3 februari: Hints

Zaterdagavond kwam de ‘vriendenclub van vroeger’ bij ons aan de Boskamp bij elkaar voor onze jaarlijkse spelavond.
Vorig jaar deden we geen spel, maar genoten we van onze zelfgemaakt stamppotten en toetjes, maar dit jaar stond er weer ouderwets een gezelschapsspel op het programma.
‘Hints’ deden we deze keer.

Niet iedereen is even gemotiveerd om aan zo’n spel te beginnen.
Zitten en teuten met een drankje en een hapje is sowieso al reuze gezellig, dus waarom zou je dan nog een spel doen? “Een ronde maar hoor!” riep iemand, maar dat was tegen dovemansoren gezegd.
Hints wordt net zo gespeeld als vroeger op de televisie. Wij deden gisteravond mannen tegen de vrouwen.
Je hebt verschillende categoriën die worden aangeduid met specifieke gebaren: twee open handen bijvoorbeeld staat voor ‘een boek’. een beweging van met de hand vanaf de mond omhoog is een lied en twee pratende handen staan voor ‘Spreekwoorden en gezegden’.

We hebben allemaal een kerkelijke achtergrond, dus iemand opperde om de categoriën lied en boek samen te voegen tot een geheel nieuwe categorie ‘Liedboek’.
Dan konden we bijvoorbeeld Psalm 42 uitbeelden. Wel in de oude berijming dan. ‘Hijgend hert der jacht ontkomen”. Hij deed het ook gelijk maar even voor hoe dat er dan uit zou zien. Voordat we één opdracht hadden uitgevoerd was de chaos al compleet.  In alle wijsheid werd besloten om deze categorie niet toe te voegen.

Het is nog best moeilijk om dingen uit te beelden zonder daarbij iets te mogen zeggen.
Hoe beeld je een ‘offer’ uit?
Of ‘Willem Wever’?
Bij het boek ‘de vierde man’ ging bij het tellen van de mannen in ons gezelschap bij één van de mannen een lichtje branden. ‘De drie musketiers?”
Eén van de dames wilde een gezegde gebruiken en had het over ‘Ouwe jongens, knäckebrot’.
Twee rondes hebben we gedaan en de dames mochten zich tot winnaars van de avond uitroepen.

Het gastgezin hoeft op deze spelavond alleen te zorgen voor koffie en drankjes: de rest neemt wat lekkers mee. Er was vers gebakken appeltaart (de slagroom stond helaas nog in de koelkast in Beilen), er waren warme gehaktballetjes in satésaus en vier verschillende soorten kaas.

Een avond onbekommerde lol.
En de laatste nieuwtjes uitwisselen en vakantieplannen bespreken.
Iedere maand één keer onze vriendenclub zien: al jaren een vaste traditie.
Het verveelt nooit.

Hieronder vier links naar de blogs over deze vrienden-traditie in voorgaande jaren:

2018 Stamppot>>>

2017 Thirty seconds >>>

2016 Ik hou van Holland>>>

2015 UNO >>>

Geplaatst in Alledag | Getagged , | Een reactie plaatsen

2 februari: Zeurbanen.

Vrijdagmiddag FysiYoLates.
Ik lig op mijn rug op het yogamatje en we moeten fietsen met de benen in de lucht.
“We gaan 1 minuut vooruit fietsen”.
Goed te doen.
“Nu gaan we 1 minuut achteruit fietsen”.
Daar moet ik over nadenken, maar het lukt.
De armen gaan meedoen; die gaan ook fietsen, om elkaar heen.
Eerst vooruit, dan achteruit.
Dan ben je al behoorlijk moe, hè?
De benen en armen worden zwaarder, je gaat je spieren voelen en dan komt de verpletterende opdracht: “Nu gaan je benen achteruit fietsen en je armen vooruit”.
Trijntje weet niet wat ze aanricht.

Ik lag op m’n rug en ik wist het niet meer; deed wel pogingen maar maakte hele rare bewegingen met m’n benen en m’n armen deden wat ze zelf wilden.
Op een gegeven moment blokkeerde ik.
Ik liet m’n armen en benen vallen en dacht ‘Dit gaat Aaltje niet meer doen.”
FysiYoLates is nota bene iets waar ik voor betaal, het is niet de bedoeling dat lichaam en geest er van in de war raken.
Natuurlijk was ik niet de enige die het niet voor elkaar kreeg.
Trijntje vertelde dat de verwarring komt omdat je zenuwen en hersenen altijd in de baan ‘vooruit’ zitten: vooruit lopen, vooruit fietsen, je doet je hele leven niet anders.
De ‘vooruit-baan’ is in je hoofd en je lichaam dus heel goed geactiveerd.
Als je achteruit moet, dan is dat tegengesteld aan wat je gewend bent en dat kost moeite.

Dat deed me denken aan wat mijn vorige manager ooit zei: “Je moet je ‘zeurbanen’ niet activeren”. Dat had ze uit de psychologie. Als je altijd zeurt dan is dat een soort modus waar je in zit. Mijn manager: “Als je dus veel zeurt, dan wordt je daar heel goed in!”
Maar wie wil er nou goed zijn in zeuren? Dus: je moet je zeurbanen niet activeren.

Vanmorgen deed ik trouw mijn 10 minuten dagelijkse yoga-oefeningen.
En wat had ik een spierpijn van dat fietsen op m’n rug.
Maar…….daar hebben we het niet over.
Je moet je zeurbanen niet activeren.
(Lees hierbij ook het blog “Zeur niet!” uit januari 2016>>>  over het fantastische lied dat Annie M.G. Smidt over dit onderwerp schreef.)

Geplaatst in Alledag | Getagged , | Een reactie plaatsen

1 februari: Levenskunst.

Al een aantal keren heb ik een week of twee in het ziekenhuis moeten doorbrengen. Wachten op de uitslagen van onderzoeken of wachten op een operatie. Tijdens zo’n periode ontmoet je heel veel verschillende mensen en soms klikt het, soms niet.
(lees voor bijzondere ontmoetingen de blogs ‘Waar is de draad’ uit 2014>>>men ‘Gien schoenen an in berre’ uit 2018 >>>)

In maart 2018 onmoette ik Gerda. Zij lag net als ik in het ziekenhuis met hartproblemen.  Gerda hoort bij de PKN-gemeente in Roden, dus haar man kwam me destijds opzoeken en vertelde dat ze al een tijdje in het UMCG lag en dat ze na jarenlange operaties en noodgrepen nu uitbehandeld was. Ze zou binnenkort naar huis mogen; de verwachting was dat ze niet lang meer te leven had.
Gerard en ik bezochten Gerda in haar kamer in het UMCG toen ik vlak voor mijn operatie stond; wat een hartelijke positieve vrouw. En ja, ze was uitbehandeld, maar probeerde nog uit het leven te halen wat er in zit.

In het najaar zocht ik haar nog eens op in Roden. En weer viel me op hoeveel levenlust deze vrouw toonde; het straalde haar de ogen uit. Ze vertelde honderduit over haar kinderen, haar kleinkinderen, van wat ze allemaal nog wél kon en van de kleine dingen waar ze, samen met haar man, nog zo van genoot. Voor haar gevoel leefde ze al heel lang in ‘geleende tijd’, omdat ze op 33-jarige leeftijd al was geconfronteerd met borstkanker en de daarop volgende zware chemobehandelingen.

Maandag 21 januari is ze overleden, ze is 73 jaar geworden. Zaterdagmiddag zaten we in Op de Helte voor een dankdienst voor haar leven. Haar dochters haalden herinneringen op aan hun moeder door voor te lezen uit het boek: ‘Mam, vertel eens’.
(meer weten over het boek? Klik hier voor een link naar een artikel erover op RTL-nieuws >>>)
Herinneringen aan het gezin waar Gerda in opgroeide, het gezin dat ze later zelf kreeg en, bijzonder en ontroerend: haar visie op wat geluk is.
Geluk zat voor haar in allerlei kleine dingen, maar o.a. ook in de basis van een veilige, warme jeugd, een bezoek van de kleinkinderen en vlinders en bloemen in de tuin.

De voorganger benoemde in zijn preek het vermogen van Gerda om ondanks haar breekbare gezondheid toch iets van het leven te maken ‘Levenskunst’.
En met haar levenskunst stak ze anderen aan, bood een luisterend oor en wees haar omgeving op bijzonderheden die men anders misschien over het hoofd zou hebben gezien.
Gerda heeft ons laten zien dat ‘vieren van het leven’ niet altijd af hoeft te hangen van een goede gezondheid. Dat je ondanks pech en tegenslag toch kunt genieten van wat je ten deel valt. Als je het maar kunt en wilt zien.

Een voorbeeld voor mij.
Wat een voorrecht dat ik deze bijzondere vrouw, zij het zijdelings, nog heb mogen leren kennen.

Geplaatst in Alledag, Kerk & gemeente | Getagged , , | Een reactie plaatsen

31 januari: Familie & verbinding.

Op 18 januari schreef ik dat ik een waardebon had besteed bij de wereldwinkel.
Op dat blog benoemde ik het lotusbloem-sfeerlichtje en ik beloofde dat ik over het beeldje nog een apart blog zou schrijven: vandaag los ik die belofte in.
Het is in Thailand gemaakt van ‘Polystone’. Dat is een mengsel van  diverse steenrestanten, zoals marmer, zeepsteen en graniet, die tot steenpoeder vermalen zijn en met hars vermengd tot een soort ‘pasta’. Het maken is handwerk.

Het beeldje stelt een gezin voor: twee volwassenen en een kind.
Het staat symbool voor ‘familie & verbinding’.
Lezers die mijn blog al een tijdje volgen weten dat ons gezin en onze familie voor ons belangrijk zijn. Veel tijd, aandacht en energie gaat naar gezin en familie, daar investeren we bewust in.

De drie figuurtjes vormen een kringetje.
Je begint als kind in de kring van het gezin waarin je wordt geboren.
Als je later zelf een partner vindt, vorm je met hem/haar weer een nieuwe kring.
We zien het duidelijk in onze eigen families. 
De Cornelis-clan: een bijeenkomst met het gezin van mijn broer en ons gezin.
De Waninge Familiedag: de gezinnen van Gerards broers en zusters en ons gezin.
De Vrieswijk Familiedag: een soort reünie van alle nakomelingen van het gezin waar mijn vader uit komt.
En dan zijn daar natuurlijk nog de verjaardagen en feestjes, maar ook de rouwplechtigheden waarop de kringen elkaar ontmoeten.

Soms raken de kringen elkaar, soms zijn ze onderdeel van elkaar en altijd is er ‘de verbinding’ omdat je familie van elkaar bent.
Terwijl ik dit schrijf realiseer ik me dat gezins- en familieverbanden niet altijd hecht en harmonieus zijn; daarvoor hoor ik te veel verdrietige verhalen om me heen van mensen die gebrouilleerd zijn met hun ouders, broers en zussen.
Dat bij ons de gezins- en familieverhoudingen goed zijn is geen verdienste, daarmee hebben we geluk en dat moeten we koesteren.

Het beeldje staat bij ons in de vensterbank.
Voor mij symboliseert het, naast ‘familie & verbinding’, het woord ‘thuis’.
Als kind bij mijn ouders thuis en als ouders met onze kinderen thuis.

Geplaatst in Alledag | Getagged , , , , , | Een reactie plaatsen

30 januari: Welke pet heb je op?

Op mijn werk zijn we met een groepje secretaresse’s lid van het blad ‘ManagementSupport’. Meestal blader ik het even door en geef het al snel door aan de volgende; dat heeft te maken met heel veel modern managementsgeneuzel, veel te veel reclame en mijn leeftijd.
Gisteren stond er een artikel in met de titel: ‘Welke pet heb je op?” Het begon zo:
Het hoeft niet altijd zichtbaar te zijn  zijn; iedereen draagt ze: petten. Het zijn de rollen die je in het leven vervult. Hoeveel petten je ook draagt, het is goed om er geregeld naar te kijken: wat is hun gewicht en hoe draag ik dat gewicht?

Je houdt ze niet allemaal je hele leven; soms komen er nieuwe bij, bijvoorbeeld als je moeder wordt, of vallen ze weg, als je stopt met je vrijwilligerswerk. Maar je hebt vast wel eens momenten gehad waarop je dacht: nee, niet ook dát nog erbij! Overbelast is iedereen weleens. 

Toen vroeg ik me af: welke petten heb ik eigenlijk op?
Echgenote. Moeder. Vriendin. Betrokken familielid. Gemeentelid. Managementassistent bij Lentis. Lid van Gespreksgroep ’93. Leerling bij Franse les. En dan heb ik nog niet alles benoemd. Tot 2017 was ik ook nog kind, maar die pet heb ik nu niet meer op.
Al die petten vullen mijn agenda van dag tot dag.
In het artikel werd gewaarschuwd voor overbelasting omdat de verschillende petten soms te veel stress veroorzaken.

Toen ik de ‘kind-pet’ nog op had was het (vooral de laatste maanden van mijn moeders leven en die periode daarna) wel eens veel te gek. Maar dan heb je niet veel keuze; dan is de situatie er naar en doe je je best. Als je tollend van de vermoeidheid in bed valt weet je zelf ook wel dat het eigenlijk te veel is, maar het is even niet anders.
Maar waar het in dat bewuste artikel over ging is andere stress.
Dat je moeder bent en dat je de ‘Moeder-pet’ op je werk ook op hebt omdat ‘thuis’ regelmatig aan de telefoon hangt, appt en/of mailt.
Dat je thuis je ‘Werk-pet’ ophoudt omdat je je mail blijft lezen en apps van je baas en de groepsapps van je afdeling blijft beantwoorden.
De petten worden niet meer afgezet, met andere woorden: je staat constant aan.

Het advies was: stel  bij al je petten drie vragen:
– Heb ik deze pet zelf op mijn hoofd gezet of heeft iemand anders dat gedaan?
– Wat levert deze pet mij op?
– Zit deze pet me nog wel goed?

Het artikel werd afgesloten met de zin: “Stilstaan bij de petten die je draagt, professioneel en privé, is een goede manier om te kijken of de balans tussen al die petten voor jou nog voldoet, of juist bijstelling nodig heeft.”
En dan volgde er een uitnodiging voor een workshop ‘In balans’.

Daar heb ik dan weer niet zo’n hoge pet van op.
Meestal is het huilen met de pet op, omdat sommige deelnemers er met de pet naar gooien, maar dat houdt men meestal onder de pet.
Petje af voor mensen die tóch de balans weten te vinden zonder workshop!

Geplaatst in Alledag | Een reactie plaatsen

29 januari: De laatste dans.

Vorig jaar op 2 augustus  bezochten Gerard en ik de musical ‘Was getekend: Annie M.G.’ in het DeLaMar-theater in Amsterdam. (zie 2 augustus >>>).

Daarin werd onder anderen het nummer ‘de Laatste dans’ vertolkt uit de musical Foxtrot.
Het lied had ik wel eens zijdelings gehoord, maar de inhoud was kennelijk aan me voorbijgegaan. Ik was onder de indruk van wat ik op het podium zag aan dans en beweging, van de zang en van de tekst. “Dansen op een vulkaan” zongen ze.

Het lied is gesitueerd aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog in Berlijn.
De wereld staat bijna in brand, iedereen ziet het aankomen, maar het gewone leven gaat gewoon door. Het is geschreven in de jaren ’70 en de maatschappelijke problemen uit die jaren komen ook in de tekst naar voren.
Maar ik luisterde met andere oren. Het was 5 maanden na de by-pass-operatie en de tekst kwam behoorlijk binnen. De vaatziekte waaraan ik lijd is verraderlijk: het kan zomaar weer toeslaan. “Dansen op een vulkaan” zongen ze en ik zat ik in tranen naar het toneel te kijken; ze bezongen wat ik in augustus heel sterk voelde.

Eenmaal thuis zocht ik op internet naar ‘De laatste dans’.
En wat kwam in beeld? Anja. ‘De laatste dans, die moet je mij nog schenken….!”
Oh jaaah! Ik klikte het aan en ik was weer in 1969.
Woordelijk kon ik de smartlap meezingen, als meisje van 8 kende ik de tekst al uit m’n hoofd en samen met nichtje Jannette van ome Jan en tante Jantje galmde ik dit op mijn slaapkamertje aan de Servatiusstraat. En ook op vele andere momenten in huis; mijn vader en moeder werden er wel eens simpel van.
Sweet memories.
Ook even meezingen? Klik hier>>>

Maar dat zocht ik niet.
Naderhand vond ik de uitvoering van ‘de laatste dans’ uit de musical Foxtrot.
Inmiddels zijn de scherpe kantjes er wel af.
De angst voor een volgend infarct is weer tot hanteerbare proporties teruggebracht en ik luister zonder grote emoties naar ‘Dansen op een vulkaan ‘.
Benieuwd naar het nummer? Klik hier voor video op You Tube >>>
Wat een kunstenares was die Annie M.G.

Geplaatst in Alledag | Een reactie plaatsen

28 januari: Meringues.

Zondagavond: met z’n allen ‘Heel Holland bakt’ kijken aan de Boskamp.
Het hele stel was compleet gisteravond: we keken met z’n achten hoe Hanneke de tent moest verlaten.

Al tijden wilde ik eens proberen om meringues te maken, maar het was er nog nooit van gekomen. Gerard keek gistermiddag life naar Feyenoord-Ajax, dus ik had alle tijd om dat eens uit te proberen.
Het is niet moeilijk, maar het komt wel krek.
Wat heb ik nodig? Kok Google was behulpzaam.
‘4 eieren, snufje zout en suiker’.
Ik haalde vier eieren uit de koelkast.
De eieren moeten wel op kamertemperatuur zijn, anders komt het schuim niet tot volume’.
O. Dat duurt even.
Ik legde de eieren in een bord met warm water en ging wat anders doen.
Breien. Het was inmiddels al 3-2.

Na drie kwartier vond ik dat de eieren wel op kamertemperatuur waren.
‘De eiwitten splitsen. Er mag geen spoortje eigeel achterblijven.’
Vroeger had ik een eierscheider. Waar is die eigenlijk?
Kastjes en laden bijlangs, tot ik hem uiteindelijk vond in de servieskast in een melkkan waar eigenlijk een sticker op zou moeten: ‘Handige dingen die ik nooit gebruik’.
Toen was het 4-2.

‘De eiwitten afwegen en precies zoveel suiker afwegen.
150 gram eiwit, dus 150 gram suiker. Maar ik had maar 90 gram witte basterdsuiker, dus dat vulde ik aan met kristalsuiker.
‘De eiwitten opkloppen tot er pieken ontstaan. Dan de suiker in kleine delen toevoegen’
Het is heel leuk om te zien hoe de eiwitten veranderen van een doorzichtige, glibberige massa in een egaal wit glimmend schuim. Als je de suiker er door mengt verandert er niks, het wordt alleen erg zoet.

Ik maakte bergjes op de bakplaat met behulp van een klein vul-spuitje dat ik altijd gebruik voor gevulde eieren, maar dat was niet echt handig (lees: het was een grote smeerboel). Gelukkig zijn daar geen foto’s van.
De bergjes moesten op bakpapier op een bakplaat één uur in een voorverwarmde oven van 100 graden en daarna moesten ze nóg een uur in de afkoelende oven ‘drogen’.
Toen ze eindelijk in de oven stonden was de wedstrijd afgelopen en had Feyenoord gewonnen met 6-2. 

Een grote troost voor mijn Ajax-fan was, dat de meringues goed gelukt waren!
Gelukkig zijn daar wel foto’s van. Op de schaal liggen ook chocoladekoekjes van de winnaar van de ‘Heel Holland bakt aan de Boskamp-wedstrijd’ van vorige week zondag: die had zoveel plezier beleefd aan het bakken van de koekjes, dat ze gistermiddag nog maar een een voorraadje had gebakken!

Geplaatst in Koken | Getagged , | Een reactie plaatsen

27 januari: I hope the Russians……

Dinsdagavond hadden we onze Cantorijrepetitie in het kerkje in Roderwolde; dat was omdat we daar vandaag meewerkten aan een viering.
Weet je nog hoe zulk weer het dinsdagavond was? Sneeuw. Veel sneeuw.
En wie had aangeboden wel te willen rijden en zou Ilse, Jaap en Joop ophalen?
Aaltje. En Aaltje is een ‘schieterd’ als het om rijden bij gladheid gaat.
De hele middag had ik gehoopt dat de voorzitter zou bellen met de boodschap: “Het is idioot dat wij met zoveel mensen uit Roden allemaal naar Roderwolde moeten glibberen met dit weer, laten we de repetitie in Op de Helte houden!”
Maar er kwam geen telefoontje; wij glibberden naar Roderwolde.

Het was koud in de kerk dinsdagavond.
Toen we eenmaal opeengepakt met de jassen aan en sjaals om (ik mocht mijn handschoenen niet aan houden van Ilse) stonden te zingen vergat ik op slag het barre weer en de kou: wat is het toch weer heerlijk om vierstemmig in een koor te zingen.
Eigenlijk ging het heel beroerd. We bakten er als alten niks van, maar cantor Ubo Jan had engelengeduld en liep met ons alle alt-riedeltjes even door.

Vanmorgen ging het allemaal goed.
Wat heerlijk was het om weer met elkaar zingend de viering op te luisteren.
We hoorden vanmorgen over de snode plannen die Haman smeedde tegen het volk Israël,  omdat Mordechai, een Jood, weigerde te knielen als Haman langskwam; het staat beschreven in het bijbelboek Ester.
Benieuwd naar het hele verhaal van Ester, haar oom Mordechai, koning Ahasveros en Haman? Klik hier voor een link naar het hoofdstuk in de basisbijbel >>>.
“Het lijkt op een sprookje, maar dat is het niet” vertelde voorganger Marieke Pranger vanmorgen.
Het verhaal gaat over volkerenmoord.
Over diepe haat tussen bevolkingsgroepen.
Er was gekozen voor deze lezing vanmorgen, omdat vandaag de Nationale Holocaust herdenking plaats vindt, met o.a. een stille tocht en een kranslegging in Amsterdam.

Het lijkt een oud verhaal, maar het is ook nu nog aan de orde van de dag.
Wat mij bij zal blijven uit deze viering, is het verhaal dat Marieke ooit optekende uit de mond van een Zweedse predikant, die aanwezig was bij vredesbesprekingen tussen Joden en Palestijnen. Muurvast zaten ze in de tegenstellingen en diepgewortelde haat jegens elkaar. Totdat één deelnemer een foto van zijn gezin liet zien aan een ander. Ook anderen deden dat en ineens ging men met andere ogen naar elkaar kijken.
Je bent kwetsbaar als je laat zien wat je lief en dierbaar is.
Bij dit verhaal moest ik denken aan het lied van Sting: “I hope the Russians love their child’ren to0” dat hij schreef op het hoogtepunt van de koude oorlog tussen Amerika en Rusland. Klik hier>>>  voor een YouTube weergave van het lied.

Met de cantorij zongen we een lied van Henk Jongerius dat perfect bij deze viering paste.
Met de laatste twee coupletten van dit lied sluit ik dit blog voor vandaag af.
Laat de woorden vooral goed op je inwerken.

Wie weerloos voor het goede kiest
weet dat hij schijnbaar macht verliest:
maar tedere bewogenheid,
beschaamt het onrecht, wint de strijd.

Wie kwetsbaar in het leven staan
zij zullen niet ten onder gaan:
in hen ontwaakt de levenskracht
die slechts uit God wordt voortgebracht.

‘What might save us, me and you, is if the Russians love their children too.’

Geplaatst in Kerk & gemeente | Getagged , , , , | Één reactie

26 januari: Iets met vis? En broccoli?

Meestal bepaal ik wat we eten, dus eten we nooit rode kool.
En tuinbonen ook niet.
Toen ik donderdag boodschappen ging doen vroeg ik Gerard: “Heb jij nog wensen voor het eten morgen?” Ja, die had hij wel. “Iets met vis? En broccoli?”
Daar mag ik dan zelf iets omheen bedenken.
In mijn map met bewaarde recepten vond ik een oud, getypt A4-tje met een recept voor een ovenschotel met vis en broccoli. Met een topping van Parmezaanse kaas.

Ingrediënten (voor 2 personen):
500 gram broccoli
500 gram aardappelen
200 gram witte vis (ik had pangasiusfilet)
1 bekertje crème fraîche
2 eetlepels grove mosterd
150 gram geraspte Parmezaanse kaas

– Aardappels schillen, met een beetje zout niet helemaal gaar koken, af laten koelen, in schijfjes snijden.
– Roosjes broccoli met een beetje zout 10 minuten koken en afgieten.
– Vis kruiden met viskruiden en aan weerzijden aanbakken (ook 10 minuten).

– ovenschoteltje met olie invetten, oven voorverwarmen op 200 graden.
– Broccoli over de bodem verdelen.
– Vis op de broccoli leggen.
– sausje maken van de crème fraîche en de mosterd en over de broccoli/vis uitsmeren.
– nu dakpansgewijs met de aardappelschijfjes de laatste laag vormen.
– aardappels bestrooien met de geraspte Parmezaanse kaas.
– 25 minuten in de oven.

Grote yum.
Eet smakelijk!

Geplaatst in Koken | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

25 januari: Hij kwam er altijd weer bovenop.

Gistermiddag was de afscheidsplechtigheid van oom Henk; samen met mijn broer ging ik naar Hoogeveen.
Neef Michel nam zelf aan het begin van de plechtigheid het woord.
Hij vertelde dat ze de zondag na oom Henks overlijden tussen de papieren een uitgeknipt gedichtje hadden gevonden van Toon Hermans.
“Dit gedicht zegt alles over de liefdevolle relatie die mijn ouders hadden.”
Hij las het voor.

Als de stilte komt. 

Nu ’t rouwrumoer rondom jou is verstomd,
de stoet voorbij is, de schuifelende voeten,
nu voel ik dat er ’n diepe stilte komt
en in die stilte zal ik je opnieuw ontmoeten.
En telkens weer zal ik je tegenkomen,
we zeggen veel te gauw: het is voorbij.
Hij heeft alleen je lichaam weggenomen,
niet wie je was en ook niet wat je zei.
Ik zal nog altijd grapjes met je maken,
we zullen samen door het stille landschap gaan.
Nu je mijn handen niet meer aan kunt raken,
raak je mijn hart nog duidelijker aan.

Toon Hermans

Ontroering maakte zich meester van de aanwezigen.
Later hoorden we het levensverhaal van oom Henk; verder had zijn kleindochter een hele lieve brief geschreven over de goede herinneringen aan opa en van zoon Carlo werd een zelfgeschreven tekst voorgelezen over het moment dat je moet aanvaarden dat het echt niet meer goed komt.

Het was namelijk altijd nog goed gekomen met oom Henk. Hij had een paar keer een hartstilstand gehad, had een pacemaker en een nieuwe hartklep gekregen, was geopereerd aan een grote tumor in zijn rug en kampte de laatste tijd met problemen aan zijn galblaas.
Daar zou hij deze week aan geopereerd worden en dan zou het weer goed komen.
Toen ik voor de vierde keer werd getroffen door een hartinfarct beurde oom Henk mij voor de telefoon op. “Niet bij de pakken neer gaan zitten! Kijk maar naar je ouwe oom, ik heb al zoveel doorstaan en ik kom er altijd weer bovenop. Kop op!”
Tante Ann en de kinderen wisten vrijdagmiddag al dat het deze keer niet goed zou komen.

De plechtigheid was sober, maar deed recht aan oom Henk, ik herkende hem uit wat er over hem werd verteld. Een vriendelijke, plichtsgetrouwe en zeer sociale man met een groot rechtvaardigheidsgevoel en een onverwoestbaar optimisme.
En een liefhebbende echtgenoot en vader en een fantastische opa.
Het was moeilijk om te zien hoe intens verdrietig de familie was.
Wat zullen ze hem missen.

In de familie Boelen gaan we zijn verbindende rol missen.
Hij had contact met de meeste neven en nichten en vertelde altijd de laatste familienieuwtjes.
Als neven en nichten constateerden we dat we elkaar alleen nog maar zien bij dit soort verdrietige gelegenheden. Eén nicht van mij had ik al zo lang niet gezien, dat ik even dacht  dat mijn tante Tinie binnen kwam, maar het was haar dochter.
“Eigenlijk zouden we elkaar ook eens moeten ontmoeten bij een borrel en bitterballen.”
Met die positieve belofte gingen we uit elkaar.

Geplaatst in Alledag | Een reactie plaatsen