een alternatief voor 'de waan van de dag'

Categorie: Alledag Pagina 6 van 308

15 februari: Oma’s & vrijwilligerswerk.

Eén à twee keer per jaar spreken we af met het secretaresseclubje van Team290 dat er werkte toen ik er kwam in 2021.
In 2023 was er ineens een heel grote verschuiving op personeelsgebied en bleven alleen Renny en ik over van het oude team.
We hadden elkaar natuurlijk wel gezien op het 25-jarig Lentis-jubileum van Renny, maar niet echt veel gesproken, dus we hadden er zin in!
Mooi was dat ook Petronet er nu bij kon zijn: zij was er de vorige keer niet bij vanwege ziekte.

We spraken af bij het Bospaviljoen Norgerberg: 10.30 uur ontmoeting bij koffie & gebak.
Margreet, die vanaf 2023 op een andere afdeling binnen Lentis werkte, is inmiddels ook met pensioen, Renny is de enige van ons die nog bij Lentis werkt.
Wat is het dan leuk om elkaar weer te spreken: we waren compleet, met z’n zessen deze keer!
En wat was er al weer veel gebeurd. Renny was oma geworden; natuurlijk kregen we foto’s te zien van ‘de wolk van een baby’ en daarna gingen de kleinkinderen van de andere oma’s ook even de kring rond.
Maar er waren ook minder leuke dingen.
Nare ziektes en gedoe, waarvan mensen dan zeggen ‘En dan nét nu je met pensioen bent….!’
Maar (en nu spreek ik even voor mezelf) juist nu ik met pensioen ben heb ik tijd om te mantelzorgen en hoef ik me geen zorgen te maken over het al dan niet opnemen van zorgverlof. En heb ik veel minder stress, omdat ‘het werk’ niet meer steeds in mijn achterhoofd zit.

De niet-meer-werkenden hebben dan in principe niet veel meer met Lentis te maken, maar we waren wel razend benieuwd naar hoe het nu gaat op de afdeling.
Zijn er al nieuwe secretaresses? En hoe gaat het met ze, liggen ze een beetje goed in de groep? En hoorden we nou dat er artsen en casemanagers weg gingen? En hoe moet dat dan nu met dat team?
En dan komt er natuurlijk altijd een moment waarop we zeggen: ‘Nou…. blij dat ik niet meer hoef.’
We zouden eigenlijk na de koffie een wandeling maken en daarna gezamenlijk gaan lunchen, maar één van ons had last van haar been en kon niet goed lopen.
We besloten toen om het koffiemoment te laten overlopen in het lunchmoment, dan konden we na de lunch die wandeling nog wel maken.

Tijdens de wandeling kregen we het nog even over vrijwilligerswerk.
Marja was aan het inwerken bij het klooster van Aduard: daar wordt zij rondleider.
Twee keer ben ik daar geweest* en beide keren dacht ik: ‘OEH! Je zal hier vrijwilliger zijn!”
Corry deed iets heel anders: zij was vrijwilliger geworden bij de Zadenbieb Noordenveld en vertelde enthousiast over haar werkzaamheden bij de Natuurplaats Noordscheveld.
De volgende bijeenkomst is bij mij: misschien neem ik ze wel mee naar mijn vrijwilligerswerk!

Meer weten over dit clubje oud-collega’s?
Lees dan Vijf is één te weinig uit juni 2025
Onderaan dat blog vind je een overzicht van vorige bijeenkomsten.

* Het klooster van Aduard uit 2016 en Meraokels houkje uit 2019.

Reageren

14 februari: Een achterneefje als Valentijn.

Op dit blog lees je eigenlijk nooit iets over Valentijnsdag; toen ik met de zoekfunctie van deze website het woord ‘Valentijn’ intypte kreeg ik 4 blogs. Er was o.a. een verhaal over een spelletjesavond* met de vrienden, waar Valentijn nog even om de hoek kwam kijken en één blog** dat specifiek over deze 14e februari ging.
Wij doen niet aan Valentijnsdag.
In onze jeugd was er geen speciale aandacht voor. Ja, mijn schoonmoeder was jarig op de 14e februari, dus wij vierden sowieso al feest op die dag.
Gerard en ik sturen elkaar geen kaartjes, geven elkaar ook niets. Niet zo romantisch, nee.
Als ik er eens niet op mijn voordeligst uitzie roep ik wel eens schertsend: “Gelukkig heb ik al verkering…”; mijn verkering en ik weten inmiddels al dat je geluk niet afhangt van Valentijnsdag.

Gisteravond kregen we een app van Lianne, dochter van Gerards broer Jan die in 2019 is overleden.
‘Zijn jullie thuis? Danyan (10) wil graag iets komen brengen.”
Even later zaten ze met z’n tweeën bij ons op de bank.
Een beetje schuchter zat Danyan met een papiertje in zijn hand.
“Wij hebben op school iets gemaakt omdat het Valentijnsdag is en ik heb het voor jou gemaakt.”
Het was een papieren hart dat je kon openvouwen.
In het hart zat een brief verborgen.

Gerard las het hardop voor en schoot vol.
Wat een ontroerend, lief gebaar. Lees even mee:

Lieve ome gerard
Ik geef je deze brief omdat ik je veel beterschap Jammer genoeg mag je niet naar buiten want anders wordt je ziek en je mag dan nog niet meer ziek worden. ik hoop dat God je helpt. Zorg goed voor jezelf.
Ik hou van je.
Liefs, Danyan. ♥

 

Er zijn veel verschillende soorten liefde.
Op Valentijnsdag gaat het vaak over je geliefde, degene met wie je je leven deelt of graag wil delen.
Bij dit papieren, zelfgemaakte hart gaat het om de liefde van een achterneefje voor de broer van zijn opa Jan die hij al zo lang moet missen.
Voor ons de waarde van de dag.

Voor de liefhebbers nog wat informatie over de heilige Valentijn waar het allemaal mee begon: dat was de priester Sint Valentijn uit Rome, die leefde in de 3e eeuw na Christus.
In die tijd was er een keizerlijke wet die het soldaten verbood om te trouwen; vrijgezellen waren volgens de toenmalige wetgevers eerder bereid om te sterven op het slagveld.
Maar Valentijn zou  in het geheim toch soldaten hebben gehuwd, omdat hij van mening was dat liefde alles overwon.
Keizer Claudius II (268-270) ontdekte deze priesterlijke ongehoorzaamheid en hij liet hij de geestelijke op 14 februari 269 executeren.
Zo werd Valentijn een martelaar voor de liefde.  We vieren Valentijnsdag dus niet op zijn geboortedag, maar op zijn sterfdag.
Vandaag 1757 jaar geleden.

* Ik hou van Holland. En van de vrienden.
** ‘Liefde & cadeau’s’.

Reageren

13 februari: Een halster & een heilige.

Afgelopen woensdag kwam ik Alie tegen; ze stapte even van de fiets.
“O, ik kom net bij jullie weg” zei ze “ik heb een kaartje in de bus gedaan voor Gerard van de ‘Koffie-tijd’-groep. Hoe is het nu met Gerard?”
De eerste berichten die we afgelopen dinsdag kregen van de hematoloog waren positief: de behandeling lijkt aan te slaan, we mogen voorzichtig optimistisch zijn.
Een opluchting voor ons. “We hebben de kop weer door het halster” zei ik tegen haar.
“Nou, dat is toevallig, kijk maar eens wat voor kaart ik net in jullie bus heb gedaan!”
De uitdrukking ‘de kop weer door het halster hebben’  betekent dat de grootste problemen achter de rug zijn, dat het ergste is geweest en dat je weer op de goede weg bent na een lastige tijd. Het stamt uit de 19e eeuw, waarschijnlijk uit het Nedersaksisch dat in Groningen en Drenthe wordt gesproken.

Van Alie kreeg ik nog veel meer kaarten: ze had een stapeltje ‘over’-kaarten bij ons in de bus gedaan met afbeeldingen van vooral landschappen.
Er was één kaart die mijn aandacht trok; je ziet links een afbeelding van de kaart.
Het was een kaart uit 1988, gemaakt door Fotografie Burggraaff uit Buurmalsen.
Achterop de kaart stond:
‘De heilige Jacobus’
Eén van de muurschilderingen in de N.H.Kerk te Buurmalsen, (daterend uit 850).
Op de website ‘Mijn Gelderland’ vond ik een mooi artikel over deze muurschildering, hoe die is ontdekt en wat er daarna gebeurde: de herontdekte schildering van Jacobus was reden om de kerk weer op te nemen in de pelgrimsroute naar Santiago de Compostella.

Jacobus is een erg bekende heilige, maar ik weet er eigenlijk heel weinig van.
Wie was Jacobus eigenlijk?
Hij was één van de vissers die geroepen werd als discipel van Jezus samen met zijn broer Johannes: zij zijn de zonen van Zebedeus.
Samen met Petrus en Johannes was hij bij bijzondere gebeurtenissen in het leven van Jezus: bij de verheerlijking op de berg toen Mozes en Elia naast Jezus verschenen en in Getsémané nam Jezus die drie mannen mee verder de tuin in om samen met hem te bidden.
Hij is in 42 na Christus onthoofd door Herodes en werd daarmee na Stefanus één van de eerste martelaren.
Je leest meer over deze heilige in dit artikel op de website van de KRO/NCRV.

Volgens de overlevering ligt Jacobus begraven in Santiago de Compostella, het eindpunt van de beroemde pelgrimsroute de Camino de Santiago.
Zijn lichaam zou, nadat hij was onthoofd, in een stenen boot zijn gelegd waarin twee van zijn discipelen meereisden. De boot bereikte uit zichzelf de Galicische kust; het lichaam zou zijn begraven in de berg Libredon. Op het graf bouwde men een grote basiliek.
Jacobus wordt altijd afgebeeld met een Jacobsschelp; op de kaart zie je schelp boven zijn hoofd in zijn haar.
Die schelp is het symbool geworden van de pelgrimstocht naar Santiago de Compostella.
Meer weten?
Dit  artikel vond ik erg interessant.

Misschien toch maar eens in Buurmalsen kijken…..!

Reageren

12 februari: Loeki & Die Maizelmännchen

Geschiedenis ligt soms niet zo heel ver weg in de tijd.
Afgelopen weekend stond er een verhaaltje op onze historische scheurkalender over reclame op de televisie.
Je kunt er tegenwoordig helemaal niet meer omheen: waar je ook kijkt of klikt, men doet zijn uiterste best om jou iets te verkopen.
Levengrote, knipperende billboards langs de snelweg, reclameborden langs de voetbalvelden, bij filmpjes op YouTube, in de krant, de tv-gids, op de radio: overal!
Dat is natuurlijk altijd al zo geweest.
In de Catharinakerk vroeg ooit een dominee of er in de kerk ook reclame was te zien.
Nee, de kinderen zagen niks.
Maar de rijke Kymmel-familie had hun wapen op een prominente plek laten aanbrengen op hun herenbank en mevrouw Hoppinck, die het orgel had betaald, werd met naam en toenaam genoemd op de borden bij dat orgel.  Reclame is van alle tijden.

De televisie bracht weer een scala aan nieuwe commerciële mogelijkheden voor de reclame-jongens. Dit stond op het kalenderblaadje:

“De jaren ’70 waren de beginjaren van de televisiereclame. Aanvankelijk scheidde de Ster, die de reclames verzorgde, elk spotje met een beeld van golvend water. Dat moest de kijkers duidelijk maken dat het om een andere commercial ging.

Afbeelding: Televizier.nl

Poppenfilm-producent Joop Geesink vond dit beeld maar saai en bedacht een alternatief.
Een dier lag voor de hand, daar waren de tv-kijkers dol op en voor de Nederlandse televisie moest dat natuurlijk een leeuw zijn. Loeki de Leeuw werd geboren, als verbastering van het Engelse woord ’to look’ (want je kijkt naar reclame). Hoewel de reclamewereld niet zat te wachten op Geesinks fimpjes – ze zouden de tv-kijkers namelijk afleiden van de boodschap – werd het Nederlandse publiek massaal verliefd op de leeuw, die in 2004 van de buis verdween, maar in 2021 weer terugkeerde.

afbeelding: website ZDF.de

Wat ik nog weet van het begin van die eerste Loeki-tijd is dat mijn broer en ik helemaal niet verliefd waren op Loeki. Sterker nog: wij vonden het niks.
Wij keken bij ons thuis in die tijd heel veel naar de Duitse televisie en bij de ZDF hadden we de Mainzelmännchen!
Zes grappige tekenfilmfiguurtjes die al vanaf 1963 de Duitse reclameboodschappen opleukten; die waren veel leuker dan die ietwat suffe en brave (vonden wij) Loeki de Leeuw.
Weet je niet wie de Maizelmännchen zijn? Hierbij een link naar een artikel  over deze Duitse reclamepoppetjes.

Volgens mij waren de reclames vroeger veel leuker dan nu.
Om je geheugen even wat op te frissen heb er een paar opgediept.

Ruben van der Meer in de soepreclame: ‘NU EVEN NIET!’
Peer Mancini die bekakt de koeien bewierookt: ‘Geen bommetje!’
Johnny Kraaykamp die het lied ‘Daar was een wuf dat spon‘ niet wil zingen
De aandoenlijke Pietertje in een reclame voor pindakaas.
De zompige Zwitserse geitenhoeder Rudi die transformeert bij het eerste vlokje sneeuw. ‘BIERTJA!
De olifant met het ijzersterke geheugen die het nog niet vergeten was.
NEE, natuurlijk niet, OEN!’ de zin die in ons gezin nog regelmatig voorbijkomt.
En natuurlijk het rennende muisje in de commercial ‘Er gaat altijd meer in dan je denkt….’

En bij ieder filmpje heb je eerst…….reclame!

 

 

Reageren

11 februari: OMG

Af en toe ga ik met één van de dochters naar ‘Het Goed’ in Roden.
Begin december, op jacht naar 2e hands kerstballen/versieringen zag ik in de boekenhoek twee Linda-achtige glossy’s met de naam OMG liggen.
OMG? Dan denk ik gelijk aan ‘Oh my God’, afgekort tot OMG* dat tegenwoordig te pas en te onpas gebruikt wordt. 
De tijdschriften kostten maar € 1,- dus ik nam ze allebei mee. 

OMG staat voor ‘Others, Me & God’.
Het gaat over onze relaties met anderen, over onszelf en over God; wat ik had gekocht waren de eerste twee nummers van tet blad.  
In het voorwoord schreef oprichtster Marina de Kort-de Wolde: 
In deze editie vind je een mix van onderwerpen over Other, Me & God, de drie pijlers van dit magazine. 
We willen zo laten zien dat je met beide benen op de grond kunt staan en toch bezig kunt zijn met het hogere en de grote levensvragen. En dat je de ander nodig hebt om gelukkig te zijn en je levensdoel te vervullen. in OMG komen hemel en aard samen. Ik wens je veel leesplezier en inspiratie toe.
Dit eerste nummer (zie afbeelding) kwam uit in het voorjaar van 2021. 
Er stonden leuke artikelen in: over de dynamiek tussen broers en zussen, over de vraag ‘Wanneer ben je klaar met je leven en wie bepaalt dat?’, over het eeuwenoude ritueel van labyrint lopen en over mystieke ervaringen onder de titel ‘Meer tussen hemel en aarde’ en nog véél meer. 
Toen ik beide bladen uithad dacht ik: “Leuk tijdschrift! Kan ik een abonnement hierop nemen?” maar dat kon niet meer. 

Het was helaas niet zo goed gegaan met dit nieuwe blad: vanwege corona zat alles ontzettend tegen.  
Er zijn in totaal maar 5 edities uitgebracht: halverwege 2022 moesten ze de stekker er al weer uittrekken. 
Een grote teleurstelling voor de mensen die zich met hart en ziel hadden ingezet voor dit blad en natuurlijk vooral voor Marina.

Maar tot mijn grote genoegen is er inmiddels een doorstart: deze maand verscheen er een nieuwe OMG online.
In afgeslankte vorm, met minder bijdragen van anderen, maar wel met dezelfde basisgedachte: het gaat over leven met betekenis en bezieling.

De verwachting is dat OMG Magazine in online vorm zes keer per jaar gratis wordt uitgebracht. 
Daarnaast is het de bedoeling dat inspiratie gedeeld wordt op Facebook en Instagram en via de website van OMG.
In haar voorwoord in het nieuwe nummer vraagt Marina “Wil jij mij helpen OMG Magazine te laten groeien? Je kunt dit doen door zoveel mogelijk personen met OMG bekend te maken.”

Dat wil ik eigenlijk wel. 
Ik heb dan wel geen Facebook- en Instagramaccounts, maar ik heb wel mijn eigen website met best al veel lezers. 
Daarom geef ik Marina vandaag een podium en deel ik een link naar het online Magazine OMG.
Vandaaruit kun je het PDF met het nieuwe nummer downloaden. 
Met een mooi artikel over de kracht van kwetsbaarheid. 
En prachtige dierenfoto’s met een link naar het verhaal van Noach. 
En het verhaal van een ‘schijn-student’.  
Veel leesplezier! 

* in februari 2016 schreef ik al eens blog over die OMG-trend onder de titel  Ook met u….. 

Reageren

9 februari: Nederlands maar dan anders (50)

Begin december publiceerde ik blog nummer 49 in deze serie: het is alweer de hoogste tijd voor deeltje nummer 50!

Dick stuurde er eentje uit de krant; een journalist gebruikt een moeilijk woord, maar slaat de plank behoorlijk mis.
Het ging over het tijdelijk opheffen van het voorarrest van Quincy Promess (voetballer) die vast zit voor cocaïnehandel en nog een paar dingen.
‘Het is een terecht besluit van de rechtbank om Promess niet vrij te laten. Een ander besluit had een president geschapen.”

Op eerste kerstdag kwam ons voltallige gezin bij ons samen.
We hadden afgesproken dat ieder een deel van het diner mee zou nemen.
Dat werd volgens sommigen een ‘smakafonie’ van gerechten.
Verder moesten we lachen om iemand die vroeg ‘Wie zijn de welbehagen?’ Hij bedoelde het welbehagen uit de kerst-tophit ‘Ere zij God’.

Sinet hoorde op Radio 5 al heel vroeg op de morgen de weerman Jannes Wiersema.
Volgens Jannes ‘visten we die dag met het weer naast de boot’.
Die zelfde morgen was het glad en Bert Haandrikman sprak met de gladheidscoördinator van de ANWB.
De man heette Jan Rein Slippens; what ’s in a name.

In Het Goed kwamen Carlijn en ik een boek tegen over bloemstillevens in potten onder de prachtige titel ‘Potsierlijk’.
Een woord dat eigenlijk ergens anders voor staat, maar dat in dit verband weer prachtig is.
Carlijn vond dat dat in dezelfde categorie viel als het boek ‘Verrot lekker’, een boek over zelf fermenteren.

Schoonzoon Jon ziet een bus rijden waar ‘Lijnbus’ op staat, maar voor de ‘ij’ is een ‘y’ gebruikt, die ook nog eens een vrij kort staartje heeft.
Jon: 1. Wat is een LUN-bus? 2. Wat is er met die U gebeurd?

Schoonzoon Cees bedenkt soms geheel nieuwe spreekwoorden.
Volgens hem was iets ‘geen wet van passen en meden’.
Irene stuurde ook weer een leuke: ‘Iemand vertelde dat een familielid in een alleenstaand huis woont.

Annemarie was in gesprek met een jonge collega over haar vakgebied en ze vertelde haar over hoe je ervaring opbouwt door dingen te doen en goed uit te vragen over een bepaalde situatie. Ze bespraken een herkenbare situatie en de collega zei: “Ja, als ik het zo hoor dan gaat er echt wel een belletje bij me afrinkelen!”

Van Janny kreeg ik een mooi Drents spreekwoord dat zij leerde van haar tante Trijntje.
“Gien meinse giet graag ongeprezen ’t laand uut’.
Die uitdrukking kende ik niet; het betekent dat  een mens gezien en gehoord wil worden, men wil graag waardering voor wat men doet.

Tenslotte nog een paar leuke ‘middenstandskronkels’:
– De folder van Supermarkt Dirk maakt reclame voor ‘Opti-smile waterflosser’: verwijdert tandplank en tandvlees.
– Ilias Delicatessen heeft bijzonder dure pinda’s aanbieding: Pinda’s in zes smaken! Per stuk € 1,=, 6 voor € 4,99
– Een krantenkop uit de Telegraaf bij het nieuws dat het aantal slagers drastisch afneemt: ‘Aantal slagers kalft af: “Worstcasescenario als ik geen opvolger vind.”
– Hiernaast zie je een afbeelding van een bordje bij een garageverkoop. Niet vergeten….

Hierbij een link naar Nederlands maar dan anders deel 49 
van daaruit kun je steeds teruglinken naar alle andere delen die in de loop van de jaren gepubliceerd zijn.

Hoor of zie je zelf een leuke NMDA?
Denk aan mij!

Reageren

8 februari: Dromen van de lente.

Een hart onder de riem!

Gerard gaat in deze periode niet  naar de kerk en ik ga niet iedere zondag: vanmorgen keken we via het YouTube-kanaal van onze PKN-gemeente samen naar de viering vanuit de Catharinakerk.
Aan het begin van de dienst is er altijd een welkomstwoord van de dienstdoende ouderling en worden er dingen benoemd (voorganger, organist etc.) en er wordt verteld wie de bloemen uit de kerk krijgt.
Jubilea, bijzondere momenten in iemands leven, ziekte: je krijgt de bloemen als teken van meeleven van de gemeente.
Deze zondag waren ze voor ons. ‘Met de hartelijke felicitaties’ zei de ouderling daarbij.
Foutje…..
Natuurlijk mag je ons feliciteren met het feit dat het weer wat beter met Gerard gaat, maar we weten nog niet of en in welke mate de behandeling aanslaat.
Gelukkig kwam voorganger Sybrand van Dijk daar bij de voorbeden op terug: geen felicitaties maar een hart onder de riem.

Het is hartverwarmend als er tijdens de zondags eredienst voorbede voor je wordt gedaan.
Meestal bevinden wij ons in de kerk en bidden voor anderen, maar in het verleden kregen we wel vaker de bloemen en het voelt bijzonder om genoemd te worden.
Ik heb het wel eens vergeleken met een net dat in slappe toestand onder je hangt, maar dat op zo’n moment even wordt strakgetrokken: dan wordt het een soort vangnet.
In ons leven zijn er meer van dit soort ‘netwerken’ (gezin, familie, vrienden) en als je te maken krijgt met ziekte, nood of dood zijn die van groot belang.

Op het aanrecht staan ook ‘bloemen van de kerk’, maar dat is een heel ander verhaal.
Het is bakje met voorjaarsbloemetjes, dat ik kreeg na afloop van de avond ‘Levenslessen van Lohues’ eind januari.
In andere jaren kocht ik vaak zelf zo’n bakje voor in de mand bij de voordeur.
Ook dit jaar wilde ik zo’n voorjaarspotje kopen, maar in januari waren die belachelijk duur: een plastic bakje met twee verschillende soorten bolletjes kostte € 16,99.
Dat ging Aaltje niet doen.
Bij een bloemenzaak kocht ik 3 potjes met narcisbolletjes à € 1,89 en vulde daarmee onze bloemenmand.
Het bloemstukje dat ik kreeg op de Lohues-avond staat pontificaal op ons aanrecht.
Blauwe druifjes, narcissen en één blauwe hyacint.
Omdat het zo in het zicht staat zie ik ook ieder bloemetje uitkomen.
En omdat ik zelf niet zo’n lentebakje gekocht had omdat ik het te duur vond, geniet ik er nog meer van.
Cadeautje van de kerk.

In onze tuin staan een heleboel sneeuwklokjes op uitkomen en hier en daar ontwaarde ik ook al een krokus waarvan de groene blaadjes al uit de zwarte grond opkomen.
Het voorjaar komt er aan!
Op internet vond ik een mooie quote hierbij van de Duitse auteur Peter Bamm ‘Uit de dromen van de lente wordt in de herfst  jam gemaakt.’

Reageren

7 februari: Paleis Soestdijk (1) – Niet naar Emmen.

De gezusters op de trap in het Paleis op de Dam

De Royaltygezusters: schoonzus Ali van de Waninge-kant, schoonzus Annette van de Vrieswijk-kant, tante Trijn en ik.
We gingen met z’n vieren naar het Paleis op de Dam in Amsterdam in 2019 en in 2023  bezochten we Paleis het Loo in Apeldoorn.
In 2024 gingen we niet naar een paleis, maar bezochten we de tentoonstelling ‘Een koninklijk leven in Museum Collectie Brands in Nieuw Dordrecht.
Toen Ali en ik op 3 december bij tante Trijn waren smeedden we plannen voor een volgende Royaltygezusters-dag.
Annette had gelezen over de tentoonstelling ‘De smaak van Soestdijk’ op Paleis Soestdijk in Baarn, daar wilden we wel naar toe.

Tante Trijn gaf aan dat ze dat een mooi idee vond, maar dat zij niet meer met ons mee ging: zo’n hele dag weg, lopen, staan, drentelen…. “Ik kan dat niet meer, wichter, jullie moet daor maor zunder mij hen.”
Dat vonden we erg jammer, maar we vonden een compromis: wij zouden naar Baarn en aan het einde van de dag zouden we naar Van der Valk Emmen voor het diner; daar zou tante Trijn ook aanschuiven.
Ze verheugde zich er al weer op.
“Dan stuurt jullie mij overdag maor foto’s en filmpies en dan ku’we ’t er bij ’t eten mooi over hebben hoe mooi het was, dan krieg ik der toch nog wat van met!”
Ze had al met haar zonen overlegd dat die haar op 6 februari naar Van der Valk zouden brengen én halen.
Gistermorgen zaten we met z’n drieën in de auto en we misten onze oudste ‘gezuster’.
Wat hebben we vaak tegen elkaar gezegd: “O, dit had ze prachtig gevonden!”

“Ik wil eerst even naar dat beeld van Juliana en Bernard op het gras daarvoor” zei Annette toen we na de koffie in de Oranjerie richting het paleis liepen.
Daar maakten we onze eerste selfie.
Drie dames met liefde voor ons koningshuis; als je naar het paleis toe loopt heb je al het idee dat het allemaal heel bekend is.
Je ziet het grote bordes waar de hele familie altijd op stond op Koninginnedag toen Juliana koningin was, je loopt door de tuin waar iconische foto’s zijn gemaakt van het koninklijke gezin dat daar destijds woonde en in gedachten zie je Beatrix bij hun verloving huppelen aan de arm van Claus.
Op dat gevoel wordt in huidige tentoonstelling goed ingespeeld. In de meeste ruimtes waar je mag kijken hangen foto’s van hoe het er toen uitzag.
Sommige foto’s zijn al bekend, anderen had ik nog nooit gezien.
En nu zijn mijn 500 woorden al weer bijna op…… en heb ik nog niks verteld over Robèrt van Beckhoven, over ‘Upstairs-Downstairs’, de schilderijen en de geschiedenis.
Wordt vervolgd dus!

We reden niet helemaal naar Emmen, maar aten bij Van der Valk in Zwolle.
Liever waren we een uur omgereden, maar we hebben er vrede mee.
We hadden een prachtige dag met z’n drieën en omdat ze nog zo vaak in onze gesprekken voorbijkwam was tante Trijn er toch een beetje bij.

Meer over deze dag lees je in blogs die nog komen:

De hofstede aen Zoesdijc
Een taartje van Robèrt
Upstairs Downstairs

Reageren

6 februari: PensionADA 9- Officieel niet meer bij Lentis.

Vanaf 1 januari ben ik officieel niet meer in dienst bij Lentis.
Met mijn salaris van november kreeg ik het eerste deel van mijn vrije dagen uitbetaald, in december het tweede deel + de dertiende maand.
In december zou ik ook nog een kerstpakket krijgen, maar daar moest ik wel zelf achteraan.
De link naar de website waarop je een cadeautje mocht uitzoeken kreeg je via het emailadres van Lentis, maar daar kon ik niet meer op kijken, want ik kon niet meer inloggen op mijn account.
Maar….. het kwam prima voor elkaar: er werd een link gestuurd naar mijn privé-mailadres, zo kon ik toch nog een mooi cadeau uitzoeken.
Als laatste kerstpakket van Lentis koos ik voor een mooie rugzak; hij werd bezorgd in week 3 van het nieuwe jaar. Wies met!

En o man wat was ik in deze januarimaand blij dat ik niet meer naar Groningen hoefde!
Er was sneeuw, het vroor en het ijzelde zelfs: ik zag mezelf weer om half acht ’s morgens om de auto heen glibberen, de ruiten te krabben en de sneeuw weg te schuiven.
In de wetenschap dat Gerard nog lekker in bed lag en zich nog een keer omdraaide.
Een frustrerende vorm van eenzaamheid.
In week 2 van dit jaar heb ik ook de Lentis-werkdagen uit mijn digitale agenda gehaald, nu komt er geen melding meer dat ik moet werken.

Het jaar begon een beetje vreemd door de ziekenhuisopname van Gerard, maar ook toen prees ik me gelukkig met mijn vervroegde pensioen.
Alhoewel…. in 2015 en 2019 kon ik op werkdagen tussen de middag warm eten in het Heijmanscentrum, dat was toen wel heel handig.
Maar nu kreeg ik van familie en vrienden uitnodigingen om een vorkje mee te prikken en daar heb ik dankbaar gebruik van gemaakt.
Ook in de weken na het ziekenhuisgebeuren was het heerlijk dat ik niet meer naar het werk hoefde.
Gerard had zich die eerste dagen echt niet alleen kunnen redden in huis, ik had niet geweten hoe ik het met het werk had moeten regelen.

Eén van de fijnste dingen is ‘het kwartiertje’ in de morgen: de wekker om 07.55 uur en dan nog even blijven liggen.
Even nieuws luisteren, nog lekker warm onder de dekens, rustig bijkomen en dan de dagelijkse rek- en strekoefeningen.
Alleen op de donderdag staat de wekker eerder, want dan moet ik om 09.00 uur gewassen en gestreken in Roderesch zijn voor de wekelijkse Fit&Vitaal-sessie met Dorien.
Maar als ik dan helemaal opgewarmd en losgemaakt (spieren dan hè) om 10.30 uur thuis ben heb ik nog een hele dag voor me.

Tenslotte: goed nieuws!
Gerard heeft minder last van de botpijn; hij gebruikt al veel minder morfine en het lopen/bewegen gaat steeds wat beter.
Iedere morgen doet hij wat aan fittness op de hometrainer en we proberen iedere dag een wandeling te maken, maar het weer zit niet echt mee de laatste dagen.
We kijken nu samen uit naar het voorjaar: dan breiden we de dagelijkse beweging weer uit met fietstochtjes.
Ik kan die narcissen en krookjes de zwarte grond wel uit kijken!

Benieuwd naar de andere delen in deze serie?
Hierbij een link naar deel 1, onderaan dat blog vind je een overzicht van alle tot nu toe gepubliceerde delen.

Reageren

5 februari: Van zijn voetstuk gevallen.

Van zwemvriendin Ans kreeg ik het boek ‘Vleugelman’ te leen: een biografie over het leven en het werk van Godfried Bomans.
Een boek van meer dan 700 pagina’s.
“Dat ga ik nooit helemaal uit lezen” dacht ik toen ik het kreeg.
Bomans overleed vlak voor Kerst in 1971; toen was ik 10 en kreeg ik het eigenlijk niet mee.

Toen ik op de HAVO in Assen zat van augustus 1977 tot mei 1979 was Bomans immens populair onder scholieren en velen van ons hadden ‘Erik of het klein insectenboek’ op de leeslijst voor Nederlands staan.
Op mijn verjaardag kreeg ik boekjes als ‘Aforismen’ en ‘Kopstukken’ en wij vonden het prachtig om die humoristische teksten te lezen.
Hij kwam nog wel eens voorbij in tv-programma’s: dan zagen we hem als Nederlandse beroemdheid van vroeger en zei hij dingen als ‘had mijn vrouw maar één zo’n been’ over Marlène Dietrich bij de uitreiking van de Edison in 1963. Verder kende ik hem van zijn verblijf op Rottumeroog, maar dan vooral in vergelijking met Jan Wolkers, die daar ook een week zat.
Wolkers was daar in zijn eentje in zijn element, Bomans verpieterde.

De inhoud van deze dikke pil kan ik niet samenvatten in blog van ongeveer 500 woorden.
Wil je meer weten over dit boek dan heb ik twee links voor je.
De eerste is een minuut of 10 uit het televisieprogramma ‘Tijd voor Max‘, waarin de schrijver Gé Vaartjes aanschuift om te vertellen over het boek.
De tweede link betreft een artikel uit het online tijdschrift voor Taal- en letterkunde ‘Neerlandistiek’:  De feiten zijn maar kiezelstenen.
Daar vind je een recensie geschreven door Jos Joosten, hoogleraar Nederlandse Letterkunde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

In dit blog beperk ik mij tot wat het boek voor mij betekende.
Hoewel ik van plan was om het vluchtig door te lezen, boeide het mij zodanig dat ik het toch helemaal heb gelezen.
Wát een intrigerende figuur, die Bomans!
En wat een mooi tijdsbeeld.
Je krijgt een goed beeld van het leven van een onzeker jongetje in een katholiek rijkeluis-gezin en je leest hoe bepalend dat geloof is geweest voor zijn leven.
Wat ik er zelf van heb geleerd is dat de culturele omwenteling in de jaren ’60 veel groter was dan ik mij in mijn jeugd gerealiseerd heb.
Hoe de zuilenmaatschappij in elkaar stortte en hoe alle heilige huisjes en schijnzekerheden één voor één omver werden geschopt; in de periode die de jaren ’60/begin jaren ’70 beschrijft herkende ik de dingen die ook in ons gezin speelden.

Maar de grote Bomans is door dit boek wel van zijn voetstuk gevallen waar ik hem in mijn jeugd op had gezet.
Hij was immens populair in Nederland, maar het was geen leuke man.
Hij was ontzettend geestig, ad rem en charmant, maar hij was daarnaast ook ijdel, kinderachtig, leugenachtig en onbetrouwbaar; hij was iemand die alleen maar met zichzelf bezig was.
Eén van zijn bekendste quotes is ‘Humor is overwonnen droefheid’.
Als je dit boek uit hebt weet je hoezeer deze uitspraak past bij Godfried Bomans.

Reageren

Pagina 6 van 308

Mogelijk gemaakt door WordPress & Thema door Anders Norén