een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 296 van 302

17 maart: Cro Magnon

Cro magnon

Frea introduceerde jaren geleden in ons gezin het spel ‘Cro Magnon’: een partyspel voor holbewoners. De bedoeling van het spel is dat je communiceert met de andere spelers.
Maar dat communiceren mag alleen zoals de eerste Homo Sapiëns (de zogenaamde Cro Magnon mens) dat deed zo’n 40.000 jaar geleden. Echt iets voor mij als liefhebber van geschiedenis dus. Misschien leuk om iets meer te weten over die eerste mensensoort, hierbij een link met meer informatie >>>.

Het spel bestaat uit vier fases. In het eerste gedeelte mag je alleen maar gebaren maken, in de tweede fase moet je iets boetseren uit een klomp klei, in het derde deel mag je alleen gebruik maken van een bepaald aantal vastgestelde woorden en in het laatste deel mag je tekenen met houtskool.
Het is een hilarisch spel. Er wordt tegenwoordig heel wat af-gecommuniceerd via allerlei schermen, maar met dit spel weet je even weer waar we als mens vandaan komen op het gebied van communicatie….
Afgelopen zaterdag waren twee van de drie meiden thuis en één ‘aanhanger’. Het verdrietige nieuws werd besproken, maar daarna vonden we het tijd voor een borrel en een spel. Klaverjassen was geen optie, want we waren met z’n vijven.
Cro Magnon werd het dus en dat was een goede keuze. Want even goed lachen met zo’n idioot spel is goed voor de geest. Iemand deed een kip na, maar als je er geen geluiden bij mag maken kan het ook door gaan voor heeeel veel andere dieren.
“Hoe maak je nou biceps van klei!” Het zag er uit als een slak met een huisje op z’n rug…..
We besloten onze spelavond met een paar rondes poker. Daar kan ik nou zo van genieten. Sommigen van ons denken namelijk dat ze een pokerface hebben.

Reageren

16 maart: Inspiratiebron

“Wij zijn een inspiratiebron voor haar blog.”
Deze woorden sprak de secretaresse van onze cantorij gisteravond om vijf voor zeven toen we aan de koffie zaten na het inzingen. We werkten gisteravond mee aan een vesperviering die begon om 19.00 uur.
Inderdaad, een inspiratiebron. Letterlijk en figuurlijk.

Ik complimenteerde een sopraan met haar rokje en vertelde dat ik dat zelf nooit zo goed durfde. Onze voorzitter, een heer van 75, zei dat hij dat heel goed begreep, want hij had ook nooit een rokje aan. We fantaseerden nog wat over kilts en doedelzakken en toen begon de vesper.

Het valt natuurlijk niet mee om te zingen na zo’n lastige emotionele week. Maar Gerard en ik hebben gekozen om ons niet verstoppen en alle draden gelijk maar weer op te pakken. De cantorij is dan naast een inspiratiebron ook een warm bad. Voor het inzingen kreeg ik al bemoedigende knipogen en hoofdknikjes. En na de vesper kreeg ik knuffels en zoenen. Armen om me heen.
Het meeleven van de groep helpt enorm bij het oppakken van de draden, maar ik knap ook geweldig op van het gezeur over rokjes en doedelzakken.

De cantorij is veel meer dan een koor. Het is een kerkelijke gemeenschap in het klein. Want Gerard kreeg gisteravond voor en na de dienst ook diezelfde warme deken om zich heen van de aanwezige gemeenteleden en er waren bloemen en een klein kadootje. Ik schreef het al op 30 november >>>: daarom gaan we naar de kerk.

Reageren

14 maart: Moeilijke week

kankerGisteren niets op m’n blog gezet. Dat overkomt me niet vaak. Het had ook een reden: geen puf en niet in stemming. Over het algemeen zet ik gezellige dingen op mijn blog. Iedere dag is er wel iets waar ik over kan schrijven en voor inspiratieloze  of drukke dagen heb ik een aantal teksten op voorraad. Maar gisteren was het even op.

We hadden een lastige, spannende week. Gerard zit sinds kort in een onderzoekstraject voor kanker en donderdag kregen we daarvan de uitslag. Het viel tegen: prostaatkanker én de ziekte van Kahler. Maar er is uitzicht op genezing van de prostaatkanker en het zoveel mogelijk terugdringen/onderdrukken van Kahler. Alleen moeten we daarvoor wel een lange behandelperiode door waar we waarschijnlijk wel een jaar voor moeten uittrekken. Ons leven heeft de afgelopen week behoorlijk op de kop gestaan. We zaten in een emotionele achtbaan en dat kostte veel energie. Nu we weten waar we aan toe zijn maken we ons op voor de strijd.

Het vreet zoveel energie dat ik zelfs niet bezig ben met de veertig dagen tijd. Het hoofd zit te vol met andere dingen. Het is wel leuk om de app te volgen, ik ben ook eigenlijk wel steeds benieuwd wat er elke dag opstaat, maar ik doe er niets mee. Ik leg me er maar bij neer, het is dit jaar anders dan anders. Wat ik hiervan leer is dat je kennelijk ruimte in je hoofd moet hebben om bewust bezig te gaan met de 40 dagen tijd. Als die ruimte er niet is moet je dat accepteren en je bezig houden met wat op dat moment belangrijk is. Gerard dus.

Op dit blog zal ik af en toe verslag doen van het verloop van Gerard’s ziekteproces. Net als nu met het 40-dagen plaatje zal ik onder het gewone blog een apart rubriekje maken dat ik af en toe bij nieuwe ontwikkelingen zal plaatsen.
Handwerken, lezen, koken, muziek, geschiedenis en bloemen zullen de hoofdonderwerpen blijven. En omdat het bijhouden van het blog me heel veel plezier en afleiding geeft zal ik dat, ondanks de lastige dagen die ongetwijfeld ook zullen komen, ook zoveel mogelijk blijven doen.

Reageren

11 maart: Op fietse

Vandaag ging ik weer voor het eerst op de fiets naar m’n werk in Groningen. Dat is 14 kilometer.
Vanmorgen: KOUD!
Maar goed te doen. Al was het wel met een extra trui en handschoenen aan en een sjaal en haarband om (voor de oortjes).

In wat voor jaargetijde ik ook door de Onlanden >>> fiets, (tussen Peize en Groningen), het is altijd prachtig. Vanmorgen was de zon al op en er liep weer van alles door de velden. Een verdwaalde haas. Een troep fazanten. Heel veel soorten ganzen. In een boom zat een dikke buizerd te staren en in een sloot stond een roerloze reiger te vissen. Halverwege de route is een kruising van fietspaden met een ANWB-fiets-routebord.

kraaien DomboOm en op dat bord wonen al sinds jaar en dag twee grote kraaien die zich gedragen als de koningin van het verbrandde bos. Toen ik vanmorgen aan kwam fietsen loerde er ééntje naar mij vanaf het ANWB-bord en de ander hield me in de gaten vanaf de parallelweg. Ze doen niks, ze kijken alleen maar. Het geeft mij altijd een ‘Big Brother is watching you’-gevoel. Mysterieuze beesten. Ze doen me denken aan die kraaien uit de Disneyfilm Dombo. “Als ‘k olifant zien zou die vloog….”

Bij Eelderwolde fiets ik de Onlanden uit en de stad in. Ik kies dan altijd voor een route langs het Hoornse meer, vanmorgen lag het rimpelloos te glimmen in de ochtendzon. Het laatste stukje van de fietstocht gaat dan door de stad. Op de heenweg is er dan vooral forenzenverkeer om me heen (auto’s, fietsen), maar op de terugweg is de stad tot leven gekomen en gebeurt er van alles. Aan het fietspad ligt een FC-Groningen café, waar soms voetbalfans zitten met hun bier en hun bitterballen. Soms luid zingend. Als het goed gaat met de FC hé? Even verderop staat een viskraam waar de stadjers bij goed weer de toestand in de wereld bespreken. En langs het Hoornse meer werd vanmiddag al weer gewandeld en gevist: gezellig.

De grootste verrassing in de stad waren de paarse bermen. De groenstroken tussen de weg en  het fietspad stonden tjokvol paarse krokussen!
Om 07.45 uur zette ik op kantoor m’n computer aan.
Back to business. Maar met de lente al in het hoofd…….

Reageren

6 maart: Blinder!

Om de twee maanden krijg ik een mail van Abel.
Hij vraagt mij om een enquête in te vullen.
Dat doe ik graag, want het is een enquête over het Drents. Gisteren heb ik de twaalfde enquête ingevuld. Abel (Darwinkel ) en Jan (Germs) van “het Huus van de Taol” >>> verzamelen op deze manier enorm veel informatie over de huidige stand van zaken met betrekking tot het Drents zoals dat nu nog gesproken wordt.

Je zou zeggen: alleen interessant voor Drenten. Wat schetst mijn verbazing: ik kreeg een mail van de voorzitter van onze cantorij. Hij stuurde mij de mail van Abel door. “Is dit misschien iets voor jou?” De man spreekt zelf Nederlands met een Rotterdams accent, dus ik vroeg mij in arren moede af : hoe komt die mail bij hem terecht? Het antwoord kreeg ik gisteravond. Eén van zijn Drentse vrienden had de mail gekregen van de taolschulte van Borger/Oring en die vriend heeft aan zijn hele adressenbestand de mail van Abel doorgestuurd. Opdat maar zoveel mogelijk mensen de enquête zouden invullen.

Ik heb de boodschap begrepen. Als een westerling mij gaat wijzen op deze taalenquête dan ligt daar een opdracht voor mij: mijn lezers attenderen op deze enquête. Drenten onder mijn lezers: doe mij, Abel en Jan een lol en vul die enquête in. Hierbij de link >>> naar de vragenlijst.

Ik hoop dat Abel straks zijn mailbox opent en denkt: BLINDER! (Drents voor sodemieter) Wat veul!

Reageren

5 maart: Meester Scheepstra gevlogen…..

Gisteren hadden we een collega-dag. Normaal gesproken ga je een keer per jaar met de afdeling een dagje uit, maar wij horen niet bij een afdeling. Twee managers, twee management assistenten en een beleidsmedewerker. That s all. Onze collega-dag organiseren we zelf. Dit jaar was ik aan de beurt.

En ja, dan is het eigenlijk altijd iets met geschiedenis. De geschiedenis van Roden in dit geval. We maakten met de auto een ’tour historique’ langs het hunebed bij Steenbergen, het brinkdorpje Langelo en de dikke boom bij het Lieverse Diepje. We maakten een wandeling langs de Mensinge en vervolgens over de oude Brink met de eeuwenoude kerk, het beeldje van Ot en Sien en de Winsinghof.
Ook had ik het beeld van Meester Scheepstra in mijn wandeling opgenomen. Maar vanuit de verte meende ik al te zien dat meester Scheepstra er niet was. Er lag een vierkant blok beton met vier schroeven waar meester had gestaan. Met een plaquette met de namen van de sponsors. Ook niet best als je naam bij zo’n lege sokkel staat.

Meester Scheepstra

Maar meester Scheepstra hoort net zo bij de geschiedenis van Roden als de Mensinge en de kerk. Deze rôner Hindericus Scheepstra was onderwijzer, pedagoog en schrijver van kinderboeken voor het leesonderwijs. Hij bedacht onder andere de twee bekende buurkinderen Ot en Sien.

De oude dorpsschool op de Brink met zijn naam herbergt tegenwoordig het Scheepstrakabinet >>>, een kleinschalig museum dat o.a. het gedachtengoed van Hindericus levend houdt. Beslist de moeite waard om eens een bezoek te brengen. En het beeld: komt vast wel weer terug. Gelukkig hebben we de foto’s nog.

Natuurlijk hebben we niet alleen maar ‘geschiedenis’ gedaan gisteren. We hebben lekker geluncht (champignonsoep, stokbrood en hartige taart), we hebben een kunsttentoonstelling bezocht in de oude basisschool van mijn kinderen (‘de Haven”), die nu door Kunstencentrum K38>>> is omgetoverd tot een prachtige tenstoonstellingsruimte en we vertelden elkaar wat over onze eigen geschiedenis. Geschiedenis kan zo leuk zijn!

 

Reageren

3 maart: Krantje!

Dagblad van het Noorden

Sinds vorige week hebben wij weer iedere morgen een krantje op de deurmat.
Wat een luxe!
Het abonnement op het Dagblad van het Noorden was gesneuveld omdat we het financieel wat rustiger aan moesten doen. Natuurlijk vonden we dat jammer, maar we konden er wel zonder. We volgden het nieuws op Nu.nl en via radio en televisie. Van mijn attente zwemvriendin kregen we op maandag altijd de weekendkrant van zaterdag, die we de hele week op tafel hadden liggen en uitgebreid doorlazen. Soms snaaide ik de krant van de dag ervoor mee van het werk en af en toe kregen we een krantje bij een actie bij de Jumbo.
We waren zelfs blij met een Telegraaf……

Maar nu durven we weer een proefabonnement aan. Drie maanden. Wat heerlijk. Opstaan ’s morgens om zes uur wordt iets aangenamer omdat er een verse krant ligt te wachten.
Sudoku’tje bij de beschuit met thee. Grinniken om Jan Wieringa. Wie is er overleden? Ingezonden brieven met oeverloos gezwam. Je hebt een krant niet echt voor het laatste nieuws, want dat hoor je wel. Je hebt een krant voor de achtergronden. Voor de commentaren. Voor het specifieke nieuws uit de regio dat nooit in de landelijke pers staat. Voor Toos en Henk. Voor de stelling van de dag. En natuurlijk voor alle in’s & outs over de soap rond FC Groningen. Laat ons weer eens juichen…..!

Vanmiddag kwam ik uit het werk, zette een kop thee en ging lekker even zitten voor de rest van de krant. Er was een streektaal-limmerick-wedstrijd geweest. Vandaag werd de winnaar bekend gemaakt en stonden de beste 10 inzendingen op pagina 26.
Er was er eentje bij waar mij Drentse/Smildiger hart warm van werd. Hij was van Arend Oortman uit Haren. Ik denk dat ik hem wel ken. Van slager Oortman. Uut Hoogersmilde.
In die streek waar ik ben opgegroeid sprak men een vorm van Drents met een friese tongval. Als een Drent hoort dat je uit Smilde komt zal hij zeggen: “O, dan kom ie met de bokkewaeg’n van de Smilde jaeg’n. Waor het waeter tegen de raem’n klaetert!

Hierbij de limmerick:
Een sikkie uut Smilde leup te klaegen
Over heur vriendtie, die wol gaon jeagen.
Niet op hazen of knienen
Niet op herten of zwienen
Maor allien moar op een bokkewaegen!

Mooi. Herkenbaar. Daarom lees ik zo graag een krant.

Reageren

28 februari: Mien moe

Gisteren schreef ik dat mijn vader 7 jaar geleden overleed. Voor niemand had dat zoveel impact als voor mijn moeder. In 2010 was het thema van de startzondag: “Samen vol van hoop” en gemeenteleden werd gevraagd om een hoopvol verhaal in te sturen.
Toen heb ik het onderstaande korte verhaal “”Op de kloet’n” geschreven.

Op 27 februari 2008 ging mijn vader ’s morgens douchen, kreeg een hartaanval en kwam te overlijden. Dat veroorzaakte al een enorme klap in mijn leven, maar voor mijn moeder stond de wereld stil. Lamgeslagen liet ze mijn broer en mij alles regelen. De begrafenis, de financiële rompslomp: “Doet jullie dat maor, ik weet het allemaole niet meer…”. Ziek van verdriet, heimwee en eenzaamheid worstelde ze zich door de eerste maanden heen. Ze mengde zich weer dapper in het dorpsleven, ging mee naar de klaverjasavonden, ging naar de kerk, maar als wij bij haar kwamen zat ze als een ziek vogeltje op de bank.
“Allennig eten, dat is het slimste. En allennig buuten zitten is ok niks an.” Ze straalde een treurigheid uit waar wij beroerd van werden als we bij haar geweest waren. En het was niet alleen de eenzaamheid die het haar zo moeilijk maakte. Mijn vader was een dominante man die veel regelde thuis. Een man met een gezellige uitstraling die gewend was initiatief te nemen en actie ondernam om het leven zo aangenaam mogelijk te laten verlopen. Ook daarin miste ze hem verschrikkelijk. Als er altijd iemand voor je aan loopt en het hoogste woord heeft, dan schik je je in je rol, dan hoef je immers geen initiatief te nemen.

Een van de eerste dingen die ze zelf besliste, was dat ze zich liet inschrijven voor het nieuwe seniorencomplex, dat in Hoogersmilde gebouwd werd. In december 2009 trok ze in haar nieuwe appartement. En wat heeft het haar een moeite gekost om zich los te maken van de nieuwbouwwoning waar ze 47 jaar met mijn vader had gewoond, te vertrekken uit die vertrouwde buurt. Om nog maar niet te spreken van de rompslomp die een verhuizing meebrengt. Dat valt beslist niet mee als je al 78 bent. Wat wel hielp was, dat er ook zo’n twintig andere senior-Hoogersmildigers ontheemd in hun nieuwe appartementje zaten. Toen er enorme hoeveelheden sneeuw vielen, kwamen ze met elkaar tot de conclusie dat het wel fijn was dat ze nu hun pad niet meer sneeuwvrij hoefden te houden!

Mijn moeder werd gevraagd voor de bewonerscommissie. “Ik denk niet dat ik dat doe, ik weet niet of ik dat wel kan…”. Zoiets was haar immers ook nog nooit gevraagd. Mijn vader zat altijd in zulke commissies. Ma ging wel in de commissie. En inmiddels zorgt ze voor het gezamenlijk koffiedrinken één keer in de maand en roert ze haar mondje als er een bewonersbijeenkomst met Actium is.

Ondertussen hoorden wij haar steeds vaker over Jan. In het begin waren dat mededelingen van huishoudelijke aard: “Jan hef even een haokie in de kast maakt. Jan wil wel even een laampie ophangen. Jan giet met mij hen de karke.” Jan is een weduwnaar die ook in het seniorencomplex woont. Inmiddels heeft Jan mijn moeder overgehaald om een electrische fiets te kopen en samen met hem toert ze nu over de fietspaden in het Drents Friesche Wold.

ma

Gisteren hadden we familiedag. En mijn nicht zei: “Wat is er met je moeder gebeurd? Wat is ze fleurig! En wat ziet ze er goed uit!”
Mijn moeder is weer “op de kloet’n kommen” zoals we dat in Drenthe zeggen. Ze krijgt de gelegenheid om nog te genieten van het laatste stuk van haar leven. Ze is uit de schaduw van mijn vader gekomen en staat zelfbewust in het leven. Niet beter, niet slechter, maar anders. Een toefje slagroom op de levenstaart.

In het kader van het startweekthema “Samen vol van hoop” stuur ik dit korte verhaal in. Vanuit een hopeloze situatie is mijn moeder weer opgekrabbeld en straalt weer levenskracht uit. Daar had ik eigenlijk niet meer op durven hopen.

Ada Waninge-Vrieswijk, augustus 2010

Reageren

27 februari: Mien va

Op 27 februari 2008 overleed mijn vader plotseling aan een infarct. Hart of hersenen, we weten het niet precies. Hij is 75 jaar geworden.

‘s Morgens om 09.00 uur zat ik nog nota’s uit te typen op kantoor, s middags zaten we met een folder voor onze neus een kist uit te zoeken.

Op dat moment stond mijn wereld even stil. Er zijn natuurlijk dingen die relatief gezien veel erger zijn, maar dat speelt op zo’n moment geen rol. Zijn plotselinge overlijden maakte veel los in zijn omgeving. Voor mijn moeder was het dramatisch. Over haar verwerking van die rouwperiode heb ik een kort verhaal geschreven voor een themadienst van onze kerk. Dat zal ik morgen op mijn blog zetten.

Wat ik vooral miste was mijn praatpaal. 
We konden oeverloos kleppen over de meest uiteenlopende dingen, mijn vader had een brede belangstelling en wist veel.
Hij ligt begraven op het kerkhof in Hoogersmilde. Af en toe ga ik er eens heen. Maar voor mij is hij daar niet. Hij is er in een streekmuseum in Noord Duitsland bij een tentoonstelling van archeologische vondsten van de Nedersaksische cultuur.
Hij is aanwezig in het lied “Junge, komm bald wieder” van Freddy Quinn.
Hij is er als we in zijn caravan een bepaald schroefdopje zoeken en we dat vinden in een zak vol met niet te benoemen rotzooi. Hij gooide namelijk bijna nooit iets weg “Ie wit nooit hoe het nog ies van pas komt”. Hij had per slot van rekening de oorlog nog meegemaakt.
Hij is er als mijn dochters herinneringen aan hun geweldige opa (die nog bij de Indianen had gewoond) ophalen en hij is er als ik met zijn zus in Coevorden de plekjes opzoek waar ze lagen met het schip en waar ze later woonden.

Na verloop van jaren heeft het gemis een plek gekregen. Nu overheerst vooral dankbaarheid voor een rijk leven en een pijnloze dood zonder Alzheimer en zonder een lang ziekbed. Maar dat kon ik op 27 februari 2008 nog niet bedenken.

Reageren

25 februari: Nederland (en Ada) in beweging

Je kunt geen krant of tijdschrift meer opslaan, geen tv- of radioprogramma meer aanzetten of het gaat over BEWEGEN! “Zitten is het nieuwe roken” las ik vandaag in een Management-tijdschrift op het werk. Umberto Tan had het er van de week ook al over in z’n show en zelfs Tineke (van Radio 5, toch niet iemand bij wie je direct aan bewegen denkt) had er een item over in haar show.

Bewegen dus. Eigenlijk heb ik een broertje dood aan bewegen. ‘Vrieswijk-genen’ houden niet van welke vorm van bewegen dan ook. Ja, de ogen. Om te lezen. En de handen. Om te handwerken. Het liefst zit ik eindeloos met een borduurwerkje met muziek op de oortjes op de bank, of in de zomer onder een boom.

Maar toen ik in 2004 voor de eerste keer werd getroffen door een hartinfarct kwamen er andere potten bij het vuur. Het hartinfarct werd niet veroorzaakt door te weinig beweging, maar er werd me wel verteld dat het beter zou zijn om ‘de randvoorwaarden’ danig te verbeteren. Ik stopte met roken, ging Minder Eten en Meer Bewegen. (het MEMB-dieet).
Inmiddels zijn we 10 jaar verder. Het bewegen is inmiddels helemaal ingesleten in mijn leefpatroon. Zoveel mogelijk dingen lopend doen (naar de winkel, naar Franse les, naar de cantorij), dingen in Roden zoveel mogelijk op de fiets doen, altijd de trap nemen, geen hulp in de huishouding nemen maar alles zelf doen. Op het werk haal ik altijd zelf koffie, loop ik voor ieder printje naar het kopieëerapparaat en zet ik de auto op de parkeerplaats bij de Lentis-locatie Laan Corpus den Hoorn, terwijl mijn bureau in het Heijmanscentrum staat. 8 minuten wandelen. Vanmorgen was het heerlijk: lente! Vogeltjes!
Toen ik vanmiddag terugliep stroomde het van de regen. Een auto reed mij met een rotgang voorbij nét door een plas, zodat mijn zijkant in één keer doorweekt was…… soms zit het mee, soms zit het tegen. Maar ik had wel lekker een frisse snoet.

Verder probeer ik iedere dag een half uur achter elkaar flink te bewegen. Op sommige dagen lukt dat al door de huishoudelijke klussen: boodschappen doen, wc’s soppen, stofzuigen, zo tik je lekker wat calorieën weg. Ga ik op de fiets naar mijn werk, dan heb ik de beweging ook al ruimschoots te pakken. Soms fiets ik een half uur op de hometrainer.

in beweging

Vandaag koos ik voor ‘Nederland in beweging’ van omroep Max. Het levert me meewarige blikken van de kinderen op als ik dat vertel. Maar vergis je niet: het is best pittig. En moeilijk ook! Soms zijn het zoveel pasjes achter elkaar dat ik hem terugspoel (uitzending gemist…) en nog een keer moet luisteren wat ik nou precies moet doen. En dan zie ik al die mensen daarachter, meestal ouder dan ik, moeiteloos de oefeningen mee doen. Zucht. Vrieswijk-genen. Het zit er gewoon niet in…..

Reageren

Pagina 296 van 302

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén