een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 111 van 309

29 juli: Anneke Tanneke Toverheks

Bij het afstoffen van een boekenplank stond ik even stil bij een rijtje oude kinderboeken en haalde ‘Broer Konijn’ er uit.
Het is een oud Disney stripboek en het is één van de eerste boeken die ik me herinner uit mijn kindertijd.
1961 staat er voor in.
Bladerend in het boek brengen de overbekende plaatjes me weer terug in mijn kindertijd.
De gemene Reintje  de Vos.
De domme, maar oersterke Bruintje Beer.
De slome, maar slimme Toon Schildpad.

Er staat één verhaal in waarin Anneke Tanneke Toverheks een rol speelt.
“Je bedoelt t-t-toch niet die heks, in die dat r-r-rokerige hol midden in het m-m-moeras woont…?”
Op de afbeelding rechts zie je het plaatje uit het boek waar de moerasheks uit haar hol komt.
(klik op de afbeelding voor een vergroting).
Als kind had ik een fascinatie voor heksen; daarover schreef ik in 2019 een met de titel ‘Paulussie! ‘k Zajepakke!’ over o.a. Eucalypta en haar collega’s.
Deze Anneke Tanneke valt qua griezeligheid nog best wel mee eigenlijk.

Anneke Tanneke heeft een eigen pagina op de website ‘Duckipedia’: hierbij een link naar haar verhaal.
Kijk eens wat rond op die website: erg leuk!
Weet je niet wie Arend Akelig is?
Of wil je weten wie er allemaal lid zijn van ‘de Booswichten-Club’?
Nog nooit van Otto van Drakestein gehoord?
Allemaal te vinden op Duckipedia.

A childhood with Disney is a joy forever.

Reageren

28 juli: Verstopt restaurant in Haarlem.

“Dan doen we zondag wel ergens een twaalf uurtje’ ‘zeiden Gerard en ik tegen elkaar tijdens onze 4-daagse trip naar Haarlem.
Na de stadswandeling liepen we  op die zondag de 10e juli speurend langs de menu-borden op de talloze terrassen rondom de Sint Bavokerk.
Soep, broodje kroket, broodje salade: het was allemaal wel verkrijgbaar, maar niet in een combinatie.

Na een tiental menuborden zei Gerard: “Er zal toch wel ergens in Haarlem een twaalf-uurtje geserveerd worden? Ik zoek het gewoon op op internet.”
De uitkomst was verrassend: we moesten naar meneer Frans.
Bij die reviews stond: “Hoogtepunt van het menu: het 12 uurtje.’
We moesten wel even een stukje fietsen. Toen we aankwamen leek het niet op een restaurant.
Eenmaal binnen zagen we het pas: een enorme binnentuin vol terrastafeltjes achter een meubeltoonzaal.
Het was al behoorlijk vol……
“Heeft u gereserveerd?”
Nee, maar gelukkig was er nog een tafeltje vrij.
In de schaduw, want ik had mijn hoofd behoorlijk verbrand op het strand van Zandvoort.

We kregen ons twaalf uurtje.
Een soepie, een broodje eiersalade en een broodje kroket: het was erg lekker allemaal!
Het was er gezellig; een gezin met een kleine baby, vriendinnen die elkaar weer eens ontmoetten, een stel waarvan er één jarig was waarvoor werd gezongen én……geen harde muziek uit de luidsprekers.
Het best verstopte terras van Haarlem.
Als je aan de voorkant staat, zie je ‘Van Duivenboden Interieur’.
Als je daar helemaal doorheen loopt vind je pas het restaurant.

Ben je in Haarlem? Zoek dat verstopte terras eens op.
Hierbij een link naar hun website.
Voor ons was het een zeer aangenaam staartje van onze korte vakantie.

Toen moesten we naar huis.
Maar we hadden nog lang niet alles gezien….!

Teijlermuseum niet.
Sint Bavo niet.
Het tiny house stond in Heemstede, maar we hadden het hele Heemstede nog niet gezien.
We waren op het strand in Zandvoort, maar daar waaide het zo hard dat we er niet lang konden blijven.
We hadden nog niet zo’n toeristenboottochtje gedaan.
Je raadt het al: we gaan gewoon nog een keer.
Ooit.

Nu zijn we al weer meer dan 2 weken  gewoon aan het werk.
Gelukkig is het mooi weer; thuis is ook genoeg om zonder vakantie van te genieten.

Benieuwd naar al onze belevenissen in en rondom Haarlem?
Klik dan hier naar deel 1, daar vind je een overzicht van alle gepubliceerde delen: Kick off van een minivakantie.

Reageren

27 juli: Scheurtjes en slijtage.

Vorige week kregen we op ons secretariaat op mijn werk een grote,  interne envelop die specifiek aan mij geadresseerd was. Het handschrift op die envelop kende ik: Jacquelien.
Er zat een speciale royals editie van de Margriet in en een klein cadeautje. Zes houten knoopjes met schaapjes er op voor een babyvestje. Had ze voor mij gekocht tijdens haar vakantie in Noorwegen waar haar creatieve zus alle handwerkwinkels bezocht die ze kon vinden. Wat lief dat ze daar aan me dacht!

Tijdens die warme avonden vorige week heb ik genoten van het koninklijke tijdschrift. Ik zal je niet vermoeien met prinsessen, tiara’s,  jurken en paleizen,  maar één quote wil ik graag met jullie delen: er stond een interview in met Jan Taminiau. Hij vond het jammer dat vrouwen tegenwoordig zo hun best doen om er maar jong uit te blijven zien.  Niet nodig vindt hij.  Accepteer dat je ouder wordt en straal dat uit.  Ouder worden is niet iets om je voor te schamen.
Hij vergelijkt ouder worden met spijkerstof. Dat is één van de weinige dingen in onze kledingkast die ouder mag worden. Jeans waarderen we met scheurtjes en slijtage alleen maar meer. Dat zouden we ook met onze leeftijd moeten doen: het vieren.
In dat Royal blad dat ik kreeg van Jacquelien stond ook een foto van prinses Beatrix. Over ‘scheurtjes en slijtage’ gesproken.
Zij doet er niks aan. De fotograaf die haar laatste statieportret maakte vertelde ooit in een interview dat hij haar had gevraagd of hij nog iets moest doen aan haar rimpels, of die nog wat geretoucheerd moesten worden. “Nee hoor. Die heb ik allemaal eerlijk verdiend.”

Goede gever Jacquelien en ik denken er ook zo over.  Ook voor ons geen botox.
Af en toe spreken we elkaar: gisteravond kwam ze bij ons eten,
Ook al werken we al jaren niet meer samen: het blijft vertrouwd voelen.
Half woord genoeg.
Gedeelde noordelijke nuchterheid.
Als ik met haar over het werk praat voel ik altijd even dat speldenprikje van ‘wat jammer dat we niet meer samenwerken’.
Maar het doet steeds minder zeer. Onze gezamenlijke baan is inmiddels vermorzeld in de tandwielen van de grote organisatie en we zitten allebei weer op een goede plek.
Tel uw zegeningen.

Reageren

26 juli: Een zondaar in de kerk

Met Frea en Jon had ik een tijdje terug een gesprek.
Frea had het erg warm en riep uit: “O man, I’m sweating like a sinner in church!”
Dat had ze uit de film ‘Princess and the frog’.
“Wat zei je daar nou?”
Natuurlijk heb ik die film ook wel gezien, maar die uitspraak had ik niet voorbij horen komen.
Dat hebben ze destijds in de ondertiteling vast niet vertaald als ‘Ik zweet als een zondaar in de kerk.’

Als wij een uitdrukking willen gebruiken om het gevoel van de zondaar in de kerk te beschrijven, dan zweten we peentjes.
Daarbij moet je niet denken aan worteltjes, maar aan ‘pint’,  een oude inhoudsmaat (500 cc). Het woord ‘pintje’ voor een glas bier wordt nog steeds gebruikt.
Als je peentjes zweet is dat dus een verbastering van pintjes zweten, dus: liters zweet verliezen.
En als het heel warm is dan ‘zweten we als een otter’.

En toch dekt dat zweten niet helemaal de lading van de zwetende zondaar in de kerk.
Een zondaar in de kerk spant zich niet in en heeft het niet warm.
Hij is op zijn hoede en voelt zich schuldig.
Hij heeft gezondigd; in de kerk drukken die zonden zwaarder op zijn gemoed en het klamme zweet breekt hem uit.

Nu er steeds minder mensen naar de kerk gaan gaat het begrip ‘zondaar’ denk ik op den duur verdwijnen.
Zondigen wordt nog wel gebruikt, maar meer om aan te geven dat je iets doet wat eigenlijk niet mag: te veel taart eten want daar word je dik van bijvoorbeeld, terwijl zondigen vroeger betekende dat je iets deed wat volgens de religie verboden was.
Zelf ben ik niet meer opgevoed met die hele strenge wet- en regelgeving op geloofsgebied.
We mochten vroeger gewoon schaatsen en fietsen op zondag en ik mocht op die dag des Heren ook handwerken.
Als mijn grootvader er was vroeg mijn vader om het niet te doen.
“We moeten de oude man daar maar niet mee plagen.”
Mijn vader vond zelf als kind de zondag ‘de ergste dag van de week’ en had zich voorgenomen om het met zijn kinderen anders te doen.
Zondag was een feestdag. Dan was er geen werk en werden er geen huishoudelijke klussen gedaan. Daar hoorde weliswaar een kerkdienst bij, maar ’s middags gingen we vaak leuke dingen doen.
Dat kon thuis, door samen een spel te doen, maar we gingen ook wel eens uit.

’s Zondags hing je dus geen was op.  
Nu ik op maandag de hele dag werk, hang ik als het mooi weer is op zondagmiddag wel eens een was op de lijn buiten.
Mijn verstand zegt: moet kunnen.
Mijn hart zegt: zondag rustdag.
Mijn schoonmoeder had van haar doktersmevrouw waar ze dienstmeisje was geleerd: “Doe je het voor de mensen? God ziet het toch wel.”

Zweten doe ik er niet van en ik voel me ook geen ‘sinner in church’,  maar dat stemmetje in mijn hart zwijgt nooit.
En dat stemmetje beperkt zich niet tot was ophangen op zondag.

Reageren

25 juli: Verwondering.

“We hebben vanmorgen dus een hagenpreek!” merkte een bezoeker gistermorgen op.
‘We’ zaten met een deel van de PKN-gemeente in de bloeiende tuin van Ben en Mathilde in Foxwolde.
Het was een speciale viering ter gelegenheid van de ‘Jacobszondag’ die in Roderwolde altijd extra aandacht krijgt.
Roderwolde ligt aan het Jacobspad en de kerk is ook vernoemd naar de apostel Jacobus.
Dominee Sijbrand van Dijk had gistermorgen een ketting om met een grote Jacobsschelp er aan.
“Ik voel me net zo’n goeroe!” vertrouwde hij ons toe.
Zo zag hij er ook uit; zo’n volle baard helpt daar natuurlijk ook bij.

Wat is een hagenpreek?
Dat zijn protestantse preken die voor de beeldenstorm in de open lucht gehouden werden; het waren verboden bijeenkomsten, want iedereen was toen nog katholiek.
Het woord ‘haag’ had de betekenis ‘buiten de stad’ waar heggen en struiken zijn.
Het thema van deze Roderwolder hagenpreek was ‘Verwondering’.
We hoorden het eerste verhaal uit de bijbel, waarin de schepping wordt beschreven.

Het scheppingsverhaal is geen geschiedenisverhaal.
De voorganger wees ons op het misverstand dat de mens zichzelf altijd beschouwd heeft als ‘de kroon op de schepping’.
Dat de mens die benaming helemaal niet verdient laat de aarde nu zelf aan ons zien.
Het gaat in het scheppingsverhaal niet om de mens, maar om God en zijn hele schepping.
Helaas kan ik je als lezer niet verwijzen naar Kerkomroep, want de viering is niet opgenomen.

De entourage was fantastisch: mooi weer en die prachtige tuin van Mathilde en Ben,
Het bracht Gerard en mij even weer terug naar de vele campingdiensten waaraan wij vroeger als duo meewerkten.
We zaten onder een bloeiende catalpa-boom; bij iedere windvlaag waaide er wat bloesem af, wat een behoorlijke ‘zooi’ veroorzaakte op het gras.
Eén zo’n bloemetje viel tijdens het zingen op mijn schoot.
Toen ik het van dichtbij bekeek zag ik pas hoe mooi één zo’n bloemetje is.
Kijk nou.

Hoezo zooi!
Het thema van de viering kwam zomaar uit de boom vallen.

Reageren

24 juli: Een vrije zaterdag.

Gisteren had ik een vrije zaterdag.
Geen wekker.
Sudoku, krantje, 50+Zumba.
Mijn fitbit had om 10.00 uur al 3000 stappen geregistreerd.
Kwarktaart maken en  ragoutbroodjes  voorbereiden.
Koffie.
Champignonsoep koken en gehaktballetjes bakken.
7.500 stappen.
Rond de middag kwamen twee stellen terug van hun ‘Buitenkunst vakantie’ in Westerbork.; een jaarlijks terugkerende traditie.
Vorige week zaterdag zijn ze bij ons vandaan (na de koffie met ‘Olle wieven koek’) vertrokken, gisteren kwamen ze zanderig, moe en vol verhalen weer terug.
Allemaal een kom soep en een warm ragoutbroodje.
Verhalen over workshops schilderen, zingen, ‘Sneeuwwitje, the Passion’, hele warme dagen, regen, kampvuur, kortom: een fantastische week gehad.
Tot 14.00 uur kon ik er bij zitten te genieten,  daarna had ik toeristendienst in de Catharinakerk.
Toen ik op de fiets stapte richting de Brink had ik al meer dan 10.000 stappen gezet, want je loopt nogal eens van huis naar Waninge Plaza met eten en drinken.

Mooi detail van de zaterdagmiddag:  halverwege de middag kwam een man binnenlopen.
“Waar blijven ze toch?”
Ik gaf hem een pepermuntje en zei dat de anderen zich prima vermaakten.
“Het is hier binnen ook gewoon heel leuk, meneer!”
De meneer voegde zich bij zijn gezelschap en bekeek op z’n gemak de powerpoint presentatie van de geschiedenis van de kerk.
Hij vond het inderdaad verrassend.
Rond 17.00 uur was ik thuis.
Zitten. Gerard maakte een cappuccino. 14.00o stappen.
Na het eten maakte ik schalen met hapjes en zette alles alvast klaar voor de visite: gisteravond zagen we onze vrienden.
Die verorberden de kwarktaart en de gehaktballetjes en nog veel meer.
Het was prachtig weer en we konden tot middernacht op Waninge Plaza zitten.
We legden de verjaardagen voor het komende half jaar vast tot 7 januari en bedachten dat we ook nog een keer zouden barbecuen: volgende week gelijk maar doen?

In de coronajaren was de Catharinakerk niet open voor bezichtiging en mochten we elkaar niet in groepen zien.
“Lekker rustig!” riepen we dapper tegen elkaar.
Op onze kalender waren de bladzijden akelig wit.
Nu weet ik weer wat ik toen zo miste.
Nu maak ik weer kwarktaarten, schalen met gevulde eieren en hamrolletjes.
Nu weet ik ook weer hoe bek-af je kunt zijn na al het gesjouw op zo’n vrije zaterdag.
Maar nu weet ik ook weer hoezeer ik ervan geniet.

Toen we de vrienden hadden uitgezwaaid en de afwas in de vaatwasser zetten keek ik nog even op mijn fitbit.
Huh? 555 stappen?
Die waren al geregistreerd op ‘vandaag’.
‘Gisteren’ vermeldde 21.423 stappen.

Reageren

23 juli: Op chique.

Eind augustus ben ik de moeder van de bruid.
“Doe je dan ook een HOED enzo?” werd mij vorige week gevraagd.
Wie het bruidspaar en mij een beetje kent weet het antwoord op die vraag al. Nee.
Maar ik wilde wel een mooie jurk.
En ook een beetje chique.

Zwemvriendin Ans had me jaren geleden al eens gewezen op Rinsma in Gorredijk, maar daar was het nog nooit van gekomen. Broeken en jasjes enzo koop ik vaak bij de Lange Dame in Groningen; wel iets duurder,  maar dan zijn de pijpen en mouwen lang genoeg.  Voor de rest slaag ik vaak bij Miss Etam,  M&S Mode en C&A. Het huwelijk van onze dochter vond ik een goede gelegenheid om kennis te gaan maken bij Rinsma; donderdagmiddag gingen we er heen.

In het begin liepen Gerard en ik wat ontheemd rond. Groot! Veel keuze! Waar moet ik beginnen?  We kwamen uit op de 2e verdieping: gelegenheidskleding. Sommige felgekleurde kleding deed me zeer aan de ogen…. zuurstokrose, kanariegeel, knalrood; maar ik ben Maxima niet,  dus daar liepen we aan voorbij. Eén jurk haalde ik  alvast uit een rek om te passen, maar gelukkig kwam er een dame langs die ons graag wilde helpen. Wat fijn!  Ze haalde nog twee jurken in mijn maat op, zette mij in een paskamer en zei: “Doe die eerste maar vast even aan, ik zoek nog even voor u.”
Ze wees Gerard een tafeltje en haalde voor hem een kop koffie; voor mij niet.

De eerste was te kort. De tweede was lang genoeg maar zat te strak om mijn middel en de  derde stond me helemaal niet. De vierde was een bontgekleurde met laagjes en ruches. De gastvrouw en Gerard vonden hem heel mooi staan.  Maar ik niet. In de spiegel zag ik een grote vrouw die door de felgekleurde jurk nog werd uitvergroot. Gaat Aaltje niet doen.

En toen paste ik een jurk die me als gegoten zat.  Zijdeachtige stof met zwart/paars/rose tinten. Kleedde mooi af en door een ingenaaide petticoat staat de rok een beetje wijd. Nu was ik tevreden met mijn spiegelbeeld. Er werd nog een jasje bijgehaald en toen was het klaar.  Maar toen was ik er nog niet.
“De BH die u nu aanheeft ondersteunt niet genoeg,  de buste moet worden gelift.” We werden met jurk en al doorgestuurd naar een lingeriezaak. Daar kreeg Gerard een kop thee; ik niet.
Er  werd mij een goede BH aangeraden. O,  en ik kon ook beter corrigerend ondergoed dragen. Dat moest ook allemaal gepast worden…..

Eenmaal terug met jurk en wat er onder moet was het 17.00 uur, was ik moe,  had ik het warm van het passen en wilde ik ook thee; heerlijk, even bijkomen van de inspanningen.
Bij het afrekenen realiseerde ik me dat ik nog nooit zo’n dure jurk heb gekocht, afgezien van mijn trouwjurk.
Alhoewel…..toen waren het nog guldens.

Vandaag natuurlijk nog geen foto van de jurk; daar wacht ik mee tot het blog over de trouwdag!

Reageren

19 juli: Mensingeweersterloopdiep.

Zondag beloofde het fijn fietsweer te worden.
‘Zullen we dan een stuk gaan fietsen? Er was toch nog iets waar jij nog eens heen wilde?” vroeg Gerard.
O ja.
Wat was dat ook maar weer.
“Had het niet iets te maken met dat naailesgroepje van Carlijn?” probeerde hij.
Toen viel het kwartje. “Jah! Enne Jans Heerd in Maarhuizen!”.

….. het kleine kerkhof….

We begonnen in Winsum en fietsten al gauw langs het Mensingeweersterloopdiep.
In Winsum kun je kano’s en bootjes huren, dus het was een drukte van belang op het kanaal met de lange, moeilijke naam.
We staken een boogbruggetje over en kwamen uit bij de achterkant van Enne Jans Heerd.
Omdat ik het boekje daarover had gelezen kwam het me allemaal heel bekend voor.
We wandelden om de oude hoeve heen, bezochten het kleine kerkhof, bekeken de andere huizen in Maarhuizen en waren na een kwartier weer bij onze fietsen.
Je kon er niet in. Men was nog druk bezig met een grote verbouwing: als het klaar is gaan we er nog wel eens kijken.
Maar dit vond ik al prachtig; wat een sfeertje daar!

Maar niet alleen daar.
We fietsten door dorpjes als Eenrum, Baflo, Saaxum en Lutke Saaxum en Tinallinge.
Smalle straatjes, oude huizen.
Nog geen week geleden fietsten we in de Randstad met de bijbehorende drukte, deze fietstocht was daarvan het tegenovergestelde.
Dorpjes waar bijna geen verkeer is.
Waar hooguit één dorpeling de heg aan het knippen is en voor de rest: rust.
Zondagmiddag in Groningen.
Ook een aangename verrassing: de meeste oude, Groninger kerken zijn open.
Je stapt in de warmte van je fiets af, sluit de deur van de kerk achter je en je bent even in  koelere en geheel andere sferen.
Mooi.
Midden in Baflo vonden we twee lege bankjes aan het kanaal Mensingeweer-Baflo.
Uit onze fietstas haalden we twee blikjes drinken, een appel en een banaan en genoten van het moment aan het water.
We hebben zondagmiddag heel wat kanalen en grote sloten gezien: regelmatig kwamen we over (boog)bruggen en verbaasden we ons over het grote aantal boten en bootjes dat we zagen.
Zomer in Groningen.

We eindigden onze fietstocht waar hij was begonnen: in Winsum.
Wat we niet hadden verwacht: dat het zo’n mooi dorpje zou zijn.
We hadden het wel kunnen weten, want je leest overal dat Winsum in 2020 is uitgeroepen tot het mooiste dorp van Nederland. 
We kochten een ijsje in de buurt van de kanoverhuur en vonden een bankje aan het water van het Winsumerdiep.
Een haventje, een groot terras, een patatkraam en een camping.
Eén en al bedrijvigheid, je kon zien dat het hoogseizoen was in de toeristenbranche.

Toen de fietsen weer op de auto stonden beloofden we elkaar dat we de auto daar nog wel eens zouden neerzetten.
We hebben nog geen kwart van de omgeving van Winsum gezien; wordt vervolgd!

Reageren

18 juli: Het 3e en 4e geslacht.

In  de laatste editie van Kerknieuws deed predikant Sijbrand van Dijk een oproep: Ik wil het in deze vakantieweken wel eens hebben over bijbelteksten waarvan je denkt:”Wat moet je dáár nou mee?”
Mijn verzoek is: mail me jouw meest aanstootgevende bijbelgedeelte.

Toen ik Sijbrand sprak na onze familiedag toen ik Henk terugbracht na zijn schilderworkshop vertelde ik hem mijn ‘bijbeltekst des aanstoots’: In de tien geboden hoorden we vroeger iedere zondag de zin: “……..die de ongerechtigheid der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde en aan het vierde geslacht van hen die Mij haten.”
Vond ik als kind vreselijk om te horen. Oneerlijk ook.

Gistermorgen in de viering was dit het thema.
Natuurlijk was ik benieuwd naar wat de voorganger er over zou vertellen.
Het was verrassend en het was emotioneel.
Hij legde de nadruk op ouders en kinderen en op de opvoeding die we van onze ouders hebben gehad.
“Opvoeding is vormen en vormen is beschadigen” zei hij daarover.
Ouders geven generatie op generatie via hun genen karaktereigenschappen door en via hun opvoeding geven ze hun leven door.
De zonzijde van hun leven, het plezier , de humor, maar ook de innerlijke gevechten, de teleurstellingen en de bitterheid.
Ze geven ook hun verwachtingen door waar jij als kind soms niet aan kunt voldoen.

Ieder kind krijgt een rugzak mee van wat de ouders hem of haar hebben meegeven.
Het valt niet altijd mee om je leven te leiden met dat wat er in jouw rugzak zit.
Maar je kunt je ouders niet blijven verwijten dat jouw leven niet tot bloei komt door wat zij in jouw rugzak hebben gestopt; dan blijf je in hun leven hangen en kom je nooit in je eigen leven terecht.
De dominee vertelde over een hilarische cartoon van Peter van Straten.
Twee oude mensen zitten op een bankje. De vrouw zit gebogen en kijkt treurig.
De man zegt: “Maar Ans, je bent nu 80, je kunt je ouders niet overal de schuld van blijven geven..”
Accepteer dus wat er in die rugzak zit: dit is wie ik ben.
Er zitten dingen in jouw familie en die heb jij nu.
Je bent geroepen om je rugzak op te nemen en er nieuwe wegen mee in te slaan.
Jouw leven is jouw eigen verantwoordelijkheid en het is aan jou wat je met jouw rugzak doet.
Het maakte nogal wat los; ik zag menigeen een traan wegvegen en bij het koffiedrinken werd er ook nog heftig over nagepraat.

En die straf voor het derde en het vierde geslacht?
Dat werd ook uitgelegd, maar als ik dat op dit blog omstandig ga uitleggen gebruik ik veel te veel woorden voor één blog.
De preek eindigde hoopvol: de voorganger las de woorden die na die moeilijke zinnen over het boeten van het 3e en 4e geslacht in Deuteronomium staan: ‘….. maar als ze mij liefhebben en doen wat ik zeg, bewijs ik hun mijn liefde tot in het duizendste geslacht.’
Advies voor iedereen die ouders heeft gehad: ga deze preek van Sijbrand van Dijk luisteren, je steekt er veel van op en je knapt er van op.
Dat advies geldt ook voor iedereen die kinderen heeft opgevoed.
Hierbij een link naar Kerkomroep: zondag 17 juli, 09.30 uur in Op de Helte.

Nog een paar woorden dan: Arjan Schippers kreeg gistermorgen applaus na zijn pianouitvoering van ‘The circle of life’ uit The Lion King.
Nog een reden om de kerkdienst terug te luisteren!

En Sijbrand, het antwoord op jouw vraag na de dienst is 10.

Reageren

17 juli: ‘…zo’n pepermuntje van jou….’

“Mag ik u een pepermuntje aanbieden?”
Gistermiddag stond ik voor het eerst weer sinds 2019 als gastvrouw in de Catharinakerk.
‘Toeristendienst’ noemde een vriendin het ooit.  Wat mij betreft één van de leukste vormen van vrijwilligers werk die je kunt doen.

Piscina *

“Wat bijzonder dat in deze protestantse kerk nog te zien is dat het voor de reformatie een katholieke kerk was!”
Hier spreekt een kenner.
In een mum van tijd zijn we verwikkeld in een gesprek dat begint met de piscina en Gods water over Gods akker laten lopen, verder gaat over het verschil tussen protestants en katholiek, dat overgaat naar een dominante katholieke vader en verplichte kerkgang en eindigt bij een moeilijk afscheid van vader, levenslang affiniteit voelen met het geloof en  toch niet meer naar de kerk gaan. Een wonderlijke combinatie van het delen van geschiedenisverhalen en het bieden van een luisterend oor.
“Het was mij een aangenaam genoegen. ”
Dat genoegen was geheel wederzijds.

Aan het eind van de openstelling maakten we kennis met de ouders van collega rondleider Peter,  de heer en mevrouw Jager.
Hij was predikant in Roden van 1968 tot 1983.
Hij was destijds de eerste ’tweede’ predikant van hervormd Roden,  vanwege de enorme groei van ons dorp in die periode. Hij klom nog even  op de preekstoel en constateerde dat het beklimmen van de  trap vroeger al lastig was,  maar dat het nu hij boven de tachtig was echt wel moeilijk werd.

Bij een kopje thee vroeg ik hem naar zijn ambtsperiode in Roden.  Hij was de predikant die vond dat het oude doophek rond de preekstoel moest verdwijnen om plaats te maken voor een liturgisch centrum. De ouderwetse banken werden ingeruild voor stoelen en hij introduceerde de liturgische kleuren in onze gemeente.
Ik herinner mij vanuit die tijd vooral het gemopper van mijn vader over ‘die katholieke fratsen’ die in Hoogersmilde destijds nog niet aan de orde waren, maar landelijk wel al werden ingevoerd.

De tijd vloog gistermiddag voorbij.
Er kwam nog een moeder die met haar zoontje even een kaarsje wilde aansteken.
Die hoef je niets aan te bieden en niets te vertellen.
Dat het iets met hen had gedaan was wel duidelijk.
Ze hoefden niets uit te leggen, ook daar is een kerk voor.

Van te voren had ik er naar uitgekeken: weer dienst draaien in de eeuwenoude Catharinakerk.
De afgelopen jaren heb ik het gemist.
Collegavrijwilliger Bea had chocolaatjes mee en constateerde dat mensen daar niet altijd zin aan hadden ‘als ze net zo’n pepermuntje van jou hebben weggeknapt…. ‘
Peter voorzag een concurrentiestrijd, maar dat is geenszins het geval.
In de kerk is geen ruimte voor concurrentie; of je nou chocola of pepermuntje uitdeelt, voorop staat de gastvrijheid en de aandacht voor de mensen die een kijkje komen nemen.
Dominee van vroeger of ex-katholieke tuinder uit Tuitjenhorn, orgelkenner of geïnteresseerde in archeologie.

Ook een keer langskomen?  De Catharina kerk is geopend op donderdag-, vrijdag- en zaterdagmiddag in juli en augustus van 14.00 tot 16.30 uur. Welkom!

* Een piscina is een ondiep bekken naast het altaar van een kerk dat wordt gebruikt voor het wassen en afvoeren van het water waarmee men het altaarlinnen en het doekje waarmee de wijnbeker wordt afgeveegd wast. Er zit een afvoerpijpje in dat rechtstreeks naar het kerkelijk erf loopt. Wanneer resten van de geconsacreerde hostie dan werden weggespoeld stroomde het op het kerkhof, zodat ook de doden op het kerkhof (gewijde grond) deel aan het sacrament zouden krijgen. Daar komt het spreekwoord ‘Gods water over Gods akker laten lopen’  vandaan.

Reageren

Pagina 111 van 309

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén