een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Koken & bakken Pagina 2 van 16

2 januari: 3e Kerstdag-quiche

Zoals al beloofd in het blog van 27 december: vandaag het recept voor de 3e Kerstdag-quiche.

1. Restjes vlees

Met alle restjes van Oudejaarsavond en Nieuwjaarsdag maak je er trouwens ook zo een Eindejaars-quiche van.

Wat heb je nodig:

  • een springvorm
  • 7 plakjes bladerdeeg voor hartige taart.
  • restjes vlees
  • restjes kaas
  • restjes groente
  • een pakje kookroom
  • 3 eieren
  • kruiden (paprikapoeder, kerrie, peper en zout)
  • geraspte kaas

2. kaas – pesto

Wat moet je doen?
– Oven voorverwarmen op 200 graden.
– Springvorm bekleden met de plakjes bladerdeeg.
– Vlees in kleine stukjes snijden en een  beetje aanbakken, wij hadden kleine speklapjes en schnitzeltjes over en ontbijtspek en salami.
heb je nog kruidenboter over, dan kun je het ook daarin bakken.
Vlees verdelen over de taartbodem.

3. groente & aardappel

– Nu doe je een laagje kaas. In ons geval: mozzerella; ik deed er ook nog een likje groene pesto op.
– groente in kleine stukjes snijden en ook een beetje aanbakken, bij ons waren dat champignons, paprika en uien.
Dit is de volgende laag van je quiche.

4. Na de geraspte kaas randjes omvouwen

– kookroom met de 3 eieren loskloppen en kruiden toevoegen, 1 minuut op hoge snelheid mixen.

– dit mengsel over de het groentelaagje schenken en vervolgens de geraspte kaas er over strooien.
De quiche gaat vervolgens 30 minuten in de oven.

5. Klaar!

 

 

 

 

 

Reageren

1 januari: TBONTB 12 – Koken & Bakken

Als je in het menu in de rubriek ‘Alledag’ op het submenu ‘Koken & Bakken’ klikt, kom je op de introductiepagina van dit onderwerp.
Daarop vind je (naast een kleine introductie) links naar drie blog over dingen wij graag eten: een ovenschotel met vis, bonensoep à la Oma Vrieswijk en ‘Pizza Quatro Stapeloni’, een speciale Waninge-variant van een zelfgemaakte pizza.

Eten koken doe ik bijna elke dag.
Als kind in de jaren ’60 at ik bijna iedere doordeweekse dag aardappels, vlees en groente, op zaterdag pannenkoeken, macaroni of nasi en zondag soep met opgebakken aardappels en pudding toe. De macaroni uit die tijd had eigenlijk niks te maken met de Italiaanse versie die we tegenwoordig eten: wij bakten een paar uien, sneden de inhoud van een blikje Smac in stukjes,  bakten dat met de uien mee en voegden er een papje bij van opgeloste kruiden van Silvo.
Beetje kerrie en maggi erbij: heerlijk!
Nog ieder jaar eten we dat minstens één keer in de vakantie, gewoon omdat het lekker en gemakkelijk is.
Ook de nasi en bami was niet echt chinees. We haalden dan bij de slager ‘kontjes’ vleeswaren, die overbleven na het snijden van plakjes ham of snijworst of zo. Die restjes sneden we in blokjes en die kwamen door de rijst met een zakje kruiden van Conimex.
Je wist niet beter; we vonden het lekker.

Toen we trouwden vond ik het onderdeel ‘eten koken’ nog best spannend, want ik was beslist geen handigerd op dat gebied.
Op ons trouwfeest kregen we een kookboek en dat ben ik maar gewoon gaan gebruiken.
Voor advies belde ik regelmatig met mijn moeder; de eerste keer dat we rode bieten aten bijvoorbeeld smaakte het heel anders dan thuis. “Je moet even een siepeltje bakken en dat er door doen en je moet het binden met een beetje azijn en maizena”.
Verder waren de eetgewoontes bij Gerard en bij mij thuis wat verschillend.
Bovengenoemde rode bieten aten ze bij Gerard altijd koud in plaats van warm. Verder aten ze sla met suiker en azijn, bij ons met slasaus, augurkjes en zilveruitjes.
We hebben onze weg daar prima in gevonden.
In de loop van de jaren heb ik behoorlijk bijgeleerd voor wat betreft het verzorgen van de dagelijkse maaltijd. Wat daarbij helpt is dat ik zelf erg van lekker eten houd.

Op ‘de Waarde van de dag’ schrijf ik in de rubriek ‘Koken’ over alles wat met het bereiden van eten te maken heeft. Warm eten, lunchgerechten, koek, taart, soep en lekkere tussendoortjes.
En waar ik bij heel veel onderwerpen verwijs naar mijn vader, deze keer noem ik met name mijn moeder: zij kon heerlijk koken!
Sommige recepten zijn dus van haar (en zelfs soms nog van mijn oma Boelen), maar in mijn huwelijk leerde ik ook heel veel van mijn schoonmoeder.

Soms blog ik over iets lekkers dat ik vond in een Jumbo-folder, een kook-idee dat ik kreeg van één van de dochters of een recept dat ik van iemand anders heb gekregen.
Soms vegetarisch, soms juist wel met vlees of vis, zonder pakjes & zakjes, maar altijd: LEKKER!

Meer lezen over het boek 1960 -2020?
Hierbij een link naar de verzamelpagina van deze blogreeks ‘Te boek ….. of niet te boek’. 

 

Reageren

28 november: Drentse kruudkoekkonties.

Gerard brak zöch de tonge d’r gusteraomnd haost over.
“Dus dan hebt wij vanaomnd Drentse kruudkoekkonties bij de kovvie!”
Toen hij thuuskwam uut ’t wark stun d’r een cakeblik met een kruudkoek in oven.
Wij kriegt volk dit weekend en Gerard nemp wat met naor de kinder waor hij een klussie möt doen: zu’n koeke is zo op.

In het recept dat ik gebruuk stiet da’j het cakeblik moet bekleden met bakpapier.
Dan verfrommelt dat papier wat in de hoekies van het blik,  waordeur de uuteinden barre ongeliek wordt.
En die hadden wij dus bij kovvie. Drentse kruudkoekkonties.

Zo maak ik de kruudkoek.
Dit moe’j gebruuken: 
– cakeblik van 25 cm.
– bakpapier
– mixer
– kom
Dit he’j neudig:
– 300 gram bloem
– 260 gram donkerbruune basterdsuuker
– zakkie bakpoeder
– 3 eetlepel speculaas/koekkruden
– klein beetie zolt (kwart theelepeltie)
– 300 ml karnemelk
– 2 eetlepels hunnig
– veur wie dit lekker vindt: ie kunt d’r ok nog rozienen of neuten deur doen.
Dit moe’j doen: 
– oven op 16o graoden
– bakblik met bakpapier bekleden
– alle dreuge ingrediënten in de kom doen en deur mekaar reuren.
– karnemelk en hunnig d’r bij doen: alles met mekaar mixen tot een plakkerig beslag.
– kruudkoek in 65-85 minuten gaar laoten worden: daorna eem een paar minuten in de vorm laoten ofkoelen en dan op een rooster zetten.

Misschien vraog ie joe of wat dr nou Drents is an dizze kruudkoek?
Het recept is schreem in het Drents, de maker van de kruudkoek komp uut Drenthe en de koek wordt opeten in Roden.
As iene uut Almelo  hum maakt is ’t een Twentse kruudkoek; het recept möt dan wal eem vertaold worden.
De Grunningse variant ku’j nou zölf wal bedenken.

Reageren

23 november: ‘Groningen’ zag het probleem niet.

Zondagmiddag zouden we de pizzarette op tafel zetten: ‘Almelo’ (dochter en schoonzoon) zou op bezoek komen.
Vrijdagmorgen kregen we een app.
“Ik ben ziek, moet me laten testen.”
Gelukkig was de test negatief, maar ze was zo ziek dat pizza’s eten niet boven aan haar verlanglijstje stond, dus dat gingen we uitstellen.
Zo ontstond het probleem dat mijn koelkast vol lag met ingrediënten voor ‘pizza’s eten met vier personen’.

‘Groningen’ zag het probleem niet.
Schoonzoon was zondag beschäftigd; de bijbehorende dochter wilde wel langskomen en helpen opeten.
We besloten om dat niet met de pizzarette te doen, maar gewoon in de oven.
Pizzadeeg maakte ik altijd met een pak witbroodmix van Koopmans, maar sinds het verrukkelijke breekbrood weet ik dat je zelf met bloem en gist een heerlijk brooddeeg kan maken, dus ik zocht op internet wat ik nodig had voor pizza-deeg. Onderaan dit blog vind je hoe ik heb gedaan.
Ik rolde twee reuzenpizza’s uit op bakpapier.
Eentje kwam op de bakplaat, de ander op het rooster en ze gingen samen in de oven.
Grote yum.

Maar met z’n drieëen eet je niet weg wat je voor vier personen ruim hebt ingekocht, dus morgen eten we lasagne met laagjes ‘alles wat over was’.
Lekkere laagjes. Met champignon, ui, paprika, serranoham, salami, gorgonzola, mozzerella met pesto en geraspte oude kaas. Met Italiaanse kruiden.

Even heel wat anders: hoor je net als ik bij de wat oudere bevolkingsgroep?
Stem dan deze week af op de Evergreen Top 1000 op Radio 5.
Net zoiets als de Top 2000, maar meer afgestemd op de mensen die zijn geboren voor 1970.
Mud al voorbij horen komen vanmorgen.
En Conny Vandenbos.
Daarover morgen meer.

Zoals beloofd hierbij nog het recept voor het zelfgemaakte pizzadeeg:
– 500 gram bloem
– 7 gram gist
– 10 gram zout
– 300 ml warm water
– 2 el olijfolie.
Alles door elkaar husselen en 8 tot 10 minuten kneden (kan met je handen, maar ook met de mixer met deeghaken).
15 minuten laten rijzen, daarna je handen inwrijven met bloem en het deeg verdelen in bolletjes.
In ons geval twee grote bollen, maar je kunt er ook meer bolletjes van maken voor meedere pizza’s.
Bollen op bakpapier leggen en afgedekt nog een uur laten rijzen; daarna uitrollen en beleggen met wat jij lekker vindt op een pizza.

Naschrift.
Vanmorgen de keuken gesopt zoals iedere maandag.
Tomatenpureespetters op de tegeltjes, bloem op het handvat van de oven en kruimels geraspte kaas op de tegelvloer. 
Een pizza van de supermarkt geeft beslist minder zooi in je keuken……. maar is ook beslist minder lekker. 

Reageren

29 oktober: Knapperige stokjes?

Toen onze dochters jaren geleden begonnen met vegetarisch eten was dat nog niet heel erg ingeburgerd in Nederland.
Het gaat heel langzaam, maar de vegetarische alternatieven krijgen steeds meer ruimte in de schappen van de supermarkt.
In de loop van de jaren zijn wij  in dit kader opgeschoven naar flexitariër: geen vegetariër die af en toe vlees eet, maar een vleeseter die af toe geen vlees eet.
We proberen soms iets nieuws uit de vega-schappen; gisteren nam ik een pakje ‘Crispy Sticks’ mee.
Aardappels, spitskooltje, gebakken uitje, restje jus, daar moesten de knapperige stokjes bij.

Dan hoop je maar dat het lekker is.
En het was lekker! Beetje pittig, want er zat een beetje chili in.
“Maar wat vervangt dit nou dan?” vroeg Gerard. “Vissticks of zo? Of kipfingers?”
Dat wist ik eigenlijk ook niet.
Het smaakt niet naar vlees en niet naar vis, het smaakt anders.
‘Vleesch noch visch’ dus.

Dat is een oud Nederlands spreekwoord; het wordt gezegd van iets of iemand die men niet tot een bepaalde groep of soort kan brengen.
Van iets halfslachtigs, tot geen partij behoren. Het kan ook betekenen: dubbelhartig zijn of een nietig mens zijn.
Die uitdrukking krijgt er door de vega-groei een geheel nieuwe dimensie bij: in Amsterdam is er zelfs een restaurant/foodtruck met de naam ‘Vleesch Noch Visch’, waar men alleen maar vegetarisch eten verkoopt.
Vleesch noch visch betekent dus inmiddels ook: een vleesvervanger.
Wat voor vlees het dan vervangt weten we dus bij de Crispy Sticks niet, maar dat zal ons ook een worst wezen……

Reageren

9 oktober: Mag ik het recept?

Vorige week kregen we bezoek van vrienden Hans en Bea uit Peize; “ik neem wat lekkers mee bij de koffie” had ze beloofd en zo kwam het dat wij zaterdagavond aan de chocoladetaart zaten.
Nou ben ik door ‘de grote suikerschrik‘ wel wat voorzichtiger geworden met het bakken van lekkere dingen met veel boter en suiker, maar deze was wel heel lekker, dus ik vroeg: “Mag ik het recept?” Het kwam per kerende post.

Dit heb je nodig:
– 1 eetlepel paneermeel
– 125 gr pecannoten
– 150 gr boter
– 150 gr chocolade/70% cacao
– 3 eieren
– 150 gr donkere basterdsuiker
– 2 eetlepels bloem
– Poedersuiker
– Bakvorm 24 cm/ingevet

Oven voorverwarmen 15 minuten, 25 minuten baktijd, oven op 200 graden.

Dit moet je doen:
– Paneermeel op de ingevette bodem strooien.
– Hak 75 gr van de noten fijn
– Smelt de boter in een pan op laag vuur
– Roer de chocolade erdoor en laat het al roerend smelten.
– Neem de pan van het vuur zodra de chocola gesmolten is
– Laat iets afkoelen
– Klop eerst de eieren en dan de basterdsuiker met een mespuntje zout door de chocola
– De fijngehakte noten erdoor scheppen en ook de gezeefde  bloem
– Schep het beslag in de vorm en garneer het met de overgebleven noten
– Bak de taart in het midden van de oven

Je kunt het met poedersuiker bestrooien/slagroom erbij en smullen maar!

Reageren

2 oktober: Poffert.

“Komen jullie een keer bij mij eten?” vroeg Alie, (die we kennen uit de kerkelijke gemeente) een paar weken geleden.
Wat een goed idee.
“Dan ga ik poffert voor jullie maken.”
Poffert? Daar had ik wel eens van gehoord, maar nog nooit gegeten.
Zou ik dat wel lusten?
Van te voren zocht ik het op internet. Dit vond ik:

Poffert (niet te verwarren met poffertjes) is een Gronings gerecht. Het is een broodachtig boerengerecht en werd vooral gegeten als hoofdgerecht en soms als toetje, meestal in de winter omdat het een nogal zwaar gerecht is. De poffert wordt au bain-marie in een speciale pofferttrommel gekookt. Poffert wordt traditioneel gegeten met gesmolten boter  en stroop suiker.

Woensdagavond zaten we aan een feestelijk gedekte tafel in Alie’s keuken.
De poffert zat nog in zijn trommel, en wij waren getuige van ‘het storten’ op een bord.
Het leek op een hoge tulband; we kregen allemaal twee plakjes op ons bord en we deden er gesmolten boter en stroop bij.
Het was heerlijk. Alie vertelde ons ondertussen van alles over de poffert: hoe dat vroeger bij haar thuis ging, dat je een speciale pan moest hebben, dat het best krek komt met het koken/bakken qua hoeveelheden en dat haar man Dirk er altijd rookvlees bij wilde. Hadden wij er ook bij.

Gisteravond kwam Gerard thuis van een avond bij de kerk, hij had een envelop gekregen van Alie met het recept.
Benodigdheden:
– pofferttrom
– grote pan (waar het water in kan)
– 250 gram bloem
– 250 gram zelfrijzend bakmeel
– 3 eieren (mag ook meer)
– 0.5 liter melk
– boter, stroop en/of suiker
– rozijnen
– 1 beschuit

Wat moet je doen?
– Zet water op in de grote pan.
– Vet de pofferttrom in, verkruimel de beschuit en bestrooi de binnenkant van de trom met beschuitkruim.
– Mix de bloem, het bakmeel, de eieren en de melk tot een stevig beslag en voeg de rozijnen toe.
– Stort het beslag in de trom en zet de trom in het kokende water. Zorg dat de trom voor 80% onder water staat.
– Laat de poffert ongeveer 2 uur koken.
Ben je met z’n tweeën, dan kun je de hoeveelheid ingrediënten halveren, dan is drie kwartier tot een uur koken genoeg.

Serveer met stroop, bruine suiker en gesmolten boter: om in te stippen of gewoon ernaast.
Op de foto zie je hoe dat er uitziet.
Eet smakelijk!

Reageren

7 september: Groentetaart met tonijn, tomaat & courgette

Het is echt courgette tijd!
Kreeg Gerard twee weken geleden nog een courgette van zijn collega, vorig weekend kregen we er twee van onze vrienden in Peize.
Van de ene maakte ik soep voor zondag, de andere ging in een groentetaart.
Daarvoor kreeg ik het recept van Bea er bij:

Dit heb je nodig:
– 2 of 3 blikjes tonijn 
– 2 uien
– 4 tomaten
– 1 courgette
– 6-8 plakjes bladerdeeg
– 2 teentjes knoflook
– 2 el Italiaanse kruiden
(eventueel geraspte Parmezaanse kaas)
– ovenbakplaat en bakpapier.

Dit moet je doen:
– Oven voorverwarmen op 220 graden, bladerdeeg ontdooien, bakplaat met bakpapier bekleden en daarop de plakjes bladerdeeg verdelen. Laat de tonijn uitlekken en vang de olijfolie op.
– Snipper de uien en snijd (of pers) de knoflook fijn; fruit vervolgens de uien in de helft van de uitgelekte olie van de tonijn.
– Na tien minuten de tonijn, de helft van de knoflook en helft van de kruiden bij de uien in roeren en 2 minuten  al omscheppend bakken. Dan dit mengsel verdelen over het bladerdeeg.
– Courgette en tomaat in plakjes snijden en  in lange rijen verdelen over de bakvorm  (in mijn geval 4 rijen courgette en 3 rijen tomaat). De bovenkant bestrijken met de rest van de uitgelekte tonijnolie en de rest van de knoflook en de Italiaanse kruiden erover verdelen.
(Ik strooide de eventuele Parmezaanse kaas er ook nog overheen, maar dat staat niet in het recept. Vonden wij wel lekker.)

Bak de taart onder in de oven 30 minuten goudbruin en gaar.
Op de afbeelding zie je de helft van de taart.
Eet smakelijk!

Reageren

22 augustus: Collega-courgette.

De courgette  uit de titel is niet een courgette die mijn collega is geworden, maar een courgette die Gerard heeft gekregen van een collega. Die had er heel veel.  Deed ik ook wel eens met rabarber of rode bieten: gewoon bij het koffiezetapparaat in het Heijmanscentrum:  neerleggen met een briefje ‘Neem mee,  gratis uit eigen tuin’.

Wat maken we er van?  Soep? Ovenschotel met rijst?  Gisteren koos ik voor tagliatelle met courgette, zalm en roomkaas.

Dit heb je nodig voor twee personen:
– 150-200 gram diepvrieszalm
– 1 dikke ui
– 1 middelgrote courgette
– 100 – 125 gram tagliatelle
– 1 kuipje roomkaas (boursin of menuet ofzo
–  peterselie en basilicum

Dit moet je doen:
– De zalm kruiden met viskruiden of zout en peper (mag best een beetje pittig, want de andere ingrediënten zijn een beetje flauw) en 10 minuten bakken.
– Tagliatelle koken zoals aangegeven op de verpakking
– Ui snipperen en fruiten
– courgette schillen,  pitten er uit snijden en in kleine blokjes snijden en toevoegen aan de ui.
– Roomkaas vermengen met de ui en de courgette en peterselie  en basilicum toevoegen.
– Nu de gebakken zalm in stukjes snijden en er ook aan toevoegen.
– Tagliatelle afgieten en vermengen met het courgette/ui/zalm-mengsel.

Eet smakelijk!

Reageren

28 juli: Pizza-breekbrood

In coronatijd her-ontdekte ik het bakken van cake, taart en koek.
Lekker.
Maar niet zo gezond.
Dus nu probeer ik af en toe iets te bakken zonder grote hoeveelheden suiker en boter.

1. Lap beleggen met pizzaspul

Bladerend in mijn receptenmap, eigenlijk op zoek naar een recept voor mini-quiches, vond ik het ooit bewaarde recept voor een pizza-breekbrood. Afgelopen zaterdag ging ik het uitproberen.

2. Rol verdelen in 16 stukjes.

Dit heb je nodig voor het brooddeeg:
– 500 gram bloem
– 300 ml handwarm water
– 20 gram boter of olie
– 2 theelepels suiker
– 8 gram gedroogde gist
– 10 gram zout
Alle ingrediënten door elkaar mixen en 10 minuten blijven kneden/mixen met deeghaken.
Dan het deeg 1 uur op een tochtvrije plek wegzetten om te rijzen.
Bekleed een  bakblik met bakpapier.

3. Rondjes naast elkaar in het bakblik.

Aanrecht met bloem bestuiven en dan van het deeg een vierkante lap maken met behulp van een deegroller.
Deze lap kun je beleggen met pizza-spul. Dit deed ik er op:
– dun laagje ketchup
– plakjes oude kaas
– plakjes ham
– gebakken uien
– Italiaanse kruiden
Maar je kunt er natuurlijk van alles anders op doen, bijvoorbeeld salami of fijngesneden gedroogde tomaatjes, ik noem maar wat.

4. Na 45 minuten rijzen ziet het er zo uit.

Dan rol je deeglap voorzichtig op.
De rol verdeel je vervolgens in 16 stukjes (rondjes), die je naast elkaar in het bakblik legt.
Dan het blik met de rondjes weer 45 minuten  op een tochtvrije plek wegzetten om te rijzen.

5. Repen snijden en serveren. Lekker bij soep!

Oven voorverwarmen op 220 graden, daarna het breekbrood in 25 minuten gaar bakken.

Van vrienden kregen we een courgette, daar maakte ik die avond courgettesoep van.

Samen met het pizza-breekbrood een heerlijke maaltijd!

Reageren

Pagina 2 van 16

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema gemaakt door Anders Norén