een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 298 van 310

19 juni: Even geduld A.U.B.

Vanmiddag onderging Gerard het laatste deel van de vierde chemo.
Een injectie en een infuus met botversterker.
Afgelopen dinsdag heeft hij in overleg met internist niet de volledige chemokuur gekregen. Hij had veel last van z’n benen en voelde dat de krachten wat afnamen. Vanaf woensdag knapte het echt weer wat op. Lopen en slapen ging beter en hij kon het overdag goed volhouden.

We zijn nu in afwachting van de start van de stamceltherapie, het duurt wel erg lang voor we daar bericht van krijgen. Het secretariaat van het Martiniziekenhuis heeft al geïnformeerd, dinsdag heeft de internist hierover nog een mail gestuurd naar het UMCG en gisteren heeft de huisarts er nog eens achteraan gebeld. Doortastende vrouw. Ze kreeg te horen dat Gerard binnen nu en drie weken wordt uitgenodigd voor een combispreekuur. Hij staat op de lijst mevrouw. “Maar kun je hem dan niet wat naar boven schuiven? Zodat hij wat eerder aan de beurt is?” Nee dus. Geduld moeten we hebben. “Bezit uw ziel in lijdzaamheid” kon mijn vader dan zo treffend opmerken.

We wachten dus maar af. Maar ‘ ieder nadeel hep ze voordeel’. Wij hadden eigenlijk niet verwacht dat we bij de Waninge familiedag zouden kunnen zijn, (dit jaar op 4 juli) maar dat  lijkt nu misschien toch te kunnen. En ook Gerard s verjaardag volgende week hoeven we niet ongemerkt voorbij te laten gaan. We proberen maar te genieten van wat nog wel kan. We plannen niet te ver vooruit. De kalenderblaadjes van juli en augustus zijn nog akelig wit….niets voor ons!

Reageren

18 juni: Franse les

franse lesFranse les. Zo heet het boek dat ik kreeg van één van de mannen waarmee ik op Franse les zit. Het is een vermakelijk boek. Het is geschreven door een Engelsman die in Zuid Frankrijk woont. Hij vertelt over de franse gewoonten met betrekking tot eten en drinken, die (zoals we allemaal wel weten) erg afwijken van de Engelse eet- en drinkgewoonten.

De schrijver, Peter Mayle, is helemaal weg van het Franse land. Hij begint zijn boek als volgt: “Mijn vroegste jeugd heb ik doorgebracht in de gastronomische wildernis van het na-oorlogse Engeland, in de tijd waarin het aanbod van delicatessen miniem was. Ik zal in mijn jeugd vast wel smaakpapillen hebben gehad, maar die zijn toen niet gebruikt.” Leuk boek, het water loopt je regelmatig in de mond.

Van onze eigen Franse les hadden we in april de laatste bijeenkomst gehad. Maar we sluiten het seizoen altijd officieel af met een etentje in De Biechtstoel >>> in Groningen. Een van de mannen heeft ‘banden’ met dat etablissement en het eten is prima.

Dinsdagavond ontmoetten wij elkaar rond 18.15 uur aan een grote tafel die voor ons gereserveerd was. Het was weer heerlijk. We hebben allemaal lekker gegeten en uitgebreid bijgepraat. Het leuke was dat we niet steeds naast dezelfde persoon zaten. Eén van de heren is in een vorig leven onderwijzer geweest en dat gaat nooit helemaal over. Hij had het volgende bedacht: iedere plaats had een nummer en na iedere gang moest iedereen een cijfer uit een mandje halen en op die plek moest je dan gaan zitten.

Halverwege nam de jongste leerling het woord. Hij wilde graag met ons delen dat zijn vrouw en hij hun tweede kindje verwachten. Gefeliciteerd!
Na het doorgeven van de bestelling voor het nagerecht hebben we samen nog twee liederen gezongen. Eén was speciaal voor de jonge ouders: “Prendre un enfant” van Yves Duteil >>>
Een prachtig lied met een ontroerende tekst. Hierbij een link>>>  naar een pagina waar zowel de Franse tekst staat als de Nederlandse vertaling.

Om 22.00 uur, na de nodige glazen ‘du vin rouge, du vin blanc ou du  bière’ namen we afscheid met een dikke zoen. In september zien we elkaar weer voor de ‘nulde’ les om na de zomervakantie bij te praten.
Ik kiek d’r al weer naor uut. En daar is geen woord frans bij.

Reageren

17 juni: Yoga

Stress. Kop vol zorgen. Van een goede vriendin kreeg ik het advies om eens yoga c.q. pilates te gaan doen.
Daar heb ik lang over nagedacht.
Want ik wist eigenlijk wel zeker dat het niks voor mij was. Totdat ik een aantal weken geleden van de fiets viel en de dag erna niet kon lopen en zitten van de spierpijn.
Iemand zei: “50-plus he? Heb je wel eens aan yoga gedacht? Daar wordt je in ieder geval leniger van….” (lees: je bent eigenlijk toch wel een beetje een stijve hark).

Maandagmorgen 09.45 uur zat ik op het bankje voor de deur van het leslokaal van de sportschool . Langzaam kwamen de andere yogisten binnen.
En o vreugde: een paar kende ik.
I. van de cantorij.
M. van de gespreksgroep.
Twee vrouwen die ik ken van kerk maar niet bij naam.

Ze stelden me gerust en namen me op sleeptouw.
Een uur duurde het. Zwait’n dokter.
Ik was nog niet helemaal in balans. Helemaal niet eigenlijk.
Ik viel bijna om. Kreeg kramp. Zwaaide enthousiast met links terwijl het rechts moest zijn.
“Hoe ging het?” vroeg de instructeur na afloop.
Ik vertelde van het omvallen en de kramp en de strijd tussen mijn linker en rechter hersenhelft.
Volgens hem “ging het helemaal goed komen..!”
Bij zulke uitspraken gaan mijn nekharen al overeind staan. Helemaal goed, hou toch op.

Ik ga het eerst een maand proberen. Eerst zelf maar eens onderzoeken of het ‘helemaal goed komt’.

Reageren

15 juni: “Veur in ’t veugelhuussie….”

Vanmiddag moest mijn moeder om 14.00 u in het ziekenhuis zijn. Deze keer ging ik met haar mee. Vorige week belde ze al.
“Wo’st du dan wel eem met mij hen het tuuncentrum?” Tuurlijk. Graag zelfs. In het ziekenhuis waren we snel klaar, dus om 14.45 u zette ik de auto bij Bodenstaff in Smilde op de parkeerplaats.
Minutieus werden de plantjes uitgezocht. “Veur in dat holten bakkie van die kleine petunias. En wil ok graag zo n pottie an de reegnpiepe. Daor wil ik dan fuchsia s in. En in die grote maande zo grote plant met van die rooie bloemen. O, en ok nog een petunia veur in t veugelhuussie.”

“Veur in t veugelhuussie?” vroeg ik. Mijn moeder had bedacht dat dat vogelhuisje de hele zomer zonder potje vet op haar platje zou staan. Dan kon er toch leuk een petunia in?
“Doe krigst ok zo’n plantje van mie, jullie hebt toch ok een veugelhuussie naost de schure staon?”
Bij Bodenstaff dronken we nog even genoeglijk een kopje thee. Met een plak boerencake. En zo maakten we toch nog een gezellige middag van het ziekenhuisbezoek

In mijn moeders piepkleine vogelhuisje vulde de petunia inderdaad de hele binnenkant.
Maar Gerard s eigengemaakte vogelhuisje is eigenlijk meer een riante vogelvilla. Waar s winters ook kraaien en eksters op landen…..  Het plantje verdronk in de ruime eetkamer.
Ik heb hem maar een beetje aan de kant gezet.
En ik moet zeggen: inderdaad leuk!
Ik kreeg nog een advies mee: “Mo’st de dooie bloempies d’r wel uuthaaln.” Ja ma.

Reageren

14 juni: Samen (2)

Op 29 mei >>> schreef ik over de samenwerking van twee cantorijen.
Dit weekend stond in het teken van het afscheid van één van onze predikanten: Harm Jan Meijer. Vrijdagavond was er een soort bonte avond, waarop allerlei groepen ‘iets’ deden in het kader van dit afscheid.
Toneelstukjes, cabaret, feestliederen: er kwam van alles voorbij. Harm Jan lust graag een glaasje port, praat graag en veel, is erg van de verbinding en is ‘zuunig’. Het kwam in vele verschijningsvormen voorbij.

Vanmorgen was de officiële afscheidsdienst. Om 08.55 uur verzamelde zich een indrukwekkend koor van 45 mensen voor het inzingen o.l.v. onze cantrix. Zoals gewoonlijk was dat op zich al een genoegen. Erwin Wiersinga, organist vanmorgen, vroeg vanaf zijn orgelkruk: “Wat gaan we doen?”
“Houd mij in leven!”  riep de cantrix, waarop Erwin constateerde: “Dat zou ik inderdaad graag willen ja.”.

Bij een ander lied vroeg Erica of de organist iets zachter wilde begeleiden. Een tenor zei dat hij het orgel dan niet kon horen. “Ja” merkte onze cantrix met een knipoog op “we zijn met een groot koor, dan is het misschien een idee om iets zachter te zingen?”
Het zingen met zo’n groot koor was een feest. Wat mij betreft zeer voor herhaling vatbaar.

De dienst zelf was indrukwekkend. Daar kan ik op zich nog wel een blog over volschrijven, maar dat voert te ver. Een foto-verslag van vrijdagavond en van de dienst van vanmorgen is binnenkort te zien op de website van onze kerk >>>
Wat mij ontroerde was de toespraak van de broer van Harm Jan. Hij was 15 jaar ouder en belichtte de rol van Harm Jan als jongste broertje in het gezin en wat het feit dat hij predikant was geworden voor hen had betekend. Hij was aangedaan toen hij vertelde over een zus die hen was ontvallen en die het geweldig zou hebben gevonden als ze er vanmorgen nog bij had kunnen zijn. Zijn verhaal, met een “kruudig veenkoloniaol accent” gaf ons een blik op een respectvolle en warme familieband en hoe belangrijk die voor Harm Jan en Margreet is.

Wil je het verhaal van de broer ook horen: de dienst is terug te beluisteren via kerkomroep >>>. Het is zeker de moeite waard om de dienst nog eens te horen, alleen al om de prachtige stukken die Erwin ten gehore bracht op het orgel. En natuurlijk om de twee cantorijen in gezamenlijkheid te horen zingen……!

Reageren

10 juni: Azijn & honing

kankerGistermiddag hadden we een gesprek met de internist over het vervolgtraject. Dat heeft een beetje vertraging opgelopen, maar nu zijn de contacten met het UMCG dan toch gelegd en kunnen we binnenkort een uitnodiging voor een intakegesprek in de bus krijgen. De hele behandeling en daarmee de verantwoording wordt dan overgeheveld van het Martini naar het UMCG.

We moesten nog bloedprikken en er moest nog een röntgenfoto van Gerard s heupen worden gemaakt. In wachtkamer A zat het al behoorlijk vol. We namen plaats naast een zingende mevrouw met twee dochters. “Ga je voor ons zingen?” vroeg Gerard. “Ja, wat wil je horen” vroeg ze. Dat hebben wij weer. De dames waren rijkelijk voorzien van tattoos, dus Gerard vroeg heel verstandig om iets klassieks. Dat kende ze gelukkig niet. Ze hield van Jannes. De gesprekken gingen vervolgens over motorcrossen. Toen praatten wij al niet meer mee. Wij weten niet veel van Jannes en motorcrossen.

Toen deze dames waren vertrokken kwam er een stel dames op leeftijd binnen, die de volle wachtkamer in ogenschouw namen. Ze stevenden op de enige twee lege plaatsen af, terwijl één onderweg nors riep: “Harregat, wat is ’t hier ja drok…!” Niemand reageerde. Het kan zo ongemakkelijk stil zijn in een wachtkamer. Tien minuten later kwam er een oudere mevrouw met een rollator binnen. We hoorden haar op de gang al zeggen: “Is hier nummer A? Doar mot ik hen”.

Ze kwam binnen, overzag de volle wachtkamer en zei: “Wat is ’t ja gezellig hier! Hebb’n joe de kovvie al klaor?” Mensen lachten, schoven wat op en hielpen haar met haar rollator en haar tas. Mijn vader zei het altijd al : men vangt meer vliegen met honing dan met azijn.

Omdat er niet te veel tijd mag zitten tussen de laatste chemo en het begin van de stamceltherapie, is Gerard gistermiddag begonnen aan de vierde chemokuur. “Business as usual” zou ik haast zeggen, we zijn al kind aan huis op de afdeling. De internist heeft ons gistermiddag verzekerd dat er geen vijfde kuur meer volgt in het Martini, dus we kunnen er van uit gaan dat de aanloop naar het stamceltraject binnen nu en drie weken gaat beginnen. We hadden van te voren een lijstje met vragen gemaakt, die de hematoloog allemaal in alle rust heeft beantwoord. We hebben weer wat meer informatie gekregen over wat ons te wachten staat, daarover meer in volgende blogs.

Reageren

08 juni: Drie dochters in Schoorl

Drie dochters. “Wat n riekdom!” zou mijn schoonmoeder zeggen.  Riekdom. Maar geen bezit.

Dit weekend hadden we ze alle drie even bij elkaar in een vakantiehuisje in Schoorl. Eén dochter woont in Groningen één in Nottingham (in Engeland) en één in Leeuwarden.
De Disney- quotes en Bert Visscher uitspraken vlogen ons weer om de oren. Een spelletje, een wijntje en een zak chips is eigenlijk voldoende voor een fantastisch samenzijn. We hebben ons erin ondergedompeld en we hebben er van genoten. Tijd voor elkaars verhalen, tijd voor een spelletje, tijd voor wandelen, fietsen, naar het strand, uit eten, een terrasje, een ijsje….

machiavelliWe houden van heel veel spelletjes, maar één van de leukste vinden wij Machiavelli. Het is een spannend kaartspel, waarin de spelers elke beurt in de huid van een ander karakter kruipen. Omdat het kiezen van deze personen in het geheim gebeurt, staan de spelers regelmatig voor verrassingen.
Er zijn 8 karakters in het spel: een moordenaar, een dief, een priester, een koning, een koopman een magiër, een bouwmeester en een condottiére. Het is de bedoeling dat je als speler een stad bouwt en ieder karakter biedt weer nieuwe mogelijkheden.
Als je dit spel speelt hoor je regelmatig zinnen als: “Ik vermoord de koning!” of “Ik steel van de koopman!” Wij deden dit spelletje ooit eens in het dagverblijf toen ik een paar dagen in het ziekenhuis lag. De andere gasten vonden het maar een ‘crimineel’ spelletje’……
Gisteravond hebben we elkaar weer belogen, bedrogen, bestolen en elkaars gebouwen vernietigd.

Het was een heerlijk weekend.
Vanmorgen, na het schoonmaken van het huisje hebben we nog een koffie gedronken bij Bakker Bart in Heerhugowaard met iets hééél lekkers er bij en toen: ging ieder weer zijns weegs. Moe maar zeer voldaan zaten we vanmiddag rond vier uur met een kop thee op ons eigen terras. We hadden het niet willen missen.
Gelukkig hebben we de foto’s nog.
Hieronder de dames voor het klimduin in Schoorl.

Reageren

7 juni: De Noordzee

“Daar zeilde op de Noordzee, de Noordzee wijd en koud ….” Dit is de eerste regel van een liedje van Boudewijn de Groot.  En wat was die zee nog koud…..als wij even afstand willen nemen van het dagelijkse gedoe dan gaan we het liefst even naar de Noordzee.
Van nature zijn wij bosmensen. Drenten. Genieten van een fietstocht of een wandeling door onze bosrijke omgeving. Schoonzoon Stefan is opgegroeid aan de kust en kan zich  niet voorstellen dat wij zo gek zijn op het strand. Als je toch bij het bos woont ga je toch niet naar zee?  Maar bos is er altijd en de kust is vakantie. Mijn vader nam ons mee naar Duitsland, Zwitserland,  Oostenrijk en Denemarken,  maar ik was met mijn ouders nog nooit aan het Noordzeestrand geweest. De eerste keer dat  wij er met onze kinderen kwamen zaten we in een huisje van Stichting Volkshuisvesting, waar Gerard destijds werkte. We gingen de eerste avond al gelijk even naar het strand. De volgende morgen waren we er weer. Zag ik toch een veel breder strand en pieren. Héé….. die waren  er toch gisteravond niet? Natuurlijk kende ik van de biologielessen van meester Kooi het verschil tussen eb en vloed, maar ik had het nog nooit gezien. Fascinerend vond ik het. We bouwden een zandkasteel toen het eb was en wachtten tot de vloed kwam. Als een klein kind stond ik me te verwonderen over en te genieten van de opkomende vloed.
Dit weekend waren we, met onze kinderen, een paar dagen weg. Uitwaaien aan de Noordzee. Omdat het nu nog even kon en omdat we niet weten of we deze zomer nog op vakantie kunnen. Nu ik dit schrijf zit ik in een huisje in Schoorl met een verbrand hoofd mijn blog te schrijven en Gerard doet met de meiden een spelletje. Morgen plaats ik wat foto’s. Ik ben nog niet zo handig dat ik dat vanaf m’n tablet kan….

Reageren

6 juni: Dennenappel of paard?

Gistermiddag gingen we fietsen met Carlijn. Het was prachtig weer en we hebben er van genoten. Onderweg vond Carlijn grote dennenappels, wel tussen de 10 en 15 centimeter lang. “Die kan ik goed gebruiken voor mijn projecten met uiltjes” vertelde ze. “Dan plak je er met vilt oogjes en vleugeltjes op, lijkt heel erg leuk!”.

Wij versperden het fietspad met onze fietsen en doken het bos in op zoek naar meer.  Dat viel nog niet mee. Sommigen zagen er van boven prachtig uit, maar waren van onder rot of aangevreten. Of er zaten dieren in. Of ze lagen in een mierennest met rode mieren. Maar we vonden een aantal gave exemplaren die in mijn fietstas mee naar huis mochten.

In het dorp kochten we een ijsje. Bij het pakken van mijn tas viel er één dennenappel uit waar één grote rode bosmier uitkroop. Dat vinden mijn kinderen dan erg. “O, wat zielig!” riep Harriët vandaag “Dan komt zo’n mier kilometers van zijn natuurlijke leefomgeving uit zo’n dennenappel en dan weet hij helemaal niet meer waar hij is!” De mier heeft zich vast wel gered.

Eenmaal thuis legden we de dennenappels in de vensterbank. “Straks zitten er nog allemaal mieren in!” griezelde Carlijn. Gerard vergeleek het met het Paard van Troye. Hij noemde ze de Dennenappels van Trooie bosmieren. Ik vond het een zeer geslaagde woordgrap. Temeer omdat Gerard wel van de humor, maar niet echt van de geschiedenis is.

Reageren

5 juni: Historia

Gisteren wilde ik een tijdschrift halen. Voor ons lag een heerlijk weekend: wat zal ik meenemen? Het liefst ga ik dan even naar boekhandel Daan Nijman.  Die heeft de meeste keuze en verdient onze sympathie als plaatselijke boekhandel.

Vroeger ben ik geabonneerd geweest op de Donald Duck, de Popfoto, de Libelle en de Margriet. En voor de meiden op de Disneyland. Die moest ik zo vaak voorlezen dat ik op den duur een bandje insprak. Als ik een toon op mijn blokfluit speelde  moesten ze de pagina omslaan. Op één kant van zo’n cassettebandje paste net één Disneyland. En nee, dit was niet zielig. Toerloos zo’n blad voorlezen is pas zielig…. maar ik dwaal af.

Bij Daan in de winkel is er één nadeel: je hebt altijd tijd tekort. Gistermiddag stond ik al weer likkebaardend bij de tafel van ‘ Juni: de maand van het spannende boek.’ Volgende week zoek ik al mijn boekenbonnen bij elkaar en dan ga ik mezelf verwennen.  Maar ik dwaal af.

Het werd de Historia. Een geschiedenis-tijdschrift. Met deze maand o.a. een artikel over de slag bij Waterloo, de vondst van het graf van Toet Anch Amon, Shakespeare en nog heel veel meer. Goed voor een paar genoeglijke uren leesplezier. En waar mijn dochters soms hun afgrijzen uitspreken over tijdschriften als Vorsten, Wendy of Libelle: de Historia lag vanavond al opengeslagen op tafel, terwijl ik hem nog niet had ingezien. Maar vanavond is hij voor mij.

Reageren

Pagina 298 van 310

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén