Frans zijn” hadden we van te voren gezegd. In mijn tas zat een Frans kwartetspel, maar daar zijn we niet eens aan toegekomen. Greetje had een nieuw spel meegenomen: Brainstorm. Kaartjes met allerlei afbeeldingen die gecombineerd moesten worden, met redenen omkleed. En Français.
Tranen  en regen bijvoorbeeld: allebei druppels.
Varken en koe: boederijdieren.
Soms was een combinatie discutabel, maar daar trok niemand zich iets van aan. Wie heeft gewonnen weten we ook niet. Op een gegeven moment waren de kaartjes op. Maar de wijn nog niet! Het was al laat toen we de nieuwe datum voor januari in onze agenda’s zetten en elkaar “goede dagen” toewensten. Tot in het nieuwe jaar!

Reageren

11 december: Canada 15 – Kerst in de zomer.

Sinterklaas is al terug in Spanje en Nederland wordt weer in kerstsfeer gebracht.
In de landen om ons heen begint eind oktober de kerstvoorpret al, maar toen we afgelopen jaar in Canada waren ontdekten we midden in de zomer al een winkel met alleen maar kerstspullen!

Op 16 juni van dit jaar liepen Gerard en ik met zwager Jan en schoonzus Lammie in de Canadese stad Quebec.  Het was de tweede dag van ons verblijf daar en in tegenstelling tot de eerste dag (die zonnig en warm was) was het druilerig weer. Beetje nevelig, graad of 15.
Er waren nog wat dingen in de stad die we graag wilden doen: naar de markthallen in de oude haven, Gerard zocht nog naar een T-shirtje met Canada er op en ik wilde  nog een kaarsje aansteken in de kathedraal Notre Dame.

Naast de kerk was een bijzonder winkeltje: la boutique de Noël / the Christmas shop. Toen we naar binnen liepen zong Michael Bublé ‘walking in the winterwonderland’.
Eenmaal binnen ben je een half jaar verder in de tijd; of een half jaar terug…….
Kerstbomen, kerstverlichting, kerstkaarten, kerstversiering, kerstballen met 2017 er op, elanden, kabouters, je kunt het zo gek niet bedenken of het is er.
Inmiddels zong Jim Reeves ‘Silver bells’.

Bovenin was een hoekje ‘opruiming 50%’; als echte  Nederlanders gingen we daar natuurlijk even kijken.
Daar lagen alle spullen waar 2016 op stond.
We hebben ons vergaapt aan de Canadese Kerst-kitsch, samen met de in Quebec alom aanwezige Japanners,  Chinezen en andere buitenlanders.
Kerst is universeel.
Op de foto links zien we mijn nuchtere zwager Jan. Hij drukt in lichaamstaal de volgende zin uit: “Wat doe ik hier…..”

Na een kwartiertje stonden we weer met onze paraplu’s in de motregen.
Met Frosty the snowman nog in onze oren .
Best gek op 16 juni.

Reageren

10 december: Het hef nog nooit zo donker west…..

Vanmorgen zat ik in de kerk in Roderwolde en voelde me een beetje als mijn opa Vrieswijk. In mijn jeugd gingen we regelmatig een weekend naar Klazienaveen waar mijn grootouders woonden en mijn opa wilde dan op zondagmorgen  graag naar een kerk in de buurt (Zwartemeer of zo) om een bepaalde dominee te horen. “Mien Va reist weer een dominee achternao” zei mijn vader dan.

Vanmorgen ging ik naar Roderwolde om Theo van Beijeren te horen. Maar dat was niet de enige reden: de Cantorij Roden werkte mee aan de viering!
Daar zat ik dan in het publiek.
De meeste muziek had ik zo mee kunnen zingen en ik  zag de mij zo vertrouwde Joop en Jaap (waar ik altijd voor stond) op de achterste rij staan; och man, wat kriebelt het dan. Maar tussen droom en daad staan in dit geval dan wel geen wetten in de weg, maar wel praktische bezwaren.

Het is vandaag de tweede zondag van Advent, twee kaarsen werden aangestoken. We hoorden de overbekende lezing uit Jesaja 40 en we lazen over de roepende in de woestijn: Johannes de Doper. De predikant legde uit dat Jesaja een nieuwe tijd aankondigde met de bekende woorden “Troost, troost mijn volk”; het volk mocht vanuit de Babylonische ballingschap terugkeren naar hun eigen land. Ook Johannes kondigde een nieuwe tijd aan: de komst van de Messias. Daarbij moest de dominee denken aan het lied Het hef nog nooit, nog nooit zo donker west’ van Ede Staal.

De plaats waar Johannes doopte staat omschreven als ‘ Bethanië over de Jordaan’. Huis der armen betekent dat. “Laat Advent dan van daaruit gebeuren” vond de voorganger “bijvoorbeeld bij de voedselbank of bij al die plekken waar mensen troost en een helpende hand nodig hebben.”

Gerard ging vanmorgen naar de viering in Op de Helte.
Gisteravond na het weerbericht wist ik nog niet zeker of ik wel naar Roderwolde zou moeten gaan, maar wat ben ik blij dat ik gegaan ben!
Ondanks alle mooie muziek van de cantorij in de viering ging ik naar huis met Ede Staal in mijn hoofd.
Luister via deze link>>> ook eens naar het prachtige lied.

Reageren

9 december: Diepvries schoon.

Iedereen met een diepvries snapt dat ‘diepvries schoon’ vandaag de waarde van mijn dag bepaalt.

Het is zo’n klusje dat af en toe moet gebeuren (omdat de laden niet meer dicht willen van de ijsafzetting), maar wat is het een gedoe.
Zodra het overdag buiten zo koud is dat ik de laden met inhoud even buiten kan laten staan zet ik de schouders er onder.
Stekker uit het stopcontact, 3 bakken met heet water in de lege kast en laten dooien.

Tijdens het koffiedrinken horen we iets vallen. Gerard kijkt verstoord op van z’n krantje en zegt: “Wasda?”
“Brokken ijs die naar beneden vallen.”
‘Oh.”
Verder met het Dagblad.
Na de koffie haal ik al het ijs uit de kast, maak hem helemaal droog en daarna haal ik één voor één de laden naar binnen, zoek uit wat er in zit, maak de laden schoon en zet ze gevuld weer in de diepvries.

Ik vond appeltaart. Lekker! Vanavond bij de koffie.
Verder bonen. Veel bonen. En rode bieten.
Vier aangebroken pakjes bladerdeeg.
Doosjes die veel ruimte innemen met één ijsje of één kroket erin.
Ineens heb je dan weer heel veel ruimte!

Heerlijk. Dat je dan zo’n stomme klus weer geklaard hebt.
De voldoening van die lege laden die gemakkelijk openschuiven omdat al het ijs weer weg is.

Vanmiddag ga ik de kerstboom optuigen.
En na de kerstmarkt in Roden even bij de Jumbo langs voor verse slagroom.
Vanavond immers appeltaart!

Reageren

Pagina 234 van 309

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén