een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 255 van 309

26 februari: Bijna lente in Drenthe.

Gistermorgen stapte ik rond 09.00 uur in de auto; op het programma stond een dagje Emmen met tante Trijn. Dan wordt ik ’s morgens al wakker met een ‘schoolreisjes-gevoel’: een hele dag beppen, kleppen en shoppen met z’n tweeën.

Op de reis van Roden naar Emmen rijd je dwars door de provincie Drenthe.
Het had de laatste dagen flink geregend en het Lieverse Diepje en de Drentse Aa waren uitgegroeid tot flinke beken, boordevol, met hier en daar een uitwaaier op een ondergelopen weiland.
In Bunne liepen alweer twee ooievaars parmantig in een weiland te stappen.
Bij Vries vloog een kraai over de weg met een flinke tak in de bek: nest in aanbouw!
Richting Borger ontwaarde ik twee reeën bij een bosrand en bij Odoorn zat een dikke buizerd te loeren op een paaltje langs de weg.

Om deze tijd van het jaar liggen de meeste akkers er al weer strak en zwart bij, behalve vlak voor Borger. Daar liggen ‘de voetbalvelden met graszoden’, keurig gemaaid en groen.
Je ziet dorpen een stukje van de weg afliggen, hier en daar een kerktoren, een fietspad op zaterdagmorgen met een groep uitgelaten mannen die zich niks van het slechte weer aantrekken én…….. heel veel bos en bomen.

Wat mooi. Bijna lente in Drenthe
“Zie je dat allemaal als je achter het stuur zit?!?” vroeg Gerard gisteravond. “Let je wel een beetje op de weg?”
Ja hoor, ja.
Ik rijd gewoon niet zo hard…..

Ons dagje Emmen ging veel te snel voorbij.
We hebben elkaar altijd zoveel te vertellen.
Lief en leed passeert de revue.
We luisteren naar elkaar en steken elkaar een hart onder de riem.
Twee Vrieswijken die al jaren anders heten, maar o zo diep met elkaar verbonden.

Bij Meneer Jamin kocht ik een grote zak paaseitjes.
Die haalt Pasen niet.

Reageren

24 februari: Wadapartja.

Het is deze week voorjaarsvakantie. Nu de kinderen niet meer thuis wonen krijgen Gerard en ik daar weinig van mee. Maar Carlijn en Harriët hebben wel vakantie en bedachten ‘dat we dan samen wel wat leuks konden doen’. Wat een goed idee! Maandag was mijn vrije dag en om 12.30 uur spraken we af in de binnenstad. We zouden eerst gaan lunchen.
Gerard werkt ook in de binnenstad en haakte gezellig aan: rond 12.45 uur zaten we met z’n vieren bij ‘Wadapartja’ aan het Gedempte Zuiderdiep. En inderdaad: heel apart.
Dit staat op hun website >>>:

Wadapartja is’n nij concept in Grunn; mid’n in staad aan’t Gedempte Zuuderdaip, gevestigd in een schier monumentaal pand, verzain van een terras met ook in de winter een zonnetje.

Je kunt bij ons gezellig winkel’n, eet’n en drink’n gedurende de hele dag en avond. Er is ontbijtje, lunch en een lekkere vullende hap bie borrel, zodat je niet van sfeer hoeft te wissel’n door in ‘uit eet’n modus’ te goan of ergens anders heen te moet’n.

Nij in Grunn is dat alles woarst du gebruuk van moakst te koop is: van toavels en laampen tou aan servies, van koffieboon’n en dipstip tot sapjes.

Centraal stoat de hoeslijke gezelligheid. Deze is ook terug te vind’n in de sfeervolle inrichtings, de winkel en op de menukaart.

Wij bogen ons over die menukaart en verbaasden ons over de bijzondere dingen die je kon bestellen; ‘gebakk’n aaaaiern’ , ’tsjieskeek’, ‘sjembektoast’ ‘bultje met eerdappels’.
We bestelden allemaal een lekker broodje en genoten van dit kadootje op een voor ons doordeweekse maandag. Ik bestelde een broodje ‘geflankeerde kip’.
Na al dat lekkers moest Gerard weer aan het werk en ging ik met de dames ouderwets Grunn’n in. Gezellig!

Reageren

23 februari: Catharinakerk ‘revisited’.

Op 20 februari schreef ik al over de heropening van de Catharinakerk.
Inmiddels zijn er foto’s, hierbij een link naar de website van PKN-Roden >>>.
Op dat bewuste blog had ik al van alles gedeeld, maar er was nog meer te vertellen, vandaar dat ik vandaag nog een kleine aanvulling geef.

Eén regel in Psalm 84 is “De mus, de zwaluw vindt een woning”. Bij die regel had de werkgroep ‘Liturgische bloemschikking’ een werkelijk prachtig bloemstuk gemaakt.
Het verbeeldt een levensgroot nest, waaruit een veelkleurig boeket ontspringt. (foto Han Post). Het nest staat symbool voor het huis van God, waarin ‘de mus en de zwaluw een woning vinden’ en de bloemen staan voor onze veelkleurige gemeente die uit heel veel verschillende bloemen/leden bestaat.

De nieuwe doopschaal (foto Fokke de Jong) staat op een lichte, houten stander en is voorzien van de kleuren van de regenboog. Op deze manier zijn onze drie kerken door die kleuren met elkaar verbonden: in de Jacobskerk in Roderwolde door de veelkleurige raamdecoratie, in Op de Helte door het regenboog-ornament en in de Catharinakerk dus door de doopschaal.

Als laatste wil ik de aandacht nog vestigen op een lied dat wij met de Catharina-cantorij zongen:  ‘Een vrouw die naar de hemel heet’. Het is een lied over Catharina van Alexandrië en de tekst en de muziek zijn van Sytze de Vries. “Voor een Catharina-kerk” staat er boven dat lied. Het refrein werd steeds door de gemeente meegezongen en het paste heel erg goed bij deze viering:
Haar naam verleent ons onderdak. Haar leven dat van liefde sprak,
het torent hier in weer en wind: Catharina, koningskind.

Deze Catharina-kerk is een monument dat al meer dan 9 eeuwen onderdak verleent aan gelovigen uit Roden en omstreken; we kunnen vooreerst weer jaren vooruit!
A.s. zaterdag 25 februari is de kerk vanaf 14.00 uur open voor bezichtiging. Ben je in de buurt, kom dan vooral een kijkje nemen. Ter gelegenheid van de heropening biedt de Protestante Gemeente Roden-Roderwolde de bevolking van Roden een optreden van Ellen ten Damme aan. Dat begint om 16.00 uur en de entree is gratis: komt dat zien!

Reageren

21 februari: Manic monday

Maandagmorgen. Op de radio is het liedje ‘Manic monday’ van The Bangles.
In de volksmond heeft maandag geen beste naam; ik moet eerlijk toegeven: vroeger (toen de weekenden heftiger waren) had ik daar meer last van dan nu.
Maar ik moet altijd wel een beetje op gang komen.

Rond een uur of tien fiets ik in een druilerige motregen met wat lege flessen richting het centrum van het dorp. In de Jumbo zit een klein jongetje van een maand of 10 in het karretje van zijn moeder. We kijken elkaar aan en ik glimlach naar hem. Een stralende tandeloze glimlach krijg ik terug. Sjans op de vroege morgen.
Bij de kassa zegt de juffrouw: “U mag een gratis bosje bloemen meenemen, mevrouw!”
Zomaar. Tulpen kies ik uit. Eenmaal thuis zie ik zelf ook wel waarom ze gratis zijn.
De onderste puntjes van de stelen zijn al bruin. Sommigen zijn al een beetje open, anderen een beetje kromgegroeid en één tulpenkopje valt zomaar van zijn steeltje…..
Anders hadden ze ze weggegooid denk ik.

Kan me niks schelen. Ik schik ze in een vaas en zet ze op mijn aanrecht.
Gratis bloemen op maandagmorgen.
Op de radio klinkt inmiddels Boudewijn de Groot met ‘Beneden alle peil’. Prachtig.
Nu koffie. Prima begin van de week.

Reageren

20 februari: Opening van de Catharinakerk

Naar 19 februari keek ik al een tijdje uit. Op die dag zouden we eindelijk zien hoe de Catharinakerk er uit ziet na de ingrijpende verbouwing. Zes maanden was de kerk dicht; af en toe werd er een tipje van de sluier opgelicht.

Er waren geruchten. Is kerk gebouwd op een prehistorisch hunebed? Worden de grafzerken tentoongesteld? Zijn er botfragmenten gevonden in de aarde rondom de kerk bij het graven van de riolering?
Voor de antwoorden op deze vragen verwijs ik naar onze PKN-website >>>.  Het is natuurlijk prachtig, zo’n eeuwenoud gebouw, maar niet praktisch, dus wil je hier vieringen in blijven houden, dan moet het worden aangepast aan de eisen van de moderne tijd. Een kerk is per slot van rekening geen museum.

Gistermorgen om 08.30 uur stonden we als Catharinacantorij wat onwennig op een lichte tegelvloer.
Nieuwe stoelen, nieuwe opstelling, zelfde cantrix, zelfde zangers. Achter het orgel zat Erwin Wiersinga. Hij was aan het morrelen met zijn spiegel om de cantrix te kunnen zien, waarop één van de bassen het lied ‘Spiegelbeeld’ inzette; bas werd vervolgens bestraffend toegesist door een tenor: “Hou op man, straks moeten we nog nablijven..!”

In de viering kwam de naamgeefster van de kerk, Catharina van Alexandrië, hoogstpersoonlijk langs om ons iets te vertellen over haar leven. Ook benieuwd? zie >>> Psalm 84 stond centraal. “Hoe lieflijk, hoe goed is mij Heer, het huis waar Gij uw naam en eer hebt laten wonen bij de mensen.”
In de overdenking nam de voorganger ons mee naar de verschillende vormen van het huis van God door de eeuwen heen: een tent in de woestijn, een tempel in Jeruzalem, een kerk in Roden. “Maar God woont niet in de kerk” zei de predikant “Hij is daar waar wij mensen zijn, Hij woont in ons”.

Natuurlijk kun je van alles vinden van de verbouwing. Ik vind het geslaagd. Vooral het

Voorproefje: zijbeuk met stiltehoek; in de vloer 3 oude grafstenen.

portaal waar je binnenkomt is erg mooi geworden en we kunnen nu ook inpandig naar de wc: een grote vooruitgang.
Wel miste ik gelijk het zandstenen doopvont.
Het liturgisch centrum is helemaal vernieuwd en er was een nieuwe glazen doopschaal.
Oeh. Dat vond ik wel jammer. Het doopvont was verbannen naar een plekje achterin de kerk. Ik weet nog dat we met ons gezin bij dat doopvont stonden toen Carlijn werd gedoopt; op dat moment was ik heel erg doordrongen van het feit dat we deel uit maakten van een eeuwenoude christelijke traditie.
Maar Gerard heeft veel minder last van dergelijke historische gevoeligheden.
“Dat doopvont stond hier nog maar een jaar of 25 hoor…. daarvoor was het overtollig geworden bij het Drents Museum en dáár weer voor werd het gebruikt als drinkbak voor paarden in een weiland in Drenthe.”

O. Dus. Ik zette mijn historische gevoeligheden voor de rest van de dag in de koelkast en genoot van deze feestelijke dag; we kunnen de Catharinakerk weer gebruiken en het is er voor de moderne kerkmens een stuk aangenamer op geworden.
Anne Jongsma en alle andere harde werkers: chapeau!

Inmiddels staat er een mooi verslag (gemaakt door Zwanny Kamp)  van de feestelijkheden van deze dag op de PKN-website. Zie >>> Daarop staan ook twee links naar de fotoreportage’s van Han Post en Fokke de Jong.
Luisteren:  ’s Middags genoten we van een prachtig mini-concert van Erwin Wiersinga op het Hinsz-orgel. Je kunt het beluisteren op Kerkomroep >>> (Plaatsnaam Roden, Catharinakerk, 14.42 uur, tijd doorspoelen naar 46:45)

Reageren

19 februari: 30 seconden.

Een zaterdagavond met de oude vriendenclub: geen verjaardag deze keer, maar de jaarlijkse spelletjesavond.
Nou hebben wij in ons leven toch al heel wat spelletjes gedaan, maar gisteravond hadden onze vrienden een voor ons geheel nieuw spel op tafel liggen.
“Thirty seconds’  gingen we doen.

Mannen tegen de vrouwen; dat staat garant voor een verbeten tweestrijd op het scherpst van de snede.
Na een korte uitleg (5 begrippen op één kaartje, aan je medespelers zoveel mogelijk begrippen uitleggen zodat zij het goede woord roepen) begonnen de mannen. Er was een zandlopertje bij: 30 seconden had je de tijd als je aan de beurt was.

Het begon nog redelijk rustig, maar het ontaarde al snel in een enorm geroep en gesteggel. Zoals altijd eigenlijk, maakt niet uit wat we voor spel we doen.
Gerard dacht slim te zijn en omschreef: “Het spelletje dat Ada en ik op zondagavond altijd doen”. Hij bedoelde Kolonisten van Katan. Maar de andere mannen hadden geen idee welke spelletjes wij op zondagavond altijd doen (ha ha)  en wilden zich daar ook geen voorstelling van maken.
Ander begrip: “Sprookje met dwergen!” Prompt riep iemand: “Hans en Grietje!” De rest van de mannen kon vervolgens van het lachen niets meer uitbrengen. Scheelde weer punten voor de dames…..

Al vanaf de eerste beurt was iedereen bloedfanatiek. Het zandlopertje werd met haviksogen in de gaten gehouden en na precies 30 seconden schreeuwde de tegenpartij STOP of HO MAAR! Het antwoord dat soms door het geschreeuw heen nog gegeven werd, werd onverbiddelijk afgekeurd. “Buut’n de tied!”

De toestand in de wereld was eerder op de avond bij de koffie (met heerlijke appeltaart)  al besproken.
Toen één van de mannen bij zijn beurt zei: “Het is een zeikwijf” riepen de andere drie als uit één mond: ” Patricia Paay!” Was goed.
Eén van de dames maakte het wel heel bont.
“Zoiets als Groningen en dan er om heen.”
Wij roepen: Ommelanden. Provincie. Aardbevingsgebied. Was allemaal fout.
Ze bedoelde ‘de randstad’…….
De dames waren ook niet zo goed in voetbalvragen.
“Hij voetbalt en is de zoon van Jan”. Bedoeld werd Youri Mulder, maar één van ons riep: “Jan Jaap…?” (zoon van vriendenstel Jan & Sinet).

De mannen wonnen de eerste ronde, de tweede ronde de dames.
Dat kwam met name omdat de mannen allemaal aan bier of wijn zaten, dus de concentratie werd later op de avond wat minder. Dat ontlokte één van de heren de opmerking: “Hè jonges, waor he’j joen verstaand toch!” Bij voornoemde dranken is het ook helemaal niet meer gek als de halve groep na een vraag over Winny de Poeh spontaan het liedje van Beertje Colargol inzet: “Beertje dat kan zingen…!”

De avond vloog voorbij. Iedereen had iets lekkers meegenomen, we genoten van het spel en van het gedoe en we hadden een heerlijke avond.
Rond middernacht vertrokken wij weer richting de Randstad…
O, wat zal ze dat nog vaak moeten horen!

Reageren

18 februari: Victoria

In deze weken is het Britse kostuumdrama ‘Victoria’ te bewonderen op NPO 2.
Daar doe ik Gerard geen plezier mee, dus die neem ik op en kijk ik op avonden dat Gerard er niet is. Veel van die avonden had ik nog niet gehad, er stonden nog 5 onbekeken afleveringen op de band en toen werd ik ziek. Elluk nadeel hep se foordeel.

Met een kopje thee en een kruik wijdde ik mij aan Victoria. Het heeft wel wat van Downton Abbey, maar het speelt eerder en dit is gebaseerd op een waargebeurd verhaal.
Heel losjes gebaseerd, als ik de Britse kritieken mag geloven. (Voor wie het Engels machtig is: ik vond een artikel met de titel “6 things a historian has claimed are inaccurate about ITV’s new drama Victoria”. zie >>>).

Ik liet me meenemen naar het Engeland van  omstreeks 1840. Voordat ik ging kijken had ik me al verdiept in de geschiedenis van Victoria en had ik ook al gelezen wat de Britse pers er van vond.
Het is een prachtige serie, vind ik; maar ik hou ook heel erg van dit genre.
De mooie jurken, de hoeden, sieraden, tiara’s , de beelden van Windsor Castle en Buckingham Palace: als fan van ‘de franje van Oranje’ haal ik m’n hart er aan op.

Als  je vaak naar Engelse series kijkt kom je af en toe acteurs tegen die in een andere serie een heel ander karakter spelen. Woensdagavond bijvoorbeeld keek ik naar de detective Endeavour; in een warenhuis werkte een soort Mr. Humphreys (nichterige homo uit Are you being served) die voortreffelijk werd neergezet door de acteur die in Victoria de eerste bediende Penge speelt.

Dat het historisch niet helemaal (of helemaal niet…?) verantwoord is leg ik naast me neer.
Het is prachtig, bombastisch spektakel waar de Engelsen ontzettend goed in zijn, ik geniet er van.
Weten hoe het wel precies zat met Victoria en Albert? zie >>>

Reageren

17 februari: De wekelijkse boodschappen.

Na vijf dagen ziek thuis zitten had ik het al weer helemaal gehad. Niet beter, maar ook niet meer ziek.
Alle opgenomen Victoria afleveringen gezien. Er stond nog een romcom van begin december op de band: “Pak van mijn hart”.  Dat was een triest dieptepunt in onze Nederlandse filmgeschiedenis. Genoeg voor de televisie gezeten.

Licht huishoudelijk werk lukte alweer. De kamille was op en nog wat andere belangrijke levensmiddelen, dus er moesten boodschappen worden gedaan. Op de fiets of lopend zoals anders kon nog niet, dus met de auto naar de Jumbo.

Druiven. Appels. Bananen. Multivitaminedrank. Zakdoekjes. Verse broccoli. Allemaal goed voor zieke mensen. Verder kocht ik iets dat niet op mijn lijstje stond maar wel heel goed voor dit zieke mens: koninklijke lectuur.

Op de terugweg met de boodschappen sloeg ik gelijk al weer de eerste weg rechts af met het schaamrood op de kaken. Voelt niet goed…… zo dichtbij en dan op vier wielen. Overmacht zullen we maar zeggen.
Eenmaal thuis was ik blij dat ik met de auto was gegaan, want het viel me nog niet mee.
Lekker terug op de bank.
TV uit. Kopje thee.
Hoe zou het met Maxima en Amalia zijn….?

Reageren

16 februari: Keze snieden.

Wij lust graag een stukkie keze.
Op brood, bij de borrel, over de ovenschotels: lekker,
Dat is het ienigste waor ik ok nooit op heb bezunigd, wij hebt iedere week een vers stuk keze in de koelkast liggen.
Vrogger bij oons thuus hadden wij van die kleine ronde keezies, maor ik haar zölf liever zun plat stuk, zoas Kollumer; tegenwoordig Milner.

Die keze snieden is een verhaal apart. Een kaasschaaf of een schillemessie kan daorveur gebruukt worden, maor wat as d’r ok gebruukt wordt: het giet d’r um hoe aj de keze sniedt.
Mien moe snee de keze altied zo, dat het op een bootie leek. De kanten/körsten bleem umhoog staon en het binnenste, zachte gedielte weur dan uutholt.
Mien va argerde zich daor, as hij in ’t weekend thuus was, gruun en geel an.
“Wat he’st weer een bootie van die keze maakt. Most de kanten d’r geliek bij metnemen!” mosterde hij dan an taofel.

Zo as zo vaak: de geschiedenis herhaalt zich. As Gerard en ik met ’n beiden thuus bent wordt de buuten- en binnenkaante van de keze geliekmaotig wegsneden, maor zo gauw as de kinder met an de broodtaofel zit is ’t mis. Hoppa, geliek wordt de keze weer uutholt deur de dames. Ik kan het niet laoten um d’r dan wat van te zeggen. Schoonzeun Wim kan zich niet veurstellen dat wij over zoiets onbenulligs as het snieden van de keze zo ofgemieterd kunt zeuren. “Weet je wat” zee e tiedens de leste gezamenlijke brunch “dan stel je toch gewoon een kaascoach aan!’

Ik hol d’r over op.
As ze vot bint snie ik de kaanten weer recht.
Vrömde ogen dwingt……

Reageren

14 februari: Morgen ben ik er weer….

“Morgen ben ik er weer” schreef ik zondag ik het mini-blogje.
Mooi niet.
Het is lang geleden dat de griep mij zo te pakken had; deze keer houdt het lang aan.
Zo ziek dat ik amper op kan zijn. Kopje thee en beschuitje eten, even stomen met kamille en dan bekaf weer op de bank. Moe.

Het blog schrijf ik in horizontale toestand op mijn tablet.
Geen zin in borduren.
Geen zin in haken.
Lezen, daar zou ik nu lekker tijd voor hebben, maar het hoofd is zwaar en denkt: “Je bent ziek mens. Ga slapen.”
Gerard is er maar druk mee. Hij doet tussen z’n werk door de boodschappen. Hij nam (heel lief) druiven mee……

Waar mijn dagen anders altijd vol zitten met de dagelijkse dingen, de afgelopen dagen kom ik tot niks. Ja, afleveringen van ‘Victoria’ bekijken die ik de afgelopen zaterdagen heb opgenomen. En verder uitrusten. Slapen.
Vreemd hoor; beetje naar de vogeltjes in de tuin kijken. Achter de ramen genieten van het prachtige weer. Anders had ik allang gedacht: “Lekker even naar buiten!” Wandelen of fietsen. Kan nu niet. Ziek zijn is zonde van de tijd. Bezit uw ziel in lijdzaamheid.

Dat kon mijn vader altijd zo komisch zeggen….. waar komt dat eigenlijk vandaan?
Even opgezocht.
Spreekwoorden: (1914) Zijne ziel in lijdzaamheid bezitten,
d.i. gelaten iets dulden; niet toornig worden; ontleend aan Luc. XXI, vs. 19: Besittet uwe zielen in uwe lijdtsaemheyt. Vgl. mnl.: In uwer verduldicheit of gedoochsamheden soo selt ghi uwe sielen besitten (Ruusbr.); Groot-Nederland, 1914, bl. 393:

Ja. Zo voelt het ongeveer.

Reageren

Pagina 255 van 309

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén