De waarde van de dag

een alternatief voor 'de waan van de dag'

29 maart: Een goed begin.

Vandaag, 29 maart, is het Palmzondag.
Dat is de eerste dag van ‘de goede week’, ook wel ‘stille week’ genoemd. Het is de week voor Pasen waarin christenen over de hele wereld het lijden, sterven en de opstanding van Jezus herdenken.
Die week begint met Palmzondag: dan wordt het verhaal gelezen van Jezus’ intocht in Jeruzalem.

Gistermiddag vierden we uitbundig de 6oe verjaardag van Gerards jongste broer.
Daar schemerde het paasverhaal ook al door de gesprekken heen: de familie van schoonzus Ali komt namelijk uit Dwingeloo en menigeen was al heel druk met ‘The Passion, de muzikale paasvertelling van KRO-NCRV die op donderdag 2 april om 20.30 uur is te zien op NPO 1.
We hoorden ook al verscheidene mensen uit Roden die het plan hebben opgevat om daar naar toe te gaan.
Wij niet.
A.s. donderdag werken we met de cantorij mee aan de viering, waarin het laatste avondmaal dat Jezus met zijn leerlingen hield wordt herdacht.
We kijken The Passion wel terug op de televisie; dat gingen veel ‘Dwingelers’ trouwens ook doen: “Wij kunt het op de tillevisie beter zien as bij oons op de Brink….”

De Palmzondagviering in onze kerk is altijd gericht op de kinderen; zij liepen vanmorgen met hun versierde palmpasenstokken in optocht door de kerk en we zongen beslist andere liederen dan anders!
Dominee Sybrand van Dijk kroop vanmorgen in de huid van een Joodse kleermaker, die ooit voor Maria van Nazareth een gewaad uit één stuk had gemaakt.
Wij kennen dat gewaad omdat het in de bijbel wordt genoemd in het evangelie van Johannes. Toen Jezus werd gekruisigd begonnen de Romeinse soldaten alvast de kleding van Jezus onder elkaar te verdelen, maar zijn onderkleed was van bovenaf in één stuk geweven en had geen naden. Om het kledingstuk niet te beschadigen scheurden de soldaten het niet in stukken, maar ze dobbelden er om. In het verhaal van Sybrand kwam het onderkleed weer bij de kleermaker terug, omdat de soldaat die het had gekregen het aan hem gaf.
Een waardevol verhaal met een mooie verbinding naar alle bijzondere dagen die we in de komende week gaan beleven.
Arjan Schippers verzorgde vanmorgen het pianospel en maakte mij blij met zijn uitvoering van van Hosanna uit de musical Jesus Christ Superstar.
Dan heb ik de beelden uit 1973 al weer op mijn netvlies:  ’the rocks and stones themselves would start to sing…… Hosanna!’
Ook even weer terug in de tijd? Hierbij een link naar de beelden van de intocht in Jeruzalem uit die musical.

…..strippenkaart….

Na de viering was er koffie/thee, maar als je er iets bij wilde was dat deze zondag niet gratis: je kon een strippenkaart kopen voor € 5,- en daarop 2 kruisjes van € 0,50 cent zetten voor een plak cake, kruidkoek of iets anders lekkers dat gemeenteleden hadden gebakken. Verder was er een Rad van Avontuur en een ’talentenmarkt’, dit alles om geld in te zamelen de financiële ondersteuning van het werk van father Petru in Ulmu, Moldavië’.
Een mooi begin van een bijzondere week.

Reageren

28 maart: C’est la vie.

Dinsdagmiddag moesten we naar het UMCG voor Gerard’s wekelijkse injectie.
We zaten tussen 17.30 en 18.15 uur in de auto en luisterden naar ‘Bert op 5’.
Bert Kranenbarg besteedt in zijn programma altijd aandacht aan Franse muziek; die dinsdag draaide hij op verzoek van ene Trudy een chanson van Gilbert Becaud.
De titel was ‘Il s’en va, mon garçon’.
Kranenbarg vertelde: “Het gaat over een vader die zijn zoon uitzwaait die het huis uit gaat; als een vogel op zijn eerste vlucht. Ze hebben samen zijn koffer ingepakt, twee zakdoeken en drie overhemden en daar gaat hij, op zoek naar het geluk.”
Hij zei er nog bij: “Mooie tekst, goed verstaanbaar.”
‘Als je Frans spreekt…’ dacht ik er achter aan, want als je die taal niet spreekt snap je er de ballen van.

Het was een prachtig liedje.
Mooi onderwerp ook.
Herkenbaar als je ooit kinderen hebt uitgezwaaid.

Hierbij een link naar het lied op YouTube.
Als je daarna klikt op dit PDF: 2026.03.28 Il s’en va, mon garcon dan kun je de Franse tekst meelezen, daarnaast staat de vertaling in het Nederlands.

Een leeg nest.
Er is zelfs een syndroom naar genoemd.
Het lied beschrijft de gevoelens van de vader die we als ouders allemaal herkennen.
Dat het twintig mooie jaren waren en dat we er van hebben genoten.
Maar dat we onze kinderen ook niet goed kenden, dat er muren tussen ons in stonden.
Het kind vertrekt om zijn eigen lied te zingen; in de laatste alinea herkent de vader het moment waarop hij zelf zijn ouderlijk huis verliet.

C’est la vie.

Reageren

27 maart: Koningin Elizabeth.

Van Dea kreeg ik het boek ‘Een langzaam stervende zaak’ van Elizabeth George, het nieuwste deel in de Inspecteur Lynley-mysteries.
Hou ik van. Vooral omdat ik in loop van de jaren Lynley en Havers goed heb leren kennen en daarmee de mensen die hun wereld bevolken; een deel daarvan kom je een nieuw boek weer tegen.

Het boek neemt je mee naar Cornwall, naar een klein tinlegeringsbedrijf.  Eén van de eigenaren, Michael Lobbs, wordt in zijn werkplaats in een plas bloed gevonden.
Het lichaam wordt ontdekt door Geoffry, een vertegenwoordiger van Eco Mining, dat het bedrijf van Lobbs, de mijn en de grond van hem wil kopen.

Naarmate je verder komt in het boek kom je meer te weten.
Dat Michael zijn gezin een aantal jaren geleden lelijk aan de kant heeft gezet om te kunnen trouwen met de Zuid Afrikaanse Kayla die qua leeftijd zijn dochter had kunnen zijn.
Dat hij aartsconservatief is en dat hij niks wil: niet verhuizen, niet iets anders met het bedrijf en al helemaal niet het bedrijf verkopen.
Mede-eigenaar en broer Sebastian wil het wel graag van de hand doen en ook de kinderen van Michael zien niets in de tinwinning waar hun vader zich mee bezig houdt.

Wie had er belang bij de dood van Michael?
Het is lang onduidelijk wie de erfgenamen zijn.
De kinderen, Merith en Gloriana, zouden niets liever willen dan het bedrijf verkopen, zodat ze van dat geld hun eigen dromen kunnen bekostigen.
Weduwe Kayla is het bedrijf ook liever kwijt dan rijk: zij wil zo snel mogelijk weer terug naar Zuid Afrika.

Elizabeth George schrijft fantastisch en ik heb dan ook van dit boek genoten.
Maar je moet geen haast hebben: ze schrijft erg gedetailleerd.
Ze heeft bijvoorbeeld een heel hoofdstuk (!) nodig om twee mensen te beschrijven die een bewijsstuk vinden; dat kan mijns inziens ook in één alina.
Heel langzaam ontvouwt zich het verhaal, je komt van alles te weten over de familieverhoudingen en ondertussen lees je stukken uit het dagboek van Michael, geschreven in de jaren voor zijn dood.

Je leest over liefde die geen liefde is.
Over eigenbelang, grenzeloos egoisme en hebzucht.
Hoe mensen worden gemanipuleerd en bedrogen.
Wat mensen andere mensen aandoen: geliefden, ouders en kinderen, grootouders en kleinkinderen. De schrijfster schetst geen rooskleurig beeld van de mensheid.

Vermakelijk vond ik de verhaallijn die zich afspeelt op het landgoed van Lynley.
De aristocratische familie moet iets met het dak van hun eeuwenoude, adellijke huis: het moet gerepareerd en dat kost klauwen met geld. Moet het huis nu worden opengesteld voor publiek zodat er inkomsten kunnen worden gegenereerd? Dat was altijd een gruwel in de ogen van Lynleys deftige moeder.

Elizaeth George wordt ‘de koningin van de misdaadliteratuur’ genoemd; dat staat ook op de kaft van het boek. Maar net als haar naamgenoot die ook koningin was: ze wordt ouder en wordt aan alle kanten ingehaald door jongere, minder breedsprakige schrijvers die aan de poten van haar troon zagen…..
Maar daar niet van, ik kijk al uit naar het volgende deel in deze serie.

Vorige blogs over de boeken van Elizabeth George:
De straf die ze verdient februari 2019
Iets te verbergen november 2022
Inspector Lynley over de TV-serie die over deze boeken is gemaakt en de casting die niet klopt.

Reageren

26 maart: Raaf.

Ik heb een raaf gezien.
Twee zelfs, tijdens een wandeling die ik maakte bij de Börkerstroom in de omgeving van Casa Grada.
Tijdens die wandeling had ik mijn vogel-app Merlin Bird aangezet om te kijken of er nog bijzondere vogels te horen waren.
De app detecteerde een kraai en een raaf; toen ik langs een stuk stoppelig land liep waar mais had gestaan waren er twee groepjes zwarte vogels.
Toen er van het ene groepje twee exemplaren wegvlogen krasten ze en lichtte het plaatje van de raaf op de app op. Wat bijzonder! En ze maken echt een ander geluid dan de kraaien.

Een raaf! Daar kan ik nou helemaal blij van worden.
Toen ik kind was, waren er geen raven meer in Nederland; dat vertelde mijn vader  bij de eerste aflevering van ‘De Fabeltjeskrant’, dat was in september 1968, in dat jaar zou ik in oktober 8 worden.
In die eerste aflevering zat Meneer de Raaf in een boom met een dik stuk kaas in zijn snavel.
Onder de boom stond Lowieke de Vos, die wel zin had aan dat stuk kaas.
Het verhaal was gebaseerd op één van de fabels van Jean de la Fontaine; op internet vond ik een mooie prentenboek-uitvoering van dat verhaal: hierbij een link naar het YouTube-filmpje 
Het eind van het liedje was dat Lowieke er met het stuk kaas vandoor ging: “Hatsjikidee….smikkelen en smullen!”
Maar de raven zijn dus niet meer uitgestorven: in Westerbork zitten er een paar!
Op de website van Vogelbescherming Nederland vond ik en mooi artikel, waarin je alles leest over de raaf.
Wil jij juist meer weten over de Fabeltjeskrant? Klik dan hier voor een artikel daarover op Historiek.

Maar er was meer te zien in Westerbork.
Het was lenteachtig zacht de afgelopen dagen en op mijn wandeling zag (en hoorde) ik niet alleen vogels, maar ook bomen en struiken die heel voorzichtig hun blaadjes ontvouwden.
Op onderstaande afbeelding zie je een braamstruik waar nog een paar oude blaadjes aanzitten, maar de nieuwe lichting staat al weer in de startblokken! Op de achtergrond zie je (vaag) de Börkerstroom.

Een dag of 5 brachten we door in Casa Grada, er moesten nog wat klusjes gedaan worden.
Aan de voorkant van het huis zit een heel lang en smal raam, waar een heel lang en smal gordijn voor hing. Dat vond ik al niet mooi toen we het huis kochten in 2021, maar het hing en we wisten niet zo goed wat we dan wel wilden. Maar inmiddels zijn we er uit: wij zochten decoratie-folie met een mooi motiefje en dat heeft Gerard er deze week opgeplakt.
Best een lastig klusje, want achter dat raam zit een trap en hoe kom je dan bovenin bij dat raam?
Maar, zoals onze dochters al jaren zeggen: ‘Papa kan alles’: Gerard pakte de klus op zijn manier aan en het is prachtig geworden!
Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.

Reageren

25 maart: Naomi (2)

Vandaag het verhaal dat Frea schreef dat hoort bij het blog van gisteren.

De thee is eigenlijk nog te heet. Naomi blaast nog maar eens en probeert het nog een keer. Nee, heet. Ze houdt het glas met beide handen vast en ergens in haar achterhoofd vraagt ze zich af of het zo hoort te voelen, dit.

De man tegenover haar- nee, haar vader, kijkt uit het raam naar voorbijlopende dagjesmensen, terwijl hij een suikerzakje vakkundig om zeep helpt. Precies zoals haar broer dat doet als hij nerveus is. 

Ze roert haar thee nog een keer en zakt wat meer weg in de grote leren fauteuil.  Het lepeltje maakt echt onnodig veel herrie in het café, bijna alsof ze een ongemakkelijke speech gaat maken.

Dat is het, denkt ze, ongemakkelijk. Theedrinken met je eigen vader en dan is het ongemakkelijk. Niet wat ze verwacht had. Misschien had ze op minder moeten rekenen, dat gaat haar normaal gesproken prima af.

Het suikerzakje, inmiddels in snippers, wordt op de grond geveegd. “Dus,” haar vader schraapt zijn keel en glimlacht nerveus, zijn ogen net niet helemaal op die van haar gericht, “hoe is het?”. 

Naomi glimlacht terug, ze doet haar mond open en dan komen haar hersenen piepend en krakend tot stilstand. Wat vertelt ze dan nu. Dat ze met Joris naar de dierenarts moest vanochtend en dat hij de hele wachtkamer om z’n pootje wond? Hij heeft nog nooit een foto van die hele Joris gezien! 

“Ehm,” ze blaast op haar thee. Nee. Nog steeds te heet. 

Vertelt ze dat ze wacht op het telefoontje over een nieuwe studio? Hij heeft helemaal de context niet, van de zoektocht, het jongleren van werk en privé en de reeks klussen die hebben gezorgd dat ze een vaste plek kan huren voor haar shoots. God, hij weet niet eens dat ze fotografeert! 

“Ja,” knikt ze, “goed.”

Haar vader knikt enthousiast, een nieuw suikerzakje tussen zijn vingers, “Mooi! Mooi, goed.” Zijn glimlach wordt breder. “Okay, hoe eh, wat is er allemaal,” hij gebaart vaagjes naar Naomi, “heb je eh, kinderen?” Zijn hoopvolle blik is bijna aandoenlijk. 

Ze weet niet waarom ze dat niet had verwacht als vraag. Ze had gehoopt op iets anders, maar misschien had ze minder moeten hopen. Wat gaat ze nu zeggen dan, dat ze het niet kon? Dat het idee alleen al haar buikpijn bezorgd? Dat ze weet dat ’t haar aan zou vliegen en dat ze er een zootje van zou maken? In plaats daarvan schudt ze alleen haar hoofd, “Nee.” 

“Oh,” haar vader knikt, wenkbrauwen omhoog en het is alsof ze in een spiegel kijkt zoveel lijkt ze op hem, “en….wel een partner?”. 

Fantastisch. Geweldig. De vraag die elke single vrouw van 35 wil horen. Naomi staart haar vader ongelovig aan. Wat gaat ze zeggen dan! Dat ze het heeft geprobeerd? Dat het met iedereen stuk liep vlak voor het samenwonen? Dat ze jong genoeg heeft geleerd dat mensen weggaan en dat ze vooral niet teveel moet verwachten? In plaats daarvan zet ze haar tanden op elkaar en ademt ze rustig door haar neus in “Nee.” 

Haar vader knikt nog steeds, maar er speelt nu een frons rond zijn wenkbrauwen, “Oh, oké,”

“Ik woon met vrienden,” gooit ze er uit, terwijl ze zich afvraagt waarom ze zich wil verdedigen, “in een woongroep, in de Kolenkitbuurt.” Haar vader blijft stil. “We denken er over om met z’n vieren te kopen in de toekomst.”

Haar vader glimlacht weer, maar is gelukkig gestopt met knikken, “Dat- dat klinkt goed! En wat doe je? Je was altijd zo goed in leren, ben je ook arts geworden zoals je wilde?” 

Naomi vraagt zich af of hij bewust heeft gekozen voor de Greatest Hits Voor Het Teleurstellen Van Je Ouders, en neemt een slok thee. Perfecte temperatuur. 

Ze gaat hem niet vertellen over de lage cijfers, over de mentor gesprekken, de ‘heeft zoveel potentie’ en ‘problemen met autoriteit’ en ‘storende factor’. 

“Nee,” zegt ze, “ik ben fotograaf.”

Haar vader knikt en kijkt naar de tafel. “Wauw, dat is- dat is bijzonder!” 

Ze is halverwege een tweede slok thee als hij eraan toevoegt “en kun je daar je geld mee verdienen?” 

Oké. 

Ze zet het theekopje neer en legt het theelepeltje er met een luide rinkel naast. Ze weet niet wat ze zou moeten zeggen, dus ze zegt niets. Ze leunt naar voren in de stoel, ellebogen op haar bovenbenen en kijkt haar vader aan, wenkbrauwen omhoog. 

Het duurt een paar seconden en dan ziet ze het kwartje vallen. “Oh”, zegt haar vader. De glimlach glijdt van zijn gezicht, het suikerzakje valt stil, “Oh dat was – ik –”. Hij was al ongemakkelijk, maar het is goed om te weten dat het erger kan. Zijn nek kleurt rood en zijn been wiebelt tegen de tafel. “Sorry, dat was niet- oh man” Hij haalt zijn hand door zijn haar en kijkt haar eindelijk aan. 

“Dat was een slecht begin zeker?”

Naomi knikt “Heel.”

Haar vader reikt naar een derde suikerzakje, maar bedenkt zich. “Kunnen- kan dit opnieuw?” Zijn stem schiet een stukje uit. 

Naomi knikt en leunt weer achterover in de zachte bruine stoel. Waarom niet. Erger kan het niet worden, en ze heeft jong genoeg geleerd niet te veel te verwachten. Ze neemt nog een slok thee. Lauw. 

Haar vader haalt zichtbaar opgelucht adem. Hij wijst naar haar mok: “Nog een doen?” 

Ze trekt haar wenkbrauwen omhoog, “Als ik nu zeg dat er met fotografie niets te verdienen is, betaal jij dan straks?” 

Haar vader lacht. Hardop, een echte lach. Ze kan zich niet herinneren dat ze die ooit eerder gehoord heeft. Hij hijst zich uit zijn stoel en loopt richting de toonbank.

“Met een citroen muffin!” roept ze hem achterna.

Naschrift Ada:
Wát een andere invalshoek en wat een andere invulling dan de vorige drie verhalen!
Teleurstelling, verwachting, verdriet en pijn uit het verleden samengevat in een tenenkrommend gesprek.
En een mooie opening voor de toekomst.
Frea: bedankt voor jouw bijdrage!

Heb jij nou ineens ook inspiratie voor een verhaal?
Wat zou er gebeurd kunnen zijn volgens jou?
Je hoeft daarbij helemaal geen rekening te houden met wat er al is geschreven over de andere hoofdpersonen: voel je vrij om een heel nieuw verhaal te schrijven.

Reageren

24 maart: Naomi (1)

Frea heeft de handschoen opgepakt.
Na 9 jaar.
Ze heeft een verhaal geschreven bij het personage ‘Naomi’.
Waarschijnlijk kun je hier als lezer geen chocola van maken, daarom leg ik het even uit.

Het begon allemaal met mijn fascinatie voor het lied ‘De Noorderzon scheen’ van Conny Vandenbos.  Vanaf het begin, het lied kwam uit in 1976, heeft die tekst mij geïntrigeerd:
een man die zomaar uit z’n gezinsleven stapt om elders een heel nieuw leven te beginnen.
Ik zag die vrouw dan in de keuken staan bij die snelkookpan en heb me altijd afgevraagd: hoe ging het verder?
Wat zou er gebeurd kunnen zijn?

In 2017 schreef ik één van de eerste blogseries voor deze website. In zes delen publiceerde ik destijds drie verhalen met een mogelijke afloop.
De verhalen staan los van elkaar; de hoofdrolspelers en omstandigheden worden steeds heel anders ingevuld, uitgangspunt is steeds de tekst van het lied van Connie Vandenbos.
Op dit samenvattende blog uit 2020 dat ik drie jaar later schreef vind je links naar het liedje van Conny en naar de verhalen van Peter (de vader die zijn gezin verliet), Anja (de moeder) en Dennis (de zoon).
In deze drie verhalen komt er na twintig jaar weer contact tussen Peter en zijn gezin, maar er is ook een scenario denkbaar waarbij Peter nooit terugkomt.
Verder is er is nog één personage uit dit verhaal niet aan het woord geweest en dat is dochter Naomi.
Toen vroeg ik aan mijn lezers: “Mocht er iemand onder mijn lezers zijn die een verhaal wil schrijven over wat er volgens hem/haar is gebeurd of over hoe Naomi dat heeft beleefd, dan zou ik dat erg leuk vinden.”

Deze week kreeg ik een app van Frea: ‘Noorderzonverhaal zit in je inbox’.
ECHT WAAR!?!
Ja.
Frea is in de huid van Naomi gekropen en schrijft hoe dat voelde.
Dat je de man die je vader is na jaren voor het eerst weer ziet.
In de begeleidende mail die ik kreeg bij de tekst van het verhaal schreef ze: “Hey, wil je een super ongemakkelijk gesprek lezen tussen een vader en dochter die tegelijkertijd zo herkenbaar voor elkaar en ook volslagen vreemden zijn?”

Het verhaal van Frea telt meer dan 700 woorden, dus in overleg met mijn raadgever (lees Gerard) verdeel ik dit onderwerp over twee blogs.
Vandaag dus een ‘hoe zat dat ook maar weer’-blog over de blogserie ‘Noorderzon’, morgen het verhaal van Naomi.

Reageren

23 maart: Wat neem je mee?

Vorige week kwam Frea koffiedrinken; fijn als je kinderen zo dichtbij wonen dat dat kan.
We kregen het over een ‘vijf-broden-en-twee vissen’-picknick. Dat doe je als je afspreekt met een groep en dat iedereen dan iets meeneemt om te eten en te drinken, dat je alles uitstalt op het picknick-kleed en in gezamenlijkheid alles opeet.
“En dan is er altijd genoeg” merkte Frea op “meestal heb je nog over”.
De uitdrukking is gebaseerd op het het bijbelverhaal dat bekend is onder de titel: de wonderbaarlijke spijziging.
Het staat in Marcus 6; hierbij een link naar het verhaal op de website ‘Basisbijbel Online.’

Vervolgens vertelde Frea dat ze bij dat verhaal altijd aan ‘die dienst met de pepermuntjes’ moest denken. Het zei mij niets, maar Frea wist het nog goed.
“Aan het begin van de preek ging er vroeger een rol pepermuntjes door de rij. De dominee vroeg in die dienst aan het begin van de preek ‘Wie heeft er zin in een pepermuntje maar heeft zelf niet bij zich?’
Er gingen heel wat vingers de lucht in.
Toen werd er gevraagd of iedereen die wél pepermuntjes bij zich had die in de collecteschaal wilden doen. Toen werd de inhoud van de schaal met de hele gemeente gedeeld en kreeg iedereen een pepermuntje; er was zelfs nog over!”
Aanschouwelijk onderwijs: een mooie levensles die nooit weer wordt vergeten!

Afgelopen zondag waren we niet in Roden: we luisterden aan de koffie naar de viering vanuit de Catharinakerk in Roden.
Het was het vervolg op het hoofdartikel van Kerknieuws over de steen* die voor het graf van Lazarus zat. Het ging over de verwijten die een nabestaande zichzelf altijd maakt na een overlijden; dit naar aanleiding van wat Martha tegen Jezus zegt: “Als U hier geweest was, dan was mijn broer niet gestorven”.
Had ik maar…..
Was ik maar….
Als ik nou niet…..

Je moet verder en het zelfverwijt leidt tot niets.
Zit je in zo’n lastig rouwproces na de dood van een geliefde, luister dan naar de overdenking van Sybrand: je hebt er echt iets aan.
Dat kan via Kerkomroep of het t YouTube-kanaal van onze kerk. De preek begint op 51.30 min.

Wat neem je mee uit een viering?
Dat kan van alles zijn: een woord, een lied, de stilte, de zegen….. het ene onderdeel van een viering spreekt je meer aan dan het andere.
Het verhaal van het pepermuntje bleef bij Frea hangen, bij het verhaal van Lazarus zal de overdenking van Sybrand mij bij blijven.

* Over dat hoofdartikel schreef ik het blog ‘Dat moet jij doen

Reageren

22 maart: Een date om 17.00 uur.

Al vanaf dat Gerard en ik getrouwd zijn spreken we ieder jaar af met mijn neef Jan en zijn vrouw Janny. Dat is dus al vanaf 1983 en we kwamen altijd bij elkaar op een zondag.
“Waarom spreken we eigenlijk niet op een zaterdag af?” vroeg Janny de laatste keer dat we elkaar zagen “dan kunnen we ’s middags even het dorp in, dan neem ik je mee naar de handwerkwinkel.”
Dat was niet tegen dovemansoren gezegd. Zeg ‘handwerkwinkel’ en ik ben al onderweg.
Gistermorgen, zaterdag 21 maart,  zaten wij al om 09.00 uur in de auto richting Epe.

Wat weer een genoeglijke dag.
Eigenlijk deden we hetzelfde als wat we anders op een zondag doen (koffie, borrel, eten, foto’s kijken en oeverloos kleppen), maar nu vertrokken de dames rond half 3 richting het dorpscentrum. Op weg naar de handwerkwinkel kwamen we nog van alles tegen waar ik graag nog even wilde kijken, zoals een HEMA, een boekwinkel, kledingwinkels, kringloopwinkels én…… een kerk! Daar wilde ik ook in, maar die zat op slot. Jammer ja.
Op het info-bordje bij de deur stond wat summiere informatie o.a. dat de kerk stamde uit de 12e eeuw. Het gebouw was gewijd aan de heilige sint Maarten en sinds de reformatie in de 16e eeuw een Hervormde kerk. Meer weten? Hierbij een link  naar een artikel over deze kerk op Wikipedia.

Voor de kerk stond nog een ander informatiepaneel dat mijn aandacht trok, dat ging over een grafheuvelrij. Daar wilde ik meer van weten, dus eenmaal thuis zocht ik het op: op ‘Mijn Gelderland’ vond ik een duidelijk verhaal. In de gemeente Epe liggen zo’n 150 grafheuvels. Ongeveer 50 daarvan liggen in één rechte lijn tussen Niersen en Epe. Vanaf de Nieuwe Steentijd (± 5300 tot 2000 voor Christus) tot aan het begin van onze jaartelling vormden deze heuvels de laatste rustplaats voor de prehistorische bewoners van Epe.
Maar eigenlijk waren we op weg naar de handwerkwinkel…..

Toen we  eenmaal bij Singer Kreatief waren vergat ik op slag de kerk en de grafheuvelrij: wat een walhalla voor een liefhebber van handwerken!
Borduren, haken, breien, kleinvak en stoffen: ze zijn van alle handwerkmarkten thuis, ik keek er mijn ogen uit.
Ik was op zoek naar een bolletje garen van een specifieke kleur en een specifieke dikte (hierover in een volgend blog meer) en ik liep er zo naar toe. Verder was er een ontstellende hoeveelheid knopen, garen, band, kant, gespen: je kunt het zo gek niet bedenken of ze hadden het.
Hierbij een link naar hun website.

Aan het eind van de middag hadden we een date.
Janny en ik zaten om 17.00 uur in Casa Sarda in Epe, waar een vriendelijke ober vroeg: “Dames! Wat willen jullie drinken?”
“Wij wachten nog even”; onze date was er namelijk nog niet.
Ze zouden toch wel komen…?
Maar na 43 jaar weten wij dat wel zeker: na vijf minuten voegden onze mannen zich bij ons en we sloten de gezamenlijke dag af met een heerlijke pizza.
In mijn geval nummer 44, de pizza Caravaggio met o.a. gorgonzola, spek, ui, salami.
Heerlijk gegeten, aangenaam gezelschap: waardevolle dag!

Reageren

21 maart: Slowcooker.

Aan het eind van het jaar vond Gerard het maar raar dat ik geen kerstpakket had gekregen van Lentis.
“Daar heb je recht op, daar moet je achteraan” was zijn advies.
Dat deed ik en ik kreeg (na wat omtrekkende bewegingen) een mooie rugtas.
Toen ik die al week of twee in gebruik had biechtte Gerard schoorvoetend op dat hij al maanden niet meer in de mailbox van zijn werk had gekeken.
Hoeft immers ook niet meer, hij werkt al een tijdje niet meer in Groningen, maar is officieel nog wel in dienst.
En wat zat er in die mailbox? Een digitaal kerstpakket: hij mocht zelf een cadeau uitzoeken.
Hij koos een slowcoocker!

Wij hebben nog niet zo vaak iets gegeten dat was bereid in een slowcooker, maar één ding stond in mijn geheugen gegrift: de Boeuf Bourguignon van Jon.
Dus op de dag dat wij het apparaat thuis bezorgd kregen appte ik naar Jon: ‘Mag ik het recept van jouw Boeuf Bourguignon?
Per kerende post kreeg ik een afbeelding uit zijn receptenboekboek.
Het heette alleen anders: ‘Slowcooker Beef & Red Wine Stew’.
Deze afbeelding is wat klein, dus ik schrijf het recept helemaal uit in dit blog.

Nodig:
– 100 gram boter
– 2 uien
– 2 tenen knoflook
– 150 gram spek
– 250 gram kastanje champignons
– 400 gram rundvlees
– 4 eetlepels bloem
–  ½ fles rode wijn
– runderbouillonblokje
– 2 laurierbladen
– peper en zout

Doen:
– Uien snipperen, knoflook persen, champignons snijden, rundvlees in kleine stukjes snijden

Volgorde:
– Uien glazig bakken in 40 gram boter, knoflook meebakken, daarna uit de pan halen
– in dezelfde pan het spek knapperig bakken, ook uit de pan halen
– champignons in hetzelfde vet bakken + 20 gram boter toevoegen, na bakken ook uit de pan halen
– rest van de boter in de pan, op hoog vuur het rundvlees bakken met het zout en de peper (naar smaak) tot het egaal bruin gebakken is.
– vuur naar medium: bloem in delen toevoegen, 1 minuut goed laten doorbakken en goed roeren.
– scheutje voor scheutje de wijn toevoegen en de saus laten binden.
– de massa in de slowcoocker doen en bouillonblokje, laurierbladen, uien en spek toevoegen.
– Minimaal 2 uur op HIGH – dan de champignons er bij in doen en nog een half uur laten stoven.

Je moet natuurlijk wel wennen aan zo’n nieuwe manier van koken.
Ik stelde het ding in op 02.00 uur op ‘HIGH’ en toen gingen we een eindje fietsen, maar toen we thuis kwamen stond hij nog steeds op 2 uur; ik had nog op het knopje ‘POWER’ moeten drukken.
Maar we maakten er geen punt van: dan eten we niet om 17.30 uur maar om 18.30 uur.
Het was heel erg lekker!
Je kunt het eten met gekookte aardappels of met rijst.

Jon: DANK!

Reageren

20 maart: Een waardevol familie-lijntje.

Nadat mijn moeder overleed in oktober 2017 waren er geen familiemomenten meer waarop mijn ooms en tantes Boelen en Vrieswijk elkaar zouden treffen.
Jarenlang zagen de twee families elkaar immers  op de verjaardagen van mijn ouders; door de jaren heen werden ze haast een beetje familie van elkaar, maar het groepje werd wel steeds kleiner.
In de jaren zeventig zaten we soms met dertig mensen in de kleine woonkamer aan de Servatiusstraat. Pratend, (soms schreeuwend), rokend en drinkend: in mijn herinnering altijd knoetergezellig. Geen idee?  (zie 16 november 2014).
Maar het leven gaat door en ook deze families werden getroffen door ziekte en overlijden.

Na Ma’s begrafenis zei tante Trijn: “Het zou fijn zijn als ik de familie Boelen nog af en toe zou spreken; we hebben zoveel jaren met elkaar opgetrokken . . ”
In 2018 organiseerden we de eerste ‘eigenlijk-geen-familiedag‘ met tante Lammie (zus van mijn moeder) en oom Albert, oom Henk (broer van mijn moeder) en tante Ann en tante Trijn (zus van mijn vader) en we probeerden om ieder jaar zo’n bijeenkomst te organiseren.
In 2019 overleed oom Henk en aan het eind van 2021 overleden oom Albert en tante Lammie 3 weken na elkaar.
Daarna ontmoetten de twee overgebleven tantes Trijn & Ann en ik elkaar één keer per jaar. De laatste keer was in april vorig jaar.*

In december is tante Trijn ons ook ontvallen.
“Maar ik kom gewoon naar je toe in maart, we hebben al weer zoveel om over bij te praten” zei ik tegen tante Ann toen ik haar na begrafenis van tante Trijn telefonisch sprak.
Gistermorgen was ik rond de klok van tien in Hoogeveen.
En wat kun je iemand dan missen; de stoel waar ze altijd in zat bleef leeg en de hele dag kwam ze af en toe in de gesprekken even voorbij.
Na de koffie genoten we samen van een glas wijn ‘zullen we een ‘zoetje’ doen? Daar hield ze altijd zo van….’, klonken met de blik schuin naar boven ‘op haar’ en haalden herinneringen op aan voorgaande keren.

Wat anders was dan voorgaande keren: we konden gewoon lopend de stad in.
Tante Trijn was erg slecht ter been, maar tante Ann loopt nog als een kievit, dus we konden met de benenwagen naar Grand Café Marron waar ik voor het eerst een ‘Egg Benedict’ kreeg mét gerookte zalm en tante Ann genoot van haar kroketje.
In Hoogeveen is best een groot winkelcentrum, dus wij boemelden met z’n tweeën even door de HEMA, de C&A, een 2e-hands boekenmarkt en zo’n grote drogist met een Duitse naam.
Wat niet anders was als anders: de tijd was omgevlogen en tot mijn schrik was het al bijna vier uur toen we aan de thee zaten.
We beloofden dat we met elkaar in contact blijven; een waardevol familie-lijntje dat we allebei niet kunnen missen.

* daarover schreef ik toen het blog Wat doe je dan de hele dag?
Van daaruit kun je teruglinken naar de blogs uit 2024, 2023 en 2022.

Reageren

Pagina 4 van 408

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén